Raadsvoorstel Aanvraag gebiedsaanwijzing Poelenburg en Peldersveld op grond van de Wbmgp
Tekst van het document
2021/28412
Raadsvoorstel en besluitnota Onderwerp Aanvraag gebiedsaanwijzing Poelenburg en Peldersveld op grond van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Wbmgp) Gevraagd besluit 1. In te stemmen met de aanvraag bij de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) voor de gebiedsaanwijzing Poelenburg en Peldersveld op grond van de artikelen 8, 9 en 10 van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Wbmgp); 2. In te stemmen met toepassing van artikel 8 voor particuliere huurwoningen, waarbij nieuwe huurders inkomen moeten hebben uit een van de volgende bronnen: 1. een inkomen uit zelfstandig beroep of bedrijf; 2. een inkomen op grond van een regeling voor vrijwillig vervroegd uittreden; 3. een ouderdomspensioen als bedoeld in de Algemene Ouderdomswet; 4. een ouderdoms- of nabestaandenpensioen als bedoeld in de Wet op de loonbelasting 1964 5. of een aanspraak op studiefinanciering als bedoeld in de Wet studiefinanciering 2000. 3.
In te stemmen met toepassing van artikel 9 voor sociale- en vrije sector huurwoningen van de woningbouwcorporaties, waarbij er voorrang wordt gegeven aan nieuwe huurders met inkomen uit: a) een inkomen op grond van het in dienstbetrekking verrichten van arbeid; b) een inkomen uit zelfstandig beroep of bedrijf; c) een inkomen op grond van een regeling voor vrijwillig vervroegd uittreden; d) een ouderdomspensioen als bedoeld in de Algemene Ouderdomswet; e) een ouderdoms- of nabestaandenpensioen als bedoeld in de Wet op de loonbelasting 1964 f) of een aanspraak op studiefinanciering als bedoeld in de Wet studiefinanciering 2000; met daarbinnen voorrang; aan woningzoekenden met inkomen uit non-commerciële dienstverlening (conform de definitie van het CBS); (ii) voorrang aan woningzoekenden met een startkwalificatie, (conform artikel 1 van de Leerplichtwet) 2, opdat: 4. In te stemmen met toepassing van artikel 10, screening op overlastgevende en criminele activiteiten voor alle huurwoningen; 5. In te stemmen dat toepassing van artikelen 8 en 9 niet geldt voor de huidige ingeschreven bewoners van Poelenburg en Peldersveld als zij besluiten om binnen de wijken Poelenburg en Peldersveld te verhuizen; 6.
In te stemmen dat de financiële consequenties van de uitvoering van de Wbmgp van €150.000 (inclusief toezicht en handhaving) per jaar voor het jaar 2022 ten laste wordt gebracht van de Regio Deal ZaanIJ en de €150.000 per jaar vanaf 2023 integraal wordt afgewogen bij de voorjaarsnota 2022 /programmabegroting 2023; 7. In te stemmen met het mandateren van het College van Burgermeester en Wethouders om de aanvraag in te dienen bij de Minister van BZK Geheimhouding op grond van de Gemeentewet Openbaar Kernverhaal In 2020 hebben 24 partners (inmiddels 27) een coalitie gevormd die met elkaar het Pact Poelenburg en Peldersveld 2020-2040 (Pact) hebben gesloten. Het Pact heeft als hoofddoel het creëren van gelijke kansen voor kinderen op een goede toekomst (onderwijs en participatie). Daarvoor geldt dat alle partners maximaal moeten investeren op het gebied van taal, onderwijs, talentontwikkeling, armoedebestrijding en wijkbewoners (de ouders van)
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/28412
2/10
gemeente Zaanstad
intensief begeleiden naar werk. Kortom; kinderen alle kansen bieden op een goed toekomstperspectief. Tegelijkertijd is in het Pact vastgelegd dat we hierin alleen succesvol kunnen zijn als we voldoen aan twee cruciale randvoorwaarden. Namelijk (1) een andere bevolkingssamenstelling in de wijken (in sociaal economische zin) en (2) het vergroten van de leefbaarheid en het aanpakken van ondermijnende criminaliteit. Met een andere bevolkingssamenstelling wordt bedoeld dat er meer balans moet komen in de verhouding tussen werken en niet-werkenden, het aantal mensen met sociale problematiek in verhouding tot mensen die veerkrachtig en weerbaar aan de samenleven deelnemen, kinderen met en zonder risico op onderwijsachterstanden en bewoners met of zonder crimineel verleden bedoeld De Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Wbmgp) biedt de mogelijkheid om tijdelijk de nieuwe instroom van mensen met een sociaal-economisch zwakke positie te beperken. Zaanstad past sinds 2018 twee maatregelen uit de wet toe bij nieuwe verhuringen in Poelenburg en Peldersveld: voorrang voor mensen met inkomen uit arbeid en een startkwalificatie (artikel 9) en screening van nieuwe huurders door de politie op overlastgevend gedrag of criminele activiteiten (artikel 10).
Uit de evaluatie van de Wbmgp blijkt dat de regulering van de instroom goed werkt: de meeste vrijkomende corporatiewoningen zijn toegewezen aan mensen met inkomen uit arbeid. Of de toepassing van deze wet daadwerkelijk een positief effect op de leefbaarheid en veiligheid van de wijk heeft, is nog minder aantoonbaar. De maatregelen zijn dan ook onderdeel van een breed pakket voor de lange termijn om het gebied te versterken met interventies op sociaal-maatschappelijk gebied en veiligheid en met gerichte stappen om het woningaanbod meer divers te maken. Nu de termijn van vier jaar bijna is afgelopen, staat Zaanstad voor de keuze om de termijn te verlengen van de Wbmgp en een nieuwe aanvraag doen bij de minister. Hoewel de afgelopen jaren de instroom van nieuwe wijkbewoners in de sociale huurwoningen is veranderd doordat ruim 95% van de nieuwe instroom voldoet aan de strengste criteria, vindt Zaanstad het te vroeg om nu al te stoppen met toepassing van de wet. Zaanstad is mede op grond van het advies van het Dagelijks Bestuur van het Pact Poelenburg en Peldersveld, het overleg tussen gemeente en een aantal belangrijke stakeholders en overleg met bewoners tot deze keuze gekomen.
De gemeente vraagt de minister voor verlenging van de wet voor de artikelen 9 en 10 als het gaat om woningen die in bezit zijn van de woningbouwcorporaties en de artikelen 8 en 10 voor particuliere woningen die worden verhuurd. Aanleiding De Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Wbmgp) is sinds juli 2018 in Poelenburg en Peldersveld van kracht. Eind 2017 heeft de gemeenteraad aan de minister van Binnenlandse Zaken toestemming gevraagd om artikel 9 (voorrang geven aan mensen die voldoen aan bepaalde sociaal-economische kenmerken) en artikel 10 (politiescreening) van de Wbmgp te mogen toepassen voor Poelenburg en Peldersveld. De wet geeft de mogelijkheid om tijdelijk de nieuwe instroom van mensen met een sociaal-economisch zwakke positie te beperken. Het wordt een passende maatregel genoemd voor het tot stand brengen van een adempauze. Er wordt geïnvesteerd in de huidige bewoners door interventies op het gebied van taal, onderwijs, participatie en armoede. Voor de lange termijn wordt in Poelenburg en Peldersveld gewerkt aan een andere verhouding in de woningvoorraad waarmee een gezond sociaal-economisch fundament en een stabiele ontwikkeling van deze wijk mogelijk wordt gemaakt. Op deze manier verandert de samenstelling in de wijken, wat kan bijdragen aan een betere leefbaarheid en veiligheid in de buurt.
In maart 2018 heeft de minister een positief besluit genomen op de aanvraag, wat inhoudt dat de gemeente tot maart 2022 (wettelijke termijn van vier jaar) de wet mag toepassen conform de aanvraag. Mocht de gemeente de wens hebben om ook na maart 2022 de wet te blijven toepassen, dan moet er uiterlijk eind 2021 een nieuwe aanvraag worden ingediend bij de minister.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/28412
3/10
gemeente Zaanstad
Beoogd resultaat Het mogen blijven toepassen van de Wbmgp conform de afgelopen 3,5 jaar. Met een uitbreiding van artikel 8 als het gaat om particuliere woningen die worden verhuurd. Kader Huisvestingswet 2014 Huisvestingsverordening gemeente Zaanstad 2021 Actieplan Poelenburg en Peldersveld Pact Poelenburg en Peldersveld 2020-2040 Argumenten en afwegingen Achterliggende gedachte achter de keuze voor de Wbmgp Met de vaststelling van het Actieplan Poelenburg Peldersveld en later het Pact Poelenburg en Peldersveld 2020-2040 is afgesproken dat we ons als gemeente samen met maatschappelijke partners inzetten om de jeugd en de toekomstige jeugd in deze wijken meer kansen te geven op een succesvolle toekomst op het gebied van onderwijs en participatie (kansengelijkheid). Dat betekent een maximale inspanning op het gebied van taal, opvoeding, onderwijs, participatie en de bestrijding van armoede. Met onze partners investeren we allereerst in mensen. De eerste voortgangsrapportage over 2020 geeft daar een goed beeld van. Maar ook is in het Pact vastgelegd dat twee aspecten in randvoorwaardelijke zin van cruciaal belang zijn, namelijk de aanpak van ondermijnende criminaliteit en een samenstelling van de wijk die meer in balans is.
Met meer in balans wordt de verhouding tussen werken en niet-werkenden, het aantal mensen met sociaal- economische problematiek in verhouding tot mensen die veerkrachtig en weerbaar aan de samenleving deelnemen, kinderen met en zonder risico op onderwijsachterstanden en bewoners met of zonder crimineel verleden bedoeld. Die balans was scheef, waarbij een rol speelde dat er sprake was van een toenemende instroom van mensen met een kwetsbare sociaal-economische positie en dat tegelijkertijd bewoners met een sterkere positie ervoor kozen om de wijken mede om die reden te verlaten. Ook nu is de balans in Poelenburg en Peldersveld nog steeds scheef als we deze wijken vergelijken met andere wijken in de stad en de regio. We vinden het belangrijk om van Poelenburg en Peldersveld meer gemiddelde wijken te maken, omdat een gemengde wijk de kansen op een succesvolle toekomst voor de bewoners en voor opgroeiende kinderen verbetert. Vanuit wonen zijn er verschillende instrumenten beschikbaar om de wijken stap voor stap meer in balans te brengen: 1. Extra woningen toevoegen die een andere doelgroep aantrekken 2. Sloop van bestaande sociale huurwoningen 3. Liberalisatie van woningen, waardoor bestaande huurwoningen aan andere inkomensgroepen worden aangeboden 4.
Selectieve woningtoewijzing via de Wbmgp Zaanstad gebruikt nu nog twee van de drie artikelen van de Wbmgp De Wbmgp biedt een gemeente drie mogelijkheden om de toegang tot de woningmarkt in bepaalde wijken, waar de leefbaarheid onder druk staat, te reguleren via selectieve woningtoewijzing. Artikel 8: door eisen te stellen aan de aard van het inkomen Artikel 9: door voorrang te geven op basis van sociaal-economische kenmerken Artikel 10: door te screenen op overlastgevende en criminele gedragingen Zaanstad heeft de afgelopen vier jaar gekozen voor toepassing van artikel 9 met voorrang voor mensen in niet-commerciële beroepen, zoals leraren, verpleegkundigen en politieagenten, en artikel 10. Deze regels gelden niet voor stadsvernieuwingsurgenten die vanwege sloop naar een andere woning moeten verhuizen. In de wet is expliciet aangegeven dat er naast het reguleren van instroom veel meer moet gebeuren om de leefbaarheid van de wijk te vergroten, zoals ook in het Pact Poelenburg Peldersveld is afgesproken en inmiddels ook uitgevoerd wordt.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/28412
4/10
gemeente Zaanstad
Evaluatie laat effect op instroom zien, effecten op leefbaarheid en veiligheid minder eenduidig De wet is nu ruim drie jaar van kracht in Zaanstad en is geëvalueerd. Een belangrijk onderscheid daarbij is dat tussen doel en middel. Het doel van de wet is het verbeteren van de leefbaarheid en veiligheid in de wijken. Het middel daarvoor is het verbeteren van de sociaal-economische status van bewoners via voorrang en screening van instromers. Een kanttekening bij de evaluatie is dat het lastig is de effecten van één onderdeel van het Actieplan en Pact te evalueren, omdat de effecten ook gevolg kunnen zijn van andere initiatieven of ontwikkelingen op macroniveau. Qua instroom is te zien dat het grootste deel van de vrijgekomen sociale huurwoningen is toegewezen aan woningzoekenden met inkomen uit een non-commercieel beroep. In krap drie jaar tijd zijn er 381 woningen verhuurd, waarvan 315 via de voorrangsregel inkomen uit werk. Het gaat om ca. 10% van de totale voorraad sociale huurwoningen in Poelenburg en Peldersveld/Hoornseveld en 4% van gehele woningvoorraad in deze wijken. Het lijkt erop dat mede door de voorrangsregels het aantal minimahuishoudens en inwoners met een bijstandsuitkering afneemt. Deze afname is ook in andere wijken van Zaandam Oost te zien, maar de daling is het grootst in Poelenburg.
De ontwikkelingen op het gebied van leefbaarheid zijn niet eenduidig en er is moeilijk een direct verband te leggen met de toepassing van de Wbmgp. Zo is in Poelenburg een afname te zien van de gerapporteerde score op sociale cohesie terwijl deze door de professionals in de buurt juist positiever worden beoordeeld, een toename van het aandeel inwoners met een startkwalificatie, maar ook een toename van de gemelde criminaliteit en overlast van groepen jongeren en een gelijkblijvende ervaren veiligheid. In Peldersveld zijn de ontwikkelingen nog lastiger te duiden omdat cijfers alleen op wijkniveau inclusief Hoornseveld beschikbaar zijn. Ook de mogelijke waterbedeffecten zijn onderzocht. In andere wijken van Zaanstad is het aandeel minima en het aantal bijstandsuitkeringen ook gedaald, ondanks de toename van het aantal urgenten. Op het gebied van leefbaarheid en veiligheid zijn de uitkomsten per wijk en thema wisselend, waardoor niet is vast te stellen dat er sprake is van een duidelijk waterbedeffect in omliggende wijken. In grote lijnen blijkt het middel – reguleren instroom - dus goed te werken. Wat betreft het doel blijft het lastig om (deels positieve) ontwikkelingen in leefbaarheid en (deels negatieve) ontwikkelingen in veiligheid te correleren aan toepassing van de Wbmgp. Deze conclusie sluit aan bij landelijke evaluatie van de wet en de Kamerbrief van BZK hierover.
De wet is alleen toepasbaar in samenhang met andere maatregelen voor bewoners op het gebied van scholing, werk, gezondheid e.d. Daardoor is het lastig om de effectiviteit van afzonderlijke maatregelen aan te tonen. Een lineair verband is niet aan te tonen. Daar komt bij dat de resultaten niet snel zichtbaar zijn, het is een kwestie van lange adem. Veranderde particuliere woningmarkt Op dit moment worden voor de particuliere huursector, net als bij sociale huurwoningen, alleen artikel 9 (voorrang op basis van sociaal-economische kenmerken) en 10 (screenen op overlastgevende en criminele gedragingen) toegepast om te sturen op een andere (sociaal/economische) samenstelling van de wijk. De uitvoering van artikel 9 is bij corporaties transparant, bij de particuliere verhuurders is dit niet het geval. Het is voor de gemeente in de praktijk niet te controleren of een particuliere verhuurder op hetzelfde moment meerdere kandidaten had voor de verhuur. En dus ook niet of iemand anders voorrang had moeten krijgen op basis van artikel 9. In de praktijk is te zien dat op de particuliere markt veel woningen/kamers worden (onder)verhuurd aan bewoners en in het bijzonder aan arbeidsmigranten die geen startkwalificatie hebben en niet altijd inkomen uit (legale) arbeid hebben. Vaak voor flinke huurprijzen en niet zelden in onwenselijke situaties (veiligheid).
Vanuit het onderwijs wordt verder aangegeven dat ook deze kinderen een groot risico op onderwijsachterstand hebben met directe impact op de toch al kwetsbare situatie in de klassen. Het gaat naar schatting om honderden bewoners. Waar we bij sociale woningbouw zien dat ruim 95% van de verhuur
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/28412
5/10
gemeente Zaanstad
naar kandidaten gaat die voldoen aan de strengste voorrangscriteria, zien we in de particuliere woningmarkt een tegenovergestelde beweging. Omdat in de particuliere sector de voorrangsregel van artikel 9 niet te toetsen valt, wordt om die reden nu voorgesteld een toets in te voeren op de bron (herkomst) van het inkomen van particuliere huurders. Wat op basis van artikel 8 mogelijk is. Perspectief voor wijkbewoners op doorstroming in de wijk Naast de discussie over het vervolg van de wet met het oog op leefbaarheid en veiligheid, voeren gemeente en woningcorporaties met elkaar een gesprek over hoe huidige bewoners van Poelenburg en Peldersveld perspectief geboden kan worden om in hun eigen wijk te blijven wonen als zij dat willen. De ambitie om in twintig jaar tijd de sociale woningvoorraad van 60% naar 40% te transformeren in Poelenburg en Peldersveld vraagt veel van bewoners. het is belangrijk om hen hierin goed mee te nemen. Bij plannen voor herstructurering en verdichting zal goed moeten worden nagedacht over het perspectief voor de huidige bewoners om door te kunnen stromen in de wijk. Hierbij kan het helpen om de huidige inwoners zoveel mogelijk kansen op een woning te bieden, of het nu gaat om nieuwe woningen of om woningen die door doorstroming vrijkomen.
De huidige regelgeving van de Wbmgp werkt echter belemmerend voor huurders die een uitkering hebben of in de commerciële sector werken en graag zouden willen verhuizen naar een ander sociale huurwoningen in de wijk, bijvoorbeeld omdat vanwege gezinsuitbreiding hun woning te klein is geworden. Dit is meegenomen in het voorliggende voorstel voor een vervolg. Advies Dagelijks Bestuur Pact Poelenburg Peldersveld De gemeente hecht aan de uitspraak van het Dagelijks Bestuur (DB) van het Pact Poelenburg Peldersveld. In dit bestuur, dat iedere 6 weken onder leiding van de burgemeester bijeen is voor de integrale aansturing van het Pact, zijn alle maatschappelijke sectoren en het bedrijfsleven vertegenwoordigd, waaronder de corporaties, het onderwijs, de politie en het bedrijfsleven. In het DB zijn verschillende invalshoeken ingebracht, waarbij de vraag centraal stond of verbetering van de leefbaarheid en veiligheid ook zonder de Wbmgp kan of dat het juist nog te vroeg is om ‘oude schoenen weg te gooien’. Het DB betreurt dat de toepassing van de wet een negatieve lading heeft. Zij constateert dat er zowel in het onderwijs als breed in de wijk nog sprake is van een neerwaartse spiraal die direct te maken heeft met de nieuwe instroom, met name via (kamer)verhuur in de particuliere markt.
Heterogeniteit is op scholen heel belangrijk voor de kansen voor kinderen; er is nu nog steeds sprake van een negatieve spiraal. Daarom is het voor het DB belangrijk om voor de komende jaren te blijven sturen op het versterken van de instroom. Ze hecht er aan dit te doen via een positieve insteek door de wijk te versterken en de leefbaarheid in de wijk meer te verbeteren. De woningcorporaties willen graag op zoek naar alternatieve mogelijkheden voor maatwerkgerichte woningtoewijzing. Het DB stelt voor om daarom ook de mogelijkheid te onderzoeken om in een bepaald aantal gevallen voorrang te geven aan nieuwe inwoners die niet aan de voorrangscriteria voldoen maar zich wel willen inzetten voor de wijk. Dit kan bijvoorbeeld via motivatiegesprekken waarbij huurders wordt gevraagd wat hun bijdrage aan de wijk is, via wooncontracten waarbij iemand zich verbindt aan de begeleiding naar werk, of via een voordracht van het sociaal wijkteam omdat een inwoner een tweede kans verdient om zijn of haar leven weer op te bouwen. Daarnaast kunnen corporaties via hun huurbeleid op korte termijn al meer balans in de wijk brengen door ook woningen voor middeninkomens aan te bieden.
Tegelijkertijd constateert het DB dat het goed is om de komende jaren nog gebruik te blijven maken van de Wbmgp, omdat de samenstelling, de leefbaarheid en veiligheid van de wijken nog volop aandacht blijft vragen en alles op alles gezet moet worden om de instroom positief bij te sturen. Dit geldt niet alleen voor de woningen in de sociale huur, maar ook voor de woningen in de particuliere sector die soms te maken heeft met illegaliteit en ondermijning. Voor de regulering van de instroom in dat segment zijn daarom extra maatregelen wenselijk. Het DB adviseert verder te kijken naar gerichte locaties in de wijk: straten en complexen waar de kwetsbaarheid zich concentreert.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/28412
6/10
gemeente Zaanstad
Voorkeursrichting gemeente De gemeente wil van Poelenburg en Peldersveld leefbare en veilige wijken maken en waarborgen dat ook de omliggende wijken in leefbaarheid en veiligheid worden versterkt. Samen met 27 partners van het Pact is een plan voor de lange termijn gemaakt, waarbij een breed pakket aan fysieke en sociale maatregelen wordt ingezet. Vanuit wonen wordt geleidelijk ingezet op een grotere diversiteit, met als doel een versterking van deze wijken zodat kinderen hier met goede kansen kunnen opgroeien. Dit door toevoeging van woningen in andere segmenten, sloop en huurmaatregelen. Het verbeteren van de woon- en leefkwaliteit is een zaak van lange adem. De evaluatie laat zien dat dat de leefbaarheid en veiligheid in Poelenburg en Peldersveld op dit moment nog onvoldoende is verbeterd. Zo laten de cijfers minder sociale cohesie en buurtbetrokkenheid zien, en meer meldingen van criminaliteit. Ook vanuit de scholen wordt aangegeven dat er nog onvoldoende verbetering is te zien. Aanvullend op het brede pakket aan maatregelen die in gang zijn gezet, willen we de gereguleerde woningtoewijzing op basis van de Wbmgp als een tijdelijke toevoeging voor nog eens vier jaar inzetten, maar in een aangepaste vorm.
De wet is geen doel, maar is een van de vele maatregelen die ingezet wordt om meer balans in de wijk te brengen op een moment dat er geen of nog te weinig alternatieven voor handen zijn. De gemeente heeft ook oog voor de omliggende buurten en wijken, met name in Zaandam Oost, en wil daarom met de raad en bewoners in gesprek over de wenselijkheid om de Wbmgp gericht in te zetten op die complexen waar de problematiek het grootst is. Het beeld voor de korte termijn is dat de wet voor nog eens vier jaar wordt toegepast, maar dat tegelijkertijd meer ruimte wordt geboden. Dat als opstap naar een periode voor de middellange en lange termijn, waarin de wet niet meer nodig is of alleen nog zeer select wordt toegepast, omdat de woningvoorraad en de bevolkingssamenstelling diverser is geworden en door een brede aanpak de leefbaarheid en veiligheid op gemiddeld Zaans niveau liggen. Aanvullend op de woonruimteverdeling kunnen corporaties op korte termijn ook hun huurbeleid benutten om meer te sturen op diversiteit, bijvoorbeeld door grotere woningen aan te bieden aan gezinnen met een bovenmodaal inkomen. Het duurt immers nog enige jaren voordat de fysieke ingrepen in de wijk gerealiseerd zijn en zichtbaar gaan bijdragen aan de andere samenstelling van de woningvoorraad.
Op basis de evaluatie, de veranderende woningmarkt, het besef dat huidige bewoners een helder perspectief moeten hebben op doorstroming in de wijk en de richting en verschillende invalshoeken die het DB Pact heeft meegegeven, is ervoor gekozen de volgende uitgangspunten voor het vervolg van de Wbmgp te hanteren: 1. Versterk de wijken op een positieve manier 2. Hou vast wat nodig is, geef ruimte waar mogelijk 3. Focus op waar de problematiek het grootst is Deze uitgangspunten zijn als volgt te vertalen: 1. voorrang op basis van sociaal-economische kenmerken, met ruimte voor maatwerk als het gaat om sociale huurwoningen (toepassing van artikel 9) 2. toetsing op de bron (herkomst) van het inkomen voor particuliere huurders (beperkte toepassing van artikel 8) 3. screening op overlastgevende en criminele gedragingen (voortzetting toepassing artikel 10) 4. de maatregelen richten op Poelenburg en Peldersveld en op termijn (mocht uit de verkenning komen dat hier behoefte aan is) ook op nader te bepalen locaties in Zaandam Oost Hieronder volgt een toelichting op deze uitgangspunten: Een meer maatwerkgerichte, minder beperkende toepassing van artikel 9 Voorstel is te kiezen voor een positieve benadering met veel meer ruimte om maatwerk te leveren bij nieuwe verhuringen van sociale huurwoningen. Niet alleen meer via voorrang
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/28412
7/10
gemeente Zaanstad
vanwege inkomen uit arbeid, maar bijvoorbeeld ook als iemand een positieve bijdrage aan de leefbaarheid van de wijk levert kan er voorrang verleend worden. Een project als Vooruit, waarbij studenten in ruil voor een bijdrage aan de wijk een woning krijgen toegewezen, is in feite al een voorbeeld van zo’n positieve benadering. Er zijn meerdere instrumenten denkbaar: gesprekken van corporaties om de motivatie van nieuwe bewoners te beoordelen, wooncontracten waarbij iemand een woning krijgt onder voorwaarde van het accepteren van begeleiding naar werk, of het koppelen van statushouders aan een participatietraject. En bewoners die na veel problemen (financieel, sociaal) een nieuwe start willen maken waarbij volgens het sociaal wijkteam hun netwerk in de wijk cruciaal is om hierin te slagen, kunnen ook onder deze ruimere toepassing vallen. Ook doorstromers in de wijk, bijvoorbeeld bewoners van de wijk bij wie het gezin zo gegroeid is dat de huidige woning niet meer passend is, kunnen in de wijk blijven wonen. In de nieuwe opzet is artikel 9 niet meer geldig is voor de huidige bewoners. Door op deze manier de toepassing van artikel 9 te gaan verruimen, hopen we een beter balans in de wijk te krijgen én meer actieve en betrokken bewoners aan de wijk te binden. We vragen corporaties en andere betrokkenen om een uitwerking van dit instrumentarium.
Eisen aan de aard van het inkomen bij particuliere huurders op grond van artikel 8 Door de Wbmgp beperkt uit te breiden met artikel 8 voor de particuliere sector is het mogelijk een vergunning te weigeren als iemand geen inkomen uit (legale) arbeid heeft. Op deze manier sturen we alsnog op de instroom binnen de particuliere woningmarkt. Iemand die een aanvraag voor een vergunning indient, zal moeten aantonen dat hij of zij inkomen uit legale arbeid ontvangt, van wie en op een rekening die op zijn/haar naam staat. Dit laatste kan mogelijk een preventieve werking hebben op woningeigenaren die hun woning/kamers verhuren aan mensen die worden uitgebuit en/of in het zwarte circuit werkzaam zijn. Hierbij wordt benadrukt dat de regelgeving rondom kamerverhuur artikel 8 van de Wbmgp niet overbodig maakt. Op basis van de Huisvestingsverordening blijft kamerverhuur in de wijken Poelenburg en Peldersveld nog altijd toegestaan voor 1 of 2 personen per woning, en in verband met overgangsrecht geldt voor bestaande verhuurders dat zij een omzettingsvergunning kunnen aanvragen waarmee kamerverhuur tot maximaal 4 personen is toegestaan. Ook de eventuele invoering van een zelfbewoningsplicht via de Wet Opkoopbescherming geldt alleen voor toekomstige gevallen. Voor al die woningen die nu al verhuurd worden, geldt deze wet dus niet.
Voortzetting screening op overlastgevende en criminele activiteiten op grond van artikel 10 Helaas is de veiligheid in de wijk nog onvoldoende verbeterd. Dat is de reden om de screening door de politie op basis van artikel 10 voort te willen zetten. Naast de toepassing van de Wbmgp voor de verhuur van sociale huurwoningen hebben nieuwe bewoners in de sociale en de particuliere huursector een huisvestingsvergunning nodig, waarbij er een screening door de politie plaatsvindt (art. 2.3.13 Huisvestingsverordening Zaanstad).Voor de particuliere sector wordt hier sinds september 2020 ook daadwerkelijk op gehandhaafd. Sinds 1 april 2020 zijn ook nieuwe regels om kamerverhuur te reguleren van kracht, waarbij o.a. voor Poelenburg/Peldersveld strengere regels gelden. Dit ook omdat er kwetsbare arbeidsmigranten in onwenselijke en soms onveilige woonomstandigheden zijn gehuisvest. Toepassing op Zaandam Oost Tot slot is het de intentie van de gemeenteraad om meer nadruk te leggen op die gebieden waar de problematiek het grootst is, en daarmee mogelijke waterbedeffecten voorkomen. Daarom wil de gemeente graag onderzoeken of de maatregelen niet alleen in Poelenburg en Peldersveld, maar ook gericht moeten worden op een aantal kleinere buurten en complexen binnen het grotere gebied Zaandam Oost. De leefbaarheidsproblematiek in Zaanstad is immers groter dan alleen in Poelenburg en Peldersveld.
Ook de toekenning van de middelen uit het Volkshuisvestingsfonds is gericht op het grotere gebied Zaandam Oost.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/28412
8/10
gemeente Zaanstad
Welke dat zijn moet nog verder onderzocht worden. Dit zal ook onderwerp van gesprek zijn met de bewoners van de wijken Kogerveldwijk, Zaandam Zuid en Rosmolenwijk. Op basis van een eerste analyse vanuit de Leefbarometer kan het dan mogelijk gaan om delen van de Bomenbuurt (Zaandam Zuid), Boerenjonkerbuurt (Kogerveldwijk) en de Kleurenbuurt (Hoornseveld). Het bepalen van de locaties binnen Zaandam Oost is een vervolgactie, die samen met woningcorporaties, politie, team woonfraude, bewoners en de sociale wijkteams en met gebruik van de Leefbaarometer wordt opgepakt. Deze uitgangspunten worden in 2022 voor een zienswijze aan de gemeenteraad voorgelegd, omdat de raad uiteindelijk ook het bevoegde orgaan is die een aanvraag al dan niet indient bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken voor de toepassing van de Wbmgp. Binnen het voorstel zijn nog verschillende ‘knoppen’ waaraan gedraaid kan worden, zoals de doelgroepen waaraan voorrang wordt verleend, de mate waarin voorrang wordt verleend, en het al dan niet kiezen voor het van toepassing zijn artikel 8, 9 en 10 van de Wbmgp, voor de gehele wijk, of op een aantal specifieke locaties. Draagvlak De evaluatie en de keuzes voor het vervolg zijn besproken in het DB Pact Poelenburg Peldersveld, waarin gemeente, ministerie BZK, woningcorporaties, politie, het onderwijs en het bedrijfsleven zijn vertegenwoordigd.
In dit overleg zijn verschillende invalshoeken belicht. De woningcorporaties geven aan dat zij, als de raad besluit tot een vervolg van toepassing van de wet, dit zullen uitvoeren en daarbij willen werken aan goede alternatieven voor de woningtoewijzing om zo bij te dragen aan het versterken van Poelenburg en Peldersveld. Veel bewoners in Poelenburg en Peldersveld staan achter de Wbmgp en pleiten ervoor om die in ieder geval nog vier jaar door te zetten. Ze geven aan dat 'we er nog niet zijn' en om het effect van deze maatregel zichtbaar te maken in de wijk dat ze graag zien dat er een verlenging komt. Als er geen verlenging komt, zijn we weer terug bij af. Een recente enquête onder bewoners naar de gebiedsontwikkeling in de toekomst van de wijk blijkt dat bewoners graag een meer diverse samenstelling van de wijk willen. Tijdens een recente bijeenkomst over veiligheid in Poelenburg was er veel steun van de aanwezige bewoners voor het doorzetten van de Wbmgp. Dit voorstel is mede gebaseerd op deze brede steun van bewoners en partners. Voor bewoners van de wijken in Zaandam Oost is het een ander verhaal. Daar moet het gesprek hierover nog gestart worden. De komende maanden zal met huurderscommissies, via de wijkmanagers en op andere plekken waar bewoners samenkomen hierover gesproken worden. Deze gesprekken geven inzicht in de mate van draagvlak onder bewoners.
Dit, samen met de data van corporaties, sociale wijkteams en politie leveren de input voor een mogelijke selectie van locaties. Vanuit het Dagelijks bestuur van het Pact PP is er ook steun voor het onderzoek naar uitbreiden van de maatregelen naar locaties in Zaandam Oost. Aansluiting externe ontwikkelingen Het Rijk heeft de wet in 2021 geëvalueerd. De minister concludeert dat de Wbmgp een belangrijk maatschappelijk belang dient en gerechtvaardigd ingrijpt op het recht van vrijheid van vestiging, uiteraard met inachtneming van de ingebouwde waarborgen. De evaluatie biedt het Rijk een aanknopingspunt voor het doorvoeren van een aantal verbeteringen, die de uitvoering vereenvoudigen en het effectiviteit van de bestaande maatregelen vergroten. Daarnaast wil het Rijk meer experimenteerruimte gaan bieden. Dit is niet van invloed op de aanvraag, die – bij een positieve zienswijze van de raad - op basis van de huidige wet zal plaatsvinden.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/28412
9/10
gemeente Zaanstad
Financiële consequenties Indien de aanvraag wordt goedgekeurd door het ministerie, heeft dit financiële consequenties. De kosten voor de uitvoering van de wet bedragen € 150.000 per jaar vanaf 2022 voor 4 jaar (totaal € 600.000). Het gaat hier om € 75.000 aan kosten voor de vergunningsverlening: het beoordelen en verlenen/weigeren van aanvragen voor een huisvestingsvergunning. En € 75.000 voor toezicht- en handhavingscapaciteit. De afgelopen 4 jaar is gebleken dat een goede en effectieve uitvoering van de wet valt of staat met voldoende toezicht- en uitvoeringscapaciteit (fysieke controles). De toezicht- en handhavingscapaciteit wordt toegevoegd aan het reeds bestaande team wijkgerichte overlast. Dit team zet zich nu ook in op de aanpak van woonfraude. Voorgesteld wordt om € 150.000 voor 2022 ten laste te brengen van de Regio Deal ZaanIJ. De extra € 150.000 per jaar vanaf 2023 wordt afgewogen in de voorjaarsnota 2022 /programmabegroting 2023. Omdat de voortzetting van de Wbmgp jaarlijks kan worden heroverwogen sorteert de raad met deze besluitvorming niet voor op de integrale afweging die nog moet plaatsvinden voor de begrotingen 2023 e.v. en is er geen sprake van preprioritaire besluitvorming. Juridische consequenties De huisvestingsverordening moet na toestemming van het Rijk worden aangepast. In verband met de uitbreiding van artikel 8 voor de particuliere woningmarkt.
De aangepaste huisvestingsverordening zal zo spoedig mogelijk na het besluit van de Minister van BZK aan de Raad worden voorgelegd. Bij het opstellen van de aanvraag heeft er afstemming plaatsgevonden met het ministerie. Onder meer om aan de eisen die het ministerie stelt te voldoen. Communicatie/vervolgtraject Communicatie Poelenburg Peldersveld: Informeren bewoners via nieuwsbrief Pact PP (huis aan huis), social media, via scholen en sociale wijkteams. Informeren bewoners tijdens bijeenkomsten over het Pact PP Na instemming van de raad worden de volgende acties in gang gezet: Aanvraag ministerie voor verlenging toepassing Wbmpg Overleg met corporaties over uitwerking van de maatwerkaanpak Aanpassing Huisvestingsverordening. Deze wordt in Q1 2022 ter besluitvorming aan BW en de raad voorgelegd Afhankelijk van resultaten onderzoek Zaandam Oost: vervolgaanvraag voor toepassing van de Wbmgp voor meer complexen.
Opsteller: Justus, R. Versie: 7-12-2021 14:19:00
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/28412
10/10
gemeente Zaanstad
Raadsbesluit De gemeenteraad van Zaanstad, Besluit: 1. In te stemmen met de aanvraag bij de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) voor de gebiedsaanwijzing Poelenburg en Peldersveld op grond van de artikelen 8, 9 en 10 van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Wbmgp); 2. In te stemmen met toepassing van artikel 8 voor particuliere huurwoningen, waarbij nieuwe huurders inkomen moeten hebben uit een van de volgende bronnen: 1. een inkomen uit zelfstandig beroep of bedrijf; 2. een inkomen op grond van een regeling voor vrijwillig vervroegd uittreden; 3. een ouderdomspensioen als bedoeld in de Algemene Ouderdomswet; 4. een ouderdoms- of nabestaandenpensioen als bedoeld in de Wet op de loonbelasting 1964 5. of een aanspraak op studiefinanciering als bedoeld in de Wet studiefinanciering 2000. 3.
In te stemmen met toepassing van artikel 9 voor sociale- en vrije sector huurwoningen van de woningbouwcorporaties, waarbij er voorrang wordt gegeven aan nieuwe huurders met inkomen uit: a) een inkomen op grond van het in dienstbetrekking verrichten van arbeid; b) een inkomen uit zelfstandig beroep of bedrijf; c) een inkomen op grond van een regeling voor vrijwillig vervroegd uittreden; d) een ouderdomspensioen als bedoeld in de Algemene Ouderdomswet; e) een ouderdoms- of nabestaandenpensioen als bedoeld in de Wet op de loonbelasting 1964 f) of een aanspraak op studiefinanciering als bedoeld in de Wet studiefinanciering 2000; met daarbinnen voorrang; aan woningzoekenden met inkomen uit non-commerciële dienstverlening (conform de definitie van het CBS); (ii) voorrang aan woningzoekenden met een startkwalificatie, (conform artikel 1 van de Leerplichtwet) 2, opdat: 4. In te stemmen met toepassing van artikel 10, screening op overlastgevende en criminele activiteiten voor alle huurwoningen; 5. In te stemmen dat toepassing van artikelen 8 en 9 niet geldt voor de huidige ingeschreven bewoners van Poelenburg en Peldersveld als zij besluiten om binnen de wijken Poelenburg en Peldersveld te verhuizen; 6.
In te stemmen dat de financiële consequenties van de uitvoering van de Wbmgp van €150.000 (inclusief toezicht en handhaving) per jaar voor het jaar 2022 ten laste wordt gebracht van de Regio Deal ZaanIJ en de €150.000 per jaar vanaf 2023 integraal wordt afgewogen bij de voorjaarsnota 2022 /programmabegroting 2023; 7. In te stemmen met het mandateren van het College van Burgermeester en Wethouders om de aanvraag in te dienen bij de Minister van BZK
In de vergadering van …………………..…….-…………………..…………………………...- 2021 De griffier,
De voorzitter,