Beantwoording TV IS 14 oktober 2025 (Geanonimiseerd).pdf
Tekst van het document
Gemeente
Woudenberg Beantwoording
technische
Raadscommissievergadering
Ingekomen
stuk
Behandelend
van:
vragen 14-10-2025
|
over
Vraagsteller
ambtenaar
|
&
de
ingekomen
stukken
Antwoord
Vraag
Fractie
Portefeuillehouder 1. Binnenkort voor
wettelijke taak suïcidepreventie | Sociaal Domein
B. de
Jong,
GBW
| Naar aanleiding van de aangekondigde inwerkingtreding suïcidepreventie
gemeenten
de
van
per
1
Wet
januari
gemeenten radenZelfmoordpreventie hun geïnformeerd 113
over
wettelijke taak 1.
Hoe voor
2.
Aangezien alle gemeenten met deze nieuwe taak te maken krijgen, trekken we hierin regionaal op. Op 8 oktober hebben we tijdens een eerste regionale bijeenkomst onder meer afgesproken dat we in kaart brengen wat er al gebeurt binnen regio Eemland, zowel per individuele gemeente en regionaal. Dit omdat we zoveel mogelijk willen aansluiten bij wat er al gebeurt in het
1.
integrale 2026, heeft en
nieuwe
,
op dit terrein.
bereidt Woudenberg zich op deze nieuwe wettelijke taak
suïcidepreventie? Is
al contact geweest met de De Kleine Schans of andere partners om invulling te geven aan deze er
GGD,
kader
het
van
regiobeeld vervolgens ;
verantwoordelijkheid?
is en
worden 2.
Eris
herstelnetwerk.
Nadat
het
opgesteld
bepalen we isin een actieplan wat er nog nodig welke stappen wanneer gezet gaan :
daar
om
te komen.
geen
contact
onderdeel
van
de het opstellen
actieplan
is
nog
geweest.
Maar van
het
ketenbijeenkomst waar onder meer de politie, huisartsen, ggz, onderwijs, kerken, geestelijk verzorgers en wijkteams voor zullen worden uitgenodigd. 2. Gebundelde
Woo-verzoeken
2019-2018-2013-2014
een
2024-2023-
| (geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) 3.
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheden 2025
J.
| (geanonimiseerd)
Westenberg,
GBW
Bij de invoering van de Omgevingswet per 1 januari 2024 zijn de beleidsregels afwijkingsregels 2020 komen te vervallen. Formeel kent de gemeente sinds genoemde
1.
De
beleidsregels Planologische afwijkingsmogelijkheden zijn voorwaarden bij de beoordeling van aanvragen
Ingekomen stuk | Behandelend ambtenaar | Portefeuillehouder
Vraagsteller & Fractie
Antwoord
Vraag
datum
geen regelgeving op dit terrein meer. Het college geeft aan zelf bevoegd zijn om bij besluit de afwijkingsregels
te
opnieuw vast te stellen omdat de afwijkingsregels inhoudelijk niet zijn aangepast (gehanteerde motivering). In algemene zin is de Raad bevoegd om beleid vast te stellen en voert het college het beleid uit binnen het gegeven mandaat. In dit geval is sprake van invoering van nieuw beleid gebaseerd op voormalige beleidsregels. 1. Op welke wet- en regelgeving is de formele besluitvorming ‘Beleidsregels Planologische Afwijkingsregels’ door het college gebaseerd? Graag toelichten met juridische onderbouwing. 2. De laatste herziening van de (vervallen) afwijkingsregels dateert van juni 2020. Sindsdien zijn meerdere debatten gevoerd over o. a. toepassing parkeernormen (CROW-normen) , tijdelijke woonvormen , etc. . Wanneer kan een nieuwe herziening worden verwacht en tot welke rol van de Raad leidt dat?
2.
omgevingsvergunning waarbij van het Omgevingsplan wordt afgeweken. Het college van B&W is op grond van artikel 5. 8 van de Omgevingswet het bevoegd gezag voor het verlenen van omgevingsvergunningen. Artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht geeft aan dat een bestuursorgaan beleidsregels kan vaststellen met betrekking tot zijn bevoegdheden. Hiermee heeft het college ook de bevoegdheid om beleidsregels op te stellen voor het afwijken van het Omgevingsplan. Overigens gaan de beleidsregels alleen over de voormalige ‘kruimelgevallen’ zoals die golden onder de oude wetgeving – en waarover het college toen ook al bevoegd was - en niet om grotere afwijkingen waarover de gemeenteraad advies kan geven. Het college heeft er voor gekozen de vorige beleidsregels neutraal over te zetten. Uiteindelijk is het de bedoeling dat de hele gemeentelijke ruimtelijke regelgeving in het (definitieve) Omgevingsplan terecht komt. Indien er aanleiding is om op onderwerpen , zoals parkeernormen en woonvormen , aanpassingen te doen ten opzichte van bestaand beleid dan zal het college de raad daarin betrekken. Immers is de raad bevoegd om het Omgevingsplan te wijzigen.
Ingekomen stuk | Behandelend ambtenaar | Portefeuillehouder
Vraagsteller & Fractie
K. H. J. van de Wetering , GLPvdA
Vraag
Hoe wordt in de praktijk vastgesteld of een afwijking “geen onevenredige afbreuk doet aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken” (zoals genoemd in par. 2. 5. 7 en 4.2) , en welke meet- of toetsingsmethoden hanteert de gemeente daarbij? In de beleidsregels wordt geregeld verwezen naar de CROW-normen voor parkeren (o. a. par. 2. 5. 7 en 4. 2). Welke versie van de CROW-publicatie hiervoor bindend is en hoe hiermee wordt omgegaan bij toekomstige actualisaties van deze normen? Voor mantelzorgwoningen geldt een maximum van 80 m² (par. 3. 3. 3). Hoe wordt omgegaan met bestaande vergunde bijgebouwen die groter zijn dan dit maximum , indien deze geheel of gedeeltelijk als mantelzorgwoning worden ingericht?
Antwoord
Het onderwerp wonen en verkeer zijn overigens ook onderdelen die in de Omgevingsvisie zullen worden opgenomen. Voor verkeer zal dit worden uitgewerkt in een programma mobiliteit , waar parkeren onderdeel van uitmaakt. De raad is ook het bevoegd gezag voor het vaststellen van de Omgevingsvisie. De voorwaarde “geen onevenredige afbreuk doet aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken” is een begrip uit de ruimtelijke ordening. Er dient per geval bekeken te worden in hoeverre er sprake is van een dergelijke afbreuk. Het college heeft hierin een afwegingsruimte zonder dat daarvoor vaste meet- of toetsingsmethoden beschikbaar zijn. De versie van de CROW-normen die van kracht is op het moment van aanvraag van een omgevingsvergunning is bindend. Hiermee wordt dus ook de actualisatie van de normen
meegenomen.
In veel gevallen is een mantelzorgwoning in een bestaand , vergund bijgebouw vergunningsvrij. Ook als het bijgebouw groter is dan 80 m2. In gevallen waarin een mantelzorgwoning niet vergunningsvrij is , voorzien de beleidsregels onder voorwaarden in de mogelijkheid voor een mantelzorgwoning. Een van de voorwaarden hierbij is een maximale omvang van 80 m2. Dit is overgenomen uit de regeling zoals die in
Ingekomen Behandelend
stuk
|
Vraagsteller
ambtenaar
|
Antwoord
&
Fractie
Portefeuillehouder
de bestemmingsplannen was opgenomen. Indien een bestaand bijgebouw groter is dan 80 m2
kan dat dus tot maximaal
mantelzorgwoning worden aan
de aanvrager
80
m2
ingericht.
hoe die dat binnen
als
Het is
die
mogelijkheid vormgeeft. 4, Groene
Gemeenten
| (geanonimiseerd)
K.H.J.
van
de
Wetering,
GL-
PvdA
Gaat
de gemeente PANbrief en in het
in op de
gemeenten’
verslag kiezen voor o.a.
om
te
verzoeken in de de ‘groene
over
inheemse
en biologische planten en ecologisch maaibeleid? En op het verzoek om als gemeente proactief
bewonersinitiatieven
te stimuleren
in het
gebruik van dergelijke planten en struiken? Is de gemeente van plan zich aan te sluiten bij de ‘groene gemeenten?
De
gemeente
handelt al
naar
een
gedeelte
de adviezen van Pesticide Action Network Netherlands. Hierin is Woudenberg
van
vergelijkbaar met een groot aantal van de 41 gemeenten die meegedaan hebben in het onderzoek. De gemeente houdt zich aan de wet en gebruikt in het regulier beheer geen chemische bestrijdingsmiddelen. Dit is vastgelegd in het groenbeleidsplan. Ook raden we inwoners het gebruik van deze middelen af. Hier wordt geen proactieve communicatie over gevoerd, maar wordt binnen participatieprojecten en groene communicatie gedeeld. De
gemeente staat positief tegenover het aanplanten van inheemse en biologische beplanting, maar kan dit niet op grote schaal toepassen. Het is niet mogelijk om alleen inheemse en biologisch gekweekte bomen, heesters
en
andere
soorten
groen
aan
te
planten omdat de markt voor dit plantmateriaal te klein en te eenzijdig is. Voor het gemeentelijk groen dat ook op grote schaal aan veel andere (gebruiks-)eisen moet
Ingekomen stuk | Behandelend ambtenaar | Portefeuillehouder
Vraagsteller & Fractie
Vraag
Antwoord
voldoen is de biologische eis niet haalbaar. Wanneer het mogelijk zou zijn om uiteindelijk alleen biologisch en inheems plantmateriaal aan te schaffen zal in Woudenberg daardoor een eenzijdig en kwetsbaar groenareaal zou ontstaan. Om een gezond groenareaal te behouden moet de verhouding tussen Inheemse en uitheemse soorten in balans zijn. Sinds 2019 worden bijenlinten ingezaaid , deze stroken en randen langs struwelen worden ecologisch beheerd. Voor overige gazons is echter geen structureel budget beschikbaar om op grotere schaal ecologisch te beheren , vanwege hogere kosten zoals het afvoeren en storten van maaisel. Het is technisch mogelijk om bij een nieuwe in- of aanbesteding op daarvoor geschikte plekken het beheer van gazons op beeldkwaliteit los te laten en op een ecologische wijze te beheren. Dit zal echter hogere onderhoudskosten inhouden. Daarnaast is dit op veel plekken in de bebouwde kom door het intensieve gebruik van de openbare ruimte en voor het voorkomen van hinder en overlast langs paden en wegen , niet uitvoerbaar. De gemeente houdt ontwikkelingen op het gebied van ecologisch maaien in de gaten en zal wanneer en waar mogelijk het aandeel ecologisch beheerde gazons in het dorp laten toenemen.
Ingekomen stuk | Behandelend ambtenaar | Portefeuillehouder
Vraagsteller & Fractie
Vraag
Antwoord