Bijlage Maatschappelijke visie Zaanstad Gespreksverslagen partners
Tekst van het document
2021/24840
Bijlage bij Maatschappelijke visie – Verslagen van aanvullende gesprekken met partners Gesprek met Stichting Animo - Mehmet Demirözcan Dinsdag 21 sept 2021 (Aanwezig namens gemeente Zaanstad: Majda Bouayad en Lisan Adolf) Wat ziet u als grote maatschappelijke opgaven / problemen in Zaanstad nu en/of richting 2040? En welke rol speelt uw organisatie daarin, of wat zou uw organisatie kunnen bijdragen? - Eenzaamheid: er is veel eenzaamheid in de Zaanse wijken, Animo gaat daarom bij mensen langs, doet boodschappen voor mensen, deelt soep uit, is actief bij de Voedselbank etc; voor Corona waren ze ook actief met dingen als Burendag en schoonmaakacties maar dat was afgelopen tijd lastig. - Onderwijs: het is heel belangrijk dat kinderen samen naar school gaan, gemengd qua culturele achtergronden. Je ziet verschil als kinderen naar een vrijwel geheel “zwarte school” gaan, dan is er veel minder contact met en deelname aan de Nederlandse samenleving, dan wanneer ze naar een “witte” of gemengde school gaan. Het is heel belangrijk dat kinderen op school of op plekken zoals bij Animo meekrijgen hoe belangrijk dat samenleven is; docenten en andere rolmodellen (denk aan voetballers, ondernemers, influencers) kunnen daarin een grote rol spelen. En het maakt ook erg uit wat je ouders je daarin meegeven.
Ook het goed leren van de taal is ontzettend belangrijk, anders kun je geen contact leggen en niet meedoen. - Polarisatie, het belang van samen leven en verbinding: er zijn mensen met een migratie-achtergrond die zich afzijdig houden van de Nederlandse samenleving, soms zelfs anti-Nederlanders zijn en zich afzetten tegen migranten die wel met Nederlanders omgaan. En er zijn ook Nederlanders die tegen migranten zijn, omdat ze hen niet kennen of het gevoel hebben dat migranten ‘hun’ huizen of banen innemen, of de islam als bedreigend ervaren. Beide is onwenselijk, dat moeten we tegengaan; we moeten mensen verbinden, en leren inzien hoe belangrijk het is om goed samen te leven in de stad. Steeds met elkaar de dialoog voeren, en inzien dat je zelf ook iets moet doen, het moet van alle kanten komen, niet alleen van ‘de migranten’ of van ‘de witte Nederlanders’ maar samen. Het lukt bijvoorbeeld ondanks alle pogingen vanuit Animo toch nog te weinig om ook ‘witte Nederlanders’ naar de activiteiten toe te laten komen; en nog te weinig mensen met een migratie-achtergrond worden actief in ‘Nederlandse’ organisaties, al neemt het wel wat toe. Gelukkig zijn er ook veel jongeren (en volwassenen) die dat inzien en zich actief inzetten voor het samen leven in de Zaanse wijken. Als we dat goed benutten en versterken kan Zaanstad zoveel mooier zijn over 5 tot 10 jaar, en zeker in 2040.
Wat vindt u goed in Zaanstad, waar mogen de Zaankanters trots op zijn? - Op de Burgemeester! En op wethouder Rita Noordzij. Zij komen regelmatig langs bij organisaties zoals Animo, gaan in gesprek, zijn zichtbaar en bereikbaar voor bewoners, zorgen voor verbinding. - Goed dat medewerkers van de gemeente zoals eerst Daniele en nu Ümit actief organisaties zoals Animo in verbinding brengen met bijvoorbeeld de Sociaal Wijkteams, want de vrijwilligers van Animo kunnen veel meer doen maar hebben wel wat informatie en contacten nodig: wat zijn dingen waar zij aan kunnen bijdragen? Waar is behoefte aan? Dat vraagt wat organisatie. - Het strand in Poelenburg is een heel goed initiatief, dat is een positief signaal voor mensen die daar wonen: wij doen er ook toe, wij worden gezien, wij mogen hier zijn en er wordt in ons geïnvesteerd. Anders bestaat het gevaar dat mensen daar denken ‘we zijn niet welkom in Nederland’ en jongeren alleen negatieve ervaringen hebben met bijvoorbeeld het vinden van een stage of werk. Wat wilt u verder nog meegeven aan de gemeente? - Blijf doorgaan met het gesprek aangaan en groepen mensen met elkaar verbinden, en probeer ervoor te zorgen dat er (vanuit allerlei organisaties en groepen) nog veel meer van dat soort momenten en activiteiten komen.
Samen activiteiten organiseren, samen feest vieren en dansen, samen eten en samen koken, samen sporten; dat verbindt. - Ga ook op bezoek en in gesprek op locaties die een wat meer gesloten indruk maken, weet wat daar gebeurt, en pas op dat met name jongeren niet radicaliseren. Er zijn plekken waar jonge kinderen tot
2021/24840
’s avonds laat op straat rondhangen, waar overlast is van brommers, waar gerookt wordt en soms drugs gebruikt of verhandeld, waar kinderen en jongeren zich niet verbonden voelen met de Nederlandse samenleving. Leg contact met die kinderen en jongeren, en met de ouders, probeer ze naar activiteiten en locaties te laten komen waar ze een positieve draai aan hun leven kunnen geven en leren inzien dat ze zich actief voor anderen in de stad kunnen inzetten. - Zorg voor meer gemengde wijken, en verspreid de betaalbare woningen meer over de stad. De afgelopen jaren zag je dat veel mensen met een laag inkomen, zeker ook mensen met een migratieachtergrond, terecht komen in de wijken zoals Poelenburg en Zaandam Zuid; en dat mensen met een migratie-achtergrond bijvoorbeeld nauwelijks terecht komen in – of vrienden/kennissen hebben in – het Kalf of Westerwatering. Heel goed dat er nu al extra eisen worden gesteld om te kunnen gaan wonen in Poelenburg. - Ga in gesprek met de scholen over het belang van vormingsonderwijs/burgerschapskunde en hoe dat wordt gegeven. Tot nu toe geven de schoolbesturen ondanks herhaald aanbod van Mehmet aan: nee, dat hoeft niet, dat doen wij zelf. Terwijl de scholen het ook heel druk hebben.
En er bijvoorbeeld inmiddels goede ervaringen zijn opgedaan in Rotterdam, in Lelystad, in Amersfoort, met een serie gastlessen op scholen door mensen met verschillende culturele achtergronden en religies. Je ziet dat dat op scholen tot een veel betere sfeer leidt, tot meer begrip en tolerantie tussen jongeren, tot echt contact en vriendschap tussen witte Nederlandse jongeren en jongeren met een migratie-achtergrond (meestal: van hun ouders, want zelf zijn ze vaak in Nederland geboren).
2021/24840
Gesprek met DIDF – Gazi Gulem 23 sept 2021 (Aanwezig namens de gemeente Zaanstad: Lisan Adolf en Majda Bouayad) Wat ziet u als grote maatschappelijke opgaven / problemen in Zaanstad nu en/of richting 2040? En welke rol speelt uw organisatie daarin, of wat zou uw organisatie kunnen bijdragen? - Alles wordt duurder (zoals eigen bijdrage zorgverzekering), goedkope woning is niet te vinden. DIDF ziet veel problemen: veel armoede, veel vrouwen die depressief zijn doordat ze veel met de kinderen thuis zitten en er niet uitkomen, veel huiselijk geweld. Dat laatste daar durven vrouwen niet in het openbaar over te praten. DIDF helpt deze vrouwen en zorgt ervoor dat zij bij de juiste instellingen terecht komen voor hulp. - Als het slecht gaat in deze stad raakt dat ons allemaal, dan gaat het straks ook slecht met jou. Misschien niet nu gelijk, maar wel in de toekomst. - Regelmatig in overleg is heel belangrijk. Maar niet alleen praten, ook dingen oplossen! En: samen, niet alleen de migranten organisaties maar juist ook samen met “witte, Nederlandse” organisaties. Samen leven is het vraagstuk van ons allemaal! Het moet van alle kanten komen. Als er geen integratie is komt dat niet alleen door de “migranten” maar net zo goed door de “Nederlanders”. Kinderen moeten van hun ouders ook meekrijgen dat wij allemaal anders zijn en dat wij met respect met elkaar om moeten gaan.
Mensen moeten zich niet terugtrekken. Praat over de dingen waarin wij van elkaar verschillen. - Oplossingen (rond samenleven) moeten in de buurt ontstaan (buren met verschillende achtergronden, samen eten en drinken, dingen vieren); je ziet dat er dan vaak tussen buren helemaal geen probleem is. En op het werk! Mooi voorbeeld: bij woondemonstratie in Amsterdam was er een hele bus van Albert Heijn, met alle medewerkers samen (ongeacht kleur, geloof, opleiding of functie) Dit is echt iets van de lange termijn, is niet op korte termijn op te lossen. Rustig stappen zetten met elkaar in de goede richting - Er is soms angst: onder migranten (is dit land niet voor ons?) en onder witte Nederlanders (verstaan de andere taal niet, bang voor extremisme, druk op huizen en banen). Kun je alleen samen wegnemen door elkaar te leren kennen. - Niet alleen mooi praten en mooie stukken schrijven maar ook echt iets doen. Politiek: doe wat je belooft, anders verliezen mensen vertrouwen. Gemeente: organiseer verbinding, activiteiten die mensen samen brengen. Mooi voorbeeld 19 jan 2019 in Zaantheater, 850 mensen! Volgend jaar bestaat DIDF 40 jaar, willen in dat jubileum jaar graag extra veel doen aan verbinding.
Ze hebben een grote achterban, en komen ook bij mensen thuis, mond tot mond reclame werkt heel goed, naast sociale media en folders (tijdens folders uitdelen gaan allerlei mensen met je in gesprek; als ze jou kennen, pas dan vertrouwen ze je en vertellen ze hun problemen) Wat vindt u goed in Zaanstad, waar mogen de Zaankanters trots op zijn? -Dat veel mensen goed samen leven met hun buren; dat veel mensen bereid zijn om iets te doen voor anderen, als het ze gevraagd wordt door iemand die ze kennen en vertrouwen - Jongeren willen ook heel graag bijdragen, en erbij horen in de Zaanse samenleving en zich hier thuisvoelen - ze zijn meestal ook hier geboren dus het is ook hun stad! Maakt ook uit wat je daarin van je ouders meekrijgt. Heel belangrijk is taal: je moet kunnen luisteren, om elkaar te begrijpen, en kunnen praten, om contact te maken en dingen uit leggen -Organiseer sport op buurt of wijkniveau, maak gemengde teams, en zeg: neem volgende keer je vrienden mee. Zo groeit het. -Koester dat we echt vrij en een democratie zijn in West Europa. Dat zijn we soms een beetje vergeten. Veel geld of kapitaal maakt je niet blij als mens, maar wel hoe je met elkaar samen leeft in deze stad; het contact met anderen. Laat de anderen in hun waarde, laat ze vrij in hoe ze over dingen denken. Mens zijn betekent niet egoïstisch zijn maar iets doen voor en met anderen.
2021/24840
Gesprek met De Corner (Ron Kistemaker) en De Zaanse uitdaging (Bas Husslage) 5 okt 2021 (Aanwezig namens de gemeente Zaanstad Lisan Adolf, Marijn Freud en Majda Bouayad) Wat ziet u als grote maatschappelijke opgaven / problemen in Zaanstad nu en/of richting 2040? En welke rol speelt uw organisatie daarin, of wat zou uw organisatie kunnen bijdragen? -Fysieke verbinding (infrastructuur) ontbreekt. In de maatschappelijke visie wordt gesproken over een sociale verbinding, maar dit vergt ook een fysieke verbinding tussen gebieden. Zorg voor bijvoorbeeld een fly-over tussen Poelenburg en de Achtersluispolder. Zo komen groepen ook makkelijker bij elkaar. Dit is ook belangrijk voor economische ontwikkeling. Het is nu moeilijk voor werkzoekenden om in bepaalde gebieden te komen waar voldoende werk is , omdat een goede bus-/trein-/autoverbinding ontbreekt. -Investeer in basisvaardigheden/voorwaarden (certificaten, taal) voor nieuwkomers om aan het werk te kunnen en deel te nemen aan de maatschappij. Zorg dat mensen bij binnenkomst een (korte, praktische) opleiding volgen waarmee ze een certificaat krijgen en gelijk aan het werk kunnen. Vluchtelingen en nieuwkomers hebben vaak na een lange tijd bijv. nog steeds geen heftruckdiploma of hun rijbewijs omgezet. -Saamhorigheid: veel mensen zijn door de coronacrisis meer op zichzelf teruggeworpen.
Het is belangrijk dat er meer barmhartigheid ontstaat en dat mensen naar elkaar omkijken. Ook bedrijven moeten zich meer sociaalmaatschappelijk opstellen. Veel organisaties willen hier iets mee, maar hebben ook steun nodig van andere organisaties. -Werk vanuit de kracht die er al in de samenleving is. De gemeente wil vaak van alles veranderen en het wiel opnieuw uitvinden, maar het is vooral ook belangrijk om datgene wat er al is te versterken. De gemeente moet ook meer een verbindende rol spelen i.p.v. alles zelf te willen doen. Wees ook kritisch op wie je als gemeente wil versterken en de partners waarmee je samenwerkt. De gemeente moet beter zicht hebben op organisaties in de stad die binnen een bepaald thema actief zijn. Kijk waar er knooppunten zitten en waar extra knooppunten toegevoegd moeten worden. Op deze manier wordt het netwerk versterkt. -Zorg dat de gemeente zichtbaar is en dat er locaties zijn in de wijk waar burgers snel terecht kunnen voor informatie en hulp. Zorg dat bewoners de gemeente snel kunnen bereiken. Dit gaat ook over verbinding. -Door corona zijn veel ouderen gestopt met het doen van vrijwilligerswerk uit angst om ziek te worden. Dit is een groot probleem. Het is belangrijk om jongeren en mensen van middelbare leeftijd te stimuleren om vrijwilligers werk te doen. Jongeren moeten op school leren dat het normaal en belangrijk is dat je anderen helpt.
Wat wilt u verder nog meegeven aan de gemeente? - Er is veel bereidheid in de samenleving, maar dit moet ook wel goed georganiseerd worden. De gemeente moet ervoor zorgen dat verschillende bewoners/partners bij elkaar komen, want dan gebeurt er pas iets. Waardeer ook de partijen die zich inzetten voor de stad en spreek dit naar hen uit. En onderzoek hoe de gemeente kan helpen om de partijen die zich voor de stad inzetten te ondersteunen. Veel maatschappelijke organisaties hebben moeite met het vinden van bestuurders. Dit moet geprofessionaliseerd worden. Kijk hoe je dingen verder kan brengen. -Zet meer in op de verbinding van het bedrijfsleven met maatschappelijke organisaties/vraagstukken. De ondernemers en maatschappelijke organisaties kunnen samen problemen vaak efficiënter en effectiever oplossen. Er is een enorme slagkracht, maar de gemeente heeft moeite om het bedrijfsleven mee te krijgen. Dit moet beter georganiseerd worden en hiervoor kan de gemeente meer gebruik maken van o.a. de Zaanse uitdaging. Hoe meer ondernemers maatschappelijk betrokken zijn, des te meer bedrijven zich ook gaan inzetten voor de maatschappij. Dit heeft ook betrekking op de eerdere opmerking: stimuleer wat er al is. Het is ook belangrijk dat medewerkers van de gemeente
2021/24840
naar bijeenkomsten van de ondernemers komen en ook in het bestuur van het ondernemersnetwerk zitten om te horen wat er speelt. Op dit moment zien de ondernemers een terugtrekkende beweging van de gemeente, terwijl er wel wordt gepleit voor verbinding. -De maatschappelijke visie moest eigenlijk samen met bewoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers geschreven worden. Op deze manier krijg je ook meer steun van de samenleving en is het niet alleen iets van de gemeente. Mensen willen zich gehoord voelen en dit was een mooie kans geweest om verschillende partijen en perspectieven te betrekken.
2021/24840
Gesprek met Hart voor Zaanstad - Sjaak Visser (Protestantse Gemeente Zaandam), Mark Veurink (Menorah Zaanstad), Gerrit van Klaveren (Vrije Evangelische Gemeente Zaandam) Donderdag 30 sept 2021 (Aanwezig namens gemeente Zaanstad: Lisan Adolf en Majda Bouayad ) Wat ziet u als grote maatschappelijke opgaven / problemen in Zaanstad nu en/of richting 2040? En welke rol speelt uw organisatie daarin, of wat zou uw organisatie kunnen bijdragen? -
-
-
-
-
-
Aandacht voor ouderen en eenzaamheid: de kerken zijn in gesprek met de diaconie over hoe zij hulp kunnen bieden aan mensen in de samenleving die dit nodig hebben. Een manier om eenzaamheid tegen te gaan, is door mensen te stimuleren om hun huizen open te stellen. De protestantste kerken willen zo veel mogelijk plekken in de wijken creëren waar mensen heen kunnen gaan om een kop koffie te drinken en elkaar te ontmoeten. Daarnaast bieden zij ook individuele begeleiding aan om mensen weerbaarder te maken. Schuldenproblematiek: Meer aandacht voor projecten als Stichting Schuldhulpmaatje en achterliggende problematiek van schulden. Vaak komen hulpverleners te laat in beeld. Verschillende opgeleide vrijwilligers zetten zich via de kerken in om mensen uit de schulden te helpen. Hierin zouden zij meer verbinding willen zoeken met de sociale wijkteams. De kerken zetten zich ook via Stichting Present in om lokale hulpverleners te verbinden aan mensen die te maken hebben met armoede, gezondheidsproblemen en eenzaamheid. Verder bieden zij ook een cursus budgetteren aan om mensen te helpen die geen goed zicht hebben op hun financiën en daardoor mogelijk in de problemen kunnen komen. Deze mensen bereiken zij via het eigen netwerk en de sociale wijkteams. Maak je als gemeente aanspreekbaar en zichtbaar voor iedereen.
Mensen hebben behoefte aan een plek waar je tijdens kantoortijden naar binnen kunt lopen, en waar je iemand treft die naar je luistert en je verder helpt. Niet een overheid die zich verbergt achter een website/telefoon. De gemeente moet meer oog hebben voor de menselijke maat, en durven fouten te maken en deze ook eerlijk toe te geven. Jeugdcriminaliteit: jongeren die snel rijk willen worden en daardoor vaak kiezen voor de criminaliteit. Via het onderwijs moeten wij de jongeren tijdig bereiken om hen bewust te maken van de gevolgen van criminaliteit. Dit is een belangrijke verantwoordelijkheid van o.a. de scholen. Verbinding tussen verschillende groepen in de samenleving. Het is belangrijk om opzoek te gaan naar mogelijkheden om elkaar te ontmoeten. Een mooie voorbeeld is het vieren van elkaars feesten. Dit draagt o.a. bij aan het veranderen van negatieve beeldvormingen over bepaalde groepen mensen en zorgt voor verbinding. Door de verschillen zijn mensen geneigd om gelijkgestemden op te zoeken, omdat de drempel veel kleiner is. We moeten mensen stimuleren om met elkaar het gesprek aan te gaan. Het organiseren van bijvoorbeeld sportactiviteiten in een wijk kan heel goed zijn voor de verbinding. Dit is heel waardevol omdat men elkaar vervolgens ook tegen komt op straat en in de supermarkt .
Afstemming en samenwerking tussen de verschillende organisaties in een wijk is hierbij belangrijk. Levensvragen Als kerken kunnen we een rol spelen waar mensen, ook jongeren, levensvragen hebben; zingeving is immers onderdeel van het begrip positieve gezondheid. Ook pastoraat en rouwverwerking, helpen bij het omgaan met verlies van baan, etc. hoort tot het standaard takenpakket van kerkelijk werkers.
2021/24840
Wat vindt u goed in Zaanstad, waar mogen de Zaankanters trots op zijn? - Er is een enorme slagkracht en drive bij Zaankanters om dingen voor elkaar te krijgen. Veel mensen zijn bereid om zich vrijwillig in te zetten voor een goed doel en dit zorgt ook voor verbinding. Verschillende projecten komen hierdoor ook van de grond. De Dorcaswinkel is hier een mooi voorbeeld van. Die draait volledig op vrijwilligers. - In Zaanstad zijn vluchtelingen goed opgevangen. In tegenstelling tot sommige andere steden, is er in Zaanstad veel draagvlak. De mensen in Zaanstad leven enorm mee en dit moeten wij ook laten zien.
2021/24840
Gesprek met brugfunctionaris- Emine Onsoy (De Gouw) 29 sept. 2021 (Aanwezig namens gemeente Zaanstad: Majda Bouayad) Wat ziet u als grote maatschappelijke opgaven/problemen in Zaanstad nu en/of richting 2040? En welke rol speelt uw organisatie daarin, of wat zou uw organisatie kunnen bijdragen? -
Brugfunctionarissen maken ouders wegwijs binnen het onderwijs en werken aan de ouderbetrokkenheid. Echter, ze helpen niet alleen met schoolgerelateerde zaken. De brugfunctionaris verwijst ouders o.b.v. de hulpvragen naar verschillende instanties/organisaties. In sommige gevallen gaat ze ook mee met ouders die de taal niet goed spreken. Om ouderbetrokkenheid te stimuleren is het ook belangrijk om ouders te helpen met andere vraagstukken of problemen die betrekking hebben op basisbehoeften. Zo helpt de brugfunctionaris ook ouders die schulden hebben of niet rond kunnen komen door ze o.a. te verwijzen naar de sociale wijkteams. Deze ouders hebben vaak stress en dit heeft invloed op de thuissituatie van kinderen. Het is belangrijk om op deze manier te investeren in de relaties met ouders. Dit zorgt voor vertrouwen en zij merken dat ouders hierdoor ook extra bereid zijn om naar ouderavonden te komen.
-
Taalachterstand is een belangrijke aandachtspunt in de wijk. Mensen leven in hun eigen bubbel. Veel mensen in Poelenburg spreken de taal niet, en dit maakt dat zij niet goed mee kunnen doen in de samenleving. Mensen kunnen hierdoor ook niet met elkaar communiceren. De gemeente moet werken aan de diversiteit in wijken. Zorg dat wijken gemixt worden en dat kinderen met een biculturele achtergrond ook opgroeien met witte Nederlandse kindjes en met elkaar spelen op straat.
-
Investeer in nieuwkomers. Zorg dat zij goed landen in een wijk en basisvaardigheden leren. Zorg dat zij de taal leren, een opleiding volgen en mee kunnen doen in de samenleving. In Poelenburg en Peldersveld komen veel Bulgaren wonen. Bij hen ontbreekt de motivatie om de taal te leren en deel te nemen aan de maatschappij. Ze zijn vooral druk bezig met werken om geld te verdienen. Dit is aan ene kant begrijpelijk omdat ze rond moeten komen, maar aan de andere kant is het heel jammer omdat dit heel belangrijk is voor de toekomst van hun kinderen. Ouders die de taal niet spreken kunnen hun kinderen niet helpen met huiswerk en begrijpen het onderwijssysteem niet. Er zijn gelukkig verschillende organisaties waar vrijwilligers taalles bieden, maar zorg dat het kwalitatief goede cursussen zijn en dat deze mensen certificaten ontvangen na afloop om aan het werk te kunnen. De gemeente moet meer investeren in deze mensen om te voorkomen dat zij net als de eerste generatie Marokkaanse en Turkse migranten in de jaren 60 niet goed integreren, en dat de geschiedenis zich herhaalt in onze wijken.
-
Huisvesting is ook een belangrijk vraagstuk. Veel Bulgaren wonen in onderhuur en/of met meerdere gezinnen in een huis en dit veroorzaakt problemen. Daardoor moeten ze vaak verhuizen. Het veroorzaakt veel stress bij ouders en deze situatie is niet goed voor kinderen.
-
Veel ouders zijn niet goed op de hoogte van de verschillende voorzieningen en regelingen waar zij gebruik van kunnen maken. De brugfunctionaris probeert ouders die het niet breed hebben te verwijzen naar Meedoen Zaanstad en te attenderen op andere regelingen waar zij gebruik van kunnen maken. Zij proberen hier alert op te zijn tijdens intakegesprekken.
-
Ouderavonden organiseren in de taal die ouders goed begrijpen. Ouders die de Nederlandse taal niet spreken, zijn moeilijk te betrekken bij ouderavonden. Zij komen vaak niet opdagen omdat zij de taal niet spreken. Het is daarom belangrijk om ouderavonden ook in andere talen
2021/24840
te organiseren. De brugfunctionaris/school heeft hiermee geëxperimenteerd en constateert dat dit leidt tot een veel grotere opkomst van Turks en Arabisch sprekende ouders. Ouders hebben ook aangegeven dat zij het fijner vinden wanneer er Turks of Arabisch wordt gesproken, omdat zij hierdoor veel meer begrijpen. Dit leidt ook tot veel meer interactie tijdens de ouderavonden. Ouders schaamden zich voorheen om iets te zeggen, omdat ze niet goed Nederlands spreken en bang waren fouten te maken. Ouders praten veel meer mee wanneer ouderavonden in hun moedertaal worden georganiseerd. Je wil uiteindelijk dat de boodschap overkomt, en dat ouders goed de informatie voor hun kinderen meekrijgen. Tijdens de ouderavonden krijgen ouders ook mee waarom het belangrijk is zij de Nederlandse taal leren. Dus ouders worden ook gestimuleerd om de taal te leren. Zij merken dat hierdoor ook veel ouders op zoek gaan naar mogelijkheden om de Nederlandse taal te leren. Dit besef dringt beter door bij ouders. Wat vindt u goed in Zaanstad, waar mogen de Zaankanters trots op zijn? De strijdlust in Zaanstad. De bereidheid om iets met elkaar voor elkaar te krijgen is groot. We zien een goede samenwerking tussen organisaties en bewoners die zich inzetten om de stad mooier en beter te maken.
2021/24840
Gesprek met jongeren – Jongeren HUB & RAAZ 28 sept & 30 sept 2021 (Aanwezig namens gemeente Zaanstad: Majda Bouayad) -
De jongeren zien niet veel verandering of ontwikkeling in de vraagstukken en opgaven van de stad. Ze vinden dat de gemeente constant dezelfde maatschappelijke vraagstukken en opgaven beschrijft en allerlei doelstellingen opstelt, maar weinig voor elkaar krijgt. Duurzaamheid is bijvoorbeeld zo’n vraagstuk. Er wordt heel lang geroepen dat wij bewuster met de aarde moeten omgaan, maar de jongeren zien hier weinig van terug. Ze vinden het wel goed dat er gereflecteerd wordt op de afgelopen jaren en dat er nieuwe inzichten worden gedeeld. Zorg dat de gemeente regelmatig evalueert om tijdig bij te sturen. Zo kan voorkomen worden dat de gemeente blijft inzetten op de verkeerde dingen.
-
Het is goed dat de gemeente preventief fouilleert in bepaalde wijken. Wel moet voorkomen worden dat de politie mensen op etnische kenmerken selecteert. In Amsterdam was er kort geleden een incident met de jongerenburgemeester die onterecht staande werd gehouden. Dit zorgt voor frustratie onder jongeren. Dus zorg dat dit op de juiste manier gebeurt in de Zaanse wijken. Preventief fouilleren kan wel zorgen voor een veiliger gevoel. Steeds meer jongeren lopen met een mes op straat. Ruzies onder jongeren escaleren veel sneller. Zo zijn er de afgelopen tijd veel nieuwsberichten voorbij gekomen m.b.t. steekpartijen. Jongeren worden o.a. negatief beïnvloed door muziek en videoclips, waarin ook verschillende rappers/zangers te zien zijn met messen en andere wapens.
-
Er moet meer georganiseerd worden voor jongeren in Zaanstad. In elke wijk moet er een plek zijn voor jongeren om heen te gaan voor activiteiten of om gewoon samen te komen. Jongeren geven aan dat er weinig te doen is. Een aantal jongeren gaan daarom ook liever naar Amsterdam toe. Jongeren zijn wel heel blij met de jongeren HUB. Dit is een plek waar ze zichzelf kunnen zijn en waar ze samen met vrienden verschillende activiteiten doen. Ze vinden het vooral belangrijk dat ze ook invloed hebben op de activiteiten die georganiseerd worden. Ze kunnen ideeën voorstellen aan de jongerenwerkers en zij zorgen ervoor dat dit mogelijk wordt gemaakt. Zorg voor meer plekken zoals de jongeren HUB, buurthuizen en andere plekken waar jongeren samen kunnen komen en activiteiten kunnen organiseren.
-
De aanpak van jeugdcriminaliteit en hoe je de jeugd kunt behoeden van het maken van verkeerde keuzen zijn belangrijke opgaven voor de toekomst. In de stad zie je dat de groep die in de jeugdcriminaliteit terecht komt steeds jonger wordt. Dit heeft te maken met de buurten en sociale omgevingen waar jongeren opgroeien. Zorg voor voorlichtingen in buurthuizen, scholen en andere plekken waar jongeren komen. De gemeente en maatschappelijke organisaties in de stad moeten zichtbaar zijn in wijken en investeren in de relatie met jongeren. Op dit moment ontbreken plekken die goed aansluiten bij de behoeften van jongeren. Door deze plekken te creëren en jongeren hiernaartoe te trekken, kun je in gesprek blijven en signalen oppakken.
-
De jongeren worden te vaak benaderd door de gemeente om mee te denken over allerlei visies, beleid of projecten. Zij zien hier niet altijd iets van terug. De gemeente benadert ook steeds dezelfde jongerenorganisaties om jongeren te spreken. Wees hier meer alert op. Jongeren komen naar deze plekken om te ontspannen en leuke activiteiten te doen. Val hen dus niet te vaak lastig. Het is ook belangrijk om jongeren in een later stadium te betrekken, zodat zij op een kortere termijn resultaat kunnen zien. Vaak delen jongeren hun input voor projecten, visies of beleid en horen vervolgens niks terug over het resultaat. Zorg als gemeente
2021/24840
dat de verwachtingen goed worden afgestemd. Het kan ook goed zijn om meer met jongerenwerkers door de wijken te lopen, om te horen wat er speelt in de wijk. -
Jongerenwerkers geven aan dat het vaak heel lang duurt om dingen te regelen. Ze worden vaak doorverwezen. De gemeente moet sneller reageren en meer ruimte creëren om in sommige gevallen van regels af te wijken. Ze ondervinden veel drempels in het contact met de gemeente vanwege de bureaucratie. Ze worden vaak doorverwezen naar verschillende mensen.
2021/24840
Gesprek met De Zaanse Regenboog – Rosanne Kolvers 6 okt 2021 (Aanwezig namens gemeente Zaanstad: Majda Bouayad) Wat ziet u als grote maatschappelijke opgaven / problemen in Zaanstad nu en/of richting 2040? En welke rol speelt uw organisatie daarin, of wat zou uw organisatie kunnen bijdragen? -Gelijkwaardigheid en jezelf kunnen zijn in Zaanstad; mensen nader tot elkaar brengen. De Zaanse Regenboog probeert hier op allerlei manieren aandacht voor te vragen en constateert dat wij in Zaanstad nog een lange weg te gaan hebben. Het is belangrijk om verschillende groepen in de stad met elkaar in contact te brengen, en hierover met elkaar in gesprek te gaan en in gesprek te blijven. Dat mensen onderling van elkaar verschillen hoeft niet te betekenen dat ze niet met elkaar kunnen samenleven. Er komen steeds meer mensen in Zaanstad wonen en er wordt veel gebouwd. Dit zal resulteren in meer verdichting. Het is dus heel belangrijk dat mensen goed met elkaar kunnen samenleven. Dit wordt een uitdaging voor Zaanstad. Er moet meer geïnvesteerd worden in preventie. Scholen spelen een belangrijke rol hierin. Zij moeten hier vroegtijdig aandacht aan besteden en kinderen leren dat mensen van elkaar kunnen en mogen verschillen. De Zaanse Regenboog heeft een regenboognota geschreven waarin ze aanbevelingen hebben opgenomen voor de gemeente om het beleid op dit gebied te verbeteren.
Het gaat over veilig kunnen sporten, ontmoeting, veiligheid en discriminatie. Daarnaast organiseren zij activiteiten om ontmoeting te stimuleren en de zichtbaarheid van de LHBTIQ+ gemeenschap te vergroten. - Onvoldoende aandacht voor de kwetsbare groepen in de LHBTIQ+ gemeenschap: Veel mensen in de LHBTIQ+ gemeenschap kampen met verschillende problemen en zijn niet altijd goed zichtbaar. Biculturele LHBTIQ+’ers zijn een van de meest kwetsbare groepen in deze gemeenschap. Deze mensen leiden een dubbelleven, omdat ze niet uit de kast kunnen komen vanwege familie of de sociale omgeving. Uit onderzoek blijkt dat deze groep ook kampt met ernstige gezondheidsklachten, zoals depressie en suïcidale gedachten. Vooral voor deze groep mensen is het heel belangrijk dat zij veilig contact kunnen hebben met andere LHBTIQ+’ers. De Zaanse Regenboog onderzoekt hoe zij met deze groep moet omgaan, maar heeft daarin ook de hulp van de gemeente nodig. Deze mensen zijn niet goed zichtbaar voor de gemeente, scholen en sociale wijkteams, en worden daarom vaak niet bereikt. Dit is daarom een belangrijke aandachtspunt. Wij moeten gezamenlijk nadenken hoe wij deze kwetsbare mensen kunnen bereiken. De gemeente en sociale wijkteams weten vaak ook niet hoe zij moeten omgaan met LHBTIQ+ gerelateerde problemen. Er is sprake van handelingsverlegenheid.
Het is belangrijk dat medewerkers goed worden getraind en leren hoe zij met dit soort vraagstukken moeten omgaan. De gemeente heeft daarin ook een belangrijke rol als het gaat om de sociale wijkteams. Zorg dat trainingen voor medewerkers van de sociale wijkteams als verplicht onderdeel wordt opgenomen in nieuwe aanbestedingsrondes. Wat vindt u goed in Zaanstad, waar mogen de Zaankanters trots op zijn? -Er zijn veel mensen die voor elkaar klaar staan en elkaar opzoeken. Een aantal jaar geleden was er een vluchtelingenstroom. Er was toen een grote groep vrijwilligers die meteen aan de slag gingen om taalles te geven en activiteiten te organiseren. We zien een verharding, maar tegelijkertijd zien wij ook positieve dingen in de stad. De kracht van Zaanstad is dat er altijd mensen zijn die zich hard maken voor belangrijke thema’s en bereid zijn om een bijdrage te leveren. Dit moet gekoesterd en meer gestimuleerd worden. Wat wilt u verder nog meegeven aan de gemeente? -Verbinding: Het is voor bewoners en organisaties belangrijk om gehoord te worden door de gemeente. Verbinding moet eigenlijk centraal staan in de maatschappelijke visie. Verbinding tussen
2021/24840
organisaties en mensen in de stad, maar ook met de gemeente. Dit kan beter. Het is voor de Zaanse Regenboog nog niet goed mogelijk om met andere organisaties in contact te komen. Veel organisaties staan er niet voor open. De gemeente zou hierin een faciliterende rol kunnen spelen. Het is belangrijk om met elkaar in gesprek te gaan om samen te kijken hoe wij problemen kunnen oplossen. De Zaanse Regenboog wil meedenken met de gemeente en andere organisaties in Zaanstad om advies te geven als het gaat om de LHBTIQ+ gemeenschap.
2021/24840
Gesprek met “ICT vanaf morgen” – Ewout Nijland Woensdag 13 okt 2021 (Aanwezig namens gemeente Zaanstad: Marijn Freud en Lisan Adolf) Wat ziet u als grote maatschappelijke opgaven / problemen in Zaanstad nu en/of richting 2040? En welke rol speelt uw organisatie daarin, of wat zou uw organisatie kunnen bijdragen? - aansluiting op de arbeidsmarkt voor mensen die al een tijd in de bijstand zitten en voor specifieke groepen zoals jongeren met een vorm van autisme. Onder die groep jongeren zijn er jongens die heel veel gamen, ’s nachts, en dan overdag slapen, waardoor ze eigenlijk buiten de samenleving staan en gezinnen ontwricht raken. Soms komen ze ook uit gebroken gezinnen, met ouders die een verslaving hebben of agressief zijn. Dat heeft natuurlijk impact op hoe deze jongeren opgroeien. “ICT vanaf morgen” helpt deze jongeren om weer in een ritme te komen, eerst misschien met een paar uurtjes per week, en later meer als dat kan; waarbij ze praktische vaardigheden leren rond het hergebruik van computers. Dat gebeurt stapsgewijs, passend bij wat de betreffende cliënt aan kan; en als diegene op enig moment voldoende vaardigheden heeft opgebouwd (meestal na 12-16 weken) wordt een praktijkverklaring op niveau 2 afgegeven, zodat ze ook echt een papier in handen hebben; dat is voor henzelf belangrijk en ook voor werkgevers die iemand zoeken.
En als iemand doorstroomt naar werk wordt diegene in het zonnetje gezet. Het ontwikkelen van zelfvertrouwen is ontzettend belangrijk. Je ziet dan ook dat de cliënten in de loop van een aantal maanden loskomen en opbloeien, en ook de ouders van jongeren zijn ontzettend blij als ze dat zien gebeuren. Het werken met computers voorziet echt in een behoefte, want lang niet iedereen voelt zich thuis bijvoorbeeld in het werken in de groenvoorziening; en juist gamende jongeren kun je hiermee aanspreken en bereiken en hun talenten laten ontwikkelen. - dit draagt ook bij aan duurzaamheid (circulair), want er zijn veel organisaties die hun computers of laptops elke paar jaar vervangen terwijl ze nog best langere tijd mee kunnen als ze refurbished worden. Dus “ICT vanaf morgen” bouwt ook een netwerk op van organisaties en ondernemers die hun oude computers/laptops dan doneren; zo leveren ook die ondernemers/organisaties een grote maatschappelijke bijdrage (zowel qua duurzaamheid als qua het helpen van jongeren of andere mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt). Zo is onlangs een mooi project uitgevoerd met het Regiocollege, dat alle computers heeft laten vervangen door clienten van “ICT vanaf morgen”.
Wat vindt u goed in Zaanstad, waar mogen de Zaankanters trots op zijn? - “ICT vanaf morgen” zit al een aantal jaar in Alkmaar, en heeft sinds kort ook een locatie in Zaandam (die binnenkort officieel wordt geopend). Ze zijn benaderd door Werkom met het voorstel om ook naar Zaanstreek-Waterland te komen. Eerst hebben ze gekeken naar een locatie in PurmerValley, maar dat was heel duur en er was geen geschikt pand want de clienten van “ICT vanaf morgen” hebben echt een rustige omgeving nodig die veilig en vertrouwd aanvoelt. Het is fijn dat nu de locatie aan de Jachtenlaan in een voormalige school is gevonden, die biedt wel die kleinschalige en geborgen omgeving (het is wel tijdelijk, voor 2 jaar). Met Werkom is nu een contract afgesloten, waarbij “ICT vanaf morgen” in 3 jaar tijd 42 mensen aan een baan gaat helpen. Het streven van ”ICT vanaf morgen” is om na die drie jaar zelfstandig te kunnen draaien op de omzet met bedrijven, zodat geen overheidsgeld meer nodig is. Je eigen broek ophouden als maatschappelijk ondernemer, dat is belangrijk. Werkom helpt ook actief mee om bijvoorbeeld ondernemers in contact te brengen met “ICT vanaf morgen” om hun 5% SROI-verplichting in te vullen; dat scheelt dan voor “ICT vanaf morgen” weer in de kosten. - de Zaanse samenleving maakt een wat gemoedelijkere indruk dan de Amsterdamse; het is toch meer een provinciale stad zoals Alkmaar.
Wat wel opvalt is dat er in Zaanstad diverse kwetsbare wijken zijn, en dat de samenstelling van de bevolking heel divers is qua culturele achtergronden. “ICT vanaf morgen” heeft brieven rondgebracht in de buurt zodat omwonenden weten dat zij er zitten en wat zij doen, en er komt ook een uitnodiging naar de diverse organisaties die in de omliggende wijken actief zijn om een netwerk op te bouwen. Ook wordt binnenkort contact gelegd met de ondernemersverenigingen zoals de Corner, om te kijken of ondernemingen werk hebben dat door de
2021/24840
clienten van ICT vanaf morgen gedaan zou kunnen worden, en/of hun computers/laptops willen doneren als ze ze gaan vervangen. Er is al contact met het Regiocollege, de Zaanse Uitdaging, het Jongerenloket, en Tech Connect. Wat wilt u verder nog meegeven aan de gemeente? - Er is bij veel ondernemers nog een mentaliteitsverandering nodig, een andere manier van kijken: niet “ik zoek zoveel mensen voor deze specifieke functie met deze opleiding”, maar: “ik heb een hoeveelheid werk of een klus die moet gebeuren” – en dan zoekt “ICT vanaf morgen” (of een andere organisatie) daar mensen bij die dat kunnen doen, soms kunnen twee of drie mensen samen heel goed met elkaar die taak uitvoeren en dan ieder een aantal uren per week, naar vermogen. - kijk ook goed naar de structuur die is ingericht (voor arbeidsparticipatie), en of die het gewenste effect heeft. Het zou goed zijn om de lijntjes zo kort mogelijk te laten zijn tussen enerzijds jongeren/volwassenen met een afstand tot de arbeidsmarkt en anderzijds ondernemers die mensen zoeken voor werk dat moet gebeuren. Daar moeten de gemeente en/of participatiebedrijven niet of zo min mogelijk tussen zitten, echt alleen als het nodig is. Soms is het allemaal wel heel ingewikkeld en ondoorzichtig ingericht, en lijkt het erop alsof er een structuur van participatiebedrijven is ontstaan die zichzelf in stand moeten/willen houden.
Omdat het niet in hun belang is om mensen door te laten stromen naar ‘regulier’ werk; of ze worden afgerekend op afspraken over een percentage doorstroming en sturen dan mensen naar de arbeidsmarkt die daar nog niet klaar voor zijn en na 6 of 7 maanden opnieuw zonder werk komen te zitten. De indruk is dat Zaanstad en Purmerend daar met Werkom goede stappen in hebben gezet, maar het blijft belangrijk om met elkaar kritisch na te gaan of met de ingerichte structuren echt de bedoeling wordt verwezenlijkt. Namelijk dat mensen hun talenten leren ontdekken en ontwikkelen, en werk vinden dat bij hen past, of een andere zinvolle invulling van hun dag in een veilige vertrouwde omgeving; niet dat ze ‘bezig worden gehouden’ maar echt iets bijdragen aan de maatschappij. En dat de arbeidsmarkt/ondernemers ook daarvoor open staan en anders leren kijken; zodat de kloof kleiner wordt tussen werkgevers die niet aan arbeidskrachten kunnen komen en mensen die buiten de ‘reguliere’ arbeidsmarkt blijven staan. En je samen kijkt en uitgaat van wat iemand kan, en hoe dat aansluit bij het werk dat er gedaan moet worden; zonder dat je mensen in iets duwt wat niet past. - kijk ook als gemeentelijke organisatie zelf wat er gebeurt met de oude computers/laptops, en/of dat er simpele taken zijn die clienten van “ICT vanaf morgen” zouden kunnen vervullen.
- iets waar de gemeente misschien geen invloed op heeft, maar wat wel opvallend is: het Nederlandse onderwijssysteem “loopt 50 jaar achter”. Je moet iedere dag urenlang stilzitten en allerlei vakken doen waar je geen affiniteit mee hebt en later ook niks meer mee gaat doen, en iedereen moet alles hetzelfde doen terwijl de ene veel meer leert door te doen, een ander meer via beelden, en weer anderen via teksten en boeken. Je zou willen dat het onderwijs veel flexibeler inspeelt op wat kinderen en jongeren nodig hebben, wat bij hun past. Dan komen er ook veel minder jongeren aan de kant te staan.