CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Besteding incidentele middelen jeugd 2021

Raadsvergadering 16 september 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: Besteding incidentele middelen Jeugd 20212.784 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2021/15780

Raadsvoorstel en besluitnota Onderwerp Besteding incidentele middelen jeugd 2021 Gevraagd besluit In te stemmen met het voorstel om vooruitlopend op de najaarsnota alvast uit de in de meicirculaire aangekondigde in de algemene uitkering te ontvangen incidentele middelen jeugd 2021, € 500.000 te mogen besteden aan: a. Wachtlijstproblematiek bij het jeugdteam € 150.000 b. Praktijkondersteuner jeugd GGZ bij de huisarts voor € 50.000 c. BSO+ voor € 60.000 d. Het jonge kind voor € 240.000 Geheimhouding op grond van de Gemeentewet Openbaar Kernverhaal Zoals in de raadsinformatiebrief over de meicirculaire (2021/15211) is beschreven heeft het rijk via de algemene uitkering € 4,8 miljoen extra middelen toegezegd voor Jeugdhulp in Zaanstad. Bij de voorjaarsnota was al rekening gehouden met een bedrag van € 2,6 miljoen. Landelijk is een bedrag van € 613 mln voor 2021 toegezegd en dat is bedoeld om een aantal knelpunten in de jeugdhulp aan te pakken, zoals de wachtlijsten die onder meer t.g.v. de Coronacrisis hoog zijn opgelopen. Hoewel de ontvangen middelen in de algemene uitkering in principe vrij besteedbaar zijn, hebben het Rijk en de gemeenten over de inzet van de middelen de volgende nadere afspraken gemaakt:  Meer inzet en regie op het voorkomen en aanpakken van wachttijden van (regionaal) ingekochte specialistische jeugdzorg.

 Vereenvoudiging en humanisering van de jeugdbeschermingsketen.  Aanpak van overige problematiek, zoals de consultatiefunctie en het inrichten van de POH-jeugd GGZ in gemeenten Ook in Zaanstad kennen wij deze knelpunten en is het belangrijk de middelen in te zetten om de hulpverlening aan kinderen en gezinnen te verbeteren. Daarom wordt voorgesteld om vooruitlopend op de Najaarsrapportage alvast € 0,5 mln in te zetten voor het opvangen van urgente knelpunten in de jeugdketen in lijn met de met het rijk gemaakte afspraken. Bij deze vraagt het college aan de raad om een vooruitlopend begrotingsbesluit te nemen over de besteding van € 0,5 mln. Voor 2022 en verder is inmiddels een zwaarwegend advies uitgebracht door een commissie van wijzen. Uit dit advies heeft het (demissionaire) kabinet voor het jaar 2022 een incidentele bijdrage toegekend van € 1,3 mld. Toekenning van extra middelen over de latere jaren wordt overgelaten aan een nieuw kabinet. Wel geeft de commissie een opdracht mee aan gemeenten en Rijk om een set aan maatregelen door te voeren waarmee de stijging van de kosten van de afgelopen jaren teruggedrongen moeten worden. De besluitvorming over de middelen van 2022 vindt plaats bij de behandeling van de begroting.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/15780

2/7

gemeente Zaanstad

Aanleiding Het Rijk stelt dit jaar € 613 mln aan gemeenten beschikbaar voor de acute problematiek in de jeugdzorg – deels het gevolg van de corona-pandemie – en de financiële druk die dit veroorzaakt. Dit komt bovenop de eerder beschikbaar gestelde € 300 mln voor de jeugdzorg. Ofschoon de middelen in de algemene uitkering vallen, heeft het rijk specifiek aangegeven waar deze middelen voor gebruikt zouden moeten worden. Een deel van dit bedrag wordt verstrekt in de vorm van specifieke uitkeringen. Zoals € 50 mln voor tijdelijke uitbreiding van (ambulante en klinische) crisiscapaciteit jeugd-GGZ zodat aan de grote zorgvraag mede als gevolg van corona tegemoet gekomen wordt en € 70 mln om een aantal specifieke problemen aan te pakken; vereenvoudiging jeugdbeschermingsketen, de ombouw van separatiecellen en het verkleinen van woongroepen bij 3 milieuvoorzieningen. Deze specifieke uitkeringen zijn bovenregionaal en lopen via Amsterdam als coördinerende gemeente. Het resterende bedrag (€ 593 mln) wordt via de Algemene Uitkering verstrekt en is bedoeld voor het aanpakken van wachttijden van (regionaal) ingekochte specialistische jeugdzorg en voor een aantal vraagstukken zoals de consultatiefunctie en het inrichten van de POH-jeugd GGZ in gemeenten.

Het Rijk en de gemeenten hebben over de inzet van de middelen nadere afspraken gemaakt: • Meer inzet en regie op het voorkomen en aanpakken van wachttijden van (regionaal) ingekochte specialistische jeugdzorg op basis van goede data, zodat kwetsbare kinderen de hulp krijgen die ze nodig hebben. Dit vraagt ook een goede samenwerking met zorgaanbieders. • De aanpak van een aantal andere specifieke knelpunten: vereenvoudiging jeugdbeschermingsketen, de ombouw van separatiecellen en het verkleinen van woongroepen bij 3 milieuvoorzieningen. • Aanpak van overige problematiek, zoals de consultatiefunctie en het inrichten van de POH-jeugd GGZ in gemeenten. De organisatorische kosten die met de bovenstaande gepaard gaan, zijn onderdeel van de beschikbaar gestelde middelen. Voor Zaanstad gaat het dan om een bedrag van € 4,8 miljoen. Bij de voorjaarsnota is rekening gehouden met een bedrag van € 2,6 miljoen vanuit het Rijk. Daarnaast hebben we te maken met een zorgaanbieder in zwaar weer en onzekerheden omtrent de groei. De kosten die hieruit voortkomen zullen uit het bedrag gedekt worden. In dit besluit wordt de inzet van het resterende bedrag toegelicht en een besluit gevraagd om vooruitlopend op de najaarsnota alvast het toegekende restbedrag van € 500.000 in te kunnen zetten ten behoeve van het nog in het tweede half jaar van 2021 in gang zetten van een aantal maatregelen.

Doorkijk vanaf 2022 Het ministerie en de VNG konden geen overeenstemming bereiken over het tekort aan middelen met betrekking tot de jeugd. Hiertoe is een arbitragezaak gestart. Een commissie van wijzen heeft inmiddels een zwaarwegend advies uitgebracht, dat ingaat op de jaren 2022 en verder. Uit dit advies heeft het (demissionaire) kabinet voor het jaar 2022 een incidentele bijdrage toegekend (die overigens nog niet is opgenomen in de meicirculaire). Toekenning van extra middelen over de latere jaren wordt overgelaten aan een nieuw kabinet. Een indicatie van de verdeling van de extra middelen 2022 over de gemeenten is 29 juni jl. bekend gemaakt. De verwachting is dat we voor Zaanstad € 14,5 miljoen gaan ontvangen. Aan dit bedrag is een pakket aan maatregelen gekoppeld, dat al ingaat vanaf 2022. Het Rijk en gemeenten hebben zich nadrukkelijk gecommitteerd aan deze maatregelen en gezien het tempo van afbouw is het belangrijk om snel te starten. Daarom hebben we deze lijn ook al in het voorstel over 2021 opgenomen. De besluitvorming over de middelen van 2022 vindt plaats bij de begroting 2022.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/15780

3/7

gemeente Zaanstad

Beoogd resultaat Het verlichten van de knelpunten in de jeugdketen, door in te zetten op wachtlijstproblematiek, de praktijkondersteuner bij de huisarts en de besparende maatregelen Kader -

Jeugdwet AEF rapport “Stelsel in groei” van december 2020 Rapport “Maatregelen financiele beheersbaarheid Jeugdwet (commissie Sint) Meicirculaire

Argumenten en afwegingen Zoals aangegeven is bij de Voorjaarsnota al rekening gehouden met extra middelen vanuit het Rijk. Dit gaat om een bedrag van € 2,6 mln wat verrekend moet worden met de werkelijk extra inkomsten. Daarnaast is rekening gehouden met tegenvallers in 2021. Zo is bekend dat er jeugdzorginstellingen in zwaar weer verkeren, over de eerste instelling heeft onlangs besluitvorming plaatsgevonden. En bent u geïnformeerd via de raadsinformatiebrief ‘toekomst jeugdhulpaanbieder Levvel5’ (2021/13953). Om continuïteit van zorg aan de jeugdigen te kunnen blijven bieden, juist nu er sprake is van een overgangsscenario, zullen gemeenten in de regio tezamen deze kosten moeten betalen. Deze extra kosten worden ook gedekt uit de deze extra middelen. Na aftrek van deze kosten is er nog een gering budget om conform de opdracht van het rijk met een aantal maatregelen te starten in 2021. Deze start is nu nodig omdat de kosten anders blijven oplopen. De besteding van het budget vindt plaats op basis van de volgende afweging: 1. Inzet op waar het geld (2021) voor is bedoeld: • inzet op de wachtlijstproblematiek in de specialistische jeugdhulp te verminderen, inclusief gerelateerde verdringingsproblematiek in de keten. • Inzet op POH jeugd bij de huisarts. 2. Bijdragen aan de besparende maatregelen (inclusief AEF en rapport Sint) 3.

Rekening houden met de capaciteit om de taken uit te voeren Gevraagde Inzet voor 2021vooruitlopend op de Najaarsrapportage  Inzet op wachtlijsten Zoals aangegeven zijn de wachtlijsten in de jeugdhulp een hardnekkig probleem dat jeugdigen en gezinnen hard treft. Op dit moment staan er ca 150 jeugdigen op de wachtlijst van het jeugdteam en heeft het jeugdteam tot oktober extra budget om aanvullende capaciteit in te zetten. Daarmee wordt een deel van de wachtlijst ingelopen. Om dit voort te zetten wordt geadviseerd capaciteit toe te voegen tot het eind van het jaar: Incidenteel € 150.000 voor het jeugdteam als extra inzet op de wachtlijsten in het 4e kwartaal.  Starten met de praktijkondersteuner jeugd GGZ bij huisartsen. Een veel genoemde besparende maatregel die door AEF is uitgewerkt, is de inzet van een praktijkondersteuner (POH) bij de huisarts. Uit onderzoek blijkt dat de inzet besparend werkt door het bieden van laagdrempelige hulp, betere verwijzingen en vroegsignalering. AEF schat dat de kosten landelijk met € 62 tot € 88 mln afnemen. In Zaanstad werken we nog niet met een POH jeugd maar het is al langere tijd een wens van de gemeente. Momenteel lopen de gesprekken met de huisartsen weer en we trekken hierin samen op met het jeugdteam. Ook onderzoeken we de samenwerking met de zorgverzekeraar en de andere gemeenten in de regio.

Voor de onderzoeksfase waarin we nu zitten, is extra inzet gewenst op capaciteit. Hoewel de AEF-middelen nog niet structureel zijn toegezegd, is het wel belangrijk om met deze maatregel aan de slag te gaan, juist omdat er potentieel tot besparing is en omdat de

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/15780

4/7

gemeente Zaanstad

partijen nu met elkaar om de tafel willen. Geadviseerd wordt om in 2021 € 50.000 in te zetten.  BSO+ als voorliggende voorziening Babino en TintelTuin hebben allebei een BSO+. Dit betreft een BSO voor kinderen vanuit het speciaal onderwijs. Deze kinderen hebben extra ondersteuning nodig en kunnen niet in verglijkbare groepen worden geplaatst als op een reguliere BSO. Door de extra ondersteuning en de kleinere groepen is deze BSO duurder dan de reguliere BSO. De ouders van de kinderen die gebruik maken van de BSO+ van TintelTuin krijgen een PGB om de (extra) kosten voor de BSO+ te kunnen bekostiging. Ouders van de kinderen die gebruik maken van de BSO+ van Babino krijgen geen extra financiële ondersteuning. We vinden dat de ondersteuning aan deze kinderen gelijk getrokken dient te worden. Daarnaast vinden we het belangrijk, i.v.m. de hoge kosten en de druk op de specialistische jeugdhulp, dat dit soort voorzieningen gecontinueerd moeten worden. Een opvangplek bij de BSO+ van Babino en TintelTuin is namelijk veel goedkoper dan een opvangplek bij de BSO van Odion. I.p.v. een kind-bekostiging stellen we voor om een subsidie te verstrekken aan Babino en TintelTuin, zodat de extra kosten die zij hebben rondom de BSO+ worden gedekt. De afspraken betreffende PGB’s lopen nog tot 1 januari 2022 (dan volgt een nieuwe verordening).

Babino heeft aangegeven financieel in de knel te komen dit jaar. De BSO+ van Babino willen we daarom dit jaar al een subsidie verstrekken, zodat deze voorziening niet zal verdwijnen. Om te voorkomen dat deze voorziening, waar we in de toekomst gebruik van willen blijven maken, dit jaar moet sluiten wordt voorgesteld om hier € 60.000 voor beschikbaar te stellen.  Rekening houden met capaciteit om taken uit te voeren Begin dit jaar is besloten om de toen geldende normbudgetten voor een aantal zorginstellingen die zorg leveren voor jonge kinderen met een beperking los te laten. Concreet betekende dit dat Odion en Prinsenstichting een extra groep konden starten voor jonge kinderen die op de wachtlijst stonden. Er is € 240.000 uit Slim Investeren gehaald, als dekking. Daarmee konden een aantal projecten en activiteiten binnen programma 1 niet worden uitgevoerd. Dit gaat echter knellen gezien het vele werk dat nog gedaan moet worden voor de stichting Jeugdteam, de implementatie van de aanbesteding specialistische jeugdhulp, investeren op de besparende maatregelen en de wetswijziging rondom het woonplaatsbeginsel en daarom is het voorstel dit budget weer aan te vullen en de kosten die feitelijk gemaakt worden om hulp aan kinderen te verstrekken weer te dekken uit de reguliere jeugdzorg budgetten.

Samengevat is het advies om de incidentele middelen jeugd van 2021 in te zetten voor:  Verminderen wachtlijst bij het jeugdteam € 150.000  Start verkenning POH € 50.000  BSO+ € 60.000  Het Jonge Kind € 240.000 In totaal gaat het om € 500.000 Meerjarig beeld Naar aanleiding van de uitspraak van de arbitrage-commissie heeft het kabinet voor 2022 € 1,3 mld extra aan gemeenten beschikbaar gesteld voor de tekorten in de jeugdzorg. Gemeenten committeren zich wel aan de uitwerking van een set aan besparende maatregelen, waarbij het breder invoeren van de praktijkondersteuner jeugd GGZ bij de huisarts expliciet wordt genoemd. Over de jaren 2023 en verder is nog geen uitsluitsel. Een nieuw kabinet zal besluiten over de structurele inzet en de noodzakelijke aanpassingen aan het jeugdstelsel. Het is niet de verwachting dat er geen middelen zullen komen maar uitsluitsel is er nog niet. Wel is duidelijk dat wanneer er aanvullende middelen komen, deze afnemen naar de toekomst toe vanwege het inverdieneffect dat er mee behaald dient te worden.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/15780

5/7

gemeente Zaanstad

Afstemming met deltaplan jeugd De incidentele middelen jeugd voor 2021 zijn deels bedoeld om de gevolgen van de corona crisis voor de jeugdhulp op te vangen. Naast deze middelen ontvangen gemeenten meer middelen voor jongeren. Onder de verzamelnaam “Deltaplan jeugd” worden middelen toegekend ten behoeve van het Nationaal Programma Onderwijs, jeugdwerkloosheid en jeugdwelzijn, voor de jaren 2021, 2022 en deels voor 2023. Voor Zaanstad willen we een integrale afweging maken bij de inzet van deze middelen waarbij duurzame inzet op kansen voor kinderen en jongeren voorop staat. Hoewel de middelen incidenteel zijn willen we het geld wel duurzaam inzetten. Door de coronacrisis zijn kinderen op achterstand gezet maar er is een groot verschil in uitgangspositie tussen kinderen en in veerkracht en financiële draagkracht die gezinnen en kinderen hebben om zelf de achterstanden in te lopen (denk aan het verschil in mogelijkheden van gezinnen om huiswerkbegeleiding, bijles, culturele vorming en sportlessen te betalen). Het is belangrijk de inzet vooral te focussen op het verkleinen van de kansenongelijkheid en dit samen met de partners in de stad te doen. Dit is via het rondvraagmemo “ integrale bestuurlijke strategie voor aanpak kansen voor jeugd in en na Corona” in de collegevergadering van 28 mei toegelicht.

Voor het Nationaal Programma Onderwijs komt in 2021 naar verwachting € 760.000 beschikbaar, via een Specifieke Uitkering. We hebben op dit moment echter nog niet alle informatie over deze regeling zodat we op dit moment nog geen integrale financiële afweging kunnen maken op de onderwerpen op het snijvlak van onderwijs en jeugdhulp Draagvlak Het onderwijs en het jeugdteam hebben er bij de gemeente op aangedrongen snel in te zetten op het verminderen van de wachtlijsten in de jeugdhulp. Aansluiting externe ontwikkelingen  Het verschijnen van de rapporten van AEF “stelsel in groei” en het rapport “Maatregelen financiële beheersbaarheid Jeugdwet van de commissie Sint en de daarop volgende arbitrage rondom de structurele tekorten in de jeugdhulp.  De consequenties van de coronamaatregelen voor gezinnen. Financiële consequenties Bij de Meicirculaire zijn er extra middelen voor jeugd beschikbaar gekomen, met daarbij een opdracht om maatregelen in gang te zetten en om iets te doen aan de wachtlijsten in de jeugdhulp. In dit voorstel zijn de benodigde maatregelen toegelicht.

Consequentie van dit voorstel is dat: - Het tekort in de Voorjaarsnota van € 2,6 mln wordt gedekt door de incidentele middelen - De prognose over 2021 van specialistische hulp en dreigende faillissement is gedekt door de incidentele middelen - Er € 500.000 van de incidentele middelen jeugd wordt ingezet voor opvangen van een aantal knelpunten in de jeugdketen. Omdat het meerjarig beeld nog onzeker is, worden de middelen nu zoveel mogelijk ingezet op incidentele maatregelen. Er is al wel een doorkijk gegeven naar de meerjarige ontwikkeling, waar gemeenten vanaf 2022 de toegezegde AEF-middelen zullen ontvangen met daarbij de in te zetten maatregelen en de afbouw die daarbij hoort. Juridische consequenties In dit voorstel heeft één van de maatregelen juridische consequenties. Het verstrekken van € 60.000 aan een BSO+ voorziening zal via een (nieuwe) subsidie plaatsvinden. De overige middelen worden via een aanvullende opdracht aan het jeugdteam ingezet of worden intern ingezet.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/15780

6/7

gemeente Zaanstad

Communicatie/vervolgtraject Na besluitvorming kunnen afspraken worden gemaakt met het jeugdteam voor verdere aanpak van de wachtlijsten, met Bambino over de Bso+ in dit jaar en met de huisartsen om een plan van aanpak te maken voor de inzet van de praktijkondersteuner. Opsteller: Maas, K. Versie: 31-8-2021 10:58:00

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/15780

7/7

gemeente Zaanstad

Raadsbesluit De gemeenteraad van Zaanstad, Besluit: In te stemmen met het voorstel om vooruitlopend op de najaarsnota alvast uit de in de meicirculaire aangekondigde in de algemene uitkering te ontvangen incidentele middelen jeugd 2021, € 500.000 te mogen besteden aan: a. Wachtlijstproblematiek bij het jeugdteam € 150.000 b. Praktijkondersteuner jeugd GGZ bij de huisarts voor € 50.000 c. BSO+ voor € 60.000 d. Het jonge kind voor € 240.000

In de vergadering van …………………..…….-…………………..…………………………...- 2021 De griffier,

De voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10481526/1