05 09 Provincie Zienswijze Ontwerpbestemmingsplan Woudenberg 20240304 (Geanonimiseerd)
Tekst van het document
PROVINCIE
5;
UTRECHT
Gemeente Woudenberg Postbus 16 3930 EA
WOUDENBERG
DATUM
ZAAKKENMERK NUMMER KIC BRIEENAN UW
04 maart 2024 Z-PU-2023-002813 D-PU-2024-00003330
TEAM
29 december 2023
Rak
GRO
(geanonimiseerd)
REFERENTIE DOORKIESNUMMER
NUMMER
E-MAILADRES
ONDERWERE
BIJLAGE(N)
Zienswijze ontwerpbestemmingsplan Voskuilerdijk 26
Geachte raad, Uw college van Burgemeester en Wethouders heeft met ingang van 29 december 2023 het ontwerpbestemmingsplan Voskuilerdijk 26 ter inzage gelegd. Het college heeft ons hierover conform lid 1 sub b van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) geïnformeerd.
Wij brengen naar
op
grond
het hierna
van
omschreven
ruimtelijk beleid
onze
zienswijzen
opvattingen
en
artikel 3.8,
over
dit plan
voren.
Het provinciaal beleid
ruimtelijk beleid is neergelegd in de Omgevingsvisie Provincie Omgevingsverordening Provincie Utrecht (IOV).
Het provinciale
bijbehorende
Utrecht
en
geborgd
in de
Interim
In de IOV, die op 1 april 2021 in werking is getreden, zijn algemene regels opgenomen over de inhoud, toelichting of onderbouwing van onder meer bestemmingsplannen. Hiermee willen we een aantal provinciale belangen laten doorwerken
naar
het
gemeentelijke
niveau. Om
deze
belangen
te
borgen
kunnen
wij zo nodig
het
instrumentarium uit de Wro inzetten.
Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan geeft onderdelen
van
ons
aanleiding
zin kunnen
de installatie.
Ook is daarmee
wij
af te splitsen
zienswijzen
ten aanzien
van
de
volgende
het doel
van
en de opzet van het bestemmingsplan onderschrijven. Door de vergister qua agrarisch bouwperceel wordt recht gedaan aan het niet-agrarische karakter van bereikt dat er een duidelijk verschil is tussen de vergister en het agrarische bedrijf.
het
Dit zal in de toekomst eventuele verdere activiteiten
vergisting energietransitie
van
het plan:
Algemeen In algemene bestemming
van
tot het indienen
biomassa van
beter toetsbaar
(bijvoorbeeld mest, maaisel, GFT)
fossiele
naar
hernieuwbare
bronnen.
tot
en
biogas
handhaafbaar maken. of groen gas
een
Daarnaast
bijdrage
in de
biedt de
Landschappelijke inpassing/situering gebouwen Bijgebouw 3 wordt voor de rooilijn van de woning geplaatst wat vanuit ruimtelijk perspectief niet wenselijk is. ,
Vanuit landschappelijk perspectief is het geen wenselijke ontwikkeling wanneer bebouwing wordt uitgebreid over de kavelgrens heen. Van origine wordt dit gebied gekenmerkt door onregelmatige blokverkaveling waarbij vrijwel alle kavels werden omrand door groen. Sinds de jaren ’50 zijn veel groene kavelranden verdwenen wat een aantasting van het karakteristieke landschap is. De voorliggende ontwikkeling zet in op het herstellen van kavelbeplanting. Dit wordt door ons als positief gezien. ,
,
De positionering van de bomenrijen in het plan alswel de keuze van de plantsoort zijn niet passend bij het gebied. De twee bomenrijen aan de zuidzijde van de kippenschuren gaan niet mee met de verkavelingsrichting waardoor afbreuk wordt gedaan aan een herkenbare landschapsstructuur. Daarnaast is de toepassing van slechts Salix alba hier niet toepasselijk. Kenmerkend voor kavelbeplanting in dit gebied is een afwisseling van Wilg met ook Els en Eik. Wij doen de suggestie voor een kavelbeplanting die landschappelijke lijnen volgt. Wanneer bomen niet alleen langs de kavel maar ook op de kavel nodig zijn dan kan vanuit landschappelijk perspectief beter gekozen worden voor een boomgaardstructuur. Deze kan bestaan uit losse fruitbomen verspreid over het perceel. Verkeer Uit de toelichting blijkt dat het aantal vrachtwagens met transporten ten behoeve van de vergister zal verdubbelen tot maximaal 13 per dag. Voor het bestaande niet intensief gebruikte wegennet is dat een flinke toename. Het wegprofiel van de omliggende en toeleidende wegen is zeer smal. In de toelichting wordt aangegeven dat er voor een deel van de route eenrichtingsverkeer voor de vrachtauto’s mogelijk is. Het is echter onduidelijk voor welk deel dit van toepassing is en of dit een afdoende oplossing biedt.
Het bovengenoemde wegprofiel doet bij ons college gerede twijfel ontstaan of zowel voor het deel waar eenrichtingsverkeer wordt voorgesteld als voor de overige toeleidende wegen een veilige situatie blijft bestaan. Behalve het bescheiden wegprofiel kan ook afgevraagd worden of de draagkracht van de wegen voldoende is. Deze twee factoren tezamen dienen deel uit te maken van de overwegingen. Hoewel deze beoordeling vooral een gemeentelijke bevoegdheid betreft kan deze ook provinciale belangen raken bijvoorbeeld het belang van een gezonde en veilige leefomgeving. ,
,
Voorwaardelijke verplichting Artikel 3. 5. 1. van de planregels voorziet in een voorwaardelijke verplichting met betrekking tot de landschappelijke inpassing. Het valt op dat slechts het gebruik op de gronden met de bestemming “specifieke vorm van agrarisch” betrekking heeft. De versterking van de landschappelijke inpassing heeft echter juist betrekking op de uitbreiding van de vergister en daarmee op het nieuwe bestemmingsvlak “bedrijf”. De realisatie en instandhouding van de elementen die noodzakelijk zijn voor de landschappelijke inpassing moeten als voorwaarde worden gesteld voor het toestaan van de uitbreiding van de vergister. Het artikel voorziet niet in een sanctie of strafbepaling. Gezien het belang van een goede inpassing achten wij een meer dwingende vorm van de voorwaardelijke verplichting noodzakelijk. Het is wenselijk om de realisatie van de verplichting als voorwaarde te stellen voor het verlenen van de benodigde vergunningen voor de bouw van de installatie en dit ook als zodanig in de regels op te nemen. Behalve de bovengenoemde zienswijzen over enkele specifieke aspecten in dit ontwerpbestemmingsplan geeft het plan vanuit de optiek van het provinciaal ruimtelijk belang verder nog aanleiding tot de volgende opmerking. In de inrichtingsschets in de toelichting is per onderdeel aangegeven wat e functie er van zal zijn in de nieuwe situatie.
Aan de zuid-oostelijke hoek van het bestemmingsvlak “bedrijf” is geen functie toegekend. Ook is er geen bebouwing voorzien. Om de ruimtelijke impact te minimaliseren is het wenselijk het bestemmings- en het bouwvlak tot het noodzakelijke te beperken. ,
Z-PU-2023-002813 – D-PU-2024-00003330
2 van 3
Vervolg We
willen
u
met klem verzoeken bij de vaststelling van het plan rekening te houden met de hiervoor geplaatste Ter borging van de provinciale belangen zullen wij zo nodig het instrumentarium uit de Wro
opmerkingen.
—
—
aanwenden.
Hoogachtend, Gedeputeerde Namens
Staten
van
Utrecht,
hen
(geanonimiseerd) edeputeerde
Z-PU-2023-002813
Ruimtelijke
—
On
eling,
D-PU-2024-00003330
Coordinatie
Omgevingsbeleid, Energietransitie,
Milieu
en
Bestuur
3 van 3