Bijdrage meespraak Bragt
Tekst van het document
Toelichting in carrousel door Drs. Ir. R.A.P. Bragt, Molenstraat 4 Bruchem Ik wil aan jullie toelichten dat ik vind dat het bestemmingsplan op bepaalde punten niet in overeenstemming is met het beeldkwaliteitsplan. Het punt dat ik wil toelichten is de nokhoogte die in het bestemmingsplan wordt opgenomen. Ik hoop dat de nokhoogte van het plan aangepast kan worden en dat daarna het bestemmingsplan goedgekeurd kan worden. Ik begin met het benoemen van het beeldkwaliteitsplan. In een beeldkwaliteitsplan wordt een analyse gemaakt van waaruit normen voortkomen die opgenomen worden in het bestemmingsplan. Een later volgend planontwerp moet daaraan voldoen. Er is inderdaad in dit plan een beeldkwaliteitsplan opgesteld. Hierin is een analyse gemaakt van de omgeving. Op pagina 8 van het beeldkwaliteitsplan worden referentiewoningen beschreven. Deze woningen zouden dan de basis moeten vormen voor het ontwerp. Op basis van typologie en situering is hier in het plan inderdaad naar gekeken. Over een nokhoogte wordt niets gezegd in het beeldkwaliteitsplan, behalve dat de bebouwingshoogte sterk afwisselend is. Als we de woningen uit het beeldkwaliteitsplan als basis zouden nemen: De benoemde panden zijn allemaal lager dan (naar schatting) 7 meter. Wil je hierop aansluiten, dan zul je dus deze hoogte moeten overnemen. Dan krijg je de bebouwing goed ingepast in de omgeving.
Als je dit niet doet, dan krijg je een ontwerp als op de hoek van de Molenstraat/Dorpsstraat. Ik ga er vanuit dat jullie allemaal de stukken gelezen hebben, jullie kennen dan de situatie, maar om het geheugen wat op te frissen heb ik het ook nog even geprint.
Dit is dus geen goed voorbeeld van passend in de omgeving. In mijn zienswijze heb ik dit duidelijk genoemd. Ik verbaas me er dan ook over dat er in de reactie op mijn bezwaarschrift wordt verwezen naar de bebouwing hoek Dorpsstraat/ Molenstraat. Als het daar niet past, dan zou het aan de andere kant van Molenstraat 1 ook niet passen. Dit pand verdwijnt dan tussen de nieuwe bebouwing.
Hoek Molenstraat / Dorpsstraat: Het gemeentelijk monument Molenstraat 1 valt weg in de te hoge bebouwing.
Maar even terug naar het beeldkwaliteitsplan. Er wordt geen hoogte genoemd als basis voor het bestemmingsplan. Er wordt nu beredeneerd vanuit een plan dat de Kernen heeft ontwikkeld. Er ligt al een plan, dat is 9 meter hoog, dus nokhoogte in bestemmingsplan 9 meter. (Dat er vanuit een plan wordt beredeneerd blijkt uit de reactie op de zienswijzen. Er wordt beschreven dat de goothoogte naar 3,5 meter gaat, omdat dat toch al volgt uit het plan van de Kernen.) Maar zo zou het dus niet moeten werken. Waarom niet? Dan wordt er net zolang gezocht en beredeneerd totdat het passend is in de omgeving. Op deze manier zou een flat van 60 verdiepingen bij wijze van spreken ook nog als passend in de omgeving geclassificeerd kunnen worden, zolang er maar een historiserend ontwerp is.
Den Haag: Is dit ook passend binnen de omgeving aan de Molenstraat?
Als voorbeeld neem ik even Castalia in Den Haag. Zou dit gebouw ook als passend in de omgeving te onderbouwen zijn? Het is enigszins historiserend. De kapvorm is passend bij de omgeving. Het materiaalgebruik ook. Maar toch voelt iedereen aan dit kan niet. Er moet dus een grens zijn voor de nokhoogte. En die grens kun je alleen maar halen uit de omgeving als je het passend wilt krijgen. Dus maximaal 7 meter. Er wordt in de reactie op de zienswijzen gezegd dat met een lagere nokhoogte de doelgroep niet bereikt wordt, maar (ook met het huidige bouwbesluit) is het prima mogelijk om een ontwerp te maken met een nokhoogte van 7 meter, waarin je wel de doelgroep bereikt. (Dit zeg ik als bouwkundig ingenieur, ja, ik gebruik een autoriteitsargument om mijn standpunt kracht bij te zetten.) Dat bewijzen ook de referentiewoningen die allemaal niet hoger zijn dan 7 meter. Nee, het huidige plan van de Kernen voldoet dan niet, maar dat zou ook niet het uitgangspunt moeten zijn. Het ontwerp zou moeten volgen uit de analyses en niet andersom. Uit de referentiewoningen blijkt dat het mogelijk is om woningen te bouwen met een lagere nokhoogte dan 9 meter, alleen zal de zolder niet groot zijn, dus geen (grote) leefruimtes op zolder, maar gewoon wat opslag. Dit is dan een consequentie van het aansluiten op de omgeving.
Dit wil niet zeggen dat het daardoor onmogelijk is om hier geschikte woningen voor de doelgroep te bouwen. Het kan prima financieel haalbaar zijn om dit soort woningen op deze locatie te ontwikkelen. Dan nog iets: Als je uitgaat van 3,5 meter goothoogte, zoals nu is gewijzigd, en een diepte van de woningen uit het plan van de Kernen, met een nokhoogte van 9 meter, dan kom je uit op een dakhoek van ongeveer 50 graden. Een nokhoogte van 9 meter zou dan betekenen dat je een erg scherpe punt krijgt, wat ook niet passend is bij de omgeving (behalve als men toch wil aansluiten op de hoek Dorpsstraat/Molenstraat, maar dit blijkt niet uit het beeldkwaliteitsplan). Conclusie:
Mijn conclusie is dan ook dat de nokhoogte gewijzigd zou moeten worden als je het ontwerp passend wil hebben in de omgeving. Als je je beeldkwaliteitsplan serieus neemt, dan is een passende nokhoogte maximaal 7 meter. En als ik dan toch even kijk naar het ontwerp van de Kernen, wat eigenlijk buiten deze bestemmingsplan procedure gehouden hoort te worden, dan zal dus ook het ontwerp van de Kernen aangepast moeten worden, maar hierdoor wordt het niet onmogelijk om de beoogde 10 woningen te bouwen. Dus: Nokhoogte wijzigen naar maximaal 7 meter en dan het bestemmingsplan aannemen. Het slotwoord van 1 minuut. Ik wil nog even benadrukken (vooral aan de SGP) dat het plan niet laten doorgaan absoluut niet mijn doel is. Ik ben sterk voorstander van extra woningen, maar nu zelfs de indiener van de door de SGP aangehaalde brief zich afvraagt of de nokhoogte niet lager kan, lijkt het me zeer zinvol om dit te wijzigen aleer het bestemmingsplan goed te keuren. Tot slot wil ik toch nog even verwijzen naar het beeldkwaliteitsplan. In het beeldkwaliteitsplan wordt gerefereerd aan de historisch agrarische bebouwing in de omgeving. Daarin zoekt het plan aansluiting. Er wordt nu door de wethouder gesproken over dat het plan passend is bij andere delen van het dorp. Daarmee wordt het beeldkwaliteitsplan dus van tafel geveegd. Dat lijkt me niet de bedoeling.
Conclusie: Heroverweeg de nokhoogte en ga dan het bestemmingsplan zo snel mogelijk goedkeuren.