CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

05 (concept) begroting 2027-2030

Raadscommissie 13 oktober 2026, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 8: Begroting 2027-203067.778 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 8

4 alinea's met “trekken”: 113 191 239 240

• | Diverse kleine verschillen | € 9.045 nadelig: Mantelzorg en Stichting Art 1 Midden Nederland. 6. Werk en inkomen (per saldo hogere kosten variërend tussen € 4.602 en € 20.219) De verschillende mutaties betreffen: • | Re-integratie inhuur naar loonkosten € 60.000 lagere kosten: Betreft verschuiving inhuur derden naar loonkosten programma 1. • | Schuldhulpverlening € 56.000 hogere kosten: A. Structurele budgetverhoging € 35.000 vanwege de gewijzigde uitvoering van de schuldhulpverlening. De dienstverlening is overgegaan van Plangroep naar Stadsring. Door de intensievere en bredere dienstverlening van Stadsring zijn de structurele uitvoeringskosten hoger. B. € 5.000 structureel budget voor de inzet van boekhoudkundige ondersteuning aan ondernemers via OverRood. Deze ondersteuning is gericht op het voorkomen van problematische schulden en het voorkomen van zwaardere schuldhulpverleningstrajecten. C. € 16.000 structureel budget voor de voortzetting van Het Regelpunt. Het Regelpunt is in juni 2026 gestart met tijdelijke financiering vanuit IZA/GALA. Om de continuïteit van deze laagdrempelige voorziening te waarborgen is een structureel budget opgenomen. Het Regelpunt biedt inwoners vroegtijdige ondersteuning bij financiële en administratieve vragen, met als doel problematische schulden te voorkomen en de inzet van zwaardere voorzieningen te beperken.

• | RWA gemiddeld € 49.512 hogere kosten: In de meicirculaire 2026 zijn aanvullende bijdragen opgenomen t.b.v. participatie waarvan het WSW deel bestemd is voor RWA. • | Inburgering inhuur naar loonkosten € 28.000 lagere kosten: Betreft verschuiving inhuur derden naar loonkosten programma 1. • | Uitvoering bijstandswet inhuur naar loonkosten € 30.000 lagere kosten: Betreft verschuiving inhuur derden naar loonkosten programma 1. 26 • | Participatie uitkeringen/ loonkosten subsidies per saldo hogere kosten € 20.000 (€ 200.000 kosten minus € 180.000 rijksuitkering vangnetregeling) : Het aantal uitkeringsgerechtigden stijgt, met bijbehorende kosten van € 200.000. Op basis van deze cijfers zullen we gebruik gaan maken van de vangnetregeling voor een bedrag van € 180.000. Na compensatie houden we nog een begroot verschil over van € 20.000 aan hogere kosten. De BUIG- uitkering die de gemeente van het Rijk krijgt ter dekking van bijstandsuitkeringen worden jaarlijks berekend op basis van de kostenrealisatie van twee jaar terug. • | Diverse kleine verschillen € 4.475 nadelig: Minimaregelingen, Re-integratie jongeren en bijdrage RWA. 7.

Samenkracht en burgerparticipatie (per saldo hogere inkomsten € 1.473.400 in 2027 en hogere kosten € 9.600 in de overige jaren) De verschillende mutaties betreffen: • | In de begroting 2027-2030 zal alleen voor begrotingsjaar 2027 de exploitatie opvang Oekraïense vluchtelingen financieel worden meegenomen. Vanaf 1 januari 2027 zal de bekostiging vanuit het rijk voor de opvang wijzigen. Het overschot opvang Oekraïne zal vanaf 2027 significant dalen door de nieuwe bekostiging van het rijk. Een deel van de exploitatiekosten zal bekostigd worden op basis van werkelijke kosten en een deel op basis van normbedragen. Op basis van ervaringscijfers verwachten we in 2027 € 2.715.000 (€ 1.198.000 loonkosten en € 1.517.000 overige kosten) | aan kosten te maken voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Door wijziging van de bekostiging door het rijk zullen de inkomsten voor de opvang globaal € 3.000.000 bedragen. Conform de begrotingsuitgangspunten 202 | 7 van onze toezichthouder de provincie Utrecht wordt het voordelig verschil 2027 ad. € | 285.000 toegevoegd aan de algemene reserve. • | Kleine verschillen | € 9.600 nadelig: indexering uitvoeringskosten | backoffice Amersfoort | . 8.

Sociaal Domein (hogere kosten variërend tussen € 654.900 en € 1.156.900) De verschillende mutaties betreffen: • | Voor Jeugdwet geldt dat wegens indexering (loon | - en prijsstijging) de kosten bijgesteld dienen te worden. Kijkend naar de aantallen en kosten over 2025 en de geraamde indexering over 2026 en 2027 is de verwachting dat kosten Jeugdwet stijgen met in totaal | € 878.268. De kosten MetMaya zal de grootste stijging zijn binnen jeugd. • | Voor Wmo geldt dat wegens indexering (loon | - en prijsstijging) de kosten bijgesteld dienen te worden. Kijkend naar de aantallen en kosten over 2025 en de geraamde indexering over 2026 en 2027 is de verwachting dat kosten | Wmo stijgen met in totaal | € 38.227. • | Vanaf 2029 is in de algemene uitkering een korting van circa € 0,5 miljoen verwerkt voor huishoudelijke hulp. Huishoudelijke hulp wordt dan uit de Wmo | gehaald en hiervoor wordt een inkomensafhankelijke bijdrage ingevoerd. In afwachting van nieuw beleid voor huishoudelijke hulp vanaf 2029 is in programma 1 een stelpost voor lagere uitgaven opgenomen als tegenhanger van de korting op de algemene uitkering | . • | Voor PGB geldt dat wegens indexering (loon | - en prijsstijging) de kosten bijgesteld dienen te worden. Kijkend naar de aantallen en kosten over 2025 en de geraamde indexering over 2026 en 2027 is de verwachting dat kosten | PGB stijgen met in totaal € 65.105.

• | GGZ bemoeizorg € 12.500 hogere kosten : Binnen het huidige financieringskader ligt het risico van onder- of overproductie volledig bij GGz Centraal. Dit houdt in dat bij minder inzet dan begroot mogelijkerwijs terugbetaling wordt verlangd, terwijl extra in | zet niet leidt tot aanvullende vergoeding. | GGz Centraal stelt aan de gemeente voor | dit risico gezamenlijk te dragen. Concreet betekent dit dat bij onderproductie niet automatisch wordt terugbetaald en dat in het geval van overproductie overleg plaatsvindt over aanvullende financiering of een herverdeling van middelen. | De hogere kosten voor de gemeente bedragen € 12.500. • | Coöperatie De Kleine Schans hogere kosten € | 162.800 structureel : Zoals elk jaar heeft Coöperatie de Kleine Schans de subsidieaanvraag voor het komende jaar ingediend. Als 27 gevolg van de salarisstijging conform cao wordt in deze begroting een hoger budget voor personeelskosten aangevraagd. Naast de lonen stijgen ook de overige kosten bedrijfsvoering. Voor 2027 wordt een hogere subsidie aangevraagd van € 162.800. 9. SPUK AZWA en SPUK Sport en bewegen (per saldo nihil). De verschillende mutaties betreffen: • Op dit moment zijn de middelen die wij ontvangen voor SPUK AZWA bekend. In de komende maanden zal er een uitwerking plaats vinden hoe wij deze gelden in willen zetten. Dit zal veelal voortgang van de huidige GALA gelden zijn.

De bedragen lopen op van € 153.541 tot € 213.554 in 2029. Waarschijnlijk worden deze middelen vanaf 2030 opgenomen in de algemene uitkering. • Eind 2026 wordt ook de bijdrage die wij gaan ontvangen voor de nieuwe SPUK regeling Sport en bewegen bekend. Hier valt in ieder geval onder de brede combinatieregeling en de oude Sportakkoord regeling. Alleen het landelijke totaalbedrag dat beschikbaar komt is bekend. Eind 2026 zal het definitieve bedrag per gemeente bekend worden en zal er beleid op gemaakt worden. 10. Overige kosten (per saldo hogere kosten € 1.198.508 in 2027 aflopend naar € 49.027 in 2030) • Loonkosten : De totale loonkosten worden jaarlijks toegerekend aan de diverse programma’s en projecten. Ten opzichte van 2026 wordt in 2027 € 1.188.526 meer loonkosten toegerekend aan programma 1. Dit betreft de loonkosten team opvang Oekraïne welke alleen voor 2027 zijn meegenomen. Vanaf 2028 lopen de hogere loonkosten terug naar € 38.061. De loonkosten worden toegelicht bij de paragraaf Bedrijfsvoering verderop in de begroting. • Afschrijvingslasten : Stijging afschrijvingslasten op basis van actualisering investeringen programma 1 (hogere kosten gemiddeld € 10.000). Betreft investeringen in sportpark De Grift en deze extra kosten worden gedekt uit de reserve “Sportpark de Grift” 28 2.

Leefomgeving Leefomgeving - Programma 2 Visie van het programma Inwoners en ondernemers voelen zich thuis en participeren in een veilige leefomgeving. Een ruimte waar eenieder vrij in kan bewegen, die ook beleefd en gevoeld wordt als gemeenschappelijk, als openbaar, als van ons allen. Wat houdt het programma in? Het programma leefomgeving omvat een diversiteit aan beleidsterreinen op het gebied van een veilige, functionele en een toekomstbestendige leefomgeving. Het gaat om lokaal beleid en de uitvoering van diverse wettelijke taken. De integraliteit van het beleid en uitvoering krijgt steeds meer vorm in een nieuw wettelijk kader sinds de invoering van de Omgevingswet. Het programma heeft diverse raakvlakken met onderdelen van andere programma’s.

29 Trends en ontwikkelingen Trends en ontwikkelingen Maatschappelijke ontwikkelingen en vraagstukken raken de fysieke leefomgeving. Dit is de ruimte waar we met z’n allen gebruik van maken en ook benut kan worden om bij te dragen aan de oplossing(en) rondom deze vraagstukken. Voorbeelden van trends en ontwikkelingen hierin zijn: • energietransitie; • circulaire economie; • klimaatverandering; • omgevingswet; • inclusieve samenleving; • inzet op afvalpreventie en op het verhogen van kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen; • beleefbare natuur en een groene leefomgeving. Ontwikkelingen op gebied van energietransitie Er is met Stedin een samenwerkingsovereenkomst gesloten om het bestaande energienet in Woudenberg te verzwaren. De komende 10 jaar (2025-2035) zal op basis van deze overeenkomst per wijk samen met Stedin bepaald worden waar extra verdeelstations geplaatst gaan worden. Hiermee wordt het energienet verzwaard, waardoor verdere ontwikkelingen in de energietransitie mogelijk wordt. Na de wijk 't Zeeland (in 2026) worden de wijken Het Groene Woud en Nieuwoord in 2027/2028 aangepast. De andere wijken volgen later. Ontwikkelingen op gebied van afval en grondstoffen Er is een aantal ontwikkelingen welke de richting en reikwijdte van het gemeentelijk beleid mede bepalen.

We benoemen enkele belangrijke ontwikkelingen: Van een wegwerp-economie naar een circulaire economie In de laatste 10 jaar is er vanuit de overheid een beweging op gang gekomen om de Nederlandse economie te transformeren van een wegwerp-economie naar een circulaire economie. Dit doel, gedreven vanuit een op termijn te verwachten grondstoffen-schaarste, betekent dat Nederland haar economie wil laten draaien zonder dat eenmaal gewonnen grondstoffen vernietigd worden. Het vraagt van de gemeente en haar partners een integrale aanpak van afvalpreventie, inzameling van kwalitatief goede grondstoffen en zo min mogelijk te verbranden restafval en regie op hoogwaardige verwerking/ recycling. De kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen PMD en GFT blijft aandacht vragen. Vervuiling van deze stromen kan leiden tot afkeur, hogere verwerkingskosten en lagere opbrengsten. Daarom blijven we ook in 2027 en de daaropvolgende jaren controles uitvoeren op de kwaliteit van PMD en GFT. Door vervuiling en afkeur terug te dringen, kunnen de grondstoffen hoogwaardiger worden verwerkt en wordt een minder sterke stijging van de kosten verwacht.

30 Invoering 2026 - nieuw pakket van afspraken voor de inzameling van PMD-verpakkingen Per 1 januari 2026 geldt een nieuw pakket van afspraken voor de inzameling van PMD-verpakkingen. Een belangrijk punt hierin is de naar kwaliteit gestaffelde vergoeding per ton ingezamelde PMD. Dit beoogt gemeenten ertoe aan te zetten om kwaliteits-bevorderende maatregelen te nemen. Om deze maatregelen te treffen, biedt de landelijke organisatie Verpact ook de mogelijkheid om gebruik te maken van cofinanciering van de kosten. In Woudenberg werken we samen met onze partners, waaronder Verpact en afvalinzamelaar ROVA, aan het verbeteren van de kwaliteit van het ingezamelde PMD. Dit gebeurt onder meer via gerichte communicatiecampagnes, voorlichting en educatieve activiteiten gericht op het juist scheiden en aanbieden van afval. Hiermee streven we naar minder vervuiling en afkeur van de ingezamelde PMD-stroom. Naast de al vermelde voorloopcontroles op aangeboden PMD-minicontainers en voortbordurend op de ook in Woudenberg succesvol uitgevoerde proef “PMD wegen op de zijlader”, gaat ROVA vanaf 2028 in Woudenberg PMD-minicontainers daadwerkelijk wegen op de zijlader. Te zware PMD- minicontainers zijn een indicatie voor vervuiling en worden gecontroleerd.

Lachgasproblematiek In de verwerkingscontracten die AVU met verwerkers afsluit, zijn afspraken opgenomen over de afhandeling van risicovolle of kostenverhogende afvalstromen, waaronder lachgascilinders. De risico’s voor de huidige contractperiode zijn hiermee grotendeels contractueel afgedekt. Wel loopt er nog een claim uit het verleden, waarvan de financiële gevolgen op dit moment nog niet definitief bekend zijn. Afhankelijk van de uitkomst kan dit leiden tot een beperkte aanvullende bijdrage van de deelnemende gemeenten aan de AVU. Financieel Landelijk is ervoor gekozen om rijksheffingen zoals de afvalstoffenbelasting en de CO₂- heffing de komende jaren flink te laten stijgen. Deze stijgingen bepalen in toenemende mate het totale verwerkingstarief van restafval. Hierdoor gaat het verwerkingstarief voor restafval steeds meer uit belastingen bestaan. De stijgingen leiden ook tot verdergaande stijging van de afvalstoffenheffing, die huishoudens dienen te betalen. Gemeenten kunnen die kostenstijging naar verwachting slechts beperkt dempen door bijvoorbeeld het restafvalaanbod (niet te rigide) terug te dringen via afvalpreventie, diftar systemen (zoals het diftar-systeem dat nu in Woudenberg in werking is) en verbetering van de kwaliteit van afvalscheiding, zodat de schone grondstoffen voldoende geld blijven opbrengen dan wel in de verwerking minder duur zijn dan restafval.

Deze maatregelen zijn effectief, maar wegen mogelijk niet op tegen de omvang van de landelijke belastingstijgingen. Tegelijkertijd blijven we inzetten op communicatie en voorlichting richting inwoners. Daarbij benadrukken we o.a. dat het verminderen van de hoeveelheid restafval de meest effectieve manier is om de kostenstijging voor huishoudens zoveel mogelijk te beperken. Door afval beter te scheiden en waardevolle grondstoffen uit het restafval te houden, kunnen inwoners zelf bijdragen aan een beheersbare afvalstoffenheffing. Ontwikkelingen toekomstbestendige buitendienst en milieustraat De uitwerking van het onderzoek naar een toekomstbestendige buitendienst en milieustraat loopt door in 2026 en 2027. Op basis van de resultaten worden voorstellen voorbereid voor de toekomstige inrichting van de buitendienst, gemeentewerf en milieustraat. De ambitie voor een circulair ambachtscentrum wordt hier tevens in meegenomen. Deze voorstellen kunnen financiële, organisatorische en personele consequenties hebben. De raad wordt hierover op een later moment afzonderlijk geïnformeerd en om besluitvorming gevraagd. Eventuele gevolgen voor de organisatie en medewerkers worden betrokken bij de verdere uitwerking van de voorstellen.

31 Effect 1- Een veilige openbare ruimte Maatschappelijk effect 1 - Een veilige openbare ruimte Openbare ruimte: Wat willen we bereiken? De openbare ruimte vervult belangrijke functies die bijdragen aan het welzijn van mens, milieu, economie en natuur. Het beheer van de openbare ruimte dient een evenwichtig verdeelde aandacht te geven aan deze functies. We richten ons op integraal en kwaliteit gestuurd beheren van de openbare ruimte. Hiermee wordt een goed ingerichte, optimaal en duurzaam beheerde openbare ruimte beoogd die intact, schoon, veilig en groen is. We hanteren de B/C-norm voor de kwaliteit van de openbare ruimte. De term ‘IBOR’ (‘Integraal Beheer Openbare Ruimte’) is de noemer waaronder gemeente Woudenberg deze ontwikkelingen schaart en deze dragen bij aan de visie van het programma Leefomgeving. Integraal beheer openbare ruimte staat voor alle maatregelen om de openbare ruimte op het gewenste kwaliteitsniveau te krijgen en in stand te houden. Deze benadering gaat ervan uit dat de openbare ruimte als één geheel wordt ervaren en dat de inrichtings-, onderhouds- en gebruikskwaliteit bij elkaar moeten passen. Kwaliteit van onderhoud, inrichting en gebruik openbare ruimte (alle aspecten): A+=Zeer goed, A=Goed, B= voldoende, C=matig, D=slecht We hanteren de B/C-norm voor de kwaliteit van de openbare ruimte.

32 Openbaar Groen Wat willen we bereiken? In het groenbeleidsplan wordt onderscheid gemaakt in de volgende beeldkwaliteitsniveaus Beeldkwaliteit: Functie: A Kijkgroen B Groenaankleding B/C Recreatiegroen C Natuurgroen Wat gaan we ervoor doen? We blijven ons inzetten om de gehanteerde streefwaarde A, B en C voor de kwaliteit van de functie gebieden in de openbare ruimte te behouden. Dit doen we door middel van regulier beheer. Samen met onze inwoners gaan we, op basis van het Groenbeleidsplan, werken aan de thema’s die ons vandaag de dag bezighouden: klimaatadaptatie, natuur en biodiversiteit, innoveren en verduurzamen en burgerparticipatie. In het uitvoeringsplan Groen staan de maatregelen om de doelen voor eerdergenoemde thema’s op het gebied van openbaar groen en landschap te halen. Daarbij streven we bijvoorbeeld naar toename van het percentage bomen op gemeentegrond en gebruiken we geen verboden chemische bestrijdingsmiddelen bij het beheer van de openbare ruimte. Wel gaan wij verder met het op een duurzame wijze bestrijden van invasieve exoten in onze gemeente volgens het plan van aanpak Invasieve exoten. Dit doen wij samen met de inwoners; zij zijn onze ogen buiten en helpen ons bij het opsporen van exoten. Bij de bestrijding kiezen we altijd voor de omgeving minst schadelijke methode en houden we rekening met overige flora en fauna.

Zo bestrijden en beheersen we roepen we samen de opmars van ongewenste soorten een halt toe. Spelen en bewegen We geven uitvoering het beheer van de heringerichte speelruimten in woonwijken volgens het nieuwe uitvoeringsplan en MJOP Spelen. Bij de ontwikkeling van Hoevelaar fase 2 wordt in samenspraak met bewoners speelruimte gecreëerd in de woonrijp maak fase van de wijk. Bij de ontwikkeling van nieuwe plekken is inclusiviteit een belangrijk thema. Hierdoor ontstaan plekken die voor alle lagen van de samenleving aantrekkelijk zijn en waarin iedereen kan meedoen. Hondenvoorzieningen Vanwege de afname van de beschikbare losloopruimte voor honden binnen- en buiten de bebouwde kom en toename van het areaal bebouwde kom vanwege groei van het dorp werken we aan voldoende losloopvoorzieningen verspreid over het dorp. In de wijken De Grift en Het Groene Woud zullen nieuwe hondenlosloopvelden gerealiseerd worden. Afval en grondstoffen: Wat willen we bereiken? De gemeente Woudenberg wil een gemeente zijn waarin afval zoveel mogelijk beperkt wordt en het afval dat toch ontstaat zoveel mogelijk wordt hergebruikt als grondstof voor nieuwe producten. Wat gaan we ervoor doen? Eind 2020 heeft de gemeenteraad het Grondstoffenbeleidsplan 2021-2025 vastgesteld. Hierin is beleid op het gebied van preventie, inzameling en verwerking van huishoudelijke afval- en grondstoffen vastgelegd.

Vervolgens is middels de uitvoering van diverse maatregelen en activiteiten 33 uit het Uitwerkingsplan 2021-2023 en uit het Uitwerkingsplan 2024-2025 erop ingezet om de doelstellingen in dit beleidsplan te halen. Gebleken is dat de doelstelling in genoemd Grondstoffenbeleidsplan 2021-2025 om het restafvalaanbod terug te dringen te rigide is. Landelijk is de doelstelling meer komen te liggen op het gebied van kwaliteitsbehoud en -verbetering van grondstoffen in combinatie met minder rigide, maar wel doorgaande reductie van het restafvalaanbod. In de 2e helft van 2026 gaan we daarom aan de slag met de herijking van ons beleid, bij welk traject de raad betrokken wordt. Na raadsvaststelling van het nieuwe beleid stelt het college daarna een nieuw Uitwerkingsplan vast. Bij de opstelling van het nieuwe beleid en het nieuwe Uitwerkingsplan wordt bekeken of en zo ja, welke nieuwe budgetten nodig zijn. Begraven Wat willen we bereiken? Voldoende ruimte voor het begraven van Woudenbergers. Wat gaan we ervoor doen? We monitoren de begraafcapaciteit en sturen actief op verlopen grafrechten. Wanneer grafrechten niet worden verlengd bij het aflopen van grafrusttermijnen kunnen grafbedekkingen worden verwijderd en de grafruimte worden aangemerkt voor toekomstige ruimingen en begravingen.

Wandelpaden Wat willen we bereiken? Behouden van aantrekkelijke recreatieve wandelroutes door het buitengebied van Woudenberg en de regio. Om hiermee zowel in de inwoners als de (dag)toeristen te stimuleren tot een gezonde wandeling door het buitengebied van Woudenberg. Wat gaan we ervoor doen? Samen met de betrokken partijen zoals landgoedeigenaren en agrariërs hebben we aandacht voor het veilig in stand houden en verbeteren van de wandelroutes en klompenpaden in onze gemeente. 34 Effect 2- Borgen verkeersveiligheid Maatschappelijk effect 2 - Borgen verkeersveiligheid Wat willen we bereiken? Vrijwel iedereen komt dagelijks in aanraking met verkeer en daarmee automatisch met verkeersveiligheid. Het belang van een goede verkeersveiligheid wordt onderstreept door de landelijke statistieken van stijgende verkeersdoden onder fietsongevallen met 75-plussers. Binnen het (landelijk) kader van ‘duurzaam veilig’ zetten alle overheden zich in voor een verbetering van de verkeersveiligheid. De gemeente Woudenberg heeft aandacht voor alle weggebruikers, waaronder de meer kwetsbare verkeersdeelnemers zoals fietsers en voetgangers. In Woudenberg zien we sinds 2014 een lichte daling van het aantal verkeersslachtoffers. • | In 2023 zijn er binnen Woudenberg 15 verkeersslachtoffers geregistreerd, waarvan 1 dodelijk slachtoffer.

• | In 2024 zijn er binnen Woudenberg 13 verkeersslachtoffers geregistreerd, waarvan 0 dodelijke slachtoffers. • | In 2025 zijn er binnen Woudenberg 13 verkeersslachtoffers geregistreerd, waarvan 0 dodelijke slachtoffers. Deze cijfers zijn gebaseerd op geregistreerde ongevallen door de politie. Wat gaan we ervoor doen? Conform het wegbeheerplan (2023-2027) en de landelijke normen van het CROW voert de gemeente Woudenberg onderhoud uit aan bestaande wegen en paden. Dit onderhoud komt ten goede aan de verkeersveiligheid. Behalve door onderhoud aan bestaande wegen worden ook middelen ingezet voor de realisatie van nieuwe verkeersmaatregelen gericht op verkeersveiligheid zoals bijvoorbeeld verkeersdrempels, verkeerstellers met display en fietsparkeervoorzieningen. | Ook zal in de komende jaren de aanpak van verkeersveiligheid en infrastructuur worden geïntensiveerd, dit resulteert in de volgende projecten/acties: • | Rotonde N224/N226, herinrichting met vrijliggende busbaan en fietstunnel | . • | Herinrichting verkeer en afwatering van het oostelijk deel van de bestaande wijk Laanzicht te combineren met uitvoering van de rioolvervangingen in het kader van de klimaatadaptatie. Per jaar wordt een gedeelte van de beschreven wijk aangepakt. • | De rotonde Europaweg | – Stationsweg West wordt veiliger ingericht voor fietsers en voetgangers | .

• | Op een aantal wegen in het buitengebied het verharden van de bermen met grasbetonblokken. • | Aan de slag met het opstellen van een omgevingsprogramma mobiliteit, waarin beleidskeuzes en uitkomsten van onderzoeken worden vertaald naar een overzicht van projecten om de verkeersveiligheid doelmatig te verbeteren. 35 Deze projecten/acties zijn noodzakelijk om de verkeersveiligheid en de verkeersinrichting te borgen en het wegennet klaar te maken voor de toekomstige groei afkomstig van de nieuwe woonwijken. Daarnaast werken de gemeente Woudenberg en de Provincie Utrecht nauw samen om overlast van zowel de N224 alsmede N226 zoveel mogelijk te voorkomen. De aanpassing van de rotonde N224/N226 komt tot uitvoering. De provincie is trekker van het project en daarmee initiatiefnemer van de procedures. Naast het onderhoud van bestaande wegen en renovaties, is binnen diverse projecten (P.Potterlaan, A. Cuyplaan, Hoevelaar, Griftdijk en diverse inbreidingslocaties) nadrukkelijk aandacht voor het ontwikkelen van een verkeersveilige leefomgeving. Verder zijn we in 2024 door middel van participatie in gesprek getreden met inwoners om meer zicht te krijgen op verkeersonveilige knelpunten in het dorp en verwerken we uitkomsten hiervan vervolgens in ons beleid.

Deze informatie zal worden gebruikt bij het opstellen van het omgevingsprogramma mobiliteit, waar, na afronding van de omgevingsvisie, mee zal worden gestart. Handhaving valt onder programma 3 ‘veiligheid’. De politie en de gemeentelijke Boa besteden aandacht aan verkeersveiligheid door, waar nodig, verkeersdeelnemers op gedrag aan te spreken en eventueel te handhaven. Hierbij wordt gehandeld vanuit het uitvoeringsprogramma integrale veiligheid. In samenwerking met de provincie Utrecht, Veilig Verkeer Nederland, Fietsersbond en andere gemeenten wordt ingezet op het aanbieden van permanente verkeerseducatie. Per jaar worden verkeer educatieve activiteiten georganiseerd die zich richten op verschillende leeftijdsgroepen. 36 Effect 3- Geen toename van wateroverlast Maatschappelijk effect 3 - Geen toename van wateroverlast door klimaatontwikkelingen. Wat willen we bereiken? Als gevolg van klimaatontwikkelingen ontstaan de laatste jaren in Nederland steeds vaker, steeds hevigere regenbuien. Als gevolg hiervan komt het vaker voor dat het rioolstelsel de neerslag tijdelijk niet kan verwerken, waardoor gedurende een korte tijd “water op straat” ontstaat. Het idee dat de neerslag altijd door het riool verwerkt kan worden, moet worden losgelaten.

In de plaats hiervan wordt bij hevige regenbuien gekeken naar berging van de neerslag in de openbare ruimte (wegen, groenstroken, etc.) zonder schade aan gebouwen. Ook zetten we in op vergroening van de leefomgeving om de nadelige gevolgen van klimaatverandering niet toe te laten nemen. Wat gaan we ervoor doen? De maatregelen uit het BWKP worden in de komende jaren (2020-2029) verder uitgevoerd. Herinrichting en daarmee aanleg regenwater riool in de wijk Laanzicht Oost wordt naar verwachting in 2028 afgerond. Herinrichtingen van straten zal, na afronding van de herinrichting van de wijk Laanzicht Oost, in de wijk De Grift West verder opgepakt worden naar verwachting vanaf 2030 tot en met 2035. Tevens wordt er extra waterberging gerealiseerd in de zuidelijke randzone, waarmee de kans op wateroverlast in de bebouwde kom afneemt. Acties om de waterkwaliteit te verbeteren, en daarmee positief bij te dragen aan de doelstellingen uit de KRW (kaderrichtlijnwater), zijn in het nieuwe Waterplan opgenomen en worden de komende jaren uitgevoerd. Zo worden de foutaansluitingen (afvalwater op regenwater) opgespoord en opgeheven en wordt met de campagne “Hier begint de zee” bewoners ervan bewust gemaakt dat alleen regenwater in een rioolput (kolk) thuishoort (en bijvoorbeeld geen afval en hondenpoep).

De samenwerkingen binnen het Platform Water Vallei en Eem, de gemeente Scherpenzeel en het Waterschap Vallei en Veluwe worden verder voortgezet, met name om de kwetsbaarheid binnen de regio te verminderen en kennis te vergroten op het gebied van onder andere klimaatadaptatie.

37 Indicatoren Indicatoren Indicatoren | Definitie | Wijze van meten | Norm | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 Beeldkwaliteit | Kwaliteit van | CROW-monitor | B/C | B/C | B/C | B/C | B/C onderhoud, | openbare ruimte inrichting en | (jaarlijks in de gebruik | maand oktober). openbare ruimte (A= goed, B= voldoende, C= matig, D=slecht). Beleving | Beleving van | Onderdeel van de | 7,5 | 7.5 | 7.5 beeldkwaliteit | fysieke | gemeentemonitor leefbaarheid | Woudenberg, om de openbare | twee jaar. ruimte uitgedrukt in een rapportcijfer. Verkeersveiligheid | Welk percentage | Inventarisatie als | Norm van het | onderdeel van | nog gemeentelijk | wegencategorisering | bepalen wegennet voldoet aan de inrichtings- kenmerken van Duurzaam Veilig? Beleving | Percentage | Onderdeel van de | 40% | 30% | ....% verkeersveiligheid | bewoners dat te | Gemeentemonitor | (2021) hard rijden als | Woudenberg, om de belangrijkste | twee jaar. buurtprobleem aanduidt Wateroverlast | Berekende | Jaarlijks | 97% | 98% | 99% | 99% | 99% oppervlak | aanpassingen | (2023) bebouwde kom | verwerken in dat voldoet aan | rioleringsmodel en het gestelde | berekenen conform toetsingskader | BWKP-methode. BWKP 38 Verbonden partijen/ samenwerkingspartners Verbonden partijen/Relevante samenwerkingspartners Verbonden partijen: N.V. ROVA, Afvalverwijdering Utrecht (AVU).

Relevante samenwerkingspartners: Amfors, Waterschap, Platform Water Vallei en Veluwe, Provincie Utrecht. Wat gaat het kosten? Wat gaat het kosten? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten opgenomen die aan het programma verbonden zijn. Bedrag in euro's (Lasten en nadelen worden met een “min” teken gepresenteerd) Programma 2 Leefomgeving Begroting Begroting Begroting Begroting 2027 2028 2029 2030 Lasten -6.487.754 -6.474.166 -6.303.947 -6.311.647 Baten 4.155.775 4.127.744 4.128.890 4.128.963 Resultaat programma 2 voor bestemming -2.331.979 -2.346.423 -2.175.057 -2.182.684 Resultaat in begroting 2026 -2.301.433 -2.197.536 -2.102.026 -2.102.026 Verschil begroting t.o.v. meerjarenbegroting 2026 -30.547 -148.887 -73.031 -80.658 39 Financiële toelichting programma 2 Bedrag in euro's (Lasten en nadelen worden met een “min” teken gepresenteerd) 1. IBOR (hogere kosten € 37.500 structureel) De verschillende mutaties betreffen: • Openbaar groen € 32.500 hogere kosten structureel : Het groenonderhoud in de wijken wordt voor een groot deel gedaan door medewerkers van Amfors en Groen uitzendbureau. In de begroting 2026-2029 was rekening gehouden met een loonindexering van 5 % voor 2026. De werkelijke loonindexering voor 2026 bij Groen uitzendbureau is 15 %.

Rekening houdend met de hogere loonindexering voor 2026 en een geraamde loonindexering voor 2027 van 5 % stijgen de inhuurkosten 2027 ten opzichte van de begroting 2026-2029 met structureel € 32.500. • Kleine verschillen € 5.000 nadelig: onderhoud begraafplaats. 2. Overige leefomgeving (lagere kosten € 5.535 structureel) • Verschuiving aparte post afschrijvingskosten onderhoud infra bij De Olijfboom naar totale post afschrijvingen programma 2 ad. € 11.785. • Kleine verschillen € 6.250 nadelig: extra afschrijvingslasten buitenwegen. 3. Begraven (per saldo lagere lasten € 24.000 structureel) • Verschuiving aparte post afschrijving uitbreiding begraafplaats naar totale post afschrijvingen programma 2 ad. € 20.000. • Kleine verschillen € 4.000 voordelig: opbrengst begrafenisrechten. 4. Doorberekening afval en riool (overhead en andere (indirect) toerekenbare kosten tussen de € 19.173 en € 47.897 voordelig) Stijging van de directe kosten voor afval en riolering wordt verwerkt in de tarieven. Aanpassingen hierin hebben in principe geen invloed op het begrotingsresultaat. Dat geldt dus ook voor de verhoging van de toerekening van loonkosten aan afval en riolering. Programma 2 Leefomgeving Verwerkt Budgettair 2027 2028 2029 2030 kaderbrief neutraal 1.

IBOR -37.500 -37.500 -37.500 -37.500 Openbaar groen (inhuur derden) Ja Nee -32.500 -32.500 -32.500 -32.500 Kleine verschillen Nee Nee -5.000 -5.000 -5.000 -5.000 2. Overige leefomgeving 5.535 5.535 5.535 5.535 Wegen (extra afschrijvingslasten olijfboom nu in werkelijke afschrijvingen) Nee Ja 11.785 11.785 11.785 11.785 Kleine verschillen Nee Nee -6.250 -6.250 -6.250 -6.250 3. Begraven 24.000 24.000 24.000 24.000 Kapitaallst uitbr begraafplaats nu in werk. Kap.lst Nee Ja 20.000 20.000 20.000 20.000 Kleine verschillen Ja Nee 4.000 4.000 4.000 4.000 4. Afval en riolering 19.173 38.928 40.483 47.897 Afval (hogere kosten) Nee Ja -135.620 -113.744 -113.511 -113.511 Afval (aanwending voorziening afval) Nee Ja 121.035 93.004 94.150 94.223 Afval (opbrengstgrondstoffen) Nee Ja 22.930 22.930 22.930 22.930 Afval (opbrengst afvalstoffenheffing) Nee Ja 29.721 29.721 29.721 29.721 Afval saldo is dekking extra kosten BTW en overhead Nee Nee 38.066 31.911 33.290 33.363 Riool (kosten) Nee Ja 7.209 -112.458 -113.297 -148.255 Riool (opbrengst rioolheffenheffing) Nee Ja 127.000 127.000 127.000 127.000 Riool (voorziening Riool) Nee Ja -153.102 -7.525 -6.510 35.789 Riool saldo is dekking extra kosten BTW en overhead Nee Nee -18.893 7.017 7.193 14.534 5. Overige kosten -41.754 -179.849 -105.549 -120.590 Loonkosten excl.

afval en riolering (verdeling per progr) Nee Nee -20.592 -144.778 -64.778 -64.778 Afschrijvingslasten Nee Nee -21.162 -35.071 -40.771 -55.812 Totaal -30.546 -148.886 -73.031 -80.658 40 De hogere toerekening van loonkosten leidt indirect echter ook tot een hogere toerekening van overhead aan afval en riolering en de tarieven daarvan. Omdat de kosten van overhead reeds elders in de begroting staan, leidt de hogere toerekening van loonkosten aan afval tot een positief effect op de begroting. Hogere directe kosten op afval en riolering hebben ook een indirect effect op bijvoorbeeld de BCF toerekening (op inkopen), kwijtscheldingen en toerekeningen vanuit bijvoorbeeld invordering belastingen en het vegen van wegen. In totaal betreft dit een positief effect van tussen de € 19.173 en € 47.897. Vanaf 2024 lopen de kosten afval op door loon | - en prijsstijgingen. De verwachting is dat de voorziening egalisatie afvalstoffenheffing stapsgewijs zal dalen naar € | 200.000 (eind 2026). Gezien de stijgende kosten en alle ontwikkelingen zal de komende jaren de tarieven voor afvalstoffenheffing stijgen aangezien dekking via de voorziening afvalstoffenheffing dan niet meer mogelijk is. We verwachten in 2027 een tekort op afval van circa € 200.000. Dat is ongeveer € 3 | 4 per huishouden.

We stellen voor | 25 % van het tekort in 2027 ten laste te brengen van de voorziening egalisatie afvalstoffenheffing en 75 % te dekken via aanpassing van de afvaltarieven. Het tarief vastrecht zal in 2027 stijgen van € 256 naar € 280 (= € 24 stijging per huishouden). Het aanbieden van restafval per keer zal met € 0,50 stijgen en het aanbieden van zak restafval ondergrondse container per keer zal met € 0,10 stijgen. 5. Overige kosten (hogere kosten variërend tussen € 41.754 en € 179.849) • | Loonkosten : De totale loonkosten worden jaarlijks toegerekend aan de diverse programma’s en projecten. Ten opzichte van 202 | 6 wordt in 2027 t/m 2030 tussen de € 20.592 en € 144.778 meer loonkosten toegerekend aan programma 2. De loonkosten worden toegelicht bij de paragraaf Bedrijfsvoering verderop in de begroting. • | Afschrijvingslasten : Stijging afschrijvingslasten op basis van actualisering investeringen programma 2 (verschuiving in kosten variërend van € 21.162 tot € 55.812 nadelig). Het gaat onder andere om de investeringen vervanging geluidsscherm Het Zeeland | , vervanging bruggen Pijlkruid, onderhoud infra bij De Olijfboom en uitbreiding begraafplaats. • | De meeste kosten zitten in het wijkgericht aanpakken van riolering, straten en groen | . 41 3.

Veiligheid Veiligheid - Programma 3 Visie van het programma Woudenberg is een gemeente waarin inwoners zich veilig voelen, weerbaar zijn, omzien naar elkaar en waar respect de basisnorm is. Overlast en (ondermijnende) criminaliteit zijn een uitzondering en worden integraal aangepakt. Wat houdt het programma in? Onder programma veiligheid valt de brandweerzorg (Veiligheidsregio Utrecht), voorbereidingen met betrekking tot rampen en crisisbeheersing, toezicht in het publieke domein en diverse samenwerkingsvormen, zoals Bureau Regionale Veiligheidsstrategie, het Zorg- en Veiligheidshuis Utrecht en het RIEC Midden-Nederland. Kosten die verbonden zijn aan uiteenlopende initiatieven, maatregelen of projecten op het gebied van veiligheid worden gedekt uit het programma veiligheid.

42 Trends en ontwikkelingen Trends en ontwikkelingen • Digitalisering is diep doorgedrongen in het dagelijks leven. Tegelijkertijd nemen de risico’s toe: cybercriminaliteit is constant in ontwikkeling en kent steeds nieuwe verschijningsvormen, zoals identiteitsfraude, digitale oplichting, misbruik van AI-technologie en aanvallen op essentiële infrastructuur. • Het maatschappelijk klimaat verhardt. Wederzijds begrip en tolerantie nemen af en uitingen van ongenoegen gaan niet zelden gepaard met intimidatie, het plegen van strafbare feiten en bedreiging van mensen met een publieke taak, zoals hulpverleners, politiemensen, ambtenaren, politici en bestuurders. • De georganiseerde drugscriminaliteit is verankerd in Midden-Nederland. Criminele netwerken maken structureel gebruik van jonge aanwas, geweld en intimidatie, en opereren steeds professioneler. • Zorgfraude en ondermijnende criminaliteit is een groot en groeiend probleem in Nederland. Het is vaak georganiseerd en ondermijnend. Publiek zorggeld verdwijnt naar criminelen in plaats van naar mensen die zorg nodig hebben. • Jeugd blijft kwetsbaar voor ondermijnende criminaliteit. Jongeren worden op steeds jongere leeftijd benaderd, geronseld en betrokken bij criminele activiteiten. De combinatie van lokale drugsnetwerken, groepsdruk, sociale media en de aantrekkingskracht van snel geld vergroot dit risico.

• Mensenhandel blijft een groot maatschappelijk probleem. Arbeidsuitbuiting, criminele uitbuiting en seksuele uitbuiting komen landelijk in wisselende vormen voor, zowel zichtbaar als onzichtbaar, vaak verweven met andere vormen van ondermijning. • De jeugd in Woudenberg vraagt bijzondere aandacht. Er wordt intensief samengewerkt met ketenpartners zoals wijkagenten, Jeugd-Punt, De Kleine Schans en de afdeling Sociaal Domein. Wij richten ons op vroeg signalering, preventie van escalatie en versterking van de binding met jongeren, waarbij elke partner vanuit eigen taken en bevoegdheden bijdraagt aan een gezamenlijke aanpak. • De capaciteit van de hele veiligheidsketen - politie, Openbaar Ministerie en Rechtbank - staat sterk onder druk. Hierdoor moeten scherpe keuzes worden gemaakt aan welke zaken opvolging wordt gegeven. • In 2024 is het Integraal Veiligheidsplan voor het basisteam Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg vastgesteld, met thema’s als georganiseerde ondermijnende (drugs)criminaliteit inclusief mensenhandel, verbetering van digitale veiligheid, aanpak van cybercriminaliteit, maatschappelijke onrust en versterking van maatschappelijke verbinding. Het Integraal veiligheidsplan ZBLW sluit aan op het Veiligheidsstrategie 2023-2026.

43 • Voor 2026-2027 is hierbij ook weer een gezamenlijk uitvoeringsplan opgesteld. In het uitvoeringsplan zijn gerichte acties op bovenstaande thema’s opgenomen, waarbij het vergroten van de meldingsbereidheid onder inwoners van Woudenberg één van de speerpunten blijft. • Uit het Regionaal Risicoprofiel (RRP) van de Veiligheidsregio Utrecht uit 2023 blijken de volgende trends en ontwikkelingen op het gebied van crisisbeheersing. Naast de klassieke flitsramp zal er steeds vaker sprake zijn van langdurige/dreigende crises. • Onder invloed van klimaatverandering worden weersomstandigheden extremer en minder voorspelbaar, zo vormt natuurbrand een groter veiligheidsrisico. • De energietransitie leidt tot de introductie van nieuwe energiebronnen en -dragers met nieuwe risico’s. • Als gevolg van extramuralisatie en vergrijzing krijgt de VRU tijdens een crisis vaker te maken met verminderd zelfredzame mensen. • De verdergaande digitalisering leidt tot meer digitale verstoringen. In 2026 wordt een nieuw Regionaal Risicoprofiel opgesteld. 44 Maatschappelijk effect 1 Maatschappelijk effect 1 - Gezamenlijk aanpakken cybercrime Wat willen we bereiken? Cybercriminaliteit blijft zich snel ontwikkelen en neemt steeds complexere vormen aan. Bij cybercriminaliteit worden misdaden gepleegd met een ICT-middel die gericht zijn op ICT.

Bij digitale veiligheid gaat het om klassieke delicten die via een ICT-middel gepleegd worden en op de mens gericht zijn. Het is onze ambitie om de digitale weerbaarheid van inwoners, ondernemers en eigen organisaties te versterken. Wat gaan we ervoor doen? We zetten hiervoor in op bewustwording, preventie, opsporing en vervolging. Daarnaast blijven we ons ontwikkelen op het gebied van kennis, samenwerking met andere partijen en het herkennen van nieuwe vormen van digitale criminaliteit en cybercrime. Dit bereiken we door: • Weerbaarheid: we verhogen de bewustwording en weerbaarheid van onze inwoners, zoals bij ouderen, ondernemers en jongeren. We vergroten de kennis rond dit thema bij onze interne medewerkers, maar ook bij externe partners. Hierbij maken wij gebruik van nieuwe en innovatieve instrumenten en werken wij samen met partners, zoals Platform Veilig Ondernemen (PVO) en het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (het CCV). • Meer inzicht vanuit de politie en het OM rond daders en slachtoffers. Een aanpak met de veiligheidspartners rond preventie, repressie en nazorg voor de slachtoffers. Hieronder zijn de acties voor 2027 toegelicht: Senioren Om senioren cyberweerbaar te maken organiseren we in 2027 in samenwerking met de bibliotheek een interactieve workshop.

In de workshop helpen we inwoners zich online beter te beschermen, door diverse vormen van fraude te leren herkennen. Op een toegankelijke, laagdrempelige en interactieve manier wordt per type fraude aangegeven hoe dit wordt toegepast in de praktijk, wat je eraan kunt doen om het te voorkomen en welke stappen je kunt ondernemen als je er ingetrapt bent. Ondernemers Het Platform Veilig Ondernemen Midden-Nederland organiseert cybercrime-trainingen voor ondernemers. Tijdens de training leren ondernemers meer over cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit en hoe zij zich hiertegen kunnen wapenen. De trainingen geven inzicht in wat er op dit moment speelt bij MKB-bedrijven, wat collega-ondernemers is overkomen en wat daarvan de gevolgen zijn geweest. Ook krijgen deelnemers praktische preventietips. Wij brengen de trainingen onder de aandacht van ondernemers in Woudenberg.

45 Maatschappelijk effect 2 Maatschappelijk effect 2 – Bestrijding ondermijnende criminaliteit Wat willen we bereiken? Samen met professionals signaleren, voorkomen en bestrijden van de onzichtbare criminaliteit die het gezag ondermijnt en het vertrouwen van de samenleving in de autoriteiten aantast. Daarnaast willen we de gemeente Woudenberg en haar inwoners weerbaarder maken tegen ondermijnende criminaliteit. Wat gaan we ervoor doen? Een persoonsgerichte aanpak op de toename van jonge criminelen en doorgroeiers; preventief en meer aan de voorkant komen samen met partners als het onderwijs en sociaal domein. Als het om complexe casuïstiek gaat, wordt er samengewerkt met onder andere het Zorg- en Veiligheidshuis. De politie en het Openbaar Ministerie houden zich bezig met de strafrechtelijk aanpak rond ondermijning: • Het verstoren en terugdringen van criminele geldstromen door cruciale rollen aan te pakken en barrières op te werpen om drugsgeld in de bovenwereld te investeren. Gemeenten dragen bij via vergunningen, toezicht en handhaving, Wet Bibob en andere bestuursrechtelijk instrumentarium. Politie en het OM zorgen via strafrecht en bestuurlijke rapportages voor naleving van juridische eisen.

• We richten ons op het aanpakken van branches en locaties die betrokken zijn bij of kwetsbaar zijn voor criminele samenwerkingsverbanden (csv) die drugs en geld produceren en opslaan. We delen signalen over deze branches en locaties in het lokale signaleringsoverleg en organiseren integrale controles om meer inzicht te krijgen in illegale activiteiten. Op deze manier willen we de invloed van csv's op deze sectoren en gebieden verminderen. • We gaan meer zicht krijgen op de problematiek van mensenhandel in de gemeenten Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg. Het is van groot belang dat we ons bewust zijn van de gevaren en het feit dat slachtoffer- en daderschap vaak in elkaar overlopen. Om dit aan te pakken, gaan we de juiste expertise inschakelen en slachtoffers de juiste zorg bieden terwijl we daders ontmoedigen. Daarom werken we samen met het Regionale Informatie- en Expertise Centra (RIEC) en ontwikkelen we beleid rondom dit thema. We streven ernaar om binnen de gemeenten Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg tot een uniform beleid te komen en zetten in op bewustwording van signalen, met name onder leden van het sociaal wijkteam en toezichthouders/Boa's die veel zien en signalen kunnen opvangen en delen. • Wij gaan in ieder geval één keer per jaar een integrale controle organiseren in het kader van ondermijning.

Dat vergt goede samenwerking en afstemming binnen het gemeentehuis en met de vele externe partners, zoals de politie, het Openbaar Ministerie, het RIEC, de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit en de Arbeidsinspectie.

46 Hieronder zijn de acties voor 2027 toegelicht: Digitaal Opkopers Register (DOR) en Digitaal Opkopersloket (DOL) Beschikken over een uitgewerkt en uitvoerbaar beleid voor het Digitaal Opkopers Register (DOR). Alle ondernemingen binnen de goudbranche zijn opgenomen in het Digitaal Opkopersloket en aangesloten op het DOR. Uitvoeringsplan mensenhandel De gemeenten Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg stellen, met ondersteuning van de RIEC- projectleider, een concreet handelingskader en (handhavings)beleid op tegen mensenhandel. Dit plan richt zich op een uniforme aanpak van overtreders én op bescherming van slachtoffers. Integrale controle mensenhandel Binnen het grondgebied van de gemeenten Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg worden minimaal twee integrale controles uitgevoerd op signalen van illegale prostitutie. Het doel is het tijdig signaleren en stoppen van mogelijke mensenhandel. Afhankelijk van de signalen wordt bepaald in welke gemeente(n) de controles worden uitgevoerd. Integrale controle of preventieve interventie buitengebied of bedrijventerrein In iedere gemeente binnen het ZBLW-basisteam wordt minimaal één integrale controle of preventieve interventie uitgevoerd, zoals het voeren van knock-and-talkgesprekken of het organiseren van een bijeenkomst met ondernemers in het buitengebied of met ondernemers op een bedrijventerrein.

Dit kan eventueel in samenwerking met het Platform Veilig Ondernemen. Ondermijning in de zorg We investeren in 2027 in awareness op dit thema. Samen met collega's uit het Sociaal Domein sluiten we aan bij activiteiten die door het RIEC worden georganiseerd op het thema zorgfraude. Met partners maken we inwoners alert om signalen van zorgfraude te melden. Daarnaast wordt het thema een vast punt op de agenda van de werkgroep ondermijning. Gemeentelijk Signalenoverleg Ondermijning (GSO) Elke gemeente binnen het ZBLW-basisteam richt een structureel GSO in. Een GSO draagt bij aan versterking van de informatiepositie, juridische borging, weerbaarheid, ketensamenwerking, daadkracht, en daarmee ook de effectiviteit van de aanpak. SVO-buitengebied In het vorige uitvoeringsplan stond de actie Keurmerk Veilig Ondernemen (KVO) buitengebied. Na overleg met Platform Veilig Ondernemen Midden-Nederland (PVO), hebben wij besloten van start te gaan met de werkgroep Samen Veilig Ondernemen-Buitengebied (SVO) in plaats van een KVO. Het SVO is net als het KVO een initiatief gericht op het creëren van een veilig en gezond buitengebied, waarbij publieke en private partijen in een werkgroep samenwerken.

Echter biedt SVO meer mogelijkheden om in te spelen op de specifieke lokale situatie, meer flexibiliteit in de opzet van de samenwerking, minder regeldruk en administratieve lasten zoals bijvoorbeeld verplichte audits. 47 Maatschappelijk effect 3 Maatschappelijk effect 3 - Verbindingen tussen zorg en veiligheid Wat willen we bereiken? De onderlinge verbinding tussen het zorg- en veiligheidsdomein versterken en verbeteren. We kennen elkaars aanpak, we maken afspraken en leren van casuïstiek en leggen lokaal en bovenlokaal benodigde verbindingen. Wat gaan we ervoor doen? Sommige inwoners hebben te maken met complexe problemen op het snijvlak van zorg en veiligheid. Denk aan personen met onbegrepen gedrag, slachtoffers van huiselijk geweld of jongeren die in een kwetsbare situatie verkeren. Door vroegtijdig signalen op te vangen en samen te werken met zorginstellingen, wijkteams en de politie, willen we ervoor zorgen dat niemand tussen wal en schip valt. Dit vraagt om maatwerk en een persoonsgerichte aanpak. • Jeugd is een belangrijk thema binnen de gemeente Woudenberg. Jongeren die in aanraking komen met criminaliteit of risicovol gedrag vertonen, vragen om een gerichte benadering. Binnen de regio zetten we in op nauwe samenwerking tussen scholen, jeugdteams, jongerenwerkers, boa’s, de politie en – waar nodig – het Openbaar Ministerie.

Door vroegtijdig signalen op te vangen en interventies op maat toe te passen, kunnen we escalatie voorkomen. De gezamenlijke inzet van onderwijs, zorg en veiligheid maakt het mogelijk om risicogedrag tijdig te herkennen en jongeren de juiste ondersteuning te bieden, zodat zij zich positief kunnen ontwikkelen en op het juiste pad blijven. • Op casusniveau versterken we de inzet op persoonsgerichte interventies rondom thema’s zoals onbegrepen gedrag, nazorg voor ex-gedetineerden, radicalisering, huiselijk geweld en overlast gevende of criminele personen. Verdere ontwikkeling op de aanpak rond personen met onbegrepen gedrag onder regie van het sociaal domein. We werken op casuïstiek nauw samen met het Zorg- en Veiligheidshuis Utrecht. • We investeren in preventie door vroegtijdige signalen van problematiek in de wijk actief op te pakken. Door snel hulpverlening te organiseren en het strafrecht waar nodig als ondersteunend middel in te zetten, voorkomen we escalatie naar overlast en criminaliteit. • Een verdere kwaliteitsslag in de samenwerking tussen ketenpartners, zoals de GGZ, de politie, Regionale Sociale Dienst, woningbouwcoöperaties en zorg rond de thema’s zorg en veiligheid. Door een goed traject op te zetten en gezamenlijk een plan te maken. • We verdiepen onze kennis op de bovengenoemde thema’s door het analyseren van casussen en trends.

Door te reflecteren op de praktijk en hiervan te leren, verbeteren we continu onze aanpak en vergroten we onze effectiviteit in het zorg en veiligheidsdomein.

48 Hieronder zijn de acties voor 2027 toegelicht: Lokale persoonsgerichte aanpak Iedere gemeente binnen het ZBLW-basisteam heeft een lokale persoonsgerichte aanpak georganiseerd. In het PGA-overleg wordt periodiek en in afstemming met ketenpartners lokale casuïstiek besproken. In 2027 gaan we de PGA-aanpak in Woudenberg bestendigen. Elke gemeente kan complexe casuïstiek, wanneer nodig, opschalen naar het Zorg- en Veiligheidshuis Utrecht. Lokaal jeugdoverleg Het Lokaal jeugdoverleg heeft een signaalfunctie als het gaat om beter zicht te krijgen op de jeugd in Woudenberg en potentieel risicovolle jeugdigen, die tot de groep jonge aanwas kunnen gaan behoren. De gemeente betrekt hierbij het jongerenwerk, de scholen, de politie en de (jeugd)boa’s. Learning Community Zorg & Veiligheid De vier gemeenten binnen het basisteam en betrokken ketenpartners hebben een Learning Community Zorg & Veiligheid ingericht. Binnen deze leeromgeving delen we ook in 2027 actief kennis, ervaringen en leerpunten uit casuïstiek en aanpakken, om zo gezamenlijk te groeien in effectiviteit en samenwerking. Jeugd Sinds het UVP van 2024-2025 is er meer aandacht gekomen voor jeugd in Woudenberg, vanwege een overlastgevende jeugdgroep. Voor specifiek deze jeugdgroep is het 7-stappenmodel toegepast. Ondanks dat deze aanpak effect heeft gehad, zijn er nog steeds zorgen over jeugd in Woudenberg.

Om actief in te blijven zetten op problematiek met betrekking tot jeugd, werken we nauw samen met verschillende ketenpartners, zoals de wijkagenten, De Kleine Schans, afdeling sociaal domein van de gemeente en Jeugd-Punt. Deze partners zijn aanwezig bij het casusoverleg actieteam jeugd, welke één keer in de acht weken plaatsvindt. Tijdens dit casusoverleg wordt de stand van zaken met betrekking tot jeugdoverlast/overlastlocaties besproken. Bij deze bespreking kan, indien nodig, overgegaan worden tot de volgende maatregel: aanwezigheid van jongerenwerker, wijkagent of boa op overlastlocaties. Deze maatregel richt zich op vroegtijdige signalering en directe aanpak van jeugdoverlast en dit kan zorgen voor binding met jongeren, preventie van escalatie en snellere opvolging bij ongewenst gedrag. Daarnaast kan er gezamenlijk een plan van aanpak opgesteld worden, waar elke partner zijn eigen bevoegdheden en taken in kan zetten. Op deze manier wordt er zo breed mogelijk samengewerkt en ingezet op de jeugd in Woudenberg. 49 Maatschappelijk effect 4 & 5 Maatschappelijk effect 4 & 5 – Adequaat reageren op maatschappelijke onrust & verhogen meldingsbereidheid Wat willen we bereiken? Een wendbare en stabiele samenleving in vrijheid en verbondenheid. Daarnaast is vergeleken met eerdere periodes al vooruitgang te zien in de meldingsbereidheid.

Er wordt meer gemeld via Meld Misdaad Anoniem dan voorheen, daarnaast zijn inwoners ook zelf op de lijn gekomen bij de gemeente. Maar we blijven ons inzetten op een nog betere meldingsbereidheid. Meldingen helpen bij het gericht kunnen nemen van maatregelen. Wat gaan we ervoor doen? We willen als gezamenlijke overheid weten wat er speelt in onze buurten en wijken. We gaan de dialoog aan met onze bewoners en we willen in verbinding zijn met de personen (en organisaties) die maatschappelijk ongenoegen ervaren. We streven naar een gedeeld basisniveau waarmee we op een effectieve manier met maatschappelijke onrust omgaan. We delen kennis, organiseren oefeningen en overleggen met lokale veiligheidspartners over rollen en samenwerking. Radicalisering en extremisme vallen ook onder maatschappelijke onrust. Behouden, herstellen en versterken van de verbinding met de samenleving en groepen daarbinnen is een continu proces. Mogelijke maatschappelijke dreiging willen we vroegtijdig signaleren en een effectief overheidsoptreden bewerkstelligen. Dit betekent samenwerken als één overheid en als collectieven verbinding leggen met de groepen waar het om gaat: langs de lijnen die verbinden, met een open houding.

Hieronder zijn de acties voor 2027 toegelicht: Maatschappelijke verbinding Voor het inwinnen van signalen over maatschappelijke onrust, extremisme en radicalisering gaan de ZBLW-gemeenten een lokaal overleg inrichten. Hierdoor kunnen gemeenten inspelen op toekomstige maatschappelijke onrust en zorgen voor maatschappelijke verbinding in de gemeente en samenleving. Onderzoek Regionale Veiligheidsstrategie (RVS): online onderzoek door gemeenten Bureau RVS heeft onderzoek gedaan naar hoe gemeenten online onderzoek kunnen doen naar maatschappelijke onrust en hoe daar vervolgens tegen te kunnen interveniëren. De ZBLW- gemeenten gaan in 2027 vervolg geven aan de resultaten van dit onderzoek.

50 Handreiking Radicalisering en Extremisme Bureau RVS gaat een handreiking schrijven voor gemeenten in Midden-Nederland om te leren om te gaan met signalen van radicalisering en extremisme. Ook gaan er door Bureau RVS kennissessies gegeven worden aan professionals binnen de gemeentelijke- en politieorganisatie om deze signalen te herkennen en handelingsperspectieven te bieden. In 2027 gaan de ZBLW-gemeenten verder met het uitvoering geven aan de handreiking. Trainingen Radicalisering en Extremisme We investeren in het uitbreiden van de kennis over radicalisering en extremisme, delen kennis en opgedane ervaringen met elkaar. Dit doen de ZBLW-gemeenten om goed onderbouwde beleidskeuzes te kunnen maken, waarbij ook de kennis van professionals over het herkennen en melden van signalen over radicalisering getraind blijft worden. Deze trainingen worden aangevraagd via de versterkingsgelden. Bondgenoten Het opzetten van het bondgenotenoverleg. De bondgenotenmethodiek bestaat uit een belangrijk netwerk van sleutelfiguren op lokaal niveau. Het doel is om ervoor te zorgen dat in tijden van onrust partijen als politie, gemeente en gemeenschap niet tegenover maar juist naast elkaar staan. Communicatie Samen met andere partners, bijvoorbeeld met onze bondgenoten, blijven wij ons inzetten op het vergroten van de meldingsbereidheid van inwoners, ondernemers en bezoekers.

Dit gaan wij doen door te communiceren hoe en waar meldingen gedaan kunnen worden. Gemeente en politie werken interactief Het opbouwen van vertrouwen door middel van warme contacten is essentieel. Een goed interactie tussen inwoners en overheid speelt hierbij een belangrijke rol. We verhogen de zichtbaarheid en herkenbaarheid van de boa's om laagdrempelig contact met inwoners, jeugd en ondernemers mogelijk te maken om overlast en vandalisme in de kiem te smoren. Meld Misdaad Anoniem campagnes Campagnes van Meld Misdaad Anoniem kunnen ingezet worden om de meldingsbereidheid in Woudenberg te vergroten. We sluiten aan bij Meld Misdaad Anoniem campagnes die passend zijn voor de gemeente. 51 Overige ontwikkelingen Overige ontwikkelingen Een belangrijke partner die een bijdrage levert aan een veilige fysieke leefomgeving is de Veiligheidsregio Utrecht (VRU). Samen met VRU wordt de brandweerzorg in Woudenberg en de crisisbeheersing georganiseerd, en verder organiseert de VRU advies en toezicht bij de leefomgeving. Ontwikkelingen VRU De wet veiligheidsregio’s schrijft voor dat het bestuur van de veiligheidsregio eenmaal in de vier jaar een beleidsplan (bestuursagenda) vaststelt. De bestuursagenda beschrijft de koers voor de komende jaren. De huidige bestuursagenda is gebaseerd op het Regionaal Risicoprofiel uit 2023.

In 2026 wordt een nieuw Regionaal Risicoprofiel opgezet, in 2027 zal dan een nieuwe bestuursagenda volgen. Eind 2025 is besloten tot het toekomstscenario 'op orde', hierin investeren alle 26 gemeentes in de VRU zodat de VRU op orde kan komen om knelpunten op te lossen. In 2027 en verder start de financiering van dit besluit. Huisvesting VRU In 2026 gaat de verkenning en besluitvorming verder t.a.v. de visie op de huisvesting. Bij de huisvesting gaat het om keuzes waarbij de huisvesting in toenemende mate samen - met alle 26 gemeentes - gedragen wordt. De huisvesting van de brandweerpost wordt nu door gemeente ingericht, onderhouden en bekostigd. Veerkracht en weerbaarheid De afgelopen jaren is er aandacht gekomen voor crises die veel veerkracht en weerbaarheid van de samenleving vragen. Dit houdt in dat een crisis zo’n grote impact heeft dat iedereen er mee te maken kan krijgen. Een voorbeeld van zo’n risico is een langdurige grootschalige stroomuitval. De regio Utrecht kan hier de komende jaren mee worden geconfronteerd volgens de netbeheerder. Maar hier wordt ook gedacht aan risico’s met een mogelijk grote impact zoals extreem weer, cyberincidenten en een verslechterde veiligheidssituatie door geopolitieke spanningen. In 2026 voert Woudenberg een plan van aanpak veerkracht uit.

Hierin worden stappen gezet om de veerkracht van de gemeente en haar inwoners te versterken, het gaat om: • bewustwording en communicatie over weerbaarheid en veerkracht; • het activeren van de Woudenbergse netwerken op dit thema; • het in kaart brengen van de kritieke processen van de gemeente; • hoe noodsteunpunten te organiseren; • het maken van een uitvoeringsplan.

52 Natuurbrandbeheersing Negen natuurbrandgemeentes, waaronder Woudenberg, en de VRU bundelen de krachten om de voorbereiding op een onbeheersbare natuurbrand op de Utrechtse Heuvelrug te versterken. Onderdeel van dit regionale project is een gebiedsgerichte aanpak van de 16 risicogebieden op de Utrechtse Heuvelrug met een gestapeld risico. In 2026 is de eerste fase van de gebiedsgerichte aanpak van het Henschotermeer en omgeving afgerond. Vanaf 2027 en verder – de tweede fase - zullen de maatregelen die uit deze aanpak komen, worden omgezet naar een meerjaren uitvoeringsplan. Dierenopvang In Woudenberg worden dieren die zonder eigenaar worden aangetroffen op dit moment opgevangen bij Dierentehuis Zeist (DTZ). Het gaat hierbij vooral om katten. In 2026 vinden contractonderhandelingen plaats tussen DTZ, Woudenberg en een aantal andere gemeenten. Deze onderhandelingen hebben gevolgen voor de financiering vanaf 2027. Jarenlang heeft DTZ dieren onder de marktprijs opgevangen. Om te voldoen aan onze wettelijke verplichtingen wordt bij een contractverlenging bij DTZ een significante kostenverhoging verwacht voor het opvangen van € 40.000 naar ruim € 51.000 dieren vanaf 2027 en verder.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/4293/documents/79316