Bijlage Nadere regels woonschepen
Tekst van het document
2022/2033
Nadere Regels Woonschepen Op basis van artikel 5, lid 3 van de Woonschepenverordening Zaanstad 2010, worden de navolgende nadere regels voor woonschepen vastgesteld.
ARTIKEL I Afmetingen woonschip en ontheffing 1.1 De maximum afmetingen van een woonark zijn: a. lengte: 20 meter;
b. breedte: 6,50 meter;
c. hoogte: 5 meter boven de waterlijn; d. diepte: 2 meter onder de waterlijn.
1.2 Het college kan, onder meer in verband met de voorzieningen als bedoeld in artikel 1 lid 2
van de Woonschepenverordening, ontheffing verlenen van de sub a en b genoemde afmetingen tot maximaal 25 respectievelijk 6,875 meter, mits dat niet leidt overschrijding van de waterkavelgrens, genoemd in artikel 11 lid 1 sub j Woonschepenverordening. 1.3 De maximum afmetingen van een woonboot zijn: a. lengte: 32 meter;
b. breedte: 6,50 meter;
c. hoogte: 5 meter boven de waterlijn; d. diepte: 2 meter onder de waterlijn.
1.4 Het college kan, onder meer in verband met de voorzieningen als bedoeld in artikel 1 lid 2 Woonschepenverordening, ontheffing verlenen van de sub a en b genoemde afmetingen tot maximaal 40 respectievelijk 7,50 meter, mits dat niet leidt overschrijding van de waterkavelgrens, genoemd in artikel 11 lid 1 sub j Woonschepenverordening.
1.5 Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste en derde lid tot de maximale afmetingen toegestaan op basis van een ter plaatse van een ligplaats geldend
bestemmingsplan, indien deze afmetingen de in het eerste en derde lid genoemde afmetingen overschrijden en mits dat niet leidt overschrijding van de waterkavelgrens, genoemd in artikel 11 lid 1 sub j Woonschepen.
1.6 Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het derde lid onder d voor een diepte tot 4 meter onder de waterlijn.