3. Bestuurlijke reactie onderzoek subsidiebeleid Zaltbommel ondertekend
Tekst van het document
Uw brief van
5 november 2025
Uw kenmerk
Ons kenmerk
1492350
Team
SamenlevingZBM
Afschrift aan Bijlagen
zattb'óinäiåt l-1o¡¿,:rvi:;1 I L
Rekenkamercommissie Zaltbommel
Postbu:i lll.ílûl 5 ì{J0 Dit Z¡llbo¡ rlnrel
Ti,l: l.'J 0;.1 l3 irrf
l (:,1 z¡l tbonl nl t:1. nl
\'r,,riw. z. ì ltilollì rìì í: ì. n I
Onderuverp: Bestuurlijke reactie rekenkameronderzoek
BI\,V i\ll. 3í)72.83. I.t LB.ril
subsidiebeleid
t(vK M iridln i\Ji:d¡':rl¿ rtd
ni. lü17íii 3l B¡ rl k ril l.r tir,::
Zaltbommel, 5 decembet 2025
tBAr,l: l.l L75Lìl.JG H,J2f35ii815
Geachte Rekenkamercommissie Zaltbommel,
Bli.: tsf'JÛl'l¡lL2tl
Op 16 oktober hebben wij het onderzoek en de bestuurlijke nota'Subsidiebeleid Gemeente Zaltbommel' van u ontvangen voor bestuurlijk wederhoor. ln de aanbiedingsbrief vraagt u ons voor 16 november een reactie te geven op de conclusies en aanbevelingen. Na overleg heeft u ons hiervoor uitstel verleend tot I december 2025' Allereerst willen wij het bureau Unravelling en de Rekenkamer Zaltbommel bedanken voor de prettige samenwerking bij de uitvoering van het onderzoek. Met veel belangstelling hebben wij dan ook kennis genomen van het onderzoek en de bestuurlijke nota. We nemen de conclusies en aanbevelingen graag mee bij de actualisatie van de Kadernota subsidiebeleid, de Algemene Subsidieverordening en de Subsidieregelingen die voor 2026 gepland staat. Voordat wij ingaan op de conclusies en aanbevelingen willen wij graag een aanvulling maken op het onderzoek. ln het definitief rapport wordt op pagina 19 geconcludeerd dat beleidskaders voor cultuur juist. De en sport ontbreken. Hetzelfde staat in de bestuurlijke nota op pagina 8. Dit is niet cultuurvisie 'Verder ontwikkelen' is in 2023 vastgesteld en de beleidsnota sport en bewegen in 2025' Hieronder gaan wij puntsgewijs in op uw conclusies en aanbevelingen
Conclusies De volgende conclusies behoeven geen nadere reactie: 1. De kadernota is duidet'tjk in haar algemene, overkoepelende doel van het subsidiebeleid en de uitgangspunten en voonilaarden voor de inrichting van het subsidiesfe/se/ (dit is een algemene constatering).
2. ln het algemeen ,s in het sectorate beleid nog onvoldoende expliciet gemaakt welke
maatschappetijke resuttaten bereikt moeten worden en hoe subsrdres daaraan effectief kunnen biidragen (dit komt terug in aanbevelingen l, 2 en 8). 3. De óasis om te sturen op maatschappetijke resultaten, dus op outcome, ontbreekt of is niet duidetiik genoeg (dit komt terug in aanbevelingen 1, 2 en 8). 4. Zowel voor de uitvoerende organisatie als voor de aanvrager is niet altiid duideliik op welke gronden een aanvraag moet worden toegekend of afgewezen of een subsidierelatie moet worden voortgezet dan wet beëindigd (dit komt terug in aanbevelingen 5 en 6).
ib
7. Onvoldoende inzicht in de maatschappelijke effecten belemmert de sturing op doeltreffendheid, zowel op het geheel, als op de afzondertijke regetingen en hun onderlinge verhouding
5. Langdurige structurele subsidierelaties bieden zekerheid en stabititeit, maar stimuleren niet tot vernieuwing en eigen draagkracht en geven weinig ruimte voor nieuwe initiatieven. Deze conclusie wordt deels behandeld bij aanbeveling 6. Echter, het college deelt de conclusie niet dat langdurige subsidierelaties per definitie vernieuwing en eigen draagkracht niet stimuleren. Ook binnen bestaande subsidierelaties veranderen afspraken omdat de maatschappij en beleidsdoelen veranderen. Afspraken worden daarop aangepast. Daarnaast is het voor een groot aantal subsidieontvangers buitengewoon moeilijk andere inkomstenbronnen dan gemeentelijke subsidie aan te boren. Hierdoor heeft het vergroten van eigen draagkracht in de praktijk weinig betekenis. Het klopt tot slot dat de huidige subsidieregelingen weinig ruimte bieden voor nieuwe initiatieven. Daar gaan we nader op in bij aanbeveling 6.
6. Bii incidentele subsidies rs onvoldoende duidelijk of en hoe deze naar een structurele relatie kunnen worden uitgebouwd indien de activiteit maatschappelijk succesvot btijkt. lncidentele subsidies kunnen vele vormen hebben. Vaak is het een eenmalige activiteit, waardoor structurele subsidiering niet aan de orde is. Ook gaat het vaak om het stimuleren van iets waarbij het nadrukkelijk niet de bedoeling is de subsidie structureel te maken. Verder wil het Rijk op basis van tijdelijk geld (vaak Specifieke Uitkeringen, SPUK's) een bepaalde beweging stimuleren. Door de gemeente wordt dan met behulp van dat geld met partners iets opgebouwd. Wanneer dit succesvol blijkt, is het maar de vraag of hiervoor de structurele middelen beschikbaar zijn wanneer financiering vanuit het rijk ophoudt.
B. ln de uitvoering leidt dit alles tot een verzwaring van de druk op de organisatie, beperking van de toegankeliikheid voor de aanvrager en inconsistenties in de verantwoording en verslaglegging. Deze conclusie is naar mening van het college nogal hard verwoord. Gesteld wordt dat overzicht ontbreekt, dossiers en verantwoordelijkheden verdeeld zijn en werkzaamheden omslachtig en tijdrovend zijn. Het college erkent dat het overzicht beter kan en dat werkzaamheden voor zowel organisatie als aanvrager efficiënter kan. Het college herkent zich niet in het beeld dat overzicht totaal ontbreekt. Verder is het onvermijdelijk dat dossiers en verantwoordelijkheden verdeeld zijn, omdat de gemeentelijke subsidies veel onderwerpen en beleidsterreinen bestrijken. Het zou onmogelijk, niet wenselijk en zeer kwetsbaar zijn om dit op één punt te beleggen.
9. De raad heeft onvoldoende greep op het subsidiebeleid, maar toont ook zelf weinig initiatief om die greep te vergroten. Het college gaat graag in gesprek met de raad over de behoeften die er zijn ten aanzien van het krijgen van greep op het subsidiebeleid. Het college verkent graag met de raad de mogelijkheden die er zijn om tegemoet te komen aan deze behoefte.
Aanbevelingen
1. Vertrek vanuit het inhoudelijke beleid. Stet voor elk beteidsvetd resuttaatgerichte en toetsbare doelen. Bepaal of en hoe subsidieverlening aan dat resultaat kan bijdragen en richt de regeting daarop in. Het opstellen van resultaatgerichte en toetsbare doelen is binnen de betreffende beleidsvelden in ontwikkeling. Komende periode worden verschillende uitvoeringsplannen opgesteld zoals voor Welzijn en Sport en Spelen. Dit biedt een kans om resultaatgerichte en toetsbare doelen te formuleren. Tegelijk is het, met name in het sociaal domein, lastig om op ieder gebied meetbare doelen te formuleren en om vast te stellen of datgene dat je als gemeente doet (via je subsidiepartners) daadwerkelijke datgene is dat heeft bijgedragen aan het geformuleerde doel. Er zijn andere externe factoren die hier ook aan hebben kunnen bijdragen (of tegenwerken). Bij het actualiseren van de subsidieregelingen tn 2026 kan meer verbinding gemaakt worden tussen het beleid, de beleidsdoelen en de subsidieregelingen.
2. Stel per regeling duidelijke tijdgebonden resultaatgerichte doelen op, gekoppeld aan indicatoren die inzicht geven in de maatschappelijke effecten. 2 Zaaknummer 1 492350
Deze aanbevelingen heeft een sterke relatie met de eerste. Bekeken zal worden waar de resultaatgerichte doelen het beste opgenomen kunnen worden: in het beleid, in uitvoeringsplannen of in de subsidieregelingen. Dit sluit aan bij de wens om meer te werken met meetbare doelen.
3. Bouw momenten in waarop hef sfe/se/ als geheel, de regelingen afzonderliik en de toekenningen getoetst worden aan hun oorspronketiike doel en het daarin te bereiken resultaat. De huidige Kadernota subsidiebeleid heeft een looptijd van 2022 tot en met 2025' HeT aflopen van de Kadernota valt samen met het Rekenkameronderzoek en vormt hiermee een natuurlijk moment voor het evalueren en toetsen van het stelsel, de regelingen en de toekenningen. Dat staat voor 2026 gepland en zal daarna op vaste momenten herhaald worden. De toekenningen worden jaarlijks moet worden ingediend. teioetst omdat jaarlijks door ontvangers van subsidies een verantwoording
4. Monitor en evalueer hef sfe/se/ en de regetingen op verschillende niveaus en momenten en richt daarvoor een werkwiize in. De Kadernota subsidiebeleid en de bijbehorende Algemene Subsidieverordening (ASV) worden jaarlijks iedere vier jaar geëvalueerd en waar nodig aangepast. De regelingen vragen om een evaluatiemoment. Dat is altijd al nodig vanwege de aanpassingen van de subsidieplafonds. Met name deze jaarlijkse evaluaties moeten in de huidige werkwijze ingepast gaan worden'
5. Zorg voor toeganketijke en duideliike informatie en communicatie
Het college is van mening dat de huidige Kadernota, ASV en Subsidieregelingen redelijk toegankelijk en duidelijk zijn. Ze zijn na participatie met de verschillende partners tot stand gekomen' Wel is er
altijd ruimte voor verbetering, wat zal worden meegenomen bij de herijking in 2026. Het moet daarbij met name duidelijker worden dat het niet vanzelfsprekend is dat subsidies altijd maar worden voortgezet. Dit vereist overigens ook een sterke rol voor de gemeenteraad. Wanneer vanwege bijvoorbeeld gewijzigde doelen of vernieuwing bepaalde partijen geen subsidie meer ontvangen, is het mede aan de gemeenteraad om vast te houden aan dat gewijzigde beleid wanneer partijen die geen subsidie meer ontvangen zich tot de gemeenteraad wenden. Ook is het een taak van de gemeenteraad om kritisch te zijn op uitbreiding van het aantal subsidieontvangers, zonder dat daarbij heldere keuzes worden gemaakt.
6. Zet subsidieregelingen in ats uitdaging aan de samenleving om vernieuwing op gang te brengen. Het college ziet dat een groot deelvan de huidige subsidieregelingen dichtgetimmerd zijn, waarbij per organisatie vrij specifiek wordt benoemd welke subsidies beschikbaar zijn. Bij de evaluatie en aanpassing in 2026 zal dil meegenomen worden. Daarnaast wordt op dit moment op het gebied van
Welzijn gewerkt aan de opbouw van een waardennetwerk. Uiteindelijk moet dit er onder andere toe leiden dat organisaties en inwoners zelf meer verantwoordelijk worden voor de manier waarop de gestelde doelen worden behaald en op welke manier de daarvoor beschikbare subsidie wordt verdeeld. Een van de wenselijke gevolgen hiervan kan zijn dat het systeem toegankelijker wordt en vernieuwing wordt gestimuleerd. Daarnaast kan de bestaande subsidieregeling 'Goed idee doe er iets mee' meer dan nu gebruikt worden om te signaleren of er initiatieven zijn die vernieuwend zijn en het waard zijn om te behouden. Hierbij moet ook goed gekeken worden welke zaken dat niet meer gesubsidieerd kunnen en hoeven te worden.
T. Her'tjk de verhouding fussen subsidie, inkoop en aanbesteding bii structurele taken om de tra n spar a ntie e n re chtm atig he id te ve r ste rke n.
Gemeente Zaltbommel heeft er met reden voor gekozen het subsidiestelsel in te richten zoals het er nu uit ziet. Zo heeft gemeente Maasdriel er bijvoorbeeld voor gekozen het welzijnswerk aan te besteden. Gemeente Zaltbommel heeft er bewust voor gekozen het subsidiemiddel voort te zetten. Daarnaast wordt bijvoorbeeld de bekostiging van het Buurtteam/Buurtzorg Jong in 2026 in het subsidiestelsel ondergebracht. Wij zien subsidiering als een goede manier om de gemeentelijke doelen te bereiken, mits dit in de toekomst meer dan nu gepaard gaat met meetbare doelen. 3 Zaaknummer 1 492350
8. Maak de controle op de doeltreffendheid en doelmatigheid tot een onderdeel van de evaluatie en voortg ang srapportages van het sectorale be le id. Zoals bijde eerste twee aanbevelingen aangegeven, wordt er gewerkt aan het opstellen van meer meetbare doelen bij de verschillende beleidsterreinen. Wanneer deze onderdeelworden van (tweejaarlijkse) uitvoeringsplannen, wordt het eenvoudiger deze mee te nemen bij evaluatie en voortgang.
9- Zorg dat de ambteliike verantwoordelijkheid voor de uitvoering van het subsidiebeteid op één punt in de organisatie wordt neergetegd. Het moet nader bekeken worden of dit wenselijk en haalbaar is. De Kadernota, de ASV en de meeste subsidieregelingen zijn belegd bij het team Samenleving. Daarnaast zijn er subsidieregelingen die belegd zijn bij andere teams, zoals buurtbusvervoer en groene tuin. Daarnaast worden er ook subsidies verstrekt zonder subsidieregeling, op basis van de ASV. Het lijkt wenselijk dat iedere medewerker en ieder team verantwoordelijk is en blijft voor de eigen subsidies. Echter, de overkoepelende Kadernota en ASV zijn belegd bij team Samenleving, het team dat het meeste met subsidies werkt. Het is verstandig dat te behouden. De coördinatie van de uitvoering van de regelingen is op dit moment bij één persoon belegd. De beleidsmatige kant, dus de verantwoordelijkheid voor de ASV en de Kadernota zal ook bij één persoon worden belegd.
10. Maak het aanvraagproces zowel intern als voor aanvragers eenvoudiger en tichter De afgelopen jaren heeft ook het college gemerkt dat de administratieve last op punten verminderd kan worden. Bij de herijking van het subsidiebeleid in 2026 zal scherp gekeken worden naar welke informatie ten minste aangeleverd moet worden om de subsidieaanvraag goed te kunnen beoordelen. Waar dat minder kan, zal dit doorgevoerd worden. Ook zal gekeken worden of de eisen voor hogere en lagere subsidies meer dan nu kunnen differentiëren. Het instrument van een waarderingssubsidie is daarbij een goede mogelijkheid. Ook willen we meer dan nu werken met meerjarige subsidies en indexatie breder toepassen dan nu het geval is. Verder willen we eerder in het jaar duidelijkheid geven aan de aanvragers over de toe te kennen subsidies en zullen we de beschikkingen testen op toegankelijke taal. Tot slot zal gekeken worden naar het digitale aanvraagproces en of dit op onderdelen verbeterd kan worden. Aanvullend op de aanbevelingen heeft het college naar aanleiding van het onderzoek ook geconstateerd dat het ontbreekt aan een totaal overzicht, zowel intern als op de gemeentelijke website, van alle verleende subsidies, dus ook de subsidies die buiten de subsidieregelingen vallen
Tot slot Wij danken u voor uw onderzoek. We hebben het opgeleverde rapport met interesse gelezen. Wij nemen uw aanbevelingen mee bij het verder ontwikkelen en verbeteren van het Subsidiebeleid in de gemeente Zaltbommel. Met vriendelijke groet, het college vân ZaltOom
(Wouter) Abee ns
,M.
B
bu
4 Zaaknummer 1 492350