CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag raad 17 juni 2021

Raadsvergadering 16 september 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: Vaststellen verslag en besluitenlijst d.d. 17 en 29 juni, 5 en 8 juli 202136.268 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE ZAANSTAD d.d. 17 juni 2021

Opening en mededelingen De voorzitter: Goedenavond, dames en heren. Het is iets over zevenen, fijn dat u allemaal aanwezig bent deze raadsvergadering van donderdag 17 juni 2021. Missen wij nog iemand? We hebben berichten van afwezigheid van de heer Eid, de heer Hoek, mevrouw Van Otterloo en de heer De Laat. Verder is iedereen aanwezig? Vaststellen van de agenda De voorzitter: Twee weken geleden vond de digitale ideeënmarkt plaats. Inwoners hebben daar hun ideeën voor de stad gepresenteerd, u heeft als raadslid de gelegenheid om deze ideeën te adopteren en ze om te zetten in een motie of amendement voor de voorjaarsnota. In de algemene beschouwingen vanavond kunnen de fracties aangeven hoe zij naar de stad en de toekomst hiervan kijken. Ook kunt u aangeven op welke punten u vindt dat moet worden bijgestuurd, bijvoorbeeld via moties of amendementen. Het gesprek zal vervolgens gevoerd worden in de Zaanstad Beraden van 22 en 24 juni en besluitvorming over de voorjaarsnota en de moties en amendementen staat op 29 juno gepland. Goed, kunnen we daarmee ook de agenda van vanavond vaststellen? Dan gaan we toch nog even de aanwezigen voorlezen door de griffier. De griffier heeft het woord.

De heer Jongbloed (griffier): Mevrouw De Boer aanwezig, de heer Van Braam aanwezig, de heer Brekelmans aanwezig, de heer Calkhoven aanwezig, de heer Eid afwezig gemeld door de voorzitter, de heer De Haas aanwezig, de heer Van Haasen aanwezig, de heer Hartog aanwezig, de heer Heida aanwezig, de heer Heijnen aanwezig, de heer Hoedemaeker aanwezig, de heer Hoek afwezig gemeld ook door de voorzitter, de heer Keijser aanwezig, de heer Kerkhoven aanwezig, mevrouw Köseoglu aanwezig, de heer Kuyper aanwezig, de heer Van der Laan aanwezig, de heer De Laat afwezig ook gemeld door de voorzitter, mevrouw Mathkor aanwezig, de heer Mattens aanwezig, mevrouw Neefjes aanwezig, mevrouw Van Nieuwamerongen aanwezig, mevrouw Van Otterloo afwezig gemeld door de voorzitter, mevrouw Onclin aanwezig, mevrouw Pancar aanwezig, de heer Pauw aanwezig, de heer Pietersma aanwezig, de heer Rienstra aanwezig, de heer Rijken aanwezig, mevrouw Rot aanwezig, mevrouw Schenk aanwezig, mevrouw Schuttevaer aanwezig, de heer Van der Sluis aanwezig, de heer Tuijn aanwezig, de heer Van der Velden aanwezig, de heer De Vries aanwezig, de heer Westerhof aanwezig, de heer Wit aanwezig, en de heer Zoomermeijer aanwezig. Voorzitter, 35 aanwezige raadsleden. De voorzitter: Dank u wel. Bekrachtiging geheimhouding De voorzitter: Dan gaan we naar de bekrachtiging geheimhouding.

Kunnen we dat zo doen? Ja? Wie is tegen de bekrachtiging van de geheimhouding? Aldus besloten.

Algemene beschouwingen. Elke fractie heeft 5 minuten de tijd waarna er gelegenheid is tot debat (max. 10 minuten). De volgorde wordt bepaald door loting. De voorzitter: Dan gaan we naar de algemene beschouwingen. Zoals gebruikelijk worden de sprekers via loting genoemd, in die volgorde. Elke fractie krijgt vijf minuten het woord, waarna maximaal tien minuten voor debat staat. Halverwege de avond is er een pauze en het is ook aangenaam als u de uitgeschreven tekst die u heeft van uw algemene beschouwing naar de griffie stuurt, dan wordt deze gepubliceerd bij de vergadering. Als eerste naam heb ik uit de schaal gehaald Lokaal Zaans. Mevrouw De Boer heeft het woord. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Dank u wel, voorzitter. Vorig jaar hield ik hier het verhaal van Hansje Brinker en het gat in de dijk, oftewel onze Zaanse niet-sluitende begroting. Vorig jaar structureel 3 miljoen te kort, nu 4,5 miljoen. Voor 2022 komt er hulp voor jeugdzorg, maar het Rijk zegt er iets heel belangrijks bij, namelijk: gemeenten moeten de jeugdzorg echt anders in gaan richten. Met een winstwaarschuwing: er komt ook niet zomaar geld bij in 2023. Ook vorig jaar heb ik hier gezegd dat we de problemen niet kunnen oplossen met alleen schietgebedjes naar het Rijk. En dat is wel wat dit college nog steeds voorstelt.

We zeggen het maar weer: waar is het leiderschap, waar is de visie? In 2015 heeft het vorige college met de jeugdzorg een hele kerstboom opgetuigd, met vele slingers en ballen. Niets was te gek. Daar plukken we nu de zure vruchten van. Lokaal Zaans is van mening dat we alleen de zorg aan de kinderen die het nodig hebben kunnen garanderen als we teruggaan naar de eenvoud. Wij vragen aan het college een opzet om bij de begroting 2022 te bespreken, zoals onderzoekers en adviseurs betogen: terug naar de eenvoud, terug naar het kind en goede zorg, en een duidelijk stuur voor de gemeenteraad, zodat ze weer in positie komt en grip krijgt op de financiën. In de voorjaarsnota schrijft het college: “We willen niet bezuinigingen op zwembaden, bibliotheken en buurthuizen.” Nee, dat willen wij ook niet. Maar het college presenteert het alsof het de enige opties zijn. Maar wat dacht het college van de duurzaamheidsambities? Gemeente Zaanstad is ambitieus op het gebied van duurzaamheid en streeft ernaar tussen 2030 en 2040 klimaatneutraal te zijn. Dat is tien tot twintig jaar eerder dan de landelijke doelstellingen. Fijn dat u zo ambitieus wil zijn, maar wat denkt u dat dat kost? Want zoals de uitkomsten van het onderzoek van de Raad van het Openbaar Bestuur laat zien dat gemeenten 1,5 tot 1,7 miljoen structureel per jaar kwijt zijn. Dat zijn de cijfers van de landelijke opgave.

Maar nee, u denkt: wij hebben geld zat, dus er kan wel een schepje bovenop. Ook hier is het college graag de muis die tegen de olifant zegt: wat stampen we lekker, hè? Alle beetjes helpen, zegt u? Nee, dat helpt niet. Goede investeringen in een goed vestigingsklimaat en geen bedrijven weg laten gaan zoals de Mediamarkt of in het nauw drijven zoals Exter, investeren in arbeidspotentieel, goede en betaalbare bereikbaarheid. Die investeringen doen we via het Investeringsfonds, en dit fonds dan beter vullen dan we nu doen. Ook hier komt het Rijk niet met het beloofde geld voor uitvoering van het Klimaatakkoord over de brug. Het lijkt de jeugdzorg wel. Maar dat maakt Zaanstad niet uit: we bekostigen het allemaal zelf. Ten koste van wat? Er kan geen onderzoek komen naar de derde ontsluiting Westerwatering, er kan niet gehandhaafd worden op woningsplitsing. Sterker nog, er kan op vrijwel geen enkel dossier gehandhaafd worden. Voorstellen over onderzoek voor nascheiding van afval worden afgeraden, omdat het allemaal capaciteit kost. Inzet op ondermijnende criminaliteit? Nee, geen geld. Meedoen in de ROM/MRA? Nee, geen geld. Wel geld voor een Sociaal Winkeltje in Saendelft waarin we burenruzies oplossen, maar geen geld voor broodnodige handhaving voor overlast en afvaldumpingen.

Wel geld voor groene bushokjes, maar geen geld om wat aan de huren te doen zodat starters meer ruimte krijgen. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Vindt dit college dat ze echt de juiste prioriteiten stelt? Dan nog even over de openbare ruimte. Ik hoor dit college zeggen: “We strijden al drie jaar voor extra geld.” Maar mag ik het college en de coalitiepartijen dan even in herinnering roepen dat ze zelf bij de Voorjaarsnota 2020 besloten hebben om te bezuinigen, en van onderhoudsniveau B naar C zijn gegaan? Dus alstublieft geen krokodillentranen. We zijn teleurgesteld dat er eind dit jaar pas scenario’s komen. Het wordt duidelijk

doorgeschoven naar een volgend college. Voorzitter, ik rond af door vier voorstellen aan te kondigen. Zaans Handhaven: met het afschaffen van de PV-vergoeding is de belasting van de handhaving van de openbare orde in disbalans gebracht. Wij zijn als gemeente verantwoordelijk voor de handhaving, de kosten, maar de opbrengsten die voortvloeien uit de strafbeschikkingen vloeien terug naar het Rijk. Daarmee valt de financiële stimulans om ruim in te zetten op handhaving weg, het kost immers alleen maar. Met de motie ‘Zaans Handhaven’ willen wij de financiële balans terugbrengen door te kijken naar de mogelijkheid om de inkomsten van handhavingsactiviteiten naar de eigen Zaanse kas te laten vloeien. Twee, we hebben een voorstel om het onderzoek naar de derde ontsluiting Westerwatering zo snel als mogelijk te starten. Hiervoor gebruiken we gelden voor Omgevingswet, omdat de wet weer met half jaar is uitgesteld. We willen graag een lobby starten om de Wet inburgering niet te decentraliseren, dat scheelt een belangrijke risicoparagraaf op de begroting. En vier, we willen ons toeristisch potentieel beter benutten en we stellen voor een Zaandam trail op te zetten. We eindigen met een compliment, voorzitter. Aan alle medewerkers, inwoners en ondernemers die het afgelopen jaar zo hard gewerkt hebben. En een compliment aan wethouder Slegers.

We zijn vaak kritisch op u, maar we willen u complimenteren voor uw voortvarendheid bij uw lobbyactiviteiten richting de provincie en richting de VRA, die beide een groot bedrag hebben gereserveerd om de verbetering van de ontsluiting in Assendelft te realiseren. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wie wil daarop reageren? De heer Wit. De heer Wit (CDA): Dank u, voorzitter. Even een opwarmertje. Hoor ik u nou zeggen – dank voor uw bijdrage – dat omdat de Omgevingswet wordt uitgesteld, kunt u geld aan iets anders uitgeven? Dat snap ik niet. Als je iets wil kopen en je wacht een maand, dan kun je niet eerst iets anders kopen en dan zeggen: dan koop ik het een maand later nog een keer. Dus hoe ziet u dat? De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Dank u wel, voorzitter. Dank, heer Wit, voor de vraag. Het komt misschien een beetje creatief over, maar wij zijn als Zaanstad best heel voortvarend met de Omgevingswet aan de slag gegaan. Wij zijn er eigenlijk al klaar voor. We merken dat het Rijk, nou ja, uitstel op uitstel pleegt, nu weer met een half jaar, en wij toch elke keer best wel heel veel kosten daarvoor maken.

Dus wij hebben zoiets: als je die ook even een half jaar die kosten niet maakt, we lopen als Zaanstad voor, en dat gesprek zouden we ook graag met de portefeuillehouder aangaan om te kijken of daar ook ruimte zit voor wat capaciteit om andere noodzakelijke dingen op te pakken. De voorzitter: De heer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Voorzitter, ik hoor mevrouw De Boer zeggen dat ze wil gaan uitzoeken of de gelden die verdiend worden met, ik neem aan te hard rijden en zo en dat soort zaken, of niet die boetes die daarvoor gegeven worden, dat die niet in plaats van naar het Rijk, naar de gemeentes kunnen terugvloeien. Maar volgens mij werkt dat niet zo. Ik heb ook het stuk in de krant gelezen bij Krommenie dat daar ontzettend veel geld binnenkomt van mensen die te hard rijden of door rood, en het zou natuurlijk hartstikke leuk wezen als wij dat geld zouden incasseren, maar volgens mij is dat wettelijk niet mogelijk. De voorzitter: Mevrouw De Boer. De heer Pauw (ROSA): Maar ik hoor graag het antwoord van de deskundige, hoor, in dit geval de portefeuillehouder Handhaving.

De voorzitter: Ja, maar dat doen we volgens mij bij het Zaanstad Beraad. Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, nee, dank, heer Pauw. We hadden er eigenlijk voor deze voorjaarsnota al wat meer over kunnen zeggen, want we zijn er al een tijdje mee bezig, onder andere ook veel ambtenaren van de gemeente Amsterdam daarover gesproken die dat namelijk wel allemaal zelf doen. Die hebben daar ook zelf mensen voor in dienst genomen. Dus wettelijk gezien kan het, het kost alleen wel wat geld om het ook te organiseren. Dus we hebben daar ook gesprekken gevoerd: zouden wij niet als Zaanstad ook samen kunnen werken daarin met Amsterdam? Maar wij kwamen niet heel veel verder dan dat onderzoek, zeg maar, dan dat statement. Het lijkt ons wel een enorme kans, dus daarom vragen we eigenlijk met een motie om dat ook nader uit te zoeken of dat inderdaad, zoals wij met al onze informatie die we hebben opgedaan, misschien toch wat voor onze Zaanse kas zou kunnen betekenen. De voorzitter: De heer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Dank u wel, voorzitter. Bedankt voor uw optimistische speech. Ik ga hier niet de discussie voeren over de jeugdzorg, waar volgens mij al heel veel over gesproken is en volgens mij ook heel veel stappen juist wel gezet zijn, maar volgens mij gaan we daar niet uitkomen. Ik heb een vraag met name nu eventjes over woningbouw.

Het raakt een beetje aan in ieder geval ook op de Omgevingswet waarvan u zegt: uitstellen. We hebben rond woningbouw best wel veel problemen in participatietrajecten en juist via die Omgevingswet zijn we dat nu heel goed aan het inrichten. Volgens mij buitengewoon waardevol om daar juist mee door te gaan en dat tempo erin te houden, ook voor alle mensen in de stad, om te weten: hoe participeer ik mee, en die woningen te bouwen. Dan wil ik graag aanhalen van hoe u die woningnood verder … Want u noemt wel: betaalbare woningen, we moeten zorgen dat mensen snel aan een woning komen. Maar ik hoor u ook zeggen: we kijken naar de bedrijven. U noemt Exter als voorbeeld, waar u in die zin zegt: die rechten moeten we handhaven. Terwijl ik denk: nou ja, volgens mij heeft de rechter daar ook een uitspraak over gedaan. Maar daar legt u prioriteit, ook als het gaat over het aanleggen van wegen. Hoe gaat u nu zorgen dat die woningbouw op gang komt? De voorzitter: Eerst nog even de heer Zoomermeijer, die wil reageren op de heer Tuijn. De heer Zoomermeijer (SP): Ja, en ik hou het kort. Mijnheer Tuijn roemt de participatie bij de woningbouw. Wat vindt hij met wat er nu rond de Peperstraat is gebeurd? De voorzitter: De heer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Nou, de heer Tuijn heeft de participatie juist niet geroemd.

De heer Tuijn heeft net gezegd dat hij vindt dat die participatie beter moet worden en dat hij daarom vindt dat dat traject met die Omgevingswet met volle gang door moet gaan. De voorzitter: De heer Zoomermeijer. De heer Tuijn (PvdA): Dus een loze opmerking. De heer Zoomermeijer (SP): Wat vindt u van wat er in de Peperstraat is gebeurd? De voorzitter: De heer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Volgens mij is er net besloten dat de Peperstraat eventjes in de koelkast gaat.

De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Dank voor deze vragen. Volgens mij zou het heel goed zijn als we als raad ook dat gesprek gaan voeren over de knellende woningbouw. Kijk, de rechter heeft inderdaad geoordeeld ten gunste van de gemeente als het om Exter gaat. Maar ik denk dat wij als raad toch ook wel heel kritisch moeten zijn of we het zover moeten laten komen, of dat we onze bedrijven ook gewoon de ruimte bieden die ze nodig hebben. Ja, en voor de woningbouw, ik denk dat er toch nog wel andere mogelijkheden zijn. Niet voor niets voeren heel veel gemeenten ook de strijd met de provincie dat alles binnenstedelijk opgelost moet worden. Volgens mij moeten we ook een keer durven zeggen: wat niet past, past niet, of pas tot ontwikkeling overgaan als het ook echt allemaal netjes in het puzzeltje past. Dus ik ben het met u eens dat we inderdaad woningnood hebben en dat mensen ook willen wonen. Maar een klein zijpad, als we dan zeggen: we hebben heel veel voor middendure huur, middenkoop, en we zien gewoon nieuwbouwwoningen voor enorm hoge bedragen weggaan, dan bouwen we ook niet voor onze Zaankanters. Dus ik denk dat we die bredere discussie wel goed met elkaar moeten blijven voeren en misschien toch … U refereerde aan de jeugdzorg en u zegt: we zullen het niet met elkaar eens worden.

Mijn betoog behelst niet dat ik vind dat de wethouder niet heel hard werkt en dat we niet ook stappen zetten, maar waar het mij om gaat is dat we veel meer terug moeten ook naar de eenvoud, hè? Dus grip en inzicht op onze financiën is één, maar twee is ook heel belangrijk veel meer grip te kunnen krijgen op al die aanbieders bijvoorbeeld. Als we kijken naar hoe het bij de provincie ging met veel minder aanbieders, moeten we misschien ook wel de strijd voeren met het Rijk dat marktwerking hier gewoon averechts werkt. Misschien een beetje gek dat ik dat zeg, maar volgens mij zijn hier heel veel kanten van de medaille die we denk ik als uiteraard heel goed moeten bespreken en het Rijk ook van ons verwacht. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Ik denk dat we wat de jeugdzorg betreft, als u het zo uitlegt, een heel stuk dichter bij elkaar komen dan in uw eerste tekst stond. En wat woningbouw betreft hoor ik u eigenlijk hetzelfde zeggen: ik ben wel voor woningbouw, maar ik zie het nu eigenlijk eventjes niet gemaakt in de huidige setting zoals die er is en kies ik voor andere dingen. Nou ja, dat geldt voor ons dan andersom. De voorzitter: Mevrouw Mathkor. Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Dank u, voorzitter, en dank aan mevrouw De Boer voor haar bijdrage. Ik heb een opmerking en een vraag.

Een opmerking, u zegt: het kost ontzettend veel om het Klimaatakkoord te halen. Maar het zou nog wel eens veel meer kunnen kosten als we niet het Klimaatakkoord halen, dat heeft misschien wel veel nadeliger gevolgen en ook veel financiële nadelige gevolgen. Ik hoorde, als ik het goed gehoord heb, u zeggen wat betreft het toerisme, dat u iets met een Zaantrail wil doen. Daar zou ik graag enige toelichting op ontvangen wat u daarmee bedoelt. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Op dat laatste komen we ook heel graag in het Zaanstad Beraad terug. Kort gezegd gaat het erom dat we ons potentieel, we hebben prachtig erfgoed, hele mooie plekken in Zaandam die we nu eigenlijk een beetje ondersneeuwen door al de problematiek die we kennen. Volgens mij kunnen wij op een heel simpele manier, we refereren daarbij aan de Boston Trail, een heel mooi voorbeeld om ook Zaandam wat meer daarin op de kaart te zetten. Over het Klimaatakkoord, kijk, u draait hem om en zegt: als we nu niks doen, kost het veel meer geld. Maar dat is eigenlijk ook de landelijke discussie en waar het mij om gaat is niet

dat we niks aan het Klimaatakkoord moeten doen, maar waarom willen we als Zaanstad zoveel sneller dan de landelijke opgave, als we landelijk al enorm strijd voeren met het Rijk dat er geld moet komen om het uit te kunnen voeren? Dus als wij in die lijn meegaan, dan kunnen we ook andere zaken zoals onze openbare ruimte goed op orde brengen, wat u volgens mij ook heel belangrijk vindt en ook uiteindelijk bijdraagt aan het Klimaatakkoord. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Goed, volgens mij zijn de tien minuten voor het debat voorbij. Dan kunnen wij doorgaan naar de volgende spreker en dat is eerst de heer Van Haasen van de PVV, daarna de VVD. De heer Van Haasen heeft het woord. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. In januari 2018 tekenden wij de papieren voor ons kandidaatschap voor deze gemeenteraad. Een bijzondere gebeurtenis. Onze partijleider Geert Wilders was daarvoor speciaal met zijn breedgeschouderde vrienden afgereisd naar het provinciehuis. Hij stelde mij de vraag: wat denk je de komende vier jaar in Zaanstad te bereiken? Na het zien van een aarzeling, reageerde hij: je bent nu PVV’er, reken nergens meer op. Na de verkiezingen ging het nieuwe college honderd dagen de stad in. Wij moesten gelijk vol aan de bak. Na een stroeve start hebben we ons aardig weten te settelen in deze gemeenteraad en daarbuiten.

Ons logo stond boven 68 moties en amendementen, als hoofd- en medeindiener, waarvan er helaas maar 12 zijn aangenomen. Maar zelfs onze unaniem aangenomen motie voor Dementievriendelijk Zaanstad is na drie jaar nog steeds niet uitgevoerd. Of het nu gaat om de gezondheid van onze oudste of onze jongste inwoners, we krijgen nul op het rekest. Ook een toezegging over rookvrije kinderspeelplaatsen wordt gewoon niet nagekomen. Dan de toezegging voor afschaffing van de hondenbelasting. Oeps, toch ook maar niet. Ondernemersvriendelijke of economisch gerelateerde moties liggen ook niet goed in deze raad. Of het nu gaat om bedrijven voor Zaanstad te behouden, of ondernemers tegemoet te komen, het helpt allemaal niets. Voor de bühne of hun imago stemmen partijen soms mee om het college de schone taak te laten om deze moties niet uit te voeren. Zelfs moties om moties te laten uitvoeren passeren hier in de raadzaal de bühne. Onze excuses voor de moties die wij bij de voorjaarsnota gaan ondersteunen. Helaas, pindakaas. Toch is de PVV van wezenlijk belang gebleken. Dat blijkt alleen al uit het gegeven dat partijen en college soms pronken met onze veren. Dit anonieme succes is natuurlijk ook belangrijk. Resultaat is uiteindelijk waar het om gaat. Maar af en toe een paar credits krijgen is ook wel eens lekker.

Geen Cultuurcluster, geen nieuwe moskee Madagaskar, regulering woningsplitsing en betere voorzieningen: allemaal zaken waar wij medeverantwoordelijk voor zijn. Wij steunen de burgemeester op openbare orde en handhaving waar nodig, maar handhaving schijnt een verschrikkelijk vies woord te zijn in Zaanstad. Maar als de gemeente zelfs te laf – o sorry, dat woord mag niet meer – als de gemeente zelfs te schijterig is om zijn eigen regels te effectueren, zijn we natuurlijk terug bij af. Wij willen de voorjaarsnota natuurlijk geen lachertje noemen, maar ik vraag mij af of degene die dit op moet schrijven zijn lachspieren in bedwang kan houden. Ik quote: “Wij zijn een financieel duurzame gemeente met een goed functionerend bestuur.” Financieel duurzaam, ik heb het gegoogeld, maar Google heeft eigenlijk ook geen idee. Zou het iets te maken hebben met het ontbreken van een sluitende begroting? Een goed functionerend bestuur … Ik ga maar verder. “Een goed openbaar bestuur is essentieel voor functioneren van onze democratische rechtsstaat.” Oké, daar zit wat in. Maar dan komt dit: “Het bestuur weet wat er leeft in Zaanstad, is bereikbaar voor inwoners en ondernemers en trekt samen met hun op.” Wie verzint zoiets? Samen optrekken met de bewoners van Provily of de Peperstraat, of de ondernemers van Exter, Touwen & Co, de Zaanse horeca, AAK, en natuurlijk North Sea Venue.

Blij dat deze manier van samen optrekken goed is geregeld met het inlegvelletje in het coalitieakkoord. “Het bestuur neemt heldere besluiten en is daar open en transparant over.” Mijn kast puilt uit van de geheime stukken, of het nu gaat over de Europese School of over het spekken van projectontwikkelaars uit het Transformatiefonds. En we zitten hier zonder publiek en de pers wordt ook

weggestopt, terwijl hier nul coronapatiënten in het ziekenhuis liggen. De Tweede Kamer is allang weer open voor publiek en het open en transparante Zaanstad veroordeelt belangstellenden naar een digitale schijnwereld. Wij zijn blij dat alle partijen ervan zijn doordrongen dat het invoeren van de Omgevingswet geen belemmering mag zijn voor de woningbouw. Maar toch graag iets betaalbaarder, de bouw moet hoe dan ook doorgaan. Ik heb nu twee alinea’s behandeld van de negentig plus pagina’s. Ik denk niet dat ik genoeg tijd krijg om de rest te beschouwen, dus ga ik afronden, voorzitter, met de opmerking dat wij terughoudend zullen zijn met moties en amendementen te steunen die ten koste gaan van de 1,2 miljoen ten bate van de algemene reserve voor eventuele calamiteiten in de toekomst financieel op te kunnen vangen. Dank u, voorzitter. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Dank u, voorzitter. En dank, de heer Van Haasen. In het begin had ik het idee dat u zichzelf een beetje klein maakt. Ik heb al eens gehoord: als je je klein gedraagt, word je ook klein behandeld. Is uw pleidooi nou naar ons dat we wat extra keren voor gaan stemmen als u wat indient? Wat wilt u bereiken met dat pleidooi in het begin? En twee, zegt u ook, nou, bijna tussen neus en lippen door: projectontwikkelaars spekken door middel van het Transformatiefonds. Nou, ik snap dat niet.

Wilt u zeggen dat een projectontwikkelaar vervuilde grond moet schoonmaken, of dat ze op eigen kosten moeten verhuizen omdat wij daar woningbouw willen plegen? Snapt u dan niet waar het Transformatiefonds voor is? Dat is niet voor de portemonnee van de ontwikkelaar, of denkt u van wel? Twee vragen. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ik zal met de laatste beginnen. Kijk, het Transformatiefonds is volgens mij voor de onrendabele top. Ik weet niet of u de woningmarkt in de gaten hebt gehouden de laatste paar jaar, maar onrendabel is het bouwen van huizen absoluut niet. Als u vandaag in de krant hebt gekeken, er worden weer huizen gebouwd op het Bannehoven tot 887.000 euro. Als dat onrendabel moet blijken, dan snap ik er ook niks meer van. Het andere wil ik gewoon aangeven, met wat u zegt, me klein houden. Het is gewoon dat wij zo meteen over twee weken gaan we dus alle moties en amendementen behandelen die door alle partijen worden ingediend. Het is gewoon eigenlijk een soort winstwaarschuwing om te zeggen: we kunnen onszelf de klere schrijven aan moties en amendementen, maar de kans dat het ingevoerd is gewoon hartstikke klein. Ik sprak hier vorig jaar de voorzitter van deze raad en daar had ik het met hem over, de moties en amendementen die op de agenda stonden. Hij zei: zoveel moties en amendementen, en we hebben helemaal geen geld.

Nou, ik zal u vertellen, wij hadden ook een motie en amendement ingediend en dat was het enige motie en amendement wat geld opbracht en die haalde het dus niet. Dank u. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Toch nog even een vraag over dat Transformatiefonds. Bijvoorbeeld het Kan Palen verontreinigde grond, denkt u dat de ontwikkelaar dat moet ophoesten en dat het allemaal uit kan? Als wij bovenplanse kosten in rekening gaan brengen, dat gaat toch ook ten koste van de opbrengst van de ontwikkelaar? Dus zij worden weggezet als geldwolven en dat zal misschien ongetwijfeld er één tussen zitten, maar ik vind het niet eerlijk dat u ze allemaal over één kam scheert. Dat is de boodschap. De voorzitter: Reactie van de heer Brekelmans. De heer Brekelmans (POV): Ja, mijnheer De Wit, waarschijnlijk heeft u toch niet goed opgelet, want u weet net zo goed als ik dat bij Kan Palen de gemeente heeft zitten slapen bij de overdracht. En als u dat nog niet goed

weet, dan kan ik u een dossier overhandigen en dan moet u dat maar eens goed gaan lezen, dan komt u er vanzelf achter. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Ja, goed, ieder voorbeeld heeft ook zijn manke kant. Maar het gaat mij om verontreinigde grond en het Transformatiefonds wordt weloverwogen ingezet. Niet om iemand te spekken, maar om woningbouw mogelijk te maken in een hele moeilijke omgeving die Zaanstad is. En nou ja, verder heb ik gezegd wat ik wilde zeggen. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ik zal dan nog een ander voorbeeld voor u noemen. Kijk, in Koog aan de Zaan op de Breedweer waar vroeger de Alfa Romeodealer zit, daar worden nieuwe woningen gebouwd. Die ontwikkelaar, wat de eigenaar zelf is van die dealer, die heeft een maximale vergoeding per woning gekregen om daar te ontwikkelen en de wethouder heeft toen een prijs genoemd wat die woningen ongeveer gaan kosten. Nou, we zijn nu anderhalf jaar verder, ik ben ervan overtuigd dat die woningen een halve ton duurder worden als dat toen is afgesproken. Dus volgens mij kan dat maximale bedrag wat uit het Transformatiefonds betaald wordt aan derden makkelijk teruggeëist worden. Dank u, voorzitter. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Ja, kijk, er wordt weloverwogen gekeken of het helpt om die woningbouw te versnellen.

Maar u suggereert dat wij dat doen om ontwikkelaars te spekken en die conclusie klopt niet. Dat wij een keer een foute berekening maken, nou, dat zou heel spijtig zijn. Maar uw conclusie, die klopt niet. De voorzitter: Maar u heeft nu drie keer hetzelfde argument herhaald, dus het lijkt me voldoende. De heer Van Haasen, nog een korte reactie daarop. De heer Van Haasen (PVV): Ja, kijk, weet je wat het is? Als wij dus besluiten om een bijdrage te doen uit het Transformatiefonds, dan duurt het altijd nog jaren voordat er eens een keer ontwikkeld is. Die tijd, in deze woningmarkt van dit moment, is die berekening altijd achterhaald. Dat is dus het grote probleem. De voorzitter: De heer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank u, voorzitter, en dank aan de heer Van Haasen voor zijn bijdrage. Ik denk dat hij wel een terecht punt heeft op het gebied van de uitvoering van sommige moties, bijvoorbeeld de dementievriendelijke gemeente en als het gaat over rookvrije kinderspeelplaatsen, dan hopen we ook echt dat de wethouder volgende week in het Zaanstad Beraad daarop terug gaat komen wat er nou van de uitvoering terechtgekomen is. Want wij delen daarin echt wel de zorg dat daar echt weinig gebeurd is. De voorzitter: De heer Van Haasen nog.

Nee? De heer Van Haasen (PVV): Nou, ik ben blij dat u die zorgen deelt en wij zullen dit natuurlijk ook aankaarten en dat doen we dus eigenlijk ieder half jaar zo’n beetje, roepen wij eigenlijk op: wanneer gebeurt er nou eens wat? Dan krijgt vaak corona de schuld, maar bijvoorbeeld de training van personeel voor een dementievriendelijke gemeente, dat is een online cursus, dus dat hoeft helemaal geen belemmering te zijn om die cursussen niet aan je personeel te geven. Die worden allemaal gefaciliteerd, dus ik snap in godsnaam niet

waarom het drie jaar moet duren voordat dit van de grond komt. Ik heb het aan die mevrouw van de Alzheimerstichting gevraagd hoelang zoiets gemiddeld duurde en die zei: gemiddeld twee jaar. Nou, we zijn nu drie jaar verder en we hebben nog niks. Dank u. De voorzitter: Goed, dan gaan wij door naar de VVD en na de VVD komt de Partij van de Arbeid. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Als de omstandigheden veranderen, dan passen Zaankanters zich aan. Mouwen opstropen en weer hard doorwerken. Zakelijk Zaans veranderen: no-nonsense, praktisch en nuchter, maar met behoud van de Zaanse authenticiteit. Voorzitter, deze woorden sprak ik vorig jaar uit bij de begroting, middenin een coronacrisis waarvan onduidelijk was wanneer er licht aan het einde van de tunnel zou komen. Maar de stad deed wat de stad altijd heeft gedaan: zij stroopte haar mouwen op en werkte hard door. De industrie die al zo lang met Zaanstad verbonden is, hield ons ook nu overeind. Tegen de stroom in daalde het aantal bijstandsgerechtigden in Zaanstad en lazen wij in de jaarrekening dat het vooral de foodindustrie was die ervoor zorgde dat de Zaanse economie beter draaide dan die van andere steden. Onze Zaanse industrie, die het in deze raad meer dan eens te verduren heeft, verdient volgens de VVD dan ook respect en een stukje Zaanse trots.

Want trots zijn op Zaanstad is iets dat niet altijd past bij onze no-nonsense, praktische Zaankanters. Maar als wij rondkijken in onze stad, zien wij genoeg om wel trots op te zijn: op de polders in Westzaan, de Zaanboulevard in Wormerveer, en ja, zelfs ons centrum in Zaandam waar het deze dagen prima vertoeven is, en natuurlijk onze Zaan. Monet zei in 1871: “Deze stad is bijzonder opmerkelijk en er is genoeg te schilderen voor een heel leven.” Laten wij 150 jaar later eens met gepaste trots op dezelfde manier naar onze stad kijken. Sinds de gemeente de Stichting Groen Waterrijk een stuk grond in bruikleen heeft gegeven, is er een levendige groep inwoners ontstaan die met elkaar een multifunctioneel park opzet. De sfeer tijdens het sleeën afgelopen winter op de snel aangelegde heuvel was een welkome boost van positiviteit en saamhorigheid tijdens een lastig jaar. De voorgenomen aanleg van de weg uit het agendainitiatief Dorpsstraat is niet alleen een goede stap naar het ontlasten van de Dorpsstraat, maar ook een mooi voorbeeld wat er kan gebeuren wanneer dit gemeentebestuur luistert naar haar inwoners. Maar ook dat bestuur zat niet stil. Het convenant Woonoverlast, het beter reguleren van Airbnb en het ondersteunen van ondernemers met landelijke en lokale regelingen zijn slechts enkele voorbeelden. Voorzitter, kunnen we dan naar huis en is de stad dan klaar? Zeker niet.

Waar ik bij de begroting nog kon benoemen dat wij een meerjarig sluitende begroting hadden die de rekening van de crisis niet bij onze inwoners legt, zien wij helaas nu een ander beeld. Zonder ingrijpende maatregelen voor onze stad is het niet mogelijk om de begroting te laten sluiten. Tegelijkertijd zien wij financiële kansen in de arbitrage-uitspraak over jeugdhulp en de herverdeling van het Gemeentefonds. De VVD vindt het dan ook niet uit te leggen om bij de voorjaarsnota harde keuzes te maken die bij de begroting mogelijk niet nodig blijken te zijn. Wij steunen het college dan ook in het besluit om de voorjaarsnota niet te laten sluiten en bij de begroting opnieuw te beoordelen wat er nodig is om wel tot een sluitende begroting te komen. Wel zijn wij teleurgesteld dat het college bij de prioriteiten voor de begroting het afschaffen van de hondenbelasting niet heeft genoemd. Dit is niet alleen een lang gekoesterde wens van de VVD, maar is door dit college al in 2019 toegezegd aan de gemeenteraad. Ook willen wij het college erop wijzen dat de afgelopen jaren de extra kosten voor jeugdhulp een flinke financiële bijdrage uit alle beleidsterreinen van de begroting heeft opgeslokt.

Wij verwachten dan ook dat het college zal blijven inzetten op het terugdringen van deze kosten en de eventuele extra rijksgelden ook inzet op andere gebieden, zodat wij daar kunnen inhalen wat afgelopen jaren niet mogelijk was. Om hierbij aan te geven welke prioriteiten de VVD hierbij stelt, wil ik graag de drie focuspunten uit 2020 nogmaals herhalen. Inzetten op koopkrachtbehoud door inzet op werk en scholing was het eerste focuspunt. Het is inmiddels duidelijk dat de aanpak Werken of Meedoen succesvol is en deze wordt gelukkig ook voortgezet. Wij zien natuurlijk naast lastenverlichting ook nog graag dat de hondenbelasting en erfpacht worden afgeschaft en de tarieven voor

begraven omlaag worden gebracht. Dat ondernemers – ons tweede focuspunt – belangrijk zijn voor onze Zaanse economie heb ik al benoemd, maar hierbij onderstrepen wij nogmaals het belang van een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor reeds hier gevestigde en nieuwe ondernemers. Dan wil ik graag eindigen met het derde focuspunt waarbij de gemeente in de aanjagende rol van investeerder zit. Wij zijn blij dat inzet op het beter onderhouden van de openbare ruimte bij de prioriteiten van het college zit wanneer er extra geld is, maar zien nog onvoldoende de samenhang tussen wonen en mobiliteit terug. Specifiek willen wij op korte termijn geld voor het onderzoeken van een derde ontsluiting voor Westerwatering en blijvende inzet op het openen van de Busbrug en aanleggen van de A8-A9. Een zorg hebben wij over de opstapeling van met name duurzaamheidsregels die in potentie de investering in de woningbouwopgave bemoeilijken. Een kans zien wij dan weer in het toepassen van meer dubbel gebruik van de ruimte. Over beide willen wij graag met de raad en het college in gesprek. Voorzitter, dan ga ik eindigen waar ik mee begon. Als de omstandigheden veranderen, dan passen Zaankanters zich aan. Laten wij richting de begroting ook onze mouwen opstropen en hard werken, zodat aan het einde van deze periode de stad trots op ons kan zijn, zoals wij trots op haar zijn. De voorzitter: De heer Mattens.

De heer Mattens (PvdD): Dank u wel, voorzitter. En dank, mevrouw Onclin, voor uw betoog. Uw collegaKamerlid de heer De Kort zei afgelopen week bij de behandeling van de hondenbelasting in de Tweede Kamer dat de VVD van mening is dat gemeenten nog niet gecompenseerd moeten gaan worden voor het afschaffen van de hondenbelasting, omdat andere gemeenten die dat niet hebben anders onredelijk benadeeld zouden worden, omdat zij reeds die hondenbelasting al op een andere manier binnenhalen via andere belastingen. Dus mijn vraag aan u is: zou u voorstander zijn van een motie waarin het college wordt opgeroepen om de afschaffing van de hondenbelasting te financieren middels een verschuiving van belasting naar andere belastingvormen? De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Voorzitter, dat vind ik een gevaarlijke algemene vraag, dus dan zou ik graag van de heer Mattens willen weten wat hij daar precies mee bedoelt. De voorzitter: De heer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Nou, u kunt denken – dank, voorzitter – aan de ozb of aan de reclamebelasting, precarioheffing, noem allemaal maar op. Staat u ervoor open om erover na te denken om een van de belastingen te gebruiken om de hondenbelasting op af te wentelen? De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Nee, zeker niet, want dan wordt het een sigaar uit eigen doos.

Wat wij willen is dat we de hondenbelasting afschaffen en tegelijkertijd de belastingen die u noemt niet eens op hetzelfde niveau houden, maar als we leven in de droomwereld van de VVD, dan gaan we ook die zelfs omlaag brengen. Dus nee, ik zou zeker geen voorstander zijn om de hondenbelasting af te schaffen door andere belastingen te verhogen, want dat is echt een sigaar uit eigen doos. De voorzitter: De heer Van der Laan.

De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, een vraag aan mevrouw Onclin. Er zit daar een wethouder die heeft toegezegd aan deze gemeenteraad. Afspraak is afspraak. Dus als wij nu een motie indienen en hij komt die motie niet na, dan is dat heel vreemd. We hebben hier gehad dat mijnheer Ram nog riep: we gaan dat gewoon regelen. En ondertussen is het niet geregeld, de VVD zit nog steeds in vak K. Dus ik ben wel benieuwd, als wij die motie indienen, of u dan die motie hemelsbreed gaat proberen te laten steunen door dit volledige college, of dat u zegt: nou ja, als VVD tellen we onze kopen en wij stemmen wel mee, maar dat is eigenlijk puur voor de bühne, net als in de Tweede Kamer. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Nee, zeker niet. Maar dat is niet aan mij om dat te bevestigen, dat is denk ik vooral aan mijn collega’s. Mevrouw Mathkor zei kortgeleden nog tegen mij: kan de VVD alsjeblieft niet meer het woord hondenbelasting zeggen, want ik kan het niet meer horen. Dus ik denk dat mijn collega’s uit de coalitie kunnen bevestigen dat deze fractievoorzitter van de VVD de afgelopen jaren veelvuldig in de coalitie heeft gewezen op de afspraak die we daar gemaakt hebben. Dus mijnheer Van der Laan, ik ben het helemaal met u eens. Dit college heeft dat in 2019 toegezegd.

Maar ik denk ook dat u het met mij eens moet zijn dat we op dit moment een niet-sluitende begroting hebben en dat ik hem niet zie waar we hem vandaan kunnen halen. Maar als u hem vindt, dan gaan u en ik daarover praten. De voorzitter: De heer Kerkhoven. De heer Kerkhoven (DZ): Dank u wel, voorzitter. Hoor ik mevrouw Onclin nou zeggen dat de VVD werk gaat maken om de erfpacht af te schaffen? En als dat zo is, mevrouw Onclin, hoe denkt u dat te gaan doen en waar denkt u de financiële middelen vandaan te halen? De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Nou, om met die laatste te beginnen. Volgens mij was ik aan het beschrijven wat wij graag zouden willen doen met de extra gelden die wij mogelijk op ons af zien komen, een beetje ook in lijn met wat mevrouw De Boer zei: voordat we nou alles in duurzaamheid gaan investeren, zullen we ook naar een aantal andere zaken kijken. Voor ons is dan de erfpacht ook een van de zaken die op tafel hoort te komen. De voorzitter: Ik zag eerst de heer Van Haasen, dan de heer Mattens en de heer Van der Laan. De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. Omdat mensen het woord hondenbelasting niet meer kunnen horen, ga ik er toch nog even over door. Dus ik hoor mevrouw Onclin net zeggen dat wij weten dat we geen sluitende begroting hebben.

Maar ik hoorde mevrouw Onclin ook in haar bijdrage zeggen dat ze het niet schokkend vond dat we geen sluitende begroting in de voorjaarsnota hebben, omdat we breder kijken naar de totale begroting. Dus wat is dan het probleem om die hondenbelasting af te schaffen? Uit vragen van de heer Mattens blijkt dat de betaling van de hondenbelasting door het gebrek aan handhaving gigantisch terugloopt, dus de kostenpost om het af te schaffen wordt steeds kleiner. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Voorzitter, mijnheer Van Haasen legt mij nu woorden in de mond die ik niet heb gezegd. Ik heb niet gezegd dat wij het niet erg vinden dat de voorjaarsnota niet sluit. Sterker nog, ik heb

benoemd dat wij vinden dat de begroting straks sluitend moet zijn. Wat ik heb gezegd is dat wij ons kunnen vinden in het voorstel van dit college om bij de voorjaarsnota geen ingrijpende besluiten te nemen die bij de begroting misschien onnodig blijken te zijn, omdat we ook nog financiële kansen zien. Dat is wat ik heb gezegd. De voorzitter: De heer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, ik ben toch een beetje zoekende, want wilt u nou, in strijd met wat uw collega in de Tweede Kamer vindt, die hondenbelasting afschaffen door de extra middelen die we gaan krijgen van het Rijk? Of bent u op zoek naar bezuinigingen op duurzaamheid om de hondenbelasting af te schaffen? Of zijn dit maar loze worden? De voorzitter: Mevrouw Onclin? Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Nou, volgens mij, voorzitter, haalt mijnheer Mattens nu een aantal zaken door elkaar. Volgens mij heeft mijn collega in de Kamer gezegd dat er geen extra compensatie komt voor het afschaffen van de hondenbelasting. Mijn collega heeft niks gezegd over dat wij de extra gelden voor Zaanstad door de herverdeling van het Gemeentefonds niet zouden mogen inzetten voor het afschaffen van de hondenbelasting. Dat zijn twee separate zaken. De voorzitter: De heer Van der Laan had zijn hand opgestoken, maar nu de heer Brekelmans ook.

Maar dat gaat over dit onderwerp nog, de heer Brekelmans? In reactie hierop, mijnheer Brekelmans. De heer Brekelmans (POV): Voorzitter, dank u wel. Laten we het even over die herijking hebben van het Gemeentefonds. Dat is naar het volgende kabinet verschoven en daar wordt pas in 2023 een beslissing over genomen. Dus hoe kunnen we daar nu over praten dat we dat geld al in gaan zetten? Waanzin. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Voorzitter, ik raak een beetje in de war, want volgens mij heb ik niet gezegd dat we dat geld nu al moeten gaan inzetten. Dus als mijnheer Brekelmans mij zo heeft begrepen, dan heb ik het niet goed uitgelegd, of mijnheer Brekelmans heeft misschien niet zo goed geluisterd. De voorzitter: Ik heb nog een heel lijstje, dus ik ga netjes het lijstje af. De heer Van der Laan was eerst. Nee, niet meer? Mevrouw Mathkor. Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Dank u, voorzitter. Het is altijd fijn om geciteerd te worden, maar dit herinner ik me niet, hoewel ik het woord hondenbelasting inderdaad verder niet in de mond zal nemen vanavond. Ik heb een andere vraag eigenlijk aan u. U had het over de klimaateisen, nou ja, eigenlijk de stijgende klimaateisen bij woningbouw en u had het over dubbel gebruik. Dat vond ik interessant.

Ik neem aan dat u dat ook nog in het Zaanstad Beraad gaat uitleggen, maar kunt u alvast een tipje van de sluier daarover oplichten wat u daar precies mee bedoelt? De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Voorzitter, als deze VVD’er grapjes gaat maken over herinneringen, dan is dat vast niet gepast, hè? Nee, met dubbel gebruik bedoelen we onder andere wat we in Wormer zien bij de school is dat de school op de begane grond zit en dat daarboven woningen gebouwd zijn. Op die manier wordt

er dubbel gebruik gemaakt van de grond en heb je dus niet alleen een school, maar heb je een school en wonen. Dat hebben wij vaker ingebracht ook al bij het IHP en wij zouden graag zien dat we gaan kijken naar nog meer van dat soort combinaties, of in ieder geval een keer zouden beginnen met een combinatie school en wonen. De voorzitter: De heer Zoomermeijer. De heer Zoomermeijer (SP): Nou, miljoenen voor de A8-A9, hondenbelasting willen jullie dan toch afschaffen en de ozb moet ook nog omlaag en de erfbelasting moet omlaag en weet ik wat allemaal niet meer, geen enkele financiële onderbouwing. Sinterklaas bestaat, daar zit ‘ie. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Dank u wel, voorzitter. Nee, dat is ook niet wat ik heb gezegd, dus dan ga ik mijn antwoord herhalen dat ik ook aan de heer Brekelmans gaf. Ik heb niet gezegd dat we dat nu moeten gaan doen. Wat ik heb gezegd is: wij zien op ons afkomen twee kansen voor structureel extra geld voor Zaanstad, wat ook qua omvang een serieuze omvang is voor Zaanse begrippen. En voordat de linkerkant van deze raad heel snel is met het claimen van allemaal dingen waar wij niet zo tegen zijn, dachten wij: laten wij ook een keer aan het begin al zeggen, voordat het geld er is, zonder gezegd te hebben dat je het nu moet doen, dat op het moment dat het geld er komt is dit het wensenlijstje van de VVD.

De voorzitter: Volgens mij was dat een quote van 45 jaar geleden, maar dat is wel knap. Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Dank u wel, voorzitter. Misschien een beetje in het verlengde natuurlijk toch wat mevrouw Onclin nu bedoelt over de hondenbelasting, hoor ik haar ook net iets zeggen over duurzaamheid en over de extra ambities die Zaanstad heeft. Ik was een beetje in twijfel of ik een motie of amendement erover zal indienen, want ik dacht: het college steunt het toch niet. Maar hoor ik nou in de woorden van de VVD dat als wij een amendement maken om de extra opgaven die Zaanstad doet voor duurzaamheid en dus het landelijk beleid volgen wat ik steeds ook betoog, dat de VVD dat dan steunt? Dat zou ik toch heel interessant vinden, dan maak ik hem alsnog. En ik heb nog één vraag, u begon met uw betoog dat u trots bent op de foodindustrie. Nou, dat zijn wij ook, maar toch zien wij heel vaak, bijvoorbeeld nu met Exter en nou ja, ik zal niet allemaal andere bedrijven noemen, maar die komen toch flink in het nauw. Dus dat staat dan toch een beetje haaks op elkaar. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Voorzitter, ik weet niet zo goed wat mevrouw de Boer bedoelt met de laatste opmerking, wat ik daarvan moet vinden.

Want nu klonk het misschien een beetje alsof dat door de VVD komt, maar ik weet niet zo goed waar ze heen wil met die opmerking. Die eerste, nee, ik heb niet gezegd: we moeten onze duurzaamheidsambities aanpassen. Wat ik heb gezegd is dat wij vinden dat de extra gelden niet allemaal naar duurzaamheid moeten gaan en dat wij ons zorgen maken over een opeenstapeling van regels ten aanzien van duurzaamheid en dat ik bijvoorbeeld bij de jaarrekening ook vragen heb gesteld over hoe het duurzaam inkoopbeleid er nu uitziet. Ik kan u vertellen, voorzitter, dat wij daar graag binnenkort nog een keer over in gesprek gaan. En misschien zelfs niet eens bij de voorjaarsnota, omdat ik er graag heel veel tijd voor wil nemen, omdat ik het best zorgelijk vind dat wij terugkrijgen dat duurzaamheid soms een knockoutcriteria is, terwijl we niet goed inzichtelijk hebben wat we daar dan voor betalen. Daar zou ik met deze raad graag over in gesprek willen: wat vinden wij dat duurzaamheid mag kosten?

De voorzitter: We zijn ook door de tijd, dus dat is in die zin ook een knock-outcriterium. Dus ik denk dat we door moeten gaan naar de Partij van de Arbeid en daarna komt DENK. De heer Tuijn heeft het woord. De heer Tuijn (PvdA): Dank u wel, voorzitter. We hebben gezien hoe corona problemen in onze samenleving zichtbaar maakt. Het laat zien waar onze kwetsbaarheden zitten en het vergrootte de zorgelijke verschillen tussen mensen die er al waren. Wie kwetsbaar is, wordt in nood zwaarder geraakt. De ongelijkheid neemt toe en onderwijs en zorg zijn zwaar belast. Gelukkig zien we weer licht aan de horizon. Met de vaccinaties zijn we op weg naar een nieuw normaal, een situatie waar iedereen aan toe is. Maar we moeten voorkomen dat we het oplossen van de nu zichtbaar gemaakte kwetsbaarheden en problemen voor ons uitschuiven. Zaanstad is er financieel nog niet, het budget is beperkt en het is goed dat het college nu niet ondoordacht gaat bezuinigen. Dus in de voorjaarsnota geen onomkeerbare besluiten nemen om toch die sluitende begroting te presenteren. Buurthuizen, sportvoorzieningen en bibliotheken moeten openblijven. Even wachten op de verwachte naderende financiële ruimte dus. Eindelijk is er een uitspraak van de arbitragecommissie jeugdzorg en wij zijn daar blij mee. Het college heeft samen met de raad de laatste jaren hard gewerkt om de basis op orde te krijgen.

De uitkomst van de arbitragecommissie geeft de erkenning dat er naast maatregelen ook extra geld nodig is. Hiermee moeten we de wachtlijsten eindelijk terugdringen en onze Zaanse jeugd kwalitatief goede zorg bieden. Nu maar hopen dat de Haagse formatieperikelen de gemeente niet nog langer in de kou laat staan. Jeugdzorg is natuurlijk niet het enige pijndossier, ook de oplopende kosten in de Wmo en de duurzaamheidsproblematiek vragen om hulp van het Rijk. Maak haast, Den Haag, met die herverdeling van het Gemeentefonds en steun de gemeenten met voldoende geld om hun taken uit te voeren. In de voorjaarsnota is nu een lijstje opgenomen met punten die de raad wel heeft besloten, maar die nog niet kunnen worden uitgevoerd. Dit lijstje roept twee vragen op. Ten eerste, is het compleet? Nou, wij denken niet helemaal. Ik kom zo nog even terug op het Veldpark. Ten tweede bestaat de kans dat we dit lijstje uiteindelijk ook nog moeten prioriteren. Wat ons betreft doen we dat pas bij de begrotingsbehandeling, wanneer we meer inzicht hebben in het nieuwe financiële plaatje. Het college is gekomen met steeds completere coronarapportages. Buitengewoon waardevol om de gevolgen van corona in de stad te blijven volgen, want we zijn er nog niet. Waar de problemen in cultuur en horeca snel zichtbaar werden, kan de druk op de Wijkteams en toch ook de bijstand nog wel eens grote vormen aannemen.

Ook in 2021 en ‘22 moet hier ruim aandacht voor blijven en moet er proactief worden gehandeld op ontwikkelingen als blijkt dat mensen alsnog in de problemen dreigen te komen. Preventie via de Sociale Wijkteams, Jeugdteams en onderwijs is dan belangrijk. Het is niet uit te sluiten dat ook voor ondernemers de echte klap nog gaat komen, die ondersteuning moet er ook zijn. De toenemende leegstand in de winkelcentra van Zaanstad is al zichtbaar. Daarom moet Zaanstad ook haast maken met het aanpassen van de horecavisie en de detailhandelsvisie. We moeten als Zaanstad de ondernemers het perspectief bieden dat Zaanstad een goede vestigingsplaats is, met werkgelegenheid en goede voorzieningen. We willen geen slaapstad worden. Het blijft belangrijk om juist in de crisistijd te investeren in mensen en het fysiek domein. Wanneer we duizend woningen per jaar willen bouwen, waarvan een aanzienlijk deel betaalbaar, moet er veel gebeuren. Een deel van de problemen ligt natuurlijk in het binnenstedelijk bouwen. Lastige participatietrajecten en veel verschillende visies zijn onvermijdelijk. Andere vertragingen liggen meer in personeelsgebrek en snelheid van verwerken van aanvragen en dossiers. Hier valt een slag dus te maken. Impulsgelden van het Rijk kunnen hierbij helpen, een kans die we moeten pakken om het tempo en de slagvaardigheid van de gemeente te vergroten.

Het vergroten van het effect van het Transformatiefonds is dan wellicht een belangrijk instrument, maar let wel, binnen de spelregels. De PvdA ziet een toenemend spanningsveld tussen de vele doelstellingen bij bouwprojecten. De procedures zelf, maar ook duurzaamheid, klimaatadaptie, monumenten, verkeersverbindingen, de leefbaarheid, het is een dilemma. Maar voor ons is bij kiezen leidend dat iedereen een fijne plek heeft om te wonen. We willen allemaal in een leefbare stad verblijven. Dit betekent grenzen

aangeven en de norm stellen, zoals bij straatintimidatie. Soms moet je ook handhavend optreden en daarbij zorgen dat mensen die voor overlast zorgen ook begeleid worden om voor andere oplossingen te kiezen. Dit past niet in hokjes, maar vraagt een specifieke aanpak. De ene persoon is de andere niet. Het Veldpark wordt ook in deze voorjaarsnota weer genoemd als een probleemgebied. Er werd hier al veel vaker over gesproken en we denken dat het nog steeds noodzakelijk is om de harde en zachte maatregelen hier te combineren. Wij denken dat er de komende maanden aanvullend weer steviger opgetreden moet worden, maar ook dat de inloopvoorzieningen voor mensen met alcohol- en/of een drugsverslaving nu geprioriteerd moet worden. We zijn geen dorp meer, maar hebben grootstedelijke problematiek. Een inloopvoorziening is voor Zaanstad nodig en zowel politie als zorgprofessionals vinden dit, net als de raad, een goede voorziening. De voorjaarsnota lezende, zijn wij tevreden met het beeld dat er de afgelopen jaren veel stappen zijn gezet in het realiseren van het ambitieuze coalitieakkoord. Maar er liggen ook nog vele uitdagingen en we waren liever verder geweest, maar rekening houdend met de totaal onverwachte stikstof- en coronacrisis en de negatieve effecten van de decentralisaties op onze financiën, zijn wij tevreden met wat er nu voor ons ligt.

We hebben eindelijk een Klimaatakkoord, de woningbouwplanning loopt vol, het stedelijk Jeugdteam werkt beter samen met het onderwijs en de Sociaal Wijkteams, Zaanstad maakt stappen in het Pact Poelenburg Peldersveld en wij zien de verbreding naar andere wijken daar in de toekomst met veel plezier tegemoet. En daarnaast nog even de Stadspas die er inmiddels is. Nou, voorzitter, de PvdA gaat voor een eerlijke, sociale, duurzame samenleving. Met elkaar zetten we stappen en er zullen er nog vele volgen. We blijven investeren in werk, milieu, zorg, veilige wijken, wonen, het voorkomen van armoede, en onderwijs. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Boer en de heer Heida daarna. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Dank aan de heer Tuijn voor het betoog. Misschien toch nog even door op het kleine debatje wat wij zojuist eerder voerden. Ik hoor u zeggen: alles afwegende, belangrijke voorzieningen, een werkstad zijn, maar onze prioriteit ligt wel bij wonen. Dat hoor ik u nadrukkelijk zeggen.

Maar als dat dan tot gevolg heeft dat we inderdaad toch die slaapstad dreigen te worden doordat bedrijven in de knel komen en er geen genoeg voorzieningen zijn, omdat u de prioriteiten legt bij wonen, gaat het dan inderdaad de kant op die u op wilt gaan? Of zouden we toch niet gelijkwaardige prioriteiten moeten stellen en misschien dan toch een keer aan de randen van die stad gaan kijken? Ik ben erg benieuwd hoe u daar tegenaan kijkt. De voorzitter: De heer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): In tegenstelling tot bijvoorbeeld u ben ik er erg voor om, als je kijkt naar bedrijven – en u heeft zelf het voorbeeld Exter al een aantal keer genoemd – dat je zelf als gemeente als je woningen wil bouwen ook gewoon kijkt: wat is de juridische situatie waar we in zitten? Op het moment dat je dan zegt: nou, met de huidige situatie kunnen wij die woningen bouwen. Dan vind ik dat dat voorgaat. Wat ik heel goed vind is dat de gesprekken met Exter nog steeds gevoerd worden om te kijken: hoe kunnen we dit oplossen en kunnen we zo’n mooi bedrijf toch behouden voor de streek? Als je het hebt over slaapstad, dan denk ik ook inderdaad aan onze detailhandel en het centrum van de stad, hoe zorgen we dat dat leefbaar blijft. Dat kan heel mooi in combinatie met de wonen, zoals we dat nu ook doen. Dus dat zijn volgens mij losstaande trajecten waar je steeds die afweging maakt.

Maar op het moment dat je in dit soort kwesties, waar het altijd heikel gaat worden met zoveel dingen die bij elkaar komen die ik net noem, dan denk ik: als er de mogelijkheid is voor wonen, dan kiezen wij daarvoor. De voorzitter: De heer Heida.

De heer Heida (PVV): Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Tuijn heeft het uitvoerig over de leefbaarheid. Als je om je heen kijkt op straat, in de eerste plaats al als je met je auto ergens heen rijdt, je wordt omcirkeld door, ik noem het bijna wegpiraten. Als je kijkt naar het achterstallig onderhoud en vuil op straat, de leefbaarheid, er moet een slag … U zegt net: een slag maken. Bedoelt u dat ook voor al die onderwerpen die ik nu noem? Want het is hoog tijd dat Zaanstad niet verder verloedert. Graag uw mening daarover, dank u. De voorzitter: De heer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Als u bedoelt met wegpiraten dat we het ook fijn vinden als mensen meer gaan fietsen en daardoor minder wegpiraat worden, dan zijn we daar zeker niet tegen. Dus ik denk dat dat mooi op elkaar aan kan sluiten. Dan ja, we hebben zeker een verantwoordelijkheid richting onze openbare ruimte en ik denk dat we allemaal in deze raad al het gesprek gevoerd hebben dat dat beter moet. In afwachting van het plan wat daarvoor gaat komen, dus dat stappen. De voorzitter: De heer Heida. De heer Heida (PVV): Ik bedoel met wegpiraten mensen die keihard rijden, overal omheen scheuren. Dat gebeurt niet één keer, dat gebeurt elke dag. En de mensen die netjes zich aan de snelheid houden, die ergeren zich daaraan en die vragen zich af: waarom wordt er niet eens een keer gehandhaafd? Dat is het grote probleem.

Bent u het daarmee eens? Dank u. De voorzitter: De heer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Ik wil ook graag dat mensen niet als een bezetene door de stad rijden en volgens mij zijn er ook regelmatig controles die dat waarnemen en dat er bekeuringen worden uitgedeeld. Maar ik heb niet de illusie dat ik in een land wil leven waar ook op elke straathoek een agent staat met een boekje. Maar ik denk, ja, alles in balans. Het is overigens niet zo dat ik de hele dag denk: ik word voorbij geracet door mensen die zich belachelijk gedragen op de weg. Die zitten er ook tussen, maar volgens mij gedragen de meeste mensen zich gewoon heel keurig. De voorzitter: De heer Hartog. De heer Hartog (SP): Dank u, voorzitter. Nog even over het woningbouwprogramma. De heer Tuijn noemt een aantal oorzaken waardoor dat achter is gaan lopen, maar ik zie nog een tendens. Behalve dat het achterloopt, is het ook zo dat het aantal sociale huurwoningen eerder drie procent is van het totaal dan dertig procent. Erkent de heer Tuijn dat het woningbouwprogramma van dit college mislukt is, en wat gaat u eraan doen? Want u hebt nog maar half jaar de tijd. De voorzitter: De heer Tuijn.

De heer Tuijn (PvdA): Nou, ik denk niet dat het mislukt is, want volgens mij, als je de woonrapportages die we gekregen hebben bekijkt, dan zie je echt een enorme stijging in de planning van het aantal betaalbare sociale woningen wat er op de rol staat. Dat is volgens mij een hele grote stap verder dan dat er een aantal jaar geleden was, dus in die zin denk ik: niet mislukt, maar best wel een succes. Wat een minder groot succes is, dat het niet nu al actief loopt, en dat deel ik met u. Maar daar zijn wel heel veel oorzaken voor in de stad waardoor je ziet dat nieuwe projecten sowieso niet heel snel van de grond komen.

De voorzitter: De heer Hartog. De heer Hartog (SP): Dat succes zit hem dus, wat u claimt, in de duurdere woningen en u hebt altijd gestaan ook voor de sociale huurwoningen. Dat is mislukt. Dit succes is het succes van de VVD. Waar haalt u uw succes dan vandaan, en wat denkt u eraan te kunnen gaan doen? Op een gegeven moment moet je dan zestig procent sociale huur gaan bouwen om dat nog in te kunnen halen. De voorzitter: De heer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Ik denk als de heer Hartog goed kijkt naar die planningen die er liggen, naar de nieuwe overeenkomsten die gesloten zijn, dan zit daar wel degelijk dertig procent sociaal in. Ik denk dat dat al pure winst is. Bovendien heeft dit college ook de nodige lopende onderhandelingen al opengebroken om dat percentage ook te verhogen. Dat noem ik dan een succes. Dan kunt u zeggen: ja, ik zie dat niet, dus is mislukt. Ja, dan heeft u denk ik niet heel goed gekeken. De voorzitter: Ik zie een paar reacties op dit punt. Ik dacht dat de heer Pauw dit punt wil reageren, klopt dat? De heer Pauw (ROSA): Nee, ik wou nog even over … De voorzitter: Nee, we doen eerst even dit punt nog, want de heer Wit wel en de heer Brekelmans ook. De heer Wit. De heer Wit (CDA): Dank u, voorzitter. Een reactie op de heer Hartog.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10453369/1