CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Integraal Huisvestingsplan Voortgezet Onderwijs

Raadsvergadering 29 juni 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: IHP Voortgezet onderwijs4.782 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2020/30065

Raadsvoorstel en besluitnota Onderwerp Integraal Huisvestingsplan Voortgezet Onderwijs Gevraagd besluit 1. Kennis te nemen van het Integraal Huisvestingsplan Voortgezet Onderwijs en de raad 1 keer per jaar (bij VJN) over de voortgang te informeren en bij die voortgangsrapportages ook de budgetbesluiten geclusterd aan de raad voor te leggen. 2. De intentie vast te leggen om zo snel als mogelijk is de beleidsuitgangspunten voor realisatie van de onderwijshuisvesting met extra kwaliteit m.b.t. onderwijskundige functionaliteit en duurzaamheid, aanvullend op de wettelijke basiskwaliteit vast te stellen. 3. De budgetvaststelling conform de Nota Investeringen 2019 aan de raad voor te leggen via de P&C cyclus. Geheimhouding op grond van de Gemeentewet Openbaar met geheime bijlage. In bijlage 2020/31717 bij het voorstel zijn de volledige financiële gegevens opgenomen. Op deze bijlage wordt op grond van art. 55 van de Gemeentewet geheimhouding opgelegd. De grond van geheimhouding is gebaseerd op de volgende grond(en) genoemd in artikel 10 Wet openbaarheid van bestuur (Wob), lid 2, sub b, de economische of financiële belangen van de Staat, de andere publiekrechtelijke lichamen of de in artikel 1a, onder c en d, bedoelde bestuursorganen.

Bij openbaarheid van deze gegevens kan de gemeente namelijk financieel nadeel ondervinden bij aanbestedingen van de projecten uit het Integraal Huisvestingsplan (IHP VO) VO. Opheffing geheimhouding niet eerder dan 31-12-2025. Kernverhaal Ambities Zaanstad wil investeren in voldoende multifunctionele en duurzame schoolgebouwen op de juiste plek in de stad, aldus de Begroting 2021. Goede schoolgebouwen zijn belangrijk. Een kwalitatief goed gebouw maakt modern onderwijs mogelijk en heeft daarmee invloed op de schoolprestaties van onze kinderen. Zaanstad maakt zich sterk voor het op tijd het realiseren van kwalitatief goede schoolgebouwen op de juiste plek in de stad. Een aantrekkelijk gebouw kan een krachtig vliegwiel voor wijkontwikkeling zijn. Duurzaamheid van de schoolgebouwen krijgt extra aandacht. Daarmee draagt Zaanstad bij aan de klimaatdoelstellingen Duurzame en optimale schoolgebouwen voor de toekomst Voor het Voortgezet Onderwijs (VO) had Zaanstad nog geen Integraal Huisvestingsplan (IHP VO). Met dit IHP VO wil Zaanstad sámen met de schoolbesturen een toekomstbestendige onderwijshuisvestingsportefeuille formuleren, en de investeringen die daar voor nodig zijn in beeld brengen.

In dit IHP VO is de intentie vastgelegd om zo snel als mogelijk is de hierbij , vooruitlopend op latere vaststelling, reeds uitgewerkte beleidsuitgangspunten voor realisatie van de onderwijshuisvesting met extra kwaliteit m.b.t. onderwijskundige functionaliteit en duurzaamheid, aanvullend op de wettelijke basiskwaliteit ter vaststelling voor te leggen (bij een opvolgende IHP-VO voortgangsrapportage). Zeker op het vlak van duurzaamheid zijn extra doelen als ambitie geformuleerd. Duurzame, gezonde schoolgebouwen, die flexibel van functie veranderd kunnen worden, waarin optimaal onderwijs kan plaatsvinden en die tevens een bijdrage leveren aan de klimaatdoelstellingen in onze gemeente. U wordt voorgesteld de intentie om deze extra kwaliteit te realiseren vast te stellen. Afspraken per project Met het IHP VO stelt de gemeenteraad haar visie en ambitie op onderwijshuisvesting in de gemeente Zaanstad vast en daarmee het kader voor haar handelen. Tevens geeft het IHP

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2020/30065

2/10

gemeente Zaanstad

VO een doorzicht in de opgave voor de komende 20 jaren met een bijbehorende fasering van de benoemde (in totaal 13) projecten. In de komende 10 jaar gaat het om het Sint Michaël College, het, Zaanlands Lyceum, het Bertrand Russell College en de voorbereiding van het Pascal College. Elk apart project zal na uitvoering van een haalbaarheidsonderzoek en de vaststelling van het definitieve scenario aan de raad worden voorgelegd voor definitieve besluitvorming. Deze budgetbesluiten worden 1 keer per jaar geclusterd voorgelegd aan de raad (bij VJN), waarbij de raad ook over de voortgang wordt geïnformeerd. Hierbij wordt ook de bijdrage van de schoolbesturen betrokken. Deze systematiek wijkt af van die voor het IHP PO, waar de projecten 2 keer per jaar aan de raad worden voorgelegd. De reden hiervoor is dat het bij het VO over veel minder projecten gaat dan bij het PO. NB. In afwijking van bovenstaande systematiek zal het aanvullende budget voor renovatie van het Sint Michaël College later dit jaar apart voor besluitvorming aan de raad worden voorgelegd, aangezien dit een lopend project is. De schoolbesturen hebben aangegeven per project te zullen beoordelen in hoeverre zij financieel bijdragen.

Het maken van afspraken per project sluit aan bij een in het coalitieakkoord opgenomen passage over het nieuwe IHP: “Wanneer de schoolbesturen hierin een actieve bijdrage leveren, stellen wij hiervoor extra geld beschikbaar”. Samen mét de schoolbesturen De plannen zijn samen met de scholen opgesteld, vanuit een gedeelde ambitie voor de toekomst. Ook de schoolbesturen (OVO, ZAAM, Sint Michaël College) spannen zich in om een financiële bijdrage te leveren om daarmee de extra kwaliteit te kunnen realiseren. Het IHP VO heeft hierover ook intenties vastgelegd. Op basis van het IHP stelt de gemeente financiering beschikbaar en leveren schoolbesturen per project een eigen bijdrage voor ‘extra’s. Landelijk gangbaar hierbij is een algemene bijdrage van 10% aan nieuwbouw. Aanleiding De gemeente heeft een wettelijke zorgplicht voor de huisvesting van het Voortgezet Onderwijs op grond van de Wet op het Voortgezet Onderwijs (WVO). De raad is bevoegd om ten aanzien van de onderwijshuisvesting (financiële) kaders te stellen, zoals opgenomen in het bijgevoegde IHP VO. Tot nu toe is er geen IHP voor het VO. Er zijn meerdere aanleidingen om nu een IHP VO op te stellen.

 Met een IHP VO is, in tegenstelling tot de bestaande werkwijze op basis van de verordening met ‘losse’ projecten, een proactief onderwijshuisvestingsbeleid mogelijk, dat een beleidskader vormt voor de komende periode en een meerjarenperspectief voor investeringen biedt. Net zoals we dat doen voor en met het primair onderwijs.  Hiermee voldoen we aan de wens van de raad om meer zicht te hebben op maatschappelijke voorzieningen (groei van de stad).  Ook geven we vorm aan de in het coalitieakkoord en klimaatakkoord opgenomen ambities ten aanzien van duurzaamheid.  Tenslotte anticiperen we op de aanstaande wetswijziging, waarbij het opstellen van een IHP VO verplicht wordt. Gevolgd proces Het proces om tot dit IHP VO te komen is begonnen met een startbijeenkomst op 4 juli 2019. Hier hebben gemeente en schoolbesturen de afspraak gemaakt dat de VO scholen, te weten OVO, ZAAM en Sint Michaël College, een strategisch huisvestingsplan (SHP) zouden (laten) opstellen. In januari 2020 ontving de gemeente het concept SHP. Vanaf januari 2020 beraadde de gemeente zich over het omvormen van dit SHP naar een ook door de gemeente gedragen IHP VO. Binnen de gemeente gaf een kerngroep input vanuit inhoudelijke gemeentelijke deskundigheid en toetsing aan het gemeentelijk beleid.

Dit leverde aanbevelingen op voor het maken van heldere afspraken over samenwerking, verdeling van verantwoordelijkheid en

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2020/30065

3/10

gemeente Zaanstad

kosten en het transparant in beeld brengen van meerkosten. In augustus 2020 zijn de aanbevelingen van de kerngroep met de schoolbesturen gedeeld. Gemeente en schoolbesturen zijn vanaf dat moment in nauw overleg om tot een gezamenlijk gedragen IHP VO te komen. Een extern bureau heeft het proces begeleid. In nauwe samenwerking met de schoolbesturen is de kwaliteit van de huidige onderwijshuisvesting in beeld gebracht en zijn de maatregelen bepaald die nodig zijn om de kwaliteit van de onderwijshuisvesting op een dusdanig niveau te brengen dat de huisvesting het onderwijs adequaat faciliteert. Beoogd resultaat Dit IHP VO schets de ambitie om te komen tot een toekomstbestendige onderwijshuisvestingsportefeuille en de omvang van de daarvoor benodigde investeringen. Ons streven: kwalitatief goede scholen die niet alleen optimaal onderwijs mogelijk maken, maar ook een flinke bijdrage leveren aan de klimaatdoelstellingen binnen Zaanstad. De gemeente en de schoolbesturen spannen zich in om de in het IHP VO opgenomen maatregelen te realiseren. Het IHP VO vormt een strategisch kader voor de langere termijn, waarin de benodigde investeringen om het ambitieniveau te behalen zijn geraamd aan de hand van normbedragen.

Deze normbedragen bestaan uit de basiskwaliteit (bouwbesluit 2015 + BENG) en hier bovenop extra kwaliteit (ENG, Frisse Scholen klasse B, exploitatiegericht bouwen en kwaliteitsverhoging ten behoeve van flexibiliteit). Zekerheid over de maatregelen, de planning en hoogte van de investeringsbedragen is er pas, na vaststelling van het definitieve scenario per school en beschikbaarstelling van bijhorend krediet door de raad. Hierbij heeft de raad de keuze al dan niet extra middelen (bovenop de basiskwaliteit) beschikbaar te stellen voor de uit het IHP VO volgende extra kwaliteit Het IHP VO geeft een doorzicht in de opgave voor de komende 20 jaren met een bijbehorende fasering. Dit sluit aan bij de aanstaande wetswijziging, waarin de huidige jaarcyclus voor aanvragen onderwijshuisvesting wordt vervangen door een langere periode, waarin gemeenten na overleg met betrokken schoolbesturen het huisvestingsbeleid en het investeringsprogramma vastleggen in een meerjarenprogramma (IHP), met een doorkijk tot en met tenminste het 16e jaar. In de beoordeling van het gebouwenbestand is, overigens net zoals in het verleden in Zaanstad en ook andere gemeenten, verder gekeken dan alleen de bouwkundige staat. Onderwijskundige functionaliteit, binnenmilieu, veiligheid, exploitatie en uitstraling van de schoolgebouwen zijn in dit IHP VO betrokken in de afweging.

Termijn 0 tot 5 jaar - Aanvullend budget t.b.v. integrale levensduurverlenging St. Michaël College - Haalbaarheidsonderzoek Bertrand Russell College (voornamelijk om te beoordelen of gezamenlijke locatie van onderbouw en bovenbouw (unilocatie) haalbaar is) - haalbaarheidsonderzoeken Blaise Pascal College en Zaanlands Lyceum - (Ver)nieuwbouw/renovatie Bertrand Russell College (onderbouw)* * De verwachting is niet dat in de komende 5 jaar daadwerkelijk uitvoering van de (ver)nieuwbouw/renovatie van de onderbouw plaatsvindt, aangezien het schoolbestuur de wens voor een unilocatie heeft uitgesproken. Afhankelijk van het haalbaarheidsonderzoek vindt uitvoering plaats over 5 tot 10 jaar. Termijn 5-10 jaar (Ver)nieuwbouw/renovatie van Bertrand Russell College (bovenbouw), Blaise Pascal College, Zaanlands Lyceum Termijn 10 tot 15 jaar Geen projecten Termijn 15 jaar of langer Ver)nieuwbouw/renovatie van Saenredam College, Compaen VMBO, Praktijkschool De Burg, Trias VMBO, Orthopedagogisch didactisch centrum (OPDC) Saenstroom, Pascal Zuid,

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2020/30065

4/10

gemeente Zaanstad

Zuiderzee College, Praktijkschool De Faam, St. Michaël College Kader - Wet op het voortgezet onderwijs - Leerlingenprognose - Wet op de expertisecentra - Verordening huisvesting onderwijs gemeente Zaanstad 2015 (2015/096725) - MAAK.Zaanstad De gemeente heeft op grond van de onderwijswetgeving een zorgplicht voor de huisvesting van scholen voor het voortgezet onderwijs. De gemeente moet ervoor zorgdragen dat de scholen kunnen beschikken over voldoende capaciteit in relatie tot het leerlingenaantal. In dit IHP VO is uitgegaan van een leerlingenprognose met een scope van 15 jaar en van het gemiddeld aantal leerlingen in de periode van 2019 tot en met 2034 (15 jaar) voor het ramen van de investeringsopgave. Bij de definitieve planvorming wordt aangesloten op de dan geldende leerlingenprognose, zodat rekening wordt gehouden met de verwachte leerlingenaantallen die in de gemeente Zaanstad worden voorzien. De voorzieningen moeten ‘adequaat’ zijn, oftewel ze moeten voldoen aan de geldende regelgeving. Deze zorgplicht is nader uitgewerkt in de door de raad vastgestelde ‘Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Zaanstad 2015’. Deze regeling bevat vrij gedetailleerde ‘spelregels’ voor de schoolbesturen en het gemeentebestuur op het terrein van de onderwijshuisvesting.

De gemeente is in hoofdzaak verantwoordelijk voor de bekostiging van nieuwe schoolgebouwen, uitbreiding(en), de ingebruikname van bestaande schoolgebouwen, de huurkosten van tijdelijke huisvesting en de aanschaf van eerste meubilair en leermiddelen. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor de realisatie van de gebouwen (als ‘bouwheer’), de exploitatie en de instandhouding ervan, inclusief functionele aanpassingen en het binnen- en buitenonderhoud. In MAAK.Zaanstad werkt de gemeente samen met inwoners, organisaties, ondernemers en investeerders aan de toekomst van Zaanstad. Zaanstad zal de komende jaren aanzienlijk groeien. Er komen tot 2040 15.000 tot 20.000 woningen bij. De groei vindt zowel in de bestaande stad en wijken plaats als in nieuwe transformatiegebieden als Hembrugterrein en Achtersluispolder. De bevolkingsgroei heeft uiteraard ook effect op het aantal leerlingen in het VO. De komende periode gaan schoolbesturen en gemeente met elkaar kijken hoe de groei ook voor de onderwijshuisvesting geaccommodeerd kan worden en welke kansen daarbij kunnen ontstaan Parallel aan het voorliggende IHP VO werken we ook aan een nieuw IHP voor het Primair Onderwijs (PO). Er wordt naar gestreefd beide IHP’s zo veel mogelijk op elkaar aan te laten sluiten voor wat betreft de beleidsuitgangspunten (w.o. duurzaamheid, renovatie).

Argumenten en afwegingen Zorgplicht Met de maatregelen uit het IHP VO dragen wij zorg voor behoud en verbetering van de onderwijshuisvesting. Door de maatregelen uit het IHP VO uit te voeren zorgen wij voor kwalitatief en kwantitatief voldoende onderwijshuisvesting in Zaanstad. Aangezien het IHP VO minimaal de basiskwaliteit ambieert voldoen wij hiermee automatisch aan onze wettelijke zorgplicht om te voorzien in adequate onderwijshuisvesting. Wettelijke basis Uitgangspunt is dat de basiskwaliteit (wettelijke minimumeisen) wordt gefinancierd door de gemeente. Er is geen wettelijke verplichting voor de gemeente om de kosten voor eventuele extra kwaliteit (d.w.z. bovenop de basiskwaliteit) te dragen. De basiskwaliteit vanuit de weten regelgeving wordt per 1 januari 2021 vastgesteld op Bouwbesluit 2015 en Bijna Energieneutraal (BENG).

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2020/30065

5/10

gemeente Zaanstad

Roep om verhoging gemeentefonds De financiële middelen vanuit het Rijk blijven achter, waardoor de druk op de gemeentelijke financiën toeneemt. Zo is de verhoging van de normbedragen in 2019 met 40% niet hand in hand gegaan met een verhoging van de maatstaven die de component onderwijshuisvesting vormen in de algemene uitkering van het gemeentefonds. Ook de verplichting voor BENG per 1 januari 2021 betekent dat de wettelijke basiskwaliteit voor de gemeente omhoog gaat ten opzichte van de huidige situatie zonder dat dit wordt gecompenseerd. Onlangs is de lobby van de VNG richting het Rijk om te komen tot een structurele verhoging van de middelen voor onderwijshuisvesting geïntensiveerd. Gevraagd wordt om een toezegging van het kabinet en parlement voor aanvullende financiële maatregelen passend bij de kostenontwikkelingen en de extra eisen die zij wettelijk hebben gesteld aan gebouwen en verduurzaming van de onderwijshuisvesting, zodat gemeenten (samen met de schoolbesturen) op een verantwoorde manier hier uitvoering aan kunnen geven. Ambitie Volgens de verordening is er pas een noodzaak voor vervangende nieuwbouw als er sprake is van een slechte bouwtechnische conditie. Andere redenen om vervangende nieuwbouw toe te kennen zijn niet aanwezig. In dit IHP VO is beleid ontwikkeld dat verder reikt dan de huidige wet- en regelgeving.

In de beoordeling van het gebouwenbestand is, overigens net zoals in het verleden in Zaanstad en ook andere gemeenten, verder gekeken dan alleen de bouwkundige staat. Onderwijskundige functionaliteit, binnenmilieu, veiligheid, exploitatie en uitstraling van de schoolgebouwen zijn in dit IHP VO betrokken in de afweging. Er wordt niet uitsluitend beoordeeld of een pand bouwtechnisch een goed gebouw is, maar ook of een pand een goed schoolgebouw is. Met dit IHP VO is de intentie vastgelegd om zo snel als mogelijk is de beleidsuitgangspunten voor realisatie van de onderwijshuisvesting met extra kwaliteit m.b.t. onderwijskundige functionaliteit en duurzaamheid, aanvullend op de wettelijke basiskwaliteit vast te stellen. De meerkosten van de extra kwaliteit ten opzichte van de basiskwaliteit bedragen in totaal ca. 21%.

Gespecificeerd naar de verschillende elementen hiervan zijn de meerkosten: - 3% Duurzaamheid (energieneutraal; van BENG naar ENG) - 5% Onderwijskundige functionaliteit (esthetische kwaliteit, ventilatieklasse, afwerkingsniveau) - 3% Exploitatiegericht bouwen (onderhoudsarme vloer- en wandafwerking) - 10%Verhogen kwaliteitsniveau (geen dragende wanden, extra transparantie, verplaatsbare paneelwanden voor interne flexibiliteit) Duurzaamheid Bij onderwijshuisvesting is de gemeente bij nieuwbouw ervoor verantwoordelijk een gebouw te realiseren dat minimaal voldoet aan het bouwbesluit. (Vervangende) nieuwbouw van schoolgebouwen moet vanaf 1 januari 2021 worden opgeleverd volgens de eis Bijna Energieneutraal Gebouw (BENG). In het coalitieakkoord 2020-2022 is het volgende over het IHP VO en duurzaamheid opgenomen: “In het Integraal Huisvestingplan (IHP VO) moet voldoende ruimte zijn voor het realiseren van de duurzaamheidsdoelstellingen. Bij het opstellen van het vervolg van het Integraal Huisvestingsplan maken we nieuwe afspraken met de schoolbesturen over energieneutrale maatregelen. Wanneer de schoolbesturen hierin een actieve bijdrage leveren, stellen wij hiervoor extra geld beschikbaar”.

In het HEVO rapport staat het volgende vermeld over een bijdrage van de schoolbesturen: “De hoogte van een eventuele bijdrage wordt daarom projectspecifiek bepaald, dit is ook afhankelijk van het feit of het renovatie, vernieuwbouw of nieuwbouw is. Immers, bij renovatie/vernieuwbouw kan het niveau van ENG in de praktijk niet gehaald worden. Een schoolbestuur kan dus keuzes maken ten aanzien van de opties ‘extra kwaliteit’ en wat haar financiële bijdrage dan is. Gemiddeld genomen ligt de financiële bijdrage in Nederland op circa 8-10% bij nieuwbouw om de stap van BENG naar ENG te maken” Dit sluit aan bij het coalitieakkoord en de door de gemeenteraad uitgesproken ambitie om tussen 2030 en 2040 klimaatneutraal te zijn.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2020/30065

6/10

gemeente Zaanstad

Renovatie Renovatie is een integrale levensduurverlengende ingreep in het gebouw, waarmee de levensduur van het gebouw met ten minste 25 jaar, maar bij voorkeur 40 jaar, wordt verlengd. Renovatie is wettelijk nog niet geregeld. In de huidige situatie zijn gemeenten alleen verantwoordelijk voor nieuwbouw wanneer een gebouw aan het einde van zijn levensduur is (artikel 2 verordening). Een wetsvoorstel is echter in de maak (najaar 2021 naar de kamer) om renovatie als voorziening in de wet op te nemen. De mogelijkheid van renovatie is uitdrukkelijk in dit IHP VO opgenomen als een voorziening, die voor bekostiging door de gemeente in aanmerking komt. Renovatie kan in een aantal gevallen een financieel gunstig alternatief voor nieuwbouw zijn, mits de levensduur van het gebouw met 25 jaar kan worden verlengd. Het uitgangspunt is dat de kosten voor rekening van de gemeente komen, waarbij de scholen naast de Total Costs of Ownership (TCO) ook in alle redelijkheid hun onderhoudsreservering voor renovatie (20- en 40 jarige cyclus) in moeten zetten. Bij investeringsopgaven in het kader van het IHP VO wordt de mogelijkheid van renovatie onderzocht. Per situatie wordt een afweging gemaakt (in een haalbaarheidsonderzoek) of nieuwbouw of renovatie de beste oplossing is voor de betreffende school.

Draagvlak Na veelvuldig overleg, zowel ambtelijk als bestuurlijk, is er zowel bij schoolbesturen als gemeente draagvlak voor het voorliggende concept IHP VO. Aansluiting externe ontwikkelingen Het voorliggende IHP VO anticipeert op een aantal landelijke ontwikkelingen: -

-

Het opstellen van een IHP VO krijgt waarschijnlijk een verplicht karakter. Bij de PORaad, VO-Raad en de VNG leeft al langer de wens om gemeenten en schoolbesturen meer in staat te stellen om hun gezamenlijke verantwoordelijkheid voor onderwijshuisvesting waar te maken. Het voorstel is om gemeenten en schoolbesturen een meerjarig IHP VO op te laten stellen, waarover overleg gevoerd wordt. Daarmee krijgt het IHP VO een wettelijke status. De inhoud van het IHP VO is in lijn met dit voorstel. Hierdoor spelen wij in op toekomstige ontwikkelingen. Hetzelfde wetsvoorstel voorziet erin dat renovatie c.q. levensduurverlenging als een voorziening in de huisvesting in de wet wordt verankerd. Ook hierop wordt in dit IHP VO geanticipeerd. De eis dat alle nieuwe gebouwen in Nederland vanaf 1 januari 2021 bijna energieneutrale gebouwen (BENG) dienen te zijn en de verdere ambities die voortvloeien uit het klimaatakkoord.

Financiële consequenties Opbouw normbedragen In het voorliggende concept IHP VO is, voortvloeiend uit de uitgesproken ambities, bij de berekening van de financiële consequenties uitgegaan van de volgende gewenste nieuwbouwkwaliteit: - Bouwbesluit 2015. - Energieneutraal. - Frisse Scholen (B op lucht, C op temperatuur, licht en geluid). - Exploitatiegericht bouwen (onderhoudsarme vloer- en wandafwerking). - Toekomstbestendig bouwen (geen dragende wanden, extra transparantie, verplaatsbare paneelwanden voor interne flexibiliteit). - Kosten verhogen kwaliteitsniveau (Hevo) - Kosten voldoen aan Marsh-eisen verzekeraars NB. De basiskwaliteit (zorgplicht) is het Bouwbesluit 2015 (incl. BENG). De overige maatregelen zijn extra kwaliteit m.b.t. duurzaamheid (ENG), functionaliteit en onderwijskundige eisen.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2020/30065

7/10

gemeente Zaanstad

Investeringsopgave Uitgangspunt is dat vanuit haar zorgplicht de basiskwaliteit (wettelijke minimumeisen Bouwbesluit) minimaal wordt gefinancierd door de gemeente. De basiskwaliteit vanuit de weten regelgeving wordt per 1 januari 2021 vastgesteld op Bouwbesluit 2015 en Bijna Energieneutraal (BENG). Dit is inclusief een opslag voor locatiegebonden kosten. Dit betreffen overige kosten,die gemaakt worden om het gebouw te realiseren. Hiermee wordt in het MIP rekening gehouden. De totale investeringsopgave in miljoen euro (prijspeil 1 januari 2021) voor de basiskwaliteit op basis van dit IHP VO wordt geraamd op: Zorgplicht 0-5 jaar * 16,150 5-10 jaar 48,799 10-15 jaar Langer dan 143,889 15 jaar Totaal 208,838 De fasering van de projecten is opgenomen in de geheime bijlage. Zo gauw als er weer financiële armslag is voor nieuw beleid zal (bij een volgende voortgangsrapportage) aan de raad worden voorgesteld om de hierbij geformuleerde aanvullende kwaliteitsuitgangspunten vast te stellen. De gespecificeerde kosten voor de extra kwaliteit op basis van het IHP VO bedragen in miljoen euro (prijspeil 1 januari 2021): Toeslag ENG

Toeslag ambitie onderwijskundige visie

Toeslag exploitatiegericht bouwen 0,203 1,164 3,078

Toeslag Verhogen kwaliteitsniveau 0,789 4,530 12,375

Totaal Extra kwaliteit

0-5 jaar * 0,271 1,715 0,452 5-10 jaar 9,849 1,558 2,597 10-15 jaar Langer 26,447 4,123 6,871 dan 15 jaar Totaal 38,012 5,952 9,921 4,444 17,694 *Exclusief renovatie Sint Michael College; nadere beoordeling benodigde en gewenste werkzaamheden, incl. subsidiemogelijkheden, moet nog plaatsvinden. Hieruit worden geen extra kosten verwacht ten opzicht van het begrote investeringsbudget. In het HEVO rapport wordt het Blaise Pascal College opgenomen, als zijnde te vervangen binnen 5 tot 10 jaar. Omdat er in 2015 nog een renovatie heeft plaatsgevonden, wordt de nieuwbouw niet eerder verwacht dan in 2035. Uit het haalbaarheidsonderzoek zal blijken of er argumenten zijn om een extra afschrijving te doen en de school eerder te vernieuwen. Er is nog geen rekening gehouden met:  Interim-voorzieningen  Gymnastiekvoorzieningen  eventuele grondverwerving  Eigenaarslasten (heffingen en verzekeringen). In de financiële administratie van de gemeente zijn schoolgebouwen soms nog niet helemaal afgeschreven op het moment dat in het IHP VO een investering staat gepland. Als concrete maatregelen voor een schoolgebouw worden voorgesteld, en op dat moment nog een boekwaarde op het pand zit, zullen gemeente en het schoolbestuur gezamenlijk goed moeten motiveren waarom de eerdere vervanging (en dus extra financiële inzet van de gemeente)

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2020/30065

8/10

gemeente Zaanstad

gerechtvaardigd is. Dit zal in het haalbaarheidsonderzoek meegenomen worden. Financiële positie gemeente Het uitvoeren van de in het IHP VO beschreven scenario's brengt financiële consequenties met zich mee. Tegelijkertijd vraagt de huidige financiële situatie van de gemeente om behoudendheid op het gebied van grote financiële uitgaven en ook in de toekomst is de financiële situatie van de gemeente onzeker. In aanvulling hierop blijven de financiële middelen vanuit het rijk voor onderwijshuisvesting achter, waardoor de druk op de gemeentelijke financiën toeneemt. In het uitvoeren van het IHP VO wordt rekening gehouden met de onzekere financiële positie van de gemeente. Uitgangspunt is dat de basiskwaliteit (wettelijke minimumeisen Bouwbesluit + BENG) minimaal wordt gefinancierd door de gemeente. Hiermee wordt in het Meerjareninvesteringsplan (MIP) rekening gehouden. In aanvulling hierop wordt aan de raad voorgesteld op dit moment niet de ambitie, maar de intentie vast te leggen om de beleidsuitgangspunten voor extra kwaliteit vast te stellen wanneer er weer financiële ruimte is voor nieuw beleid. Bij de daadwerkelijke budgetbesluiten via de P&C cyclus wordt t.z.t. rekening gehouden met ieders wettelijke verplichtingen. Het IHP VO stelt ons in staat om goed vooruit te kijken, waardoor we minder voor verrassingen komen te staan.

Voor de eerste periode (0-5 jaar) wordt er rekening gehouden met één haalbaarheidsonderzoek. In 2022 zal een haalbaarheidsonderzoek starten voor het Bertrand Russell College. De verwachting is dat, afhankelijk van het haalbaarheidsonderzoek naar een unilocatie, de daadwerkelijke uitvoering plaats vindt over 5 tot 10 jaar. De onderzoeken voor het Zaanlands Lyceum en het Blaise Pascal College zullen respectievelijk in 2026 en 2027 plaatsvinden. Op basis van deze onderzoeken kan per scenario de afweging worden gemaakt tussen (ver)nieuwbouw of renovatie en het daadwerkelijk benodigde budget worden bepaald. De kosten voor de haalbaarheidsonderzoeken worden geraamd op € 50.000,- per onderzoek. MIP en IHP VO Volgens de nota investeringen geven we bij de P&C cyclus een doorkijk voor 10 jaar. In het IHP VO geven we een doorzicht in de opgave voor de komende 20 jaren met een bijbehorende fasering. Dit sluit aan bij de aanstaande wetswijziging, waarin de huidige jaarcyclus voor aanvragen onderwijshuisvesting wordt vervangen door een langere periode, waarin gemeenten na overleg met betrokken schoolbesturen het huisvestingsbeleid en het investeringsprogramma vastleggen in een meerjarenprogramma (IHP), met een doorkijk tot en met tenminste het 16e jaar. Dekking: In de voorjaarsnota 2021-2025 zijn de bestaande budgetten voor het voortgezet onderwijs geactualiseerd.

Voor de komende 10 jaar zijn de projectbudgetten opgenomen in het MIP inclusief een opslag voor locatiegebonden kosten en uitvoeringskosten. De fasering zal elke voorjaarsnota worden geactualiseerd. De kosten voor het haalbaarheidsonderzoek voor het Bertrand Russell College in 2022 worden gedekt uit de exploitatie. De kosten voor de haalbaarheidsonderzoeken in 2026 en 2027 zijn verwerkt in de begroting. Juridische consequenties Het IHP VO voorziet in een afwegingskader waarin beleidsambities, de bouwkundige staat van de schoolgebouwen, stedelijke (demografische) ontwikkeling en populariteit van scholen samen komen. Doordat met de schoolbesturen aan de voorkant is afgestemd wie wanneer aan de beurt komt leidt dit tot een meer productieve samenwerking en minder onwenselijke bezwaar- en beroepsprocedures. Na de vaststelling van de beleidsuitgangspunten waartoe in dit IHP VO nog slechts de intentie wordt uitgesproken, zal de vigerende verordening Voorzieningen Onderwijshuisvesting 2015 moeten worden aangepast. Na die separate vaststelling nemen we namelijk enkele uitgangspunten en maatregelen (o.a. de normbedragen, toevoeging van de aanvraagbare voorziening renovatie) op die uitstijgen boven de huidige verordening. Bij voorkeur wordt hierin ook de te verwachten nieuwe wetgeving meegenomen.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2020/30065

9/10

gemeente Zaanstad

___________________________________________________________________ Communicatie/ vervolgtraject Uitvoeringskrediet Na vaststelling van het IHP VO kunnen we aan de slag met de uitvoering van de genoemde maatregelen. De in het IHP VO aangegeven investeringsbedragen zijn indicatief, gebaseerd op normbedragen. Pas na het doorlopen van een haalbaarheidsonderzoek zijn budgetbesluiten van de raad nodig. Het is de verwachting dat vooruitlopend daarop er weer financiële ruimte is voor nieuw beleid en de raad de extra beleidsuitgangspunten heeft vastgesteld. Pas na besluitvorming over het beschikbare budget is er zekerheid over de maatregelen, de planning en hoogte van de investeringsbedragen. Het haalbaarheidsonderzoek bevat ten minste de volgende onderdelen: - Via MAAK.Zaanstad maken we analyses van wijken, op basis waarvan we een beeld vormen waar welke voorzieningen, waaronder scholen, de meeste impact hebben op de kwaliteit van de stad en kansengelijkheid. In samenwerking met MAAK.Zaanstad zal een integrale gebiedsontwikkeling plaatsvinden. - onderzoek op wijkniveau naar de kansen die er zijn om het project breder te maken dan alleen een opgave voor huisvesting onderwijs.

We onderzoeken of we meerwaarde kunnen realiseren voor de directe omgeving en de wijk door verbinding te leggen met andere projecten en stakeholders en daarmee de sociale cohesie in de wijk te versterken, kansengelijkheid te bevorderen en onderwijssegregatie tegen te gaan. - Een definitieve afweging tussen nieuwbouw of renovatie; vanuit de duurzaamheidsgedachte (gebruik maken van bestaande voorzieningen en hergebruik van materialen) maken we de afweging tussen nieuwbouw of transformatie (levensduurverlengende renovatie) van de bestaande huisvesting. Deze afweging wordt ook gemaakt met betrekking tot financiële, functionele en technische aspecten van de huisvestingsopgave. Ook wordt gekeken naar het eventueel monumentale karakter en de stedelijke kwaliteit van de alternatieven; - onderzoek naar de noodzaak van tijdelijke huisvesting tijdens de uitvoering van de maatregelen en raming van de kosten die daarmee gemoeid zijn - Bepalen definitieve leerlingenaantallen aan de hand van actuele prognose - Een definitieve afweging van de locatie van nieuwbouw - De dan bekende bouwkostenniveaus en geïnventariseerde risico’s. - noodzaak van (vervanging) van gymzaalcapaciteit - een raming van de totale investeringskosten, eventuele exploitatielasten en ook kosten voor openbare ruimte wordt in beeld gebracht.

In deze raming worden zowel de kosten voor de gemeente als de door het schoolbestuur te plegen investeringen opgenomen; Doorkijk lange termijn Het IHP VO wordt vierjaarlijks geactualiseerd en herijkt. Daarvoor zullen we voor het eerst in 2024 een voorstel voor de concretisering van de tweede tranche van vijf jaar, met daarbij een nieuwe doorkijk voor de daarop volgende 20 jaar aan de raad voorleggen. Op deze manier kan de gemeenteraad haar ambities, prioritering en inzet van financiële middelenperiodiek wegen en telkens de opgave voor de korte termijn en de lange termijn duiden en (her)ijken. Met het IHP VO hebben gemeente en schoolbesturen houvast voor het maken van lange termijn keuzes. Opsteller: Osch, M. van Versie: 28-4-2021 12:32:00

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2020/30065

10/10

gemeente Zaanstad

Raadsbesluit De gemeenteraad van Zaanstad, Besluit: 1. Kennis te nemen van het Integraal Huisvestingsplan Voortgezet Onderwijs en de raad 1 keer per jaar (bij VJN) over de voortgang te informeren en bij die voortgangsrapportages ook de budgetbesluiten geclusterd aan de raad voor te leggen. 2. De intentie vast te leggen om zo snel als mogelijk is de beleidsuitgangspunten voor realisatie van de onderwijshuisvesting met extra kwaliteit m.b.t. onderwijskundige functionaliteit en duurzaamheid, aanvullend op de wettelijke basiskwaliteit vast te stellen. 3. De budgetvaststelling conform de Nota Investeringen 2019 aan de raad voor te leggen via de P&C cyclus. In de vergadering van …………………..…….-…………………..…………………………...- 2021 De griffier,

De voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10083078/1