12b. Geschiktheid woon- en werklocaties_Defacto_4 april 2023_lowres.pdf
Tekst van het document
Geschiktheidskaart Geschiktheidskaart WoonWoon-&& Werklocaties Werklocaties Opgesteld door de Utrechtse waterpartners voor het grondgebied van de provincie Utrecht April 2023 Defacto Stedenbouw
Geschiktheidskaart Woon- en Werklocaties April 2023 Defacto stedenbouw
De geschiktheidskaart Woon- en Werklocaties voor het grondgebied van de provincie Utrecht is tot stand gekomen in opdracht van het Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden (HDSR) in samenwerking met de Utrechtse waterpartners (Waterschappen Amstel, Gooi en Vecht,Vallei en Veluwe en Rivierenland, drinkwaterbedrijven Vitens, Oasen en Waternet en Rijkswaterstaat Midden-Nederland). Projectteam
Dries Schuwer, Susanne Vermeulen en Albert Elshof (HDSR), Anne Loes Nillesen, Mona zum Felde en Gertie van den Bosch (Defacto Stedenbouw) Tekst
Anne Loes Nillesen Kaarten en illustraties
Defacto Stedenbouw Beeldrecht
De auteur heeft gepoogd alle rechthebbenden van beeldmateriaal te achterhalen en te vermelden in de rapportage. Eventuele niet-genoemde rechthebbenden kunnen zich melden. Zij zullen in een volgende druk worden vermeld. Meer informatie
Voor meer informatie kunt u een mail sturen naar de projectleiders vanuit HDSR: Dries Schuwer (dries.schuwer@hdsr.nl), Susanne Vermeulen (susanne.vermeulen@hdsr.nl) of Defacto (office@d.efac.to). Foto cover: Luchtfotoserie Poort van Bunnik - A12 Lunetten Veenendaal © Rijkswaterstaat.
Inhoudsopgave Introductie en samenvatting
5
DEEL A Klimaatopgaven in relatie tot woon- en werklocaties 10 Themakaarten bodem en water sturend 13 Bodemdaling: Zetting bij belasten van de ondergrond 14 Bodemdaling: Veenoxidatie en afnemende drooglegging 15 Overstromingsrisico: Binnendijks overstromingsrisico 16 Overstromingsrisico: Toename inundatie buitendijks gebied 17 Overstromingsrisico: Waterkeringen versterken 18 Wateroverlast: Regenwateroverlast 19 Wateroverlast: Grondwater en kwel 20 Wateroverlast: Behoefte berging (piek)water 21 Wateroverlast: Buffer verdrogingsgevoelige natuur 22 Wateroverlast: Vernatting voor reductie bodemdaling en CO2 23 Droogte en waterbeschikbaarheid: Inzetten op infiltratie 24 Droogte en waterbeschikbaarheid: Drinkwaterbeschikbaarheid 25 Verzilting en waterkwaliteit: Verzilting en opwarmingsrisico 26 Verzilting en waterkwaliteit: Waterkwaliteit oppervlaktewater 27 Verzilting en waterkwaliteit: Waterkwaliteit grondwater 28 Woon- en werklocaties (zoekgebieden) 29
–– –– –– –– –– –– –– –– –– –– –– –– –– –– –– –– ––
DEEL B Perspectief klimaatadaptief ontwikkelen Woon- & Werklocaties 30 Handelingsperspectief bodemdaling 32 Handelingsperspectief overstromingsrisico 34 Handelingsperspectief droogte en waterbeschikbaarheid 36 Handelingsperspectief regenwateroverlast 38
–– –– –– ––
Bijlage: gebruikte datasets en bronnen
40
4
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Geschiktheidskaart bodem en water voor woon- en werklocaties
De geschiktheidskaart vanuit bodem en water is één van de bouwstenen die inzicht geeft in de (on)geschiktheid van een gebied voor woon- en werklocaties. De kaart is bedoeld om vanuit de waterpartners de dialoog met andere gebiedspartijen aan te gaan over randvoorwaarden en aandachtspunten voor ruimtelijke ontwikkelingen, vanuit het bodem- en watersysteem. De kaart is een levend document en zal de komende periode door nieuwe inzichten en datasets die beschikbaar komen, steeds verder worden verrijkt. Doel van de geschiktheidskaart Door vroegtijdig inzicht te hebben in eventuele uitdagingen vanuit bodem, water en klimaat, kan hiermee rekening worden gehouden bij ontwikkelingen, of kan de (locatie)keuze voor ontwikkelingen die nog niet vast staan, worden beïnvloed. Gezien de levensduur van nieuwbouw (die zo maar 100 jaar kan betreffen) zijn ook de kenmerken van het bodem- en watersysteem en klimaatverandering op de lange termijn relevant. Afhankelijk van de verschillende datasets en scenario's hebben we gekeken naar de bestaande situatie, 2050 of 2100. Het doel van deze kaarten is om met de op dit moment reeds beschikbare/ bruikbare informatie ruimtelijke ontwikkelaars inzicht te geven in condities en randvoorwaarden vanuit het bodem- en watersysteem.
Levend document De gebruikte datasets en inzichten over het bodem- en watersysteem en de hieruit resulterende geschiktheid voor ontwikkelingen zijn nog volop in ontwikkeling. Er lopen momenteel veel studies en verkenningen waarbinnen kennis en data zal worden geüpdatet of doorontwikkeld. De geschiktheidskaart is daarmee een levend document waarmee het gesprek over het meer sturend maken van bodem en water bij ontwikkelingen nu al gestart kan worden en in de tijd steeds concreter zal worden.
5
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Geschiktheidskaart woon- en werklocaties en legenda
––A Geen extra opgave vanuit bodem, water en klimaatverandering (Ja) ––B Bodem, water of klimaatverandering vraagt om aanvullende eisen (Ja, mits) ––C Bodem, water of klimaatverandering vraagt substantiële inspanning (Ja, mits) ––D Een ontwikkeling of landgebruik legt een claim op de toekomst (Nee, tenzij) ––E Ontwikkeling op waterhuishoudkundige infrastructuur is niet wenselijk (Nee) ––
Zoekgebieden waterberging (gestippeld)
––
Is er een bijzonder aandachtspunt, dan staan er plusjes op de kaart
Fig. 1.1.1 (On)geschiktheidskaart bebouwing woon- en werklocaties
6
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Tijdens een serie werksessies is samen met experts besproken hoe condities vanuit het bodem- en watersysteem kunnen worden doorvertaald naar de geschiktheidskaart. Bij het maken van onderscheid tussen de categorieën A B C D E (valt dit aspect nou onder categorie B of C?) waren de mate van complexiteit (hoe eenvoudig is het maatregelen te nemen) en het risico op afwenteling steeds belangrijke indicatoren. Tijdens de gesprekken was de onderstaande duiding van de legendaeenheden zeer behulpzaam bij het maken van keuzen:
––A Het volgen van bestaande regels en het Convenant
klimaatadaptief bouwen volstaat voor dit gebied, er zijn geen extra opgaven die vragen om aanvullende maatregelen.
––B Bodem, water of klimaatverandering vraagt om
aanvullende randvoorwaarden voor ontwikkelingen. Deze zijn naar verwachting goed uitvoerbaar. Er zijn al veel voorbeelden en breed toegepaste producten en technieken beschikbaar die door ontwerpers en ontwikkelaars kunnen worden ingezet.
Bodemdaling
B In gebieden met een zetting tot 25 cm bij ophoging met 1 meter grond (of belasting met bouwwerken) is de zetting naar verwachting goed op te vangen.
C Ontwikkelingen (bebouwing/infra) in gebieden met 25-50 cm zetting bij ophoging, vragen om goed onderzoek, maatregelen en afstemming om afwenteling (beheer en onderhoudskosten of peilindexaties) te voorkomen.
D Zettingsgevoelige gebieden (zetting van > 50 cm) kennen bij ontwikkelingen een risico op afwenteling (via kosten voor beheer en onderhoud of benodigde peilindexaties). De ambitie om veengebieden te vernatten (waterpeil terugbrengen naar -20/ -40 cm onder NAP) resulteert in toenemende wateroverlast waar bij ontwikkelingen rekening mee moet worden gehouden. Dit is meegenomen in kaart 1.10 Wateroverlast: Vernatting voor reductie bodemdaling en CO2.
––C Bodem en water vraagt om een (substantiële)
inspanning. De opgaven zijn complex en er is behoefte aan een vaak innovatieve maatwerkoplossing. Ontwerpkeuzen kunnen doorwerken op gebieds- en systeemniveau. Meerdere partijen moeten zich gezamenlijk inzetten om tot een passende klimaatadaptieve ontwikkeling te komen.
––D De ontwikkeling legt mogelijk een claim op de
toekomst. Ook als partijen zich inzetten voor een integrale klimaatadaptieve oplossing blijft de kans op afwenteling door de complexiteit of door nog onbeproefde of kostbare nieuwe technieken aanwezig. Dit vraagt om een goede afweging van de locatiekeuze.
––E Ontwikkelingen op waterhuishoudkundige
infrastructuur zoals dijken, buitendijkse stroomvoerende gebieden of waterbergingsgebieden leggen een claim op de toekomstige flexibiliteit of capaciteit en is niet wenselijk.
Daarbij was er (op basis van persoonlijke ervaringen of inzichten) regelmatig discussie over de exacte categorie van een maatregel. Is bodemdalingsbestendig bouwen bijvoorbeeld al goed uitvoerbaar (categorie B of C) of blijft het risico op afwenteling toch groot (categorie D)? Het kan dan ook zijn dat er in verschillende gebieden of door andere experts net andere keuzen gemaakt zullen worden voor de doorvertaling van opgaven in legenda-eenheden.
7
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Overstromingsrisico
Wateroverlast
A Gebieden met een overstromingsdiepte van minder dan 20 cm: B In gebieden die nat zijn of steeds natter worden door inzetten op schade voorkomen.
B Gebieden met een overstromingsdiepte van 20 tot 50 cm: inzetten op schade beperken.
C Gebieden met een overstromingsdiepte van 50 tot 200 cm ––kans < 1:1.000 per jaar: Inzetten op schuilen en evacueren. ––kans > 1:1.000 per jaar: Schade voorkomen of beperken.
C In gebieden langs het hoofdwatersysteem (ARK, Eem en IJsselmeer) die door een toenemend waterpeil kunnen inunderen (in het bijzonder bij vitale en kwetsbare functies) rekening houden met toekomstige toename waterpeil en eventuele inundatie.
D Gebieden met een overstromingsdiepte van meer dan 200 cm ––kans < 1:1.000 per jaar: Inzetten op schuilen en evacueren. ––kans > 1:1.000 per jaar: Heroverwegen locatiekeuze.
E In de buitendijkse gebieden (uiterwaarden en het rivierbed) leggen ontwikkelingen mogelijk een claim op de toekomst (in relatie tot de benodigde ruimte voor de rivier) en zijn ontwikkelingen niet wenselijk.
E Langs primaire en regionale keringen (inclusief 25 m bufferzone) leggen ontwikkelingen mogelijk een claim op de toekomst (extra kosten bij toekomstige dijkversterkingen) en zijn ontwikkelingen niet wenselijk.
combinatie met hoge grondwaterstanden, en kwel: (grond) waterbestendig ontwikkelen of bestaande bebouwing aanpassen.
B Bij ontwikkelingen rekening houden met verdrogingsgevoelige natuur (waterpeil niet verder verlagen).
C In gebieden die nat zijn of steeds natter worden doordat regenwater zich hier verzamelt: (grond)waterbestendig ontwikkelen of bestaande bebouwing aanpassen.
C Ontwikkel waterbestendig in zoekgebieden voor (piek)waterberging, zodat het toekennen van een waterbergingsfunctie (waarbij het gebied inundeert) in de toekomst mogelijk blijft.
C Hou rekening met mogelijk verhogen waterpeilen rondom verdrogingsgevoelige natuurgebieden (Natura 2000 en NNN) met grotere kans op wateroverlast als gevolg. Zoekgebieden zijn nog niet in kaart gebracht.
C Hou in veenoxidatiegebieden rekening met de ambitie om waterpeilen op te zetten tot -20/-40 cm onder het maaiveld (om bodemdaling en CO2-uitstoot te beperken) waarmee de drooglegging en waterbergend vermogen van het gebied kunnen afnemen. Ontwikkel in deze gebieden waterbestendig en creëer voldoende bergingsruimte voor regenwater.
E In vastgestelde waterbergingsgebieden (en zoekgebieden hiervoor ) en in de 25 m bufferzone langs boezemwateren, zijn ontwikkelingen niet wenselijk.
8
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Droogte en waterbeschikbaarheid
Verzilting en waterkwaliteit
B Ontwikkel aangepast in gebieden met infiltratie- of
A Verzilting resulteert niet in een aanvullende opgave voor
sponswerkingspotentie (minder verharding, ruimte voor infiltratie, sponswerking en bufferen).
gebouwde ontwikkelingen.
C Toekomstige drinkwatervoorziening onder druk bij
robuuster maken van watersystemen.
toevoegen ontwikkelingen met watervraag.
B Gebiedsontwikkelingen laten voldoende ruimte voor het B Stedelijke ontwikkelingen mogen geen negatieve impact hebben op de waterkwaliteit.
B In gebieden met strategische grondwatervoorraden (beschermingszone drinkwaterwinning) moet nagegaan worden of er functiecombinaties mogelijk zijn of een functiescheiding moet plaatsvinden. WKO is niet toegestaan in het tweede watervoerend pakket.
C In de Omgevingsordening van de provincie Utrecht worden verschillende regels ten aanzien van waterwingebieden, boringsvrije zones en grondwaterbeschermingsgebieden gesteld, zoals het niet mogen doorboren van de diepere (waterdichte) kleilagen. Verzoek om contact op te nemen met Vitens.
9
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Foto: Hoogwater Lekdijk - juli 2022 © HDSR
10
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
DEEL A
Klimaatopgaven in relatie tot woonen werklocaties In dit hoofdstuk staan verschillende aspecten van het bodemen watersysteem zoals bodemdaling, overstromingsrisico, wateroverlast, droogte en waterbeschikbaarheid en verzilting en waterkwaliteit beschreven en de eventuele invloed van klimaatverandering hierop.
11
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
12
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1 – Themakaarten bodem en water sturend De doorvertaling van de kenmerken van het bodem- en watersysteem naar een indicatie van de geschiktheid is gedaan op basis van expert judgement. De gedachtevorming en kennisontwikkeling op dit vlak is nog volop in ontwikkeling. Dat betekent dat in de tijd zowel de gebruikte datasets als de gemaakte doorvertaling naar de geschiktheidskaart nog aan verandering onderhevig zullen zijn. Om inzicht te geven in het werkproces en de gemaakte keuzen tijdens de werksessies (en hier ook weer op verder te kunnen bouwen) zijn niet alleen de geschiktheidskaarten, maar ook de achterliggende themakaarten in dit rapport opgenomen. In de bijlage is een bronnenlijst van de gebruikte data te vinden. De volgende thema's (en aspecten hiervan) zijn binnen deze studie in beeld gebracht: Bodemdaling Zetting bij belasten van de grond Veenoxidatie en afnemende drooglegging Veengebieden
–– –– ––
Overstromingsrisico Binnendijks overstromingsrisico Toename inundatie buitendijks gebied Waterkeringen versterken
–– –– ––
Wateroverlast Regenwateroverlast Grondwater en kwel Behoefte berging (piek)water Buffer verdrogingsgevoelige natuur Vernatting voor reductie bodemdaling en CO2
–– –– –– –– ––
Droogte en waterbeschikbaarheid Inzetten op infiltratie Drinkwaterbeschikbaarheid
–– ––
Verzilting en waterkwaliteit Verzilting en opwarmingsrisico Waterkwaliteit oppervlaktewater Waterkwaliteit grondwater
–– –– ––
Woon- en werklocaties (zoekgebieden) Disclaimer: De themakaarten zijn gebaseerd op de actuele informatie die momenteel voorhanden is (november 2022). Nieuwe informatie en inzichten kunnen aanleiding geven tot het aanpassen van de themakaarten. 13
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.1 – Bodemdaling: Zetting bij belasten van de grond Veen- en kleibodems worden samengedrukt bij belasting (zoals het gewicht van gebouwen en wegen). Dit wordt veroorzaakt door consolidatie (grondwater wordt uit de bodem gedrukt, dit wordt vóór de bouw van een gebouw opgevangen met voorbelasting) en kruip (restzetting die decennia kan doorgaan). Restzetting kan leiden tot hoge kosten voor beheer en onderhoud. Bij nieuwbouw wordt dan ook vaak een eis voor restzetting gesteld (bijvoorbeeld 10 cm in 30 jaar). Er zijn geen kaarten die de verwachte mate van restzetting laten zien (hiervoor is lokaal onderzoek nodig). De mate van zetting bij belasting bij ophoging met 1 m zand over een periode van 30 jaar (Deltares 2021) is gebruikt als indicatie voor zettingsgevoelige gronden.
Doorvertaling legenda (op basis van expert judgement)
B In gebieden met een zetting tot 25 cm bij ophoging met 1 meter grond (of belasting met bouwwerken) is de zetting naar verwachting goed op te vangen.
C Ontwikkelingen (bebouwing/infra) in gebieden met 25-50 cm zetting bij ophoging, vragen om goed onderzoek, maatregelen en afstemming om afwenteling (beheer en onderhoudskosten of peilindexaties) te voorkomen.
D Zettingsgevoelige gebieden (zetting van > 50 cm) kennen bij ontwikkelingen een risico op afwenteling (via kosten voor beheer en onderhoud of benodigde peilindexaties).
14
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.2 – Bodemdaling: Veenoxidatie en afnemende drooglegging Veengebieden worden ontwaterd om voldoende drooglegging te creëren voor gebruiksfuncties zoals woningbouw, landbouw en bedrijventerreinen. In veengebieden leidt deze ontwatering tot oxidatie van veen, onomkeerbare bodemdaling en de uitstoot van broeikasgassen. Wordt het peil niet meer geïndexeerd of zelfs verhoogd (om de uitstoot van broeikasgassen af te remmen), dan zal de drooglegging en draagkracht van de bodem afnemen. Ook de hoeveelheid water die een gebied in de bodem en het oppervlaktewater kan bergen zal afnemen. Het gebied kent dus een steeds groter risico op wateroverlast.
Doorvertaling legenda (op basis van expert judgement) De ambitie om veengebieden te vernatten (waterpeil terugbrengen naar -20/ -40 cm onder NAP) resulteert in toenemende wateroverlast waar bij ontwikkelingen rekening mee moet worden gehouden. Dit is meegenomen in kaart 1.10 Wateroverlast: Vernatting voor reductie bodemdaling en CO2.
15
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.3 – Overstromingsrisico: Binnendijks overstromingsrisico Utrecht wordt door een stelsel van dijken en keringen beschermd tegen overstromingen. De kans op overstromingen is dan ook klein. Uiteraard kunnen de gevolgen van een dijkdoorbraak wel groot zijn. Door aangepast te ontwikkelen in gebieden waar de kans of gevolgen van overstromingen relatief groot zijn, kunnen de gevolgen van overstromingen (bijvoorbeeld voor vitale en kwetsbare functies zoals ziekenhuizen of datacenters) worden beperkt. Onderstaande kaart (LIWO 2022) toont de kans op overstromingen vanuit het regionale en primaire systeem en de bijbehorende maximale overstromingsdiepte. Echter vraagt elke locatie om een meer gedetailleerde benadering die kan leiden tot een combinatie van handelingsperspectieven. In sommige gevallen kan blijken dat bij een overstroming voorkomen en beperken niet genoeg of afdoende is, maar ook schuilen en evacueren in beeld komen.
Doorvertaling legenda
A Gebieden met een overstromingsdiepte van minder dan 20 cm: inzetten op schade voorkomen.
B Gebieden met een overstromingsdiepte van 20 tot 50 cm: inzetten op schade beperken.
C Gebieden met een overstromingsdiepte van 50 tot 200 cm ––kans < 1:1.000 per jaar: Inzetten op schuilen en evacueren. ––kans > 1:1.000 per jaar: Schade voorkomen of beperken.
D Gebieden met een overstromingsdiepte van meer dan 200 cm ––kans < 1:1.000 per jaar: Inzetten op schuilen en evacueren. ––kans > 1:1.000 per jaar: Heroverwegen locatiekeuze. 16
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.4 – Overstromingsrisico: Toename inundatie buitendijks gebied Door toenemende rivierafvoeren (klimaatverandering) zal er in de toekomst buitendijks meer capaciteit en ruimte nodig zijn om rivierwater af te voeren. Ook bij het IJsselmeer, ARK en de Eem kunnen de waterstanden toenemen (door een beslissing om het waterpeil te verhogen om meer water te kunnen bergen of af voeren) en kunnen oeverlanden vaker inunderen.
Doorvertaling legenda
C In gebieden langs het hoofdwatersysteem (ARK, Eem en IJsselmeer) die door een toenemend waterpeil kunnen inunderen (in het bijzonder bij vitale en kwetsbare functies) rekening houden met toekomstige toename waterpeil en eventuele inundatie.
E In de buitendijkse gebieden (uiterwaarden en het rivierbed), leggen ontwikkelingen mogelijk een claim op de toekomst (in relatie tot de benodigde ruimte voor de rivier) en zijn ontwikkelingen niet wenselijk.
17
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.5 – Overstromingsrisico: Waterkeringen versterken Dijken worden met de tijd regelmatig versterkt om de binnendijkse gebieden (met hun toenemende bevolking en economische waarde) te blijven beschermen. Doordat de rivierwaterstanden toenemen, sommige dijken op slappe bodems zakken en de waterveiligheidseisen steeds verder worden aangescherpt, vinden er regelmatig dijkversterkingen plaats. Het is belangrijk dat er voldoende ruimte rondom de dijk beschikbaar is om de dijken (bij voorkeur met grond) te kunnen blijven versterken.
Doorvertaling legenda
E Langs primaire en regionale keringen (inclusief 25 m bufferzone) leggen ontwikkelingen mogelijk een claim op de toekomst (extra kosten bij toekomstige dijkversterkingen) en zijn ontwikkelingen niet wenselijk.
18
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.6 – Wateroverlast: Regenwateroverlast Regenwater kan slechts gedeeltelijk worden vastgehouden of infiltreren in de bodem. Zeker in gebieden met een helling, hoge ondergrondverdichting (doordat landbouwvoertuigen de grond samendrukken), hoge grondwaterstanden (weinig ruimte voor infiltratie en wateropvang in sloten) of veel verharding (zoals in stedelijk gebied) stroomt er veel water af. Door klimaatverandering zal de hoeveelheid regenwater in de toekomst toenemen. In de kaart hieronder is te zien waar wateroverlast kan optreden en waar op de helling van de Heuvelrug stroombanen ontstaan.
Doorvertaling legenda
C In gebieden die nat zijn of steeds natter worden doordat regenwater zich hier verzamelt: (grond)waterbestendig ontwikkelen of bestaande bebouwing aanpassen.
19
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.7 – Wateroverlast: Grondwater en kwel Regenwater wat infiltreert in hoger gelegen gebieden, kan in laag gelegen gebieden uittreden als kwelwater. Dit gebeurt vooral in diepe polders (hier is weinig tegendruk en komt het soms brakke water naar boven) en langs de randen van de Heuvelrug (dit water is van zeer goede kwaliteit). Het kwelwater kan voor overlast zorgen in niet-waterdichte kelders of kruipruimten van gebouwen.
Doorvertaling legenda
B In gebieden die nat zijn of steeds natter worden door combinatie met hoge grondwaterstanden, en kwel: (grond) waterbestendig ontwikkelen of bestaande bebouwing aanpassen.
20
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.8 – Wateroverlast: Behoefte berging (piek)water Bij piekbuien zal het waterafvoersysteem in de toekomst steeds vaker onvoldoende capaciteit hebben. Dit kan bijvoorbeeld omdat het maximale waterpeil op het Amsterdam-Rijnkanaal wordt bereikt en water uit de polders daar niet op afgewaterd kan worden. Door (piek)waterbergingsgebieden aan te wijzen waarin regenwater kan worden opgevangen, kan er meer water worden geborgen. Dit kan bijvoorbeeld door de laagste 10% gebieden van polders (waar het water zich verzamelt) of strategische locaties te reserveren voor waterberging of door piekwaterbergingsgebieden aan te leggen die kunnen dienen als noodoverloopgebied voor boezems.
Doorvertaling legenda
C Ontwikkel in zoekgebieden voor (piek)waterberging waterbestendig, zodat het toekennen van een waterbergingsfunctie (waarbij het gebied inundeert) in de toekomst mogelijk blijft.
E In vastgestelde waterbergingsgebieden (en zoekgebieden hiervoor ) en in de 25 m bufferzone langs boezemwateren, zijn ontwikkelingen niet wenselijk.
21
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.9 – Wateroverlast: Buffer verdrogingsgevoelige natuur Natuur die verdrogingsgevoelig is, kan schade oplopen bij een tekort aan zoet water in droge perioden. Het inlaten van oppervlaktewater is in deze gebieden niet altijd mogelijk, omdat dit water (juist in droge perioden) nutriëntrijk en van slechte kwaliteit kan zijn en daarmee schadelijk kan zijn voor de natuur. Eén van de oplossingsrichtingen is te zorgen voor een hogere waterstand in of om natuurgebieden waardoor er meer water beschikbaar is.
Doorvertaling legenda
B Bij ontwikkelingen rekening houden met verdrogingsgevoelige natuur (waterpeil niet verder verlagen).
C Hou rekening met mogelijk verhogen waterpeilen rondom verdrogingsgevoelige natuurgebieden (Natura 2000 en NNN) met grotere kans op wateroverlast als gevolg. Zoekgebieden zijn nog niet in kaart gebracht.
22
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.10 – Wateroverlast: Vernatting voor reductie bodemdaling en CO2 De ambitie is om in veengebieden de waterstanden te verhogen tot een waterpeil van -20 /-40 cm onder maaiveld, om verdere oxidatie (bodemdaling en de uitstoot van broeikasgassen) af te remmen. Door het verhogen van het waterpeil zal de drooglegging en draagkracht van de bodem afnemen. De hoeveelheid water die een gebied in de bodem en het oppervlaktewater kan bergen zal afnemen, waardoor het risico op wateroverlast toeneemt. Deze gebieden zullen dus vaker te maken hebben met natte condities.
Doorvertaling legenda
C Hou in veenoxidatiegebieden rekening met de ambitie om waterpeilen op te zetten tot -20/-40 cm onder het maaiveld (om bodemdaling en CO2-uitstoot te beperken) waarmee de drooglegging en waterbergend vermogen van het gebied kunnen afnemen. Ontwikkel in deze gebieden waterbestendig en creëer voldoende bergingsruimte voor regenwater.
23
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.11 – Droogte en waterbeschikbaarheid: Inzetten op infiltratie Ondanks de toenemende regenval zullen er door klimaatverandering ook steeds meer droge perioden zijn. Doordat het water in natte perioden wordt afgevoerd, is het in droge perioden niet beschikbaar. Eén van de manieren om het regenwater beter te benutten, is het te laten infiltreren in de bodem. Met name de hoge gronden van de Heuvelrug zijn zeer geschikt om veel water te infiltreren en de grondwatervoorraad te voeden. Het is dan wel belangrijk dat het water ook kan infiltreren en niet afstroomt. Om dit te stimuleren kan bijvoorbeeld worden ingezet op het beperken van verharding en het afkoppelen van regenwater van de riolering.
Doorvertaling legenda
B Ontwikkel aangepast in gebieden met infiltratie- of sponswerkingspotentie (minder verharding, ruimte voor infiltratie, sponswerking en bufferen).
24
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.12 – Droogte en waterbeschikbaarheid: Drinkwaterbeschikbaarheid De drinkwaterwinning staat door de toenemende bevolking en het toenemende gebruik steeds verder onder druk. Er zijn dan ook gebieden waar de drinkwatervoorziening bij het toevoegen van ontwikkelingen met een watervraag (zoals huishoudens, stedelijk groen, bedrijven) niet vanzelfsprekend is. Hieronder is een indicatie gegeven van deze gebieden op basis van expert judgement door Vitens. Voor deze gebieden is het inzetten op slim watergebruik extra belangrijk.
Doorvertaling legenda
C Toekomstige drinkwatervoorziening onder druk bij toevoegen ontwikkelingen met watervraag.
25
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.13 – Verzilting en waterkwaliteit: Verzilting en opwarmingsrisico In gebieden met kweluittreding komt er zout vanuit de bodem in het oppervlaktewater terecht. Dit gebeurt met name in diepe polders waar, door het verlagen van waterpeilen, de tegendruk tegen kwelstromen is verminderd. Dit zoute water is niet geschikt voor functies die zoet water nodig hebben zoals veel van de huidige landbouwgewassen, zoetwaternatuurgebieden en stedelijk groen. De waterkwaliteit kan ook sterk worden beïnvloed door toenemende hitte. Een hogere gemiddelde watertemperatuur leidt tot zuurstofloosheid van het water en een andere soortendominantie. Dit heeft vooral invloed op ecologie, maar ook op de kwaliteit van stedelijk oppervlaktewater en zwemwater. Zorg bij ontwikkelingen voor voldoende ruimte voor een robuust watersysteem.
Doorvertaling legenda
A Verzilting resulteert niet in een aanvullende opgave voor gebouwde ontwikkelingen.
B Gebiedsontwikkelingen laten voldoende ruimte voor het robuuster maken van watersystemen.
26
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.14 – Verzilting en waterkwaliteit: Waterkwaliteit oppervlaktewater De ecologische waterkwaliteit is momenteel in grote delen van Nederland onvoldoende door verontreinigingen die onder andere worden veroorzaakt door de uitspoeling van nutriënten uit landbouwgronden en overstorten van rioleringen. Het programma Kaderrichtlijn water (KRW) heeft als doelstelling de waterkwaliteit in 2027 op orde te hebben, maar het lijkt er op dat deze doelstellingen niet gehaald zullen worden. Zorg er bij nieuwe ontwikkelingen in ieder geval voor dat deze de waterkwaliteit niet negatief beïnvloeden en er bij gebiedsontwikkelingen voldoende ruimte is voor een robuust watersysteem.
Doorvertaling legenda
B Stedelijke ontwikkelingen mogen geen negatieve impact hebben op de waterkwaliteit.
27
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.15 – Verzilting en waterkwaliteit: Waterkwaliteit grondwater Grondwater is een belangrijke drinkwaterbron die beschermd moet worden tegen ontwikkelingen die een negatieve invloed kunnen hebben op de grondwaterkwaliteit. Daarbij is het belangrijk dat er in drinkwaterwinnings- en beschermingsgebieden geen doorboringen plaatsvinden van de diepere kleilagen die het daaronder gelegen grondwater beschermen tegen verontreinigingen. In de toekomst zullen de zoekgebieden voor drinkwaterwinning mogelijk verder uitgebreid worden.
Doorvertaling legenda
B In gebieden met strategische grondwatervoorraden (beschermingszone drinkwaterwinning) moet nagegaan worden of er functiecombinaties mogelijk zijn of een functiescheiding moet plaatsvinden. WKO is niet toegestaan in het tweede watervoerend pakket.
C In de Omgevingsordening van de provincie Utrecht worden verschillende regels ten aanzien van waterwingebieden, boringsvrije zones en grondwaterbeschermingsgebieden gesteld, zoals het niet mogen doorboren van de diepere (waterdichte) kleilagen.
28
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
1.16 – Woon- en werklocaties (zoekgebieden) Een deel van de nationale woningbouwopgave (en de daarmee samenhangende ontwikkeling van werklocaties) zal in de provincie Utrecht neerslaan. Dat betekent dat er de komende periode veel nieuwe (zoekgebieden voor) ontwikkellocaties voor wonen en werken zullen zijn. De woon- en werklocaties die de komende periode zullen worden ontwikkeld zijn nog niet volledig in beeld. Hieronder een tussenstand.
29
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Foto: Defacto Stedenbouw.
30
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
DEEL B
Perspectief klimaatadaptief ontwikkelen woon& werklocaties
31
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Handelingsperspectief bodemdaling Ontwikkel (grond)waterbestendig in zoekgebieden voor vernatting van veen Hou in veenoxidatiegebieden rekening met de wens grondwaterpeilen te verhogen ten behoeve van reductie van de CO2-uitstoot en bodemdaling. Omdat verdere peilindexaties niet gewenst zijn, zal dit leiden tot hogere grondwaterstanden (en een beperktere drooglegging). Door de hogere waterstanden kan er door de beperkte bergingscapaciteit van het oppervlaktewatersysteem eerder wateroverlast optreden.
Waterbergingsgebieden
Bouw grondwaterbestendig
Bouw regenwaterbestendig
Door de beperkte drooglegging is er weinig waterberging mogelijk in het oppervlaktewatersysteem. Zorg op gebiedsniveau voor voldoende waterberging.
Door de hoge grondwaterstanden kunnen niet-waterdichte kelders en vloeren sneller tot wateroverlast leiden:
Door de lage drooglegging treedt er sneller wateroverlast op. Zorg voor voldoende regenwaterberging bij ontwikkelingen.
Bouw woningen zonder kelder of kruipruimte. B
Zet in op wateropvang in bebouwd
Zorg dat de inrichting van tuinen
gebied (regentonnen, waterzakken, wadi's en wateropvang in parken). AB
Zorg dat er op gebiedsniveau voldoende ruimte wordt gereserveerd en ingericht voor waterberging (of in gebieden waar het water zich verzamelt en de optredende schade acceptabel is).
(beplanting, vlonders) tegen natte situaties kan. Dit vraagt om aangepaste ontwerpen. B
Zorg dat gebouwen waterdichte
Maak bredere sloten met flauwe
plinten hebben van bijvoorbeeld 20 cm zodat (regen)water op het maaiveld geen schade oplevert A, of dat de openbare ruimte een verhoogde plint vormt. B
oevertaluds, zodat er meer ruimte voor waterberging ontstaat. AB
Zorg dat de openbare ruimte
ABC
waterbestendig is ingericht. Denk daarbij ook aan entrees van parkeergarages en aan verhoogde elektrakasten. B Zet hoogteverschillen in de openbare ruimte in om water te leiden (weg te houden of op te vangen). B
32
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Ontwikkel bodemdalingsbestendig (voorkom afwenteling kosten in bodemdalingsgebieden) Een gebouwde ontwikkeling in een gebied met sterke bodemdaling of zetting, wentelt mogelijk af op de toekomst en het publieke domein (via kosten voor beheer of peilindexatie). Zorg dat er een goede kosten-batenanalyse wordt gemaakt waarin voor de levensduur van de ontwikkeling de haalbaarheid van maatregelen die de restzetting reduceren wordt verkend. Is er geen sluitende businesscase, heroverweeg dan de locatie.
Bodemdalingsbestendig bouwen
Bodemdalingsbestendige infrastructuur
Meebewegen openbare ruimte
Zorg voor bouwmethoden die
Fundeer wegen indien nodig B
Hou in het ontwerp van tuinen
de restzetting beperken zoals een goede fundering, lichte materialen en waterdichte vloeren. C
Gebruik lichte ophoogmaterialen zoals:
Ontwikkel niet in gebieden met een groot risico op opbarsting of doe dit met innovatieve technieken, zoals drijvend bouwen of bouwen op palen. DE Ook de aanleg van vlakvormige waterbergingen brengt risico's met zich mee.
––
en openbare ruimte rekening met bodemdaling en steeds beperktere drooglegging. waterrobuuste beplanting B waterrobuuste tuinen B wateropvanggebieden B microhoogtestrategie B gefundeerde hogere paden B ophoogbare trottoirs B
––
Neem eventuele extra kosten
––EPS B ––schuimbeton B ––(lokaal) granulair materiaal B
Kies voor bodemdalingsbestendige leidingen: flexibele buizen bestaande uit vervormbare materialen B versterkte leidingen (drie keer dikker en groter dan normaal) B het aanleggen van infiltratiedrains B Voorkom zettingsverschillen bij kruisingen van nutsvoorzieningen met waterstaatskundige infrastructuur (zoals duikers).
–– ––
33
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
–– –– –– –– –– ––
voor beheer en onderhoud mee in de exploitatiekosten (levensloop) C
Handelingsperspectief overstromingsrisico Hou binnendijks rekening met het overstromingsrisico (gevolgbeperking) Bij waterveiligheid kan niet alleen worden ingezet op het verkleinen van de kans op overstromingen, maar ook op het beperken van gevolgen. Bij meerlaagsveiligheid wordt zowel gekeken naar het verkleinen van de kans (door dijken en keringen) als het beperken van gevolgen (door noodplannen, andere ruimtelijke inrichting of aangepast bouwen). (Regen)waterbestendig bouwen
Gevolgbeperking binnendijks
Flood proof bouwen
In gebieden die tot 20 cm kunnen overstromen, kan worden ingezet op waterbestendig bouwen. De maatregelen hiervoor werken ook voor regenwateroverlast op het maaiveld.
Verken in binnendijkse gebieden die kunnen overstromen (en weinig mogelijkheden voor verticale evacuatie kennen), maatregelen voor gevolgbeperking.
Bouw aangepast (flood proof) in
Zorg dat gebouwen waterdichte
Zet in op gevolgbeperking bij
plinten hebben van bijvoorbeeld 20 cm zodat (regen)water op het maaiveld geen schade oplevert,A of dat de openbare ruimte een verhoogde plint vormt. B
vitale en kwetsbare functies (zoals ziekenhuizen, bejaardenhuizen, elektriciteitsvoorzieningen, hulpdiensten, datacenters, musea). C Kent een overstroming mogelijk een grootschalig keteneffect? Heroverweeg dan de locatie. D
Zorg dat de openbare ruimte waterbestendig is ingericht. Denk daarbij ook aan entrees van parkeergarages en aan verhoogde elektrakasten. B Zet hoogteverschillen in de openbare ruimte in om water te leiden (weg te houden of op te vangen). B
gebieden die een kans groter dan 1: 300 kennen op een overstromingsdiepte van meer dan 50 cm. Denk bijvoorbeeld aan bouwen op terpen en palen, drijvende of amfibische woningen of waterdichte gevels of plinten. C
Zorg voor een goed noodplan (hoe kom je een gebied na een ramp uit of in?). C
In gebieden die diep kunnen overstromen en weinig mogelijkheden kennen voor verticale evacuatie (vluchten naar een droge verdieping), kan worden ingezet op nieuwbouw met een dubbelfunctie als shelter. C
34
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Reserveer buitendijks ruimte voor toenemende waterstanden (en versterking van keringen)
Ruimte voor keringen
Ruimte voor hogere waterpeilen
Ruimte voor de rivier
Langs (primaire) keringen kan bebouwing kosten voor meer complexe dijkversterkingen met zich meebrengen (afwentelen kosten).
Buitendijkse gebieden in het rivierinvloedsgebied (stroomvoerend) van de Lek, zijn niet geschikt voor bebouwing en beperken de toekomstig benodigde afvoercapaciteit.
Zorg dat er langs keringen niet wordt
Oeverlanden langs het hoofdwatersysteem (ARK, Lek, Linge) kunnen bij een toename van de waterpeilen (waartoe kan worden besloten om meer water te bergen of af te voeren) in de toekomst inunderen.
gebouwd op trajecten waar de dijk momenteel nog onbebouwd is. E
Hou bij ontwikkelingen (in het
Ontwikkel geen gebouwde functies
Respecteer het profiel van vrije ruimte. Zorg dat ook op de lange termijn voldoende ruimte vrij blijft langs de dijken om deze in de toekomst in grond te kunnen versterken (zonder dat hier extra constructies voor nodig zijn). DE
bijzonder van vitale en kwetsbare functies) rekening met een toekomstige toename van het waterpeil en eventuele inundatie. C
Zorg dat watergebonden bedrijventerreinen en verblijfsrecreatiefuncties de stroomvoerendheid en bergingscapaciteit van de rivier niet beperken. CD
Wees terughoudend met bouwconcepten waarbij de dijk wordt bebouwd (ook als daarbij het profiel van vrije ruimte wordt gerespecteerd): door klimaatverandering of beleid kunnen deze normen tijdens de levensduur van de bebouwing wijzigen. E
in het buitendijkse gebied (ook niet op bestaande hoogwatervrije terreinen). Deze ontwikkelingen leggen een claim op de in de toekomst mogelijk benodigde ruimte voor extra rivierafvoeren. E
35
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Handelingsperspectief droogte en waterbeschikbaarheid Bescherm en hou rekening met bestaande (grond)watervoorraden De watervraag neemt steeds verder toe, bijvoorbeeld door nieuwe woningbouwontwikkelingen, groengebieden, bedrijventerreinen en industrieën, maar ook door de vernatting van veen. Er zal dus spaarzaam omgegaan moeten worden met het beschikbare grond- en oppervlaktewater en er zal minder water overblijven voor de bestrijding van droogte. Zonering van de ondergrond
Waterbeschikbaarheid
Bescherm (grond)watervoorraden
Het is met name in stedelijk gebied druk in de ondergrond.
Drinkwaterbeschikbaarheid wordt
In de provincie Utrecht wordt veel drinkwater gewonnen (deze gebieden worden beschermd door de provinciale Verordening). Daarnaast is een groot deel van de provincie Utrecht aangewezen als strategische grondwatervoorraad. Het is van belang de (grond)waterkwaliteit te beschermen en niet verder achteruit te laten gaan.
Zet in op een goede zonering die grondwaterstromen zo min mogelijk beïnvloedt en voldoende ruimte biedt voor nieuwe waterbergingsfuncties. B
Zorg ervoor dat ondergrondse drinkwaterleidingen niet opwarmen (impact drinkwaterkwaliteit). B
vaak als een vanzelfsprekendheid gezien. Er zijn echter gebieden waar nog niet voldoende drinkwater beschikbaar is en de drinkwatervoorziening (netwerk en voorraad) uitgebreid moet worden als hier gebiedsontwikkeling plaats vindt. Hou rekening met de beschikbaarheid van drinkwater bij de aanleg van gebiedsontwikkelingen. C
Maak, naast het volgen van de regels Creëer robuuste watersystemen met een goede doorstroming voor een optimale waterkwaliteit (ook bij droogte en hitte). Voorkom het inlaten van gebiedsvreemd nutriëntrijk water. B
in de omgevingsverordening, gebruik van duurzame stoffen in gesloten bodemenergiesystemen. Hou toezicht op de uitvoering en aanleg. B
Volg bij het afkoppelen van de regenwaterafvoer de leidraad van de provincie die rekening houdt met de bescherming van de drinkwatervoorraden. AB
Saneer indien nodig de bodem voordat woningen gerealiseerd worden. AB
36
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Zet maximaal in op infiltratie en sponswerking Zorg dat de watervraag van ontwikkellocaties niet verder toeneemt door bij nieuwe ontwikkelingen (en transformaties van bestaande stedelijke gebieden) in te zetten op infiltratie, waterberging, slim watergebruik, robuuste watersystemen en droogte- (en zout)resistente beplanting. Slim watergebruik
Wateropvang en buffer
Infiltratie
Zorg dat de watervraag beperkt wordt zodat er minder water nodig is op plekken waar dit niet voorradig is.
Vang water op in gebouwen zodat het kan worden hergebruikt: Regenwatervijver in de tuin AB Regentonnen AB Waterzakken AB
–– –– ––
In gebieden met infiltratiepotentie in de bodem is het mogelijk water te infiltreren. Dit water kan worden ingezet om grondwaterreserves aan te vullen of zal als schoon kwelwater weer uittreden.
Vang water op in de openbare ruimte
Zet in op maximale infiltratie door
zodat het kan worden hergebruikt of het kan infiltreren: Wadi's AB Waterpleinen AB Regenwateropvang parken B
middel van het reduceren van verhard oppervlak (meer groen) en permeabele verharding. B
Beperk de watervraag:
––Zorg voor droogteresistente
beplanting, beplanting die minder verdampt en aangepaste ontwerpen voor de openbare ruimte B Zet in op maatregelen voor slim watergebruik (beperken water douche/toilet of gebruik regenwater)
––
AB
–– –– ––
Zorg op hellingen voor een cascadeeffect (getraptheid maaiveld) waardoor het water niet direct afstroomt. B
Verbeter de bodemkwaliteit zodat deze Verken mogelijkheden voor hergebruik:
vocht beter vasthoudt en weer afgeeft. B
van het effluent van de rioolwaterzuivering (RWZI) B Slimmere waterkringlopen (benut schoon water uit kwel of aan het begin van een watergang voor juiste hoogwaardige functies) C
Verken opties voor wateropslag in de
––Verken opties voor het benutten
j Verzamel water op plekken waar het
––
langzaam kan infiltreren (in plaats van het af te voeren). B
bodem: Infiltratiekratten B Ondiepe watervoorraad B Diepte-infiltratie C
–– –– ––
37
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
j
Handelingsperspectief regenwateroverlast Waterneutraal en -robuust ontwikkelen Zorg dat ontwikkelingen de druk op het waterafvoersysteem niet vergroten (door het water binnen het projectgebied of polder te bergen) en ontwikkel (grond- of regen)waterbestendig in gebieden waar wateroverlast te verwachten is. Stresstesten
Zorg voor wateropvang
Bouw waterbestendig
Zorg dat goed in beeld is waar het water zich bij extreme regenval kan verzamelen.
Door de hoge mate van verharding in bebouwde gebieden moet er veel regenwater worden afgevoerd. Zorg dat er meer water wordt vastgehouden en geborgen. Dit water kan vervolgens in droge periodes weer gebruikt worden.
Bij wateroverlast (regenwater op straat) kan zeker in gebieden met een beperkte drooglegging en hoge grondwaterstanden schade optreden.
Breng mogelijke wateroverlast en bijbehorende risico's in beeld (op basis van modellen waarin extreme buien, het bestaande waterafvoersysteem en waarnemingen worden gecombineerd).
Bij nieuwbouw wordt al ingezet op het bergen van tenminste 70 mm in 1 uur (Convenant klimaatadaptief bouwen). A Hou rekening met (indicatief) +5% in 2050 en + 10% in 2100 extra mm voor het bergen van regenwater.B
B Zorg dat op deze plekken geen vitale en kwetsbare functies worden ontwikkeld en aangepast wordt gebouwd of ingericht.C
Bouw woningen zonder kelder of kruipruimte en zorg voor waterdichte vloeren en plinten.B
Zorg dat gebouwen waterdichte plinten hebben van bijvoorbeeld 20 cm zodat (regen)water op het maaiveld geen schade oplevert,A of dat de openbare ruimte een verhoogde plint vormt. B
Zet in op wateropvang binnen gebiedsontwikkelingen (regentonnen, waterzakken, wadi's en wateropvang in parken). Open water heeft daarbij de voorkeur boven technische oplossingen.
BC
Zorg dat de openbare ruimte regenwaterbestendig is ingericht. Denk ook aan verhoogde elektrakasten. B Zet hoogteverschillen in om water te leiden (weg houden of opvangen). B
Zorg dat de inrichting van tuinen (beplanting, vlonders) tegen natte situaties kan. Dit vraagt om aangepaste ontwerpen. B
38
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Reserveer ruimte voor waterberging Zet in op extra waterberging om het waterafvoersysteem niet verder te belasten.
Vergroot capaciteit oppervlaktewater
Waterbergingsgebieden
Reserveer 10% laagste gebieden polders
Vergroot waar mogelijk het oppervlaktewatersysteem, zodat er meer water kan worden geborgen.
Zorg voor voldoende waterbergingsruimte binnen gebiedsontwikkelingen, en compenseer waar mogelijk extra binnen bestaand stedelijk gebied met een waterbergingsopgave.
Is er binnen de gebiedsontwikkeling niet voldoende ruimte, zet dan in op het bergen van water in het landelijke gebied hier omheen.
Zorg voor natuurlijke oevers en hellende taluds in plaats van rechte beschoeide oevers. B Is dit niet mogelijk, zorg dan dat de beschoeiing 20-30 cm boven zomerpeil wordt geplaatst voor voldoende bergingscapaciteit. B
Zorg dat bij nieuwbouwontwikkelingen
Zorg dat (nieuw)bouw een eventuele
in een bestaand stedelijk gebied de bestaande regenwaterbergingsopgave in de nieuwe ontwikkeling (zo veel mogelijk) wordt meegenomen. C
toekomstige uitbreiding van het oppervlaktewatersysteem niet beperkt.
Reserveer extra bergingsruimte
BC Verken in het ontwerp en bij herstructureringsprojecten of openbare ruimten aan het oppervlaktewatersysteem gekoppeld kunnen worden (en daarmee bij extreme regenbuien overstroombaar worden).C
binnen de gebiedsontwikkeling (bovenop de huidige norm). Deze kan worden ingezet bij klimaatverandering, of als een gekozen maatregel (zoals halfverharding) niet blijkt te werken en er ruimte nodig is voor alternatieven BC
Bouw en ontwikkel in deze waterbergingsgebieden (bijvoorbeeld een park of plein) grond- en regenwaterbestendig (waterrobuuste inrichting, aangepast bouwen, verhoogde elektrakasten). BC
39
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
Zet in op extra waterberging om het waterafvoersysteem niet verder te belasten: reserveer het 10% laagste oppervlak van polders voor waterberging C of wijs waterbergingsgebieden aan en ontwikkel hier multifunctioneel of waterbestendig (innovatieve woonvormen, zoals drijvend, amfibisch, op palen) C of wees (als bouwen zonder afname van het waterbergend vermogen niet lukt) restrictief met ontwikkelingen.
E
40 Hagesteinse Geschiktheidskaart Woon& Werklocaties Foto: De uiterwaarden in de Honswijkerwaarden, Uiterwaard en Heerwaard © Rijkswaterstaat | Ruben Smit.
Bijlage
41
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
BIJLAGE 1
Bronnen
Algemeen gebruikte bronnen: Deltares, Bosch Slabbers, Sweco (2021) ‘Op Waterbasis. Grenzen aan de maakbaarheid van ons water- en bodemsysteem.’ Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat september 2022 “Uitwerking coalitie Akkoord Kabinet: ‘Water en bodem sturend’ Concept Richtinggevend kader voor bebouwd gebied”
–– ––
Alle kaarten in het rapport zijn gemaakt door Defacto, op basis van onderstaande data (stand november 2022). Kaart 1.1 Bodemdaling: zetting bij belasten van de ondergrond Bodemdaling door ophoging met 1 m zand 2050: Deltares 2022 (via Klimaateffectatlas). De categorisering voor de geschiktheidskaart woningbouw (waar is bodemdaling een opgave voor woningbouw) is voor de AGV en HDSR bepaald op basis van expert judgement. Verschillende gebieden maken andere keuzen in grenswaarden. Zo hanteren de provincies Noord-Holland en ZuidHolland andere categorieën. Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS-kaart).
––
––
Kaart 1.2 Bodemdaling: Veenoxidatie en afnemende drooglegging Bodemdaling 2020-2100: Deltares, WEnR & TNO 2021 (via Klimaateffectatlas). Deze kaart laat modelberekeningen zien voor bodemdaling door ontwatering (compactie en oxidatie) in het scenario hoog, met peilindexatie en sterke klimaatverandering. Deze kaart is niet doorvertaald voor de geschiktheidskaart woningbouw omdat de zettingsgevoeligheid voor woningbouw een betere indicatie geeft. Beperken bodembewerking: Omgevingsvisie provincie Utrecht 2021, Kaart 9 – Perspectief voor bodemdaling, Thema Klimaatbestendig en waterrobuust. Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).
––
–– ––
Kaart 1.3 Overstromingsrisico: Binnendijks overstromingsrisico Voor de opbouw van de legenda is de tabel uit de presentatie Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat september 2022 “Uitwerking coalitie Akkoord Kabinet: ‘Water en bodem sturend’. Concept Richtinggevend kader voor bebouwd gebied” als uitgangspunt gebruikt. Deze is op basis van expert judgement aangescherpt. Gebieden die meer dan 200 cm diep kunnen overstromen in 2050: LIWO 2022. Overstromingskansen norm (2050), veroorzaakt door een doorbraak van een waterkering langs het hoofd- of het regionale watersysteem of bij overstromen van onbeschermde gebieden, waarbij alle primaire keringen aan de overstromingskansnorm in de waterwet voldoen. Bij overstromingen van meer dan 200 cm kan substantiële schade of slachtoffers optreden, woningbouw is in deze gebieden niet wenselijk of vraagt om een andere aanpak (categorie D). Het type maatregel hangt samen met de kans.
–– ––
42
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
––Gebieden die meer dan 50 cm diep kunnen overstromen in 2050: LIWO
2022. Overstromingskansen norm (2050), veroorzaakt door een doorbraak van een waterkering langs het hoofd- of het regionale watersysteem of bij overstromen van onbeschermde gebieden, waarbij alle primaire keringen aan de overstromingskansnorm in de waterwet voldoen. Bij overstromingen van meer dan 50 cm kan grote schade optreden, woningbouw vraagt in deze gebieden om een andere aanpak (categorie C). Het type maatregel hangt samen de kans. Gebieden die meer dan 20 cm diep kunnen overstromen in 2050: LIWO 2022. Overstromingskansen norm (2050), veroorzaakt door een doorbraak van een waterkering langs het hoofd- of het regionale watersysteem of bij overstromen van onbeschermde gebieden, wanneer alle primaire keringen aan de overstromingskansnorm in de waterwet voldoen. Bij overstromingen van meer dan 20 cm kan schade optreden, woningbouw vraagt in deze gebieden om maatregelen om schade te beperken (categorie B). Overig overstroombaar gebied: LIWO 2022. Overstromingskansen norm (2050), waarbij een waterdiepte van meer dan 0 cm optreedt, veroorzaakt door een doorbraak van een waterkering langs het hoofd- of het regionale watersysteem of bij overstromen van onbeschermde gebieden, waarbij alle primaire keringen aan de overstromingskansnorm in de waterwet voldoen. Bij overstromingen van minder dan 20 cm kan schade optreden die door kleine maatregelen voorkomen kan worden.
Daarom zijn deze gebieden ingedeeld in categorie A. Bestaand waterveiligheidssysteem: Primaire en regionale keringen. ‘Waterkeringen’ (via GeoServer provincie Utrecht). Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).
––
––
–– ––
Kaart 1.4 Overstromingsrisico: Toename inundatie buitendijks gebied Voor de legenda is de tabel uit de presentatie Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat september 2022 “Uitwerking coalitie Akkoord Kabinet: ‘Water en bodem sturend’ Concept Richtinggevend kader voor bebouwd gebied” als uitgangspunt gebruikt. Deze is op basis van expert judgement aangescherpt. Overstromingsdiepte 2050 bij een kleine kans 1:1.000: Inundatie buitendijks. Deltares 2021 in opdracht van RWS (via LIWO 2022). De kaart geeft mogelijke overstromingen in onbeschermde gebieden langs het hoofdwatersysteem weer. Deze kaart geeft een duiding van de huidige en toekomstige overstromingsdiepten tot 2050. Omdat dit beeld op de lange termijn door hogere waterpeilen op het Markermeer kan veranderen, zijn in de geschiktheidskaart alle buitendijkse gebieden (GIS bestand Deltares 2022) meegenomen. De waarden en doorvertaling zijn bepaald op basis van expert judgement en de Kamerbrief Water en bodem. Bestaand waterveiligheidssysteem: Primaire en regionale keringen. ‘Waterkeringen’ (via GeoServer provincie Utrecht). Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).
–– ––
–– ––
Kaart 1.5 Overstromingsrisico: Waterkeringen versterken Voor de legenda is de tabel uit de presentatie Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat september 2022 “Uitwerking coalitie Akkoord Kabinet: ‘Water en bodem sturend’. Concept Richtinggevend kader voor bebouwd gebied” als uitgangspunt gebruikt. Deze is op basis van expert judgement aangescherpt; daarbij zijn alle keringen categorie E, om te voorkomen dat woningbouwontwikkelingen toekomstige dijkversterkingen belemmeren.
––
43
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
––Indicatie toename breedte dijken (door versterkingen) bij + 1 m zeespiegelstijging: Deltares 2021 (voor het Kennisprogramma Zeespiegelstijging spoor II).
––Bestaand waterveiligheidssysteem: Primaire en regionale keringen. ‘Waterkeringen’ (via GeoServer provincie Utrecht).
––Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart). Kaart 1.6 Wateroverlast: Regenwateroverlast Op basis van expert judgement is bepaald dat alle gebieden met wateroverlast en stroombanen op de heuvelrug in categorie C horen, omdat er bij woningbouw maatregelen nodig zijn om waterberging te creëren en (een toename van) wateroverlast te voorkomen. Diep en minder diep: Provincie Utrecht (via Klimaatportaal provincie Utrecht): 60 mm in 1 uur AGV (water oppervlaktesysteem). De kaart is gebaseerd op basis van berekeningen met de modellen, die het waterschap AGV in het verleden heeft ontwikkeld om te toetsen of de berging en afvoer van het watersysteem voldoende zijn om wateroverlast te voorkomen (de zogenoemde NBW-toetsingen). 74 mm in 1 uur Platform Water Vallei en Eem. In het gebied van Platform Vallei en Eem (Waterschap Vallei & Veluwe) zijn verschillende testen uitgevoerd om te bepalen wat de mate van wateroverlast is specifiek binnen het stedelijk gebied. Vandaar dat deze kaart niet het hele gebied dekt. 100 mm in 2 uur Alblasserwaard-Vijfheerenland HDSR, HydroLogic, FABRICations 2022. Toekomstbestendig Watersysteem. Kaartenatlas. Inundatie huidig (zomer) en WH2085 (winter). Stroombanen Heuvelrug: Provincie Utrecht.
Extreme neerslag 1:1.000 jaar wateroverlast neerslag 140 mm in 2 uur (toekomst) (via Klimaatportaal provincie Utrecht), enkel weergegeven op de Heuvelrug. Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).
––
–– –– ––
––
–– ––
–– ––
Kaart 1.7 Wateroverlast: Grondwater en kwel Op basis van expert judgement zijn gebieden die nat zijn of steeds natter worden, en kwelgebieden als B gecategoriseerd, omdat alleen kleine maatregelen bij woningbouw voldoende zijn om schade te voorkomen. Natte gebieden 2100: Deltares, Bosch Slabbers, Sweco 2021. Op Waterbasis. Grenzen aan de maakbaarheid van ons water- en bodemsysteem. De natte gebieden zijn gebaseerd op gebieden met een hoogste grondwaterstand binnen 30 cm onder het maaiveld. Kwel > 1 mm/dag (huidig): Deltares 2016 op basis van het Nationaal Water Model (via Klimaateffectatlas). Rivierkwel > 1 mm/dag: Waterschap Rivierenland Kwel nat. Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).
–– –– –– –– ––
Kaart 1.8 Wateroverlast: Behoefte berging (piek)water Bestaande/vastgestelde waterberging: data Vallei & Veluwe en HDSR 2022. Deze gebieden zijn aangeduid als categorie E, omdat ontwikkeling hierin niet toegestaan is. Zoekgebieden waterberging: data op basis van expert judgement HDSR 2022. Deze gebieden zijn aangeduid als categorie E, omdat ontwikkeling hierin niet wenselijk is. De bolletjes geven aan dat deze slechts zoekgebieden zijn en er dus een grotere
–– ––
44
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
mate van onzekerheid bestaat over de exacte begrenzing van (toekomstige) waterberging. Zoekgebieden piekwaterberging ARK: Defacto Stedenbouw, Royal HaskoningDHV 2021. Casus piekberging Amsterdam-Rijnkanaal/Noordzeekanaal. Deze gebieden zijn op basis van expert judgement ingedeeld in categorie C. In deze gebieden moet of waterrobuust worden ontwikkeld (zodat piekwaterberging mogelijk blijft), of moeten worden uitgesloten als zoekgebied piekwaterberging. 10% laagste delen van polders: SWECO 2022. Water en bodem sturend voor ruimtelijke planvorming, Discussiestuk en onderbouwing (2022). In deze laag is per polder berekend wat het 10 procent laagste deel van de polder is, op basis van het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN). Deze datalaag laat zien waar water zich in een polder op basis van de hoogteligging kan verzamelen en geeft daarmee een indicatie van gebieden waar steeds vaker wateroverlast kan ontstaan, en daarmee kansrijk zijn voor waterberging. Naar verwachting komen er in de komende periode kaartbeelden beschikbaar die een betere indicatie kunnen geven van gebieden waar rekening moet worden gehouden met (toenemende) regenwateroverlast. Zo heeft HHNK een kaartlaag ontwikkeld met de 5% en 10% van de begroeide terreindelen per polder met de meeste inundatie per hectare bij een T100 bui. Deze gebieden zijn op basis van expert judgement ingedeeld in categorie C.
In deze gebieden moet of waterbestendig worden ontwikkeld (zodat piekwaterberging mogelijk blijft), of moeten gebieden eerst worden uitgesloten als zoekgebied piekwaterberging. Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).
––
––
––
Kaart 1.9 Wateroverlast: Waterbeschikbaarheid buffer natuur Verdrogingsgevoelige natuur binnen NNN: Provincie Utrecht 2022. Bodem en Waterprogramma 2022-2027. Rondom deze gebieden kan worden ingezet op hydraulische buffers (met hogere waterstanden) om natuur de beschermen en moet er bij woningbouw rekening gehouden worden met maatregelen voor wateroverlast (categorie C) Verdrogingsgevoelige natuur binnen NNN en N2000: Provincie Utrecht 2022. Bodem en Waterprogramma 2022-2027. Rondom deze gebieden kan worden ingezet op hydraulische buffers (met hogere waterstanden) om natuur te beschermen en moet er bij woningbouw rekening gehouden worden met maatregelen voor wateroverlast (categorie C) Overige gebieden met verdrogingsgevoelige natuur: Provincie Utrecht 2022. In deze gebieden moet rekening gehouden worden met verdrogingsgevoelige natuur en kan het waterpeil niet ten behoeve van ontwikkelingen verlaagd worden (categorie B). Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).
––
––
–– ––
Kaart 1.10 Wateroverlast: Vernatting voor reductie bodemdaling en CO2 In veenoxidatiegronden moet rekening worden gehouden met mogelijke wateroverlast door de ambitie om waterpeilen op te zetten. Er kan hiermee rekening worden gehouden door waterbestendig te ontwikkelen met voldoende bergingsruimte voor regenwater (categorie C). Historische gebieden met de grootste bodemdaling door veenoxidatie: historische bodemdaling van meer dan 6 mm per jaar tussen 1955 en 1975 door de Meetkundige Dienst van Rijkswaterstaat (MD) en van de hoogtegegevens (5X5m) uit het Actueel Hoogtebestand Nederland 2 (AHN2), ook van Rijkswaterstaat, (via webkaart provincie Utrecht).
–– ––
45
Geschiktheidskaart Woon- & Werklocaties
––Oplopend toenemende grondwaterstanden: HDSR, HydroLogic, FABRICations 2022.
Toekomstbestendig Watersysteem. Kaartenatlas. Inundatie huidig (zomer) en WH2085 (winter). Bodemkaart veengronden: WUR, bewerking PBL 2015 (via Atlas van de Regio). Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).
–– ––
Kaart 1.11 Droogte en waterbeschikbaarheid: Inzetten op infiltratie Op basis van expert judgement is besloten om gebieden met infiltratiepotentie in categorie B in te delen omdat deze opgave met kleine maatregelen goed inpasbaar is (extra aandacht nodig om bij woningbouw infiltratie te benutten en stimuleren). Kansen waterberging Vallei en Veluwe: Waterschap Vallei en Veluwe 2022. Kansenkaart water vasthouden Vallei en Veluwe. Infiltratie huidig: Deltares 2016 op basis van het Nationaal Water Model (via Klimaateffectatlas). Infiltratie 2050 (Hoog): Deltares 2016 op basis van het Nationaal Water Model (via Klimaateffectatlas). Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).
–– –– –– –– ––
Kaart 1.12 Droogte en waterbeschikbaarheid: Drinkwaterbeschikbaarheid Hier wordt gewerkt aan drinkwatervoorziening voor de toekomst: indicatie op basis van expert judgement door Vitens 2022. Deze gebieden zijn vertaald in de geschiktheidskaart naar categorie C, omdat hier inzetten op slim watergebruik extra belangrijk is door mogelijke toenemende druk bij toevoegen van ontwikkelingen met watervraag. Echter kent deze opgave nog een grote onzekerheid en is daarom met een hatch aangegeven. Bebouwing: CBS bevolkingskernen 2011 via pdok.nl (dit is de meest recente CBS kaart).