CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

11.c bijlage bestemmingsplan e 0351-10 Bodemonderzoek.pdf

Gemeenteraad 25 januari 2024, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken22.469 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

6

3

Onder dihydroxybenzenen (som) wordt verstaan: de som van catechol, resorcinol en hydrochinon.

4

De Streefwaarden grondwater voor een aantal stoffen zijn lager dan de vereiste rapportagegrens in AS3000. Dit betekent dat deze Streefwaarden strenger zijn dan het niveau waarop betrouwbaar (routinematig) kan worden gemeten. De laboratoria moeten minimaal voldoen aan de vereiste rapportagegrens in AS3000. Het hanteren van een strengere rapportagegrens mag ook, mits de gehanteerde analysemethode voldoet aan AS3000. Bij het beoordelen van het meetresultaat ‘< rapportagegrens AS3000’ mag de beoordelaar ervan uitgaan dat de kwaliteit van het grondwater voldoet aan de Streefwaarde. Indien het laboratorium een gemeten gehalte rapporteert (zonder < teken), moet dit gehalte aan de Streefwaarde worden getoetst, ook als dit gehalte lager is dan de vereiste rapportagegrens AS3000.

5

Voor grond is er een interventiewaarde.

6

Indien het laboratorium een waarde ‘< dan een verhoogde rapportagegrens’ aangeeft (hoger dan de rapportagegrens AS3000), dan dient de betreffende verhoogde rapportagegrens te worden vermenigvuldigd met 0,7. De zo verkregen waarde (of hiermee berekende somwaarde) wordt getoetst aan de van toepassing zijnde normwaarde. Een dergelijke verhoogde rapportagegrens kan optreden bij de analyse van een zeer sterk verontreinigd monster of een monster met afwijkende samenstelling. Het zo verkregen toetsingsresultaat heeft geen verplichtend karakter. De onderzoeker heeft de vrijheid onderbouwd te concluderen dat het betreffende monster niet goed kan worden beoordeeld.

C: Bodemtypecorrectie Bij de beoordeling van de kwaliteit van de bodem worden de in de tabellen opgenomen waarden voor standaardbodem omgerekend naar de waarden voor de betreffende bodem gebruik makende van de gemeten gehalten aan organische stof en lutum. De omgerekende waarden kunnen vervolgens met de gemeten gehalten worden vergeleken.

Metalen Bij de omrekening voor metalen kan gebruik gemaakt worden van de volgende bodemtypecorrectieformule: (IW)b = (IW)sb x [{A + (B x % lutum) + (C x % organische stof)} / {A + (Bx25) + (C x 10)}] Waarin: (IW)b (IW)sb %lutum

= interventiewaarde voor de te beoordelen bodem; = interventiewaarde voor standaardbodem; = gemeten percentage lutum in de te beoordelen bodem. Voor bodem met een gemeten lutumgehalte van minder dan 2% wordt met een lutumgehalte van 2% gerekend; % org. stof = gemeten percentage organische stof in de te beoordelen bodem Voor bodem met een gemeten organisch stofgehalte van minder dan 2% wordt met een organisch stofgehalte van 2% gerekend; A, B, C = stofafhankelijke constanten voor metalen (zie hieronder); Tabel 3: Stofafhankelijke constanten voor metalen: Stof

A

Arseen Barium Beryllium Cadmium Chroom Kobalt Koper Kwik Lood Nikkel Tin Vanadium Zink

15 30 8 0,4 50 2 15 0,2 50 10 4 0, 12 50

B 0,4 5 0,9 0,007 2 0,28 0,6 0,0034 1 1 6 1,2 3

C 0,4 0 0 0,021 0 0 0,6 0,0017 1 0 0 0 1,5

7

Organische verbindingen De interventiewaarden en indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging voor organische verbindingen, zijn afhankelijk van het organische stofgehalte. Bij omrekening voor organische verbindingen, met uitzondering van PAK’s, kan gebruik gemaakt worden van de volgende bodemtypecorrectieformule: (IW)b = (IW)sb x (% organische stof / 10) Waarin: (IW)b (IW)sb % org. stof

= interventiewaarde voor de te beoordelen bodem; = interventiewaarde voor standaardbodem; = gemeten percentage organische stof in de te beoordelen bodem. Voor bodems met gemeten percentage organische stofgehalten van meer dan 30% respectievelijk minder dan 2% worden gehalten van respectievelijk 30% en 2% aangehouden.

PAK’s Voor interventiewaarde PAK’s wordt geen bodemtypecorrectie voor bodems met een organisch stofgehalte tot 10% en bodems met een organisch stofgehalte boven de 30% toegepast. Voor bodems met een organisch stofgehalte tot 10% wordt een interventiewaarde van 40 mg/kg d.s. en voor bodems met een organisch stofgehalte vanaf 30% een interventiewaarde van 120 mg/kg d.s. gehanteerd. Tussen de 10% en 30% organische stof gehalte kan gebruik gemaakt worden van de volgende bodemtypecorrectieformule: (IW)b = 40 x (% organische stof / 10) Waarin: (IW)b = interventiewaarde voor de te beoordelen bodem % organische stof = gemeten percentage organische stof in de te beoordelen bodem.

D: Meetvoorschriften De te hanteren analysemethoden zijn opgenomen in Bijlage L, behorende bij artikel 1.1 (versie 30 november 2007) van de Regeling bodemkwaliteit. Staatscourant 20 december 2007, nr. 247, pag 67.

8

BIJLAGE 5 Monsternemingsplan en -formulier asbest

BIJLAGE 6 Historische informatie

Rapport Bodemloket Geen locatiecode Oranjebuurt rioolrenovatie (diverse straten) Datum: 25-10-2017

Legenda

Locatie Voortgang onderzoek

Mijnsteengebieden

1/3

Geen locatiecode Oranjebuurt rioolrenovatie (diverse straten)

Inhoud 1

Algemeen

1.1 Administratieve gegevens 1.2 Statusinformatie 1.3 Verontreinigende (onderzochte) activiteiten 1.4 Onderzoeksrapporten 1.5 Besluiten 1.6 Saneringsinformatie 1.7 Contactgegevens 2

Disclaimer

1

Algemeen Dit rapport is opgesteld met de gegevens uit http://www.bodemloket.nl/

1.1

Administratieve gegevens Locatienaam:

Oranjebuurt rioolrenovatie (diverse straten)

Identificatiecode volgens bevoegd gezag: Locatiecode gemeentelijk BIS:

AA035100611

Adres: Gegevensbeheerder:

RUD Utrecht 2.0

Als de gegevensbeheerder de provincie is, kan er bij de gemeente en/of de omgevingsdienst waar de locatie onder valt meer informatie beschikbaar zijn.

1.2

1.3

Statusinformatie Vervolg:

voldoende onderzocht.

Omschrijving:

De resultaten van het uitgevoerde (historische) bodemonderzoek geven aan dat de (voormalige) activiteiten en/of de onderzoekslocatie voldoende zijn onderzocht in het kader van de Wet bodembescherming.

Verontreinigende (onderzochte) activiteiten Omschrijving

1.4

Start

Onderzoeksrapporten Type

Auteur

Verkennend onderzoek MOS Grondmechanica NVN 5740 B.V.

1.5

2/3

Nummer

Datum

R608504-RY_1

2005-03-31

Besluiten Type

1.6

Eind

Saneringsinformatie

Kenmerk

Datum

Bovengronds

1.7

Ondergronds

Start

Eind

Contact Geen contact informatie beschikbaar voor UT-RUD Utrecht 2.0

2

Disclaimer De bodeminformatie omvat alleen informatie die bij de provincie en gemeenten bekend is. Wanneer er geen gegevens op de kaart staan kunnen we niet met zekerheid zeggen dat de ondergrond schoon is. Andersom wijzen historische bedrijfsactiviteiten op de kaart niet zonder meer op bodemverontreiniging. Om daar duidelijkheid in te krijgen moet de bodem verder onderzocht worden. De inhoud van deze bodeminformatiekaart is met de grootste zorg samengesteld. Toch kan het voorkomen dat de informatie verouderd is of onjuistheden bevat. Wij vragen daarvoor uw begrip. Neem voor de meest actuele situatie van een locatie contact op met de gegevensbeheerder van de locatie. De contactgegevens van de gegevensbeheerder staat hierboven. Uw reactie stellen we op prijs. Het geeft ons gelegenheid de fouten en gebreken te herstellen. Rijkswaterstaat beheert de website Bodemloket. Vragen over de werking van de website kunt u stellen via onze helpdesk: http://www.bodemplus.nl/helpdesk.

3/3

TEKENING 1-1 Situatie met monsterpunten, boringen, peilbuizen en contourlijn vaste bodem

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/2567/documents/50414