32.c Statenbrief-noodzaak-aanvullende-projectbesluiten-windenergie (Geanonimiseerd).pdf
Tekst van het document
IS)
O8
PROVINCIE
5:
UTRECHT
Statenbrief
Aan Provinciale Staten
Onderwerp
Noodzaak
Datum
Documentnummer
08-07-2025 UTSP-279699493-63999
Van
Robin
Telefoonnummer E-mailadres Domein/opgave
+3162891880
Hoenkamp
SLO ENT
Portefeuillehouder
Van
Bijlage
Essen 1.
Brieven
2.
Brief van regio Amersfoort _Voortgangsrapportage Amersfoort
3. 4.
leden
projectbesluiten windenergie
(geanonimiseerd) Neree
Team
Geachte
aanvullende
van
Provinciale
aan
gemeenten
en
regio's
_ Voortgangsrapportage Foodvalley Staten,
Essentie / samenvatting:
Op 14 januarijl. hebben wij aangekondigd vóór 15 juli 2025 in het kader
van
de RES-doelen.
een
besluit te
nemen
Met deze brief
over
eventuele aanvullende
uw Staten op de gebieden windenergie brengen hoogte van de in de drie Voor de U16 is het niet om als regio’s RES-regio provincie aanvullende ontwikkelingen nodig gebieden voor projectbesluiten aan te wijzen. Voor gemeenten Lopik, Montfoort, Woerden en Vijfheerenlanden hebben wij per gebied een minimale opwek bepaald, waarbij we aansluiten op recent genomen raadsbesluiten. Daarmee wordt het bod van U16 grotendeels gehaald en is het niet nodig aanvullende projectbesluiten te nemen voor andere gebieden dan waar de gemeenten zelf windenergie mogelijk maken. Voor Lopik zal de verzoek van de provincie, op gemeente, het bevoegd gezag op zich nemen, voor de gemeente Vijfheerenlanden is de verwachting dat de provincie afziet van haar wettelijke bevoegdheid en de gemeente zelf de procedure voortvarend zal doorlopen en voor het gebied in Woerden en Montfoort wordt na de zomer besloten wie het bevoegd gezag is. Vanwege planuitval windenergie langs de A28 door het besluit van het Ministerie van Defensie wordt het bod in regio Amersfoort niet gehaald. Omdat gemeenten ten tijde van de Tussenbalans Il nog een gezamenlijk plan voor de volledige opgave hadden, maar dit buiten de invloedssfeer van RES-regio Amersfoort geen doorgang heeft kunnen vinden, wordt op dit moment geen projectprocedure vervolgd in deze regio.
De regio wordt opgeroepen plannen voor duurzame opwek aan te vullen met nieuwe plannen. Samen met de regio worden alle in het planMER windenergie onderzochte gebieden in de regio beoordeeld en niet alleen de ‘meest kansrijke gebieden voor windenergie’ zoals vastgesteld door GS in 2024. De provincie neemt hierin het voortouw; de gemeenten kunnen ook met aanvullende plannen voor zonne-energie komen. Medio 2026 moeten de gebieden gekozen zijn die perspectief geeft op het halen van o,5 TWh. In regio Foodvalley blijkt het nodig de plannen aan te vullen door aan te sluiten op de planvorming die de gemeente Wageningen hiervoor doorloopt in het gebied in Rhenen (99). Ten slotte hebben we de voortgangsrapportages RES Amersfoort en RES Foodvalley vastgesteld. voor
we
.
1van
10
Inleiding: Voorgeschiedenis: Om de in het Klimaatakkoord afgesproken opwekcapaciteit van zonne- en windenergie op land te realiseren hebben 30 regio’s in het kader van de Regionale Energie Strategie (RES) in 2021 een bod gedaan richting het Rijk. In de afgelopen jaren hebben wij samen met de drie regio’s in de provincie Utrecht gewerkt aan het halen van het bod voor grootschalige duurzame elektriciteit van in totaal 305 TWh in 2030. Regio Foodvalley ligt gedeeltelijk in Gelderland waarmee het Utrechtse deel van de drie regio’s opgeteld 24 TWh omvat. Deze boden zijn vastgelegd in de RES’en 1. 0 welke op 30 juni (regio Foodvalley en regio Amersfoort) en 6 oktober 2021 (regio U16) door uw Staten en andere RES-partners (m. u. v. gemeente Montfoort) zijn vastgesteld. Realisatie van de boden is noodzakelijk voor het behalen van de door u in de Omgevingsvisie opgenomen doelstelling om in 2030 minimaal 55% van het elektriciteitsgebruik in de provincie Utrecht op te wekken uit hernieuwbare bronnen. Op 21 september 2022 heeft u een besluit genomen over het statenvoorstel Tussenbalans Regionale Energiestrategieën (RES) Provincie Utrecht. Hierin is besloten dat de provincie start met een projectprocedure indien er op 1 december 2022 onvoldoende windlocaties in beeld zijn om 1 TWh windenergie in 2030 te realiseren.
Zoals aangegeven in de Statenbrief Voortgang Windenergie van 14 februari 2023 waren de totale plannen van gemeenten onvoldoende (concreet) om zicht te hebben op realisatie van de afgesproken doelstelling voor 2030. In de periode erna is dit beeld niet veranderd zoals ook blijkt uit de voortgangsrapportages U16 Amersfoort & Foodvalley in 2023. Bovendien blijkt uit de Monitor RES 2024 van het PBL dat dat de vraag naar duurzame energie blijft stijgen maar het aanbod achterblijft en bovendien de gezamenlijke ambities van 55 TWh niet gehaald worden met de huidige koers dit wordt bevestigd met de foto RES van 3 juli jl. waarin aangegeven wordt dat het doel uit beeld verdwijnt. Omdat uit de eerste Tussenbalans is gebleken dat aanvullende windlocaties nodig zijn voor de realisatie van de totale 24 TWh zijn we begin 2023 gestart met de eerste stappen van een projectprocedure en is een kennisgeving voornemen en participatie gedaan. Ook is de verkenningsfase gestart met onder meer een plan-m. e. r. procedure ten behoeve van locatiekeuzes voor windenergie. Voor dit planMER is een concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) opgesteld en op 14 februari 2023 in ontwerp ter inzage gelegd. In de Nota van Beantwoording is een reactie gegeven op de zienswijzen die daarop zijn ingediend.
In het Coalitieakkoord 2023-2027 is uitgewerkt hoe het proces zoals aangekondigd in de Tussenbalans wordt vormgegeven. Hierin is het belang van het verbeteren van de balans tussen zonne- en windenergie en het halen van de doelstelling van 24 TWh duurzame opwek bevestigd. Dit betekent dat er geen apart doel voor windenergie is zoals bijvoorbeeld de eerdergenoemde 1 TWh maar dat het gaat om realisatie van de totale doelstelling van de RES’en via wind en zonne-energie. Daarbij kregen RES-regio’s en gemeenten extra tijd om het vastgestelde RES doel met zon en/of windprojecten concreet te maken In het startgesprek deel 1 dat op 11 oktober 2023 heeft plaatsgevonden zijn we met uw Staten aan de hand van de Statenbief proces windenergie in gesprek gegaan over het vervolgproces. In januari 2024 bent u geïnformeerd over de uitkomsten van het planMER en het burgerforum windenergie die samen hebben geleid tot de 27 meest kansrijke gebieden voor windenergie. In maart 2024 is de motie ‘wie goed doet goed ontmoet’ aangenomen waarin u oproept gemeenten met reeds concrete plannen voor klimaatneutrale energieopwekking als laatste te overwegen voor projectbesluiten voor windenergie. In juni 2024 heeft u het Beleidskader lokaal eigendom en participatie bij windenergieprojecten vastgesteld waarmee lokaal eigendom in de projectbesluiten voor windenergie wordt geborgd.
Op 17 september 2024 hebben wij een besluit genomen over de Tussenbalans RES II. Hierin is geconstateerd dat gemeenten in de eerste helft van 2024 veel extra plannen hebben geconcretiseerd én dat het nodig is om aanvullend projectbesluitprocedures voor 025-05 TWh voor windenergie te vervolgen in de regio’s U16 en mogelijk Foodvalley. Op 16 oktober 2024 heeft u in het tweede startgesprek op basis van dit besluit over de Tussenbalans RES II aandachtspunten kunnen meegeven voor het besluit over de gebieden. Dit besluit baseert zich voor de regio U16 op de uitgevoerde verkenning conform de Werkwijze Programma’s en Projectbesluiten. In januari jl. bent u geïnformeerd over de Keuze gebieden projectbesluiten windenergie provincie Utrecht waarmee de aanvullende benodigde opwek om het doel van RES U16 te halen ingevuld wordt. Op 23 april 2025 is motie M25-22 Voortdurend aandacht voor gezondheid aangenomen. Hierin wordt opgeroepen PS en inwoners te blijven informeren over wetenschappelijke ontwikkelingen rondom windturbines en gezondheid en te onderzoeken of en hoe een ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
2 van 10
gezondheidsmonitor kan worden opgezet. Ook wordt GS gevraagd het Rijk op te roepen tot versnelde besluitvorming over normen voor windturbines hiervoor is op 20 juni een brief aan het Rijk gestuurd. ,
Noodzaak aanvullende projectbesluiten per regio Zoals aangegeven bij het besluit betreffende ‘keuze gebieden projectbesluiten windenergie’ in januari jl. waren om verschillende redenen (delen van) de RES-regio’s nog onvoldoende concreet. Er is toen dan ook besloten nog tot 15 mei 2025 de tijd te geven om de laatste stappen naar concretisering te zetten. Hieronder volgt per regio een overzicht van welke stappen daar zijn gezet en wat de gevolgen voor de regio zijn.
➢ RES U16 Voor U16 was het begin 2025 duidelijk dat in ieder geval 160 GWh aanvullende opwek nodig was om het RESbod van 18 TWh te halen. Deze opwek wordt in eerste instantie mogelijk gemaakt in de gebieden in de gemeenten Stichtse Vecht en Montfoort-Oudewater waarvoor inmiddels de projectprocedure is vervolgd. De gebieden in deze gemeenten komen het eerste in beeld bij het volgen van de motie ‘Wie goed doet goed ontmoet' Voor gebieden in de gemeenten Woerden Montfoort Lopik en Vijfheerenlanden was nog onzeker hoeveel opwek hier mogelijk gemaakt zou worden. In deze gemeenten is gezamenlijk een minimum opwek nodig van 270 GWh om te voorkomen dat voor méér gebieden projectprocedures vervolgd moeten worden. Deze gemeenten hebben de afgelopen periode veel inspanning geleverd met de volgende uitkomsten: ,
,
.
,
,
Gemeente Lopik De gemeente heeft op 10 juni jl. een raadsvoorstel aangenomen om windenergie mogelijk te maken in de buurt van bedrijventerrein de Copen (meest kansrijke gebied 23) en hierbij ook te kijken naar de mogelijkheden voor een zonneveld. Het bestaande park zal hierbij gesaneerd worden en er zal ruimte gemaakt worden voor maximaal 3 turbines van 180m tiphoogte. De gemeente heeft hierbij de provincie verzocht om de rol van bevoegd gezag op te nemen hetgeen wij zullen doen waarbij nadere afspraken middels een bestuursovereenkomst vastgelegd zullen worden. Daarnaast is er ook besloten om in te stemmen met het uitwerken van een zonnepark als onderdeel van energyhub de Copen. In de gemeente Lopik liggen nog twee andere meest kansrijke gebieden voor windenergie (10 en 42). De gemeente kiest ervoor om alleen in het kleinste gebied windenergie mogelijk te maken. Om de ruimtelijke mogelijkheden voldoende te benutten zal er dus een aanzienlijke bijdrage duurzame opwek gerealiseerd moeten worden bij de Copen. Voor energiepark de Copen gaan we er daarom vanuit dat minimaal 70 GWh gerealiseerd wordt. Dit kan met windenergie wat gezien de businesscase mogelijk ook minimaal nodig zal zijn maar mogelijk ook met een combinatie van windenergie en zonne-energie.
Hierbij zullen verschillende opstellingen onderzocht worden om te kijken welke voor minder effecten zoals hinder op de omgeving kunnen zorgen en welke opstellingen mogelijk zijn voor een haalbare businesscase. ,
,
,
,
Gemeente Woerden De gemeenteraad van heeft een toetsingskader Windenergie voor de polder Reijerscop ten zuiden van de A12 (meest kansrijke gebied 24) aangenomen waarmee ruimte gemaakt wordt voor maximaal 3 turbines van 270m. Daarmee is het mogelijk om circa 70 GWh windenergie op te wekken. Dit is de helft van wat in dit meest kansrijke gebied in de gemeente Woerden mogelijk is ende ruimtelijke mogelijkheden worden hiermee onvoldoende benut in deze gemeente. We gaan er dan ook vanuit dat minimaal 70 GWh in het gebied gerealiseerd wordt. Er is nog geen besluit genomen over of de provincie het bevoegd gezag hiervoor behoudt. Indien de gemeente zelf het bevoegd gezag op zich neemt zal het nodig zijn hier zowel op inhoud als op proces goed samen te werken met gemeente Montfoort om voortvarend tot besluitvorming te komen. Omdat de beoogde gebieden in Woerden en Montfoort feitelijk één gebied vormen is het dan ook noodzakelijk dat er één proces komt met één coördinerend bevoegd gezag voor het windproject in dit gehele gebied (de provincie of één van beide gemeenten) zodat het voor de inwoners navolgbaar is wat waar gebeurt en er landschappelijk en ruimtelijk één samenhangend geheel ontstaat. Hierover zijn we met beide gemeenten in gesprek en we streven ernaar snel na de zomer een knoop door te kunnen hakken. ,
,
,
Gemeente Montfoort
3 van 10
De gemeente heeft een raadsbesluit genomen om naast het gebied met Oudewater waar een provinciale projectprocedure vervolgd wordt (meest kansrijke gebied 8) 2 tot 3 windturbines mogelijk te maken aansluitend op het gebied in Woerden (meest kansrijke gebied 24). We gaan er dan ook vanuit dat hiermee 40 GWh hier gerealiseerd wordt. Er is nog geen besluit genomen over of de provincie het bevoegd gezag behoudt voor gebeid 24. Indien de gemeente zelf het bevoegd gezag op zich neemt zal het nodig zijn hier zowel op inhoud als op proces goed samen te werken met gemeente Woerden om voortvarend tot besluitvorming te komen. Omdat de beoogde gebieden in Woerden en Montfoort feitelijk één gebied vormen is het noodzakelijk dan ook dat er één proces komt met één coördinerend bevoegd gezag voor het windproject in dit gehele gebied (de provincie of één van beide gemeenten) zodat het voor de inwoners navolgbaar is wat waar gebeurt en er landschappelijk en ruimtelijk één samenhangend geheel ontstaat. Hierover zijn we met beide gemeenten in gesprek en we streven ernaar snel na de zomer een knoop door te kunnen hakken. ,
,
,
,
,
Gemeente Vijfheerenlanden Gemeente Vijfheerenlanden heeft plannen voor windenergie in de gebieden 57 en 59 en aansluitend aan huidig windpark Autena. Het college van B&W heeft een brief naar de provincie gestuurd waarin zij aangeven 160 GWh duurzame opwek mogelijk te gaan maken voor de periode tot 2040. We gaan ervan uit dat de gemeente minimaal 80 GWh mogelijk maakt in de gebieden die hiervoor in beeld zijn met realisatie rond 2030. ,
Met de door ons vastgestelde minimale opwek per gemeente wordt de benodigde extra 270 GWh voor 2030 voor U16 net niet gehaald. Het totaal komt namelijk uit op 260 GWh. Voor de overgebleven 10 GWh wordt geen nieuw gebied gekozen maar wordt deze opgave meegegeven aan de vier gemeenten om mee te nemen in het proces en onderzoek. Op deze manier wordt voorkomen dat meer gebieden in de regio nodig zijn om extra opwek te realiseren. Daarmee is het dus nu ook niet nodig om naast de gebieden die gemeenten hebben gekozen in deze regio aanvullende projectprocedures te doorlopen. ,
,
,
De gemeente Lopik heeft aangegeven het bevoegd gezag bij de provincie te willen laten. Dit betekent dat de provincie in dit gebied de projectprocedure zal vervolgen. Hiervoor wordt een bestuursovereenkomst voorbereid en fase 2 uit het Beleidskader lokaal eigendom en participatie zal hier na de zomer starten. Er is voor het gezamenlijke gebied in Montfoort en Woerden nog geen besluit genomen over of de provincie het bevoegd gezag hiervoor behoudt of dat één van beide gemeenten dat op zich neemt. Hierover zullen bestuurlijke afspraken gemaakt waarin ook de afspraken over onder andere de ruimtelijke samenhang en inpassing het participatieproces en de te realiseren opwek van minimaal 110 GWh vastgelegd zullen worden. ,
,
In de RES Herijking U16 is te lezen dat het nodig blijft om aanvullende gebieden te ontwikkelen voor duurzame opwek om de gezamenlijke doelen te halen. De projecten in deze gemeenten dragen hieraan bij. Voor alle gemeenten die zelf het bevoegd gezag voor windenergie op zich nemen geldt dat de gemeente uiterlijk Q3 2026 een vergunningsaanvraag in behandeling moet nemen. Dit geldt niet alleen voor bovengenoemde gemeenten maar ook voor de gemeenten Utrecht (gebied 49) en De Bilt (gebied 67). Voor zover de planningen bekend zijn past dit binnen de plannen van gemeenten. Voor en het plan voor windenergie op de Isselt in Amersfoort geldt dat conform de planning van de gemeente het ontwerpbesluit voor dit windpark in de tweede helft van dit jaar verleend dient te zijn. Indien hier niet aan wordt voldaan zal de provincie in principe op basis van art. 9c Elektriciteitswet alsnog zelf een projectprocedure vervolgen technische onmogelijkheden daargelaten. Naast de procedures voor windenergie is het noodzakelijk dat ook de initiatieven voor zonnevelden in de provincie voortvarend opgepakt blijven worden en ingezet wordt op het halen van de doelen voor zon op dak. ,
,
,
,
,
➢ RES Amersfoort Bij het vaststellen van de Tussenbalans II lag RES- Amersfoort nog op koers om het bod van 05 TWh te halen zonder aanvullende provinciale projectbesluiten. Ontwikkelingen van eind 2024 met name het terugtrekken van Defensie in het mogelijk maken van windenergie langs de A28 en Vlassakkers (zie ook betreffend memo aan PS) hebben ervoor gezorgd dat 022 TWh aan plannen voor het behalen van het doel van 05 TWh voor de regio is uitgevallen. ,
,
,
,
,
4 van 10
De afgelopen periode is in de regio het gesprek gevoerd hoe deze planuitval opgevangen moet worden. Op 16 mei hebben de gemeenten uit de regio een brief (bijlage 2) aan de provincie gestuurd. In deze brief wordt aangegeven dat de regio vasthoudt aan de ambitie van 05 TWh en wordt gevraagd om meer tijd voor afstemming met gemeenteraden. De gemeenten stellen voor om voor windenergie niet alleen naar de meest kansrijke gebieden te kijken maar ook naar de andere locaties uit de provinciale planMER en te zorgen voor een eerlijke verdeling van de opgave zoals ook door uw Staten verzocht met de Motie Wie goed doet goed ,
,
,
ontmoet.
Vanuit het ministerie van KGG is aangegeven dat het wegvallen van de gebieden van windenergie langs de A28 de regio niet ontslaat van het halen van haar doelen. De planuitval in deze regio is veroorzaakt door het terugtrekken van Defensie uit de plannen van OER A28 en daarmee buiten de invloedssfeer van de regio. Daarbij hadden gemeenten ten tijde van de Tussenbalans II nog een gezamenlijk plan voor de volledige opgave waarvoor een constructief en intensief proces is doorlopen om zo gehoor te kunnen geven aan onze oproep van begin 2024. We zullen daarom gemeenten nog meer tijd gunnen om met elkaar en hun raden in gesprek te gaan over het opvangen van planuitval. Met ons besluit van 8 juli worden daarom nu geen gebieden in de regio Amersfoort gekozen voor projectbesluiten. We zullen de komende periode wel samen met de regio nader onderzoek uitvoeren naar gebieden voor windenergie en daarbij ook andere gebieden dan de meest kansrijke gebieden onderzoeken zie figuur 1Hierin zullen we als provincie het voortouw nemen. Deze verdieping en verbreding naar meer gebieden is ook nodig omdat met het wegvallen van de genoemde gebieden in de overgebleven meest kansrijke gebieden onvoldoende potentie overblijft om de doelen in de regio te halen. In deze periode kunnen gemeenten ook zoals verzocht in hun brief afstemmen met hun gemeenteraden.
Daarbij verzoeken we de gemeenten om te blijven zoeken naar gebieden voor duurzame opwek (zon en wind) om zo gezamenlijk 05 TWh duurzame opwek te realiseren. Aan de hand van het gezamenlijk nader onderzoek vragen we de regio om op basis van nieuwe coalitieakkoorden voor het zomerreces van 2026 aan te geven hoe de planuitval opgevangen wordt. Hierin moet het duidelijk zijn in welk gebieden welke hoeveelheid opwek mogelijk gemaakt zal worden met bijbehorende planning (voor zowel wind als zon). Indien dit samen uitgaande van 02 TWh zon op dak niet optelt tot 05 TWh zal de provincie in één of meer aanvullende gebied(en) projectbesluit(en) vervolgen. Hierbij zal gebruik gemaakt worden van de verdiepende analyse met de regio en de uitgangspunten zoals beschreven in de Tussenbalans II waaronder de motie Wie goed doet goed ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
ontmoet.
5 van 10
Figuur 1 te onderzoeken gebieden RES Amersfoort
➢
RES Foodvalley
6 van 10
Bij het vaststellen van de Tussenbalans II leek het voor de regio Foodvalley nog mogelijk om het bod te halen zonder aanvullende provinciale projectbesluiten. Inmiddels heeft de gemeente Rhenen na een motie van de gemeenteraad het voorstel ‘Geen vervolgonderzoek windenergie’ aan de raad voorgelegd. Dit voorstel wordt naar verwachting in november besproken samen met de routekaart Duurzaamheid. Ook is de vergunningsaanvraag van zonnepark Nude door de ontwikkelaar ingetrokken. Hierdoor is een tekort ontstaan van 30-40 GWh op het aandeel van 01 TWh (100 GWh) in het Utrechtse deel van de regio (hierbij gaan we uit van een realisatie van 005TWh zon op dak). Voor het aanvullen van het ontstane tekort van 30-40 GWh zijn er twee meest kansrijke gebieden voor windenergie in de regio. Gebied 96 in de gemeenten Renswoude en Veenendaal is op basis van de prioritering van het burgerforum in 2023 waarbij het meeste rekening wordt gehouden met leefomgeving en natuur als meest kansrijk gebied beoordeeld. Gebied 99 ligt in de gemeente Rhenen en is tevens als meest kansrijk gebied beoordeeld. We zullen samen met de gemeente Wageningen en in afstemming met de provincie Gelderland de vervolgstappen voor een ruimtelijke procedure doorlopen voor gebied 99 in Rhenen waarbij idealiter Rhenen zich aansluit om zo goed mogelijk mee te beslissen over inhoud en proces.
De gemeente Rhenen heeft samen met de gemeente Wageningen onderzoek uitgevoerd acht gebieden voor windenergie. Dit gebied wordt door de gemeente Wageningen als één van de twee meest geschikte beoordeeld. Door in het Utrechtse deel van gebied 99 windenergie mogelijk te maken wordt het initiatief aan de kant van Wageningen versterkt. Ook wordt op deze manier voorkomen dat er nog een extra windpark op een andere locatie komt naast de locatie in Wageningen. Hiermee wordt er tegemoet gekomen aan de wens van clustering (derde prioriteit burgerforum) en worden effecten op natuur en omwonenden beperkt tot één gebied. Ook bevinden zich relatief weinig woningen in de omgeving. Wel zijn hier belangrijke aandachtspunten voor natuur en is er reeds een lokale energie coöperatie actief bezig met de ontwikkeling van het project. Het ligt tussen Natura 2000 gebieden de Veluwe (op ongeveer 6 km) Rijntakken (op 1-2 km de Blauwe kamer) en het Binnenveld (op 3-4 km) in. Regelmatige vliegbewegingen van aangewezen soorten uit die gebieden zijn niet uitgesloten. Daarnaast is het gebied mogelijk gevoelig voor aanvaringen en verstoring van weidevogels en vleermuizen. Ook wordt door Staatsbosbeheer in opdracht van de provincie Utrecht Natuurherstel Binnenveld uitgevoerd welke in 2025 afgerond worden.
Deze ontwikkeling sluit windenergie niet uit maar uiteraard zal daar wel rekening mee gehouden moeten worden. Gezien deze belangrijke ecologische aandachtspunten zal direct gestart worden met het uitvoeren van een natuurtoets in het kader van de ruimtelijke procedure. Tot slot ligt het gebied ook grotendeels in militair erfgoed van de Grebbelinie. Het zou kunnen dat uit onderzoek in de ruimtelijke procedure blijkt dat de aandachtspunten voor ecologie en/of cultuurhistorie dusdanig groot zijn dat de ontwikkeling van het plan toch niet mogelijk blijkt. Er wordt in dit gebied met dit besluit dus nu niet direct overgegaan tot het toewerken naar een provinciaal projectbesluit maar er wordt eerst afgestemd met de betreffende gemeenten en provincie Gelderland over het doorlopen van de ruimtelijke procedure. Dit zal in de komende periode verder afgestemd worden. Gebied 96 in de gemeenten Veenendaal en Renswoude blijft in beeld mocht dit nodig zijn voor de bijdrage in de RESdoelstelling. We zullen daarom tevens de mogelijkheden voor windenergie in gebied 96 nader onderzoeken voor het geval windenergie in gebied 99 onverhoopt toch niet mogelijk mocht blijken. Ook gaan wij ervan uit dat de gemeenten Veenendaal en Renswoude zich blijven inzetten om hun bijdrage aan het bod van RES Foodvalley te leveren. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
Voortgangsrapportages Amersfoort en Foodvalley In de RES 1. 0 hebben de gemeenteraden algemeen besturen van de waterschappen en provinciale staten vastgesteld met regelmaat te besluiten over een geactualiseerde RES. U16 stelt dit jaar een herijking vast welke op 8 oktober 2025 aan u voorligt ter vaststelling. De regio’s Amersfoort en Foodvalley hebben een voortgangsrapportage opgesteld. Op 8 juli hebben we besloten beide voorgangsrapportages vast te stellen. Uit de voortgangsrapportage RES Amersfoort (bijlage 3) blijkt dat de realisatie achter blijft op de plannen. Om de regionale ambities voor 2030 te kunnen waarmaken is versnelling en sturing nodig. De RES Amersfoort heeft inmiddels 01 TWh aan zon op dak gerealiseerd 003 TWh zonne-energie op land en geen windenergie gerealiseerd. Voor de resterende opgave tot 05 TWh aan duurzame elektriciteit wordt ingezet op verdere realisatie van zon op dak zonnevelden en windmolens. ,
,
,
,
,
,
,
,
7 van 10
Voor de hele regio Foodvalley laat de voortgangsrapportage (bijlage 4) zien dat 0278 TWh van de doelstelling van 0750 TWh behaald is en zit er nog voor 0203 TWh aan projecten in de pijplijn. Bij het merendeel van deze pijplijn-projecten (18% van het geheel aan plannen) is de vergunning verleend. Daarmee blijft er nog een restopgave te realiseren van circa 0195 TWh. ,
,
,
,
Stand van zaken participatie gebieden projectprocedures gestart Bij het vaststellen van het Beleidskader Lokaal Eigendom en Participatie is toegezegd om een evaluatie te doen van het participatieproces van fase 2 in het eerste gebied waarin dit afgerond zou zijn. Deze evaluatie wordt dit in het einde van het jaar verwacht. We brengen u hierbij graag alvast kort op de hoogte van de stand van zaken van de participatie in de 3 gebieden:
➢ Wijk bij Duurstede Op 6 februari is fase 2 van het beleidskader lokaal eigendom gestart met een bijeenkomst voor direct omwonenden (zie verslag). Inmiddels hebben 6 bijeenkomsten met de meedenkgroep van omwonenden plaatsgevonden. De groep onderzoekt de mogelijkheid om zelf een energiecoöperatie op te richten. Daarbij zal deze coöperatie in oprichting samen moeten werken met de bestaande energiecoöperatie. Ook heeft de meedenkgroep verzocht om meer tijd dan de 6 maanden zoals deze zijn opgenomen in het beleidskader. We geven de meedenkgroep extra tijd tot uiterlijk november. Een belangrijke afweging hierin is dat de meedenkgroep zeer constructief bezig is om te komen tot een overeenkomst en daarbij ook mogelijk een eigen coöperatie wil oprichten. In het gebied zijn verder twee ontwikkelaars actief die het windpark samen met de lokale energiecoöperaties willen ontwikkelen. ➢ Stichtse Vecht Fase 2 van het beleidskader lokaal eigendom is gestart met bijeenkomsten voor direct omwonenden op 20 maart 24 maart en 3 april (zie antwoord op vragen die hier gesteld zijn). Inmiddels hebben 2 bijeenkomsten met de meedenkgroep van omwonenden plaatsgevonden. Met de grondeigenaren en mogelijke initiatiefnemers hebben vier bijeenkomsten plaatsgevonden. Met de energiecoöperatie in oprichting die het lokaal eigendom wil invullen vindt tweewekelijks een gesprek plaats.
Leden van de meedenkgroep hebben aangegeven dat ze vragen aan de provincie om fase 2 pas te laten starten als de initiatiefnemers bekend zijn. De provincie heeft hierbij aangegeven dat de meedenkgroep nu al kennis kan opdoen en zich kan voorbereiden op de gesprekken met initiatiefnemers. Voor de zomer wordt duidelijk of en hoeveel grondeigenaren zelf initiatiefnemer worden of dat zij hiervoor afspraken maken met de lokale coöperatie in oprichting of met eventuele marktpartijen. Ook in dat laatste geval zal gestreefd worden naar ten minste 50% lokaal eigendom. Zodra dit duidelijk is wordt u op de hoogte gesteld inclusief wat dit betekent voor het tijdspad. De planning wordt afgestemd op de inhoud en op wat deze ontwikkeling nodig heeft. In beide gevallen kan de omgeving zich nu al voorbereiden op deze afspraken. Er worden daarom verdiepende sessies georganiseerd. Inmiddels is Conform Motie M25-32 Faciliteer omwonenden en bezorgde burgers met eigen belangenbehartiger een aanbod gedaan aan de omgeving om een adviseur voor de omgeving beschikbaar te stellen. ,
,
,
.
➢ Montfoort-Oudewater Op 31 maart is fase 2 van het beleidskader lokaal eigendom gestart met een bijeenkomst voor direct omwonenden. Op verzoek van omwonenden is op 16 april een extra kennissessie georganiseerd (zie overzicht van vragen en antwoorden) en is de eerste avond van de meedenkgroep verplaatst naar 8 mei. Inmiddels hebben 2 bijeenkomsten met 5 vertegenwoordigers van de meedenkgroep van omwonenden plaatsgevonden. Op 9 juli is de volgende meedenkgroep gepland. Leden van de meedenkgroep hebben aangegeven een onafhankelijk adviseur te willen hebben. Conform Motie M25-32 Faciliteer omwonenden en bezorgde burgers met eigen belangenbehartiger is hier gehoor aangegeven en wordt een adviseur ingehuurd om de meedenkgroep bij te staan. De lokale energiecoöperatie Lek en IJsselstroom met ondersteuning van burgercoöperatie de Windvogel heeft in juni voor Greentrust als samenwerkende marktpartij gekozen. ,
,
Actualiteiten
8 van 10
Voor alle gebieden geldt dat we er in principe vanuit gaan dat de Rijksnormen voor windparken bekend zullen zijn voordat ontwerp-projectbesluiten genomen worden en dus aan die normen getoetst kan worden. Indien dat niet het geval is zullen milieuonderzoeken aangevuld worden ter onderbouwing van lokale normen die wij in het ontwerp projectbesluit opnemen. ,
Verder is in het memo ‘Persbericht TenneT vertraging netuitbreidingen’ te lezen dat ook grootschalige opwek geraakt wordt door vertraging van de netuitbreidingen in het FGU netwerk. Wel geldt voor windenergie dat het gunstig is aangezien de grootste energievraag in de winter ligt als de zon niet schijnt maar de wind wel waait. Daarmee zijn er oplossingen mogelijk om windenergie ook nog voor 2030 aan te sluiten. Er zijn ook lokale oplossingen mogelijk zoals cable pooling met reeds bestaande zonneparken of een directe lijn naar een nabijgelegen bedrijventerrein. De komende periode wordt samen met Stedin en Tennet bekeken welke oplossingen mogelijk zijn voor elk van de Utrechtse windplannen. Deze hoeven in ieder geval niet bij voorbaat te wachten op extra capaciteit in 2033. ,
,
Onderstaande kaart geeft het overzicht van de gebieden voor windenergie in de Provincie Utrecht
Vervolgprocedure / voortgang: Voor de drie gebieden waar we begin dit jaar fase 2 van het beleidskader zijn gestart verwachten we dat in het najaar de omgevingsovereenkomsten getekend worden waarna fase 3 de ruimtelijke procedure start. Daarmee wordt toegewerkt naar een ontwerp-projectbesluit zoals ook weergegeven in Werkwijze Programma’s en Projectbesluiten. Voor gebied de Copen start na de zomer fase 2 van het beleidskader met participatie van direct omwonenden. Zo snel mogelijk na de zomer wordt de procedure voor gebied 24 vervolgd in de gemeenten Woerden en Montfoort. Indien de provincie het bevoegd gezag op zich neemt zal dan fase 2 van beleidskader lokaal eigendom en participatie in werking treden. Medio 2026 wordt besloten of en in welk(e) ,
,
,
9 van 10
gebied(en) in de regio Amersfoort projectprocedures vervolgd worden. Samen met gemeente Wageningen en provincie Gelderland wordt bezien hoe de samenwerking voor gebied 99 verder vormgegeven wordt. Uw Staten worden hierover geïnformeerd zodra het duidelijk is. Gedeputeerde Staten van Utrecht
,
Voorzitter mr. J. H. Oosters ,
Secretaris mr. drs. A. G. Knol-van Leeuwen ,
10 van 10