09.d Bijlage 3 KWIZ Behoeftepeiling minimabeleid 2023 - Gemeente Woudenberg.pdf
Tekst van het document
BEHOEFTEPEILING MINIMABELEID 2023 GEMEENTE WOUDENBERG
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Behoeftepeiling minimabeleid 2023 Een onderzoek naar de behoeften, tevredenheid en ervaringen van de minimadoelgroep in de gemeente Woudenberg.
Colofon Opdrachtgever Gemeente Woudenberg Datum Oktober 2023 Auteurs Michelle Ellens Jitske Kooistra – van der Wijk Maaike Bonnema KWIZ Stavangerweg 23 - 5 9723 JC Groningen 050 - 5252473 contact@kwiz.nl Uitgave Deze publicatie is een uitgave van KWIZ. Het overnemen van cijf ers en / of teksten is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld. Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd en / of openbaar gemaakt worden in welke vorm dan ook zonder vooraf gaande toestemming van KWIZ.
1
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Inhoudsopgave Inleiding ...............................................................................................................................3 Samenvatting .......................................................................................................................4 1. Bekendheid en gebruik van de regelingen ..........................................................................6 2. Ondersteuningsbehoef te ...................................................................................................9 3. Inf ormatievoorziening en aanvraagprocedure ................................................................... 12 4. Eff ecten van de regelingen .............................................................................................. 14 5. Financiële situatie ........................................................................................................... 15 6. Tips en adviezen ............................................................................................................ 19 Bijlage 1. Kenmerken respondenten .................................................................................... 21
2
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Inleiding Gemeenten hebben de zorgplicht om de leef situatie en het toekomstperspectief van kwetsbare inwoners de verbeteren. De regering heef t extra middelen ter beschikking gesteld voor de intensivering van het armoede- en schuldenbeleid van de gemeenten. Ook in de gemeente Woudenberg zijn armoede en schuldhulpverlening actuele thema’s. De gemeente houdt periodiek de vinger aan de pols als het gaat om inzicht in de minimapopulatie en het bereik en de ef f ecten van de minimaregelingen. Hiertoe voerde KWIZ in 2017 al eens een Armoede Index en een enquête onder de doelgroep uit en werd er in 2022 een onderzoek gedaan naar de ef f ecten van het landelijke en lokale beleid op de inkomens van de doelgroep. Dit onderzoek is een vervolgmeting van het onderzoek uit 2017. In dit deelonderzoek staan de ervaringen en behoef ten van de minimadoelgroep centraal door de enquêteresultaten van de behoef tepeiling weer te geven. Voor de onderzoeksresultaten van de overige deelonderzoeken verwijzen we u naar de integrale onderzoeksrapportage; hierin is tevens een samenvatting van de enquêteresultaten opgenomen. Opzet van het onderzoek In de vragenlijst komen verschillende thema’s aan bod : • • • • • •
Bekendheid en gebruik van de regelingen; Toegang en vindbaarheid; De ondersteuningsbehoef te; Inf ormatievoorziening en aanvragen; Ef f ect van de minimaregelingen; Financiële situatie.
Doelgroep De doelgroep bestaat uit 145 huishoudens in de gemeente Woudenberg die in 2022 een bijstandsuitkering ontvingen of gebruikmaakten van één of meerdere minimaregelingen. De vragenlijst is in augustus 2023 verstuurd. Respondenten hadden de mogelijkheid om de vragenlijst digitaal of schrif telijk in te vullen. Om de respons te verhogen is er een rappelbrief verstuurd naar de respondenten. Respons In totaal hebben 49 respondenten de enquête ingevuld (7 op papier en 42 online). Dat brengt de respons op 33 procent van de doelgroep. Voor de relatief kleine omvang van de aangeschreven groep, is een hoog respons percentage behaald; doorgaans ligt het gemiddelde percentage op 20 tot 25 procent bij vergelijkbaar onderzoek onder een soortgelijke doelgroep. Toch is de respons onvoldoende om betrouwbare uitspraken over de gehele doelgroep te doen 1. De antwoorden geven een indicatie weer van de mening van de doelgroep maar kunnen niet gegeneraliseerd worden naar de volledige populatie. Leeswijzer Na de samenvatting wordt per hoof dstuk een thema uit de vragenlijst weergegeven. Het rapport wordt af gesloten met een bijlage waarin de kenmerken van de respondenten worden weergegeven. De vragenlijst bestond uit vragen met verschillende antwoordmogelijkheden. Bij vragen waar ‘Geen mening/n.v.t.’ een antwoordmogelijkheid was, is ervoor gekozen om deze buiten beschouwing te laten.
De genoemde percentages gaan daarom over respondenten die de vraag hebben beantwoord met bijvoorbeeld ‘Eens’, ‘Neutraal’ of ‘Oneens’. Per vraag wordt het aantal respondenten weergegeven die de vraag heef t ingevuld (n =…). Het weglaten van deze antwoordcategorie komt de leesbaarheid en de inhoudelijke analyse ten goede. 1 Voor een doelgroep van deze omvang is bij een betrouwbaarheidsniveau van 90 procent een respons
nodig van 106 ingevulde enquêtes (72 procent) om betrouwbare uitspraken te kunnen doen. Het huidige betrouwbaarheidspercentage ligt rond de 60 procent.
3
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Samenvatting Bekendheid en gebruik van de regelingen • De kwijtschelding gemeentelijke belastingen is de meest gebruikte én de bekendste regeling. Ruim driekwart van de respondenten kent de regeling. • De bijzondere bijstand en de sport- en verenigingsactiviteiten zijn naast de kwijtschelding de meest bekende regelingen. • De tegemoetkoming aanvullende ziektekostenverzekering en de bijzondere bijstand de meest gebruikte regelingen. Bijna de helf t maakt gebruik van deze regelingen. • Voor kinderen wordt het Kindpakket en ondersteuning via Jeugdf onds de Boom aangeboden. Het Kindpakket is het meest bekend (74 procent) en wordt door zes op de tien ouders benut. De helf t van de ouders kent het Jeugdf onds de Boom en 18 procent maakt hier ook daadwerkelijk gebruik van2. • De meeste huishoudens krijgen inf ormatie over regelingen via Coöperatie de Kleine Schans. Daarnaast zijn f amilie & vrienden, het Sociaal Team en de brieven van de gemeente de meest gebruikte inf ormatiebronnen. • Onbekendheid van de regelingen is de voornaamste reden voor het niet-gebruikmaken van de regelingen. Daarnaast geven respondenten aan dat ze niet weten hoe ze de regelingen moeten aanvragen (27 procent) of dat ze het aanvragen te moeilijk vinden (20 procent).
Ondersteuningsbehoefte • Uit de resultaten blijkt dat boodschappen, energiekosten en huur de voornaamste kostenposten zijn waardoor respondenten maandelijks f inancieel niet kunnen rondkomen. • Twee derde van de respondenten geef t aan dat zij kosten hebben waar zij ondersteuning voor zouden willen ontvangen. Dit zijn kosten zoals huishoudelijke uitgaven, zorgkosten en energie. • Vier op de tien respondenten zouden aanvullende ondersteuning voor hun kinderen willen ontvangen. Hierbij gaat het om huishoudelijke uitgaven, schoolkosten en kosten voor sport. Informatievoorziening en aanvraagprocedure • Ruim de helf t van de respondenten geef t aan inf ormatie het lief st te ontvangen via de consulent van de gemeente of de Kleine Schans. Een andere veel gekozen mogelijkheid is de website van de gemeente of de Kleine Schans. • Bijna driekwart van de respondenten heef t wel eens hulp gekregen van de Kleine Schans bij het aanvragen van de regelingen. De meerderheid (82 procent) geef t aan goed te zijn geholpen door de Kleine Schans bij het aanvragen van de regelingen. • De meeste respondenten (80 procent) vinden dat er veel bewijsstukken moeten worden geleverd bij het aanvragen van een regeling. Ook geven respondenten aan het moeilijk te vinden om een aanvraagf ormulier in te vullen (54 procent) en het f ormulier niet zonder hulp te kunnen invullen (63 procent).
2 De genoemde percentages voor gebruik en bereik zijn afgezet tegen de doelgroep van huishoudens met
kinderen, en niet tegen alle respondenten.
4
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Effecten van de regelingen • De meerderheid geef t aan dat hun kinderen door de regelingen mee kunnen doen op school (85 procent) en mee kunnen doen aan sportieve en culturele activiteiten (62 procent). Ook geef t 62 procent aan dat hun kinderen gezond kunnen opgroeien door de regelingen. • De meeste respondenten (70 procent) geven aan door de regelingen mee te kunnen doen aan sportieve en culturele activiteiten. • Een opvallend resultaat is dat de meerderheid (61 procent) ‘neutraal’ heef t ingevuld bij de stelling dat ze door de regelingen sociale contacten kunnen onderhouden. Financiële situatie •
•
In totaal geef t 75 procent van de respondenten kan niet (23 procent) of soms wel en soms niet te kunnen rondkomen (52 procent). • De meerderheid (83 procent) geef t aan niet te kunnen rondkomen vanwege de stijgende prijzen. Daarnaast geef t 42 procent aan niet te kunnen rondkomen door te weinig inkomsten. • Bijna de helf t heef t weleens hulp gehad bij financiële problemen. Het grootste deel (38 procent) heef t hulp gekregen via f amilie en vrienden of door middel van schuldhulpverlening. De meeste respondenten (80 procent) kunnen niet alles doen vanwege een tekort aan geld. Twee derde geef t daarnaast aan zorgen te hebben over hun geldsituatie.
Tips en adviezen De respondenten hadden de gelegenheid om tips en adviezen te delen. Deze zijn onder te verdelen in vier categorieën: • Uitbetaling: Het is voor inwoners niet altijd handig als ze zelf eerst geld moeten voorschieten voor bepaalde kosten en het daarna pas terugkrijgen van de gemeente. • Informatievoorziening/aanvragen: Respondenten geven aan dat ze graag meer of betere inf ormatievoorziening zouden willen krijgen. Voorbeelden hiervan zijn het verspreiden van een nieuwsbrief of het verbeteren van de inf ormatie op de website. Ook wordt het aanvraagproces door een paar respondenten als lastig ervaren. • Hoogte van de bedragen: Een aantal respondenten zouden graag meer budget willen vanuit de gemeentelijke regelingen, vanwege bijvoorbeeld de stijgende prijzen. • Complimenten: Een paar respondenten hebben complimenten achtergelaten voor de ondersteuning van gemeente of de Kleine Schans.
5
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
1. Bekendheid en gebruik van de regelingen In dit hoofdstuk staan de resultaten weergegeven over het gebruik en de bekendheid van de regelingen. Van welke regelingen maken de respondenten gebruik? En welke regelingen kennen ze? De kwijtschelding gemeentelijke heffingen is de meest gebruikte én bekendste regeling Ruim driekwart van de respondenten is bekend met de kwijtschelding gemeentelijke heffingen. Hier wordt ook het meeste gebruik van gemaakt. Verder zijn de bijzondere bijstand (67 procent) en de sport- en verenigingsactiviteiten (74 procent) bekende regelingen. Naast de kwijtschelding zijn de tegemoetkoming aanvullende ziektekostenverzekering (48 procent) en de bijzondere bijstand (46 procent) de meest gebruikte regelingen. Bijna de helft maakt gebruik van deze regelingen. Opvallend is dat er weinig gebruik wordt gemaakt van de sport- en verenigingsactiviteiten (32 procent) in verhouding met de relatief hoge bekendheid van de regeling (74 procent). Binnen de gemeente Woudenberg worden twee kindregelingen aangeboden: het Kindpakket en Jeugdfonds de Boom. Het Kindpakket is het meest bekend (74 procent) en wordt door zes op de tien ouders benut. De helf t van de ouders kent het Jeugdf onds de Boom en 18 procent maakt hier ook daadwerkelijk gebruik van.
Schuldhulpverlening is bekend onder meer dan de helft van de respondenten De bekendheid van schuldhulpverlening is ook uitgevraagd onder de respondenten. Dit is geen gemeentelijke minimaregeling en wijkt daardoor af van de rest van de regelingen. Er wordt weinig gebruik gemaakt van schuldhulpverlening ; 10 procent van de respondenten geef t aan hier gebruik van te maken. Dit komt doordat deze regeling geldt voor een specif ieke doelgroep, namelijk inwoners die schulden hebben. Niet alle respondenten zullen hier dus gebruik van maken. De regeling is echter wel bekend onder de respond enten: meer dan de helf t geef t aan de regeling te kennen. Figuur 1.1.1. Regelingen voor volwassenen (n = 37 ~ 47) en kindregelingen (n = 17 ~ 19)
Bekendheid en gebruik gemeentelijke regelingen Ja, gebruik ik
Nee, maar ken ik wel
Nee, ken ik niet
Kwijtschelding gemeentelijke heffingen
60%
17%
23%
Kindpakket
58%
16%
26%
Tegemoetkoming aanvullende ziektekostenverzekering
48%
13%
Bijzondere bijstand
46%
21%
Individuele inkomenstoeslag
38%
Sport- en verenigingsactiviteiten
32%
Regeling culturele activiteiten
28%
Computerregeling
27%
Jeugdfonds de Boom Schuldhulpverlening
18%
17%
23% 16%
51%
6
34% 45%
42%
29%
10%
40%
26%
50% 57% 53% 39%
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Coöperatie de Kleine Schans is de meest gebruikte informatiebron Bijna de helf t van de respondenten geef t aan via Coöperatie de Kleine Schans te zijn gewezen op de gemeentelijke regelingen. Daarnaast zijn f amilie en vrienden, het Sociaal Team en brieven van de gemeente de meest gebruikte inf ormatiebronnen (18 procent). De kerk en de sociale media worden als inf ormatiekanalen weinig gebruikt; slechts 2 procent van de respondenten zijn via deze kanalen bij de gemeente terechtgekomen. De school of kinderdagverblijf en de krant zijn helemaal niet gebruikt. Bij de antwoordcategorie ‘anders’ hebben de respondenten een aantal andere kanalen aangedragen: • Begeleiding DIH; • Het internet; • Via de bewindvoerder; • Vluchtelingenwerk; • Voedselbank. Figuur 1.1.2. Informatiekanalen (n = 49)
Hoe wist u dat de gemeente regelingen aanbiedt? Via Coöperatie de Kleine Schans
47%
Via familie/vrienden/bekenden
18%
Via het Sociaal team
18%
Via een brief van de gemeente
18%
Via de website van de gemeente
16%
Via Schuldhulpmaatje
Via de kerk Via sociale media (Facebook of Instagram)
6% 2%
2%
Via de school of het kinderdagverblijf
0%
Via de krant
0%
Anders
16%
Onbekendheid van de regelingen is de voornaamste reden voor niet-gebruik De belangrijkste reden voor het niet-gebruikmaken van de regelingen is dat respondenten de regeling niet kennen (51 procent). Daarnaast geven respondenten aan dat ze niet weten hoe ze de regelingen moeten aanvragen (27 procent) of dat ze het aanvragen te moeilijk vinden (20 procent). Ook is 16 procent bang dat ze het misschien later weer moeten terugbetalen. Een kleiner deel (4 procent) geef t aan de geldzaken liever privé te willen houden of dat hun inkomen te hoog is om in aanmerking te komen. Bij de antwoordcategorie ‘anders’ zijn een paar andere redenen gedeeld: • De respondent heef t geen kinderen; • Er is een bepaalde drempel (mogelijk door aandoeningen).
7
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Figuur 1.1.3. Redenen voor niet-gebruik van de regelingen (n = 49)
Redenen niet-gebruik regelingen Ik ken de regelingen niet
51%
Ik weet niet hoe ik de regelingen moet aanvragen
27%
Ik vind het aanvragen te moeilijk
20%
Ik ben bang dat ik dit misschien later weer terug moet betalen Ik ben bang dat hierdoor andere regelingen of inkomsten wegvallen
16% 8%
Ik wil mijn geldzaken privé houden
4%
Mijn inkomen is te hoog om in aanmerking te komen voor de regelingen Mijn eigen vermogen is te hoog om in aanmerking te komen voor de regelingen
4% 0%
Anders
18%
8
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
2. Ondersteuningsbehoefte In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de ondersteuningsbehoefte van de respondenten. Allereerst is uitgevraagd wat de voornaamste kostensoorten zijn waardoor respondenten niet kunnen rondkomen. Daarna wordt ingegaan op welke aanvullende ondersteuning de respondenten zouden willen ontvangen. Respondenten zijn maandelijks het meeste geld kwijt aan boodschappen In de vragenlijst konden de respondenten aangeven waar ze maandelijks het meeste geld aan kwijt zijn waardoor ze niet kunnen rondkomen. Boodschappen worden het meest als kostenpost benoemd (27 respondenten). Daarnaast worden energiekosten (26 respondenten) en huur (23 respondenten) als voornaamste kostenposten benoemd. Ook zorg gerelateerde kosten zoals de zorgverzekering, eigen risico, ziektekosten en medicijnen worden vaker genoemd (13 respondenten). Tabel 2. 1.1 Kostenposten maandelijkse uitgaven
27 26 23
Percentage t.o.v. alle respondenten 55% 54% 47%
13
27%
5 4 2
10% 8% 4%
Aantal respondenten
Onderwerp Boodschappen Energiekosten Huur Zorg, verzekering, ziektekosten, medicijnen Kinderen, schoolkosten Vervoer, brandstof , auto (Gemeentelijke) belasting
Twee derde van de respondenten zou meer ondersteuning willen krijgen Twee derde van de respondenten geef t aan dat zij kosten hebben waar ze ondersteuning voor willen krijgen. De aanvullende ondersteuningsbehoef ten zijn onderverdeeld in een aantal categorieën. Deze worden op de volgende pagina besproken. Figuur 2.1.1. Aanvullende ondersteuningsbehoefte (n = 43)
Zijn er kosten waarvoor u ondersteuning zou willen krijgen? Ja 33% 67%
Nee
Respondenten geven aan dat zij (extra) ondersteuning nodig hebben voor: • Huishoudelijke uitgaven Een deel (negen respondenten) geef t aan ondersteuning nodig te hebben voor huishoudelijke uitgaven. Hierbij gaat het om bijvoorbeeld boodschappen, kleedgeld, zelf zorg en uitgaven voor huisdieren. Ook de aanschaf van een wasmachine is door een van de respondenten benoemd. • Zorgkosten Daarnaast geef t een deel (zes respondenten) aan ondersteuning nodig te hebben voor hun zorgkosten. Het gaat hierbij om het betalen van de zorgverzekering, maar ook over extra ziektekosten en medicijnen. • Energie 9
Gemeente Woudenberg
•
Versie 1.0
Een aantal (vijf respondenten) geef t aan extra ondersteuning te willen hebben voor het betalen van de energierekening. Participatie Zes respondenten geven aan extra ondersteuning te willen krijgen op het gebied van participatie. De benoemde thema’s zijn vervoer/OV (twee respondenten), sport (twee respondenten) en computers of laptops (twee respondenten). Bij het thema sport wordt door een van de respondenten specif iek gevraagd naar sport voor kinderen.
Vier op de tien respondenten heeft behoefte aan aanvullende ondersteuning voor hun kinderen Ruim 40 procent van de respondenten geef t aan kosten te hebben voor hun kinderen waar ze ondersteuning voor zouden willen krijgen. Deze kosten zijn onderverdeeld in een aantal categorieën. Figuur 2.1.2. Aanvullende ondersteuningsbehoefte voor kinderen (n = 43)
Zijn er kosten voor kinderen waarvoor u ondersteuning zou willen krijgen?
Ja
42%
Nee
58%
Respondenten geven aan dat zij (extra) ondersteuning nodig hebben voor: • Huishoudelijke uitgaven Een aantal respondenten (10 respondenten) heef t ondersteuning nodig voor huishoudelijke uitgaven voor hun kinderen. Vier respondenten geven bijvoorbeeld aan behoef te te hebben aan geld voor kleding. Daarnaast is de aanschaf van een f iets of laptop meerdere keren benoemd. • Schoolkosten Een deel (vijf respondenten) geef t aan ondersteuning nodig te hebben voor school gerelateerde kosten. Dit zijn bijvoorbeeld kosten voor schoolgeld, maar ook voor schoolboeken, vervoerskosten naar school en maaltijdkosten voor op school. • Sport Vier respondenten hebben aangegeven ondersteuning te willen hebben op het gebied van sport. Eén van deze respondenten geef t aan specif iek ondersteuning te willen krijgen voor zwemlessen. Toelichting Respondenten kregen de gelegenheid om hun antwoorden nader toe te lichten. In totaal hebben 27 respondenten gebruik gemaakt van deze mogelijkheid. De toelichtingen die respondenten geven komen overeen met de onderwerpen die bij de vorige vragen zijn besproken. De hoge energieprijzen komen bijvoorbeeld meerdere keren aan bod. Met de stijgende energieprijzen van het af gelopen jaar is dit een grotere kostenpost geworden voor huishoudens. Ook de stijgende kosten voor boodschappen worden vaker benoemd.
Sommige respondenten geven aan dat zorg gerelateerde kosten zoals het eigen risico zorgen voor geldproblemen. In het onderstaande blok staan enkele quotes weergegeven.
10
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
“Laptop is alleen voor schoolkinderen om aan te vragen en niet voor volwassen die hem toch ook soms nodig hebben.” “We zijn meer kosten kwijt dan het inkomen. Elke maand staan we rood. Te hoge energiekosten omdat onze woning niet goed geïsoleerd is, wat we erg vervelend vinden.” “Ik betaal meer dan 300 euro aan energie en dat is te veel voor mij.” “Boodschappen zijn wel erg in prijs gestegen.” “Alles wordt duur en is natuurlijk veel duurder. Als je daarbij te maken krijgt met ziektes ontstaan er extra kosten. Dan moet ik dus keuzes maken, meestal schiet goede voeding er dan bij in en is er geen ruimte om wat geld te sparen.” “Ik wil een computer kopen voor mijn studie, deze heb ik nodig voor mijn school. Ik kan mijn online opdracht niet doen zonder computer!” “Ik heb twee dochters die op twee verschillende middelbare scholen zitten in Amersfoort. Hiervoor moet ik per dag 100 km rijden om hen te brengen en weer op te halen. Dit kost enorm veel geld. Geld wat ik niet kan missen, maar waar ik niet onder uit kom. Mede hierdoor kom ik maandelijks in het rood te staan.”
11
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
3. Informatievoorziening en aanvraagprocedure In dit hoofdstuk worden de vragen op het gebied van informatievoorziening en de aanvraagprocedure behandeld. Waar halen respondenten informatie vandaan? Waar lopen ze tegenaan in het aanvraagproces? Respondenten ontvangen het liefst informatie via de consulenten van de gemeente en Coöperatie de Kleine Schans Ruim de helf t van de respondenten geef t aan inf ormatie het lief st te ontvangen via de consulent van de gemeente of de Kleine Schans. Een derde geef t daarnaast aan inf ormatie te willen ontvangen via de website van de gemeente of de Kleine Schans. Een ander veel gekozen inf ormatiekanaal is de inf ormatief older. Slechts 2 procent van de respondenten geef t aan de krant te willen gebruiken als inf ormatiebron. De regionale oproep wordt door geen van de respondenten gekozen. Bij de antwoordoptie ‘anders’ hebben een aantal respondenten andere opties benoemd: • Brieven/post; • E-mail. Figuur 3.1.1. Informatiekanalen (n = 49)
Informatie wordt het liefst ontvangen via Via de consulent van de gemeente of Coöperatie de Kleine Schans
55%
Website van de gemeente of Coöperatie de Kleine Schans
33%
Informatiefolder
31%
Digitale nieuwsbrief Krant Regionale oproep (televisie) Anders
20% 2% 0% 12%
De meeste respondenten zijn bij het aanvragen goed geholpen door de Kleine Schans Driekwart van de respondenten geef t aan wel eens hulp te hebben ontvangen van Coöperatie de Kleine Schans bij het aanvragen van een regeling (72 procent). De meerderheid (82 procent) geef t aan goed te zijn geholpen door de Kleine Schans bij het aanvragen van de regelingen. De meeste respondenten (80 procent) zijn van mening dat er veel bewijsstukken moeten worden geleverd bij het aanvragen van een regeling. Bij het aanvraagproces gaat de voorkeur uit naar schrif telijke aanvragen (69 procent). Een deel van de respondenten ervaart moeilijkheden rondom het aanvraagproces. Ruim de helf t geef t aan het moeilijk te vinden om een aanvraagf ormulier in te vullen. Daarnaast geef t 63 procent aan het f ormulier niet zonder hulp te kunnen invullen.
12
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Figuur 3.1.2. Aanvraag van de regelingen (n = 35 ~ 43)
Het aanvragen van regelingen Ja
Nee
Coöperatie de Kleine Schans heeft mij goed geholpen bij het aanvragen van regelingen.
82%
18%
Ik moet veel bewijsstukken aanleveren bij mijn aanvraag.
80%
20%
Ik heb wel eens hulp gehad van Coöperatie de Kleine Schans bij het aanvragen van regelingen.
72%
28%
Ik doe mijn aanvraag het liefst op papier.
69%
31%
Ik kan zelf alle bewijsstukken verzamelen.
68%
32%
Ik vind het makkelijk om een aanvraagformulier in te vullen.
46%
54%
Ik doe mijn aanvraag het liefst digitaal (via de computer).
44%
56%
Ik kan het formulier zonder hulp invullen.
37%
13
63%
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
4. Effecten van de regelingen In dit hoofdstuk worden de effecten van de regelingen belicht. Wat kunnen inwoners door de regelingen doen wat ze anders niet zouden kunnen? Door de regelingen kunnen kinderen meedoen De respondenten hebben een aantal stellingen voorgelegd gekregen over het ef f ect van de regelingen. Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat de meerderheid van de kinderen door de minimaregelingen mee kan doen aan activiteiten op school (92 procent) en aan sportieve en culturele activiteiten (70 procent). Ook geef t 69 procent aan dat ze hun kinderen gezond kunnen laten opgroeien door de regelingen. De meeste respondenten geven ook aan zelf door de regelingen mee te kunnen doen aan sportieve en culturele activiteiten (70 procent). Bij de overige stellingen zijn de antwoorden meer verdeeld . Een even grote hoeveelheid respondenten (38 procent) heef t ‘eens’ of ‘neutraal’ beantwoord bij de stelling dat ze door de regelingen leuke dingen kunnen doen in hun vrije tijd. Van de ouders geef t 28 procent aan dat ze door de regelingen niet beter in staat zijn om noodzakelijke medische zorg voor hun kinderen te krijgen. Opvallend is dat de meerderheid (61 procent) neutraal is over de stelling dat ze door de regelingen sociale contacten kunnen onderhouden.
Bij de antwoordoptie ‘anders’ zijn een aantal aanvullende antwoordmogelijkheden achtergelaten: • Medische zorg voor zichzelf ; • Het betalen van rekeningen; • Ondersteuning bij schulden. Figuur 4.1.1. Effect van de regelingen (n = 12 ~ 33)
Door de regelingen kan ik... Eens
Neutraal
Oneens
mijn kinderen mee laten doen aan activiteiten op school
92%
meedoen aan sportieve of culturele activiteiten
70%
mijn kinderen gezond laten opgroeien
69%
mijn kinderen mee laten doen aan sportieve en culturele activiteiten
64%
leuke dingen doen in mijn vrije tijd
27%
8%
28%
mijn sociale contacten onderhouden
27%
Anders
25%
14
3%
23%
29%
38%
gebruik maken van noodzakelijke medische zorg voor mijn kinderen
8% 0%
37%
36%
25%
36% 61%
25%
7%
12% 50%
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
5. Financiële situatie In de enquête is gevraagd naar de financiële situatie van de respondenten. Er is bijvoorbeeld gevraagd of zij kunnen rondkomen, om welke redenen sommige respondenten moeilijk kunnen rondkomen en of ze te maken hebben met schulden. Driekwart van de respondenten kan maandelijks niet (altijd) rondkomen In totaal geef t 75 procent van de respondenten aan niet (23 procent) of soms wel en soms niet te kunnen rondkomen (52 procent). Een vierde van de respondenten kan iedere maand wel rondkomen. Figuur 5.1.1. Rondkomen (n = 48)
Kunt u iedere maand rondkomen?
23%
25%
Ja
Soms wel, soms niet
Nee 52%
De stijgende prijzen zijn de voornaamste reden om niet rond te kunnen komen Bij de vraag over wat de reden is om niet rond te kunnen komen geef t de meerderheid als reden dat alles duurder is geworden (83 procent). In de af gelopen jaren zijn noodzakelijke uitgaven zoals boodschappen en energie in prijs gestegen, waardoor dit grotere kostenposten zijn geworden. Daarnaast geef t 42 procent aan niet rond te kunnen komen door weinig inkomsten. Ook geef t ruim een derde niet te kunnen rondkomen door hoge vaste lasten. Slechts 3 procent geef t aan niet te kunnen rondkomen omdat ze makkelijk geld uitgeven. Bij de antwoordoptie ‘anders’ zijn een aantal andere redenen om niet te kunnen rondkomen gedeeld: • De hoogte van uitkeringen stijgen niet mee met de kosten van levensonderhoud ; • Onvoorziene kosten; • Vervoerskosten; • Schulden.
15
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Figuur 5.1.2. Redenen om niet te kunnen rondkomen (n = 36)
Wat is de reden dat u moeilijk rondkomt van uw geld? Alles is duurder geworden
83%
Weinig inkomsten
42%
Hoge vaste lasten
36%
Door een gebeurtenis (ziekte, scheiding, werkloos etc.)
19%
Ik geef mijn geld te makkelijk uit
3%
Ik heb geen moeite met rondkomen
0%
Anders
22%
Bijna de helft van de respondenten heeft hulp gehad bij financiële problemen Bijna de helf t (47 procent) van de respondenten geef t aan hulp te hebben gehad bij f inanciële problemen. Bij de volgende vragen wordt ingegaan op het soort hulp en de f inanciële situatie. Figuur 5.1.3. Hulp bij financiële problemen (n = 34)
Heeft u wel eens hulp gehad bij financiële problemen
Ja
47% 53% Nee
Familie & vrienden en schuldhulpverlening zijn belangrijke hulpbronnen bij geldproblemen De meest gebruikte hulpbronnen bij geldproblemen zijn familie en vrienden (38 procent) en schuldhulpverlening (38 procent). Daarnaast is het Sociaal Team een veelgebruikt hulpmiddel (31 procent). Schuldhulpmaatje wordt door de respondenten het minst gebruikt (19 procent). Bij ‘anders’ zijn er een paar andere hulpbronnen gedeeld: • Begeleiding DIH; • Bewindvoerder.
16
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Figuur 5.1.4. Waar heeft u hulp ontvangen? (n = 16)
Waar heeft u hulp gekregen? Bij familie of vrienden
38%
Schuldhulpverlening
38%
Sociaal Team
31%
Schuldhulpmaatje
19%
Anders
25%
De meeste respondenten kunnen niet alles doen wegens een tekort aan geld De meerderheid van de respondenten (80 procent) geef t aan niet alles te kunnen doen omdat ze er geen geld voor hebben. Ook geef t twee derde aan zorgen te hebben over zijn f inanciële situatie. Ruim de helf t komt iedere maand geld tekort. 38 procent geef t aan neutraal te zijn over deze stelling. Vier op de tien respondenten ervaren dat de regelingen van de gemeente hen helpt bij het rondkomen (40 procent), hoewel 13 procent het hiermee oneens is. Daarnaast beantwoordt 47 procent deze stelling met ‘neutraal’; van deze groep is niet vast te stellen welke invloed zij van de regelingen ervaren. De f inanciële situatie blijkt invloed te hebben op respondenten. Zo geef t 90 procent van de respondenten die maandelijks geld tekort komen, aan dat ze zich zorgen maken over hun f inanciële situatie. Bijna alle respondenten die maandelijks geld tekort komen, kunnen niet alles doen (95 procent). Slechts een vijf de (21 procent) geef t aan dat de gemeentelijke regelingen helpen bij het rondkomen. Figuur 5.1.5. Financiële situatie (n = 30 ~ 35)
Stellingen over financiële situatie Eens
Neutraal
Oneens
Ik kan niet alles doen, omdat ik er geen geld voor heb.
80%
17% 3%
Ik maak me zorgen over mijn financiële situatie.
62%
27%
12%
Ik kom iedere maand geld tekort.
56%
38%
6%
De regelingen van de gemeente helpen mij om rond te komen.
40%
47%
13%
Toelichting Respondenten kregen de mogelijkheid om hun antwoorden toe te lichten. Hier hebben 17 respondenten (35 procent) gebruik van gemaakt. Een aantal respondenten uiten hun tevredenheid: de minimaregelingen of de ondersteuning vanuit de Kleine Schans heef t hen geholpen. Sommige respondenten geven ook aan dat ze graag aanvullende ondersteuning zouden willen krijgen. Er wordt bijvoorbeeld aangegeven dat er voor kinderen voldoende ondersteuning is, maar dat er hiernaast niet veel overblijf t voor andere zaken. Ook maken respondenten gebruik van de gelegenheid om hun f inanciële situatie verder toe te lichten.
17
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Op de volgende pagina staan een aantal quotes weergegeven.
“De Kleine Schans heeft me vaak geholpen met alle problemen ik wil hiervoor alle mensen die daar werken erg bedanken.” “Ik heb geld om net rond te komen (of niet) maar kan geen extra dingen doen.” “Het is fijn dat de regelingen er zijn om iets makkelijker rond te komen. Maar doordat alles duurder is geworden wordt het sociale gedeelte steeds moeilijker. Niet te betalen om ergens heen te gaan bijvoorbeeld.” “Het is super afhankelijk van de maand. Als ik iets voor thuis nodig heb (spullen), wordt die maand moeilijker om rond te komen.” “Het kindpakket heeft een flinke last van mijn schouders weg genomen. Echter is dit niet mijn enige knelpunt.” “Ik ben dankbaar dat de gemeente mij helpt rond te komen en heb daarom 'eens' in gevuld. Helaas is de hoeveelheid onvoldoende. Dit heeft absoluut te maken met alle verhogingen (vaste lasten). Periodiek ondervind ik er veel stress van. Ik merk dat het slechte invloed heeft op mijn lichamelijke en psychische welzijn. ” “Ik krijg hetgeen wat ik uitgeef aan activiteiten en bepaalde schoolkosten van mijn kinderen maar nog steeds is het weinig geld wat je overhoudt om iets anders mee te kunnen doen.”
18
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
6. Tips en adviezen Aan het eind van de vragenlijst kregen respondenten de gelegenheid om tips en adviezen te geven voor het minimabeleid van de gemeente. In totaal hebben 17 respondenten (35 procent) tips of adviezen gegeven. De tips en adviezen zijn onder te verdelen in vier onderwerpen. Per onderwerp staan in de onderstaande kaders enkele quotes weergegeven. Uitbetaling Drie respondenten gebruikten de toelichtingsruimte om het te hebben over de uitbetaling. Het voornaamste punt van aandacht is het voorschieten van geld. Respondenten geven aan dat het lastig is om eerst zelf iets te betalen, zoals sport, en het dan later terug te krijgen van de gemeente.
“Eerst moet je het zelf betalen, bijvoorbeeld sporten, daarna krijg je het pas terug van de gemeente. Het lukt niet om het voor te financieren.” “Soms is het lastig om iets voor te schieten en het dan terug komt. Bijv oorbeeld bij gemeente Amersfoort, ging sport direct via de gemeente.” “De uitkering eerder uitbetalen dan aan het einde van de maand. Nu wordt het dag of 6 uitbetaald van de nieuwe maand.”
Informatievoorziening/aanvragen Een paar respondenten benoemen dat ze graag meer of betere inf ormatievoorziening zouden willen krijgen, bijvoorbeeld door het verbeteren van de inf ormatie op de website of het rondsturen van een nieuwsbrief . Ook het aanvraagproces wordt in de antwoorden benoemd. Een van de respondenten geef t aan deze als ingewikkeld te ervaren. Een ander geef t aan het jaarlijkse aanvraagproces lastig te vinden.
“Graag 1x per maand/kwartaal een nieuwsbrief over deze gemeentelijke regelingen voor de minima!” “Duidelijker de informatie op de website zetten en het daardoor ook toegankelijker maken. Wat het is en hoe je het kan aanvragen.” “Vaak moet je zelf de weg vinden en uitzoeken welke regelingen er bestaan. Dat kan volgens mij beter omdat ik denk dat de gemeente wel weet wie er bij de minima horen, vaak wordt het 1x verteld en moet je zelf goed onthouden dat je het volgende jaar het zelf weer moet aanvragen. Bijvoorbeeld individuele inkomenstoeslag en tegemoetkoming zorgverzekering.” “Per persoon kijken wat iemand nog heeft om uit de situatie te komen waar ze helaas in beland zijn (ik had nooit verwacht dat dit mij zou overkomen, zeker niet als harde werker). Wanneer een persoon geen gebruik maakt van diverse regelingen kan deze misschien ondersteuning krijgen op ander gebied. Persoonlijk vond ik het aanvragen van de kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen erg lastig. Ik begreep ook niet goed waarom er zoveel bewijsmateriaal bij moest gezien voorafgaand ik al het meeste daarvan heb moeten inleveren voor de aanvraag van mijn bijstandsuitkering. Het is nu inmiddels een half jaar geleden en ik heb nog geen uitsluitsel.
In de tussentijd heb ik aan de deur gehad en gelukkig kon ik de brieven laten zien waarin Hoogteeen vandeurwaarder de bedragen stond dat dehebben kwijtschelding in behandeling Ik ben daar enorm van Drie respondenten aangegeven behoef tewas. te hebben aan toentertijd meer budget, bijvoorbeeld geschrokken. Deze stress is er helaas nog steeds.” vanwege de stijgende prijzen. 19
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
“Budget iets verhogen aangezien alles zo duur is geworden en alle activiteiten alleen maar meer geld kosten t.o.v. wat je terug krijgt.” “Vraag meer geld aan het rijk om de minima daadwerkelijk te kunnen helpen en zorg (eis) een beleid dat daadwerkelijk zoden aan de dijk zet en geen pleister op een zwerende wond blijkt!”
Complimenten Twee respondenten hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om complimenten achter te laten.
“Kom niet rond met wat ik krijg! Mensen op de Kleine Schans helpen ons zeer goed. Het is voor mij een dreamteam. Vriendelijk en lief.”
“Ik vind alles top wat ze doen ik wil hier voor alle mensen bedanken omdat ze hebben me al jaren geholpen.”
20
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Bijlage 1. Kenmerken respondenten In deze bijlage geven we een aantal kenmerken van de respondenten van de enquête weer. Uitkering van de gemeente De meerderheid van de respondenten geef t aan een uitkering te ontvangen van de gemeente (85 procent). Figuur B1.1. Uitkering gemeente (n = 47)
Uitkering gemeente Ja
Nee
15%
85%
Leeftijd en leeftijd kinderen De meeste respondenten zijn tussen de 46 en 65 jaar (54 procent). Bijna een derde is tussen de 27 en 45 jaar oud. Bij de kinderen is de meerderheid jonger dan 18 jaar. Ruim een derde van de kinderen is tussen de 5 en 12 jaar oud. Figuur B1.2. Leeftijd (n = 48)
Figuur B1.3. Leeftijd kinderen (n = 49)
Leeftijd
Leeftijd kinderen
18 t/m 26 jaar
27 t/m 45 jaar
0 t/m 4 jaar
5 t/m 12 jaar
46 t/m 65 jaar
66 jaar of ouder
13 t/m 18 jaar
18 jaar of ouder
4% 13%
8% 20%
29% 54%
16%
21
35%
Gemeente Woudenberg
Versie 1.0
Woonsituatie Wat betref t de woonsituatie geef t 38 procent van de respondenten aan alleen te wonen. Een kwart is samenwonen of gehuwd met thuiswonende kinderen die jonger zijn dan 18 jaar. Het kleinste aandeel respondenten (2 procent) is samenwonend of gehuwd zonder thuiswonende kinderen. Bij de antwoordoptie ‘anders’ zijn een paar andere mogelijkheden gedeeld: • Bij ouders/f amilie Gehuwd met thuiswonende kinderen boven de 18 jaar Figuur B1.4. Woonsituatie (n = 48)
Woonsituatie Ik woon alleen
Alleenstaand met thuiswonende kinderen jonger dan 18 jaar
21% 38%
2%
Samenwonend/gehuwd met thuiswonende kinderen jonger dan 18 jaar
25%
Samenwonend/gehuwd (zonder thuiswonende kinderen jonger dan 18 jaar)
15%
Anders
22