Beantwoording TV VVD-fractie Woonzorgvisie - DEF.pdf
Tekst van het document
Beantwoording Technische Vragen van de VVD-fractie Woonzorgvisie Raadscommissievergadering van: 14-01-2025 Vraag
Antwoord
Blz 30, 4-6 % van woningen gaat naar uitstromers. Verderop : “dat zo’n 43% van de vrijkomende betaalbare sociale huur gebruikt worden om statushouders en uitstromers te huisvesten.” Betekend dit dat 43 – 6 = 37 % van de vrijkomende betaalbare sociale huur naar statushouders gaat ?
Deze berekening is juist. Het college benadrukt dat het niet kan sturen op het aantal instromers uit een instelling of het aantal statushouders dat in onze gemeente gevestigd dient te worden.
Betrokkenen van de woonzorgvisie zijn de genoemde partners, maar nergens worden projectontwikkelaars en/of particuliere ondernemers gezien als gesprekspartners. Is daar een reden voor, of waar in dit proces passen deze partijen?
Deze partners zijn gesprekspartners voor het realiseren van woningen in de brede zin van het woord. Daarmee zijn zij gesprekspartners voor de Woonvisie. Voor de Woonzorgvisie is gekozen om alleen gesprekspartners te spreken die voor de aandachtsgroepen in de woonzorgvisie zorg en/of wonen aanbieden. De genoemde gesprekspartners blijven belangrijk maar zitten lokaal aan een andere tafel (regionaal wel onderdeel).
De woonzorgvisie is een separaat beleidsdocument ten opzichte van de woonvisie. Wat is hier de reden van? (waarom niet een geïntegreerd document?)
De reden dat het een separaat onderdeel is, is omdat wetgeving gemeenten verplicht om een apart/zelfstandige woon-zorgvisie op te leveren. Vanuit de Nationale programma’s ‘Een thuis voor iedereen’ en ‘Wonen en Zorg’ krijgen alle gemeenten de verplichting om een woonzorgvisie op te stellen. Dat kan een afzonderlijk document zijn, of een ‘verbrede’ woonvisie. Omdat onze woonvisie van recente datum is, hebben wij er vanuit kostenoverweging voor gekozen om een afzonderlijke woonzorgvisie op te stellen. Naar verwachting wordt op basis van landelijke wetgeving, vanuit de wet versterking regie op de huisvesting, het verplicht om op termijn (naar verwachting in 2026) een volkshuisvestingsprogramma op te stellen. Het is de bedoeling om in dit programma alle volkshuisvestelijke onderdelen te integreren, waarbij uiteindelijk de woonvisie en woonzorgvisie op zullen gaan in één programma.
Wordt er ook gekeken binnen de nieuwe woonzorgvormen naar
Het college heeft de ambitie om via coöperatie de Kleine Schans een werkatelier te
Vraag
Antwoord
moderne uitvoering van bejaardentehuizen?
starten om samen met de lokale partners de actielijnen verder invulling te geven. Daarnaast vindt nadere uitwerking van de actielijnen uit de woonzorgvisie plaats in het uitvoeringsprogramma wonen. De moderne uitvoering van bejaardentehuizen past bij actielijn 3. Wanneer via een van bovenstaande routes een concrete ontwikkelingsvraag ontstaat zal het college afwegen of zie hierin een faciliterende of coördinerende (of andere) rol op zich moet nemen.