Beantwoording technische vragen VVD-fractie Nota uitgangspunten omgevingsvisie RC 13-01-2026.pdf
Tekst van het document
Beantwoording Technische Vragen van de VVD- Nota uitgangspunten omgevingsvisie Raadscommissievergadering van: 13-01-2026 Vraag
Antwoord
Op welke momenten in het vervolgproces worden keuzes tussen de beschreven scenario’s expliciet aan de gemeenteraad voorgelegd ter besluitvorming?
De opzet van het project en de planning gaan er vanuit dat deze besluitvorming plaats vind bij de vaststelling van de omgevingsvisie. In de aanpak is geen (tijd) voorzien voor tussentijdse besluitvorming. Wij zullen bezien of bijvoorbeeld in de vorm van een bijlage de scenario’s met afwegingen aan de stukken toegevoegd kunnen worden. De nota van uitgangspunten is een hulpmiddel om te komen tot de Omgevingsvisie, die de werking ook verlies op moment van vaststelling van de visie. Bij het opstellen van de omgevingsvisie zal meegenomen worden hoe uitvoerbaar deze is. Een visie kan echter ook onderdelen bevatten die op voorhand niet passen in het huidige provinciaal beleid. De uitvoerbaarheid op andere onderdelen moet blijken uit de milieueffect analyse light die gedaan worden. Deze nota heeft geen directe doorwerking in bestaand beleid.
Welke externe factoren (zoals provinciaal beleid, infrastructuur, milieuregels) zijn bepalend voor de uitvoerbaarheid van de Nota van Uitgangspunten en hoe worden deze gemonitord in het vervolgproces? Welke concrete keuzes of beperkingen uit de Nota van Uitgangspunten werken direct door in lopende en komende projecten in Woudenberg (zoals woningbouw, mobiliteit of voorzieningen), nog vóór vaststelling van de Omgevingsvisie? In de Nota van Uitgangspunten wordt enerzijds scenario 3 omschreven als doorgroeien met nieuwe ruimte en anderzijds gesproken over een combinatie van scenario 2 en 3, aangeduid als “beperkte, kleinschalige groei”; hoe wordt dit begrip concreet uitgewerkt in termen van tempo, omvang en ruimtelijke consequenties?
Die uitwerking moet juist komen in het vervolg proces, dan moet duidelijk worden wat de effecten van een en ander is en welk draagvlak te vinden is. Zodat er een basis is voor besluitvorming in en met de nieuwe Omgevingsvisie.
In de Nota van Uitgangspunten wordt enerzijds gesteld dat bereikbaarheid voor alle inwoners, ongeacht vervoersmiddel, uitgangspunt is en anderzijds dat de STOMP-methodiek wordt gehanteerd waarbij deelmobiliteit als “kans én noodzaak” wordt benoemd, terwijl het openbaar vervoer in Woudenberg relatief beperkt is; hoe verhouden deze uitgangspunten zich tot elkaar in de verdere uitwerking?
De STOMP methode is een landelijke leidraad voor het prioriteren van kwetsbare doelgroepen in het verkeer én het stimuleren van duurzame vervoersmiddelen en geeft een ontwerp methodiek. Deelvervoer wordt binnen STOMP gezien als een belangrijke kans om een aanvulling te bieden op het relatief beperkte OV-aanbod in Woudenberg. Juist vanwege de beperkte OV-bereikbaarheid, bestaat de behoefte aan een (tweede) auto. Inwoners die samen op een betaalbare manier een auto kunnen delen, zullen eerder geneigd zijn geen tweede of derde auto aan te schaffen of deze weer in te leveren. Binnen de STOMP methodiek krijgt OV (3) de prioriteit boven MaaS (Mobility as a service / deelmobiliteit). Dit betekent dat wanneer er in plannen een spanningsveld zou ontstaan
Vraag
Antwoord tussen OV en Deelvervoer, OV vanuit dit principe de voorrang moet krijgen.