CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Beleidskader Participatie gemeente Woudenberg.pdf

Gemeenteraad 24 april 2025, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 7: Participatie beleidskader en -verordening4.462 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BELEIDSKADER

Participatie gemeente Woudenberg Gemeente Woudenberg, maart 2025

INHOUD 1. INLEIDING

3

2. WAT IS PARTICIPATIE?

4

3. WAAROM PARTICIPATIE?

4

4. ONZE VISIE OP PARTICIPATIE

5

5. WAT VERSTAAN WE ONDER PARTICIPATIE?

6

6. WANNEER ZETTEN WE PARTICIPATIE IN?

6

7. UITGANGSPUNTEN PARTICIPATIE

8

8. PARTICIPATIE ONDER DE OMGEVINGSWET

9

9. BURGERINITIATIEVEN

10

10. UITDAAGRECHT

10

11. ROLLEN BIJ PARTICIPATIE

10

12. BIJLAGE

11

Bijlage 1 Participatieverordening Bijlage 2 Spelregels participatie Bijlage 3 Beslisinstrument participatie (voor niet-Omgevingswet projecten) Bijlage 4 Participatiewijzer ‘het betrekken van de omgeving bij uw ruimtelijk initiatief’

2

BELEIDSKADER PARTICIPATIE GEMEENTE WOUDENBERG

1. INLEIDING

In de gemeente Woudenberg hechten we veel waarde aan de betrokkenheid van onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Participatie is een kernwaarde binnen ons beleid en een belangrijk onderwerp in het coalitieakkoord van 2022-2026 (“Bouwen met Vertrouwen”): “We willen een gemeente zijn waar de inwoners graag willen wonen, werken en leven. Een gemeente waar inwoners actief willen meedenken en meedoen. Waar we gedreven worden door waarden als verbinding, vertrouwen, daadkracht en samendoen. Waar we binnen en tussen gemeenschappen samenwerken, zoals verenigingen, kerken, coöperaties en andere burgerinitiatieven. Waar we samenwerking zien als kracht om kansen voor Woudenberg te pakken.” De ontwikkelingen in de maatschappij maken dat inwoners meer behoefte hebben om invloed uit te oefenen op (besluiten over) hun leefomgeving: • De samenleving verandert Digitalisering maakt informatie sneller zichtbaar en beschikbaar. Inwoners nemen daardoor makkelijker zelf het initiatief en organiseren zich sneller. Inwoners zijn kritischer en willen ervaringen, meningen en ideeën delen. Zij verwachten van de gemeente dat deze meedoet, samenwerkt, faciliteert en steeds meer loslaat. • De gemeente verandert De gemeente krijgt er steeds meer taken en verantwoordelijkheden bij. De onderwerpen worden ook steeds ingewikkelder. Denk bijvoorbeeld aan de Omgevingswet.

Deze zijn het beste samen aan te pakken. Participatie is daarom belangrijker geworden, voor de gemeente Woudenberg en haar inwoners. Daarnaast wil de gemeente Woudenberg naast de inwoners staan. Bij het maken van beleid wil de gemeente zo goed en tijdig mogelijk aansluiten bij de wensen en behoeften van inwoners. • Van betrokkenheid naar inspraak Het vertrouwen in de gemeentelijke overheid is relatief hoog. Als gemeente betrekken we inwoners actief bij onze gemeentelijke plannen. Het op een zorgvuldige manier betrekken van inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden bij beleid en projecten is cruciaal om het vertrouwen hoog te houden. Een meerderheid van de inwoners voelt zich verbonden met hun gemeente, maar er is een duidelijk verschil tussen de bereidheid om mee te denken en de daadwerkelijke deelname aan participatieprocessen. Vooral thema’s als milieu, duurzaamheid, wonen en bouwen wekken interesse. Door heldere kaders te stellen en goed te luisteren naar inwoners, kan de gemeente verwachtingen beter managen en een omgeving creëren waarin mensen zich gehoord voelen en daadwerkelijk bijdragen aan besluitvorming.

Participatiebeleid draagt eraan bij dat we inwoners gestructureerd invloed kunnen laten uitoefenen op (de besluiten over) hun leefomgeving. En het biedt houvast om eenduidig met participatie aan de slag te gaan. Hiermee bieden we medewerkers en initiatiefnemers de juiste handvatten om een participatieproces zorgvuldig vorm te geven. In 2022 is het beleidskader uit 2012 geëvalueerd. De leerpunten zijn verwerkt in een oplegger. Met de komst van de wet ‘Versterking Participatie op decentraal niveau’ (ingangsdatum juni 2024) is naast een beleidskader participatie ook een verordening verplicht. Ook de Omgevingswet kent uitgangspunten voor participatie. Met de oplegger als uitgangspunt is in 2024 gestart met het schrijven van een geactualiseerd beleidskader en verordening. Het proces om te komen tot een nieuw beleidskader bestond uit 4 stappen: 1. Ambities van de raad ophalen. 2. Onderzoeksfase, waarbij inwonersgroepen, collega’s en andere gemeenten bevraagd zijn over hun ervaringen met participatie. 3. Scenariokeuze. De resultaten uit de onderzoeksfase hebben inzicht gegeven in wat er al gedaan wordt aan participatie binnen de gemeente, maar ook wat de vragen zijn van inwoners en medewerkers. Gecombineerd met de ambities van de raad heeft dit geleid tot een aantal scenario’s en een scenariokeuze. 4.

Uitwerken nieuw beleidskader en verordening, zodat we voldoen aan de verplichtingen uit de wet ‘Versterking Participatie’.

3

2. WAT IS PARTICIPATIE?

De definitie die wij hanteren om te kaderen wat participatie is, luidt als volgt: het betrekken van ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van gemeentelijk beleid. Wij hanteren de participatieladder als leidraad voor participatie. We betrekken inwoners actief bij het maken van plannen, zowel voorafgaand aan de besluitvorming als in de uitvoeringsfase. Vooraf denken zij mee over de ontwikkeling en richting van het beleid, terwijl zij na de besluitvorming kunnen bijdragen aan de uitvoering door bijvoorbeeld aandachtspunten mee te geven. De uiteindelijke beslissing over een wijziging in de Ruimtelijke Ordening of beleid wordt door de raad genomen, waarbij een goed uitgevoerde participatie als voorwaarde geldt. Dit gebeurt op een transparante en duidelijke manier, zodat iedereen weet hoe het proces werkt en wat er van hen wordt verwacht. Het beleid richt zich vooral op het betrekken van inwoners in de vroege fase. Daarnaast zorgt de Omgevingswet ervoor dat inwoners samen met andere belanghebbenden kunnen meedoen in het proces van besluitvorming over de leefomgeving. Deze wet legt de nadruk op een integrale benadering van de fysieke leefomgeving en bevordert samenwerking tussen overheid, bedrijven en inwoners. We betrekken inwoners actief bij het maken van plannen, zowel voorafgaand aan de besluitvorming als in de uitvoeringsfase.

3. WAAROM PARTICIPATIE?

Het vertrouwen in de gemeentelijke organisatie is relatief hoog in vergelijking met andere overheidslagen. En met participatie kunnen we dit vertrouwen vasthouden. Daarnaast is het in diverse procedures wettelijk verplicht. Participatie biedt verschillende kansen, namelijk: • Betere plannen: door gebruik te maken van de ideeën, kennis en ervaringen van inwoners en belanghebbenden kunnen beleid, producten of projecten verrijkt worden. Het bevragen en betrekken van inwoners en ondernemers helpt om een stuk of plan beter te maken. Evenals de belangen, kansen en zorgen in kaart te brengen. Zowel gemeente als initiatiefnemers kunnen zulke trajecten organiseren. • Zorgvuldige besluiten: het proces wordt beter. Participatie vergroot de legitimiteit van een genomen besluit. Door belangen en/of denkwijzen helder in beeld te hebben is een zorgvuldige afweging mogelijk. Door ook duidelijk te laten zien welke afwegingen er worden gemaakt, zijn keuzes beter te verantwoorden.

4

•

Vertrouwen: inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en gemeente weten van elkaar wat ze kunnen verwachten. Participatie is een manier om met elkaar in gesprek te gaan of zelfs samen te werken. Het is belangrijk dat iedereen goed geïnformeerd wordt. Er ruimte is voor eigen inbreng. Deze inbreng gerespecteerd wordt en serieus wordt meegewogen en dat er teruggekoppeld wordt wat er met de inbreng is gedaan en beargumenteerd wordt afgeweken. Dit zorgt voor wederzijds vertrouwen in de relatie.

Overigens geldt ook dat een slecht uitgevoerd participatieproces het vertrouwen kan schaden. Onduidelijke verwachtingen, gebrekkige communicatie of het niet serieus nemen van inbreng kunnen leiden tot teleurstelling en wantrouwen. Dit risico kan worden beperkt door transparantie, heldere procesafspraken en goed verwachtingsmanagement. Door vooraf duidelijk te maken wat de kaders en mogelijkheden zijn, realistisch te blijven over invloed en tijdlijnen en structureel terug te koppelen, wordt de kans op misverstanden en frustratie verkleind. Juist daarom is een zorgvuldig en doordacht participatiebeleid van groot belang.

BELEIDSKADER PARTICIPATIE GEMEENTE WOUDENBERG

4. ONZE VISIE OP PARTICIPATIE Wij geloven dat participatie bijdraagt aan een beter Woudenberg. Door participatie te stimuleren, versterken we de betrokkenheid van inwoners en bouwen we aan een gemeente waar besluiten breed gedragen worden. Dit komt niet alleen de kwaliteit van de besluitvorming ten goede, maar zorgt er ook voor dat initiatieven vanuit de samenleving hun weg vinden naar de toekomst van ons dorp. Inwoners beschikken over veel kennis en ervaring, die van grote waarde is bij het ontwikkelen van nieuwe ideeën en oplossingen. Door actieve betrokkenheid, benutten we deze kennis. En dragen we samen bij aan een sterkere, toekomstgerichte gemeente waarin inwoners zich gehoord en gewaardeerd voelen. Het college en de raad staan voor een transparant, zorgvuldig en effectiefparticipatieproces, waarbij betrokkenheid van inwoners en belanghebbenden gewaarborgd is en besluitvorming goed onderbouwd plaatsvindt. Participatie heeft allereerst betrekking op die onderwerpen waarbij besluitvorming in de gemeenteraad, het college of ambtelijk plaatsvindt. Dit is een voorwaarde om met elkaar een goed participatieproces te kunnen doorlopen. Maar heeft ook betrekking op onderwerpen waarvoor geen besluitvorming in de gemeenteraad, het college of ambtelijk nodig is. In deze gevallen wordt participatie ingezet om informatie te delen en/of inzichten, ideeën en draagvlak te verzamelen.

Doel: naar een transparant en eenduidig participatiebeleid Met dit nieuwe beleidskader introduceren we een beleid dat up-to-date is en aansluit bij de huidige behoeften in de samenleving en de eigen organisatie. Hoewel de kern van participatie hetzelfde blijft, zorgt dit beleid voor een meer transparant en eenduidig participatieproces. Participatie binnen ruimtelijke projecten Binnen ruimtelijke ordeningstrajecten kunnen we participatie niet altijd verplicht stellen. De Omgevingswet biedt de mogelijkheid om in specifieke gevallen van activiteiten de verplichting tot participatie aan te wijzen. Hoewel participatie niet altijd verplicht is, kunnen we wel actief stimuleren en faciliteren. We zetten in op duidelijke kaders en richtlijnen om de betrokkenheid van inwoners te bevorderen. Ook in gevallen waar participatie niet verplicht is. Door meer helderheid te scheppen over rollen en verantwoordelijkheden, zorgen we ervoor dat betrokkenheid en invloed van inwoners op ruimtelijke ontwikkelingen op een constructieve manier worden vormgegeven. Zie bijlage: Participatiewijzer gemeente Woudenberg ‘het betrekken van de omgeving bij uw ruimtelijk initiatief’. Bovendien wordt participatie steviger verankerd binnen de organisatie. Dit heeft tot

resultaat dat de wederzijdse verwachtingen rond participatie duidelijker worden gemaakt en dit komt uiteindelijk het proces (en mogelijk ook het resultaat) ten goede. Om dit te realiseren ligt de focus op o.a.: De Woudenbergse maat In Woudenberg staat directe democratie centraal, met een sterke nadruk op direct contact tussen inwoners, ondernemers en de gemeente. Dankzij bestaande sociale netwerken, zoals sport- en cultuurverenigingen, kerken en scholen, is er al een hoge mate van betrokkenheid en inzicht in de behoeften van de samenleving. Het doel is om deze betrokkenheid verder te versterken. Meer doelgroepen horen Om participatie toegankelijker te maken voor een bredere doelgroep, wordt een digitale participatietool ingezet. Deze tool maakt het eenvoudiger voor inwoners, inclusief moeilijker bereikbare groepen, om hun mening te geven en actief mee te denken. Door deze digitale ondersteuning wordt participatie laagdrempeliger en inclusiever. Actieve stimulering burgerinitiatieven Met een beperkt budget en gerichte oproepen via sociale media en de gemeentepagina wordt ingezet op het stimuleren van burgerinitiatieven. Zo wordt optimaal gebruikgemaakt van de kracht en creativiteit binnen de Woudenbergse samenleving. Initiatieven uit de gemeenschap worden aangemoedigd en ondersteund om de participatie verder te versterken.

Procesbegeleiders: waarborging participatie Interne procesbegeleiders spelen een cruciale rol in het goed laten verlopen van participatietrajecten. Zij zorgen ervoor dat participatie effectief en transparant plaatsvindt. Door deze aanpak ontstaat een heldere structuur binnen de ambtelijke organisatie, terwijl inwoners actief betrokken blijven bij het beleid en de projecten. Een toekomstbestendige aanpak De combinatie van direct contact, digitale hulpmiddelen, stimulering van burgerinitiatieven en interne procesbegeleiding zorgt voor een toekomstbestendige participatieaanpak in Woudenberg. Hierdoor blijft participatie niet alleen een kernwaarde, maar wordt het ook structureel ingebed in de gemeentelijke werkwijze en samenleving. Samen werken aan een sterk Woudenberg Onze ambitie is helder: we willen een samenleving waarin iedereen zich gehoord voelt en actief kan bijdragen. Samen werken we aan een gemeente waarin participatie niet alleen mogelijk is, maar - waar kan - een vanzelfsprekend onderdeel van ons beleid is.

5

5. WAT VERSTAAN WE ONDER PARTICIPATIE?

6. WANNEER ZETTEN WE PARTICIPATIE IN?

Voor ruimtelijke plannen in het kader van de Omgevingswet is in 2021 door de raad al een beslisinstrument, de zogenoemde participatiewijzer ‘het betrekken van de Omgeving bij uw ruimtelijk initiatief ’, vastgesteld. De participatiewijzer is gemaakt voor concrete ruimtelijke projecten en bleek niet goed toepasbaar op (beleids)ontwikkelingen in bijvoorbeeld het sociaal domein, maar ook voor bepaalde onderdelen van realisatie en beheer. Daar was een ander instrument voor nodig.

Participatie gaat ook over het op tijd betrekken van inwoners en belanghebbenden bij hun leefomgeving. Hierbij wordt leefomgeving in de breedste zin van het woord bedoeld, dus zowel fysiek alsook sociaal. Participatie kan gaan over bijna alles wat van invloed is op het leven van een inwoner of ondernemer.

Participeren gaat over het op tijd betrekken van inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden bij hun leefomgeving: ze denken mee en doen mee. Meedenken is het ophalen en meewegen van hun meningen over onderwerpen die van invloed zijn op hen. Meedoen is hen ook onderdeel laten zijn van het besluitvormingsproces en/of de uitvoering. Dit meedenken en meedoen vindt plaats binnen vooraf aangegeven kaders.

Daarom is het beslisinstrument participatie (voor niet-Omgevingswet projecten) ontwikkeld: dit beslisinstrument helpt om de benodigde mate van participatie te bepalen. Het biedt een gestructureerde manier om inzicht te krijgen in de aard en omvang van het initiatief en de gevolgen ervan voor bijvoorbeeld de omgeving. Het instrument wordt gebruikt om een evenwichtige en onderbouwde keuze te maken over de mate van participatie die past bij het project of initiatief. Zowel de Participatiewijzer ‘het betrekken van de Omgeving bij uw ruimtelijk initiatief’ onder de Omgevingswet (zie bijlage) als het Beslisinstrument Participatie voor niet-Omgevingswet projecten (zie bijlage) helpen bij het bepalen van het juiste participatieniveau. Participatie is niet hetzelfde als draagvlak of het bereiken van consensus. Bij het ophalen van meningen wordt altijd een afweging gemaakt. Uiteindelijk is het de bedoeling dat, zelfs als niet iedereen het eens is met het resultaat, er wel begrepen wordt hoe we tot het resultaat zijn gekomen. Verslaglegging Goed uitgevoerde participatie moet duidelijk terug te lezen zijn in de verslaglegging. Het biedt inzicht in hoe de betrokkenheid van de omgeving is georganiseerd en welke effecten dit heeft gehad op het project of initiatief. Dit helpt om het participatieproces goed te onderbouwen en te structureren.

Door niet alleen op hoofdlijnen te blijven, maar juist ook inhoudelijke informatie te verstrekken, wordt inzicht geboden in de aard, omvang en gevolgen van een project of initiatief. Dit draagt bij aan een transparant en effectief proces.

6

Voorafgaand aan het participatieproces stellen we vast wat het participatieniveau is meeweten (informeren), meebeslissen, meewerken en meepraten. Vervolgens wordt de intensiteit van de participatie vastgesteld; is er veel of weinig participatie nodig? Met het Beslisinstrument participatie of de Participatiewijzer ‘het betrekken van de omgeving bij uw ruimtelijk initiatief’ (zie bijlagen) wordt dit per initiatief/project bepaald.

Participatie is niet áltijd (en op elk onderwerp) mogelijk. Een participatieproces is alleen succesvol als het voldoet aan de volgende vier randvoorwaarden: 1. Er is voldoende beleidsruimte om inwoners te kunnen betrekken. De uitkomst moet dus niet al volledig bepaald zijn door weten regelgeving. 2. Verwachtingen, kaders en richtlijnen zijn vooraf duidelijk. Dit zorgt voor een gestructureerd proces, voorkomt misverstanden en creëert vertrouwen tussen alle betrokkenen. 3. Er is voldoende politiek-bestuurlijk draagvlak om inwoners en belanghebbenden de mogelijkheid te geven om invloed uit te oefenen. 4. Er is voldoende geld en tijd beschikbaar om het participatietraject uit te voeren.

BELEIDSKADER PARTICIPATIE GEMEENTE WOUDENBERG Met dit beleid kiest de gemeente voor zoveel mogelijk participatie. In hoeverre participatie vervolgens wenselijk is, hangt vooral af van het impactniveau van het uiteindelijke resultaat. Hoe meer impact, hoe belangrijker de participatie. We gebruiken hiervoor de Participatiewijzer/het Beslisinstrument, zie hoofdstuk 8. Een project - of dat nu om een bouwproject, een herinrichting of om beleidsvernieuwing gaat - kan op verschillende manieren impact hebben: • Algemeen belang; zijn er veel verschillende (tegenstrijdige) belangen? • Omvang; hoe klein of groot is het project? • Effect; hoe klein of groot zijn de gevolgen van het project? • Maatschappelijke aandacht; ligt het project politiek/maatschappelijk gevoelig? Hoewel beleid soms weinig ruimte laat voor participatie, kan er wel met elkaar gezocht worden naar manieren om binnen de kaders toch betrokkenheid te realiseren. Dit kan bijvoorbeeld door: • Interactieve informatiebijeenkomsten waarin ruimte is voor dialoog en suggesties. • Klankbordgroepen waarin belanghebbenden meepraten over de uitvoering. Per project wordt verkend hoe participatie ondanks beleidsmatige beperkingen tóch kan plaatsvinden.

7

7. UITGANGSPUNTEN PARTICIPATIE

Er zitten veel positieve kanten aan participatie, maar het moet wel goed uitgevoerd worden. Anders leidt het enkel tot frustratie. Om participatie op een goede wijze op te pakken hebben we in Woudenberg Spelregels participatie (zie bijlage) en maken we gebruik van de Participatiewijzer gemeente Woudenberg ‘het betrekken van de omgeving bij uw ruimtelijk initiatief’ en het Beslisinstrument participatie (voor niet-Omgevingswet projecten) (zie bijlage). In Woudenberg herkennen we succesvolle participatietrajecten aan de volgende drie elementen: 1. Belanghebbenden worden in staat gesteld om daadwerkelijk invloed uit te oefenen. Hierbij is het van belang dat álle belanghebbenden op wie het besluit van toepassing is, in de gelegenheid worden gebrachtom mee te doen. Op deze manier kunnen deelnemers verantwoordelijkheid nemen over hun omgeving. Daarvoor is het nodig dat ze tijdig worden betrokken en volledig wordengeïnformeerd. Voor belanghebbenden is het vooraf duidelijk waar ze wel en geen invloed op hebben. Betrokkenheid vanuit de inwoners is ook belangrijk om een traject succesvol te laten zijn. 2. We leggen uit waarom we bepaalde input wel of niet gebruiken. Ideeën en wensen van belanghebbenden worden in beeld gebracht. Dit wordt op de vooraf afgesproken manier verwerkt en daarna teruggekoppeld.

Hierbij is het van belang dat de opgehaalde input duidelijk en volledig beschreven is. Dit gebeurt volgens de afspraken die van tevoren gemaakt zijn over het beïnvloedingsniveau en de kaders. De resultaten van de verwerking worden teruggekoppeld aan de belanghebbenden. 3. Er wordt maximaal draagvlak bereikt, terwijl het algemeen belang voorop blijft staan. Het is de taak van de gemeente om keuzes te maken die ten goede komen aan het algemeen belang. Het is dan ook niet mogelijk om iedereen tevreden te stellen. Participatie is wel een manier om waar mogelijk tegemoet te komen aan de wensen van belanghebbenden. Op deze manier kan het draagvlak voor een project vergroot worden. Hierin spelen de eerste twee elementen ook een grote rol.

Om de participatietrajecten te laten slagen, besteden we extra aandacht aan de volgende punten: • We zijn open, eerlijk en transparant: alle deelnemers aan het participatietraject weten waar ze aan toe zijn. We besteden aandacht aan én zijn duidelijk over de wederzijdse verwachtingen. Een participatiekalender biedt inzicht in lopende en komende participatieproject en wordt digitaal beschikbaar gesteld. • Inclusiviteit en toegankelijkheid: de gemeente of initiatiefnemer zorgt ervoor dat een zo breed mogelijke vertegenwoordiging van belanghebbenden wordt benaderd op een wijze die past bij de omvang en de aard van het onderwerp. De initiatiefnemer heeft of brengt in beeld welke belanghebbenden betrokken (moeten) worden en via welke communicatiekanalen dit het meest kansrijk is en past dit ook toe. • Werk samen waar het kan: de ambtelijke organisatie denkt vanuit mogelijkheden in plaats van uit belemmeringen. Ook als zaken nog niet helemaal duidelijke zijn. Zeg ja, tenzij… • Communicatie: duidelijke en volledige communicatie is belangrijk en start in zo’n vroeg mogelijk stadium. Voor deelnemers moet het gehele participatietraject bij de start duidelijk zijn. Dit draait om zaken als: wanneer zijn er contactmomenten en welke beïnvloedingsruimte hebben de deelnemers. De afspraken hierover leggen we bij de start vast.

Voor het doorlopen van het traject is het ook belangrijk dat de participanten inhoudelijk goed geïnformeerd zijn. De gemeente zorgt voor een (tussentijdse) terugkoppeling aan in ieder geval de deelnemers. Aan het einde van een participatietraject krijgen alle betrokkenen toegang tot het participatieverslag, dat bestaat uit een reactienota en een korte evaluatie van het proces, waarbij de belanghebbenden ook zijn bevraagd. Eventuele enquêteresultaten worden hierbij meegenomen. De terugkoppeling, op basis van een vast format, wordt gepubliceerd op de gemeentewebsite en verwerkt in de college- en raadsadviezen. Communicatie tússen deelnemers is even belangrijk. Niet alle deelnemers hebben dezelfde kijk op een vraagstelling. Het is van belang dat deze meningen uitgewisseld worden. Dit zorgt ervoor dat er een zorgvuldige afweging gemaakt kan worden, wat het uiteindelijke besluit beter maakt.

8

BELEIDSKADER PARTICIPATIE GEMEENTE WOUDENBERG

8. PARTICIPATIE ONDER DE OMGEVINGSWET

De Omgevingswet (ingangsdatum 1 januari 2024) is gebaseerd op dezelfde participatie uitgangspunten als de wet ‘Versterking Participatie op decentraal niveau’ (ingangsdatum juni 2024). In de voorbereiding op de Omgevingswet heeft de gemeenteraad een aantal besluiten genomen ten behoeve van de participatie, deze zijn vooruitlopend op deze beleidsnota vastgesteld, met het uitgangspunt dat het bijlagen worden. Het betreft het besluit op welke categorieën participatie verplicht is (27-1-2022) en het besluit toepassing Participatiewijzer (27-1-2022). De Participatiewijzer gemeente Woudenberg ‘het betrekken van de omgeving bij uw ruimtelijk initiatief’ geeft voor ontwikkelingen binnen de Omgevingswet (groot deel fysiek domein) weer welke mate van participatie, afhankelijk van de impact van een project of activiteit, passend is. De Participatiewijzer geldt voor gemeentelijke projecten en voor projecten van externen. In basis zijn wij van mening dat het bij elke ontwikkeling gewenst is dat derden op de hoogte gesteld worden. Een normale handeling naar de buren, maar het is niet in alle gevallen verplicht te stellen. Besloten is om bij alle vergunningsaanvragen aanvragers te stimuleren participatie toe te passen. De mate waarin wordt bepaald door de Participatiewijzer.

De Omgevingswet geeft duidelijk aan dat gevallen van activiteiten kunnen worden aangewezen waarvoor participatie verplicht is. Het is niet mogelijk participatie altijd verplicht te stellen, stimuleren kan wel. Er is geen weigeringsgrond bij niet participeren, maar er kan wel sprake zijn van buiten behandeling stellen. De participatieplicht is van toepassing op projecten waarop binnen de Omgevingswet adviesrecht van de raad van toepassing is. Indien een aanvrager van een buitenplanse omgevingsplan activiteit, waarvoor participatie verplicht is gesteld, geen gegevens over de participatie heeft verstrekt dan kan het college de aanvraag buiten behandeling laten, men voldoet dan niet aan de indieningseisen. Is er wel informatie over de participatie, maar college is van mening dat het onvoldoende is, dan moet college zelf informatie verzamelen, door bijvoorbeeld een deel van het participatieproces zelf uit te voeren. De Participatiewijzer dient als uitgangspunt.

Participatiewijzer Zoals aangegeven is participatie onder de Omgevingswet een vaak terugkerende term. Participatie is dus belangrijk en de wetgever verwacht dat wij het als gemeente stimuleren. Participatie is de verantwoordelijkheid van een initiatiefnemer of van ons als gemeente, en is maatwerk. Enkel voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten kan participatie in bepaalde gevallen verplicht worden gesteld. Voor binnenplanse omgevingsplanactiviteiten is van een dergelijke verplichting geen sprake. Om initiatiefnemers te inspireren en te wijzen op hun verantwoordelijkheid, bestaat de Participatiewijzer gemeente Woudenberg ‘het betrekken van de omgeving bij uw ruimtelijk initiatief’. De wijzer maakt inzichtelijk wat de impact is van een initiatief en welke wijze van participatie daarbij past. De wijzer maakt inzichtelijk welk niveau van participatie kan worden toegepast en geeft inzicht in wat belangrijke uitgangspunten zijn voor zorgvuldige participatie. Daarnaast maakt de wijzer inzichtelijk waar de gemeente op let bij het beoordelen van participatieresultaten. Voor de besluitvorming geeft de initiatiefnemer aan wat de deelnemers hebben ingebracht en wat er met deze opbrengst is gedaan.

De gemeente Woudenberg hanteert hierbij een aantal eisen die in het participatieverslag dienen terug te komen, namelijk: • Het gekozen beïnvloedingsniveau, de motivatie hierachter en de opgestelde kaders. • De belanghebbenden die wel/niet betrokken zijn en waarom. • De omschrijving van het doorlopen participatietraject. • Eventuele afwijkingen van het originele participatieplan en de uitleg waarom. • Uitwerking van de opgehaalde input. • Uitwerking van wat er met deze input gedaan is. • Beperkte evaluatie van het doorgelopen participatietraject. • Motivering achter de manier waarop de input verwerkt is.

9

10. UITDAAGRECHT

9. BURGERINITIATIEVEN Jaarlijks stelt de gemeente een budget beschikbaar voor burgerinitiatieven. Met een structureel budget hoopt het gemeentebestuur dat meer inwoners ruimte voelen om initiatieven te bedenken en uit te voeren. Elke initiatiefnemer wordt gevraagd om jaarlijks een beknopt evaluatieformulier in te vullen, zodat de gemeente kan leren wat de succes- en faalfactoren zijn van een initiatief en daarop kan handelen indien nodig.

Voor groeninitiatieven werkt de gemeente met een zelfbeheerovereenkomst voor onbepaalde tijd. Jaarlijks vindt er een evaluatie plaats en wordt al dan niet besloten om het initiatief voort te zetten. Voor groeninitiatieven hoeft geen aanspraak te worden gemaakt op het burgerinitiatievenbudget. De buitendienst kan adviseren over subsidiemogelijkheden en kan onder voorwaarde - faciliteren in natura (uitlenen van materieel).

10

Sinds 2017 hebben inwoners via Right to Challenge (uitdaagrecht) de mogelijkheid de gemeente uit te dagen om uitvoerende taken van de gemeente over te nemen als zij denken dat het anders, beter, slimmer en/of goedkoper kan. Het initiatief hiertoe ligt bij inwoners en daarom nemen we dit niet op in dit beleidskader. Als een groep inwoners zich bij de gemeente meldt met een dergelijk voorstel, zullen wij maatwerk toepassen en met hen in overleg gaan.

11. ROLLEN BIJ PARTICIPATIE

Wanneer er met verschillende partijen wordt samengewerkt, is het belangrijk om te weten wie welke rol en taken heeft. Dit is afhankelijk van de mate waarin er geparticipeerd wordt en wie het uiteindelijke besluit neemt. De Participatiewijzer gemeente Woudenberg - ‘het betrekken van de omgeving bij uw ruimtelijk initiatief’ (voor ruimtelijke projecten die onder de Omgevingswet vallen). En het Beslisinstrument participatie (voor niet-Omgevingswet projecten) (zie bijlage) zijn hierbij een hulpmiddel. In tabel 1. zijn vijf situaties uitgewerkt: 1. Minimaal: dit zijn kleine projecten waarbij overleg met direct belanghebbenden volstaat. 2. Beperkt (ambtelijk mandaat): projecten van beperkte omvang waar ambtenaar direct betrokkenen betrekt en portefeuillehouder rapporteert aan college. 3. Beperkt (college B&W bevoegd gezag): dit zijn middelgrote projecten waarover het college van burgemeester en wethouders het uiteindelijke besluit neemt. 4. Beperkt (gemeenteraad bevoegd gezag): dit zijn middelgrote projecten waarover de gemeenteraad het uiteindelijke besluit neemt, zoals een uitvoeringsagenda. Het is dan niet altijd nodig om vooraf het participatieplan vast te laten stellen door de gemeenteraad, maar kan in specifieke gevallen wenselijk zijn. 5. Uitgebreid (gemeenteraad bevoegd gezag): dit zijn grote projecten met een grote impact op de leefomgeving.

Een voorbeeld hiervan is een nieuwe omgevingsvisie.

BELEIDSKADER PARTICIPATIE GEMEENTE WOUDENBERG OMVANG PARTICIPATIE

BESLUIT OVER PARTICIPATIEPLAN

COLLEGE B&W/AMBTENAAR

GEMEENTERAAD

SAMENLEVING

Minimaal

N.v.t.

•

Ambtenaar betrekt direct belanghebbenden

N.v.t.

Direct belanghebbenden betrokken: • Overlegt met ambtenaar

Beperkt (ambtelijk bevoegd gezag)

Wethouder

•

N.v.t.

•

Ambtenaar betrekt direct belanghebbenden Wethouder rapporteert aan college

Direct belanghebbenden betrokken: • Overlegt met ambtenaar

Beperkt (College B&W bevoegd gezag)

College B&W

• • • • • • • •

Maakt plan Voert uit Betrekt samenleving Informeert raad Verwerkt input Neemt besluit Verantwoordt keuze Evalueert

• •

Geef algemene kadersmee waar nodig Wordt geïnformeerd

Bepaalde groepen betrokken: • Wordt geïnformeerd • Neemt deel aan traject • Neemt deel aan evaluatie

Beperkt (gemeenteraad bevoegd gezag)

Gemeenteraad

• • • • • • • •

Maakt plan Overweegt of raad plan moet goedkeuren Voert uit Betrekt samenleving Informeert raad Verwerkt input Verantwoordt keuzes Evalueert

• • • • •

Geeft algemene kaders mee Wordt geïnformeerd Controleert proces Neemt besluit Verantwoordt keuze

Bepaalde groepen betrokken: • Wordt geïnformeerd • Neemt deel aan traject • Neemt deel aan evaluatie

• • • • • • • •

Maakt plan Laat plan goedkeuren door raad Voert uit Betrekt samenleving Informeert raad Verwerkt input Verantwoordt keuzes Evalueert

• • • • • •

Uitgebreid

Gemeenteraad

Optioneel: • Geeft specifieke kaders mee • Beoordeelt plan Geeft specifieke kaders mee Beoordeelt plan Wordt geïnformeerd Controleert proces Neemt besluit Verantwoordt keuze

Brede groep betrokken: • Wordt geïnformeerd • Neemt deel aan traject • Neemt deel aan evaluatie

12. BIJLAGE • Participatieverordening

• Beslisinstrument participatie (voor niet-Omgevingswet projecten)

• Spelregels participatie

• Participatiewijzer ‘het betrekken van de omgeving bij uw ruimtelijk initiatief’

11

Gemeente Woudenberg Parklaan 1, 3931 KK T 14033 W www.woudenberg.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/3249/documents/62293