12b. VTH Jaarverslag 2021 en programma 2022 Woudenberg uitvoering omgevingsrecht.pdf
Tekst van het document
Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022 Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) Uitvoering omgevingsrecht
1
Vakteam Leefomgeving februari 2022
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
2
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
Voorwoord Het document dat voor u ligt bevat het jaarverslag van 2021 en het uitvoeringsprogramma voor 2022 over de uitvoering omgevingsrecht van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) van de gemeente Woudenberg. Ieder jaar worden de in het VTH-beleid genoemde prioriteiten, ambities en wensen uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma. Met een dergelijk uitvoeringsprogramma geeft het college van burgemeester en wethouders (het college) een uitwerking van de in 2022 voorgenomen activiteiten met betrekking tot de uitvoering van VTH. In dit document zal worden beschreven welke VTH-taken in 2022 worden uitgevoerd en welke capaciteit hiervoor beschikbaar is. In dit document worden eerst de VTH-taken uiteengezet. Deze taken hebben betrekking op onze “thuistaken” bouwen en ruimtelijke ordening (RO). Voor informatie rondom milieu, brandveiligheid en openbare orde en veiligheid verwijzen wij naar stukken van de Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht (RUD Utrecht), van de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) en de Kadernota Integrale Veiligheid. Voor de uitvoering van onze VTH-taken werken wij samen met onze verschillende samenwerkingspartners, zoals de Provincie Utrecht, de RUD Utrecht, de VRU, de politie, het openbaar ministerie en het waterschap. We evalueren in dit document over het afgelopen jaar. In 2021 zijn onze doelstellingen deels behaald.
Dit heeft mede te maken met de gevolgen van de coronapandemie. Er werd juist wel volop gebouwd en dit zorgde voor een groot aantal vergunningaanvragen. In 2021 is de capaciteit grotendeels gelijk gebleven ten opzichte van 2020 en dat is ook de prognose voor 2022. Dat betekent dat er voor vergunningverlening en toezicht nog altijd extra capaciteit wordt ingehuurd, maar we ook daarmee nog krap in onze capaciteit zitten, evenals voor handhaving. Dit houdt in dat er prioriteiten moeten worden gesteld en de doorlooptijden langer kunnen zijn. In het uitvoeringsprogramma voor 2022 wordt vorm en invulling gegeven aan het VTH-beleid uitvoering omgevingsrecht van de gemeente Woudenberg. Dit beleid is vastgesteld op 2 juli 2020. Getracht wordt om een realistische inschatting te maken van de activiteiten die in 2022 op het gebied van VTH worden uitgevoerd, mede gelet op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De uitbraak van het coronavirus heeft een grote impact op onze samenleving en ook nog steeds op onze dagelijkse werkzaamheden. Ondanks deze impact zetten we ons in voor de belangrijkste doelstellingen, zoals het waarborgen van de veiligheid en de gezondheid van de inwoners van Woudenberg. Voor het jaar 2022 zijn er mede gelet op de nog bestaande coronacrisis geen grote veranderingen in het uitvoeringsprogramma.
De focus ligt op het (succesvol) afronden van lopende en nieuwe aanvragen en dossiers. Ook ligt de focus op het oefenen met processen voor, en de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Nu de inwerkingtreding wederom is uitgesteld, is er meer ruimte gekomen om langer te oefenen. Voor de wijze waarop aan de verschillende VTH-taken concreet uitvoering zal worden gegeven wordt verwezen naar de productbladen. Deze zijn opgenomen aan het einde van dit document in paragraaf 7.4.
3
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
4
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
INHOUDSOPGAVE Voorwoord
3
1. Inleiding 1.1. Waarom een jaarverslag en een uitvoeringsprogramma? 1.2. Leeswijzer
7 7 8
2. Algemeen 2.1. Welke taken voeren we uit? 2.2. Wie voeren de VTH-taken uit? 2.3. Bereikbaarheid 2.4. Samenwerkingspartners 2.5. Kwaliteitscriteria 2.2 2.6. Interbestuurlijk Toezicht (IBT)
9 9 9 10 10 13 13
3. Personele en financiële borging 3.1. Beschikbare capaciteit 2021 3.2. Beschikbare capaciteit 2022 3.3. Werkomvang in 2022
14 14 14 15
4. Ontwikkelingen 4.1. Coronavirus (COVID-19) 4.2. Omgevingswet 4.3. Wet Kwaliteitsborging bouwen
16 16 16 17
5. Wat vinden we belangrijk? 5.1. Kernwaarden 5.2. VTH-beleid 5.3. Prioriteiten
18 18 18 19
6. Wat hebben we in 2021 gedaan? 6.1. Resultaten op basis van uitvoeringsprogramma 2021 6.2. Verdere resultaten VTH 6.3. Welke lessen hebben we geleerd? 6.4. Wat gaan we bijsturen?
20 20 23 24 25
7. Wat gaan we in 2022 doen? 7.1. Vergunningverlening 7.2. Toezicht 7.3. Handhaving en sanctioneren 7.4. Productbladen
26 26 26 27 29
Bijlagen: 1. Urenprognose 2022 2. Risico analyses 3. Overzicht vastgestelde RO besluiten 2021
5
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
6
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
1. Inleiding 1.1.
Waarom een jaarverslag en een uitvoeringsprogramma?
Dit jaarverslag en uitvoeringsprogramma is voor een belangrijk deel een uitwerking van het beleidsdocument “VTH beleid uitvoering omgevingsrecht gemeente Woudenberg” dat op 2 juli 2020 is vastgesteld. In dit beleidsdocument is de basis gelegd voor en de richting bepaald over de wijze waarop de gemeente Woudenberg uitvoering zal geven aan het omgevingsrecht wanneer het gaat om vergunningverlening, naleving van (omgevingsrecht)regels en de toezicht en handhaving daarop. Het jaarverslag beschrijft wat de gemeente in 2021 in Woudenberg heeft uitgevoerd op het gebied van VTH. Het uitvoeringsprogramma geeft inzicht in de activiteiten die de gemeente op het gebied van VTH in 2022 wil gaan uitvoeren. De gemeente Woudenberg wil met dit document bereiken dat duidelijk wordt gemaakt hoe de gemeente uitvoering geeft aan haar beleid. Duidelijkheid en transparantie over het beleid en de uitvoering daarvan draagt namelijk bij aan meer begrip van de burgers die hiermee te maken krijgen. In het omgevingsrecht zijn er regels waar overheden zich aan moeten houden bij het uitvoeren van VTH-taken. Deze regels zijn er om de veiligheid en gezondheid van mens en natuur binnen de fysieke leefomgeving te beschermen.
Het interbestuurlijk toezicht (IBT) van de provincie Utrecht ziet erop toe dat gemeenten en omgevingsdiensten zich aan deze regels conformeren en hier op adequate wijze uitvoering aan geven. Het VTH-beleid en het uitvoeringsprogramma vormen hiervoor de basis. Het uitvoeringsprogramma en het jaarverslag worden door het college bekendgemaakt aan de gemeenteraad. Met dit jaarverslag en uitvoeringsprogramma wordt invulling gegeven aan de ons toekomende wettelijke verplichtingen. Eisen aan de inrichting van deze processen zijn wettelijk vastgelegd in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de daarbij behorende algemene maatregelen van bestuur bestaande uit het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de Ministeriele regeling omgevingsrecht (Mro). Dit zijn de zogenaamde procescriteria die de eisen bevatten die gesteld worden aan de sluitende beleidscyclus. Dit is ook wel bekend onder de term “BIG-8”-cyclus.
7
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
1.2. Leeswijzer Dit jaarverslag en uitvoeringsprogramma bestaat uit een algemene beschrijving van hetgeen de gemeente Woudenberg heeft gedaan en wat de gemeente wil gaan doen aan de uitvoering van haar VTH-taken. Het jaarverslag 2021 is gebaseerd op het uitvoeringsprogramma 2021. Hoofdstuk 7 is voorzien van productbladen, waarin per activiteit toelichting wordt gegeven op vragen zoals “wat doen we?”, “wat zijn onze doelstellingen? en “hoe monitoren we deze doelstellingen?”. In de productbladen zal dus concretisering plaatsvinden van de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de VTH-taken. De productbladen zijn tot stand gekomen vanuit de provinciebrede samenwerking op VTH-gebied. Er is een “menukaart” ontwikkeld van alle VTH-taken. Per gemeente kan worden bepaald welke productbladen in de gemeente van toepassing zijn. De opzet en opbouw van de productbladen is altijd hetzelfde en wordt als zodanig door alle gemeenten hetzelfde gebruikt. Dit zorgt ervoor dat per product inzichtelijk wordt hoe aan een bepaalde taak/activiteit invulling is en wordt gegeven in het kader van de beleids- en uitvoeringscyclus. Het voorgaande neemt echter niet weg dat de inhoud van de productbladen per gemeente op voorkomende onderdelen toch van elkaar zal verschillen. Er moet immers ruimte zijn en blijven om maatwerk mogelijk te maken en lokale nuances aan te brengen.
8
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
2.
Algemeen
2.1. Welke taken voeren we uit? Het uitvoeren van VTH-taken komt voort uit de bevoegdheid en in sommige gevallen uit de verplichting die de gemeente toekomt op basis van wet- en regelgeving. De verplichting om uitvoering te geven aan de beleids- en uitvoeringscyclus ligt vast in paragraaf 7.2 van het Besluit omgevingsrecht. Er zijn meer VTH-taken die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. Denk bijvoorbeeld aan de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) waar de evenementenvergunningplicht is geregeld, of de Drank- en horecawet. Iedere gemeente is vrij om te bepalen of zij deze VTH-taken ook meeneemt in de beleids- en uitvoeringscyclus. Daarnaast heeft de gemeente in algemene zin een beginselplicht tot handhaving wanneer er een wettelijk voorschrift is overtreden. In een dergelijk geval moet het bestuursorgaan dat bevoegd is om handhavend op te treden in de regel van deze bevoegdheid gebruik maken. Dit komt voort uit het algemeen belang dat is gediend met handhaving. Deze taak vloeit voort uit artikel 5.2 van de Wabo. Welke VTH-taken de gemeente Woudenberg precies uitvoert en ook hoe hieraan concreet invulling wordt gegeven valt op te maken uit de productbladen achterin dit document. 2.2. Wie voeren de VTH-taken uit? De VTH-taken worden niet allemaal door de gemeente Woudenberg zelf uitgevoerd.
Voor de uitvoering van de VTH-taken wordt samengewerkt met verschillende samenwerkingspartners.
Uitvoeringsorganisatie gemeente Woudenberg De gemeente Woudenberg heeft de uitvoering van haar VTH-taken grotendeels georganiseerd binnen het vakteam Leefomgeving. Daarnaast zijn er VTH-taken ondergebracht bij de omgevingsdienst RUD Utrecht. Dit betreft de wettelijke basistaken voor de milieuactiviteiten. Op het gebied van bandveiligheid wordt samengewerkt met de VRU. Het jaarverslag 2021 en jaarplan 2022 van de VRU worden gelijktijdig met dit document aangeboden. De stukken van de RUD Utrecht volgen in een later stadium. Scheiding vergunningverlening en toezicht en handhaving Binnen de uitvoeringsorganisatie van de gemeente Woudenberg zijn vergunningverlening, toezicht en handhaving functioneel en per medewerker gescheiden. Hiermee wordt bijvoorbeeld voorkomen dat een bedrijf eerst een vergunning en vervolgens een controle krijgt van dezelfde medewerker. Deze functionele en organisatorische scheiding tussen vergunningverlening en handhaving draagt zo ook bij aan de objectiviteit van de handhaving. Vergunningverlening en handhaving zijn aparte gebieden, die elk specifieke eisen stellen aan de kwaliteiten van de personen die zich hiermee bezighouden. Deze scheiding is ook doorgevoerd binnen de organisaties die VTH-taken voor ons uitvoeren (RUD Utrecht en de VRU).
Tot slot is deze scheiding ook bestuurlijk doorgevoerd; vergunningverlening heeft een andere portefeuillehouder dan toezicht en handhaving.
9
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
2.3. Bereikbaarheid In het Bor is vastgelegd dat de gemeente ook buiten de gebruikelijke kantooruren bereikbaar moet zijn voor calamiteiten op het gebied van de Wabo en handhaving daarvan. Bij calamiteiten is er een gemeentelijke noodnummer beschikbaar wat buiten kantooruren kan worden gebeld, te weten (033) 2867777. Ook kunnen inwoners van de gemeente Woudenberg gebruik maken van de mogelijkheid om klachten en meldingen ten aanzien van de fysieke leefomgeving online te melden via Fixi. Met de servicenormen die van toepassing zijn op de afhandeling van die meldingen wordt gestreefd binnen drie werkdagen te reageren. Voor wat betreft acute klachten over bedrijven die tot het basistakenpakket van de RUD Utrecht behoren, is die organisatie 24 uur per dag, 7 dagen per week bereikbaar via de milieuklachtenlijn, te weten 0800-0225510. Geluidsoverlast, stank, stof, water- en bodemverontreiniging kunnen redenen zijn om contact op te nemen. 2.4. Samenwerkingspartners De gemeente Woudenberg voert haar VTH-taken niet alleen uit, maar werkt daarvoor samen met verschillende partners. Het Bor en de Mro verplichten een afstemming en bekendmaking van het uitvoeringsprogramma aan betrokken bestuursorganen en strafrechtelijke partners. Hier is aan voldaan. Hierna zal een overzicht van die samenwerkingspartners volgen.
Per samenwerkingspartner wordt een korte beschrijving gegeven van de taken die eenieder voor diens rekening neemt en welke afspraken er zijn gemaakt. RUD Utrecht De milieutaken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving worden uitgevoerd door de omgevingsdienst RUD Utrecht. Het gaat hierbij om de verplichte basistaken aangevuld met een aantal andere milieu-gerelateerde taken zoals het beleid en de uitvoering van de Wet bodembescherming. Zij zijn hiervoor volledig gemandateerd, zoals de tabel hierna indiceert. Ook het volledige inrichtingenbestand – inclusief (voormalige) provinciale bedrijven – van de gemeente Woudenberg is overgedragen aan de RUD Utrecht. De gemeente blijft als bevoegd gezag echter wel verantwoordelijk voor de uit te voeren taken op regionaal niveau en geeft hier waar nodig sturing op. De RUD Utrecht voert voor de gemeente Woudenberg de vergunningverlening/advisering voor de omgevingsvergunning activiteit milieu uit. Enkelvoudige vergunningen worden door de RUD Utrecht verleend. Bij meervoudige vergunningen levert de RUD Utrecht advies voor het milieudeel. Voor het Besluit bodemkwaliteit behandelt de RUD Utrecht de meldingen en houdt zij toezicht. Voor bodemsanering levert de RUD Utrecht – op verzoek – advies aan de gemeente Woudenberg.
Daarnaast voert de RUD Utrecht (indien noodzakelijk) specialistische taken uit zoals Hogere grenswaarden geluid en RO-advisering. Taakveld Omgevingsvergunning en meldingen milieu Toezicht milieu Handhaving (sancties/gedogen) milieu
Uitvoerende partij RUD Utrecht RUD Utrecht/gemeente Woudenberg (signalerend) RUD Utrecht
10
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
De samenwerkingsafspraken tussen de RUD Utrecht en de gemeente Woudenberg liggen vast in een dienstverleningsovereenkomst (Dvo). De RUD Utrecht rapporteert ieder halfjaar over de voortgang van de uitvoering van haar taken voor de gemeente. Ook stelt de RUD Utrecht jaarlijks een jaarverslag en uitvoeringsprogramma op. Het jaarverslag wordt door het college van de gemeente Woudenberg vastgesteld en ter kennisname aan de gemeenteraad aangeboden. Daarnaast is de RUD Utrecht een samenwerkingspartner in de uitvoering van het takenpakket dat zij namens het bevoegd gezag van de provincie Utrecht uitvoeren, onder andere op het gebied van de Wet Natuurbescherming. Veiligheidsregio Utrecht (VRU) De VRU adviseert de gemeente Woudenberg in het kader van de vergunningverlening op het gebied van brandveilig gebruik. Daarnaast voert de VRU op dit gebied het toezicht uit. Tevens adviseert de VRU in het kader van bedrijven die onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen (bevi) vallen en de ruimtelijke inrichting van gebieden, onder andere in de voorbereiding van de brandbestrijding. De samenwerkingsafspraken tussen de VRU en de gemeente Woudenberg liggen vast in een Taakuitvoeringsovereenkomst (Tuo). De VRU rapporteert jaarlijks over de uitgevoerde werkzaamheden en stelt jaarlijks in overleg met de gemeente Woudenberg een jaarplan op.
Provincie Utrecht Om gezamenlijk effectief en efficiënt te kunnen opereren, is samenwerking tussen de voornoemde samenwerkingspartners verplicht gesteld. De provincie Utrecht heeft op grond van paragraaf 5.2 van de Wabo de wettelijke taak gekregen om deze samenwerking tussen alle organisaties die zich bezig houden met omgevingsrecht te coördineren. Hiertoe dienen zij een of meerdere overlegorganen in te stellen. Tenslotte is de provincie op grond van dezelfde paragraaf in de Wabo de wettelijke regisseur kwaliteitseisen en ziet zij erop toe dat hieraan voldaan wordt. Op provinciaal vlak is het doel binnen het domein van VTH, het verbeteren en bewaken van de kwaliteit en veiligheid in de fysieke leefomgeving van de provincie Utrecht. Zoals aangegeven streven de verschillende samenwerkingspartners (alle Utrechtse gemeenten, de RUD Utrecht, de VRU, de Waterschappen, het openbaar ministerie en de politie) dit doel na op basis van hun eigen (wettelijke) taken en rollen.
Interbestuurlijk toezicht (IBT) De provincies hebben een rol gekregen in het kader van het interbestuurlijk toezicht op de uitvoering van medebewindstaken, dat eerder werd gedaan door de VROM-Inspectie. Primair heeft de gemeenteraad de taak om het college te controleren op het juist uitvoeren van haar taken op het gebied van het omgevingsrecht. Dit wordt horizontaal toezicht genoemd. De provincie voert in principe haar taak in het kader van het verticale toezicht om die reden terughoudend uit. Daarnaast is de provincie het bevoegd gezag op een aantal wetgevingen en op haar eigen verordeningen. Met de omgevingswet zal dit geheel aangepast worden, maar de hoofdlijn zal de eerste jaren niet veranderen.
11
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
Waterschappen Er is sprake van een samenwerking tussen het waterschap Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en waterschap Vallei en Veluwe. Deze samenwerking heeft betrekking op het toezicht en de handhaving van zaken die grondwater of oppervlaktewater gerelateerd zijn. Daarbij moet worden gedacht aan zaken op het gebied van waterkwaliteit en waterkwantiteit (lozingen), het medegebruik van openbaar water en het nautisch toezicht op vaarbewegingen. Ook zijn er afspraken gemaakt over de borging van de VTH-taken op het gebied van indirecte lozingen in het oppervlaktewater. Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Binnen het grondgebied van de gemeente Woudenberg bevindt zich het bedrijf Van Appeldoorn Chemical Logistics B.V.. Dit bedrijf is nu nog een BRZO-bedrijf (vallend onder het Besluit Risico’s Zware Ongevallen), waardoor het valt onder het bevoegd gezag van de provincie Utrecht. De omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (NZKG) uit Zaandam voert de milieutaken namens de provincie uit. Van Appeldoorn moet als BRZO-bedrijf voldoen aan de meest strikte veiligheidswetgeving. Van Appeldoorn is voornemens in 2022 te stoppen met de opslag van gevaarlijke stoffen, waardoor het geen BRZO-bedrijf meer zal zijn. Deze wijziging zal in het tweede kwartaal van 2022 afgerond zijn. Het bevoegd gezag komt daarmee weer terug van de provincie naar de gemeente.
Omgevingsdienst Regio Utrecht De taken met betrekking tot de advisering in het vergunning- en toezichtproces bij archeologie heeft de gemeente Woudenberg op afroep bij de Omgevingsdienst Regio Utrecht neergelegd. Politie Op het gebied van strafrechtelijke milieuzaken zijn de milieu-agenten het eerste aanspreekpunt voor de gemeente. Daarnaast zijn de wijkagenten van Woudenberg het vaste aanspreekpunt voor de gemeente. Ook de buitengewoon opsporingsambtenaar (boa) in dienst van de gemeente Woudenberg kan worden geraadpleegd. Openbaar Ministerie In het geval dat strafrechtelijk optreden is vereist, zal via de politie contact worden gezocht met het Openbaar Ministerie (OM). Dit zal bijvoorbeeld moeten gebeuren bij geconstateerde milieuovertredingen, waarbij het vermoeden bestaat dat er sprake is van een economisch delict. Daarbij kan gedacht worden aan een professioneel bedrijf dat sloopwerkzaamheden uitvoert waarbij asbest vrijkomt, maar er geen verplichte sloopmelding inclusief asbestinventarisatierapport is ingediend. In dergelijke gevallen vindt afstemming plaats met het Functioneel Parket van het OM, aangezien die afdeling zich in het bijzonder toelegt op de bestrijding van onder andere milieucriminaliteit. De vervolging van overtredingen op het gebied van openbare ruimte zal worden afgehandeld door het arrondissementsparket Midden-Nederland.
VTH projectgroep regio Utrecht De leden van de projectgroep VTH binnen de regio Utrecht (18 gemeenten, ODRU, RUD Utrecht, VRU en de Provincie Utrecht) komen al vanaf 2010 zo’n zes keer per jaar bij elkaar om ervaringen 12
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
te delen, kennis uit te wisselen en projecten af te stemmen. Het doel is om in gezamenlijkheid de kwaliteit en uniformiteit van VTH-beleid, VTH-jaarprogramma’s en uitvoeringsprogramma’s te vergroten. In de projectgroep wordt ook gezamenlijk gewerkt aan de voorbereiding van het VTHbeleid en de VTH-taken met het oog op de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen.
2.5. Kwaliteitscriteria 2.2 De kwaliteitscriteria 2.2 stellen eisen aan de medewerkers die de taken uitvoeren. Deze eisen richten zich op ervaring, deskundigheid en taakfrequentie, en leggen een ondergrens voor het aantal medewerkers die een bepaalde taak dienen uit te voeren. Ook bepalen de kwaliteitscriteria 2.2 op welke wijze de gemeentelijke organisatie borgt dat de uitvoering van de VTH-taken structureel op een adequaat niveau plaatsvindt. De Wet VTH verplicht gemeenten om een verordening vast te stellen die de kwaliteit regelt van de door en in opdracht van de gemeente uit te voeren VTH-taken in het omgevingsrecht. De gemeente Woudenberg heeft daarin voorzien door op 24 november 2016 de ‘Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht Gemeente Woudenberg’ vast te stellen. De grondslag van deze verordening is opgenomen in de artikelen 5.4 en 5.5 van de Wabo. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vervalt de Wabo als grondslag voor de verordening. De nieuwe Verordening uitvoering en handhaving (omgevingsrecht) heeft de artikelen 18.20 en 18.23 van de Ow als grondslag. De nieuwe verordening is opnieuw aan de gemeenteraad ter vaststelling aangeboden in februari 2022 en wordt behandeld in de raadscyclus van maart 2022.
2.6. Interbestuurlijk Toezicht (IBT) Zoals hiervoor al beschreven is, wordt vanuit de provincie Utrecht toezicht gehouden op de uitvoering van de gemeentelijke taken op het gebied van het omgevingsrecht. Het IBT richt zich zowel op VTH-taken als op taken met betrekking tot RO, milieu, externe veiligheid en erfgoed/monumenten. Op basis van de aangeleverde informatie vindt een beoordeling plaats. De gemeente Woudenberg is voor de periodes 2015/2016, 2016/2017, 2017/2018 en 2018/2019 steeds beoordeeld met het oordeel “redelijk adequaat”. Voor de periode 2019/2020 was dit verhoogd naar “adequaat” en over 2020/2021 is de beoordeling: “voldoet”. Er is bij het laatste beoordelingsjaar gekozen voor een andere bewoording. “Voldoet” is, net als “adequaat”, de hoogst haalbare beoordeling. Dit betekent dat wij grotendeels voldoen aan de wettelijke eisen. Nu we al twee jaar achtereen voldoen, hebben de provinciale toezichthouders voor onze gemeente een versoberde vorm van toezicht gehanteerd. Dit betekent dat ze de ontvangen toezichtinformatie op hoofdlijnen beoordelen, met name op volledigheid en actualiteit. Uiteraard bestaat de wens om in de komende jaren tenminste hetzelfde niveau te behouden.
13
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
3. Personele en financiële borging 3.1. Beschikbare capaciteit 2021 De capaciteit voor de uitvoering van de VTH-taken omgevingsrecht was in 2021 als volgt opgebouwd: Functies
Fte
vast
inhuur
Frontoffice
1,06 fte
0,8
Vergunningverlening bouw
1,0 fte
1,4 fte
Ruimtelijke ordening/cultuurhistorie/erfgoed
1,0 fte
Toezichthouders Wabo1
0,8 fte
Juridisch (beleids)medewerkers handhaving
1,27 fte
0,8 fte
Totaal 5,13 fte
3,0 fte 8,13 fte
Alle medewerkers zijn bevoegd om de VTH-taken uit te voeren.
3.2. Beschikbare capaciteit 2022 Voor 2022 is de beschikbare capaciteit op de volgende wijze opgebouwd. De precieze beschikbare capaciteit zal naar verwachting gedurende het jaar aan wijziging onderhevig zijn door het aan- of vertrekken, dan wel inhuren van medewerkers, of eventueel voorkomend verzuim van medewerkers. Functies
Fte inhuur
vast Frontoffice incl. APV vergunningverlening
1,06 fte
0,8 fte
Vergunningverlening bouw
1,6 fte2
1,25 fte3
RO/cultuurhistorie/erfgoed
1,0 fte
Toezichthouders Wabo
1,0 fte
Juridisch (beleids)medewerkers handhaving
1,18 fte
0,5 fte 4
Totaal 5,84 fte
2,55 fte 8,39 fte
Alle medewerkers zijn bevoegd om de VTH-taken uit te voeren.
1 Wegens omstandigheden is de (fulltime) vaste toezichthouder niet altijd volledig inzetbaar. Wegens krapte op de markt is het complex aan inhuurtoezicht te komen. 2 Eén fulltime vergunningverlener bouw heeft 1 dag per week ouderschapsverlof, daarnaast is hij deels vrijgemaakt voor de voorbereiding op de Omgevingswet. 3 Inhuurcapaciteit kan naar gelang de behoefte fluctueren 4 In 2022 zal een van de handhavingsjuristen volledig gebruik maken van het ouderschapsverlof (6 weken achtereen) vandaar een lichte afwijking t.o.v. 2021.
14
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
3.3 Werkomvang 2022 De werkomvang in 2022 is op de volgende wijze opgebouwd (zie hiervoor ook de uitwerking in de urenprognose voor 2022 in bijlage 2). Belangrijk om te vermelden is dat bij de onderstaande uren werkomvang geen rekening is gehouden met andere werkzaamheden zoals overleggen, organisatietaken, cursus/training en calamiteiten. De werkelijke uren aan werkzaamheden liggen zodoende beduidend hoger. Bij 1 fte wordt bij vaste medewerkers daarom uitgegaan van 1460 beschikbare werkbare uren voor het lijnwerk, terwijl er 1836 werkuren in een jaar zitten bij 1 fte. Voor inhuur zijn er meer werkbare uren omdat zij in verhouding minder overleggen en andere organisatorische taken hebben. Daarom wordt voor inhuur uitgegaan van 1700 werkbare uren per jaar bij 1 fte. Vaste capaciteit in uren
Werkomvang 2022 in uren
Tekort/ overschot in uren
Inhuur capaciteit in uren
2336
4670
-2334
2125
Uren administratie (incl. APV)
1548
2700
-1152
1360
Uren Toezicht
1460
2081
-621
850
Uren Handhaving
1723
2035
-312
0
Totalen
7067
11506
-4419
4335
Uren Vergunningverlening
In dit overzicht wordt niet alleen weergegeven hoeveel capaciteit er beschikbaar is, maar ook hoeveel er benodigd is. Dit wordt vervolgens zo veel als mogelijk aangevuld met inhuur. Geconcludeerd kan worden dat de werkomvang (structureel) groter is dan de vaste capaciteit. Bovenstaande prognose is echter nog zonder rekening te houden met uitval van medewerkers wegens ziekte en verlof. De consequenties van bovengenoemd krappe capaciteit zijn een hoge werkdruk voor de medewerkers, langere doorlooptijden in vergunningverlening met kans op van rechtswege verleende vergunningen. Voor handhaving betekent dit prioriteiten stellen waartegen wordt opgetreden. De financiële borging voor formatie is geborgd door vastlegging in de gemeentebegroting die is gekoppeld aan de meerjarenbegroting. De geraamde uren en middelen van de RUD Utrecht en VRU zijn vastgelegd in dienstverleningsovereenkomst/taakstellingsovereenkomst en zijn eveneens geborgd in de meerjarenbegroting.
15
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
4.
Ontwikkelingen
4.1. Coronavirus (COVID-19) De coronacrisis houdt de wereld nog steeds in haar greep. Ook in 2021 heeft dat invloed gehad op de manier waarop in de gemeente Woudenberg invulling kon worden gegeven aan de uitvoering van de VTH-taken, maar ook voor de gemeentelijke organisatie in zijn geheel. Er werd bijvoorbeeld nog steeds veelal thuis gewerkt. Waar dat in 2020 nog erg zoeken was, is (door opgedane kennis en ervaring) 2021 een stuk soepeler verlopen. Ook in 2022 zijn we nog niet uit deze crisis en zullen we er nog langer mee moeten omgaan.
Wet- en regelgeving is nodig om de fysieke leefomgeving op orde te houden. Op dit gebied zijn er een aantal ontwikkelingen gaande, waarbij de meest in het oog springende hieronder kort worden beschreven.
4.2. Omgevingswet De inwerkingtreding van de Omgevingswet is wederom uitgesteld. 1 juli 2022 wordt niet gehaald en op moment van schrijven is nog niet bekend wat de nieuwe ingangsdatum wordt. De toekomstige Omgevingswet wordt één van de grootste wetswijzigingen op het gebied van het fysieke domein in de afgelopen decennia. De uitgangspunten van deze nieuwe wet zijn participatie en integrale aanpak op basis van vertrouwen. Onder de nieuwe Omgevingswet worden de termen “samenwerken” en “afstemming” dus kernbegrippen. Dit zal vragen om een andere manier van werken: integraal, in samenhang en met afstemming. Van ‘nee, tenzij’, naar ‘ja, mits’. Deze nieuwe manier van werken vraagt om flexibiliteit met het oog op wat kan en mag. Er zal vaker al voor het indienen van de officiële vergunningaanvraag overleg plaatsvinden (omgevingsoverleg), eventueel aan de nieuwe omgevingstafel (in verband met een kortere doorlooptijd vergunningen). Digitale aanvragen worden ingediend via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Er moet worden aangeven of er geparticipeerd is of niet, dat is namelijk een aanvraagvereiste geworden. Onder de Omgevingswet zal er niet meer van rechtswege worden vergund. De meeste aanvragen vallen straks onder de reguliere procedure van acht weken, wat betekent dat sturing op doorlooptijden nog belangrijker gaat worden dan nu.
Het Rijk beoogt met de nieuwe Omgevingswet te zorgen voor minder en voor overzichtelijkere regels. Ook zal er dan meer ruimte worden geboden voor initiatieven van burgers en bedrijven, waardoor beter lokaal maatwerk mogelijk zal zijn. Gemeenten moeten zorgen voor een omgevingsplan en een omgevingsvisie. In 2021 is er veel tijd gestoken in de voorbereidingen op de Omgevingswet. De gemeente Woudenberg heeft drie projectgroepen samengesteld die het proces rondom de implementatie van de Omgevingswet bij de gemeente Woudenberg verzorgen. In 2021 is er vooral tijd gestoken in het ontwerpen en definitief maken van de werkprocessen en bijbehorende afspraken met ketenpartners, aanpassing en inrichting ICT systemen en het nemen van de noodzakelijke (raads-)besluiten voor mandaten, delegatie en verordeningen. Begin 2022 zal gestart worden met het oefenen van de processen onder leiding van een teamcoach Omgevingswet. 16
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
Hoewel de voortgang op de verschillende sporen goed is, hebben de voorbereidingen op de Omgevingswet een grote impact op de overige werkzaamheden. Het meenemen en betrekken van medewerkers in nieuwe ontwikkelingen moet goed en zorgvuldig gebeuren en vraagt tijd en aandacht.
Invoering van het digitaal stelsel Omgevingswet (DSO) Om aan te kunnen sluiten op het DSO is er een nieuwe applicatie ingekocht. Voor de VTH applicatie is een testomgeving met werkende koppelingen gerealiseerd en een start gemaakt met implementatie van de werkprocessen.
4.3. Wet kwaliteitsborging bouwen De wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) gaat naar verwachting parallel met de Omgevingswet stapsgewijs in werking treden. De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitborgers. Daarmee wordt de positie van de opdrachtgever of eindgebruiker versterkt. Het bouwwerk moet dan niet alleen aan de wettelijk bepaalde bouwtechnische voorschriften voldoen, maar er moet ook aantoonbaar voldaan zijn aan privaatrechtelijk afgesproken kwaliteitseisen. Om dit doel te bereiken voorziet de wet onder meer in een wijziging in het stelsel van bouwtoezicht van publiek toezicht naar private kwaliteitsborging: de bouw moet zelf onafhankelijk de geleverde kwaliteit aantonen. De veranderingen uit de Wkb gelden (naar verwachting) tot en met 2024 alleen voor eenvoudige bouwwerken. Dit zijn bijvoorbeeld eengezinswoningen en kleinere bedrijfspanden. Vanaf 2025 volgen de andere bouwwerken. Hierdoor kunnen bouwbedrijven en gemeenten stap voor stap ervaring opdoen met het nieuwe toezicht in de bouw. De implementatie van de Wkb sluit zo nauw mogelijk aan op de implementatie van de Omgevingswet. Niet alleen moet de bouwopgave een prominente plaats krijgen in zowel de omgevingsvisie en het omgevingsplan, ook de werkprocessen moeten aansluiten op de Wkb. Woudenberg heeft nog geen proefpilots gedraaid.
De inwerkingtreding van deze wet heeft gevolgen voor de medewerkers van de gemeente Woudenberg. De werkprocessen, financiën, communicatie (informatievoorziening) en de ICT. Zo spelen ook vraagstukken rond het heffen van leges, de inhoud van het dossier bevoegd gezag en opleiding van medewerkers.
17
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
5.
Wat vinden we belangrijk?
In ons VTH-beleid is vastgelegd wat we belangrijk vinden als het gaat om de uitvoering van de VTH-taken. Op basis van de visie en de risicoanalyse is aangegeven aan welke thema’s en taken we prioriteit geven. Dit jaarverslag en uitvoeringsprogramma is hier een uitwerking van. Het beleid en/of programma wordt waar nodig bijgesteld als de evaluatie daartoe aanleiding geeft.
5.1. Kernwaarden Binnen de gemeente Woudenberg staan de kernwaarden betrouwbaarheid, openheid en initiatiefrijk centraal. We gedragen ons en communiceren volgens deze kernwaarden. Dit betekent dat inwoners van de gemeente Woudenberg onder andere mogen verwachten dat de medewerkers:
•
•
•
Betrouwbaar zijn. Medewerkers van de gemeente Woudenberg geven inwoners concrete en specifieke informatie en houden het niet (te) algemeen. Verstrekte informatie dient consequent en consistent te zijn. Afspraken worden nagekomen en medewerkers gedragen zich herkenbaar volgens de geldende regels, afspraken en procedures binnen de organisatie. Open zijn. Medewerkers staan open voor feedback en zijn bereid er iets mee te doen. Ieder gesprek begint met een open houding. In gesprekken zijn medewerkers ontvankelijk, wederkerig, bereikbaar, laagdrempelig en vriendelijk. Initiatiefrijk zijn. Medewerkers denken mee met de inwoners van Woudenberg over oplossingen, soms ook buiten het eigen vakgebied en buiten de gemeente. Medewerkers trachten creatief te zijn en kunnen in voorkomende gevallen buiten de gebaande paden treden, maar blijven wel altijd binnen de vastgestelde doelen, wetten en regels.
5.2. VTH-beleid Het VTH-beleid uitvoering omgevingsrecht is op 2 juli 2020 vastgesteld. Daarin zijn de lijnen ten aanzien van vergunningen, toezicht en handhaving bepaald en met de gemeentelijke kernwaarden in ogenschouw genomen. De gemeente Woudenberg heeft zich ten doel gesteld om op een gedegen wijze uitvoering te blijven geven aan taken die voortvloeien uit wetgeving en beleid. Een onderdeel daarvan is dat met betrekking tot de productbladen gestreefd wordt naar uniformiteit met de andere gemeenten in Utrecht. De bedoeling daarachter is het creëren van een kwaliteitsimpuls aan de uitvoering van de VTH-taken. Wel moet worden opgemerkt dat de gemeente Woudenberg het van belang acht om ondanks die uniformering een eigen invulling te kunnen blijven geven aan de wijze waarop aan die taken concreet vorm wordt gegeven. De toekomstige Omgevingswet en de Wkb hebben ook gevolgen voor het VTH-beleid. Onder de Omgevingswet wordt niet meer gesproken van een VTH-beleid, maar een VTHuitvoeringsstrategie. Het huidige VTH-beleid moet met de komst van de Omgevingswet en de Wkb worden herzien en geactualiseerd.
18
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
5.3. Prioriteiten Aan het VTH-beleid ligt een risicoanalyse ten grondslag. Onze prioriteiten komen voort uit de uitkomst van deze analyse. Daarbij wordt, samen met onze samenwerkingspartners, bij de uitvoering van de VTH-taken specifiek aandacht besteed aan de landelijke Wabo-risicothema’s. Dit zijn de volgende thema’s: • asbest; • toepassing van verontreinigde grond; • brandveiligheid opslag gevaarlijke stoffen; • risicovolle inrichtingen; • constructieve veiligheid; • brandveiligheid; • handhaving bestemmingplannen; • verzoeken om handhaving. In zowel de verschillende productbladen als de jaarverslagen/jaarprogramma’s van de VRU en de RUD Utrecht staat beschreven welke prioriteit aan de betreffende taak is toegekend, hoe concreet invulling wordt gegeven aan die taak en welke capaciteitsbehoefte daarbij hoort.
19
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
6.
Wat hebben we in 2021 gedaan?
Jaarlijks wordt een uitvoeringsprogramma en een jaarverslag opgesteld. In het afgelopen jaar heeft de gemeente Woudenberg gewerkt aan de uitvoering van het in 2021 geldende uitvoeringsprogramma. In dit hoofdstuk wordt teruggeblikt op dat uitvoeringsprogramma. Dit hoofdstuk betreft dan ook het jaarverslag van 2021. In de volgende paragraaf wordt per hoofdaspect verslag gelegd van de meest belangrijke resultaten. Tenslotte wordt ingegaan op de inzichten die hierbij zijn opgedaan en of in hoeverre we hierdoor moeten bijsturen in de toekomst. 6.1. Resultaten op basis van uitvoeringsprogramma 2021 Hieronder beschrijven we of de doelstellingen uit het programma voor 2020 gehaald zijn of niet.
Doelstellingen
Monitoringsindicatoren
Conclusie
Doelstellingen
Monitoringsindicatoren
Conclusie
1. Vooroverleg Onze doelstellingen zijn in dit kader de volgende: • in een voorstadium de mogelijkheden aangeven zodat onder meer geen omgevingsvergunningen worden aangevraagd welke moeten worden geweigerd. • •
aantal aangevraagde principeverzoeken; principeverzoeken die tot een omgevingsvergunning hebben geleid met bijbehorende doorloop tijd.
156 56
Wij stimuleren het vooroverleg omdat dat leidt tot een betere en snellere afhandeling van de definitieve aanvraag in een later stadium.
2. Omgevingsvergunning Bouw, RO, aanleg en monument Onze doelstellingen in dit kader zijn de volgende: • geen vergunningen van rechtswege; • een eenduidig proces en uniforme toetsing. • • • • • • • • • • • •
aantal aanvragen vergunningen aantal verleende vergunningen nog in behandeling (medio januari 2022) aantal van rechtswege verleende vergunningen aantal geweigerd aantal buiten behandeling gelaten (te weinig gegevens) aantal welke vergunningsvrij waren aantal ingetrokken percentage vergunningen binnen wettelijke termijn; aantal ingediende bezwaren percentage bezwaren ongegrond verklaard; leges opbrengsten.
2021 164 118 26 3 3 6 1 1 97,5 % 1 100 % 875.000 euro
Percentage vergunningen binnen wettelijk termijn = 115 van 118 = ca. 97,5 %. De doelstelling is niet geheel behaald. De van rechtswege verleende vergunningen (2,5 %) zijn enerzijds ontstaan door de werkhoeveelheid in relatie tot de afhandeltermijn. Hierbij is een goede afweging gemaakt welke vergunningen van rechtswege werden verleend. Anderzijds werkte in ons nieuwe zaaksysteem Key2vergunningen de termijnbewaking helaas niet altijd goed. Dit is hersteld. Ondanks dat wij het vooroverleg stimuleren, worden er nog steeds aanvragen zonder vooroverleg ingediend die na een verzoek om aanvullingen incompleet blijven en daarom buiten behandeling moeten worden gelaten.
20
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
Doelstellingen
3. Omgevingsvergunning / melding brandveilig gebruik Onze doelstellingen zijn in dit kader de volgende: • afhandeling binnen de gestelde termijnen van 4 weken voor een melding brandveilig gebruik en 6 maanden voor een aanvraag omgevingsvergunning brandveilig gebruik (deze kan niet van rechtswege worden verleend); • eenduidig proces, uniforme toetsing.
Monitoringsindicatoren
De behandeling en termijncontrole vindt nu nog plaats door de VRU. De aanvragen en meldingen komen nu bij ons binnen, na afhandeling krijgen wij een afschrift van de beslissing op de aanvraag of melding. Beide zaken worden door ons geregistreerd in ons zaaksysteem Key2vergunningen.
Conclusie
Wij hebben een beknopt overzicht van alle ingediende omgevingsvergunningaanvragen/ meldingen brandveilig gebruik. In 2021 zijn 4 meldingen brandveilig gebruik ingediend welke allen binnen de termijn van 4 weken zijn afgehandeld.
Doelstellingen
Monitoringsindicatoren
Conclusie
Doelstellingen
Monitoringsindicatoren Conclusie
Doelstellingen
4. Sloopmelding Onze doelstellingen zijn in dit kader de volgende: • afhandeling binnen een termijn van 4 weken; • een eenduidig proces en uniforme toetsing. • •
het aantal sloopmeldingen; behandeltermijn toetsing meldingen binnen termijn van 4 weken.
49 49
Voldaan aan de doelstelling.
5. Toezicht omgevingsvergunning bouw, RO, aanleg en monument Het tijdens de uitvoering van verleende omgevingsvergunningen waarborgen van een basiskwaliteit ten aanzien van de bouwkundige staat, veiligheid, en de milieukundige, ruimtelijke en cultuurhistorische kwaliteit van de bebouwde en onbebouwde omgeving en bouwlocaties. • •
Aantal gecontroleerde verleende vergunningen in 2021 Aantal geconstateerde afwijkingen
118 12
De toezichthouders hebben een prioriteitenlijst opgesteld op basis van veiligheid, gezondheid en openbare orde. Op basis daarvan zijn de controles ingepland. In 10,2% van de gevallen is er een afwijking geconstateerd t.o.v. de verleende vergunning. Hier worden veelal mondeling afspraken over gemaakt met de vergunninghouder. Een enkele keer lost het daarmee niet op en resulteert dat in een handhavingszaak.
6. Toezicht en handhaving strijdig gebruik gronden en bouwwerken Het tijdens het gebruik van bouwwerken en inrichtingen waarborgen en/of versterken van kwaliteiten op het gebied van (brand)veiligheid, milieu, leefbaarheid. Het doel is dat de in de bestemmingsplannen vastgelegde voorschriften worden nageleefd. Waarborging hiervan dient om de kwaliteit van de leefomgeving te behouden.
Monitoringsindicatoren –
De volgende indicatoren worden gebruikt voor onze metingen: • de controles op het gebied van strijdig gebruik in 2022; en • het aantal handhavingsacties dat daaruit voortvloeit; • controles op het gebied van bedrijfsverzamelgebouw en • het aantal handhavingsacties dat daaruit voortvloeit.
21
6 6 0 0
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
Conclusie
Doelstellingen
Monitoringsindicatoren
Conclusie
Doelstellingen Monitoringsindicatoren
Conclusie
Doelstellingen
Monitoringsindicatoren
Conclusie
De controles worden veelal uitgevoerd naar aanleiding van een melding, maar ook naar aanleiding van eigen waarneming. In 2021 waren deze meldingen en waarnemingen ook allen gegrond omdat er in alle gevallen sprake was van een overtreding van de gebruiksregels van het bestemmingsplan. Het is in 2021 niet gelukt om een integrale controle bij een bedrijfsverzamelgebouw te organiseren onder andere door de vele beperkende maatregelen rondom het coronavirus. 7. Toezicht op sloopmelding Het tijdens de uitvoering van geaccepteerde sloopmeldingen waarborgen van een basiskwaliteit ten aanzien van de bouwkundige staat, veiligheid, en de milieukundige, ruimtelijke en cultuurhistorische kwaliteit van de bebouwde en onbebouwde omgeving en bouw- en slooplocaties. De volgende indicatoren worden gebruikt voor onze metingen: • het aantal sloopmeldingen; 49 • de (administratieve) controles van sloopmeldingen 49 • Toezicht en vervolgende handhaving op sloopactiviteiten zonder 0 sloopmelding Er wordt gewerkt aan de hand van een prioriteitenlijst. Grote sloopwerken en sloopwerkzaamheden waar asbest bij zit worden altijd gecontroleerd, andere controles zijn veelal administratief. 8. Handhavingsverzoeken Alle handhavingsverzoeken worden opgepakt afgehandeld middels een collegebesluit.
en
binnen
de
wettelijke
termijn
De volgende indicatoren worden gebruikt voor onze metingen: • het aantal formele handhavingsverzoeken in 2021; 0 • binnen de termijn van 8 weken een collegebesluit nemen nvt waarmee het verzoek kan worden afgehandeld. Er zijn wel berichten van inwoners ontvangen waarin de gemeente gevraagd wordt ergens iets aan te doen. Dit beschouwen we als meldingen en voldoen niet aan de criteria van een handhavingsverzoek. Deze meldingen worden informeel beantwoord. 9. Meldingen en ambtshalve toezicht en handhaving Onze doelstellingen zijn in dit kader de volgende: • veiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid in de gemeente Woudenberg; • het behouden of – indien nodig – het verhogen van het nalevingsniveau. De volgende indicatoren worden gebruikt voor onze metingen: • het aantal meldingen; • aantal handhavingsacties wat daaruit voortvloeit • Aantal constateringen op eigen initiatief (bouwen vergunning) • Aantal handhavingsacties wat daaruit voortvloeit
zonder
32 6 21 10
Na een melding gaat de toezichthouder ter plaatse kijken. In de meeste gevallen wordt er op locatie al een oplossing besproken en soms dient er een handhavingstraject te worden opgestart. Wanneer er ter plaatse al een oplossing wordt besproken en hier wordt aan voldaan, tellen we deze situatie niet mee als “handhavingsactie”. Niet alle constateringen leiden tot een handhavingszaak. We moeten scherpe keuzes maken gelet op de beschikbare capaciteit.
22
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
6.2. Verdere resultaten VTH
Vergunningverlening Ons zaaksysteem Key2vergunningen wordt in het tweede kwartaal 2022 vervangen in verband met de komst van de Omgevingswet. Momenteel wordt dit nieuwe zaaksysteem ingericht naar de nieuwe procedures in de Omgevingswet. Toezicht en handhaving Handhavingszaken lopen zelden synchroon met het kalenderjaar. Eén handhavingszaak duurt gemiddeld enkele maanden waarbij - indien tot en met de afdeling bestuursrechtspraak van Raad van State wordt geprocedeerd - de duur wel meerdere jaren kan belopen. In onderstaande tabel is een overzicht weergegeven van het aantal lopende handhavingszaken in 2021 en onderverdeeld in soort overtreding. Daarnaast zijn de aantallen van 2020 en 2019 nog zichtbaar om de stijging dan wel daling in beeld te brengen. Het totaal aantal lopende handhavingszaken in 2021: 34 (t.o.v. 41 zaken in 2021) Waarvan nieuw in 2021:
18
Het totaal aantal handhavingsdossiers afgesloten in 2021: 20 Zaken die in 2022 doorlopen: 14
Soort overtreding Bouwen in afwijking van vergunning Bouwen zonder vergunning Gebruik in strijd met bestemmingsplan
2021 3 26 18
2020 4 29 10
2019 6 35 18
*Bij meerdere dossiers is er sprake van zowel bouwen in afwijking van de vergunning, als van strijdig gebruik.
Het bouwen zonder benodigde vergunning is nog altijd de meest voorkomende overtreding. Er wordt wel vaker afgeweken van een verleende vergunning dan het aantal hierboven, maar dit kan een kleine wijziging zijn, of het wordt al aangepast zonder dat het een formele handhavingszaak hoeft op te leveren. Er zijn 20 dossiers afgesloten. De nieuw opgestarte en lopende handhavingszaken zijn doorgaans van het meer complexere type. Dat komt doordat gezien de prioritering voorrang wordt gegeven aan zwaardere overtredingen. Deze dossiers vragen daarom ook meer capaciteit. Enerzijds zijn deze dossiers complex vanwege de aard en hoeveelheid van de overtredingen. Anderzijds zijn deze dossiers complex vanwege de verschillende betrokken belanghebbenden of de lange voorgeschiedenis. De prioriteit qua toezicht en handhaving is gegeven aan het controleren van de verleende vergunningen en het zorgvuldig afhandelen van de lopende handhavingszaken. Met succes; er gaan “slechts” 14 zaken mee naar 2022, ten opzichte van 25 zaken die mee gingen naar 2021.
23
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
Beleidsevaluatie Er dient een periodieke beleidsevaluatie plaats te vinden. In het uitvoeringsprogramma voor 2021 is beschreven dat het op 2 juli 2020 vastgestelde VTH-beleid op de volgende punten zou worden bijgesteld: 1. er wordt conform artikel 7.2 lid 7 sub d van de Bor inzicht gegeven in de wijze waarop bestuurlijke sancties, alsmede termijnen worden gehanteerd; 2. nadat er in 2020 diverse handhavingsverzoeken binnenkwamen, is geconstateerd dat het recent vastgestelde VTH-beleid een uitwerking van het proces van handhavingsverzoeken mist. Dit hebben we willen bijstellen; 3. er wordt inzicht gegeven op welke wijze toezicht wordt gehouden op de brandveiligheid bestaande bouw. In 2021 levert de VRU een uitwerking van het beleidsplan op, onder de noemer Risicogericht werken. Hiermee wordt beter aangesloten op de beleidscyclus van gemeenten en sluit het toezicht meer aan op de huidige risico’s in de maatschappij. Deze uitwerking van het beleidsplan zal worden meegenomen met de bijstelling van het VTHbeleid in 2021. Aan punt 1 en 2 is in 2021 voldaan. Op 4 oktober 2021 heeft het college van B&W twee beleidsregels vastgesteld, te weten: • Beleidsregel verzoeken om handhaving gemeente Woudenberg; • Leidraad hoogte van dwangsommen en lengte van begunstigingstermijnen gemeente Woudenberg.
De VRU heeft medegedeeld dat de actualisatie van het beleidsplan waarbij het regionaal risicoprofiel wordt meegenomen, verwacht kan worden in de tweede helft van 2022. De vaststelling van de actualisatie van het regionaal risicoprofiel is daarmee voorzien in dan wel vanaf juni/juli 2022. Het beleidsplan wordt gevolgd door het regionaal crisisplan. Aan punt 3 is hierdoor in 2021 nog niet voldaan.
6.3. Welke lessen hebben we geleerd? In 2021 hebben we de volgende lessen geleerd en ervaringen opgedaan: • als voorwaarde voor een goede integrale werkwijze dient er een optimale samenwerking tussen de diverse disciplines en teams te bestaan. Het is daarom van groot belang dat er goede (werk)afspraken gemaakt worden. Zeker nu er meer op afstand (thuis) wordt gewerkt. Het is gebleken dat veel contacten informeel verlopen, hetgeen in de regel wel tot het doel leidt, echter doelmatig en efficiënt is het niet altijd. Voor met name nieuwe medewerkers is het vinden van de juiste weg niet altijd eenvoudig; • de verzoeken om handhaving blijven belangrijk omdat de gemeente verplicht is daarop (snel) te acteren. Desalniettemin wordt eerst getracht om, zo mogelijk, in overleg met de verzoeker en degene op wie het verzoek betrekking heeft de zaak minnelijk af te doen. Bij de handhavingszaken die de gemeente ambtshalve start, wordt een afweging gemaakt of de zaak binnen de prioritering ligt. Daarbij wordt de aard van de overtreding en de impact op de leefomgeving in de afweging betrokken. Ook veiligheid speelt bij die afweging een rol. Het voorgaande heeft aanleiding gegeven tot het aanpassen van een aantal zaken in het onderhavige uitvoeringsprogramma. 24
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
6.4. Wat gaan we bijsturen? De geleerde lessen van de uitvoering in 2021 geven aanleiding tot bijsturing op enkele onderwerpen in 2022. In dit kader is van belang de volgende punten te benoemen: • de situatie rondom het coronavirus maakt het nog belangrijker om zorgvuldig om te gaan met de beschikbare middelen en capaciteit. Het werken onder nieuwe en veranderende omstandigheden vergt aanpassingsvermogen. Reden waarom opnieuw heel bewust is stilgestaan bij het belang van het maken van zorgvuldige keuzes op basis van de prioriteiten; • we laten ons daarbij leiden door zaken die direct impact hebben op de leefomgeving. De wettelijke instrumenten die tot onze beschikking staan zijn, behoudens een noodsituatie, niet geëigend om snel resultaat af te dwingen. De overtreder zal immers altijd in de gelegenheid worden gesteld de overtreding ongedaan te maken. Het opleggen van een last onder dwangsom of bestuursdwang is immers een maatregel die is gericht op herstel en niet op sanctioneren; • in 2022 zal de ambitie zijn meer te gaan sturen op een integrale aanpak en een betere samenwerking. Dat betreft zowel het niveau van collegiaal onderling als een verbeterde samenwerking van de diverse teams met elkaar; • toezicht en handhaving dienen tijdig aangesloten te worden tijdens projectvorming. Daardoor zijn de toezichthouders beter onderlegd wanneer zij op locatie constateringen doen.
Het werken op afstand maakt dit wel een grotere uitdaging. De komende jaren zal, kijkend naar de visie van de Omgevingswet, integrale besluitvorming nog meer worden nagestreefd; • voor een goede integrale aanpak vindt er regelmatig overleg plaats met de RUD Utrecht, de VRU, omringende gemeenten en provincie. Op basis van wettelijke ontwikkelingen, het VTH-beleidsplan en de risicomodules komen we uiteindelijk tot een lijst van projecten/bedrijven/activiteiten die in het uitvoeringsplan prioriteit krijgen; • in het werkproces handhaving is opgenomen dat een principeverzoek (legalisatieverzoek) binnen acht weken moet worden behandeld. Dit blijft aan punt van aandacht en blijkt in de praktijk om verschillende redenen niet altijd haalbaar.
25
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
7.
Wat gaan we in 2022 doen?
De lessen die we hebben geleerd in het voorgaande jaar nemen we mee in het komende jaar. In dit hoofdstuk wordt beschreven op welke wijze we in 2022 invulling gaan geven aan de VTHtaken. Die invulling zal per functiegroep worden besproken. Aan het eind van dit hoofdstuk zijn de productbladen te vinden. In de productbladen wordt gedetailleerd ingegaan op de uitvoering van de activiteiten en hoe deze zijn gerelateerd aan de gestelde doelen. 7.1. Vergunningverlening Vergunningverlening is het integraal beoordelen en toetsen van vergunningaanvragen aan geldende wet- en regelgeving om uiteindelijk te komen tot een kwalitatief goede vergunning binnen de wettelijke termijn. Het in behandeling nemen van vergunningen geschiedt op basis van aanbod. Bij de beoordeling van omgevingsvergunningen wordt gekeken naar de aard van de aanvraag en welke aspecten daarbij het meest diepgaand moeten worden getoetst. Het gaat hierbij zowel om het object van de aanvraag (bijvoorbeeld wat voor soort bouwwerk of inrichting) als de specifieke te toetsen elementen binnen deze aanvraag. Denk bijvoorbeeld aan veiligheid of gezondheid. Belangrijke aandachtpunten blijven constructieve veiligheid, duurzaamheid en leefbaarheid. Maar ook de kaders van het bestemmingsplan en de (on)mogelijkheden om buitenplans of in een uitgebreide procedure tot vergunningverlening te komen.
Binnen de ruimtelijke ordening betekent vergunningverlening voornamelijk het faciliteren van gewenste particuliere en maatschappelijke initiatieven, stedelijke ontwikkelingsprojecten via planherzieningen en afwijkingsbesluiten. Bij de vergunningverlening is een goed klantcontact belangrijk aangezien een vergunning wordt verleend op basis van de door de aanvrager ingediende informatie en gegevens. Het is immers die informatie die wordt getoetst aan de wet- en regelgeving. Is de bij de aanvraag ingediende informatie onjuist, onvolledig of gebrekkig, dan wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld zijn aanvraag aan te vullen. Er moet dan wel sprake zijn van een herstelbaar gebrek. Is dit niet het geval dan moet de aanvraag worden afgewezen. Indien niet binnen de hersteltermijn de aanvullende informatie wordt verstrekt, dan kan de aanvraag buiten behandeling worden gesteld. In het contact met de aanvrager is het uitgangspunt dat eenieder in dezelfde situatie op een gelijke manier wordt behandeld. Bij het beoordelen van aanvragen wordt in beginsel het algemeen belang boven het individuele belang gesteld. Er wordt open en transparant gecommuniceerd over de uitvoering van de vergunningverlening naar inwoners en ondernemers. 7.2. Toezicht Het college is belast met het toezicht op de naleving van de (bouw)regelgeving en ruimtelijke ordening.
Doelstelling van toezicht is het bevorderen van een veilige, gezonde, duurzame en kwalitatief goede leefomgeving. Via controles en het toepassen van handhaving trachten wij te voorkomen dat wordt gehandeld zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor de verschillende soorten activiteiten (bouwen, monumenten, sloop et cetera) of dat wordt gehandeld
26
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
in strijd met de gebruiksregels van een bestemmingsplan of met de voorwaarden die zijn gesteld aan een omgevingsvergunning. Toezicht kan worden onderverdeeld in vergunninggebonden taken en niet-vergunninggebonden taken. Het aantal te controleren (bouw)werken is dan ook mede afhankelijk van het aantal afgegeven vergunningen en varieert jaarlijks. Door veel overleg voor én tijdens de bouw is ons streven dat minder bouwactiviteiten leiden tot formele handhavingsacties. Ruimtelijke ordening wordt geregeld in ruimtelijke plannen: de bestemmingsplannen, en straks: omgevingsplan. Hierin wordt bepaald hoe de grond en de daarop aanwezige bebouwing gebruikt mag worden en wat er mag worden gebouwd. Toezicht en handhaving op het gebied van ruimtelijke ordening houdt zich voornamelijk bezig met het illegaal gebruik van gronden en gebouwen en met illegale bouw- en aanlegactiviteiten, oftewel (bouw)activiteiten die zonder de vereiste vergunning (illegaal) plaatsvinden of al hebben plaatsgevonden. Toezicht moet in eerste instantie een preventieve werking hebben die eruit bestaat dat wettelijke voorschriften worden nageleefd zonder sanctionering. Handhaving is immers niet een doel op zich, maar altijd gericht op het bereiken van de naleving van wet- en regelgeving door burgers en bedrijven.
Door toezicht en handhaving wordt voorkomen dat door overtreding van een wettelijk voorschrift een gevaarlijke en/of anderszins ongewenste situatie ontstaat of voortduurt. Toezichthouders hebben daarbij een belangrijke voorlichtende rol. Daarnaast heeft toezicht houden en slagvaardig handhaven ook preventieve werking; aan de samenleving wordt duidelijk gemaakt dat de overheid de naleving van regels controleert en waar nodig daadkrachtig optreedt.
7.3. Handhaving en sanctioneren Gezien de hoeveelheid (beleids)taken die moeten worden uitgevoerd en de beperkte personele capaciteit, moeten op het gebied van toezicht en handhaving keuzes worden gemaakt over de inzet van de medewerkers en de mate van die inzet. Het is dan ook logisch dat het toezicht zich voornamelijk richt op die onderwerpen waar de risico’s het grootst zijn en het naleefgedrag het minst. Om die reden is prioritering bepalend voor de mate waarin toezicht wordt gehouden op de naleving van voorschriften. De opgestelde risicoanalyses voor toezicht en handhaving vormen een basis voor het handhavingsbeleid. Vanuit deze basis stelt het college de prioriteiten voor de gemeente en bepaalt daarbinnen de handhavingsinzet. Deze risicoanalyses zijn te vinden in bijlage 2. Programmatisch handhaven is het bewust voeren van handhavingsbeleid. Dat vereist het maken van scherpe keuzes. Bepaald wordt waar we als gemeente het accent leggen en welke handhavingstaken er prioriteit krijgen. De prioriteiten kunnen worden bijgesteld wanneer dit nodig is. Werkwijze Wanneer de toezichthouder iets constateert wat niet overeenkomt met de vergunning, of indien er voor een bepaalde vergunningplichtige bouwactiviteit geen vergunning is verleend, dan licht de toezichthouder zijn constatering(en) op locatie mondeling toe.
De constatering(en) worden daarna schriftelijk bevestigd middels een constateringsbrief. Mochten de gevraagde maatregelen niet worden getroffen, dan volgt er een door de toezichthouder of handhavingsjurist opgestelde 27
VTH Jaarverslag 2021 & Uitvoeringsprogramma 2022
vooraanschrijving (een handhavingsvoornemen) waarop men een zienswijze kan indienen. Indien nodig zal daarna een dwangsom- of bestuursdwangbeschikking volgen waartegen men bezwaar kan maken. Tegen de beslissing op bezwaar staat vervolgens beroep bij de rechtbank open. Tot slot kan men in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In de gemeente Woudenberg wordt in 2022 (opnieuw) voorrang gegeven en meer gewicht toegekend aan zwaardere zaken vanuit het oogpunt van prioriteitstelling en doelmatigheid. Deze prioritering komt voort uit het bestaan van een beperkte capaciteit, waardoor het maken van scherpe keuzes noodzakelijk is. Het voorgaande betekent dus dat de lopende handhavingszaken in Woudenberg vrijwel allemaal van het (meer) complexere type zijn. Het draait dan om zaken waarbij er sprake is van forse strijdigheden die meerdere vakgebieden betreffen. Het uitgangspunt is dat kleinere overtredingen op hetzelfde perceel daarbij direct worden meegenomen. In de gevallen waarbij enkel een lichter type strijdigheid wordt geconstateerd verwachten wij van inwoners en bedrijfseigenaren een eigen verantwoordelijkheid om hun percelen weer overeenkomstig de geldende regels in te richten en te gebruiken. Het uitgangspunt is immers dat men in Woudenberg de fysieke leefomgeving voor zichzelf, maar ook voor elkaar in orde houdt.
Er wordt rekening met anderen gehouden en met het feit dat de ruimte schaars is. Echter houdt het voorgaande niet in dat tegen kleinere overtredingen niet handhavend wordt opgetreden. Indien eigenaren en/of gebruikers van percelen waar zich strijdigheden bevinden hun verantwoordelijkheden niet serieus nemen, dan kan de gemeente Woudenberg hen te alle tijde alsnog aanschrijven.