CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Maatschappelijke visie Zaanstad Feedback van experts

Raadsvergadering 23 december 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: Maatschappelijke visie Zaanstad. Niet behandeld.2.266 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2021/24841

Bijlage bij de Maatschappelijke visie – Feedback van experts In maart en april zijn door medewerkers van de gemeente Zaanstad verschillende gesprekken gevoerd met partners in de stad over het ambtelijke werkdocument van de maatschappelijke visie. In juni hebben wij ook enkele experts benaderd met het verzoek om feedback te geven op het ambtelijke werkdocument van de maatschappelijke visie. Wij hebben van de volgende experts feedback ontvangen: - Koos van Dijken (Platform31) - Maurice Crul (Hoogleraar onderwijs & diversiteit) - Hans Boutellier, (Verwey-Jonker instituut, hoogleraar polarisatie & veerkracht) - Ellen van Steekelenburg (Institute for positive health) - Najah Aouaki (Aouaki Concepts) - Firoez Azarhoosh (Meevaart & Stichting Samen Vooruit) Hieronder volgt een opsomming van kernpunten uit het commentaar van de experts. De verkregen inzichten zijn benut bij het schrijven van het definitieve concept van de maatschappelijke visie. Verbinding faciliteren (Maurice Crul) In verschillende steden, waaronder Amsterdam, Rotterdam en Den Haag, kun je niet meer spreken van minderheidsgroepen en een meerderheidsgroep. Ook de witte Nederlanders behoren inmiddels tot een minderheidsgroep. Er is sprake van superdiversiteit en wordt dit ook de nieuwe realiteit voor middelgrote steden.

Uit zijn onderzoek naar de nieuwe witte minderheid blijkt dat in de meerderheid-minderheden steden witte Nederlanders moeite hebben om zich te mengen en te integreren in de diverse stad. In het licht van deze ontwikkelingen is het belangrijk om in de maatschappelijke visie te beschrijven hoe de gemeente zich verhoudt tot de diverse samenleving. Het is belangrijk om als werkgever van de stad Zaanstad het goede voorbeeld te geven. Het ambtelijke apparaat moet een representatie zijn van de diverse bevolking. Hierdoor heb je meer voeling met de wijken, diverse inzichten en meer contacten met verschillende bevolkingsgroepen in de stad. Een homogeen personeelsbestand kan zorgen voor een mismatch in expertise en inzichten in bepaalde wijken. Als gemeente moet je ook de verbinding tussen verschillende groepen faciliteren. Men gaat er vaak vanuit dat dit in de publieke ruimte vanzelf gebeurt, maar mensen spreken elkaar niet zomaar aan op straat. Creëer voorzieningen en richt de publieke ruimte hierop in. Zorg voor plekken en organiseer activiteiten waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en leren kennen. Preventie en brede maatschappelijke aanpak (Hans Boutellier & Koos van Dijken) Preventie wordt in de maatschappelijke visie gedefinieerd als het voldoen aan de basisvoorwaarden. Dit is enorm belangrijk, maar dat is geen preventie. Preventie vraagt om een toevoeging, een plus.

De maatschappelijke visie moet een prikkel worden voor alle maatschappelijke organisaties en professionals die werken aan de maatschappelijke opdracht (= evenwichtige en rechtvaardige Zaanstad). Organisaties moeten bereid zijn om vanuit de maatschappelijke opdracht i.p.v. de individuele belangen te redeneren, en zich te committeren hieraan. Deze brede maatschappelijke aanpak wordt verduidelijkt aan de hand van een voetbalmetafoor, waarbij het van achter naar voor redeneren centraal staat: “Verschillende niveaus zijn van belang voor bijvoorbeeld de organisatie van veiligheid. Het strafrechtelijk systeem staat in de goal om in de laatste instantie aanvallen op de veiligheid af te slaan. Maar de keeper kan dit niet alleen. De verdediging voor de goal wordt dan ook gevormd door professionele veiligheidsbewakers als politie, particuliere bewaking en justitiële jeugdzorg, die zich bezighouden met risicobeheersing. Veiligheid behelst echter meer dan strafrecht en risicobeheersing. Meer richting het middenveld bevinden zich organisaties die niet direct met veiligheid te maken hebben, maar wel relevant zijn, zoals scholen, woningcorporaties, welzijnsinstanties, etc. Deze partijen zijn van groot belang voor preventie. In de voorste linie staan de bewoners, waar het echt om gaat.

Hier wordt het spel gemaakt, maar zij komen pas echt tot hun recht als ze worden ondersteund door het middenveld en de verdediging. Justitie verleent rugdekking aan de politie, die op haar beurt ruggensteun geeft aan de school. En leerkrachten staan in contact met ouders en kinderen in de wijk.”

1

2021/24841

Dit model kan ook worden toegepast op andere velden (zoals de zorg) en biedt mogelijkheden om samenwerkingen te verbeteren. Het is echter belangrijk om de inzet op preventie en maatwerk af te bakenen. Uit het AEF-rapport Stelsel in groei blijkt dat de inzet op preventie er toe heeft geleid dat de ambulante jeugdzorg zowel in volume als in kosten per cliënt sterk is gestegen door vooral het verzorgen van jeugdhulp voor kinderen uit de betere gezinnen. De echt kwetsbare zijn niet beter bereikt en geholpen. Om te voorkomen dat de zorgvraag in Zaanstad uit de hand blijft lopen, is het van groot belang om in preventie, maatwerk en vroegsignalering heel selectief te zijn. In het AEF-rapport wordt o.a. geconcludeerd dat maatwerkoplossingen niet passend zijn als standaard werkwijze voor grote aantallen. Een integrale maatwerkaanpak is enkel doelmatig en effectief voor de kleine groep inwoners waarbij sprake is van cumulatie van diverse sociale problemen (zorg, participatie, activering, armoede, leerachterstanden, schulden etc.). Voor deze kleine groep loont het om interventies en casusoverleggen te organiseren, om meerdere aanpakken in samenhang en afstemming te proberen, om te innoveren en om te leren. Vertrouwen als randvoorwaarde (Koos van Dijken) Pionieren, ontdekken, innoveren en leren zijn het resultaat van een interactief en onzeker zoek-, experimenteer-, en leerproces.

In dit proces zijn een groot aantal verschillende actoren betrokken. Voor de onderlinge uitwisseling van kennis zijn persoonlijke vertrouwensrelaties binnen het netwerk noodzakelijk. Beleidsambtenaren en uitvoerders (van de gemeente en van de partners) moeten voldoende regelvrijheid hebben en gestimuleerd worden om te experimenteren. Openheid, veiligheid om fouten te maken en toe te geven, en vertrouwen zijn belangrijke randvoorwaarden. De gemeente, het bestuur, de raad en partners moeten zorgen voor deze randvoorwaarden en alle betrokkenen de tijd geven om dit vertrouwen te laten groeien. Sturen in netwerken (Koos van Dijken) Sturen in netwerken is een complexe opgave vanwege verschillende doelen, prioriteiten, aansturingsmechanismen, financieringsvormen, verantwoordingsverplichtingen en het tempo van besluitvorming van de verschillende samenwerkende partijen. In veel gevallen zijn administratieve instrumenten, beleidsregels en organisatiesystemen in organisaties niet geënt op het werken in netwerken. Het vergt een grote mate van flexibiliteit en aanpassingsvermogen. Flexibiliteit om harde aspecten (financiële middelen, contractuele afspraken) te combineren met zachte aspecten (betrokken personen, en organisaties, netwerken, casusoverleggen, verhalen), en een adaptief vermogen om meerdere opties en opgaven te verkennen.

Benoem en adresseer expliciet dat een effectieve netwerksamenwerking andere competenties, vaardigheden, instrumenten, oefening, professionalisering en een voortgaand leerproces vereist. Lerend evalueren (Koos van Dijken) Benoem in de maatschappelijke visie de wijze van evalueren en het waarom van de gekozen wijze. Bij de sturingsfilosofie, leren redeneren, past een lerende evaluatie. De uitdaging bij deze aanpak is het samenbrengen van leren en verantwoorden. Het gaat zowel om het verantwoorden van beleidsdoelen (reguliere evaluatie), als het leren van de ervaringen met het beleid. Leefbaarheid en veiligheid (Hans Boutellier) Veiligheid is naast de sociale spanningen een van de grootste vraagstukken van deze tijd. De wijze waarop dit wordt weggezet in de maatschappelijke visie is te klein. Hoewel er sprake is van een afname van ingrijpende criminaliteit, vertaalt dit zich niet in een afname van beleefde overlast en onveiligheid. Dit heeft te maken met een grote verandering in de criminaliteit en veiligheidsproblematiek. De high impact crimes zijn vervangen door hidden impact crimes. Dit zijn vormen van criminaliteit die niet direct zichtbaar zijn. Zo zien wij dat geldstromen in de drugsindustrie vooral een perverse werking hebben in de kwetsbare wijken en dat georganiseerde misdaad zich hier nestelt.

Om dit te voorkomen is het belangrijk dat het sociale domein zich dit aantrekt. Het domein van leefbaarheid en veiligheid moet beter op elkaar betrokken raken. Preventie moet daarom niet alleen gaan om gezondheid of participatie, maar ook om preventie van probleem- en crimineel gedrag. Leefbaarheid en veiligheid moet nadrukkelijker geïntegreerd worden in de maatschappelijke visie.

2

2021/24841 De kracht van Zaanstad (Hans Boutellier) Het is belangrijk om in de maatschappelijke visie stil te staan bij de “kracht” van de gemeente. Als gemeente kun je juist het verschil maken en verandering op gang brengen door de ontwikkelingen die er al zijn. Laat wat zien van de doorontwikkeling van een industriestad naar een aantrekkelijk woongebied; een stad van de 21ste eeuw. Haal uit deze ontwikkeling een aantal elementen en laat dit spreken door kengetallen te benoemen. Positieve frame, gebiedsgerichte aanpak (Maurice Crul) Benut de kansen die nieuwkomers uit Amsterdam bieden. Steeds meer inwoners met verschillende economische posities komen in Zaanstad wonen omdat Amsterdam onbetaalbaar is geworden. Verschillende wijken kunnen van deze beweging profiteren. Gebruik deze beweging om de samenstelling van wijken diverser en gebalanceerder te maken. Maak gebruik van framing en speel met de mogelijkheden die je hebt om het aantrekkelijk te maken voor bepaalde groepen die je in Zaanstad wil hebben. Democratisering (Firoez Azarhoosh) Het maatschappelijk initiatief is in veel domeinen ongelooflijk sterk aan het worden; niet alleen in de energietransitie, maar ook bij opgaves op het gebied van wonen, vervoer en het sociale domein. Het maatschappelijk initiatief is een combinatie van actief burgerschap, collectiviteit en sociaal ondernemerschap.

Het wordt ook wel de ‘derde weg’ genoemd. We hebben lang gedacht dat we alleen de overheid of de markt als betrouwbare route hadden om iets te bereiken, maar dat is een enorme beperking van de mogelijkheden. Zo benut de gemeente nog onvoldoende de kracht van actieve bewoners. De vraag is hoe we ervoor kunnen zorgen dat de overheid adequaat participeert in het initiatief van de samenleving. De relatie met de stedelijke samenleving dient onderhouden te worden en initiatieven die dezelfde doelstellingen hebben als gemeentelijk beleid dienen ondersteund te worden. Dit is van grote waarde voor een samenleving waarin het vertrouwen in instituties afneemt. In de nota wordt een werkwijze geïntroduceerd, namelijk het voeren van dialoog. Deze begint bij de wijze waarop actieve bewoners zich aan elkaar verbinden (netwerken), omdat zij zich gemeenschappelijk ergens voor willen inzetten (gemeenschapsvorming): de kracht van elke wijk. De gemeente en maatschappelijke organisaties dienen echter als gelijkwaardige partners hieraan deel te nemen. Alleen dan kan deze werkwijze de overheid (bestuurders, raadsleden, ambtenaren) ondersteunen om actief te gaan participeren in het initiatief van de samenleving. Daarnaast moet de werkwijze bewoners ondersteunen om hun rol in en bijdrage aan de dialogen op een goede manier te kunnen vervullen.

Positieve gezondheid (Ellen van Steekelenburg) Het is belangrijk om als gemeente vanuit de brede blik op gezondheid (positieve gezondheid) het gesprek aan te gaan met bewoners en partners. Ook intern dienen beleidsmakers en bestuurders zich bewust te zijn van het brede begrip en hoe zij samen met partners hieraan kunnen bijdragen. De brede blik op gezondheid is uitgewerkt in zes dimensies die zijn voortgekomen uit onderzoek naar wat mensen zelf verstaan onder gezondheid. Het gaat niet alleen om de fysieke gezondheid, maar ook om zingeving en de mate waarin mensen kunnen meedoen. Positieve gezondheid vergt het voeren van het andere gesprek, waarin je samen met bewoners en partners de behoeften ophaalt, gezamenlijke een ambitie/wens formuleert en hen hierin ondersteunt/faciliteert. De zes dimensies van positieve gezondheid zijn opgenomen in een spinnenwebdiagram (Institute for positive health) en dit kan gebruikt worden als instrument om in een wijk/gebied samen met bewoners en partners het gesprek te voeren over wat zij ervaren en belangrijk vinden. Wijzer in de wijk is daarnaast een wijkgerichte aanpak die gemeente kunnen toepassen om samen met bewoners en partners gezondheidsachterstanden in kwetsbare wijken terug te dringen.

In dit proces wordt een wijkprofiel opgesteld waarin leefstijl, sociale omgeving, participatie, fysieke omgeving en de gezondheidsbeleving van inwoners in beeld wordt gebracht. Met behulp hiervan kun je samen met bewoners belangrijke wijkthema’s in kaart brengen en een wijkgezondheidsplan opstellen. Hoe economie een bijdrage kan leveren aan de maatschappelijke doelen (Najah Aouaki) Het werkdocument gaat nog onvoldoende in op de pijler economie en hoe de economie een bijdrage kan leveren en ten dienste kan staan van de maatschappelijke doelstellingen van de stad. De huidige

3

2021/24841 economische kaders (die vaak impliciet zijn) werken ongelijkheid vergrotend en dit zou anders kunnen. Zie hierover het volgende opiniestuk van eind vorig jaar: https://www.parool.nl/columnsopinie/de-donuteconomie-is-meer-dan-alleen-zorg-dragen-voor-een-duurzame-stad~babf885c/ Neem de aanpak voor een wijk in Amsterdam Zuidoost, Venserpolder, als voorbeeld. Daarvoor is in 2019 een economische verkenning opgesteld. Een wijk waar veel van cijfers 'op rood staan' en waar de bewoners niet meeprofiteren in de welvaart van de stad. In die zin vergelijkbaar met de grote maatschappelijke opgaves waar Zaanstad ook mee te maken heeft. De kaders en principes in deze verkenning komen erg overeen met die in het werkdocument voor de M-visie Zaanstad. Zoals het rekening houden met verschillen (en dus ongelijke (start)posities), geen blauwdruk, maar in samenspraak en in samenwerking (agile) werken), gebiedsgericht en integraal werken. Bij de verkenning voor Venserpolder is expliciet gestart vanuit de maatschappelijke opgave en hoe vanuit een welzijns-economieperspectief gewerkt zou kunnen worden. Net als het werkdocument Mvisie is hier uitgegaan van een brede/ integrale concept van positieve gezondheid als basis voor welzijn, maar ook menselijke productiviteit.

En is het uitgangspunt een lokaal verankerde economie met strakkere regie, andersoortige investeringen en eigenaarschap een andere balans (en machtsverhouding) tussen economische actoren: meer nadruk op maatschappelijke organisaties en burgers, coöperaties, kleinbedrijf en sociale ondernemingen en veel minder ruimte voor bedrijven die primair gericht zijn op zo groot mogelijk winst/extractie. En hiermee de economische groei en winsten in de breedte ten goede te laten komen aan de bewoners van de wijk/ stad. Maatschappelijke sectoren als onderwijs, (gezondheids-jeugd- ouderen- etc)zorg, kinderopvang etc zijn ook onderdeel van de economie; en ook toegang tot (gezonde) voeding behoort daartoe, ook wel de essentiële economie genoemd. Binnen deze sectoren is de overheid vaak de financier/ opdrachtgever, wat mogelijkheden schept om langs deze lijn te sturen op niet alleen effectiviteit, maar ook het eigenaarschap en hoe deze investeringen ook economisch ten goede komen aan de lokale gemeenschap.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10756129/1