CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2024 VRGZ

Raadsvergadering 15 juni 2023, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Programmabegroting 2024 Veiligheidsregio Gelderland-Zuid (VRGZ)21.538 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Het vastgoed van de VRGZ is net als het vastgoed van gemeenten onderhevig aan de energiebesparingsplicht (klimaatakkoord) en label Cverplichting voor kantoren. Uit de financiële doorkijk wat betreft de verduurzaming van het vastgoed blijkt dat de VRGZ voor een grote financiële en technische opgave staat om de gehele portefeuille van BENG (bijna energieneutraal gebouw) in 2030 naar ENG (energieneutraal gebouw) in 2050 te krijgen. Instandhouding van de huidige portefeuille betekent dat in de komende jaren meerdere posten vervangen dienen te worden en dat geïnvesteerd moet worden in duurzaamheidsmaatregelen om desinvestering in de toekomst te voorkomen.

Door samenwerklocaties te creëren is de overmaat aan decentrale werkplekken op de andere kazernes beperkt en wordt versnippering van de huisvesting van het kantoorpersoneel binnen de organisatie voorkomen. Op elke kazerne blijven minimaal één, maar bij voorkeur twee kantoorwerkplekken beschikbaar voor vrijwilligers en om een goede werkplek te bieden aan medewerkers die de paraatheid op een locatie op peil houden. Concreet betekent dit 1 multipost, 4 samenwerkingslocaties en 31 overige kazernes met beperkte faciliteiten.

4 Op dit moment zijn de kazernes in Lienden, Varik, Gameren, Herwijnen en Malden volledig

afgeschreven. Voor deze kazernes zijn in de huidige begroting geen kapitaallasten meer opgenomen.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

33

Vervangingsplan In de komende jaren zal een aantal posten vervangen moeten worden vanwege de technische staat van de panden, de locatie ten behoeve van het primaire proces en/of duurzaamheidseisen. Naar verwachting zal in de komende jaren gemiddeld 1 kazerne per jaar vervangen worden. Het vervangen van een kazerne betekent een structurele stijging van de kapitaallasten van minimaal € 100.000,- afhankelijk van het soort post. De te vervangen kazernes zijn immers (nagenoeg) volledig afgeschreven.

In de weergave hieronder is het huidige budget (inclusief reguliere indexatie) weergegeven met de rode lijn. De kolommen geven de verwachte kapitaallasten weer (grijs is kapitaallast huidige portefeuille, blauw is nieuwbouw). De rode onderbroken lijn geeft het budget weer indien er jaarlijks € 175.000,- aan het budget toegevoegd wordt conform bovenstaand schema).

Daarnaast loopt een onderzoek naar de toekomstbestendigheid van een aantal locaties ten aanzien van het kunnen voldoen aan duurzaamheid. Ook de Multipost in Nijmegen is opgenomen in dit onderzoek en investering is onvermijdelijk. Aangezien de Multipost onze grootste en meest kostbare locatie is kan dit aanvullende (forse) implicaties hebben op de kapitaallastenbegroting (een inschatting is in 2026 opgenomen). Consequenties begroting De hiervoor genoemde vervangingen van de diverse posten betekent dat de kapitaallasten gemiddeld met circa € 175.000,- per jaar zullen stijgen gedurende de komende 30 jaar. Dit is een cumulatieve stijging; de kosten stijgen ieder jaar ten opzichte van het voorgaande jaar (onderstaande bedragen zijn ten opzichte van de begroting 2024): Jaar 2024 2025 2026 2027 Etc.

Toename kapitaallasten € 0,€ 175.000,€ 350.000,€ 525.000,-

Egalisatiereserve Een van de doelen van de doorkijk van de vastgoedportefeuille is grip op de lastenontwikkeling en het voorkomen van financiële verrassingen. Daarom wordt geprobeerd de gemeenten gemiddelde lasten te laten afdragen en de jaarlijkse fluctuaties intern op te vangen. Om deze fluctuaties aan te kunnen is bij een verkenning vastgesteld dat een aantal andere veiligheidsregio’s gebruik maakt van een hiervoor bestemde

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

34

egalisatiereserve. Dit zorgt er buiten de algemene reserve voor dat een gelijkmatige kostenstijging gepresenteerd kan worden aan het bestuur. Deze reserve kan gevuld worden door investeringen uit te stellen en door een reële inschatting van de toekomstige kapitaallasten geleidelijk in de begroting te laten lopen. Op een later moment kan deze reserve dan aangewend worden om de stijgende lasten tijdelijk te dempen. Een dergelijke reserve wordt op dit moment niet toegepast door de VRGZ, maar zou een mooie aanvulling zijn om de kapitaallasten minder te laten fluctueren. Hierbij dient benadrukt te worden dat deze reserve stijgende kapitaallasten niet oplost, maar slechts tijdelijk kan egaliseren en het biedt de gemeenten tijd om de te verwachten kosten geleidelijk intern te alloceren. De egalisatiereserve kan in de eerste jaren gevuld worden zoals uit de weergave blijkt.

inkoopsamenwerking (o.a. met andere regio’s) te verbeteren wat de doelmatigheid ten goede komt.

HRM Onze opgave: aantrekkelijk werkgeverschap Onze medewerkers maken onze organisatie. Zij zijn de drijvende kracht achter onze missie. VRGZ wil een aantrekkelijke organisatie zijn die medewerkers weet te boeien en binden. Deze opgave is aanzienlijk, zeker met het oog op ontwikkelingen in de arbeidsmarkt. Ons HRM-beleid moet bijdragen aan: ▪ ▪ ▪

Financiën & Inkoop Inkoop

▪

In 2021 heeft het Algemeen Bestuur het inkoopbeleid vastgesteld. Ook is een verbeterplan opgesteld met een groot aantal aanbevelingen die noodzakelijk zijn voor een goede uitvoering en beheer van de inkoopfunctie. De noodzakelijke acties zijn nodig om het gewenste ambitieniveau te bereiken in de komende jaren. Het inkoopproces wordt daarmee geprofessionaliseerd. Dit draagt bij aan de rechtmatigheid, doelmatigheid en het bereiken van de organisatiedoelstellingen. De nadruk van het verbetertraject ligt in 2023 en 2024. In die periode wordt het contractbeheer inclusief een verplichtingenadministratie opgezet. Uiteindelijk gaat dit de organisatie in staat stellen om de

▪ ▪

Hoe kunnen wij voldoende goede mensen vinden? Hoe interesseren wij jongeren om te komen werken bij onze organisatie? Hoe kunnen wij de toenemende groep van 40-, 50- en 60-plussers duurzaam inzetbaar houden? Hebben wij een beeld van de functies die in onze organisatie als ‘sleutelfuncties’ zijn te typeren en waarvan we weten dat ze, al dan niet op termijn, heel moeilijk te vervullen zijn? Hoe kunnen we zorgen dat ons personeelsbestand een redelijke afspiegeling is van de (beroeps)bevolking? Hoe kunnen arbeidsrelaties en arbeidsverhoudingen worden toegesneden op veranderende omstandigheden en veranderende voorkeuren van mensen?

We staan voor de gezamenlijke opgave om de kwaliteit van onze dienstverlening ook op langere termijn te waarborgen. Het HRM-beleid en bijbehorend instrumentarium dient het mogelijk te maken dat we nu en straks:

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

35

1. de juiste mensen weten aan te trekken; 2. de mensen die we in huis hebben in de gelegenheid weten te stellen om zich in het belang van de organisatie en daarmee van henzelf (verder) te ontwikkelen en; 3. daar waar de organisatiedoelen en de persoonlijke kwaliteiten van een medewerker niet langer matchen, op een zorgvuldige wijze afscheid van elkaar nemen.

rond verzuim, duurzame inzetbaarheid en mobiliteit worden verder doorontwikkeld.

Dit doen we in 2024 door: ▪

Het versterken van onze werkgeversmerk De VRGZ heeft als organisatie veel te bieden: maatschappelijk toegevoegde waarde en een breed palet aan werkzaamheden. De verschillende merken (Brandweer, Ambulance) worden sterker gepositioneerd in de markt. De krappe arbeidsmarkt vraagt bovendien om meer scherpte en snelheid als het gaat om werving. Vanuit deze optiek wordt de werving & selectie-aanpak herzien. Deze is gericht op het versterken van het netwerk en het sneller kunnen acteren in de markt om zo voldoende potentieel uit de markt te kunnen halen.

▪

Investeren in onze medewerkers Behoud en binden van onze medewerkers vormt een belangrijk doel van de organisatie. Dat doen we door aandacht te hebben voor wat er nodig is om het werk goed te kunnen doen. Dit is voor iedereen anders en daar vervult een leidinggevende een sleutelrol. Er wordt dan ook blijvend geïnvesteerd in leiderschapsontwikkeling. Met het instrument Personeelsplanning wordt getracht beter in te kunnen spelen op (voorziene) ontwikkelingen en daarmee wordt de wendbaarheid van de organisatie vergroot. Onze mogelijkheden voor opleiden, de aanpak

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

36

5.5 Verbonden partijen De VRGZ werkt intensief samen met de GGD Gelderland-Zuid op het gebied van bedrijfsvoering (geleverd door de afdelingen Vastgoed- & Facility Management, HRM, Informatievoorziening en Financiën & Inkoop). Voor de Meldkamer Oost-Nederland (MKON) zal een construct Kosten Gemene Rekening (KGR) opgezet worden. Kern van een dergelijk construct is dat gezamenlijk het risico gedragen wordt en dat geen btw in rekening gebracht hoeft te worden over de dienstverlening. Het personeel zal in dienst komen van de VNOG (Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland) en de VRGZ zal op basis van een verdeelsleutel bijdragen. Er is in beide gevallen geen sprake van een verbonden partij in die zin dat de VRGZ risico's draagt die vanuit de andere partij worden veroorzaakt anders dan vanuit de inhoudelijke samenwerking. Wel zijn er kosten gemoeid met het eventueel verbreken van het samenwerkingsverband.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

37

6 Financiële begroting

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

38

6 Financiële begroting In hoofdstuk 6 wordt aan de hand van de balans en de overzichten baten en lasten uiteengezet wat voor 2024 tot en met 2027 verwacht wordt. Ook wordt het verloop van de reserves en voorzieningen uiteengezet en de meerjareninvesteringsplanning weergegeven.

6.1 Baten en lasten Veiligheidsregio Gelderland-Zuid In onderstaande tabel zijn de baten en lasten van de VRGZ weergegeven. Overzicht baten en lasten VRGZ (x € 1.000,-)

Realisatie Gewijzigde Begroting 2022 begroting 2024 2023

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Baten Budget aanvaardbare kosten

28.458

30.467

32.895

32.895

32.895

32.895

Rijksbijdragen

13.332

8.714

9.419

9.902

10.204

10.204

Gemeentelijke bijdragen

42.352

45.620

48.761

48.936

49.111

49.286

Opbrengsten bedrijfsvoering

2.755

3.291

3.916

3.916

3.916

3.916

Overige opbrengsten

2.743

749

763

763

763

763

Totaal baten

89.640

88.841

95.754

96.412

96.889

97.064

Personeelskosten

62.760

65.969

70.795

71.209

71.511

71.511

Kapitaallasten

7.468

8.725

9.164

9.339

9.514

9.689

Wagenpark en werkmaterieel

3.606

3.510

3.418

3.418

3.418

3.418

Communicatieapparatuur

2.928

3.448

3.721

3.721

3.621

3.621

Huisvestingskosten

3.967

4.087

3.923

3.923

3.923

3.923

Overige bedrijfskosten

7.847

5.093

5.194

5.194

5.194

5.194

Onvoorzien

0

191

218

218

218

218

Rentebaten

-1.197

-1.247

-1.454

-1.504

-1.554

-1.604

Rentelasten

987

920

944

994

1.044

1.094

Totaal lasten

88.366

90.696

95.923

96.512

96.889

97.064

Saldo van baten en lasten

1.274

-1.855

-169

-100

0

0

Toevoegingen reserves

0

0

0

0

0

0

Onttrekkingen reserves

303

2.105

69

0

0

0

1.577

250

-100

-100

0

0

Lasten

Geraamd resultaat

Tabel 11: overzicht baten en lasten veiligheidsregio

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

39

6.2 Baten en lasten Crisis- en Rampenbestrijding In onderstaande tabel zijn de baten en lasten weergegeven van het programma Crisis- en Rampenbestrijding. Overzicht baten en lasten Programma C&R (x € 1.000,-)

Realisatie 2022

Gew begr 2023

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Rijksbijdragen

12.511

8.334

9.134

9.617

9.919

9.919

Gemeentelijke bijdragen

42.352

45.620

48.761

48.936

49.111

49.286

Opbrengsten bedrijfsvoering

2.755

3.291

3.916

3.916

3.916

3.916

Overige opbrengsten

1.947

639

653

653

653

653

Totaal baten

59.565

57.884

62.464

63.122

63.599

63.774

Personeelskosten

39.868

41.391

44.449

44.863

45.165

45.165

Kapitaallasten

6.284

7.192

7.558

7.733

7.908

8.083

Wagenpark en werkmaterieel

2.285

2.361

2.274

2.274

2.274

2.274

Communicatieapparatuur

2.335

2.992

3.210

3.210

3.110

3.110

Huisvestingskosten

3.960

4.069

3.918

3.918

3.918

3.918

Overige bedrijfskosten

4.779

1.870

1.516

1.516

1.516

1.516

Onvoorzien

0

191

218

218

218

218

Rentebaten

-1.197

-1.247

-1.454

-1.504

-1.554

-1.604

Rentelasten

987

920

944

994

1.044

1.094

Totaal lasten

59.301

59.739

62.633

63.222

63.599

63.774

Saldo van baten en lasten

264

-1.855

-169

-100

0

0

Toevoegingen reserves

0

0

0

0

0

0

Onttrekkingen reserves

303

2.105

69

0

0

0

Geraamd resultaat

567

250

-100

-100

0

0

Baten

Lasten

Tabel 12: overzicht baten en lasten programma C&R

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

40

Toelichting verschillen begroting 2024 en de gewijzigde begroting 2023 Hierna volgt een toelichting op de verschillen tussen de gewijzigde begroting 2023 en de begroting 2024. De toelichting die leidt tot de gewijzigde begroting 2023 is opgenomen in bijlage 7.3.1 Begrotingswijzigingen Crisis- en Rampenbestrijding.

Rijksbijdragen

800

De stijging van de BDuR wordt veroorzaakt door de toename van de extra middelen ten behoeve van crisisbeheersing (conform onderstaande tabel) en een indexering van 3%.

De bedragen bij 2b en 3 zijn geoormerkt voor het NIPV, het Rijk en KCR2. Voor de bedragen bij 1 en 2a worden regionale plannen gemaakt die moeten aansluiten op de doelstellingen die zijn gekoppeld aan de extra BDuR-middelen (zie ook paragraaf 2.2 en 3.2.4).

Gemeentelijke bijdrage

3.141

De gemeentelijke bijdrage stijgt met € 3.140.500,- ten opzichte van de gewijzigde begroting 2023. In 2023 is een deel van de prijsstijging incidenteel gecompenseerd door de vrijval van de bestemde reserve prijsstijging. In 2024 is dit bedrag weer aan de bijdrage toegevoegd (€ 270.000,-). De indexering bedraagt conform BRN 5,1% (€ 2.340.500,-). Om de continuïteit en de kwaliteit van de adviesaanvragen te kunnen garanderen is een uitbreiding van de formatie nodig van 1fte. Het aantal adviezen is sinds 2017 met 35% gestegen (van 1.400 naar 1.900), terwijl de formatie ongewijzigd is gebleven. Deze uitzetting bedraagt € 90.000,- (zie ook toelichting Personeelskosten en paragraaf 3.1.6). Zoals in de Jaarstukken 2022 en de Kaderbrief 2024 is aangegeven blijken het veranderende klimaat met extremer weer (zoals droogte en wind) en de energietransitie invloed te hebben op zowel het aantal incidenten als de complexiteit en gemiddelde inzetduur per incident. Dit leidt tot een structurele stijging van de vrijwilligersvergoedingen van € 440.000,- (zie ook toelichting Personeelskosten).

Opbrengsten bedrijfsvoering

625

De VRGZ verzorgt de ondersteunende dienstverlening aan de GGD. In 2024 stijgt de doorbelasting met € 625.000,-. Dit is onder andere het gevolg van de extra kosten die gemaakt gaan worden voor het aanbestedingstraject voor de kantoorautomatisering voor de VRGZ en de GGD (€ 100.000,-, zie

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

41

ook paragraaf 5.4.3). Ten behoeve van de pandemische paraatheid (waaronder corona) is de formatie van ICT uitbreid met 1 fte, deze uitbreiding wordt doorbelast aan de GGD (€ 80.000,-). Daarnaast stijgt de doorbelasting als gevolg van de indexering met € 145.000,-. In 2022 is uit onderzoek gebleken dat er sprake is van een scheefgroei in de taken die door de VRGZ worden verricht voor de GGD en de kostenverdeling die daarvoor wordt gehanteerd. De huidige verdeling voortvloeiend uit het construct Kosten Gemene Rekening (zie ook paragraaf 5.5) is gebaseerd op de situatie medio 2013 die geen recht meer doet aan de huidige situatie. Vooruitlopend op besluitvorming door het bestuur van de GGD over uitzetting van de kosten voor bedrijfsvoering is voor 2024 een bedrag van € 250.000,- opgenomen als extra opbrengst, hier staan ook extra personeelskosten tegenover (zie toelichting Personeelskosten). Indien het bestuur besluit hier niet mee in te stemmen zullen zowel de extra opbrengst als de extra kosten komen te vervallen en zal het dienstverleningsniveau worden versoberd. Het resterende verschil (€ 50.000,-) wordt veroorzaakt door een mix van kleine aanpassingen van diverse budgetten.

Personeelskosten

3.058

De stijging van de personeelskosten heeft de volgende oorzaken: ▪

De personeelslasten zijn conform de door het Algemeen Bestuur vastgestelde methodiek geïndexeerd met 3,90% (€ 1.701.000,-);

▪

Het veranderende klimaat waarin we vaker worden geconfronteerd met extremer weer (zoals droogte en wind) leidt structureel tot meer incidenten. Dit extremere weer heeft, net als de energietransitie ook zijn weerslag op de compliciteit van incidenten. Hierdoor stijgt ook de gemiddelde inzetduur. Daarnaast is een groter verloop zichtbaar onder vrijwilligers en daalt de gemiddelde periode dat een vrijwilliger in dienst is. Dit is een landelijke tendens en leidt structureel tot een stijging van het aantal opleidingsuren. Deze oorzaken leiden tot een structurele stijging van de vrijwilligersvergoedingen van € 440.000,-.

▪

Om de continuïteit en de kwaliteit van de adviesaanvragen te kunnen garanderen is een uitbreiding van de formatie van het team Veilig Bouwen nodig. Het aantal adviezen is sinds 2017 met 35% gestegen (van 1.400 naar 1.900), terwijl de formatie ongewijzigd is gebleven (zie ook paragraaf 3.1.6). Deze uitzetting bedraagt € 90.000,-.

▪

Ten behoeve van de versterking van crisisbeheersing wordt de formatie uitgebreid (€ 332.000,-). Deze uitzetting wordt gedekt vanuit de extra toegekende BDuR-middelen voor crisisbeheersing (zie paragraaf 3.2.4).

▪

Ten behoeve van de pandemische paraatheid voor corona wordt vanuit de coronaorganisatie 1fte ingevlochten in de formatie van ICT (€ 80.000,-). Dit bedrag wordt volledig doorbelast naar de GGD (zie ook Opbrengsten bedrijfsvoering).

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

42

▪

Als gevolg van de stijging van de formatie en daarmee de loonsom stijgen ook de kosten voor opleidingen (€ 100.000,-). In het kader van het boeien en binden van het huidige personeel en daarmee te kunnen antiperen op de krappe arbeidsmarkt zullen naar verwachting extra middelen beschikbaar moeten komen. Op dit moment zijn de opleidingsbudgetten gebaseerd op 1,5% van de loonsom. Om aan de opleidingsbehoefte tegemoet te kunnen komen zal dit percentage naar verwachting moeten worden opgehoogd. Dit zal in 2023 verder worden onderzocht.

▪

Om de kwaliteit van de dienstverlening van de bedrijfsvoeringstaken aan de GGD te kunnen blijven borgen is een extra bedrag aan inhuur van personeel meegenomen van € 250.000,- (zie ook toelichting Opbrengsten bedrijfsvoering). Indien het bestuur van de GGD besluit niet in te stemmen met de uitzetting van de doorbelasting hiervoor zullen deze extra kosten komen te vervallen en zal het dienstverleningsniveau aan de GGD worden versoberd.

▪

Als gevolg van gewijzigde wet- en regelgeving is het met ingang van 2022 mogelijk om extra verlof te sparen. Met dit verlofsparen kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie-uren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levensen carrièreplanning en het vitaliteitsbeeld. In 2024 is hiervoor een bedrag van € 100.000,opgenomen in de begroting.

▪

Ten behoeve van het project Digitaal centraal (optimalisatie van archiefbeheer) en de procesbeheersing van inkoop en aanbesteding ten behoeve van de rechtmatigheid van dit proces zijn in 2023 incidenteel extra inhuurbudgetten toegekend. In 2024 zijn deze budgetten komen te vervallen wat leidt tot een positief verschil van € 125.000,-.

▪

Daarnaast leidt een mix van kleine budgetbijstellingen per saldo tot een stijging ten opzichte van 2023 van € 90.000,-.

Kapitaallasten

366

De kapitaallasten stijgen fors. Hiervoor zijn een aantal oorzaken aan te wijzen: 1. 2. 3. 4.

reguliere indexering van de vervangingsinvesteringen (€ 180.000,-); oplevering nieuwbouw 2 kazernes (€ 125.000,-); oplevering ambulancepost Tiel in 2023 (€ 35.000,-); het overige verschil is het gevolg van een combinatie van doorschuivingen, vervanging van volledig afgeschreven materieel en het vrijvallen van kapitaallasten als gevolg van het niet vervangen van materieel.

In het jaar van oplevering worden de investeringen geacht in gebruik te zijn genomen per 1 juli van dat jaar en wordt derhalve over een half jaar afgeschreven. Dit zorgt ervoor dat de kapitaallasten van de nieuwe kazernes (zie punt 2) in 2024 voor een half jaar worden meegenomen. Als gevolg van de oplevering van de ambulancepost Tiel (zie punt 3) in 2023 worden in 2024 de kapitaallasten voor het eerst volledig meegenomen wat leidt tot een stijging ten opzichte van 2023.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

43

Prijsstijgingen op voertuigen, bepakkingen en overig materieel van 30 tot 40% zijn merkbaar in de laatste aanbestedingen en uit aanzeggingen van leveranciers. Deze prijsstijging heeft nog een beperkte invloed op de kapitaallasten van de begroting 2024 omdat de investeringsplanning voor dit jaar relatief laag is. Met ingang van 2025 zullen de kapitaallasten hierdoor echter aanzienlijk gaan stijgen als gevolg van de geplande vervangingsinvesteringen.

Wagenpark en werkmaterieel

-87

In 2022 en 2023 zijn en worden incidenteel extra uitgaven gedaan ten behoeve van de transitie van fluorhoudend schuimvormend middel (SVM) naar fluorvrij SVM worden. Deze kosten van € 235.000,(in 2023) veroorzaken dus een positief verschil ten opzichte van de begroting 2024. De onderhoudslasten stijgen ten opzichte van 2023 met € 52.000,-. Als gevolg van de verlate levering van 11 TS-en is destijds een korting bedongen in de vorm van 4 jaar gratis onderhoud voor deze voertuigen. Met ingang van 2024 zal weer moeten worden betaald voor het onderhoud van deze TSen. Daarnaast is het eigen risico op de verzekering van de blusboten fors gestegen en bedraagt € 25.000,- per incident. Dit zal er toe leiden dat meer schades binnen het eigen risico vallen en niet zullen worden vergoed. Als gevolg van leveringsproblemen is ervoor gekozen om de voertuigen die worden ingezet voor logistieke ritten te gaan leasen in plaats van aan te kopen. Dit leidt tot een uitzetting van € 48.000,-. Dit wordt gecompenseerd door een daling van de kapitaallasten voor deze voertuigen. Het resterende verschil van € 48.000,- wordt veroorzaakt door indexering.

Communicatieapparatuur

218

Met ingang van 2025 loopt het huidige contract van de leverancier van kantoorautomatisering af. In 2024 zal een aanbestedingstraject worden opgestart. Hiervoor wordt externe expertise ingehuurd (€ 200.000,-). De kosten stijgen verder als gevolg van indexering met € 75.000,-. Met name op telefonie en dataverbruik is gebleken dat de realisatie achter blijft op de begroting. Deze budgetten zijn in 2024 derhalve naar beneden bijgesteld (€ 57.000,-).

Huisvestingskosten

-151

In de begroting 2023 is voor achterstallig onderhoud incidenteel een bedrag van € 130.000,opgenomen. Dit leidt tot een positief verschil met de begroting 2024. Dit geldt ook voor de incidentele kosten die in de begroting 2023 zijn meegenomen voor de aanpassingen in het kader van de aangepaste wettelijke normen voor diesel motor emissie (DME) van € 145.000,-. Het resterende verschil wordt veroorzaakt door de indexering (€ 95.000,-) en een mix van kleine aanpassingen van diverse budgetten, waaronder energie en huur van in totaal € 29.000,-.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

44

Overige bedrijfskosten

-354

De doorbelasting naar de AZGZ stijgt ten opzichte van 2023 met € 388.000,-. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door de toegenomen formatie bij AZGZ. Dit is medebepalend voor de verdeelsleutel van de sector Bedrijfsvoering. Daarnaast zijn de kosten voor ICT tijdelijk hoger als gevolg van de inhuur van externe expertise ten behoeve van de aanbesteding van de kantoorautomatisering. Als gevolg van de overheveling van budget voor vastgoed(beheer) naar de afdeling Vastgoed- & Facility Management stijgen de lasten voor huisvesting. Daarnaast worden als gevolg van de oplevering in 2023 de lasten voor de nieuwbouwpost Tiel in 2024 voor het hele jaar doorbelast en vallen deze kosten hoger uit dan eerder begroot. Als gevolg van de uitbreiding van de formatie voor crisisbeheersing stijgen ook de overheadkosten (€ 76.000,-). Hier staan extra middelen vanuit de BDuR tegenover (zie ook toelichting Rijksbijdragen). Als gevolg van de transitie van de meldkamer naar de Meldkamer Oost-Nederland (MKON) worden met ingang van 2023 de kosten voor deelname hierin verantwoord onder de overige bedrijfskosten. Ten behoeve van de frictiekosten van de samenvoeging was een bestemde reserve beschikbaar waarvan een deel in 2023 is ingezet. Hierdoor dalen in 2024 de lasten ten opzichte van 2023 met € 200.000,-. Als gevolg van indexering stijgen de overige bedrijfskosten met € 90.000,-.

De bijdrage aan het NIPV stijgt in 2024 met € 18.000,-. De resterende stijging ad € 50.000,- wordt veroorzaakt door een mix van diverse kleine budgetaanpassingen.

Onvoorzien

27

De post onvoorzien bedraagt 0,35% van het begrotingstotaal. Als gevolg van de toename van de begrote baten en lasten stijgt deze post met € 27.000,-.

Rentebaten en -lasten

-183

Conform het BBV worden rentelasten toegerekend aan de activa tegen het bestuurlijk vastgestelde percentage van 2%. De tegenboeking hiervan wordt verantwoord als een opbrengst in het renteresultaat. Als gevolg van de hogere kapitaallasten (zie toelichting Kapitaallasten) stijgt dus ook het renteresultaat (€ 207.000,-). Als gevolg van de oplopende rente stijgen de rentelasten ten opzichte van de begroting 2023 met € 24.000,-.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

45

Mutaties bestemde reserves De vrijval van de bestemde reserve van € 69.000,- betreft het laatste deel van de bestemde reserve Uitgestelde werkzaamheden. Hierin was een bedrag opgenomen voor het project Digitaal centraal (optimalisatie van archiefbeheer). De laatste uitgaven hiervoor staan gepland voor 2024, de bestemde reserve kan dus volledig vrijvallen.

Meerjarige mutaties Meerjarig is de oplopende Rijksbijdrage (BDuR) verwerkt in de kosten en in de opbrengsten. Dit verloopt per saldo kostenneutraal (zie paragraaf 2.2 en paragraaf 6.2.1). Daarnaast is een jaarlijkse ophoging van de gemeentelijke bijdrage voor de stijgende kapitaallasten opgenomen (zie paragraaf 5.4.4). Incidenteel is extra budget beschikbaar ter beschikking gesteld via een bestemde reserve voor de optimalisatie van het archiefbeheer. Het project wordt in 2024 afgerond, vanaf 2025 zijn zowel de kosten als de vrijval van de bestemde reserve niet meer opgenomen. Tot slot is in 2024 en 2025 incidenteel een extra bedrag opgenomen voor lasten die voortvloeien uit het aanbestedingstraject voor de kantoorautomatisering en de implementatie daarvan.

GHOR De GHOR is een onderdeel van de begroting van de VRGZ onder leiding van de DPG (Directeur Publieke Gezondheid) van de GGD. Het deel in de VRGZ-begroting 2024 dat voor de GHOR aangemerkt wordt is € 1.818.500,-.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

46

6.3 Baten en lasten Regionale Ambulancevoorziening Overzicht baten en lasten Programma RAV (x € 1.000,-)

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

28.458

30.467

32.895

32.895

32.895

32.895

Rijksbijdragen

822

380

285

285

285

285

Overige opbrengsten

795

110

110

110

110

110

30.075

30.957

33.290

33.290

33.290

33.290

Personeelskosten

22.891

24.578

26.346

26.346

26.346

26.346

Kapitaallasten

1.184

1.533

1.606

1.606

1.606

1.606

Wagenpark en werkmaterieel

1.321

1.149

1.144

1.144

1.144

1.144

593

456

511

511

511

511

7

18

5

5

5

5

Overige bedrijfskosten

3.069

3.223

3.678

3.678

3.678

3.678

Totaal lasten

29.065

30.957

33.290

33.290

33.290

33.290

Saldo van baten en lasten

1.010

0

0

0

0

0

Toevoegingen reserves

0

0

0

0

0

0

Onttrekkingen reserves

0

0

0

0

0

0

1.010

0

0

0

0

0

Baten Budget aanvaardbare kosten

Totaal baten Lasten

Communicatieapparatuur Huisvestingskosten

Geraamd resultaat

Tabel 13: baten en lasten programma RAV

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

47

Toelichting verschillen begroting 2024 en de begroting 2023 Hierna volgt een toelichting op de verschillen tussen de begroting 2024 en de begroting 2023. De toelichting die leidt tot de gewijzigde begroting 2023 is opgenomen in bijlage 7.3.2 Begrotingswijzigingen RAV. De RAV wordt gefinancierd via zorgverzekeraars. Dat betekent dat in het najaar het budget voor het volgende jaar afgesproken wordt. Dit heeft ook invloed op de lopende begroting, in dit geval 2023, en geeft een voortschrijdend inzicht voor de begroting 2024. Omdat dit geen invloed heeft op gemeenten, worden alleen budget neutrale begrotingswijzigingen doorgevoerd (zie paragraaf 7.3.2), de overige ontwikkelingen worden verwerkt in de tussentijdse rapportages.

Budget aanvaardbare kosten (BAK)

2.428

De stijging van het BAK wordt veroorzaakt door twee grote veranderingen. Als eerste is er het indexatie effect. AZGZ heeft een index toegepast van 5% voor de personele lasten en 2,5% voor de materiële lasten. Daarnaast is de definitieve index voor 2022 hoger dan vooraf verwacht, wat ook doorwerkt in de begroting 2023. Samen leidt dit tot een aanpassing van € 1.585.000,-. De tweede grote verandering is het aantal diensten op de meldkamer. AZGZ levert na de overgang naar de meldkamer Oost5 in Apeldoorn meer meldkamerdiensten. In 2023 werden nog drie diensten overdag en drie diensten ‘s avonds gerealiseerd en twee diensten in de nacht. Voor de meldkamer Oost5 worden vier diensten overdag en ’s avonds geleverd en drie in de nacht. De vergoeding van de loonkosten in het budget stijgt hierdoor met € 621.000,-. Tot slot is er een aantal kleinere ontwikkelingen. De uitbreiding van het aantal diensten in 2022 en 2023 heeft ook geleid tot een uitbreiding van het wagenpark (€ 45.000,-) vanaf 2023. Met zorgverzekeraars is een ingroeimodel afgesproken voor de overige loonkosten. Eerder is deze parameter landelijk al geherdefinieerd. Voor AZGZ betekent dat voor 2024 een verruiming met € 137.000,-. Voor de vergoeding van de directie en administratie is € 40.000,- extra beschikbaar gesteld, onder andere voor een uitbreiding van de afdeling Kwaliteit en veiligheid.

Rijksbijdrage

-95

Eind 2022 heeft AZGZ gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een deel van het vervroegd ouderdomspensioen (VOP) af te kopen. Deze kosten worden vergoed door het Rijk. Aangezien de kosten in 2024 voor VOP niet meer gemaakt worden, zijn ook de opbrengsten bijgesteld. De FLOkosten worden nog wel gemaakt en vergoed.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

48

Personeelskosten

1.768

De personeelskosten stijgen naar verwachting met 5% als gevolg van indexatie (€ 1.230.000,-). Daarnaast is hiervoor bij de stijging van het budget beschreven dat er meer diensten ingezet gaan worden op de MKON. In totaal gaat het om een extra dienst zowel overdag, ’s avonds als ’s nachts. De kosten hiervoor zijn geraamd op € 767.000,-. In de formatie is eerder ruimte opgenomen om bovenformatief te werven. Voortschrijdend inzicht leidt tot een terugdraaiing hiervan. Deze medewerkers waren nog niet gevonden en met name door het overwerk en de betere invulling van reserve diensten blijkt dat deze extra formatie niet nodig is. Dit brengt de verwachte kosten met € 389.000,- omlaag. Tot slot is al eerder aangegeven dat het aantal ritten en diensten toeneemt. Dat heeft ook effecten op de organisatie van het primair proces. AZGZ zoekt een extra planner en teamleider, waarvoor in de begroting 2024 formatie is opgenomen (€ 160.000,-).

Kapitaallasten

73

De kapitaallasten zijn in 2024 € 73.000,- hoger dan in de begroting 2023. Dit komt door de aanschaf van communicatieapparatuur voor communicatie tussen de MKON en decentrale meldkamerlocaties via een Push-to-Talk oplossing. In 2024 wordt een deel van de kleding vervangen. Deze kosten worden geactiveerd. Daarnaast worden perfusorpompen aangeschaft. Deze spuitpompen zorgen voor het toedienen van sommige medicatie bij vervoer van patiënten en worden ook genoemd in het Landelijk Protocol Ambulancezorg (LPA). Tot slot worden drie nieuwe ambulances gekocht waarvan twee reguliere ambulances en een derde ambulance die ook als MICU dienst kan doen. Bij deze voertuigen worden ook nieuwe bijpassende elektrische brancards aangeschaft.

Wagenpark en werkmaterieel

-5

De verzekeringen voor het materieel gaan licht dalen. AZGZ verwacht hier € 23.000,- minder aan uit te geven in 2024. De brandstofkosten blijven op een hoog niveau, met name de kosten voor diesel zoals in de ambulances wordt gebruikt. In de begroting van 2023 was hier al een flinke stijging voor ingecalculeerd. Voor 2024 stelt AZGZ deze verwachting iets naar beneden bij (€ 31.000,-). Tot slot verwachten we dat de kosten van het onderhoud van het uitgebreide wagenpark toe zullen nemen met een kleine 10%. Dat betekent een stijging van € 49.000,-.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

49

Communicatieapparatuur

55

De stijging van de uitgaven aan communicatieapparatuur wordt met name veroorzaakt door de stijging van softwarepakketten en -licenties. In 2022 is een stijging ingezet die naar verwachting ook in 2024 doorzet. Daarnaast zijn nieuwe pakketten aangeschaft, onder andere voor kwaliteitsmanagement. Samen verklaart dit een stijging van € 55.000,-.

Huisvestingskosten

-13

De uitgaven voor huur van vastgoed worden centraal geboekt door de afdeling Vastgoed- & Facility Management. Het budget is nu ook voor 2024 overgeheveld naar deze afdeling. Via interne doorbelastingen komen de kosten uiteindelijk terug bij de RAV.

Overige bedrijfskosten

455

De kosten voor doorbelastingen vanuit Bedrijfsvoering stijgen. Enerzijds komt dat door de toegenomen formatie bij AZGZ. Dit is medebepalend voor de verdeelsleutel van de sector Bedrijfsvoering. Daarnaast zijn de kosten voor ICT tijdelijk hoger als gevolg van de inhuur van externe expertise ten behoeve van de aanbesteding van de kantoorautomatisering. Tot slot stijgen de lasten vanwege de overheveling van budget voor vastgoed(beheer) naar de afdeling Vastgoed- & Facility Management. Dit is in lijn met de hiervoor genoemde daling van de component huisvestingskosten. Daarnaast worden de lasten van de in 2023 opgeleverde nieuwbouwpost in Tiel in 2024 voor het hele jaar doorbelast. Het totaal van deze doorbelastingen bedraagt € 388.000,-. De kosten voor inhuur derden en extern advies stijgen in 2024 met € 57.000,- ten opzichte van de begroting 2023. Deze kosten worden onder meer gemaakt voor de invoering van de vernieuwde urgentieclassificatie en de doorontwikkeling van de inrichting van de Meldkamer Oost-Nederland (MKON). Kleine overige mutaties op de overige bedrijfskosten verklaren per saldo een stijging van € 10.000,-.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

50

6.4 Uiteenzetting financiële positie In onderstaande tabel is de verwachte ontwikkeling van de balanspositie opgenomen. Activa

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

58.472

74.487

78.228

87.482

86.037

82.354

Vaste Activa Materiële vaste activa Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Debiteuren

6.178

6.178

6.178

6.178

6.178

6.178

880

880

880

880

880

880

Uitzettingen Rijksschatkist

5.596

5.596

5.596

5.596

5.596

5.596

Overige vorderingen

1.801

1.801

1.801

1.801

1.801

1.801

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

14.455

14.455

14.455

14.455

14.455

14.455

Liquide middelen

182

182

182

182

182

182

Overlopende activa

805

805

805

805

805

805

73.914

89.929

93.670

102.924

101.479

97.796

Debiteuren openbare lichamen

Nog in tarieven te verrekenen Sluitpost (incl. rekeningcourant)

Totaal

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

51

Passiva

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Res. aanvaardbare kosten RAV

1.621

2.631

2.631

2.631

2.631

2.631

Subtotaal programma RAV

1.621

2.631

2.631

2.631

2.631

2.631

Algemene reserve C&R

2.681

3.228

3.128

3.028

3.028

3.028

Frictiekosten meldkamer

450

0

0

0

0

0

Uitgestelde werkzaamheden

389

69

0

0

0

0

Duurzaamheid

377

0

0

0

0

0

Cao-ontwikkelingen

688

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Subtotaal programma C&R

4.585

3.297

3.128

3.028

3.028

3.028

Resultaat

1.577

0

0

0

0

0

Totaal Eigen vermogen

7.783

5.928

5.759

5.659

5.659

5.659

2.435

2.683

2.189

3.067

3.606

2.635

Niet-actieven

272

132

0

0

0

0

Verlofsparen

2.437

2.537

2.637

2.737

2.837

2.937

5.144

5.352

4.826

5.804

6.443

5.572

51.650

53.317

54.983

56.650

Vaste Passiva Eigen vermogen*

Prijsstijgingen

Voorzieningen Groot onderhoud

Vaste schulden met een rentetypische looptijd van > 1 jaar Langlopende leningen

46.593

51.540

Vlottende Passiva Vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar Sluitpost (incl. rekening-courant)

0

12.715

17.041

23.750

20.000

15.521

Nog in tarieven te verrekenen

524

524

524

524

524

524

8.831

8.831

8.831

8.831

8.831

8.831

9.355

22.070

26.396

33.105

29.355

24.876

Overlopende passiva

5.039

5.039

5.039

5.039

5.039

5.039

Totaal

73.914

89.929

93.670

102.924

101.479

97.796

EMU-saldo **

7.775

-17.662

-4.436

-8.376

2.084

2.812

Kortlopende schulden

Tabel 14: verwachte balanspositie

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

52

* Uitgangspunt is dat het voorstel voor (toekomstige) resultaatbestemming door het Algemeen Bestuur wordt goedgekeurd. De standen zijn vanaf de kolom begroting 2023 bijgewerkt op basis van de jaarrekening 2022 tenzij andere gegevens voorhanden zijn. ** Conform model berekening CBS

6.5 Stand en verloop voorzieningen en reserves Reserves Bedragen * € 1.000,-

Stand eind Storting 2023 2024

Onttrekking 2024

Verwachting ultimo 2024 2025 2026 2027

Algemene reserve C&R

3.228

0

100

3.128

3.028

3.028

3.028

Reserve aanvaardbare kosten

2.631

0

0

2.631

2.631

2.631

2.631

Bestemde reserve meldkamer

0

0

0

0

0

0

0

69

0

69

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

5.928

0

169

5.759

5.659

5.659

5.659

Bestemde reserve uitgestelde werkzaamheden Bestemde reserve caoontwikkelingen Bestemde reserve wet- en regelgeving op het gebied van duurzaamheid Bestemde reserve prijsstijgingen Totaal reserves

Tabel 15: stand en verloop reserves

Voorzieningen Bedragen * € 1.000,-

Stand eind 2023

Voorziening groot onderhoud

Storting Onttrekking 2024 2024

Verwachting ultimo 2024 2025 2026 2027

2.683

1.303

1.797

2.189

3.067

3.606

2.635

Voorziening niet actieven

132

0

132

0

0

0

0

Voorziening verlofsparen

2.537

200

100

2.637

2.737

2.837

2.937

Totaal voorzieningen

5.352

1.503

2.029

4.826

5.804

6.443

5.572

Tabel 16: stand en verloop voorzieningen

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

53

6.6 Incidentele baten en lasten en structureel evenwicht Het BBV definieert incidentele baten en lasten als volgt: ‘Incidentele baten en lasten betreffen die posten die het begrotingssaldo incidenteel beïnvloeden. Het gaat om eenmalige zaken en om (meerjarige) projecten of subsidies als deze eveneens het karakter van tijdelijkheid c.q. eindig doel hebben. Incidentele baten en lasten VRGZ Bedragen * € 1.000,-

2024

2025

2026

2027

Totaal incidentele baten

100

100

0

0

Totaal incidentele lasten

200

200

0

0

Tabel 17: incidentele baten en lasten VRGZ

De incidentele baten en lasten betreffen de uitgaven voor de aanbesteding ten behoeve van de kantoorautomatisering en de gedeeltelijke doorbelasting daarvan naar de GGD GZ (zie ook paragraaf 5.4.3). Per saldo is er een tekort van € 100.000,-.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

54

6.7 Investeringsplanning Bedragen * € 1.000,-

Vanuit JR 2022

Begro ting 2023

Gew. Begroting begr. 2024 2023

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Automatisering

0

0

0

0

0

0

0

Inventaris

0

0

0

0

0

0

0

Verbindingsmidd. & comm.techn.

386

367

753

457

0

342

1.221

Vakbekwaamheidsmiddelen

68

272

340

30

30

30

30

Ademlucht

285

114

399

100

451

0

0

Repressieve kleding

380

863

1.244

59

1.179

0

35

Totaal PBM

665

977

1.643

159

1.630

0

35

3.383

3.225

6.608

2.888

8.460

2.431

350

947

696

1.642

462

976

305

44

Vaartuigen

0

0

0

0

0

0

0

Bepakkingen vaartuigen

0

0

0

0

52

0

0

Containers

0

0

0

0

0

0

0

Totaal voertuigen

4.330

3.921

8.251

3.350

9.488

2.737

394

Totaal sector Brandweer

5.449

5.537

10.986

3.996

11.148

3.109

1.680

Verbindingsmidd. & comm.techn.

0

0

0

0

0

0

0

Inventaris

36

0

36

0

0

0

0

Repressieve kleding

0

0

0

0

0

0

0

Automatisering

111

0

111

90

20

20

26

Totaal sector Crisisbeheersing

147

0

147

90

20

20

26

Sector Brandweer

Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM)

Voer- en vaartuigen Voertuigen Bepakkingen voertuigen

Sector Crisisbeheersing

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

55

Bedragen * € 1.000,-

Vanuit JR 2022

Begr 2023

Gew. begr. 2023

Begr 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Automatisering

75

50

125

100

0

0

0

Verbindingsmidd. & comm.techn.

70

0

70

0

0

0

0

Werkkleding

0

0

0

300

0

0

0

Inventaris

0

0

0

0

0

0

0

Inventaris medisch

0

1.464

1.464

210

0

960

0

Verbouwingen

0

0

0

0

0

0

0

Voertuigen

1.050

1.378

2.428

713

1.453

383

110

Totaal sector RAV

1.195

2.892

4.087

1.323

1.453

1.343

110

Automatisering

638

967

1.605

467

361

256

476

Inventaris

-118

200

82

125

125

125

125

0

0

0

0

0

0

0

109

590

699

140

140

140

40

Gebouwen

2.720

1.360

5.094

3.805

3.375

1.717

1.761

Terreinen

1.090

580

1.670

1.455

1.417

726

746

Inventaris

0

0

0

0

0

0

0

4.439

3.697

8.136

5.992

5.418

2.964

3.148

Voertuigen

0

0

0

50

0

0

0

Totaal Staf

0

0

0

50

0

0

0

11.230

12.126

23.356

11.450

18.038

7.435

4.964

Sector RAV

Ondersteunende diensten

Voertuigen en bepakkingen Vastgoed Verbouwingen

Totaal Bedrijfsvoering Staf

Totaal investeringsplanning

Tabel 18: investeringsplanning

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

56

7 Bijlagen

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

57

7 Bijlagen 7.1 Bijdragen deelnemende gemeenten Gemeenten

Aantal inwoners*

Gemeentelijke bijdrage 2023

Prijsstijging (1)

Loonsomstijging Vrijval bestemde (2) reserve prijsstijging (3)

Gewijzigde gemeentelijke bijdrage 2023

Berg en Dal

35.320

2.452.216

26.883

172.745

-15.602

2.636.242

Beuningen

26.568

1.491.016

16.345

105.034

-9.487

1.602.908

Buren

27.628

2.264.208

24.822

159.501

-14.406

2.434.125

Culemborg

29.620

2.074.171

22.738

146.114

-13.197

2.229.826

Druten

19.518

1.143.414

12.535

80.547

-7.275

1.229.221

Heumen

16.795

1.277.414

14.004

89.987

-8.128

1.373.277

Maasdriel

26.040

1.863.681

20.431

131.286

-11.858

2.003.540

Neder-Betuwe

25.545

1.717.084

18.824

120.959

-10.925

1.845.942

Nijmegen

182.000

14.740.790

161.599

1.038.406

-93.789

15.847.006

Tiel

42.600

2.805.328

30.754

197.620

-17.849

3.015.853

West Betuwe

52.633

4.189.183

45.925

295.104

-26.654

4.503.558

West Maas en Waal

19.850

1.524.310

16.710

107.379

-9.698

1.638.701

Wijchen

41.522

2.697.137

29.568

189.998

-17.161

2.899.542

Zaltbommel

30.500

2.195.894

24.073

154.688

-13.971

2.360.684

Totaal

576.139

42.435.846

465.211

2.989.368

-270.000

45.620.425

Tabel 19: gewijzigde gemeentelijke bijdrage 2023 *

Bron: inwonersaantallen uit de Begrotingsrichtlijnen 2024 voor gemeenschappelijke regelingen in de regio Nijmegen (BRN).

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

58

Gemeenten

Aantal inwoners*

Gewijzigde gemeentelijke bijdrage 2023

Prijsstijging 2023 (3)

Index 2024 (5,10%)

Toename advies aanvragen (4)

Vrijwilligers vergoeding (5)

Gemeentelijke bijdrage 2024

Berg en Dal

35.320

2.636.242

15.602

135.244

5.201

25.426

2.817.715

Beuningen

26.568

1.602.908

9.487

82.232

3.162

15.460

1.713.249

Buren

27.628

2.434.125

14.406

124.875

4.802

23.477

2.601.685

Culemborg

29.620

2.229.826

13.197

114.394

4.399

21.506

2.383.322

Druten

19.518

1.229.221

7.275

63.061

2.425

11.856

1.313.838

Heumen

16.795

1.373.277

8.128

70.452

2.709

13.245

1.467.811

Maasdriel

26.040

2.003.540

11.858

102.785

3.953

19.324

2.141.460

Neder-Betuwe

25.545

1.845.942

10.925

94.700

3.642

17.804

1.973.012

Nijmegen

182.000

15.847.006

93.789

812.981

31.262

152.840

16.937.880

Tiel

42.600

3.015.853

17.849

154.719

5.950

29.087

3.223.458

West Betuwe

52.633

4.503.558

26.654

231.041

8.885

43.436

4.813.574

West Maas en Waal

19.850

1.638.701

9.698

84.068

3.233

15.805

1.751.505

Wijchen

41.522

2.899.542

17.161

148.752

5.720

27.966

3.099.141

Zaltbommel

30.500

2.360.684

13.971

121.108

4.657

22.768

2.523.187

Totaal

576.139

45.620.425

270.000

2.340.212

90.000

440.000

48.760.837

Tabel 20: opbouw gemeentelijke bijdrage 2024

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

59

Gemeenten

Aantal inwoners*

Gemeentelijke bijdrage 2024

Toename kapitaallasten (6)

Gemeentelijke bijdrage 2025

Toename kapitaallasten (6)

Gemeentelijke bijdrage 2026

Toename kapitaallasten (6)

Gemeentelijke bijdrage 2027

Berg en Dal

35.320

2.817.715

10.113

2.827.828

10.113

2.837.941

10.113

2.848.054

Beuningen

26.568

1.713.249

6.149

1.719.398

6.149

1.725.547

6.149

1.731.696

Buren

27.628

2.601.685

9.337

2.611.022

9.337

2.620.359

9.337

2.629.696

Culemborg

29.620

2.383.322

8.554

2.391.876

8.554

2.400.430

8.554

2.408.984

Druten

19.518

1.313.838

4.715

1.318.553

4.715

1.323.268

4.715

1.327.983

Heumen

16.795

1.467.811

5.268

1.473.079

5.268

1.478.347

5.268

1.483.615

Maasdriel

26.040

2.141.460

7.685

2.149.145

7.685

2.156.830

7.685

2.164.515

Neder-Betuwe

25.545

1.973.012

7.081

1.980.093

7.081

1.987.174

7.081

1.994.255

Nijmegen

182.000

16.937.880

60.789

16.998.669

60.789

17.059.458

60.789

17.120.247

Tiel

42.600

3.223.458

11.569

3.235.027

11.569

3.246.596

11.569

3.258.165

West Betuwe

52.633

4.813.574

17.276

4.830.850

17.276

4.848.126

17.276

4.865.402

West Maas en Waal

19.850

1.751.505

6.286

1.757.791

6.286

1.764.077

6.286

1.770.363

Wijchen

41.522

3.099.141

11.123

3.110.264

11.123

3.121.387

11.123

3.132.510

Zaltbommel

30.500

2.523.187

9.055

2.532.242

9.055

2.541.297

9.055

2.550.352

Totaal

576.139

48.760.837

175.000

48.935.837

175.000

49.110.837

175.000

49.285.837

Tabel 21: verloop gemeentelijke bijdrage 2025 - 2027

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

60

Toelichting op de wijzigingen

Ad 1:

Zoals reeds aangegeven in de Kaderbrief 2024 en het Procesvoorstel prijsstijgingen wordt de VRGZ over de hele linie geconfronteerd met forse prijsstijgingen. In de vastgestelde begroting 2023 is conform de BRN gerekend met een indexatie van de materiele kosten van 1,9%. Inmiddels is de financiële impact van de door de leveranciers aangezegde prijsstijgingen in beeld gebracht en het verschil tussen beide indexaties is opgenomen in de kolom Prijsstijging 2023.

Ad 2:

Op 28 februari 2023 is een principeakkoord bereikt over de nieuwe arbeidsvoorwaarden voor personeel in dienst van veiligheidsregio’s. Dit akkoord omvat zowel een loonsomstijging als een verhoging van de thuiswerkvergoeding, de invoering van een reiskostenregeling voor woon-werkverkeer en overige arbeidsvoorwaarden. De financiële consequenties hiervan zijn doorgerekend en opgenomen in de kolom Loonsomstijging.

Ad 3:

In de resultaatbestemming uit 2022 is voorgesteld om uit het positieve resultaat een bedrag van € 270.000,- toe te voegen aan een nieuw te vormen bestemde reserve prijsstijging. Dit bedrag valt in 2023 vrij ten gunste van de gemeentelijke bijdrage ter compensatie van een gedeelte van de loon- en prijsstijging. In 2024 wordt de bijdrage weer opgehoogd met dit bedrag.

Ad 4:

Om de continuïteit en de kwaliteit van de adviesaanvragen te kunnen garanderen is een uitbreiding van de formatie van het team Veilig bouwen nodig. Het aantal adviezen is sinds 2017 met 35% gestegen (van 1.400 naar 1.900), terwijl de formatie ongewijzigd is gebleven (zie ook paragraaf 3.1.6). Deze uitzetting bedraagt € 90.000,-.

Ad 5:

Zoals in de Jaarstukken 2022 en de Kaderbrief 2024 is aangegeven blijken het veranderende klimaat met extremer weer (zoals droogte en wind) en de energietransitie invloed te hebben op zowel het aantal incidenten als de complexiteit en gemiddelde inzetduur per incident. Dit leidt tot een structurele stijging van de vrijwilligersvergoedingen van € 440.000,-.

Ad 6:

Als gevolg van de technische staat, locatie, duurzaamheid en toekomstbestendigheid van een aantal kazernes zal de komende jaren circa 1 kazerne per jaar vervangen moeten worden. Omdat de kazernes bij de overdracht van gemeenten aan VRGZ in 2013 tegen de (lagere) boekwaarde zijn overgedragen en niet tegen de (hogere) marktwaarde zullen de kapitaallasten met ingang van 2025 jaarlijks structureel met € 175.000,- stijgen (zie ook paragraaf 5.4.4).

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

61

7.2 Baten en lasten per taakveld Baten en lasten per taakveld VRGZ bedragen x € 1.000,-

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Crisisbeheersing en brandweer

44.634

40.596

4.039

45.907

44.196

1.711

49.758

45.460

4.298

Samenkracht en burgerparticipatie

5.489

5.489

0

0

0

0

0

0

0

Volksgezondheid

30.075

25.591

4.484

30.923

26.605

4.318

33.290

28.622

4.668

Algemene uitkeringen

6.650

0

6.650

7.998

0

7.998

8.790

0

8.790

Treasury

0

-210

210

0

-327

327

0

-511

511

Overhead

2.792

16.901

-14.109

4.013

20.222

-16.209

3.916

22.352

-18.436

Vennootschapsbelasting (Vpb)

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Overige baten en lasten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

89.640

88.365

1.274

88.841

90.696

-1.855

95.754

95.923

-169

303

0

303

2.105

0

2.105

69

0

69

89.943

88.365

1.577

90.946

90.696

250

95.823

95.923

-100

Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat

Tabel 22: baten en lasten per taakveld VRGZ

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

62

Baten en lasten per taakveld VRGZ meerjarig bedragen x € 1.000,-

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

49.758

45.460

4.298

49.933

46.049

50.108

46.426

50.283

46.601

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Volksgezondheid

33.290

28.622

4.668

33.290

28.622

33.290

28.622

33.290

28.622

Algemene uitkeringen

8.790

0

8.790

9.273

0

9.575

0

9.575

0

Treasury

0

-511

511

0

-511

0

-511

0

-511

Overhead

3.916

22.352

-18.436

3.916

22.352

3.916

22.352

3.916

22.352

Vennootschapsbelasting (Vpb)

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Overige baten en lasten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

95.754

95.923

-169

96.412

96.512

96.889

96.889

97.064

97.064

69

0

69

0

0

0

0

0

0

95.823

95.923

-100

96.412

96.512

96.889

96.889

97.064

97.064

Crisisbeheersing en brandweer Samenkracht en burgerparticipatie

Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat

Tabel 23: baten en lasten per taakveld VRGZ meerjarig

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

63

Baten en lasten per taakveld Crisis- en Rampenbestrijding bedragen x € 1.000,-

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Crisisbeheersing en brandweer

44.634

40.596

4.039

45.907

44.196

1.711

49.758

45.460

4.298

Samenkracht en burgerparticipatie

5.489

5.489

0

0

0

0

0

0

0

Algemene uitkeringen

6.650

0

6.650

7.998

0

7.998

8.790

0

8.790

Overhead

2.792

13.427

-10.635

3.979

15.870

-11.890

3.916

17.684

-13.768

Treasury

0

-210

210

0

-327

327

0

-511

511

Vennootschapsbelasting (Vpb)

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Overige baten en lasten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

59.565

59.301

264

57.884

59.739

-1.855

62.464

62.633

-169

303

0

303

2.105

0

2.105

69

0

69

59.868

59.301

567

59.989

59.739

250

62.533

62.633

-100

Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat

Tabel 24: baten en lasten per taakveld Crisis- en Rampenbestrijding

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

64

Baten en lasten per taakveld Crisis- en Rampenbestrijding meerjarig bedragen x € 1.000,-

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

49.758

45.460

4.298

49.933

46.049

50.108

46.426

50.283

46.601

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Algemene uitkeringen

8.790

0

8.790

9.273

0

9.575

0

9.575

0

Overhead

3.916

17.684

-13.768

3.916

17.684

3.916

17.684

3.916

17.684

Treasury

0

-511

511

0

-511

0

-511

0

-511

Vennootschapsbelasting (Vpb)

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Overige baten en lasten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

62.464

62.633

-169

63.122

63.222

63.599

63.599

63.774

63.774

69

0

69

0

0

0

0

0

0

62.533

62.633

-100

63.122

63.222

63.599

63.599

63.774

63.774

Crisisbeheersing en brandweer Samenkracht en burgerparticipatie

Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat

Tabel 25: baten en lasten per taakveld Crisis- en Rampenbestrijding meerjarig

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

65

Baten en lasten per taakveld Regionale Ambulancevoorziening bedragen x € 1.000,-

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

30.075

25.591

4.484

30.923

26.605

4.319

33.290

28.622

4.668

Algemene uitkeringen

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Overhead

0

3.474

-3.474

34

4.353

-4.319

0

4.668

-4.668

Treasury

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Vennootschapsbelasting (Vpb)

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Overige baten en lasten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

30.075

29.065

1.010

30.957

30.957

0

33.290

33.290

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

30.075

29.065

1.010

30.957

30.957

0

33.290

33.290

0

Volksgezondheid

Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat

Tabel 26: baten en lasten per taakveld Regionale Ambulancevoorziening

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

66

Baten en lasten per taakveld Regionale Ambulancevoorziening meerjarig bedragen x € 1.000,-

Begroting 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

33.290

28.622

4.668

33.290

28.622

33.290

28.622

33.290

28.622

Algemene uitkeringen

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Overhead

0

4.668

-4.668

0

4.668

0

4.668

0

4.668

Treasury

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Vennootschapsbelasting (Vpb)

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Overige baten en lasten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

33.290

33.290

0

33.290

33.290

33.290

33.290

33.290

33.290

0

0

0

0

0

0

0

0

0

33.290

33.290

0

33.290

33.290

33.290

33.290

33.290

33.290

Volksgezondheid

Saldo van baten en lasten Mutaties bestemde reserves Resultaat

Tabel 27: baten en lasten per taakveld Regionale Ambulancevoorziening meerjarig

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

67

7.3 Begrotingswijzigingen 2023 In onderstaande paragrafen zijn de wijzigingen verwerkt die zich hebben voorgedaan nadat de begroting 2023 is vastgesteld. Het betreft kostenneutrale verschuivingen, de financiële vertaling van de resultaatbestemming 2022 en de overige mutaties in de bestemde reserves die voortvloeien uit 2022, de loon- en prijsstijging en de toekenning van extra BDuR-gelden ten behoeve van crisisbeheersing. Verschuivingen De verschuivingen hebben plaatsgevonden ten behoeve van een beter inzicht en een betere presentatie en zijn budgettair neutraal. Daarnaast tracht de VRGZ uitzettingen zo veel als mogelijk op te vangen binnen de eigen begroting. Een aantal verschuivingen binnen deze kolom heeft hier betrekking op. Als gevolg van de transitie van de meldkamer naar de Meldkamer Oost-Nederland (MKON) worden met ingang van 2023 de kosten voor deelname hierin verantwoord onder de overige bedrijfskosten. Dit verklaart de verschuivingen van personeelskosten en overige opbrengsten naar overige bedrijfskosten.

Mutaties bestemde reserves In de resultaatbestemming uit 2022 is voorgesteld om uit het positieve resultaat een bedrag van € 270.000,- toe te voegen aan een nieuw te vormen bestemde reserve prijsstijging. Dit bedrag valt in 2023 vrij ten gunste van de gemeentelijke bijdrage ter compensatie van een gedeelte van de loon- en prijsstijging. Als gevolg van uitgebreide vooronderzoeken op het gebied van de schuimvormende middelen en de aanpassingen in het kader van de DME-normeringen is in 2022 vertraging opgelopen bij de uitvoering van deze duurzaamheidsprojecten. De bijbehorende kosten en vrijval hiervoor uit de bestemde reserve duurzaamheid zullen hierdoor in 2023 plaatsvinden. Dit geldt ook voor de uitgaven in het kader van het project Digitaal centraal (optimalisatie van archiefbeheer) en de procesverbetering van inkoop en aanbesteding ten behoeve van de rechtmatigheid. De uitgaven voor beide onderdelen zullen plaatsvinden in 2023 en 2024 en worden gedekt uit de bestemde reserve uitgestelde werkzaamheden. De transitie van de meldkamer is in 2023 afgerond. De bijbehorende bestemde reserve valt daardoor vrij. Aangezien de frictiekosten lager zijn uitgevallen valt een deel van de reserve vrij ten gunste van het resultaat. Conform de reguliere procedure is dit resultaat toegevoegd aan de algemene reserve.

Indien deze toevoeging in 2023 leidt tot een stijging van de reserve boven de vastgestelde norm van 5% zal het restant worden uitgekeerd.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

68

Loonstijging Op 28 februari 2023 is een principeakkoord bereikt over de nieuwe arbeidsvoorwaarden voor personeel in dienst van veiligheidsregio’s. Dit akkoord omvat zowel een loonsomstijging als een verhoging van de thuiswerkvergoeding, de invoering van een reiskostenregeling voor woonwerkverkeer en overige arbeidsvoorwaarden. De financiële consequenties hiervan zijn doorgerekend en opgenomen in de kolom Loonsomstijging.

Prijsstijging Zoals reeds aangegeven in de Kaderbrief 2024 en het Procesvoorstel prijsstijgingen wordt de VRGZ over de hele linie geconfronteerd met forse prijsstijgingen. In de vastgestelde begroting 2023 is conform de BRN gerekend met een indexatie van de materiele kosten van 1,9%. Inmiddels is de financiële impact van de door de leveranciers aangezegde prijsstijgingen in beeld gebracht en het verschil tussen beide indexaties is opgenomen in de kolom Prijsstijging.

BDuR-middelen ten behoeve van crisisbeheersing In augustus 2022 heeft het kabinet ingestemd met een bestuurlijk akkoord gerelateerd aan de crisisopvang van vluchtelingen waarin onder andere structurele middelen via de BDuR landelijk beschikbaar zijn gesteld voor de versterking van rampenbestrijding en crisisbeheersing. Deze ophoging is bedoeld voor de versterking van de crisisbeheersing, het versterken van de informatiepositie en het inrichten van KCR2 (zie ook paragraaf 2.2 en 3.2.4). In de uitgangspunten is nadrukkelijk aangegeven dat het niet de bedoeling is dat gemeentelijke bijdragen aan de veiligheidsregio’s worden verlaagd of met de extra financiële middelen gaten te vullen op het gebied van andere taakgebieden van de veiligheidsregio’s. Over de aanwending van de middelen zal dus ook afzonderlijk verantwoording moeten worden afgelegd. Op basis hiervan is de toegekende extra uitzetting van € 1.390.000,- voor 2023 ingezet voor uitbreiding van de formatie voor de crisisorganisatie en informatiemanagement.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

69

Begrotingswijzigingen Crisis- en Rampenbestrijding bedragen x € 1.000,-

Begroting 2023

Verschuivingen

Mutaties bestemde reserves

Loonsom stijging

Prijsstijging

BDuR-middelen t.b.v. crisisbeheersing

Gewijzigde begroting 2023

1.390

8.334

Baten Rijksbijdragen

6.944

Gemeentelijke bijdragen

42.436

Opbrengsten bedrijfsvoering

2.980

Overige opbrengsten

1.074

-435

Totaal baten

53.434

-435

-270

3.300

465

1.390

57.884

Personeelslasten

38.496

-1.368

25

3.178

71

989

41.391

Kapitaallasten

7.173

19

Wagenpark

1.947

15

Communicatieapparatuur

2.694

-13

Huisvestingskosten

3.963

-4

Overige bedrijfskosten

630

916

Onvoorzien

191

191

Rentebaten en -lasten

-327

-327

-270

2.989

465

45.620

311

3.291 639

Lasten

Totaal lasten

54.767

-435

7.192 185

214 91

42

220

68 122

252

2.361

3.300

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

21

465

2.992 4.069

181

1.390

1.870

59.739

70

bedragen x € 1.000,-

Saldo van baten en lasten

Begroting 2023

Verschuivingen

Mutaties bestemde reserves

Loonsom stijging

Prijsstijging

BDuR-middelen t.b.v. crisisbeheersing

Gewijzigde begroting 2023

-1.333

0

-522

0

0

0

-1.855

Toevoegingen reserves Onttrekkingen reserves Resultaat

1.333 0

772 0

250

2.105 0

0

0

250

Tabel 28: begrotingswijzigingen 2023 programma C&R

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

71

Begrotingswijzigingen RAV bedragen x € 1.000,-

Begroting 2023

Verschuivingen

Loonstijging

Gewijzigde begroting 2023

29.533

109

825

30.467

Baten Budget aanvaardbare kosten Rijksbijdragen

380

380

Overige opbrengsten

110

110

Totaal baten

30.023

109

825

30.957

Personeelslasten

23.852

-99

825

24.578

Kapitaallasten

1.533

1.533

Wagenpark

1.149

1.149

Communicatieapparatuur

456

456

Huisvestingskosten

18

18

Overige bedrijfskosten

3.015

208

Totaal lasten

30.023

109

825

30.957

Saldo van baten en lasten

0

0

0

0

Toevoegingen reserves

0

0

0

0

Onttrekkingen reserves

0

0

0

0

Resultaat

0

0

0

0

Lasten

3.223

Tabel 29: begrotingswijzigingen 2023 programma RAV

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

72

7.4 Beleidsindicatoren Beleidsindicatoren programma Crisis- en Rampenbestrijding Realisatie 2022

Begroting Begroting 2023 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Formatie

0,66

0,64

0,64

0,64

0,64

0,64

Bezetting

0,62

0,61

0,61

0,61

0,61

0,61

Apparaatskosten

105

104

109

110

110

111

Externe inhuur

10%

5%

3%

3%

3%

3%

Overhead

18%

20%

22%

22%

22%

22%

Tabel 30: beleidsindicatoren programma Crisis- en Rampenbestrijding

Beleidsindicatoren programma RAV Realisatie 2022

Begroting Begroting 2023 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Formatie

0,37

0,42

0,43

0,43

0,43

0,43

Bezetting

0,37

0,37

0,37

0,37

0,37

0,37

Apparaatskosten

52

54

58

58

58

58

Externe inhuur

8%

1%

2%

2%

2%

2%

Overhead

12%

14%

14%

14%

14%

14%

Tabel 31: beleidsindicatoren programma RAV

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

73

7.5 Financiële spelregels In deze paragraaf zijn de spelregels en grondslagen opgenomen die de VRGZ hanteert op het gebied van financiën.

Spelregels Bij het budgethouderschap zoals bij de VRGZ is ingericht horen een aantal spelregels die een richtinggevende werking hebben op de handelingswijze bij inhoudelijke en financiële vraagstukken. Deze spelregels zijn hieronder opgenomen.

Begroten Bij het opstellen van de begroting hanteert de VRGZ onderstaande uitgangspunten.

P&C-cyclus De P&C-cyclus van de VRGZ bestaat uit een vooraf opgestelde begroting. De verantwoording vindt plaats via twee tussentijdse rapportages en een jaarrekening.

Relatie beleid-financiën De VRGZ heeft de ambitie om bij het begroten het zicht op de relatie tussen de inhoud en het budget te kunnen bieden: ▪

Dit stelt het Algemeen Bestuur, colleges van burgemeester en wethouders en gemeenteraden, met respect voor ieders verantwoordelijkheid, beter in staat om politiek-bestuurlijke discussies te voeren die niet alleen over geld gaan, maar vooral over de inhoud.

▪

Dit betekent dat het management van de VRGZ verbinding zal zoeken met de portefeuillehouders, leden van het Algemeen Bestuur en de raden om hierbij inzicht en betrokkenheid te creëren.

▪

Daardoor kunnen bestuurders invulling geven aan hun rollen en taken binnen het Algemeen Bestuur en daarbuiten in de colleges en raden.

Structureel sluitende begroting De meerjarenbegroting is structureel sluitend, de laatste van de vier jaarschijven is altijd structureel sluitend. Daarbij wordt bij het begroten uitgegaan van onderstaande punten. ▪

Behoedzame, reële ramingen.

▪

Tegenover structurele uitgaven kunnen geen incidentele inkomsten of incidentele meevallers staan.

Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027

74

Reguliere jaarlijkse indexering van de gemeentelijke bijdrage De indexering van de gemeentelijke bijdrage wordt vastgesteld aan de hand van een tweetal indexen; een loonindex en een materiële index. Een voorbeeld normering: ▪

Loonindex

Voor de loonindex wordt het centraal economisch plan (CEP) gepubliceerd in maart 2018 gebruikt als basis voor indexering. Het gaat dan om het CEP 2018 bijlage Middelen en Bestedingen 2020. Uit deze bijlage wordt genomen: ‘beloning werknemersoverheidssector, prijsmutatie uit de kolom bestedingen’ als indexering voor het loondeel. Er wordt eenmalig nagecalculeerd aan het einde van het begrotingsjaar. De nacalculatie is gebaseerd op de werkelijke lastenontwikkeling zoals deze volgt uit: ▪

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12668728/1