05. Bijlage 1. a. Memo voorstel dashboard financiele gezondheid.pdf
Tekst van het document
Memo
Onderwerp
Voorstel dashboard financiële gezondheid
Aanleiding De gemeente Woudenberg heeft de wens om de financiële gezondheid van de gemeente nu en in de toekomst in beeld te hebben en te houden. Met behulp van externe ondersteuning is in dit kader een dashboard financiële gezondheid gemaakt. Het dashboard bevat in totaal 23 indicatoren verdeeld over vijf categorieën. De resultaten per indicator zijn daarbij gewogen en hebben een duiding gekregen variërend van donkergroen (een 8) tot rood (een 4). Deze uitkomsten geven weer wat nodig is om te komen tot een financieel gezond Woudenberg. Het geeft ons uitgangspunten om toekomstige begrotingen, investeringen en reserveringen op te baseren en het effect van ontwikkelingen op de financiële gezondheid te monitoren. Voorstel aanwijzen vijf belangrijkste indicatoren Het college stelt voor om ten aanzien van de volgende vijf indicatoren een target en streefwaarde vast te stellen om de resultaten van deze indicatoren de komende jaren te verbeteren. Aansluitend worden de indicatoren kort toegelicht: 1. 2. 3. 4. 5.
Eigen vermogen (per inwoner) Weerstandsratio Actualiseren beheer- en investeringsplannen Investeringsquote (%) Raming (herverdeling) gemeentefonds
1. Eigen vermogen (per inwoner)
streefwaarde € 1.500 met minimale ondergrens € 1.000 Het eigen vermogen per inwoner is een maat voor de buffer die de gemeente heeft voor het opvangen van tegenvallers. Het college stelt voor om het eigen vermogen per inwoner als belangrijke indicator aan te wijzen en tevens een streefwaarde met een minimale ondergrens vast te stellen. Hiermee volgt het college ook een aanbeveling op uit de financiële scan die de provincie Utrecht in mei 2021 heeft opgeleverd. In de navolgende tabel is het eigen vermogen per inwoner berekend aan de hand van de stand van de reserves. Na toevoeging van het jaarrekeningresultaat 2022 is het totaal van de algemene reserve en bestemmingsreserves eind 2022 € 14.698.000. Dit totaal gedeeld door 14.600 inwoners resulteert in een eigen vermogen per inwoner van € 1.007. Voor de jaren erna is telkens de mutatie zoals in de Kadernota 2024 is opgenomen, toegevoegd dan wel onttrokken aan het saldo einde jaar ervoor.1 1
Omwille van de overzichtelijkheid is in deze berekening rekening gehouden met een gelijkblijvend inwoneraantal. Het inwoneraantal in Woudenberg zal de komende jaren echter toenemen. Hierdoor moet het eigen vermogen jaarlijks toenemen om richting het bedrag van de streefwaarde te blijven. Indien het inwoneraantal in enig jaar met bijvoorbeeld 300 inwoners groeit zal, bij een minimale ondergrens van € 1.000 eigen vermogen per inwoner, het totale eigen vermogen met minimaal (300 inwoners * € 1.000 =) € 300.000 moeten groeien (eigenlijk zelfs €
Stand algemene reserve Aantal Eigen vermogen Jaartal en bestemmingsreserves inwoners per inwoner eind 2022 € 14.698.000 14.600 € 1.007 eind 2023 € 15.698.000 14.600 € 1.075 eind 2024 € 16.158.000 14.600 € 1.107 eind 2025 € 16.628.000 14.600 € 1.139 eind 2026 € 15.828.000 14.600 € 1.084 15.028.000 14.600 € 1.029 eind 2027 € Uit de resultaten van het dashboard blijkt dat het gemiddelde eigen vermogen per inwoner van de referentiegemeenten uitkomt op € 1.503 per inwoner. Dit is aanzienlijk hoger dan het eigen vermogen per inwoner na verwerking van de mutaties uit de Kadernota 2024. Gezien het huidige financiële beeld voor de komende jaren wordt het niet realistisch geacht dat Woudenberg binnen een paar jaar naar het eigen vermogen per inwoner van de referentiegemeenten toe kan groeien. De eerste prioriteit blijft evenwel het presenteren van een sluitende begroting. Zodoende stelt het college voor om het bedrag van € 1.500 als streefwaarde te hanteren en een ondergrens van € 1.000 te benoemen. Als het eigen vermogen per inwoner onder deze grens komt, zal het college met voorstellen komen om deze minimale ondergrens weer te bereiken. Indien de ondergrens wel gehaald is, wordt op een meer passieve wijze het eigen vermogen aangevuld, namelijk vanuit positieve jaarresultaten.
Door het eigen vermogen per inwoner als belangrijke indicator te benoemen wordt het belang onderstreept om positieve begrotingsresultaten te blijven benutten voor versterking van de reservepositie. 2. Weerstandsratio absolute ondergrens van 4 De weerstandsratio betreft de omvang van de geïnventariseerde risico’s ten opzichte van de aanwezige reservecapaciteit. Een weerstandsratio van 1 of groter geeft aan dat de beschikbare weerstandscapaciteit toereikend is voor het eenmalig opvangen van deze risico’s. Hoewel er geen harde norm is voor een gewenste omvang van de weerstandsratio, stelt het college voor om een target te bepalen als absolute ondergrens. Door dit op 4 te zetten zou de gemeente de geprognosticeerde risico’s in principe voor vier jaar uit de aanwezige reserves kunnen dekken indien de risico’s zich allemaal tegelijk en in volle omvang voordoen. In de tussenliggende jaren heeft de gemeente de gelegenheid om de effecten van de risico’s volledig in de reguliere begroting te verwerken. Doordat de weerstandsratio uit twee componenten bestaat, kan er ook op twee manieren op deze ratio gestuurd worden. Enerzijds wordt de ratio hoger als de aanwezige reservecapaciteit toeneemt, anderzijds zijn de geïnventariseerde risico’s een bepalende factor.
In de paragraaf weerstandsvermogen van de begroting is per risico beschreven wat de kans is dat dit risico zich voordoet en is vervolgens een bedrag aan dit risico gekoppeld. Deze paragraaf wordt jaarlijks herzien. In het kader van dit dashboard en het aanwijzen van de weerstansratio als belangrijke indicator, zal het college deze paragraaf bij de begroting 2025 qua opzet en inhoud grondig herijken. In de huidige conceptbegroting 2024 is voor een bedrag van € 2,6 miljoen aan risico’s geïdentificeerd. Deze risico’s afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit (inclusief onbenutte belastingcapaciteit) resulteert in de begroting 2024 in een weerstandsratio van 3,4. Indien de omvang van deze risico’s nagenoeg gelijk blijft en de reserves worden aangevuld zoals beschreven bij de vorige belangrijke indicator “eigen vermogen per inwoner” resulteert eind 2025 een weerstandsratio van nog steeds onder de 4. Het advies om kaders te stellen voor de bandbreedte waarbinnen de weerstandsratio zich moet bevinden volgt ook uit de aanbevelingen van de financiële scan van de provincie Utrecht. 3. Actualiseren beheer- en investeringsplannen
vanaf begroting 2026 80% < 5 jaar
390.000 om binnen de bandbreedte van minimaal € 1.300 eigen vermogen per inwoner te komen).
Uit het onderzoek blijkt dat relatief veel beheer- en investeringsplannen een ouderdom hebben van vijf jaar of meer. Dit brengt het risico met zich mee dat er geen actuele beheerraming is verwerkt in de begroting. Het college stelt voor dat bekeken wordt welke beheer- en investeringsplannen geactualiseerd moeten worden en stelt daarbij het target voor dat vanaf de begroting 2026-2029 80% van de beheer- en investeringsplannen met financiële importantie niet ouder is dan vijf jaar. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen wordt bij de begroting 20252028 een classificering van deze financiële importantie toegevoegd. 4. Investeringsquote (%) consequent en tijdig ramen De investeringsquote is de indicator die de toename van de vaste activa op de balans de achterliggende vier jaar meet ten opzichte van de baten van de gemeente. Het is een indicator van de instandhouding van het voorzieningenniveau van de gemeente. Het feit dat Woudenberg op dit onderdeel laag scoort is mede een gevolg van de lastige financiële jaren die de gemeente achter de rug heeft. Hierdoor zijn weinig tot geen nieuwe investeringen gedaan en zijn investeringen soms uitgesteld. In samenhang met het actualiseren van de beheer- en investeringsplannen komt er meer aandacht voor de benodigde vervangings-investeringen. Een bandbreedte of hard bedrag vaststellen is op dit moment geen doel op zich.
Het gaat er namelijk om te doen wat nodig is om het voorzieningenniveau op peil te houden. Zodra de beheer- en investeringsplannen geactualiseerd zijn en de geplande investeringen in beeld zijn, zal het college een target of bandbreedte vaststellen ten aanzien van de investeringsquote. Daarnaast zal het college de raad de komende begrotingen actief informeren over de stand van zaken ten aanzien van dit quote zodat de raad inzicht heeft in de ontwikkeling en de stappend die het college in dit kader zet. 5. Raming (herverdeling) gemeentefonds lobby en aandacht blijven vragen De uitkomst van de herverdeling van het Gemeentefonds laat zien dat Woudenberg er € 115 per inwoner op achteruit gaat. Gezien dit forse nadelige bedrag stelt het college voor om dit als vijfde belangrijke indicator te benoemen. In dit kader heeft de externe adviseur reeds onderzocht waarom Woudenberg zo negatief scoort. In bijgevoegde memo “Uitkomsten Herverdeling Gemeentefonds Gemeente Woudenberg” en de bijbehorende presentatie is dit uitgewerkt en toegelicht. Dit inzicht geeft ons de mogelijkheid om ook richting het Rijk zo goed mogelijk aandacht te kunnen blijven vragen voor de problematiek. Daarnaast is via de inbreng van de wethouder financiën deze herijking onderdeel geworden van de uitvoeringsagenda van de financiële kopgroep van de K80.
Zijn lidmaatschap van deze kopgroep is ook mede bedoeld om onze invloed zo goed mogelijk aan te wenden en hopelijk te zorgen dat het uiteindelijke effect voor Woudenberg mee zal vallen. De voorgaande vijf indicatoren uit het dashboard zijn in de versie van 22 mei jl. rood of oranje gekleurd; wat wil zeggen dat ze kwalificeren als waarschuwingssignaal en aandacht nodig is of zelfs onvoldoende en urgente aandacht nodig is. De volgende indicatoren kwalificeren ook als rood en/of oranje maar hiervan stelt het college gemotiveerd voor om deze niet als belangrijke indicator te benoemen: - Structurele exploitatieruimte / exploitatieresultaten - Houdbaarheidsquote (%) - Belastingcapaciteit Structurele exploitatieruimte / exploitatieresultaten De structurele exploitatieruimte geeft aan in welke mate er evenwicht is tussen structurele inkomsten en structurele uitgaven c.q. in welke mate exploitatieresultaten incidenteel van aard zijn. Het exploitatieresultaat zelf is het percentage van de totale lasten. De lagere score wordt veroorzaakt door de gevolgen van het ravijn vanaf 2026. Los van de inzet om het Rijk om dat punt tot inkeer te brengen, is de mate van beïnvloeding op deze indicator gering. Zodoende stelt van het college voor om de structurele exploitatieruimte / exploitatieresultaten niet als belangrijke indicator(en) te benoemen.
Houdbaarheidsquote (%) De houdbaarheidsquote is het percentage van de lasten die een gemeente moet ombuigen bij een gestandaardiseerd slechtweerscenario. Ten aanzien van deze indicator zien we dat de gemeente Woudenberg fors meer moet ombuigen dan een gemiddelde gemeente in Nederland om een slechtweerscenario te doorstaan. Aan deze quote ligt een complex rekenmodel ten grondslag. Sturing op deze quote is alleen mogelijk via de onderliggende financiële stromen die zijn opgenomen in deze quote (onder andere schuldpositie, omvang van de investeringen en de
omvang van de netto lasten). Om de Woudenbergse houdbaarheidsquote te verbeteren (en dus een hogere score op dit percentage te bewerkstelligen) zou fors moeten worden bezuinigd of moeten worden ingezet op extra structurele inkomsten. Bezuinigingen is voor de jaren 2024 en 2025 niet aan de orde maar voor 2026 e.v. mogelijk wel om een sluitende begroting op te stellen. Hoewel het college de noodzaak onderschrijft om flexibel te kunnen reageren op ontwikkelingen, ziet het college de komende jaren een aantal ontwikkelingen aankomen (de tekorten van 2026 e.v. en de impact van een hoger bedrag aan eigen middelen vanuit de herijking van het gemeentefonds) welke van invloed gaan zijn op de houdbaarheidsquote. Hierdoor stelt het college voor om de houdbaarheidsquote voorlopig niet als belangrijke indicator te benoemen om direct op te sturen maar deze quote wel te monitoren en de onderliggende oorzaken te onderzoeken indien deze indicator te hoog uitslaat of blijft staan. Belastingcapaciteit Ten slotte scoort de indicator belastingcapaciteit in 2022 oranje. Dit omdat het niveau van de geheven lokale lasten ten opzichte van het Nederlands gemiddelde hoog scoort. De begroting laat evenwel een dalende trend zien waardoor deze indicator voor 2023-2026 voldoende scoort. Hierdoor stelt het college voor om hier waakzaam op te zijn maar dit voorlopig niet als belangrijke indicator te benoemen.
Bijlagen Dashboard financiële gezondheid Memo Uitkomsten Herverdeling Gemeentefonds Gemeente Woudenberg Presentatie Herverdeling Meicirculaire 2022 Gemeente Woudenberg augustus 2023