memo vragen leerlingenvervoer praktijkonderwijs
Tekst van het document
Memo Beantwoording technische vragen over de leerlingenvervoer - Praktijkonderwijs Verzonden aan: Gemeenteraad Woudenberg Postregistratienr.: - Afzender: M.E.Eijbaard Datum: 1-10-2026 Tijdens de vergadering van de raadscommissie op 15 september 2026 zijn er vanuit de SGP- fractie tijdens de rondvraag meerdere vragen gesteld over het leerlingenvervoer, met name binnen het Praktijkonderwijs. Gezien de omvang en het gedetailleerde karakter van de vragen hebben de antwoorden wat langer op zich laten wachten. Hieronder een terugkoppeling. 1. Hoe wordt bij leerlingen die Praktijkonderwijs volgen beoordeeld of Snelbinders een passend en verantwoord alternatief is voor aangepast leerlingenvervoer? Wie voert deze beoordeling uit, welke professionele expertise wordt daarbij ingezet en vindt bij complexe situaties collegiale of onafhankelijke toetsing plaats? Worden de ouders of de leerling zelf gezien of gesproken en wat wordt er met hun mening gedaan? En hoe wordt voorkomen dat een beoordeling vooral op afstand en op basis van alleen schriftelijke dossierinformatie plaatsvindt? Praktijkonderwijs valt onder het regulier voortgezet onderwijs. Leerlingen komen alleen in aanmerking voor aangepast leerlingenvervoer (taxivervoer) als zij niet zelfstandig of onder begeleiding met het openbaar vervoer kunnen reizen.
Omdat veel leerlingen die praktijkonderwijs volgen naar Ede reizen en de reistijd met de bus relatief lang kan zijn, wordt Snelbinders als alternatief voor aangepast vervoer ingezet. Of Snelbinders voor een leerling een passend en verantwoord alternatief is, wordt per situatie beoordeeld en in overleg met de ouders vastgesteld. 2.Welke betekenis wordt in deze beoordeling toegekend aan de professionele inschatting van de school die de leerling dagelijks begeleidt? Hoe worden aspecten als prikkelverwerking, communicatieve en sociale zelfredzaamheid, belastbaarheid, verkeersveiligheid en de behoefte aan begeleiding meegewogen? Hoe verklaart het college signalen dat gemotiveerde adviezen vanuit het Praktijkonderwijs om aangepast vervoer te behouden niet altijd tot een andere beslissing hebben geleid? Hoe kijkt het college naar verschillende beoordelingen van aanvragen door ouders van dezelfde scholen voor PRO waar kinderen uit verschillende gemeenten met dezelfde problematiek de ene keer wel en de andere keer geen vergoeding ontvangen? Jarenlange ervaring leert dat scholen een uniform advies afgeven over hun leerlingen. Deze adviezen hebben geen specifieke verwijzing naar een specifieke leerling met zijn of haar situatie. Om die reden is besloten om de schoolverklaringen niet meer bij de beoordelingen te betrekken.
Wel worden adviezen van specialisten meegenomen en zo nodig laat de gemeente
ook onafhankelijk onderzoek uitvoeren. Daarnaast worden natuurlijk ook de ouders betrokken bij het beoordelingsproces. 3. Is het niet verstandig te heroverwegen de schoolverklaring weer te betrekken bij het besluit? In mei 2026 heeft het college op vragen van de SGP-fractie aangegeven dat er geen schoolverklaring nodig is, mede omdat de kwaliteit verschillend is. Tegelijk kennen de scholen, naast de ouders, de kinderen heel goed en zijn ib’ers die wel betrokken kunnen worden medewerkers van de scholen. Zou het college bereid zijn de noodzakelijke schoolverklaring te heroverwegen? Zo nee, welke motieven heeft het college om dit niet te doen? In bepaalde gevallen kan het zijn dat er contact is met de scholen. Het is dus niet uitgesloten dat de school alsnog betrokken wordt bij de beoordeling van een aanvraag. In eerste instantie wordt gekeken naar de verklaring en advies van een erkende specialist. Zoals in voorgaand antwoord al is aangegeven, zijn de schoolverklaringen in (bijna) alle gevallen onvoldoende onderbouwd naar de werkelijke situatie van de leerling. De ervaring in Woudenberg komt overeen met de ervaring van de regiogemeenten. Het betrekken van de schoolverklaringen is ook een regionaal onderwerp waarin herhaaldelijk terugkomt dat er geen verbetering te zien is in de kwaliteit van de schoolverklaringen.
Dit wil zeggen dat voor verschillende leerlingen met verschillende situaties dezelfde schoolverklaring afgegeven wordt. Omdat de kwaliteit van schoolverklaringen geen verbetering laat zien, zien we momenteel geen aanleiding om de werkwijze aan te passen. 4.Hoeveel aanvragen voor leerlingenvervoer van leerlingen in het voortgezet onderwijs zijn voor het schooljaar 2026-2027 ingediend, en hoeveel daarvan betreffen leerlingen in het Praktijkonderwijs? Voor hoeveel PRO-leerlingen is aangepast/taxivervoer toegekend voor dit schooljaar, voor hoeveel niet en aan hoeveel is Snelbinders aangeboden of ingezet? Graag ontvangen wij, voor zover beschikbaar, ook inzicht in hoeveel leerlingen daadwerkelijk zijn gestart, hoeveel het traject succesvol doorlopen en bij hoeveel het traject is aangepast of beëindigd omdat het niet passend bleek. 4 leerlingen waarvan 3 naar Praktijkonderwijs. 1 leerling naar regulier VO (afgewezen/bezwaar loopt nog), 1 leerling naar PRO in Amersfoort (nog geen besluit genomen omdat het beoordelingsproces nog loopt). Laatste 2 leerlingen gaan naar PRO in Ede en deze leerling hebben beschikking tot en met Kerstvakantie ontvangen om in de tussentijd getraind te worden om na de Kerst te gaan fietsen. Dit is uitgelegd aan ouders. 1 van deze ouders heeft aangegeven dat de leerling dit vanwege lichamelijk problematiek (vermoeidheid) niet zal kunnen.
We hebben hierop bij ouders aangegeven dat we geen dwang gaan uitvoeren wanneer blijkt dat de beperking van de leerling deelname van het project onmogelijk maakt. Alle leerlingen die tot nu toe hebben deelgenomen aan training, zijn gaan fietsen en doen dat nog steeds. Pagina geprint op: , uur Pagina: 2 Voorstel: /var/websites/gemeentebestuur.woudenberg.nl/documenten/convert/98bb08f4-137c-45df-bfa2- 68f4a3667450