CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Wijziging in toelichting Verordening Fysieke leefomgeving Zaanstad

Raadsvergadering 25 november 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: Verordening fysieke leefomgeving, 3e tranche1.761 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2021/22649

Wijzigingen in de Toelichting op de Verordening fysieke leefomgeving Zaanstad (VFL) per 1 januari 2022 Wijzigingen en aanvullingen op de Algemene toelichting De eerste alinea komt te luiden: Op 1 juli 2022 treedt naar verwachting de Omgevingswet in werking. De Omgevingswet bundelt de wetgeving voor de fysieke leefomgeving. De fysieke leefomgeving omvat in ieder geval bouwwerken, infrastructuur, water, watersystemen, bodem, lucht, landschappen, natuur, cultureel erfgoed en werelderfgoed, zo blijkt uit de Omgevingswet. Aan de algemene toelichting wordt een alinea toegevoegd: Twee verordeningen zijn gewijzigd, omdat slechts een deel van de regels overgaat naar de VFL. Dit betreft de volgende verordeningen: Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaanstad 2013 Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats(en) voor de Gemeente Zaanstad. Uit deze verordeningen vervallen de regels die overgaan naar de VFL. In de derde tranche per 1 januari 2022 zijn een aantal regels van de Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 overgegaan naar de VFL. De Afvalstoffenverordening is daarom gewijzigd.

Wijzigingen en aanvullingen op de Toelichting op artikelen Artikel 2.16 Verbod dumpen van stoffen of voorwerpen Dit artikel is gebaseerd op het voormalige artikel 15 van de Afvalstoffenverordening. Dit artikel heeft als doel om de natuur en het milieu te beschermen. Het geeft de gemeente een instrument om illegale dumpingen en het ontstaan van zwerfafval tegen te gaan. Eerste lid In het eerste lid worden bewust de termen stoffen en voorwerpen gebruikt en niet alleen de term afval, omdat niet altijd duidelijk is of de desbetreffende stoffen of voorwerpen afvalstoffen zijn. Tweede lid Dit lid geeft aan wanneer dit artikel niet van toepassing is. Dit betekent niet dat de activiteit niet verboden en strafbaar is. Maar de handhaving gebeurt op basis van een andere gemeentelijke wet of hogere wet- of regelgeving. Derde lid Deze bepaling zorgt ervoor dat de handhaving en de bewijslast makkelijker wordt, omdat niet altijd te achterhalen is wie de stoffen of voorwerpen heeft gedumpt. Artikel 2.17 Zorgplicht voorkomen en verwijderen zwerfafval in de openbare ruimte Dit artikel is gebaseerd op het voormalige artikel 16 van de Afvalstoffenverordening. Dit artikel heeft als doel om de fysieke leefomgeving te beschermen en aantrekkelijk te houden. Het legt aan alle gebruikers van de openbare ruimte een zorgplicht op. Het gaat vooral over afval dat onderweg in de openbare ruimte ontstaat.

Er moet worden voorkomen dat afval als zwerfafval op straat of in het plantsoen terecht komt. Het gaat om afval dat buiten een perceel ontstaan. Huishoudelijke afval, dat ontstaat op of binnen het perceel, moet worden aangeboden volgens de bepalingen in de Afvalstoffenverordening. NB Ook het achterlaten van afval van grotere omvang en gewicht valt niet onder de reikwijdte van dit artikel. Dit wordt beschouwd als het dumpen van een voorwerp. Klein chemisch afval is uitdrukkelijk uitgesloten van de omschrijving zwerfafval. Dit afval moet in alle gevallen via de daarvoor opgezette inzamelstructuur te worden verwijderd. Eerste lid Met dit lid wordt de algemene zorgplicht voor de fysieke leefomgeving specifieke gemaakt, omdat zwerfafval te vaak voor komt.

2021/22649

Tweede lid In de openbare ruimte zijn afvalbakken en andere algemene of specifieke inzamelvoorzieningen aanwezig. Denk aan voorzieningen voor het inzamelen van papier, plastic, glas en wijkcontainers voor meerdere huishoudens. Derde lid Het komt vaak voor dat materiaal wordt aangeboden. Naast de zorgplicht van degene die dat materiaal aanneemt, heeft ook degene die het aanbiedt de zorgplicht dat niets wordt achtergelaten in de openbare ruimte. Vierde lid Ook dit lid heeft het doel om zwerfafval te voorkomen. Artikel 2.18 Zorgplicht voorkomen en verwijderen zwerfafval rondom verkooppunten Dit artikel is gebaseerd op het voormalige artikel 17 van de Afvalstoffenverordening. Dit artikel heeft als doel om de fysieke leefomgeving te beschermen en aantrekkelijk te houden. Bij de verkoop van eet- of drinkwaren ontstaat heel vaak afval. De verkoper is ervoor verantwoordelijk dat er geen zwerfafval ontstaat. Dit artikel is aanvullend op artikel 2.13 van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Op basis van hiervan geldt voor inrichtingen in de zin van het Activiteitenbesluit al een verplichting ten aanzien van het opruimen van zwerfafval. Bijvoorbeeld voor een horecagelegenheid, crematorium als sportaccommodatie geldt de verplichting om binnen een straal van 25 meter afval van o.a. etensresten op te ruimen.

Eerste lid De verkoper van eet- en drinkwaren zorgt dat er middelen voor de inzameling van het afval en het verpakkingsmateriaal aanwezig zijn. Bijvoorbeeld afvalbakken of (verzamel)containers. Tweede lid Uitpuilende afvalbakken veroorzaken zwerfafval. Daarom heeft de verkoper ook de plicht om de afvalbakken op tijd te legen. Derde lid Ook deze zorgplicht draagt bij aan het voorkomen van zwerfafval. Vierde lid Dit artikel is een aanvulling op artikel 2.13 van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Het is toegespitst op de problematiek van zwerfafval en wijkt daarom op een aantal punten af van artikel 2.13. Artikel 2.19 Verbod verontreinigen van de weg Dit artikel is gebaseerd op het voormalige artikel 18 van de Afvalstoffenverordening. Dit artikel heeft als doel om de fysieke leefomgeving te beschermen, veilig en aantrekkelijk te houden. Wanneer bij het vervoeren, laden en lossen regelmatig verontreiniging optreedt geeft het de gemeente de mogelijkheid om door middel van bestuursdwang tot opruimen te dwingen. Artikel 2.20 Verbod opslaan afval in de openlucht Dit artikel is gebaseerd op het voormalige artikel 19 van de Afvalstoffenverordening. Dit artikel heeft als doel om de fysieke leefomgeving aantrekkelijk te houden. Eerste lid Het verbod gaat over het langdurige opslaan van afval, waardoor de fysieke leefomgeving wordt ontsierd en er (reuk)overlast kan ontstaan.

Het gaat niet om het tijdelijk bewaren van afval voor aanbieding tijdens de eerstvolgende inzameling daarvan. Tweede lid

2021/22649

Dit artikel is niet van toepassing op situaties die zijn geregeld in de Afvalstoffenverordening of de Wet milieubeheer. Het richt zich dus niet op bedrijven die handelen met een vergunning op basis van de genoemde wetgeving. Artikel 2.21 Verbod plaatsen van autowrakken in de openbare ruimte Dit artikel is gebaseerd op het artikel 20 van de Afvalstoffenverordening. Maar artikel 20 blijft ook van kracht, want heeft ook andere motieven dan bescherming van de fysieke leefomgeving. Dit artikel is een aanvulling op de Afvalstoffenverordening en het Besluit beheer autowrakken. Het doel is om de fysieke leefomgeving aantrekkelijk te houden. Het is verboden om autowrakken in de openbare ruimte te plaatsen, omdat daardoor de fysieke leefomgeving wordt ontsierd en er overlast kan ontstaan. Artikel 5.50, vijfde lid Om te bereiken dat bepaalde gebieden de gewenste uitstraling krijgen en houden, kunnen B&W gebieden aanwijzen waar het verboden is om alle of bepaalde voorwerpen te plaatsen. Als voorbeelden worden in het artikel genoemd: uitstallingen, bouwobjecten, plantenbakken of banken. Het kan dus ook om andere voorwerpen of objecten gaan. De bevoegdheid om dit te doen wordt door de raad hier verleend. B&W hebben op basis van deze bevoegdheid al diverse gebieden aangewezen als gebied waarin bepaalde voorwerpen niet geplaatst mogen worden.

Bijvoorbeeld Inverdan en de straten rondom de Bloemkorf. Artikel 5.50, zesde lid Paragraaf 4.1.3.3. van de Awb bepaald dat de LSP enkel van toepassing is als dit in een wettelijk voorschrift is bepaald. Dit is voor omgevingsvergunningen al geregeld in artikel 3.9 van de Wabo. De Wabo regelt dat de LSP geldt voor bijna alle aanvragen om een omgevingsvergunning. Artikel 5.66, eerste lid Een vergelijkbare regeling was opgenomen in artikel 5:39 van de APV. Eerste lid Het opleggen van vaartuigen betekent: a. dat schip niet beschikt over de vereiste certificaten; b. dat er beslag is gelegd op dat schip, de lading of de bunkers; of c. dat schip is onttrokken aan het nautische of economisch verkeer. Dit heeft tot gevolg dat een vaartuig niet verder vaart. Het komt regelmatig voor dat vaartuigen door de eigenaar worden onttrokken aan het economisch verkeer of stilliggen, omdat er geen nieuwe opdrachten zijn ontvangen. Ook komt het regelmatig voor dat een vaartuig een vaarverbod krijgt of dat er beslag wordt gelegd. Ligplaatsen hebben algemene gebruiksvoorwaarden. Deze moeten altijd worden nagekomen. Eén deze voorwaarden is de maximaal toegestane gebruiksduur. Wanneer een schip dat is opgelegd langer dan de maximaal toegestane gebruiksduur een ligplaats inneemt, moet een vergunning worden aangevraagd.

Dit artikel maakt het mogelijk om het opleggen van (beroeps)vaartuigen op ligplaatsen te voorkomen. Hiermee wordt de veiligheid en bruikbaarheid van de infrastructuur, het openbaar water, het milieu en het uiterlijk aanzien van de omgeving beschermd. Bovendien is het niet wenselijk dat een vaartuig langere tijd aangemeerd is. Hierdoor worden aanmeervoorzieningen voor andere vaartuigen beperkt. Artikel 5.80 Derde lid Burgemeester en wethouders kunnen aan de vergunning het voorschrift verbinden dat pas gebruik mag worden gemaakt van de vergunning als de daarmee samenhangende vergunning is verleend en

2021/22649

de bezwaartermijn of beroepstermijn van de samenhangende vergunning verstreken is zonder dat de samenhangende vergunning is geschorst. Hiermee wordt voorkomen dat bomen al worden gekapt voordat daadwerkelijk uitvoering kan worden gegeven aan het (bouw)plan. Belanghebbenden kunnen voor het einde van de bezwaar- of beroepstermijn de mogelijkheid om een schorsing te vragen van de samenhangende vergunning. Daarmee wordt dan ook de werking van de omgevingsvergunning voor het kappen uitgesteld. Het is niet zo dat zowel de bezwaar- als de (hoger) beroepstermijn moeten worden afgewacht. Alleen de termijn van de eerste rechtsbeschermingsmogelijkheid wordt afgewacht. Feitelijk betekent dit dat voor aanvragen, die regulier worden voorbereid, het einde van de bezwaartermijn geldt. Voor aanvragen die worden voorbereid met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure (uitgebreide procedure) geldt het einde van de beroepstermijn. Artikel 8.1 Wijziging van regelingen De VFL wordt in tranches uitgebreid. Het overzetten van regels uit andere gemeentelijke verordeningen naar de VFL leidt soms tot wijzigingen in die andere verordeningen. In dit artikel is aangegeven op welk moment verordeningen zijn gewijzigd. Artikel 8.2 Intrekking van regelingen De VFL wordt in tranches uitgebreid.

Het overzetten van regels uit andere gemeentelijke verordeningen naar de VFL leidt soms tot intrekking van die andere verordeningen. In dit artikel is aangegeven op welk moment andere verordeningen zijn ingetrokken. Aanvullingen op de Transponeringstabel (zie aan eind van de toelichting) Onderwerp Verbod dumpen stoffen of voorwerpen

Nieuw artikel VFL Artikel 2.16

Zorgplicht voorkomen en verwijderen zwerfafval in de openbare ruimte Zorgplicht voorkomen en verwijderen zwerfafval rondom verkooppunten Verbod verontreinigen van de weg

Artikel 2.17

Verbod opslaan afval in de openlucht

Artikel 2.20

Verbod plaatsen van autowrakken en onderdelen in de openbare ruimte

Artikel 2.21

Artikel 2.18

Artikel 2.19

Gebaseerd op Artikel 15 Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 Artikel 16 Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 Artikel 17 Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 Artikel 18 Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 Artikel 19 Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 Artikel 20 Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 (blijft ook van kracht)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10711002/1