Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 Wordt-Was lijst
Tekst van het document
2020/30543 Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 versus 2010 – Wordt/was lijst. Onderwerp: Paragraaf 1. Algemeen Begripsomschrijvingen
nieuw
Oud
Toelichting
art 1
art 1
Doelstellingen
art 2.
n.v.t.
Alle begrippen die al zijn gedefinieerd in een wet of regeling, worden niet meer herhaald. Bv. alleenrecht, wegen, bedrijfsafval ect. Nieuw is de expliciete doelstelling dat de verordening gericht is op bescherming van het milieu en een doelmatig beheersing van huishoudelijke afvalstoffen.
Art 3.
Art. 2.
Regulering andere inzamelaars
Art 4.
Art 6.
Aanwijzen inzamelplaats
Art 5.
Art 4, lid 1 sub d.
Algemene verboden
Art 6.
Art 7, 8.
Afvalscheiding
Art 7.
Art 3, 5.
Paragraaf 2. Huishoudelijke afvalstoffen Aanwijzing van de inzameldienst e.a.
B&W kan inzameldienst en andere inzamelaars aanwijzen zoals HVC (zie het uitvoeringsbesluit). Een niet tijdig beslissen op een verzoek tot aanwijzing, kan niet leiden tot een van rechtswegen genomen besluit (art. paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht). Het is verboden in te zamelen in Zaanstad behalve met: aanwijzing van B&W, of bij wet of regeling aangewezen inzamelaars (productverantwoordelijke). Dit verbod richt zich dus tot niet-aangewezen inzamelaars. De verplichting voor een inzamelplaats waar huishoudelijke afvalstoffen kunnen worden achtergelaten volgt uit de Wm (art. 10. 24 lid 1 sub c Wm ). Het gaat hier om de afvalbrengstation(s), ook wel milieustraten genoemd. Zie uitvoeringsbesluit art 3. Inwoners mogen alleen afvalstoffen ter inzameling aanbieden of overdragen aan de daartoe aangewezen inzamelaars (incl afvalbrengstation). Dit is de tegenhanger van het verbod uit art 4 voor niet-aangewezen inzamelaars. Lid. 1. De raad delegeert in dit artikel de bevoegdheid aan B&W om nadere regels te stellen over: afzonderlijke bestanddelen van huishoudelijk restafval, de frequentie van inzameling, de locatie en of dit bij (minicontainers) of nabij (OAC’s) van een perceel gebeurd . Zie het uitvoeringsbesluit art 5.
In de oude verordening had de raad een aantal van deze bevoegdheden aan zichzelf gehouden, nu kan het college van alle bestanddelen de frequentie en de locatie (bij/nabij) vaststellen. Door deze delegatie aan B&W kan sneller op veranderingen worden ingespeeld ook omdat het aantal bestanddelen dat bij of nabij de percelen wordt ingezameld is vergroot. Lid 2. Opsomming van alle bestanddelen die in ieder geval gescheiden worden ingezameld; deze is uitgebreider dan de lijst uit 2010.
2020/30543
Gescheiden aanbieden
Art 8.
Art 9.
Tijdstip van aanbieden
Art 9.
Art 11.
Wijze en plaats van aanbieden
Art 10.
Art 4, 10, 12
Art 11.
Art 13.
Art 12.
Art 14.
Art 13.
Art 13, lid 2 en art 15
Paragraaf 3 Bedrijfsafvalstoffen Inzameling bedrijfsafvalstoffen door inzameldienst
Aanbieden ter inzameling van bedrijfsafvalstoffen Regeling van inzameling van bedrijfsafvalstoffen
Lid 3. Geeft B&W de bevoegdheid omschrijvingen vast te stellen van deze bestanddelen. Zie uitvoeringsbesluit art 4. Lid 4. Geeft B&W de bevoegdheid om te bepalen dat van gescheiden inzameling van bestanddelen kan worden afgezien. Inwoners dienen de bestanddelen genoemd in artikel 7 gescheiden aan te bieden of in te leveren op het afvalbrengstation. Lid 2 geeft B&W de bevoegdheid vrijstelling te verlenen aan categorieën van gevallen of personen van dit verbod (denk aan hoogbouwbewoners en gft-e). Zie uitvoeringsbesluit art. 6. B&W stellen de dagen en tijdstippen vast waarop de bestanddelen moeten worden aangeboden. Zie uitvoeringsbesluit art 7. Dit artikel geeft B&W de bevoegdheid om aan te wijzen hoe inwoners hun bestanddelen moeten aanbieden, via wel middel of voorziening: minicontainer, OAC’s, vuilniszak, afvalbrengstation. Ook de plaats en de wijze waarop omgegaan moet worden met een inzamelmiddel of voorziening kan door B&W worden bepaald. Ook is in dit artikel een verbodsbepaling opgenomen; de inwoners mogen dus niet zelf bepalen hoe zij de bestanddelen aanbieden. In de bepalingen in het uitvoeringsbesluit art 8 en 9 geeft B&W invulling aan dit artikel, maar ook via de diverse aanwijsbesluiten van locaties voor OAC’s met inachtneming van het GSP en de criteria uit de WIORZ.
B&W kan categorieën bedrijfsafvalstoffen aanwijzen; dat wat lijkt op bestanddelen van huishoudelijk restafval, die door de inzameldienst mogen worden ingezameld. Het gaat hier meestal om afval uit de winkel en dienstensector. Echter, ook instellingen die een openbaar belang dienen (zoals scholen) zijn toegevoegd in het kader van educatie (zie uitvoeringsbesluit art 10. Er is geen zorgplicht voor gemeente voor bedrijfsafval en hier wordt dus geen afvalstoffenheffing voor betaald; die bedrijven/instellingen die gebruik willen maken van de gemeentelijke inzameldienst, zullen daarvoor moeten betalen. Bedrijfsafval dat niet conform artikel 11 is aangewezen, mag niet worden aangeboden aan de inzameldienst. B&W kan regels stellen over de wijze waarop bedrijfsafval moet worden aangeboden aan de inzameldienst. B&W kan ook regels stellen aan het aanbieden van bedrijfsafval dat aan gespecialiseerde bedrijfsafvalinzamelaars wordt aangeboden.
2020/30543 Paragraaf 4 zwerfafval en overige Opt-in-systeem voor ongeadresseerd reclamedrukwerk Dumpingsverbod Zwerfafval in de openbare ruimte Zwerfaval rondom inrichtingen Afval en verontreiniging op de weg Geen opslag van afval in de openlucht Ontdoen van autowrakken
Art 14.
n.v.t.
Deze bepaling is nieuw en geeft de juridische basis voor de aangenomen motie van de raad van 2017/53655 en daarmee voor de implementatie conform RIB van 2019/29461. Deze bepaling stelt dumpen van o.a. afvalstaf strafbaar. In lid 3 is een bepaling opgenomen t.a.v. de bewijslast bij dumping. Dit artikel vat de oude artikelen over het veroorzaken van straatafval (lid 1), zwerfafval (lid 3) en reclamemateriaal/promotiemateriaal (lid 2) samen.
Art 15.
Art 16.
Art 16.
Art 17, 18, 20
Art 17.
Art 19.
De redactie van deze bepaling is een aanvulling op artikel 2.13 Activiteitenbesluit.
Art 18.
Art 21.
Art 19.
Art 22.
Art 20.
Art 23.
Bij laden en lossen op de openbare weg, dient rekening gehouden te worden met het milieu. Bij verontreiniging is de veroorzaker verplicht de weg te reiniging. De kern van dit artikel is het opslaan van afvalstoffen; opslaan is niet hetzelfde als aanbieden van afvalstoffen t.b.v. inzameling. De mogelijkheid om ontheffing te verlenen van dit verbod door B&W is komen te vervallen. Op grond van artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken (hierna: BBA) moeten gemeenten in hun afvalstoffenverordening bepalen dat een autowrak, zijnde een huishoudelijk afvalstof, slechts mag worden afgegeven aan autodemontagebedrijven, garages en autoschadeherstelbedrijven of aan een persoon die in een ander land dan Nederland is gevestigd (onder strikte voorwaarden). Op grond van artikel 7 van het BBA worden autowrakken, afkomstig van huishoudens uitdrukkelijk uitgezonderd van de gemeentelijke zorgplicht voor de inzameling van huishoudelijk afval.
Art 21.
Art 24.
Dit artikel zorgt voor de koppeling tussen de gedragingen verboden bij deze verordening en de strafbaarstellingen ingevolge de Wet economische delicten.
Art 22.
Art. 25.
Hierin wordt de juiste juridische grondslag genoemd om gemeentelijke ambtenaren overtredingen te kunnen laten handhaven.
Paragraaf 5. Handhaving en toezicht. Strafbare feiten
Toezichthouders Paragraaf 6. Slotbepalingen
2020/30543
Intrekken oude verordening Overgangsrecht Citeertitel Inwerkingtreding
Art. 23
Art 26. Lid 2
Art 24.
Art 27.
Art 25.
Art 28.
Art 26.
Art 26, lid 1
Hierin wordt bepaald dat besluiten genomen op basis van de verordening 2010, geacht worden te zijn genomen conform nieuwe verordening. De standaardregeling is hier van toepassing, behalve voor artikel 14 (opt-in systeem). De inwerkingtreding wordt door het college bepaald om afstemming met bedrijven en inwoners te borgen.