08.b9 Voskuilerdijk 26_Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 9 Quickscan Wet natuurbescherming.pdf
Tekst van het document
ECLI:NL:RVS:2021:69 Bij intern salderen gaat het erom dat het aangevraagde project (of de wijziging daarvan) niet leidt tot een toename van de stikstofdepositie ten opzichte van de referentiesituatie. 3 Op 1 januari 2020 is de Spoedwet Aanpak Stikstof in werking getreden 2
Overige beschermde natuurgebieden Naast de Natura 2000 gebieden dient de provincie conform art. 1.12 ook gebieden aan te wijzen en in stand te houden, welke onderdeel zijn van een samenhangend netwerk van natuurgebieden (Natuurnetwerk Nederland). Tot slot kunnen Gedeputeerde staten ook gebieden aanwijzen buiten het natuurnetwerk Nederland, welke van belang zijn vanwege hun natuur-, landschappelijke of cultuurhistorische waarden.
Houtopstanden Ook de Boswet is opgenomen in de Wet natuurbescherming (H4 Wnb). In de Boswet was er sprake van een meldplicht en een herplantplicht. Dat blijft ook zo. Opstanden binnen de bebouwde kom, fruitbomen, bos voor biomassa, wegbeplanting e.d. vallen hier buiten (zie art. 4.1 Wnb). Bij het vellen van (een deel van) een houtopstand, moet dit vooraf worden gemeld. Ook is er de verplichting tot het herbeplanten van minimaal hetzelfde areaal binnen drie jaar na het vellen. De herplantplicht geldt niet voor het vellen van een houtopstand in verband met realisatie van een Natura 2000-doel. Provincies kunnen bij verordening aangeven, welke gegevens moeten worden aangeleverd en/of er een toeslag geldt op het te herbeplanten areaal. Bronnen: - www.wetten.nl - www.rijksoverheid.nl - www.natuurbeheer.nu - www.natura2000.nl - www.infomil.nl - www.rvo.nl - http://www.nederlandsesoorten.nl/ - www.Bij12.nl
Vogels met jaarrond beschermde nesten (m.u.v. Limburg en Overijssel) Categorieën jaarrond beschermde nesten 1. Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats. 2. Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 3. Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 4. Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen. 5. Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen. Bescherming
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Categorie 1
steenuil
Athene noctua
Categorie 2
gierzwaluw
Apus apus
huismus
Passer domesticus
grote gele kwikstaart kerkuil
Categorie 3
Categorie 4
Categorie 5
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
roek
Corvus frugilegus
Motacilla cinerea
ooievaar
Ciconia ciconia
Tyto alba
slechtvalk
Falco peregrinus
oehoe
Bubo bubo
boomvalk
Falco subbuteo
sperwer
Accipiter nisus
buizerd
Buteo buteo
wespendief
Pernis apivorus
havik
Accipiter gentilis
zwarte wouw
Milvus migrans
ransuil
Asio otus
blauwe reiger
Ardea cinerea
ijsvogel
Alcedo atthis
boerenzwaluw
Hirundo rustica
kleine bonte specht
Dendrocopos minor
bonte vliegenvanger
Ficedula hypoleuca
kleine vliegenvanger
Ficedula parva
boomklever
Sitta europaea
koolmees
Parus major
boomkruiper
Certhia brachydactyla
kortsnavelboomkruiper
Certhia familiaris macrodactyla
bosuil
Strix aluco
oeverzwaluw
Riparia riparia
brilduiker
Bucephala clangula
pimpelmees
Parus caeruleus
draaihals
Jynx torquilla
raaf
Corvus corax
eidereend
Somateria mollissima
ruigpootuil
Aegolius funereus
ekster
Pica pica
spreeuw
Sturnus vulgaris
gekraagde roodstaart
Phoenicurus phoenicurus
tapuit
glanskop
Parus palustris
torenvalk
Muscicapa striata
zeearend
Picus viridis
zwarte kraai
Corvus corone
grote bonte specht
Dendrocopos major
zwarte mees
Periparus ater
hop
Upupa epops
zwarte roodstaart
Phoenicurus ochruros
huiszwaluw
Delichon urbicum
zwarte specht
Dryocopus martius
grauwe vliegenvanger groene specht
Oenanthe oenanthe Falco tinnunculus Haliaeetus albicilla
Bijlage 4 Voorbeeld voorzieningen
http://www.zwaluwen.info/boerenzwaluw/nesten.php
Voorbeeldvoorziening Kerkuil
Voorbeeldvoorziening Steenuil
Type Thoonen bron: Vivara
Type Stone Bron: Stone Steenuilenoverleg Nederland
Vlinderkastje (bron Vlinderstichting) Overwinteren Vlindersoorten die als vlinder overwinteren zoeken beschutte plekjes op. Vaak verschuilen ze zich op rommelzolders, in schuurtjes of tussen de bladeren. U kunt de vlinders dus een handje helpen met een vlinderkast. In de winter zijn vlinders op zoek naar beschutte plekken
Hang het kastje op een beschutte plek, uit de wind waar het niet kan inregenen. De hoogte maakt niet uit. Op ooghoogte kan je wel zelf kijken of de kast gebruikt wordt.
Vul het kastje met wat dorre blaadjes en takjes wordt het een waar hotel voor vlinders.
Zorg voor een voedselrijke omgeving met veel inheemse bloemen van het vroege voorjaar tot de nazomer.
U kunt het kastje verven, liefst wel met milieuvriendelijke verf.
Schoonmaken van het kastje is niet echt nodig. Vlinders gebruiken het als het niet als nest en het wordt niet zo vies. Wilt u het uitborstelen doe dat dan tussen mei en augustus.
Vervang het insectenhotel als er weinig activiteit (meer) te zien is. Na een jaar of twee, drie worden veel bijenhotels minder geschikt vanwege scheuren, schimmelvorming en dergelijke. Zet het oude een jaar op een schaduwplek in de tuin, zodat eventuele laatste bewoners het kunnen verlaten.
Insectenhotel
Waterdrinkplaats vogels Veilig voor gebruik ten aanzien van predatoren zoals katten. Water niet dieper dan 4 cm