Memo financieel effect meicirculaire 2021 en extra middelen jeugdzorg.pdf
Tekst van het document
Memo
Financieel effect meicirculaire 2021 en extra middelen jeugdzorg Verzonden aan: gemeenteraad
Afzender: College van burgemeester en wethouders Datum: 29 juni 2021
Op 31 mei jl. is de meicirculaire gepubliceerd en aansluitend hebben het kabinet en de VNG op 2 juni afspraken gemaakt over extra middelen jeugdzorg 2022. Tijdens de raadscommissievergaderingen van 8 en 22 juni jl. heeft u vragen gesteld over de gevolgen voor Woudenberg van beide stukken en hoe de gevolgen zich verhouden tot de herstelmaatregelen welke het college in het Eerste Herstelplan voorstelt. In dit memo wordt op deze onderdelen nader ingegaan. De verstrekte informatie is gebaseerd op inschattingen. Meicirculaire 2021 Onze inschatting is dat de meicirculaire het volgende financiële effect heeft: Tabel 1.1 Financieel effect meicirculaire 2021 Bruto financieel effect meicirculaire (extra inkomsten gemeente) Deel extra inkomsten waar directe kosten tegenover staan Vrij te vallen kosten Voogdij/18+ BCF plafond 50% van 2020 (wordt jaarlijks achteraf uitgekeerd) Eigen inschatting extra hoeveelheden t.o.v. raming rijk Netto financieel effect meicirculaire (extra inkomsten gemeente) Reeds meegenomen in financiële tussenrapportage (2021) en financieel beeld (2022-2025) Nog mee te nemen in zomerbrief (2021) en begroting (2022-2025)
2021 2022 2023 2024 2025 902.896 250.817 120.076 42.733 228.691 -639.377 -120.120 -127.361 -136.518 -142.198 263.600 263.600 263.600 263.600 28.000 28.000 28.000 28.000 155.850 197.613 221.929 244.520 263.519 578.147 481.928 419.744 622.613 -125.915 137.604
-477.599 100.548
-357.668 124.260
-448.105 -28.362
-506.584 116.029
Met behulp van Lias Pauw (applicatie inzicht algemene uitkering) is intern een berekening gemaakt van het financieel effect van de meicirculaire 2021 voor Woudenberg. De eerste regel van bovenstaand overzicht is de bruto-uitkering van de meicirculaire en deze is daarna gecorrigeerd op een aantal onderdelen om de netto extra opbrengst ten opzichte van de financiële tussenrapportage 2021 en het financieel beeld 2022-2025 te berekenen. De extra inkomsten van het Rijk zijn voor een deel gecorrigeerd vanwege kosten die daar direct tegenover staan. Voor 2021 gaat het om een bedrag van € 639.000. Een deel van dit bedrag heeft betrekking op compensatiegelden corona 2021. Een onderdeel van de extra inkomsten van de gemeente voor 2021 is een bedrag van € 345.000 welke het kabinet in april jl. beschikbaar heeft gesteld – in totaal € 613 miljoen
voor alle gemeenten – om de structurele houdbaarheid van de uitvoering van de Jeugdwet te verbeteren. Dit geld komt bovenop de eerder beschikbaar gestelde € 300 miljoen.1 Omdat deze extra middelen direct gekoppeld zijn aan concrete maatregelen (o.a. consultatiefunctie ggz en tegengaan en aanpak van wachtlijsten), is het Woudenbergse bedrag van € 345.000 vervolgens toegevoegd aan het bedrag van € 639.000 (deel extra inkomsten waar directe kosten tegenover staan). De extra middelen jeugdzorg 2021 zijn hierdoor budgetneutraal meegenomen. Voor de jaren 2022 en verder is in de meicirculaire geen extra bedrag voor jeugdzorg opgenomen. Op basis van de meicirculaire verwachten we voor de jaren 2022 en verder directe kosten betreffende de invoering van de Wet Open Overheid (WOO). Voor deze verplichte wet zijn door het Rijk incidenteel en structureel gelden beschikbaar gesteld (deze zijn zowel als extra inkomsten als directe kosten meegenomen in tabel 1.1). Verder is in tabel 1.1 opgenomen dat vanaf 2022 kosten vrijvallen ten aanzien van Voogdij/18+. Per 1 januari 2022 wordt het nieuwe woonplaatsbeginsel ingevoerd. Met de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel verschuift de verantwoordelijkheid voor de zorg van naar inschatting zo’n 20.000 kinderen naar een andere gemeente. Hiermee verschuift tevens de verantwoordelijkheid voor de kosten.
Het is de verwachting dat Woudenberg op basis van het nieuwe woonplaatsbeginsel voor minder kinderen verantwoordelijk is. Hierdoor wordt de algemene uitkering lager maar is Woudenberg ook niet meer verantwoordelijk voor de kosten. Zodoende is dit in tabel 1.1 opgenomen. Jaarlijks declareren alle gemeenten hun btw-kosten via het btw-compensatiefonds. Het Rijk heeft hiervoor jaarlijks een maximaal bedrag (plafond) beschikbaar gesteld. Achteraf wordt jaarlijks gekeken of de gemeenten het maximale bedrag hebben gedeclareerd. Gemeenten mogen de ruimte onder het plafond BCF als stelpost (verwachte bate) opnemen in de begroting. Woudenberg heeft voorzichtigheidshalve de afgelopen jaren geen stelpost opgenomen. Op basis van hetgeen beschreven is in de meicirculaire gaat Woudenberg dit vanaf de begroting 2022-2025 wel weer doen. Het gaat om een structureel bedrag van € 28.000. Bij de nieuwe berekening van de algemene uitkering zijn intern de parameters (hoeveelheden) opnieuw bekeken en geactualiseerd op basis van de werkelijke hoeveelheden van het afgesloten boekjaar en geschatte hoeveelheden voor de komende boekjaren. Bij parameters moet u denken aan aantal inwoners, huishoudens, woningen, eenpersoonshuishoudens, inwoners jonger dan 18, inwoners jonger dan 65, etc.
Actualisatie van deze parameters kan zowel een positief als een negatief effect hebben op de hoogte van de algemene uitkering. Voor Woudenberg zorgt de actualisatie van de parameters voor een aanpassing van de algemene uitkering met € 155.000 in 2022 oplopend naar € 244.000 in 2025. Extra middelen jeugdzorg 2022 e.v. Voor 2022 hebben het kabinet en de VNG op 2 juni jl. afspraken gemaakt over extra middelen jeugdzorg. Op basis van deze afspraken stelt het Rijk in 2022 per saldo € 1,314 miljard extra beschikbaar aan gemeenten voor de tekorten vanwege de jeugdzorg. 2 De concrete uitwerking van deze € 1,314 miljard volgt in de Miljoenennota 2022. Vooruitlopend op de Miljoenennota worden gemeenten begin juli geïnformeerd over de wijze van uitkering en een indicatie van de verdeling. Daarbij wordt hopelijk ook duidelijk welke voorwaarden verbonden worden aan deze extra gelden. Het huidige kabinet heeft geen uitspraak gedaan of voor 2023 en verder ook extra middelen beschikbaar worden gesteld. Een nieuw kabinet zal hiertoe moeten besluiten waarbij de uitspraak van de arbitragecommissie als zwaarwegende inbreng wordt meegenomen.
Dit landelijke budget van € 300 miljoen resulteert voor Woudenberg in een bedrag van € 232.000 en is reeds structureel in de begroting is verwerkt. 2 Dit geld komt wederom bovenop de eerder beschikbaar gestelde € 300 miljoen en is verlaagd met een bedrag van € 214 miljoen omdat gemeenten zich gecommitteerd hebben om invulling te geven aan een set van maatregelen in 2022 welke een besparing tot gevolg hebben. 1
Onze inschatting is dat de extra middelen jeugdzorg 2022 het volgende financiële effect hebben, waarbij wij ons voor de jaren 2023 en verder hebben gebaseerd op de berekeningen van Lias Pauw: Tabel 1.2 Inschatting financieel effect extra middelen jeugdzorg 2022 e.v. Inschatting Woudenbergs deel extra middelen € 1,314 miljard Taakstellende bezuiniging overeenkomstig afspraken Rijk en VNG Saldo extra middelen -/- taakstelling 50% van saldo als reservering voor transformatiekosten Saldo inschatting Woudenbergs deel extra middelen € 1,314 miljard
2022 2023 2024 2025 2026 2027 1.057.450 1.057.450 1.057.450 1.057.450 1.057.450 1.057.450 0 -125.000 -195.000 -225.000 -575.000 -620.000 1.057.450 932.450 862.450 832.450 482.450 437.450 -528.725 -466.225 -431.225 -416.225 -241.225 -218.725 528.725 466.225 431.225 416.225 241.225 218.725
De verwachting is dat een extra budget van landelijk € 1,314 miljard voor Woudenberg resulteert in € 1.057.000 voor 2022. Doordat het kabinet en de VNG gelijktijdig afspraken hebben gemaakt voor een taakstellende bezuiniging, is vanaf 2023 een afbouw van de extra middelen meegenomen. Hoewel het nog niet bekend is of een volgend kabinet ook extra middelen beschikbaar gaat stellen, is het onze verwachting op basis van de uitspraak van de arbitragecommissie en de andere recent verschenen onderzoeken naar jeugdzorg, dat ook voor de jaren na 2022 extra gelden beschikbaar gesteld worden. Wij zien dit voorts bevestigd in het voornoemde advies van Lias Pauw waardoor in tabel 1.2 een doorrekening tot en met 2027 gemaakt is. Vervolgens is in tabel 1.2 rekening gehouden met een bedrag aan transformatiekosten. Zoals eerder aangegeven, is nog niet bekend of (en zo ja welke) voorwaarden het Rijk verbindt aan de extra middelen jeugdzorg 2022. De arbitragecommissie heeft in haar advies echter wel een afbouw aan extra gelden opgenomen. Om op termijn daadwerkelijk met de helft van de extra middelen uit te kunnen, moet de gemeente de transformatie verder versnellen. Om de benodigde investeringen hiervoor te financieren is in tabel 1.2 rekening gehouden met een budget voor transformatiekosten.
Het voorgaande resulteert in de inschatting dat de extra middelen jeugdzorg 2022 van landelijk € 1,314 miljard voor Woudenberg een netto voordeel opleveren van € 529.000 in 2022 aflopend naar € 219.000 in 2027. Effect op Eerste Herstelplan Als samenvattend overzicht is onder de conclusie in het Eerste Herstelplan het volgende financiële overzicht opgenomen: Tabel 1.3 Begrotingsresultaten (met toepassing indexering zorgkosten Jeugdzorg en Wmo 2023-2025) + potentiele opbrengst bezuinigingsdialoog programma 1
-525.588
-461.955
-498.581
-871.183
Aanvullende maatregelen Taakstelling programma 1 - uitwerking denkrichtingen zonder opbrengst uit de bezuinigingsdialoog en onderzoek naar voorbeelden uit den landen Bezuinigingsopgave programma 2-4 Extra verhoging OZB jaarlijks met 1% Vordering op het Rijk (=30% van 1,2 miljoen euro) Subtotaal
2022
2023
2024
2025
0 75.000 28.000 360.000 463.000
0 150.000 56.000 360.000 566.000
50.000 250.000 84.000 360.000 744.000
100.000 250.000 112.000 360.000 822.000
Eindtotaal
-62.588
104.045
245.419
-49.183
Als de vordering op het Rijk zoals hiervoor in tabel 1.3 en in het Eerste Herstelplan is opgenomen, wordt ingevuld met de extra middelen uit de meicirculaire 2021 (tabel 1.1) en de extra middelen jeugdzorg vanaf 2022 (tabel 1.2), resulteert het volgende overzicht:
Tabel 1.4 Begrotingsresultaten (met toepassing indexering zorgkosten Jeugdzorg en Wmo 2023-2025) + potentiele opbrengst bezuinigingsdialoog programma 1 Aanvullende maatregelen Taakstelling programma 1 - uitwerking denkrichtingen zonder opbrengst uit de bezuinigingsdialoog en onderzoek naar voorbeelden uit den landen Bezuinigingsopgave programma 2-4 Extra verhoging OZB jaarlijks met 1% Vordering op het Rijk (=30% van 1,2 miljoen euro) Extra middelen meicirculaire 2021 (tabel 1.1) Extra middelen jeugdzorg vanaf 2022 (tabel 1.2) Aanvullen algemene reserve Subtotaal Eindtotaal
-525.588
-461.955
-498.581
-871.183
2022
2023
2024
2025
0 75.000 28.000 360.000 100.548 528.725 -200.000 532.273
0 150.000 56.000 360.000 124.260 466.225 -200.000 596.485
50.000 250.000 84.000 360.000 -28.362 431.225 -200.000 586.864
100.000 250.000 112.000 360.000 116.029 416.225 -200.000 794.254
6.685
134.530
88.283
-76.930
Daarnaast is in tabel 1.4 jaarlijks € 200.000 opgenomen om de algemene reserve aan te vullen en de weerbaarheid van de financiële positie van Woudenberg te verbeteren. De risicoparagraaf zoals opgenomen in bijlage 6 “Notitie reservepositie en weerstandsvermogen 2021” bevat namelijk een aantal reële risico’s welke zich voor gaan doen, maar waarvan de omvang en het tijdstip nog niet bekend zijn. Daarnaast is het ook een belangrijke aanbeveling vanuit de financiële scan van de provincie om de reservepositie te verbeteren. Tussen 2017 en 2020 zijn de reserves met ruim € 4 miljoen afgenomen. Om invulling aan de aanbeveling te geven, is in tabel 1.4 een jaarlijkse dotatie van € 200.000 aan de algemene reserve opgenomen. Conclusie Op basis van de meicirculaire 2021 ontvangt de gemeente in 2021 fors extra middelen waarvan een gedeelte specifiek beschikbaar is gesteld als compensatiegelden voor corona in 2021 en een deel om de structurele houdbaarheid van de uitvoering van de Jeugdwet te verbeteren. Voor de jaren 2022 en verder bevat de meicirculaire 2021 ook extra middelen. Deze zijn in tabel 1.4 afgezet tegen de begrotingssaldi. De extra middelen jeugdzorg welke het Rijk voor 2022 beschikbaar heeft gesteld, levert de gemeente naar schatting ruim € 1 miljoen op. De precieze bedragen en voorwaarden van deze extra middelen worden begin juli bekend.
Hoewel het Rijk voor 2023 nog geen uitspraken heeft gedaan en dit aan het nieuwe kabinet overlaat, is het op basis van de onderliggende rapporten wel de verwachting dat ook voor de jaren na 2022 extra middelen naar gemeenten toekomen om de jeugdzorg in de toekomst effectief en beheersbaar te houden. Onze toezichthouder de provincie Utrecht heeft vorige week aan ons medegedeeld dat de extra middelen jeugdzorg alleen voor jaarschijf 2022 als een structureel dekkingsmiddel mogen worden meegenomen. Over de jaren na 2022 (meerjarenperspectief) is nog geen uitspraak gedaan. Voor de uniformiteit van het toezicht is het noodzakelijk dat er voor de jaren na 2022 landelijke afstemming komt. De provincie Utrecht verwacht ons half juli te kunnen informeren over hoe wij de extra middelen jeugdzorg in het meerjarenperspectief kunt verwerken. Alles overziend bevat dit memo nog te veel onzekerheden en aannamen om de uitkomsten als onderlegger voor de bezuinigingen te gebruiken. Verder is in dit memo geen rekening gehouden met hetgeen in de raadscommissievergadering van 22 juni jl. is besproken ten aanzien van de voorstellen uit het witboek. Indien de raad anders besluit dan conform het huidige raadsvoorstel Witboek bezuinigingsdialoog 2020-2021 (kenmerk Z.331945/ D.211172), heeft dat effect op de in tabel 1.4 gepresenteerde begrotingssaldi.