CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

07. Zienswijze 2.pdf

Gemeenteraad 23 september 2021, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 11: Bestemmingsplan Zeisterweg 531.224 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

hbr advocaten OMGEVINGSRECHT | OVERHEIDSPRIVAATRECHT

AANTEKENEN Gemeenteraad van de Gemeente Woudenberg Postbus 16 3930 EA Woudenberg Tevens per e-mail: REFERENTIE: BETREFT: JH / 1858 / JH Zienswijze DOSSIER: UW REFERENTIE: Kleinstate /bestemmingsplanuitbreiding Ontwerp bestemmingsplan Zeisterweg 53/55 Zeisterweg 53

Zaak

Gemeente Woudenberg 15 JUN 2021

hogirt BEHANDELD DOOR /TEL.

Baarn, 11 juni 2021 Geachte leden van de raad, Namens de

hierna in enkelvoud aan te duiden gevestigd, respectievelijk woonachtig aan de Zeisterweg 57 Woudenberg, dien ik bij dezen een zienswijze in tegen het ontwerp bestemmingsplan Zeisterweg 53, dat vanaf 6 mei tot en met 16 juni 2021 ter inzage ligt. Het ontwerpbestemmingsplan Zeisterweg 53 voorziet in de beëindiging van de intensieve veehouderij aan de Zeisterweg 53. Hiertoe wordt het agrarisch bouwvlak verwijderd en krijgt de bedrijfswoning de bestemming Wonen. De recreatieve nevenactiviteit van de voormalige veehouderij wordt met de aanduiding dagrecreatie bij de woning mogelijk gemaakt. Daarnaast krijgt een deel van het voormalige agrarische bouwvlak een bedrijfsbestemming ten behoeve van het naastgelegen aannemingsbedrijf aan de Zeisterweg 55. Achterarond ervaren overlast van het aannemingsbedrijf gelegen aan de Zeisterweg 55. De afstand tussen de gevel van hun woning en de bestemmingsgrens van het bedrijf is meter. nog geen 29

HBRadvocaten Weteringstraat 4,3740 AA Baarn tel 0355431 333 fax23.3741 035 30 TD34 Baarn 248 KVKPostbus 76820947 hbradvocaten.nl HBRadvocaten is een maatschapvenbesloten vennootschappen en is ingeschreven in het Handelsregisterander numer 76420947 Alle werkzaamtecen wordenvertop grond van een overeenkomst van opdrachtmet cemaatschap HER

hbr advocaten OMGEVINGSRECHT OVERHEIDSPRIVAATRECHT

-2

Het bedrijf heeft een bruto vloeroppervlak 2.544 m², het gaat om een aanzienlijk bedrijf. Naast de aannemingswerkzaamheden worden ook prefab huizen gebouwd en vinden werkzaamheden plaats die aanzienlijke geluidhinder veroorzaken . Het aannemingsbedrijf is al vanaf 2012 op het perceel aanwezig. Het bedrijf is al in de vroege ochtenduren in bedrijf, zo wordt regelmatig voor 7.00 uur 's ochtendsbegonnen met het laden en lossen van de diverse vrachtwagens en aanhangers van het personeel . Dezelfde werkzaamheden vinden ook geregeld 's-avonds na 19.00 uur plaats Daarbij worden ook zware voorwerpen zoals bouwmaterialen, stenen en steigeronderdelen opgeladen, wat veel geluid produceert. Het geluid van de laad- en losactiviteiten maar ook andere activiteiten, zijn duidelijk hoorbaar in de woning van Van den Brink. Het belangrijkste bezwaar tegen de vestiging van het aannemingsbedrijf richt zich dan ook tegen de geluidhinder die door het bedrijf wordt veroorzaakt. 1. Geluidmaatregelen als gevolg van uitbreiding aannemingsbedrijf Allereerst vraagt Van den Brink zich af of het aantal vierkante meters bebouwing niet ruimer is dan op dit moment aanwezig is. 1a. Geluidmaatregelen uit wijzigingsplan niet overgenomen In het wijzigingsplan voor dit bedrijf is een voorwaardelijke verplichting opgenomen om de bedrijfsactiviteiten enigszins te reguleren.

Het bestemmingsplan staat een uitbreiding van het naast de woning van Van den Brink gelegen aannemersbedrijf met nog eens 1.350 m² toe. Daarmee ontstaat een aannemersbedrijf van een kleine 4.000 m². Echter, de geluidsmaatregelen die als voorwaardelijke verplichting in het wijzigingsplan zijn opgenomen, ontbreken in dit bestemmingsplan. U wordt verzocht de relevante bepalingen toe te voegen en als verplichting aan ook deze uitbreiding van het bedrijf te verbinden. 1b Geen geluidonderzoek noodzakelijk vanwege gewijzigde bedrijfsvoering Er wordt in de plantoelichting opgemerkt dat de geluidsituatie ter hoogte van de woning van Van den Brink verbeterd en om die reden geen geluidonderzoek hoeft te worden uitgevoerd. Dit is echter feitelijk en juridisch onjuist. Allereerst wordt in de plantoelichting gewezen op het feit dat in de toekomst het vrachtverkeer via een nieuwe inrit het terrein op komt en daardoor niet langs de woning van Van den Brink rijdt. Dit is echter niet dwingend vastgelegd, waardoor ook gebruik kan worden gemaakt van de huidige uitrit. Daarnaast is onduidelijk waar zal worden geladen en/of gelost. Die werkzaamheden vormen eveneens een grote geluidsbron, zoals hiervoor is uitgelegd.

Nu de afstanden op het terrein langer worden is het de vraag hoe het transport intern zal worden geregeld, zijn er bijvoorbeeld meer heftrucks noodzakelijk ? Hoe wordt het gebouw op het perceel geplaatst, ook de wijze van plaatsing kan zorgen voor het verminderen van de overlast

hbr advocaten OMGEVINGSRECHT OVERHEIDSPRIVAATRECHT

-3

Daarnaast geldt dat geluidhinder onderzoeken ook moeten worden uitgevoerd op het moment dat wordt gedacht dat de situatie verbeterd . Immers, alleen met een onderzoek kan worden vastgesteld of sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Gezien het voorgaande had ook bij dit bestemmingsplan een geluidonderzoek moeten worden uitgevoerd . Daarin moeten de effecten van de nieuwe inrichting in het geheel ) op het woon en leefklimaat van de woning van Van den Brink in kaart worden gebracht . Nu dat onderzoek ontbreekt is het ontwerp bestemmingsplan onvoldoende zorgvuldig tot stand gekomen . 2. Geluidmaatregelen als gevolg van de aanduiding dagrecreatie binnen Wonen Bij de functie wonen is tevens dagrecreatie met bijbehorende voorzieningen en ondergeschikte horeca toegelaten . In de plantoelichting wordt gesteld dat de dagrecreatie geen nieuwe milieubelastende functie is, maar een legale bestaande functie die (opnieuw) positief wordt bestemd. Derhalve hoeft niet te worden getoetst of deze functie mogelijk leidt tot milieuhinder voor bestaande functies in de omgeving . Dit is onjuist. Onder het huidige planologische regime zijn recreatie activiteiten (solex verhuur) als nevenactiviteit mogelijk. In dit plan is de nevenactiviteit verworden tot hoofdfunctie.

En voorts is ook de stelling dat een bestaande functie niet behoeft te worden onderzocht qua hinder bij een conserverende bestemming, onjuist. Ook conserverende bestemmingen moeten voldoen aan een goede ruimtelijke ordening en derhalve de effecten ervan in kaart gebracht . Onder meer de effecten van de horecafunctie qua geluidhinder, gewezen wordt op het feit dat groepen tot laat met muziek op deze plek bbq-en en het verkeer van en naar de inrichting. 3. Gebiedsbescherming Natura 2000 De mogelijkheden die het bestemmingsplan toelaat zijn niet volledig onderzocht. Alleen zijn de effecten van de uitbreiding van het aannemersbedrijf beoordeeld, de bijdrage van de dagrecreatieve voorzieningen en de aanleg van de weg ontbreken. 4. Stedelijke ontwikkeling Ten onrechte is geen laddertoets ex artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro uitgevoerd . Dit had gemoeten, omdat het project een nieuwe stedelijke ontwikkeling betreft als bedoeld in laatstgenoemd artikel (dit gelet op het feit dat de nieuwe bebouwing die wordt toegestaan groter is dan 500 m²).

Zie bv AbRvs 28 juni 2017, ECLI : NL: RVS:2017:1724, r.o. 6.3: Wanneer een bestemmingsplan voorziet in een terrein met een ruimtebeslag van meer dan 500 m2 of in een gebouw met een bruto-vloeroppervlakte groter dan 500 m2, dient deze ontwikkeling in beginsel als een stedelijke ontwikkeling te worden aangemerkt

hbr advocaten OMGEVINGSRECHT I OVERHEIDSPRIVAATRECHT 5. Mer Ondanks dat de drempelwaarde in kolom 2 niet wordt overschreden, wordt in de plantoelichting vastgesteld dat een vormvrije m.e.r.-beoordeling had moeten worden opgesteld . De m.e.r. beoordeling zoals die in de plantoelichting is opgenomen voldoet niet aan de eisen die momenteel aan een m.e.r. beoordeling worden gesteld . Ook op dit punt is het bestemmingsplan onvoldoende zorgvuldig tot stand gekomen . Afronding Ik verzoek u namens Van den Brink om : I. de zienswijzen ontvankelijk en gegrond te verklaren; I het ontwerp bestemminsplan niet vast te stellen. Hoogachtend pada

-4

suhtsoP rbh 0473.4 | AA THCERSGNIVEGMO nra B

THCERAVIRPSDEHRVO netacovda

maaN s:erdA : R 03 LN r.g

n1a lkraP etne meG subtsoP , 01 K 1393 AE0393 grebneduoW

159 62 07SKPRS3

gnireknarF

AE0393 61

d€la EtDeNbEKETEGNA 50.9 - FEIRB LN 439102

DE3SMD 1501

LN

1202-60-41 D 91:71 LNtsoP

---

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/1243/documents/32342