11b. Verzoek_bestemmingsplanherziening_geanonimiseerd.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad van Woudenberg Postbus 16 3930 EA Woudenberg
Teus'Advies Omgevingsadviseurs A Verlooplaan 6 3771 HG Barneveld T 06-15658065 E teus @teusadvies.nl W www.teusadvies.nl B NL35 RABO 0143960520 BIC RABONL2U BTW NL857466951B01 KvK 68487479
Barneveld, 14 juni 2023 Onderwerp: verzoek tot vaststellen nieuw bestemmingsplan voor de Voskuilerdijk 40 in Woudenberg
Geachte raadsleden , Namens de heer en mevrouw vraag ik u het bijgevoegde bestemmingsplan vast te stellen voor hun perceel aan de Voskuilerdijk 40 in Woudenberg . Met dit plan wordt de voormalige agrarische bedrijfslocatie op het perceel gesaneerd en worden drie levensloopbestendige woningen mogelijk gemaakt . Hierna licht ik dit verzoek verder toe. Situatie Op het perceelwas een intensieve veehouderij actief. De bedrijfswoning en de gedateerde bedrijfsgebouwen zijn nog aanwezig . Mijn cliënten hebben het perceel enkele jaren geleden gekocht en wonen hier nu met veel plezier. Voor de toekomst moet de situatie wel aangepast worden op deze burgerbewoning. Mijn cliënten willen het perceel graag een nieuwe invulling geven. Samen met twee bevriende echtparen, willen ze de oude stallen slopen, de bedrijfswoning aanpassen tot een levensloopbestendige woning en twee nieuwe levensloopbestendige woningen bouwen. Eigenlijk zijn er dus zes initiatiefnemers . Alle zes hebben zij de wens op om op deze plek te wonen: kleiner dan ze voorheen woonden, op een mooie en rustige plek en in de relatieve nabijheid van voorzieningen. Het plan Met het plan verdwijnt 1.150 m² bedrijfsbebouwing van een intensieve veehouderij. Bebouwing die zijn economische functie verloren heeft en ook nooit meer zal krijgen.
Hiervoor in de plaats komen twee nieuwe, levensloopbestendige woningen, met een veel kleiner grondbeslag dan de oude stallen. De bestaande woning wordt aangepast naar een levensloopbestendige woning . Niet alleen zorgt dit alles voor het definitief opheffen van de veehouderij en het verdwijnen van een groot oppervlak aan asbestdaken . Het zorgt ook voor doorstroming op de woningmarkt en geeft invulling aan de grote behoefte naar nieuwe woningen . Ook wordt de ruimtelijke kwaliteit versterkt door de toevoeging van diverse natuur- en landschapselementen. En, vanzelfsprekend, is ook voorzien in een goede landschappelijke inpassing. Vooroverleg Over een nieuwe invulling van het perceel traden mijn cliënten in het voorjaar van 2022 ambtelijk in overleg met het college. Om kort te gaan, de beoogde functiewijziging was goed voorstelbaar. Eén extra woning aan het perceeltoevoegen zou zondermeer goed mogelijk zijn, via de provinciale 'ruimte voor ruimte'-regeling. Een tweede woning was niet uitgesloten, maar dat zou dan op basis van een concreet voorstel beoordeeld moeten worden . Op basis van provinciaal beleid zou , omdat meer dan 1.000 m² aan gebouwen gesloopt wordt, gelijk aanspraak gemaakt kunnen worden op één (grote) extra woning. Een tweede woning zou alleen kunnen als daarvoor een extra bijdrage aan de ruimtelijke kwaliteit wordt geleverd.
Concreet zou het dan gaan om een bijdrage om in de bouwmassa van één reguliere, grote ruimte-voor-ruimtewoning, twee kleinere woningen te maken. Vervolgstap was om hiervoor een principeverzoek in te dienen . Vanwege de toen al aanstaande inwerkingtreding van de Omgevingswet (dat werd op dat moment voor 1 januari 2023 voorzien ), werd toen in overweging gegeven om de fase van het principeverzoek over te slaan en gelijk een bestemmingsplan in te dienen. Anders zou de realisatie uiteindelijk mogelijk niet meer via een nieuw bestemmingsplan kunnen. 1 van
Bestemmingsplan Met deze boodschap gingen mijn cliënten aan de slag . Om geen kansen te verspillen , kozen zij er in mei 2022 voor om geen principeverzoek in te dienen en gelijk een bestemmingsplan , met alle bijbehorende onderzoeken, te laten maken . Uit deze uitwerking bleek dat niet alleen de eerste extra woning goed te motiveren is, maar ook dat een tweede woning goed inpasbaar is en dat er voldoende mogelijkheden zijn om de daarvoor vereiste extra bijdrage aan ruimtelijke kwaliteit te leveren. Op 9 september 2022 werd het eerste concept van het bestemmingsplan, toen nog zonder de bijbehorende onderzoekrapportages ingediend. Dezelfde dag volgde nog reactie : het zou in eerste instantie toch als een 'uitgebreid principeverzoek' opgepakt worden. Daarna, op 22 september 2022, stuurde ik een nieuwe versie van het bestemmingsplan naar het college. De onderzoeken waren inmiddels gereed en in het bestemmingsplan verwerkt. Hierop volgde op 20 oktober 2022 bericht dat het plan in behandeling was.De druk was toen ook even van de ketel: de inwerkingtreding van de Omgevingswet was inmiddels opgeschoven naar 1 juli 2023. Vervolgens werd de beoordeling afgewacht . Uit navraag werd in de eerste helft van november duidelijk dat, na overleg met de verantwoordelijk wethouder, het ambtelijke standpunt inmiddels was bepaald.
Aangegeven dat, op het niveau van de hele gemeente en met uw raad , een discussie speelt of er geen eigen gemeentelijk beleid moet komen voor het zogenoemde 'maatwerk' binnen de ' ruimte voor ruimte' regeling. Maar ging voor het geval van mijn cliënten verder niet afgewacht worden ; er was en is immers gewoon bestaand beleid om het plan te beoordelen. De nieuwe inrichting zou nog wel aangepast moeten worden, maar het ontwikkelingsprincipe , twee woningen in de bouwmassa van één reguliere woning, werd ambtelijk haalbaar geacht . Het voorstel lag bij het college. Daarna werd het een tijdje stil. De precieze redenen daarvoor werden niet duidelijk . Het college zou eerst de balans op willen maken vanwege discussies tussen uw raad en college over andere plannen waarvoor de 'ruimte voor ruimte '- regeling is toegepast . Duidelijk was wel dat het college hiervoor zijn tijd nam . Het leidde uiteindelijk, op verzoek van mijn cliënten, tot een gesprek met de portefeuillehouder; wethouder Molenaar. Tijdens dit gesprek, op 22 maart 2023, werd geschetst voor welk dilemma het college zichzelf gesteld zag. Zeer binnenkort zou hier een knoop over doorgehakt worden . Het duurde tot 1 mei 2023 tot mijn cliënten vernamen van een besluit. Reactie Op 1 mei 2023 ontvingen wij vanuit het college een reactie op het ingediende bestemmingsplan. Deze reactie treft u bijgevoegd aan .
De officiële , ondertekende versie van deze brief heeft mij helaas nooit bereikt, waarschijnlijk omdat de brief niet goed geadresseerd is . Hoe het ook zij en er vanaf gezien dat de brief niet goed weergeeft hoe het bestemmingsplan is ingediend , komt het college tot de volgende conclusie. "Gelet op een motie rood voor rood (30 juni 2022) van de gemeenteraad en gehoord de behandeling van recente bestemmingsplannen in de gemeenteraad waarbij sprake was van maatwerk doormiddel van ruimtelijke kwaliteitsverbetering is het voor ons als college op dit moment niet mogelijk om een reële inschatting te maken van een slagingskans van het indienen en behandelen van een bestemmingsplan, zoals bij ditverzoek wordt voorgesteld. Wij hebben dan ook een negatief besluit genomen op uw verzoek. Alleen verzoeken die voldoen aan de objectieve doorde gemeenteraad vastgestelde kaders van ruimte voor ruimte kunnen door ons op dit moment beoordeeld worden. Mede naar aanleiding van de motie rood voor rood wordt op dit moment gewerkt aan een regionale evaluatie en opzet van een nieuw VAB-beleid. De wens en bedoeling is dat daarin onder andere objectieve en voorde gemeenteraad toetsbare criteria voorde toevoeging van ruimtelijke kwaliteit bij een tekort aan sloopmeters worden geformuleerd.
Als dat beleid er is en de gemeenteraad van Woudenberg dat heeft vastgesteld zijn er weerduidelijke kaders voortoetsing van ruimte voor ruimte verzoeken. Zolang deze er niet zijn, adviseren wijinitiatiefnemers met plannen met een tekort aan sloopmeters de plannen pas in te dienen op het moment daterkaders voorzijn. Deze conclusie is voor mijn cliënten teleurstellend . Wat schuurt is vooral dat het college geen inhoudelijk standpunt inneemt over het plan. Dat gebeurt omdat het college niet kan inschatten hoe uw raad op het plan gaat reageren. Dat zou nog enigszins te begrijpen zijn als het beleid recent gewijzigd zou zijn, op eigen initiatief door uw raad of door de provincie. Maar dat is niet het geval: de ruimte voor ruimte- regeling is ongewijzigd . Daarmee handelt het college alsof de discussie over nieuw, nog te maken beleid kan inhouden dat er ineens geen bestaand beleid meer is . De ruimte voor ruimte-regeling is door de raad ook meerdere malen toegepast voor diverse plannen in de afgelopen jaren, ook als het om het zogenoemde 'maatwerk' 2 van
gaat. Het college kon daar toen ook mee uit de voeten . Sindsdien is er geen nieuw beleid vastgesteld. Mijn cliënten meenden en menen op de bestaande invulling van het beleid door uw raad te kunnen voortbouwen . Bovendien heeft het college de 'know-how' in huis om een inhoudelijk standpunt in te nemen over het bestemmingsplan . Als voor de ontwikkeling een aanvraag omgevingsvergunning zou zijn ingediend (in plaats van een bestemmingsplan), was er ook geen ruimte geweest voor het college om een procesantwoord te geven. Met de reactie van het college voelen mijn cliënten zich dan ook buitenspel gezet . Na overleg met de gemeente hebben zij hun kansen ingeschat en een bestemmingsplan laten maken en dat ook ingediend. Die inschatting is ook gemaakt op basis van diverse plannen die uw raad in de afgelopen jaren heeft vastgesteld voor het Woudenbergse buitengebied . Bij de uitwerking hebben zij al het nodige gedaan om de gemeente van de nodige informatie te voorzien . Vervolgens duurde het bijna 8 maanden voordat het college daarop reageerde. Een reactie waarin een echt inhoudelijk standpunt ontbreekt. Mijn cliënten moeten het nieuwe beleid maar afwachten . Waarom dat specifiek voor hen geldt en niet voor de andere gevallen waarin zogenoemd maatwerk is en wordt geleverd in het buitengebied , ontgaat mijn cliënten . Mijn cliënten willen graag vooruit, maar kunnen zo niet vooruit.
Door het tijdsverloop dreigt het inmiddels extra zuur te worden voor mijn cliënten. De Omgevingswet zal, naar de huidige inzichten, op 1 januari 2024 in werking treden . Dat lijkt ver weg , maar is voor de voorbereiding van een bestemmingsplan praktisch om de hoek. Als het bestemmingsplan niet voor 1 januari 2024 als ontwerp ter inzage ligt, kan het bestemmingsplan de papierbak in . Dan kunnen er namelijk geen nieuwe bestemmingsplannen in procedure worden gebracht. Desinvesteringen zijn het gevolg . Bij aanvang waren mijn cliënten zich ervan bewust dat er geen garantie is op een goede afloop. Zij waren er wel van overtuigd dat een onverhoopt slechte afloop een inhoudelijke reden zou hebben. Dan hadden zij iets in handen om mee verder te kunnen. Dat is er nu niet . Inhoudelijk zijn en blijven mijn cliënten van mening dat hun plan eenwenselijke ontwikkeling is voor het Woudenbergse buitengebied. Opmerkingen Zoals gezegd, mijn cliënten willen graag vooruit met hun plan en dan het liefst op basis van bestaande wetgeving. Ze zijn dan ook niet bij de pakken gaan neerzitten. Zoals ook uit de briefvan het college volgt, moet het inhoudelijke oordeel in dat geval bij het bevoegd gezag , uw raad, worden gevraagd. In plaats van dat gelijk te doen, hebben zij eerst de opmerkingen uit de brief van het college naast het bestemmingsplan gelegd.
Boven dit lijstje opmerkingen staat dat dit onderdelen zijn waarop het bestemmingsplan in ieder geval niet compleet is. Met de opmerkingen wordt echter inhoudelijk gereageerd op onderdelen van het ingediende bestemmingsplan . Op specifieke onderdelen geeft het college dus wel inhoudelijke aanwijzingen voor een vervolg . Ook worden (procesmatige) onderdelen van de gemeentelijke beoordeling opgemerkt die kennelijk nog niet zijn uitgevoerd. Deze opmerkingen zijn, zo goed als mogelijk, in het bestemmingsplan verwerkt. Dit heeft onder andere geleidt tot een wat gewijzigde opzet voor de nieuwe woningen en het uitvoeren van een geuronderzoek. De reactie op de verschillende opmerkingen is weergegeven in bijlage 2. Verzoek De opmerkingen van het college op de tweede versie van het bestemmingsplan , zijn verwerkt in een derde versie van het bestemmingsplan . Inhoudelijk zijn en blijven mijn cliënten van mening dat het plan een wenselijke ontwikkeling is voor het Woudenbergse buitengebied . Het dient geen enkel belang om de oude stallen nog langer te laten staan. Dat terwijl de sanering daarvan en enkele nieuwe, goed ingepaste woningen juist wel in het belang van Woudenberg zijn . Namens mijn cliënten verzoek ik uw raad dan ook hierbij (formeel) om het bijgevoegde bestemmingsplan voor de Voskuilerdijk 40 vast te stellen.
3 van
Afsluiting Ik vertrouw erop uw raad het verzoek hiermee voldoende duidelijk te hebben toegelicht. Als voor de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan en/of voor de vaststelling van het bestemmingsplan aanpassingen nodig zijn, verneem ik dat graag van u . Ik zal die aanpassingen dan zo spoedig mogelijk doorvoeren. De versie c.q. bestandenset van het bestemmingsplan , die nodig is voor plaatsing van het plan op internet, zal ik op verzoek voor u gereed maken. Ook voor andere vragen en nader overleg kunt u uiteraard contact met mij opnemen. Met vriendelijke groet,
Teus' Advies Bijlagen: 1. Brief college d.d. 1 mei 2023 2. Reactie op opmerkingen 3. Participatieverslag 4. Inrichtingsplan 5. Bestemmingsplan - toelichting en regels 6. Bestemmingsplan - verbeelding
4 van