CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-09-23 beantwoording TV IS.pdf

Gemeenteraad 23 september 2021, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken3.828 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen over de ingekomen stukken Raadsvergadering van: 23-09-2021 Opmerking vanuit het college: Wij constateren dat de vragen bij punt 1 Beslissing op bezwaar en heroverweging Voorstraat, een combinatie zijn van technische en politieke vragen, wat de beantwoording lastig maakt. Voor het gemak hebben wij in dit geval allemaal van een antwoord voorzien. Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

Vraagsteller & Fractie

Vraag

Antwoord

01 | Beslissing op bezwaar en heroverweging Voorstraat 14 en 16 | K. Kuperus

P. van Schaik GBW

01 | Beslissing op bezwaar en heroverweging Voorstraat 14 en 16 | K. Kuperus

J. Mulder SGP

In het ambtelijk advies wordt de mogelijkheid genoemd om de beslissing aan te houden en dat voor te leggen aan vergunninghouders en DES. Als één van beide partijen niet instemt zal het (gewijzigde) Collegebesluit worden uitgevoerd. Vraag is of deze mogelijkheid door het College is verkend en zo ja hoe hebben partijen hierop gereageerd. Wat was de reden om de maximale termijn van 10 jaar ongevraagd te verlenen?

Het bestuur van de DES heeft het advies van de commissie bezwaarschriften breed gedeeld voordat het college een beslissing had kunnen nemen ten aanzien van het advies. Mede naar aanleiding daarvan heeft college geoordeeld dat er geen basis leek te zijn voor deze verkenning en is besloten deze suggestie niet over te nemen. 10 jaar is de wettelijke termijn voor een tijdelijke afweging. Uit het advies van de commissie bezwaarschrift blijkt al dat achteraf gezien een bredere overweging had moeten plaats vinden dan het overnemen van deze 10 jaar. Oorspronkelijke afweging betrof meer het voorkomen van leegstand en minder de duur van de vergunning, immers op het moment dat er eerder een geschikte winkelier zich aandient kan vergunninghouder ook beslissen eerder tijdelijk gebruik te stoppen. Zie antwoord hierboven. De overwegingen in maart betroffen de ingekomen inspraakreactie op de vergunning aanvraag, in afweging met de eerdere overwegingen rond het principe verzoek. Er zit enige tijd tussen de behandeling in het college en het versturen van het besluit. Het college besluit is van 2 maart 2021, de zorgen van uw fractie zijn later gedeeld in de schriftelijke vragen. De schriftelijke

Welk plan zat hierachter vanuit het college? Heeft het college bij de vergunningverlening in april meerdere opties overwogen? Toewijzen voor 1 jaar, afwijzen enz. wat is de dialoog hierover geweest in het college zelf? Waarom heeft het college in de afweging de zorgen van onze fractie en de schriftelijke vragen van 23-03-2021 van onze fractie (die voor de vergunningverlening van 1 april bekend waren) niet mee laten wegen?

Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

Vraagsteller & Fractie

Vraag

Welke verwachtingen heeft u, voor eigenaren juridisch afdwingbaar c.q. houdbaar, gewekt?

Wat is daar de juridisch houdbaarheid en inhoud van?

Waren deze verwachtingen juridisch ook afdwingbaar door de eigenaren? Waarom heeft u, indien het niet juridisch afdwingbaar was door de eigenaren, niet heel eenvoudig een negatief besluit genomen op de aanvraag met daarbij de vrijblijvende tip naar de aanvrager om even (een aantal maanden) te wachten tot de visie er is en daarna dan een mogelijke nieuwe aanvraag behandelen van de indiener?

Antwoord vragen van 23 maart hebben een apart en eigen proces doorlopen. Daarom zijn deze niet meegenomen. Deze vraag is niet helemaal duidelijk. In elke vergunning wordt melding gemaakt van het moment waarop deze inwerking treedt en dat een beroepstermijn open staat, maar ook dat het indienen van een bezwaarschrift een vergunning niet schorst. In deze is geen sprake van een verzoek om voorlopige voorziening en konden de vergunninghouders de vergunning dus toepassen na de bezwaartermijn. Na de heroverweging is de termijn van de vergunning verkort tot 5 jaar. Aan vergunninghouder de overweging om wel/niet in beroep te gaan tegen deze aanpassing. Er is sprake van een beslissing op bezwaar en een heroverweging van de verleende vergunning op de onderdelen waarvan de commissie bezwaarschriften geoordeeld heeft dat de oorspronkelijke motivering onvoldoende juridisch houdbaar was. Daarmee verwachten wij dat het nieuwe besluit juridisch houdbaar is. Vergunninghouders en indiener bezwaar hebben beiden de mogelijkheid om beroep aan te tekenen tegen het nieuwe besluit. U bedoelt in heroverweging het besluit alsnog weigeren? In dat geval had de eigenaar die al werkzaamheden gedaan had aan het pand, deze ongedaan moeten maken en hadden wij handhavend moeten optreden tegen de aangebrachte wijzigingen.

Dat vinden wij niet proportioneel binnen alle afwegingen en in de combinatie dat men een half jaar later mogelijk alsnog vergunning kan aanvragen. Tegen zo’n weigering had dan ook beroep open gestaan. Wij zijn van mening dat eigenaren en winkeliers beiden nodig zijn voor een Vitaal Centrum

Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

Vraagsteller & Fractie

Vraag

Wat stond u juridische afdwingbaar in de weg om in augustus jl. een afwijzend besluit te nemen en geen vergunning te verlenen voor 5 jaar? Waaruit blijkt feitelijk dat langdurige leegstand het gevolg zou zijn? Of is dit slechts een gedachte, of mening of aanname van het college, zonder dat er concrete feiten t.b.v. deze panden waaruit dat blijkt. Wist u ook dat er meerdere mensen geïnteresseerd waren in deze panden, voordat u de vergunning verleden in april, omdat het een courant pand is?

Waarom heeft u de vergunning niet afgewezen, zoals bij vragen 4 genoemd, en dan net zoals bij het bouwplan van de AH geen onomkeerbare meerjarige besluiten te nemen en eerst de Visie en zodoende deze zorgvuldigheid wel hanteert bij de AH en niet bij de Voorstraat? (terwijl dat objectief gezien geen ondernemers zijn voor ons winkelgebied, maar onroerend goed beleggers zijn)

Antwoord en wij vinden het niet gepast om besluiten te nemen die eigenaren treffen in het ondernemer zijn. Juist het in heroverweging alsnog weigeren en dus intrekken van een vergunning, om daarbij aan te geven dat men in de toekomst misschien alsnog een vergunning kan aanvragen, is in strijd met een betrouwbare overheid. Zie motivering bij de vraag hierboven, tegen een weigering is ook beroep mogelijk. Het is bekend (ook bij uw raad) dat vele panden (met name in de Dorpsstraat) die langdurig leegstaan. Van de eigenaar/winkelier van het pand aan de Voorstraat weten wij waarom deze met zijn winkel stopt en wij weten dat diverse eigenaren van andere winkelpanden zoekende zijn naar huurders (winkeliers). Deze mensen hebben zich nooit bij de gemeente gemeld, mensen die wij wel eens langs krijgen voor vergelijkbare panden, zoeken veelal voor een functie die niet past in de toch al ruime bestemmingen. Uw constatering dat beide panden courant zijn is bij eigenaar niet gebleken want voor de bestaande functie deze hebben zich bij hen geen belangstellenden gemeld. Vergelijking met bouwplan AH is niet aan de orde, dat plan is in een principe fase terwijl bij Voorstraat formele vergunningsaanvragen behandeld moesten worden en dus binnen de wettelijke termijn een besluit moesten krijgen.

Voor 1 van de twee panden aan de Voorstraat is de vergunning aangevraagd door de eigenaar/ondernemer die jaren zijn winkel/showroom in het pand heeft gehad, wat ons betreft is dat een ondernemer/winkelier. NB ook de AH is een ondernemer/winkelier. Bij de overwegingen rond het principe verzoek, zomer 2020, wat voor ons wel de basis is om tijdelijk iets toe te staan, heeft een rol

Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

Vraagsteller & Fractie

Vraag

Juridisch had u met het hiervoor bij 5.a genoemde toch een steekhoudend argument gehad om de aanvraag te weigeren met deze onderbouwing? Of ziet u dat anders? En zo ja, waarom?

Wanneer de DES aangeeft in haar zienswijze voor 1 april dat voor haar en haar leden deze aanvraag zeer ongewenst en onzorgvuldig te vinden en u met de DES samen werkt aan 1. draagvlak en 2. visie voor de toekomst, waarom verbreekt u zo de verbinding met de DES?

Antwoord gespeelt dat de trends en ontwikkelingen een heroverweging van het centrum en in het bijzonder de Voorstraat nodig maakt. Maar dat op dat moment nog geen visie van de DES beschikbaar was en dat op dat moment dus ook nog niet duidelijk was dat er op korte termijn een visie op de Retail zou komen. Op het moment van indienen van de vergunning aanvraag was de visie van de DES er wel, maar die gaat vooral over type winkels en lag het voorstel voor budget voor een Visie op de Retail bij uw raad. Dit zijn geen documenten die zekerheid bieden dat er op korte termijn een visie de Retail vastgesteld zal worden en dat er uitvoering aan gegeven kan worden. Beide indieners hebben besloten de tijdelijke vergunning aan te vragen, voor ons ook een signaal dat de markt niet de verwachting had dat er snel zicht zou komen op winkeliers (en daarmee huurders) voor deze panden. Het is bewust een tijdelijke vergunning, om de panden tijdens het proces van de uitwerking tot een Vitaal Dorpshart een gebruik te geven en zo nieuwe leegstand te voorkomen. Juridisch hadden wij kunnen vasthouden aan het bestemmingsplan en op basis daarvan de vergunningen kunnen weigeren en in het principe stadium kunnen melden dat afwijking van de bestemming onbespreekbaar is.

Wij hebben overwogen dat het effect daarvan, namelijk leegstand niet goed is voor het centrum en dat een tijdelijk gebruik beter is dan leegstand. Zeker een gebruik door een functie waar ook behoefte aan is. Inmiddels hebben wij samen met DES geconstateerd dat in die periode sprake is geweest van een miscommunicatie over de dilemma’s rond de vergunningen voor deze panden, welke uitgesproken en rechtgezet zijn. Wij kunnen ook constateren dat in

Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

Vraagsteller & Fractie

Vraag

Waarom wilde u geen draagvlak, creëren bij de partners DES en de RAAD, door deze mee te laten wegen bij uw genomen besluiten?

Wat denkt u dat de impact hiervan is?

Waarom ging u bewust voortdurend uit van eigen meningen, oordelen en aannames? (zoals leegstand is wat voor ons bepalend was…. het is niet te verwachten dat er direct na de VISIE zich nieuwe winkeliers zullen vestigen… enz.)

Antwoord de periode rond april met de DES constructief samengewerkt is in het proces rond de opdracht voor de Visie op de Retail. Behoudens miscommunicatie over deze dilemma’s is geen sprake geweest van het verbreken van verbinding met de DES. De dilemma’s zijn tijden de informatiesessie met de raad in september 2020 gedeeld en later in het openbare stuk Trends en ontwikkelingen via de ingekomen stukken. Een juridisch proces van een vergunningverlening en beslissing op bezwaar kent strakke termijnen en kent weinig ruimte voor een brede consultatie. Als college moeten wij in dat kader een brede belangenafweging laten plaatsvinden en in deze hebben wij het belang van voorkomen van verdere leegstand het zwaarste laten wegen. Dit naast de afwegingen van de belangen van winkeliers en eigenaren, juist omdat wij van mening zijn dat geen enkele partij in het centrum belang heeft bij leegstand. Op dit moment denken wij dat de impact rond de voortijdige berichtgeven rond deze vergunningen groter is dan het besluit zelf en dat hierdoor helaas een beeld ontstaan is dat DES en gemeente tegen over elkaar staan, terwijl wij gelijktijdig goed samenwerken. Wij betreuren deze impact omdat wij juist getracht hebben om de belangen van alle partijen zorgvuldig af te wegen en daarnaast goed samen te werken met DES/winkeliers en eigenaren.

Wij staan voor een betrouwbare overheid voor alle partijen en belangen en voor goed gemotiveerde besluiten en dat is wat in deze gebeurd is. Het feit dat rond Jumbo en ’t Schilt de komende jaren nog veranderingen komen is wat ons betreft geen aanname maar een feit, even als het gegeven dat op basis van de Visie op de Retail duidelijkheid zal moeten ontstaan over de omvang en invulling van het

Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

Vraagsteller & Fractie

Vraag

Waarom heeft u als gemeente niet stevige inspanningen gevraagd aan de eigenaren om zelf aan de slag te gaan met deskundigen? Wat heeft u aan objectieve informatie over welke concrete acties er zijn genomen door de eigenaar om leegstand te voorkomen? Welke deskundigen heeft hij hiervoor ingeschakeld ? Gedurende hoe lange tijdsspanne heeft deze deskundige zijn best gedaan en inspanningen gedaan t.bv. dit pand? Waarom legt u ook de wensen van de raad naast u neer bij de heroverweging van 27 augustus 2021? Terwijl er nota bene ruim voor augustus al bekend was hoe de raad hierover dacht (door het debat in de commissie over dit onderwerp in mei jl..)

03 | Gunning opdracht afwegingskader grootschalige opwek zon en wind | J. van Beeck & K. Kuperus

P. van Schaik GBW

De bijkomende kosten als drukwerk, locatiekosten en dergelijke passen niet in het budget voor het participatietraject voor het afwegingskader. Kan het college aangeven of dit betekent dit dat alles digitaal wordt georganiseerd? Zo nee, wil het college dan aangeven hoe u deze kosten gaat dekken? Het lijkt of opnieuw gestart wordt met het opstellen

Antwoord winkelgebied en dat er daarmee verschuivingen zullen gaan ontstaan. In die periode moeten panden, zoals deze ook gebruikt worden en niet leegstaan. In het voortraject rond het principe besluit is contact geweest met de eigenaren en 1 van de vergunninghouders heeft ook later aan uw raad laten weten dat hij zich bewust is van de implicatie van de tijdelijkheid van de vergunning. Zoals eerder gezegd gaat en ging het ons niet om de inspanningen van deze eigenaren, maar om het voorkomen van verder leegstand. Het totaal van langdurige leegstand raakt veel meer panden en eigenaren. Als college wordt van ons gevraagd om in dit geval een zorgvuldig besluit te nemen in het kader van de beslissing op bezwaar, binnen de wettelijke mogelijkheden. Hierboven hebben wij al aangegeven waarom alsnog weigeren van de vergunning wat ons betreft niet passend was en dat wij ook in de heroverweging belangen van eigenaren, naast die van winkeliers en het totale centrum hebben meegenomen. Het is ons bekend dat de raad graag een standpunt wil innemen als de Visie op de Retail er is, alleen moesten wij wel binnen de wettelijke termijn een besluit nemen en dus zonder de Visie. Wij zijn van mening dat met de beslissing in heroverweging een goede tussenweg tot stand gekomen is. Binnen het reguliere participatie en representatie budget wordt bezien hoe noodzakelijke kosten te dekken.

Het proces gaat uit van digitaal en fysiek, zal dus vooral gaan om locatie gebruik.

Het college heeft een concept afwegingskader

Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

03 | Gunning opdracht afwegingskader grootschalige opwek zon en wind | J. van Beeck & K. Kuperus

Vraagsteller & Fractie

H. v/d Wetering PvdA/GL

Vraag

Antwoord

van een afwegingskader zon en wind. Er is toch al een concept afwegingskader vastgesteld in het college? Bovendien is er een RES 1.0 vastgesteld met uitgangspunten voor zon en wind. Is het juist dat het concept afwegingskader zon en wind en de RES-vertrekpunt is voor het starten van de participatie? Waarbij het natuurlijk zo kan zijn dat op basis van de participatie het afwegingskader gewijzigd wordt. Of wordt met een lege kaart van Woudenberg gestart voor het komen tot een afwegingskader?

opgesteld om te laten zien op welke wijze invulling gegeven kon worden aan de moties. Bij de overweging hebben wij ook kenbaar gemaakt dat nader bezien moet worden op welke wijze een goed participatieproces in Woudenberg gevoerd kan worden, mede gegeven de beperkingen van het netwerk. De bureaus hebben al deze overwegingen meegekregen en zijn op basis daarvan tot een voorstel en offerte gekomen. Bureau Over Morgen heeft het idee dat zij hadden bij het opstellen van de offerte inmiddels uitgewerkt aan de hand van de specifieke situatie van Woudenberg, het plan van aanpak vindt u met een wensen en bedenkingen voorstel bij de stukken van de commissie van oktober. Dan iet u dat sprake zal zijn van een tussenweg, niet starten met een lege kaart maar ook niet alleen het eerder concept in de inspraak brengen. Omdat dit de lijst van de offerte is, deze moest nog definitief gemaakt worden in het plan van aanpak dat voor wensen en bedenkingen op de agenda van de commissie van oktober staat. Om te voorkomen verwarring ontstaat over eventuele verschillen is het hier weggelakt. De vraagstelling bij de uitvraag was gericht om te komen tot een participatie voorstel dat past bij de situatie van Woudenberg. Voor elk bureau is bekend dat er inwoners zijn, maar is minder duidelijk hoe de verschillende belangen georganiseerd zijn in een gemeente, dus die partijen zijn benoemd.

Het voorstel van de bureaus moest duidelijk maken over een brede inwoners participatie of juist een heel specifieke vorm passend zou zijn. Betrof een spraakverwarring over communicatie; de prioriteiten die gemaakt moeten worden binnen de

3d, blz. 6: waarom is er bij de opsomming van verschillende groepen inwoners die meegenomen kunnen worden in het participatietraject een deel van de tekst weggelakt? Is dat per abuis? Zo ja, waarom en zo nee, wat staat daaronder? Het is opvallend dat de gemeente Woudenberg in haar opdracht niet specifiek de inwoners benoemt, maar wel groepen als LTO, Duurzaam Woudenberg en de Bedrijvenkring. De organisatie stelt wel specifiek voor om meer groepen inwoners te benaderen. Kunt u toelichten waarom de gemeente daar niet zelf mee is gekomen in haar opdracht?

Over stuk 3a: Wat wordt bedoeld met de verwarring die is ontstaan bij de burgemeester?

Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

06 | Aanvraag incidentele innovatiesubsidie 2021- 2021 | A. Pozsgai

Vraagsteller & Fractie

P. van Schaik GBW

Vraag

Kan het college aangeven wanneer de BI-tool beschikbaar komt om de aanmeldingen en doorverwijzingen te kunnen monitoren?

Kan het college aangeven of de BI-tool in eigen beheer wordt gebouwd of wordt de BI-tool aangekocht? De wachtlijsten voor de Jeugd GGZ zijn erg lang volgens de bijgevoegde stukken. Kan het college het aantal wachtenden doorgeven en wat de gemiddelde wachttijden nu zijn? 06 | Aanvraag incidentele innovatiesubsidie 2021- 2021 | A. Pozsgai

H. v/d Wetering PvdA/GL

Er kan een voorzichtige inschatting van een besparing van 40.000 euro worden gemaakt door inzet van de innovatiesubsidie. Voorzichtige inschatting: kunt u onderbouwen van welke variabele(n) dit afhangt? De subsidiebeschikking is incidenteel en loopt na 31 december 2022 af. Welke mogelijke consequenties heeft dit voor de continuïteit in de begeleiding van de kinderen na afloop van de beschikking?

Welk profiel is opgesteld voor de werving van medewerkers voor de 2 FTE? M.a.w.: welk soort expertise wordt ingehuurd? Er zijn opleidingskosten verbonden van 3.188 euro aan SKJ-registratie. Wat houdt dit in en waarom is dit nodig? 08 | Actualisatie archeologie beleid en ontplofbare oorlogsresten (oo) beleid |

H.J. Molenaar SGP

Er is een update van de archeologisch beleid en onontplofte oorlogsresten uitgevoerd

Antwoord lijnwerkzaamheden voor communicatie, nu er geen budget meer is om voor dit project externe aanvullende communicatie in te huren. Het monitoren van de aanmeldingen en doorverwijzingen wordt onderdeel van de gezamenlijke BItool voor data en monitoring die we reeds regionaal ontwikkeld hebben. Eind oktober is naar verwachting bekend wanneer dit onderdeel in de BI-tool beschikbaar komt. Zie het antwoord hierboven. Dit is niet één wachtlijst voor de jeugd GGZ. Het hangt sterk af van het soort zorg dat nodig is. Regionaal is bijvoorbeeld de wachtlijst voor problematiek die samenhangt conflictscheidingen momenteel 6 tot 8 maanden en diagnostiek jeugd GGZ 3,5 maand. Dit hangt af van het soort hulpvragen en het aantal cliënten dat door de extra fte geholpen kan worden.

Het is een pilot en we gaan ervan uit dat wanneer deze succesvol is en de gewenste besparing wordt behaald, deze wordt voortgezet. Wanneer de pilot onverhoopt geen vervolg krijgt, kan het zijn dat kinderen moeten switchen naar een andere begeleider uit het sociaal team. De werving is gericht op de inhuur van expertise jeugd en GGZ. Het Stichting Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ) is het beroepsregister voor professionals in de jeugdsector. SKJ ziet toe op kwaliteit, toetsing en scholing. Er is sprake van een hoog risico als aannemelijk is dat er oorlogsresten aanwezig kunnen zijn, omdat in dat

Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

Vraagsteller & Fractie

K. Kuperus

09 | Veiligheidsbeeld 6 maandsrapportage 2021 | K. Hendriks

P. van Schaik GBW

10 | Gemeentelijke rapportage 2020 Veiligheidsregio Utrecht | K. Hendriks

P. van Schaik GBW

Vraag

Antwoord

In de bodembelastingkaart worden een heel aantal gebieden als hoog risico (rood) weer gegeven. De gemeente Woudenberg hanteert (volgens begeleidend document risicokaart Woudenberg) een reactief ruimingsbeleid. Worden de betreffende gebieden als hoog risico beschouwd als de grond geroerd wordt of is dat ook al zo bij betreding c.q. oppervlakkige benadering? Als het laatste het geval is de vervolgvraag: in hoeverre worden eventuele gebruikers hierover geïnformeerd en/of wordt signalering toegepast?

gebied oorlogshandelingen zijn geweest en zolang niet zeker gesteld is dat het gebied onderzocht en vrijgegeven is. Uit het onderzoek blijkt niet dat het om gebieden gaat waar betreding al een risico kan vormen, het risico betreft het roeren van de grond. Daar waar wij als gemeente verantwoordelijk zijn voor het roeren van grond als eigenaar of opdrachtgever, zullen wij de informatie actief delen met betrokken. Voor alle andere grondeigenaren is het beleid en de kaart een hulpmiddel en aandacht middelen, om te weten of zij nadere onderzoek moeten doen. Met dat doel zal dit beleid ook gedeeld worden via de website. Gezien het feit dat het veiligheidsbeeld in juli jl. openbaar is gemaakt en hierdoor het persbericht al is verzonden, lukt het niet om dit aan te vullen. Bij het eerstvolgende persbericht over het veiligheidsbeeld kijken kritisch naar de duiding en acties vanuit de gemeente.

In het CA staat een stuk tekst opgenomen over de Meldingen Jeugdoverlast. Het college schrijft dat “ hierop is en wordt extra inzet gepleegd”. In het concept Persbericht ontbreekt de hierboven genoemde opmerking. Is het college het met ons eens dat het beter is om deze passage ook aan het Persbericht toe te voegen? Neemt mogelijk wat zorg weg bij onze inwoners. Hoewel het maar drie gebouwbranden zijn, is de opkomsttijd in 2020 verslechterd ten opzichte van 2019. Kan het college aangeven wat hieraan ten grondslag lag? Is dit iets wat we als gemeente kunnen veranderen in het VRU-beleid?

Het aantal onterechte OMS-meldingen is fors toegenomen. Kan het college aangeven welke maatregelen de VRU heeft getroffen om dit aantal te verminderen? Zijn er sancties opgelegd bij onterechte OMS-meldingen? Vooral in de gevallen dat het om dezelfde bedrijven/organisatie gaat.

De genoemde gebouwbranden hebben plaatsgevonden in het buitengebied waardoor de opkomsttijden niet binnen de norm gehaald. De aanrijtijd naar het buitengebied is langer dan bijvoorbeeld richting het centrum. Gezien de overschrijding binnen de minuut is, zien wij geen aanleiding om met de VRU in gesprek te gaan over het beleid. Wij blijven dit uiteraard monitoren. In november 2020 is in het algemeen bestuur van de VRU-beoordelingsprotocol automatische meldingen vastgesteld. Als er een OMS-melding binnenkomt bij de meldkamer wordt eerst contact opgenomen met het bedrijf/instelling. Als zij geen contact of er is geen duidelijkheid over de oorzaak van de brandmelding, dan wordt de post gealarmeerd. Hierdoor worden veel

Ingekomen stuk & Behandelend ambtenaar

Vraagsteller & Fractie

Vraag

Antwoord meldingen bij de meldkamer afgevangen. Als er meerdere meldingen van 1 bedrijf/instelling komen, dan bezoekt de afdeling risicobeheersing het bedrijf/ instelling om dit in de toekomst te voorkomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/1243/documents/32769