CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

04o. bijlage 10 YMCA Kampeerterrein Woudenberg_Bijlage bij de toelichting_Bijlage 10 Vormvrije m.e.r.pdf

Gemeenteraad 22 december 2022, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken7.229 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanmeldingsnotitie merbeoordeling YMCA Kampeerterrein Woudenberg

projectnummer 0470302.100 revisie 0A 6 december 2022

www.anteagroup.nl

Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling YMCA Kampeerterrein Woudenberg projectnummer 0470302.100 revisie 0A 6 december 2022

Auteurs R. Michiels

Opdrachtgever YMCA Management B.V. Soestdijkerweg 10b 3734 MH DEN DOLDER

Gecontroleerd G. Leeuw

datum 6 december 2022

beschrijving definitief

vrijgave

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

Inhoudsopgave 1

Inleiding

1.1 1.2 1.3 1.4

Aanleiding Waarom een m.e.r-beoordeling? Criteria voor het toetsen van activiteiten in een m.e.r-beoordeling? Leeswijzer en bronnen

4

2

Plaats en kenmerken van de activiteit

2.1 2.2 2.3

Beschrijving van de activiteit Werkzaamheden Productie van afvalstoffen (lozing bemalingswater)

3

Kenmerken van het potentiële effect

11

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10 3.11 3.12

Water Bodem Archeologie Landschap en cultuurhistorie Lucht Licht Verkeer en transport Geluid Natuur Gezondheid Externe veiligheid Effectkenmerken

11 11 12 12 12 13 14 15 15 18 18 19

4

Conclusie

21

4 Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

8 8 9 Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

1

Inleiding

1.1

Aanleiding Het Henschotermeer, deels gelegen in de gemeente Woudenberg en deels in de gemeente Utrechtse Heuvelrug, werd voorheen beheerd door het recreatieschap, een samenwerkingsverband tussen de provincie en elf Utrechtse gemeenten. Na het opheffen van het recreatieschap per 1 januari 2018, is het Henschotermeer overgedragen aan een nieuwe pachter/beheerder. Voor het Henschotermeer moest hierna een duurzaam toekomstperspectief geboden worden. Hiervoor is door de YMCA samen met de pachter een visie opgesteld voor het gebied. Het Henschotermeer is onderdeel van Landgoed Den Treek-Henschoten. Het landgoed wil alle recreatieve activiteiten groeperen bij het Henschotermeer. Het YMCA-kampeerterrein is nu gevestigd aan de Paradijsweg in Leusden, maar wordt daarom verplaatst naar het plangebied aan de Zeisterweg 97 in Woudenberg. Op die manier ontstaat er op de huidige locatie in Leusden meer ruimte voor natuur. De ligging van het plangebied is in figuur 1.1 weergegeven. In paragraaf 2.2 wordt verder ingegaan op de werkzaamheden.

Figuur 1.1: Ligging plangebied

De plannen zijn niet geheel mogelijk op basis van het vigerend bestemmingsplan. Om de ontwikkeling mogelijk te maken wordt een nieuwe bestemmingsplan opgesteld. Onderdeel van de ruimtelijke procedure is deze m.e.r.-beoordeling.

1.2

Waarom een m.e.r-beoordeling? Volgens het Besluit milieueffectrapportage dient voor activiteiten van onderdeel D te worden bepaald, of er ten gevolge van de voorgenomen activiteit sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu.

blad 4 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

Afhankelijk van waarschijnlijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu is een milieueffectrapportage (m.e.r., de procedure) al dan niet nodig en dient er wel of geen MER (milieueffectrapport, het document) te worden opgesteld. Dit is ter beoordeling aan het bevoegd gezag. In relatie met voorgenomen ontwikkeling is categorie D 10 uit het Besluit milieueffectrapportage van belang: “De aanleg, wijziging of uitbreiding van skihellingen, skiliften, kabelspoorwegen en bijbehorende voorzieningen, jachthavens, vakantiedorpen en hotelcomplexen buiten stedelijke zones met bijbehorende voorzieningen, permanente kampeer- en caravanterreinen, of themaparken.” Er is hier sprake van vormvrije m.e.r.-beoordeling, omdat de drempelwaarden van deze categorie D 10 uit het Besluit milieueffectrapportage niet worden overschreden. De voorgenomen wijziging heeft geen betrekking op: 1°. 250.000 bezoekers of meer per jaar, 2°. een oppervlakte van 25 hectare of meer, 3°. 100 ligplaatsen of meer of 4°. een oppervlakte van 10 hectare of meer in een gevoelig gebied. De op te stellen aanmeldingsnotitie ten behoeve van de m.e.r.-beoordeling gaat in op de mogelijke negatieve gevolgen voor het milieu. Met deze informatie kan het bevoegd gezag bepalen of er al dan niet een MER dient te worden opgesteld.

1.3

Criteria voor het toetsen van activiteiten in een m.e.r-beoordeling? Wet milieubeheer en m.e.r.-beoordeling Volgens artikel 7.16 Wet milieubeheer deelt de initiatiefnemer het voornemen mee aan het bevoegd gezag. Bij deze mededeling dient in ieder geval de volgende informatie te worden verstrekt: a. een beschrijving van de activiteit met in het bijzonder: 1) een beschrijving van de fysieke kenmerken van de gehele activiteit en voor zover relevant van sloopwerken; 2) een beschrijving van de locatie van de activiteit, met bijzondere aandacht voor de kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de activiteit van invloed kan zijn; b. een beschrijving van de waarschijnlijk belangrijke gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben; c. een beschrijving, voor zover er informatie over deze gevolgen beschikbaar is, van de waarschijnlijk belangrijke gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben ten gevolge van: 1) indien van toepassing, de verwachte residuen en emissies en de productie van afvalstoffen; 2) het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, met name bodem, land, water en biodiversiteit. Hierbij dient ook rekening te worden gehouden met de relevante criteria van bijlage III bij de m.e.r.-richtlijn en, voor zover relevant, met de beschikbare resultaten van andere relevante beoordelingen van gevolgen voor het milieu.

Voorts kan bij de mededeling een beschrijving worden verstrekt van de kenmerken van de voorgenomen activiteit en van de geplande maatregelen om waarschijnlijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu te vermijden of te voorkomen. Op grond van de mededeling (het voorliggende document) neemt het bevoegd gezag uiterlijk zes weken na ontvangst een beslissing omtrent de vraag, of er bij de voorbereiding van het betrokken besluit voor de activiteit vanwege de belangrijke nadelige gevolgen die zij voor het milieu kan hebben een milieueffectrapport moet worden gemaakt (artikel 7.17 Wet milieubeheer). Het bevoegd gezag houdt bij zijn beslissing rekening met de in bijlage III bij de EU Richtlijn MER aangegeven criteria.

blad 5 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

Criteria EU Richtlijn Op grond van de EU Richtlijn MER bijlage III (genoemd in de Wet milieubeheer, artikel 7.16) moet worden getoetst op een aantal criteria. In de voorliggende notitie vindt deze toetsing plaats. 1. Kenmerken van de plannen Bij de kenmerken van de plannen moet in het bijzonder in overweging worden genomen: a) de omvang en het ontwerp van het gehele plan; b) de cumulatie met andere bestaande en/of goedgekeurde plannen; c) het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, met name land, bodem, water en biodiversiteit; d) de productie van afvalstoffen; e) verontreiniging en hinder; f) het risico van zware ongevallen en/of rampen die relevant zijn voor het plan in kwestie, waaronder rampen die worden veroorzaakt door klimaatverandering, in overeenstemming met wetenschappelijke kennis; g) de risico's voor de menselijke gezondheid (bijvoorbeeld als gevolg van waterverontreiniging of luchtvervuiling). 2.

Plaats van de plannen De kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de plannen van invloed kunnen zijn, moet in aanmerking worden genomen, en met name: a) het bestaande en goedgekeurde landgebruik; b) de relatieve rijkdom aan en beschikbaarheid, kwaliteit en regeneratievermogen van natuurlijke hulpbronnen (met inbegrip van bodem, land, water en biodiversiteit) in het gebied en de ondergrond ervan; c) het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden: i. wetlands, oeverformaties, riviermondingen; ii. kustgebieden en het mariene milieu; iii. berg- en bosgebieden; iv. natuurreservaten en -parken; v. gebieden die in de nationale wetgeving zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd; Natura 2000-gebieden die door de lidstaten zijn aangewezen krachtens Richtlijn 92/43/EEG en Richtlijn 2009/147/EG; vi. gebieden waar de milieukwaliteitsnormen, in de wetgeving van de Unie vastgesteld en relevant voor het plan, al niet worden nagekomen of worden beschouwd als niet-nagekomen; vii. gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid; viii. landschappen en plaatsen van historisch, cultureel of archeologisch belang. 3.

Soort en kenmerken van het potentiële effect De waarschijnlijk aanzienlijke milieueffecten van plannen moeten, in samenhang met de onder punten 1 en 2 van deze bijlage hierboven uiteengezette criteria, in aanmerking worden genomen, met aandacht voor het effect van het plan op de in artikel 3, lid 1, uiteengezette factoren, met inachtneming van: a) de orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten (bijvoorbeeld geografisch gebied en omvang van de bevolking die getroffen kan worden); b) de aard van het effect; c) het grensoverschrijdend karakter van het effect; d) de intensiteit en de complexiteit van het effect; e) de waarschijnlijkheid van het effect; f) de verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect; g) de cumulatie van effecten met de effecten van andere bestaande en/of goedgekeurde plannen; h) de mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen.

blad 6 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

1.4

Leeswijzer en bronnen Het vervolg van het rapport is als volgt opgebouwd: • hoofdstuk 2: de plaats van de activiteit en de kenmerken van de activiteit (aard en omvang, de wijze van aanleg); • hoofdstuk 3: de kenmerken van het potentiële effect van de activiteit; • hoofdstuk 4: conclusie. Voor de planinformatie zijn de onderzoeken bijhorende bij het bestemmingsplan “YMCA Kampeerterrein Woudenberg“ evenals de door de opdrachtgever aangeleverde stukken geraadpleegd.

blad 7 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

2

Plaats en kenmerken van de activiteit

2.1

Beschrijving van de activiteit Het totale plangebied heeft een oppervlakte van ongeveer 13 ha. Hier wordt het nieuwe groepskampeerterrein van de YMCA gerealiseerd. De aanleg van het groepskampeerterrein vindt zo veel mogelijk plaats op het gebied dat nu al in gebruik is en bestemd is als kampeerterrein voor de NCC. Het voormalige NCC-kampeerterrein heeft een omvang van circa 3 hectare. Dit terrein wordt daarvoor uitgebreid met 4,78 ha tot een omvang van circa 7,78 hectare.

Figuur 2.1: Ligging plangebied

Het terrein wordt grotendeels ingericht met natuurlijke speel- en kampeervelden, die geschikt zijn voor groepskamperen en door bosstroken van elkaar zijn gescheiden. Er ontstaan hiermee 12 afzonderlijke kampeervelden met daarop een verschillend aantal tenten voor de kinderen en de begeleiding. In totaal komen er ongeveer 140 tenten verspreid over de kampeervelden. Verspreid over het terrein komen verschillende speelvelden. Ook komen er op het terrein op enkele plaatsen sanitaire voorzieningen. Eén van deze kampeervelden wordt ingericht met permanente staanplaatsen. Het bestemmingsplan biedt de mogelijkheid om hiervoor enkele kampeerhuisjes op te richten. Dit wordt gedaan omdat er behoefte bestaat om voor kleine groepen jaarrond de mogelijkheid te bieden gebruik te maken van de locatie. Het maximum van 140 plaatsen is in de planregels geborgd, waardoor er niet meer dan 140 standplaatsen op het terrein mogen komen. De locatie van de tenten wordt zo veel mogelijk in het veld bepaald, waarbij het doel is om zo min mogelijk bomen en struikgewas hiervoor te moeten kappen. zo komen de kampeervelden zo veel mogelijk in de bestaande natuurlijke omgeving liggen. Onderstaande figuur 2.2 is daarom een indicatie van de inrichting van het terrein.

blad 8 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

De tenten worden zoveel mogelijk op een natuurlijke manier ingepast in het huidige bosterrein zodat zo veel mogelijk bestaande bomen kunnen blijven staan en de bosrijke omgeving zo min mogelijk wordt aangetast. In de zuidoostelijke hoek van het terrein is de bouw van een centrale voorziening voorzien. In dit gebouw komt o.a. ruimte voor sanitair, zoals douches en toiletten. Er wordt in het gebouw gekookt voor alle groepen die aanwezig zijn en is er een grotere recreatieruimte om ook binnen te kunnen spelen. Daarnaast is er ruimte voor kantoren en enkele vergaderruimtes. Het organiseren van alle activiteiten op het terrein vergt veel afstemming en voorbereiding dat voor YMCA Nederland vanuit dit centrale gebouw kan worden gedaan. Ook kunnen er in deze ruimtes cursussen aan medewerkers worden gegeven. In het gebouw komt ook ruimte voor medewerkers om te kunnen blijven slapen tijdens het seizoen.

Figuur 2.2: Ontwikkeling YMCA

De ontsluiting van het terrein loopt net als in de huidige situatie via de westkant over het bospad en sluit aan op de N224. Daar waar dat nodig is wordt het huidige pad en de aansluiting op de N224 aangepast, zodat er een veilige aansluiting ontstaat en de weg ten alle tijde gebruikt kan worden ook in geval van calamiteiten. langs de weg komt voldoende ruimte om te kunnen parkeren. Alle wegen en paden worden zoveel mogelijk semi verhard aangelegd. Landgoed Den Treek is voornemens het bestaande ruiterpad en MTB route in Woudenberg aan de randen van het gebied aan te houden. Deze voorzieningen zijn passend in het huidige bestemmingsplan en vormen geen specifiek onderdeel van het bestemmingsplan. Deze huidige gebruiksmogelijkheden worden overgenomen in het nieuwe bestemmingsplan.

2.2

Werkzaamheden Het actuele gebruik van het plangebied verandert na afronding van de activiteiten, er wordt een kampeerterrein met centrale voorziening gerealiseerd. De energie en emissie van voorgenomen ontwikkeling worden bij de effectbeschrijving beschouwd. Voor de mogelijke aanleg- en bouwwerkzaamheden worden diverse mobiele werktuigen en transportmiddelen (zoals vrachtwagens) gebruikt. De energie daarvoor wordt geleverd door dieselolie en soms ook door elektriciteit uit het net. In het kader van de werkzaamheden is geen sprake van specifieke risico’s voor zware ongevallen of rampen in en in de omgeving van het plangebied. Door

blad 9 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

de aanlegwerkzaamheden is, conform regelgeving, sprake van emissies ten aanzien van water, geluid, licht en lucht. Bij de effectbeschrijving in hoofdstuk 3 wordt hierop nader ingegaan.

blad 10 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

3

Kenmerken van het potentiële effect De ontwikkeling en werkzaamheden hebben mogelijk invloed op het milieu. In dit hoofdstuk zijn de mogelijke milieueffecten beschreven.

3.1

Water De initiatiefnemer dient in een vroeg stadium overleg te voeren met de waterbeheerder over een ruimtelijke planvoornemen. Hiermee wordt voorkomen dat ruimtelijke ontwikkelingen in strijd zijn met duurzaam waterbeheer. Het plangebied ligt binnen het beheersgebied van het Waterschap Vallei & Veluwe, verantwoordelijk voor het waterkwantiteits- en waterkwaliteitsbeheer. Bij het tot stand komen van het bestemmingsplan wordt overleg gevoerd met de waterbeheerder over de waterparagraaf. Toetsing Voor het plan is in het bestemmingsplan een digitale watertoets uitgevoerd. De resultaten zijn hierna kort weergegeven. In het plangebied liggen geen belangrijke oppervlaktewateren (zogenaamde primaire of Awatergangen), waterkeringen of gebieden die zijn aangewezen voor regionale waterberging. Dit betekent dat dit plan geen essentiële waterbelangen raakt. Op basis daarvan wordt door het waterschap voor het onderhavige plan een positief wateradvies gegeven. Conclusie Er kan worden geconcludeerd dat er geen noemenswaardige negatieve effecten op het aspect water te verwachten zijn.

3.2

Bodem In het kader van het bestemmingsplan is voor de voorgenomen herinrichting van het plangebied door Lawijn een historisch bodemonderzoek uitgevoerd. De resultaten daarvan zijn hierna kort weergegeven. Het onderzoek is gericht op de geplande bouwlocaties op het terrein van het recreatiegebied. Op basis van de resultaten van het historisch bodemonderzoek, volgen onderstaande resultaten:  Het plangebied was tot het einde van de 19e eeuw in gebruik als zandvlakte en heidegebeid. Aan het einde van de 19e eeuw is de zandvlakte met plaggen bedekt en is het bosgebied aangeplant. In de jaren '30 van de 20e eeuw is gestart met de aanleg van de zandwinplas;  In 1973 is het plangebied officieel in gebruik genomen als recreatieterrein. In verband met de gebruikswijziging zijn op het terrein enkele nieuwe gebouwen gerealiseerd, betreffende een kantoor / clubhuis, een EHBO-post, een kiosk en enkele toiletvoorzieningen;  Ter plaatse van het plangebied is geen sprake van buitentoepassingen van asbesthoudende materialen;  Ter plaatse van het plangebied bevinden zich geen (voormalige) olietanks of opslagplaatsen voor vloeistoffen of chemicaliën;  Ter plaatse van het plangebied is geen sprake van de aanwezigheid van voormalige sloten of specifieke ophooglagen.  Ter plaatse van de locatie is een terreinverharding aanwezig, bestaande uit klinkers en tegels.

Op basis van de informatie uit het vooronderzoek is er voor het voorliggend plan geen sprake van andere specifieke verdachte terreindelen. Vanwege de ligging binnen zone 'Zandgrond' (indeling gemeente Utrechtse Heuvelrug) kunnen in de boven- en de ondergrond diffuse licht verhoogde achtergrondgehaltes voor PCB worden gemeten. Conclusie Er kan worden geconcludeerd dat er geen noemenswaardige negatieve effecten op het aspect bodem te verwachten zijn.

blad 11 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

3.3

Archeologie De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de realisatie van meerdere bouwwerken met een fundering van circa 60 cm onder maaiveld en de bouw van een hoofdgebouw met kelder. De gemeente Woudenberg heeft een archeologische beleidskaart op laten stellen voor haar gebied. De verwachtingswaarden zijn vertaald in archeologische dubbelbestemmingen in de geldende bestemmingsplannen. Deze dubbelbestemmingen zijn overgenomen in het nieuwe bestemmingsplan, waardoor de bescherming van de (verwachte) archeologische waarden wordt gewaarborgd. Conclusie De archeologische waarden zijn voldoende beschermd volgens de geldende dubbelbestemmingen. Ten tijde van omgevingsvergunningen voor het bouwen of aanleggen wordt getoetst aan de regels van de dubbelbestemming. Er kan worden geconcludeerd dat er geen noemenswaardige negatieve effecten op archeologische waarden te verwachten zijn.

3.4

Landschap en cultuurhistorie Het plangebied maakt op basis van de Provinciale Ruimtelijke Verordening deel uit van de 'Cultuurhistorische hoofdstructuur' en van 'Landschap Utrechtse Heuvelrug'. Binnen het plangebied zijn geen aardkundige monumenten dan wel aardkundig waardevolle gebieden aanwezig zijn. Er liggen eveneens geen (Rijks-) monumenten en beschermd stad- of dorpsgezicht binnen het plangebied. Negatieve effecten kunnen daarom uitgesloten worden. Conclusie Er wordt geconcludeerd dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema landschap en cultuurhistorie.

3.5

Lucht Aanlegfase Het in te zetten bouwmaterieel bij de ontwikkeling heeft een tijdelijke emissie naar de lucht. Daarnaast kan bij droge grond door verstuiving enige emissie van stof plaatsvinden. Gezien het feit dat de werkzaamheden plaatsvinden in een beperkt gebied en het tijdelijke karakter van de aanlegwerkzaamheden (en daarmee de emissies), worden de effecten op de luchtkwaliteit niet relevant en verwaarloosbaar geacht. Gebruiksfase Een nadere uitwerking van de regelgeving met betrekking tot het begrip 'niet in betekenende mate' is vastgelegd in het 'Besluit niet in betekende mate' en de 'Regeling niet in betekenende mate'. Met behulp van NIBM-tool (versie 2020) van het ministerie I&M is op een eenvoudige en snelle manier bepaald of het plan niet in betekenende mate bijdraagt (NIBM) aan luchtverontreiniging. Als input hiervoor is het aantal voertuigbewegi ngen ten gevolge van de YMCA zoals berekend is in het stikstofonderzoek ( zie bijlage 6). Dit komt neer op 160 vervoersbewegingen per etmaal. Het aandeel vrachtverkeer is op 2% gesteld, vanwege de toegestane voorzieningen. Uit de berekening met de NIBM-tool volgt dat de maximale bijdrage van het extra verkeer niet in betekenende mate bijdraagt aan de verontreiniging van de luchtkwaliteit. De maximale bijdrage van het extra verkeer bedraagt voor NO2 0,08 µg/m3 en voor PM10 0,01 µg/m3.

De grens voor projecten vanaf welke ze 'in betekenende mate zijn' ligt voor beiden op 1,2 µg/m3. De bijdrage blijft ruimschoots onder de grens.

blad 12 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

De Rijksoverheid brengt via de NSL monitoringstool in beeld hoe de luchtkwaliteit zich zal ontwikkelen in Nederland. Via deze monitoringstool kan men op straatniveau inzicht krijgen in de te verwachten luchtkwaliteit ter plaatse. Hieruit blijkt dat de omgeving van het plangebied in zowel de huidige als de toekomstige situatie (2030) voldoet aan de wettelijke normen die voor luchtkwaliteit van toepassing zijn. De te verwachten waarden blijven ruim onder de normen voor fijnstof en stikstofdioxide (de maatgevende componenten voor luchtverontreiniging). Ter plaatse van het plangebied is er sprake van een goed woon- en leefklimaat voor wat betreft het aspect luchtkwaliteit.

Conclusie Derhalve wordt geconcludeerd dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema luchtkwaliteit.

3.6

Licht Aanlegfase Uitgangspunt is dat de aanlegwerkzaamheden overdag plaatsvinden. Alleen bij bijzondere omstandigheden kan het noodzakelijk zijn om ook ’s avonds of ’s nachts te werken. Het gaat hierbij om een kans op tijdelijke lichthinder veroorzaakt door het in te zetten materieel bij de ontwikkeling. Eventuele lichthinder is naar verwachting niet aan de orde mede gezien de ligging van het plan aan de rand van het stedelijk gebied waardoor de locatie van zichzelf al in redelijke mate verlicht is. Gebruiksfase Het plangebied ligt in het landelijke gebied van Woudenberg. Dit gebied is van zichzelf in de nacht in zekere mate verlicht. Verwacht wordt daarom dat de ontwikkeling geen significante verschillen veroorzaakt in het kader van lichtemissie ten opzichte van de huidige situatie. Conclusie Op basis van bovenstaande gegevens kan worden geconcludeerd dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema licht.

blad 13 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

3.7

Verkeer en transport Aanlegfase De aanlegwerkzaamheden hebben geen gevolgen voor de overige infrastructuur in het gebied. Wel kan er tijdens de uitvoering mogelijk beperkt hinder ondervonden worden door een toename van verkeersintensiteiten in de nabijheid van het plangebied. Naar verwachting kan het bestaande wegennetwerk de tijdelijke toename van het aantal verkeersbewegingen in de aanlegfase goed verwerken. In het kader van de voorbereiding van de uitvoeringsactiviteiten zal in overleg met de wegbeheerders worden nagegaan of/welke specifieke verkeersmaatregelen nodig zijn (bijvoorbeeld in de vorm van bebording). Gebruiksfase De ontwikkelingen aan het Henschotermeer gevolgen voor de verkeersafwikkeling en de parkeerbehoefte. Er is onderzoek uitgevoerd naar de verplaatsing van de YMCA naar het Henschotermeer in het kader van het bestemmingsplan. Hieronder zijn kort de resultaten daarvan weergegeven:  Het kruispunt Zeisterweg (N224) – De Heygraeff zit in het hoogseizoen (juli) in de huidige situatie tegen zijn capaciteit aan.  Op dagen met mooi weer is (piekmomenten) verdubbelt het aantal verkeersbewegingen door bezoekers van het Henschotermeer en loopt het verkeer vast op de N224.  Buiten het hoogseizoen is er voldoende capaciteit om het huidige en nieuwe verkeer te verwerken.

 Het YMCA kampeercentrum heeft een late ochtend 'piek' en een vroege middag 'piek' van verkeersbewegingen. De pieken vallen daardoor niet samen met die van andere voorzieningen in het gebied rondom het Henschotermeer.  De middagspits van een weekenddag neemt door de komst van het kampeercentrum toe. In het geval van drukke dagen voor het Henschotermeer kunnen bezoekers  gebruikmaken van de alternatieve ontsluiting (zie bijlage 9). Deze route loopt ten zuiden van het plangebied. Naar verwachting zal deze afslag in 2023 aangelegd worden. Het afstemmen van de bedrijfsvoering van twee verschillende organisaties stuit op praktische bezwaren bij gebruik van dezelfde ingang.  De verkeersgeneratie van de YMCA verschilt weinig met dat van een camping met een omvang van 84 plaatsen.  Het gebruik van de inrit van het NCC kampeerterrein leidt niet tot een hogere verkeersdruk op omliggende infrastructuur zoals de N224. Het YMCA kampeercentrum wordt ontsloten via de bestaande inrit van het huidige NCC kampeerterrein. Komende vanuit westelijk richting kan men het terrein op. Vanuit de richting Woudenberg is dat niet mogelijk. In het hoogseizoen is het aantal motorvoertuigbewegingen op de maatgevende dag (wisseldag in het hoogseizoen) nagenoeg gelijk. Aanvullend hierop kan worden opgemerkt dat in de huidige situatie een camping met 84 staanplaatsen gevestigd kan worden op de locatie.

De verkeersgeneratie van een dergelijke voorziening is waarschijnlijk hoger dan de nieuw voorziene functie. De verkeerdruk op de omliggende infrastructuur wijzigt daardoor niet. Conform afspraak met de provincie Utrecht vindt groepsvervoer (touringcar) en logistiek zo veel mogelijk plaats buiten de spitsperiodes. De bestaande inrit wordt aangepast zodat het veiliger voor fietser wordt en er meer zicht komt voor automobiliteiten. Verkeersgeneratie update Mobiliteitstoets Vervolgens is onderzoek uitgevoerd naar de overige ontwikkelingen bij het Henschotermeer. De capaciteit van de infrastructuur wordt gebaseerd op het maatgevende moment. Het maatgevende moment is een gemiddeld druk moment die met regelmaat voorkomt. Normaliter wordt het werkdaggemiddelde aangehouden. Voor recreatieve voorzieningen ligt het maatgevende moment in het hoogseizoen (standaard een weekenddag juli). Tijdens de verkeersonderzoeken in 2017 waren er geen typische zwemdagen. Ze geven wel een beeld van het verkeer tijdens het hoogseizoen van de campings. Hieruit blijkt dat volgens de toetsing de infrastructuur tegen zijn capaciteit zit. Een 'zwemweer'dag of evenement in het hoogseizoen zorgt dan voor overbelasting. De wijzigingen die van alle ontwikkelingen in het gebied tesamen zorgen voor een lichte stijging van verkeersbewegingen buiten het hoogseizoen en een verlaging in het hoogseizoen.

Per saldo wordt de

blad 14 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

overbelasting niet opgelost maar ook niet verergerd. De bijdrage van de ontwikkeling van de YMCA hieraan is zeer beperkt. Parkeren Er is voldoende parkeergelegenheid binnen het plangebied aanwezig om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken. Conclusie Daarom kan worden geconcludeerd dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema verkeer.

3.8

Geluid Aanleg Voor de aanleg van de 50 woningen vindt een aantal werkzaamheden plaats. De werkzaamheden vinden overdag plaats. Deze werkzaamheden en het hierbij in te zetten materieel veroorzaken een bepaalde geluidsbelasting op de omgeving. De effecten vanwege de geluidshinder treden alleen op tijdens de aanleg. Voor dergelijke activiteiten is veelal de APV (Algemene Plaatselijke Verordening) van toepassing. Gezien de tijdelijk aard en beperkte omvang van de werkzaamheden wordt geen hinder verwacht of zullen specifieke afschermende maatregelen de hinder zo veel mogelijk beperken. Gebruiksfase Wegverkeerslawaai De ontwikkelingen op het plangebied YMCA betreffen geen geluidgevoelige objecten. Een akoestisch onderzoek wegverkeer is derhalve niet benodigd. Industrielawaai Het plangebied is niet gelegen binnen een geluidszone industrielawaai. Industrielawaai vormt voor voorliggende ontwikkeling geen belemmering. Railverkeerslawaai Het plangebied is niet gelegen binnen een geluidszone van een spoorweg. Railverkeerslawaai vormt voor voorliggende ontwikkeling geen belemmering. Conclusie Op basis van bovenstaande kan worden geconcludeerd dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema geluid.

3.9

Natuur Het plan kan worden uitgevoerd indien de werkzaamheden niet in strijd zijn met de Wet natuurbescherming en het beleid van het Natuurnetwerk Nederland. Daarom is inzicht gewenst in de aanwezigheid van beschermde soorten en beschermde gebieden binnen de invloedssfeer van het plangebied en de effecten hierop. In het kader van het nieuwe bestemmingsplan is door Terlouw een natuurtoets uitgevoerd. Daarnaast is door Gras Advies een natuurvisie opgesteld. De voor het huidige plan relevante resultaten daarvan zijn hieronder uiteengezet. Toetsing Verwachte beschermde diersoorten Ter plekke van de nieuwe locatie is een variatie aan beschermde soorten te verwachten. Het gebied is geschikt voor diverse vogelsoorten, zoals de boomkruiper, boomklever en diverse zangvogels als de zanglijster en merel. Uit de NDFF is naar voren gekomen dat er in 2016 een kruisbek is waargenomen, een soort die graag broedt in oudere naaldbossen met open plekken. Verder zijn soorten als eekhoorn, konijn en vos te verwachten binnen

blad 15 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

het gebied en in het verleden ook waargenomen binnen het plangebied. Gezien het feit dat het plangebied een bosgebied betreft dient rekening gehouden te worden met bomen met holtes waarvan vleermuizen (boom bewonende soorten, zoals rosse-, ruige- en watervleermuis) gebruik maken. Voor soorten als de das is het gebied redelijk geschikt als locatie voor de verblijfplaats. Het gebied is minder geschikt door afwezigheid van afwisseling bos naar open terrein zoals weilanden, waar de das foerageert. In 2020 is een waarneming gedaan van de das die de weg over stak richting of van het plangebied vandaan. Tijdens het veldbezoek zijn geen vluchtpijpen of dassenburchten waargenomen binnen het plangebied. Ook uit het eerdere onderzoek (Terlouw) zijn geen waarnemingen van dassen of sporen van dassen waargenomen. Waarschijnlijk gaat het hier om een foerageerlocatie van de das. Gezien de vele vergelijkbare gebieden in de omgeving en de afwezigheid van open terreinen in en direct rondom het plangebied zal het hier niet gaan om een essentieel foerageergebied. In een eerder onderzoek (Terlouw) zijn geen verblijflocaties van vleermuizen vastgesteld. Wel zijn er veel soorten vastgesteld waaronder gewone dwergvleermuis, laatvlieger, ruige dwergvleermuis, franjestaart en rosse vleermuis. Tot slot is er één potentieel geschikte holte voor boommarter aangetroffen, deze is nu niet in gebruik.

De boom blijft staan waardoor er geen potentiële verblijfplaats verloren gaat. Er zijn verder ook geen sporen die duiden op de aanwezigheid van boommarter aangetroffen. Ontwikkelingen Omdat de aanwezigheid van bovengenoemde, deels beschermde, soorten niet kan worden uitgesloten op basis van het eerder onderzoek is nagegaan of er met het planvoornemen aantasting van het leefgebied van genoemde soorten plaatsvindt. De ontwikkelingen bestaan uit het verplaatsen van het kampeerterrein van de YMCA. Op de nieuwe locatie betekent dit dat een nieuw kampgebouw en nieuwe tentenkampen gerealiseerd zullen worden. Deze zijn beoogd op het zuidoostelijk deel van het plangebied, waar voorheen het kampeerterrein van de NCC was gelegen. Er is derhalve reeds een toegangsweg vanaf de Zeisterweg (N224), welke gehandhaafd en verhard wordt. Ten behoeve van deze ontwikkelingen dienen enkele bomen gekapt te worden en zal er sprake zijn van bodemingrepen voor het aanleggen van leidingen en elektra. Door bestaande open ruimten maximaal te benutten hoeven zo min mogelijk bomen te worden verwijderd om de kampeerplaatsen te kunnen realiseren. Het nieuwe kampgebouw zal gasloos worden gerealiseerd en voorzien worden van mogelijkheden voor het opwekken van eigen energie.

Naast tijdelijke verstoring ten gevolge van de aanlegfase, is er ook sprake van permanente verstoring in het plangebied door gebruikers van het kampterrein. Aangezien de kamplocatie zich alleen in het zuidoostelijk deel van het plangebied bevindt zal de verstoring zich voornamelijk hier concentreren. Tevens is op de betreffende locatie reeds een recreatieve functie gevestigd geweest. Tot slot vindt verstoring binnen het plangebied plaats ten gevolge van de omliggende provinciale wegen N224 en N227. Haalbaarheid en uitvoerbaarheid bestemmingsplan Uit de voorgaande informatie blijkt dat binnen het plangebied mogelijk beschermde soorten voorkomen. Tevens ligt het plangebied in Natuurnetwerk Nederland. Ten aanzien van deze gegevens dient nagegaan te worden of hiermee de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan onder druk komen te staan. Ten aanzien van het voorkomen van beschermde soorten wordt in de rapportages geconcludeerd dat de gevonden waarnemingen van beschermde soorten (Terlouw en 5) eenvoudige te compenseren en/of mitigeren zijn. Hiertoe zijn maatregelen in deze rapportages beschreven. Indien compensatie en/of mitigatie mogelijk is, kan worden gesteld dat daarmee het voortbestaan van de beschermde soorten in hun natuurlijke habitat niet in het gedrang komt.

Gezien de 'oplosbaarheid' hiervan zijn er vanuit het oogpunt van het aspect 'flora en fauna' geen sprake van aantasting van kwetsbare en/of beschermde soorten uit de Wet natuurbescherming en voor het onderdeel soortbescherming geen belemmeringen voor de haalbaarheid van het bestemmingsplan. Met betrekking tot de ligging van het plangebied in NNN wordt gesteld dat met de verplaatsing van het YMCAterrein van de voormalige locatie aan de Paradijsweg 4 te Leusden naar de Zeisterweg 97 in Woudenberg er voor Leusden een meerwaarde ontstaat voor de NNN.

blad 16 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

In de rapportage van Gras advies is de natuurwaarde berekend op basis van de compensatieopgave. Hieruit blijkt dat de oude locatie een hogere natuurpuntenwaarde heeft dan de nieuwe locatie. Verplaatsen van het YMCA terrein van Leusden naar Woudenberg is daarmee voordelig voor de natuur. Ook op gebied van oppervlakte is de verhuizing van het YMCA voordelig. Op het kampgebouw na verhuist alles naar de nieuwe locatie in Woudenberg. Dit houdt in dat er 154.881 m² NNN wordt vrijgegeven. Het beoogde gebruiksoppervlakte (intensief + extensief) te Woudenberg is 137.010 m². Dit maakt dat er sprake is van een afname van gebruiksoppervlakte intensief en recreatief gebruik. Naast dat het projectgebied te Leusden wordt vrijgegeven na de verplaatsing wordt er ook een akker ingezet voor omvorming naar NNN-Natuur. Deze akker heeft een oppervlakte van 9.964 m². Ook de samenhang van het NNN wordt niet negatief beïnvloed door het verplaatsen van het NNN. Uiteindelijk zorgt de verplaatsing van het YMCA voor het versterken van het NNN. Dit door het terugbrengen van waardevolle natuur, het YMCA verhuist van een locatie met waardevolle natuur met veel potentie naar een gebied waar de natuurwaarde veel lager ligt, o.a. door de grote hoeveelheid exoten. Daar komt nog bij dat op de nieuwe locatie al verblijfsrecreatie is toegestaan en aanwezig was (Nederlandse Caravan Club).

De vrijgekomen locatie in Leusden wordt volledig teruggegeven aan de natuur waardoor deze zich verder kan ontwikkelen. Omdat er geen alternatieven mogelijk zijn bij de verplaatsing van het NNN, moeten negatieve effecten zoveel mogelijk worden voorkomen en wat niet voorkomen kan worden moet worden gecompenseerd. Dit is opgenomen in een compensatieplan dat onderdeel is van de rapportage van Gras Advies. Dit plan is via de regels met een voorwaardelijke verplichting gekoppeld aan het gebruik van de locatie in Woudenberg. Gezien de beperkte ingrepen/verstoring ter plekke van de nieuwe locatie in Woudenberg, de concentratie van bebouwing en de netto toename van gronden ten behoeve van het Natuurnetwerk Nederland kan worden gesteld dat het planvoornemen in zijn geheel een meerwaarde heeft op de instandhoudingsdoel en voor het NNN. Gezien de mogelijkheden tot compensatie, aangegeven in hoofdstuk 7 van de rapportage NNN, en de toename aan ecologische waarde die volgt uit het verplaatsen van het kampeerterrein kan worden gesteld dat het aspect 'flora en fauna' onderdeel gebiedsbescherming geen belemmering vormt voor de haalbaarheid van het bestemmingsplan. Stikstof In de omgeving (dichtstbijzijnde op 9,7 kilometer) van het plangebied zijn Natura 2000-gebieden gelegen waarbinnen stikstofgevoelige habitats aanwezig zijn.

Deze gebieden zijn relevant in het kader van stikstofonderzoek (AERIUS). In het kader van de Wet natuurbescherming moet beoordeeld worden of de ontwikkeling leidt tot een verslechtering van de kwaliteit van de beschermde habitats en de habitats van soorten in het Natura 2000-gebied. Derhalve is er een stikstofonderzoek uitgevoerd. Uit het onderzoek blijkt dat er geen belemmeringen zijn geconstateerd voor de realisatiefase en gebruiksfase van voorliggend plan. Zorgplicht In de Wet natuurbescherming is een zorgplicht opgenomen. De zorgplicht houdt in dat planten en dieren niet onnodig vernield/gedood of verstoord mogen worden. De initiatiefnemer/ uitvoerder is verantwoordelijk voor een adequate naleving van de algemene zorgplicht tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Conclusie Geconcludeerd wordt dat het niet noodzakelijk is om eventuele vervolgonderzoeken naar mogelijk aanwezige beschermde soorten doorlopen te hebben alvorens over te gaan tot herbestemming van de locatie. Vanuit het oogpunt van natuurbescherming is de bestemming realiseerbaar aangezien de soorten middels compenserende en mitigerende maatregelen voldoende beschermd kunnen worden. Tevens leidt het voornemen tot een netto toename aan natuurgebied behorend tot het NNN zonder kampeerfunctie.

De beperkte effecten van het nieuwe kampeerterrein worden, gezien de concentratie van bebouwing en kampeerterrein op een beperkt deel van het plangebied, in relatie tot de toevoeging van nieuw waardevol leefgebied, als doelmatig gezien. Aangezien het eventueel aantreffen van beschermde soorten 'oplosbaar' is door middel van toepassing van mitigerende maatregelen in de planvormingsfase, zijn er vanuit ecologisch oogpunt geen belemmeringen.

blad 17 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

Op basis van bovenstaande kan worden geconcludeerd dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema natuur.

3.10

Gezondheid Mede op basis van de beoordeling ten aanzien van water, lucht, licht en geluid is er geen sprake van specifieke risico’s door het voornemen voor de volksgezondheid of voor bijvoorbeeld waterverontreiniging of luchtvervuiling.

3.11

Externe veiligheid In het kader van het nieuwe bestemmingsplan is ten behoeve van de ontwikkeling het aspect externe veiligheid behandeld. Hieronder zijn de resultaten daarvan weergegeven. Risicovolle inrichtingen Ten oosten van het plangebied is 'Vakantiepark De Heigraaf' aangemerkt als risicovolle inrichting. Dit vanwege een propaantank van 13 m3. Deze bovengrondse tank staat echter op zeer ruime afstand van het plandeel YMCA en de daar beoogde ontwikkelingen. Een nadere berekening of verantwoording is niet aan de orde. Buisleidingen Ten westen van het plangebied YMCA bevindt zich een buisleiding voor transport van gevaarlijke stoffen. Dit betreft een hogedruk aardgasleiding (buisleiding A-510, 36 inch, 66 bar) en heeft invloedsgebied van 430 meter. Hierbij spelen de volgende risicoscenario’s: Fakkel brand Bij bijvoorbeeld graafwerkzaamheden is het mogelijk dat er een breuk in de leiding ontstaat. De kans van spontaan optreden van een dergelijk scenario is heel erg klein. Hierdoor ontstaat een brandende fakkel van in eerste instantie circa 350 meter hoog. Na ongeveer 20 seconde blijft deze stabiel op 175 meter, totdat de gastoevoer door de Gasunie is afgesloten. Het effectgebied waarbinnen men in de buitenlucht nog 1e graads brandwonden kan oplopen is in de eerste fase 700 meter. Die afstand is in de stabiele fase 500 meter.

Het plangebied YMCA ligt op 508 meter en daarmee buiten het directe invloedsgebied. Een nadere berekening of verantwoording is niet aan de orde. Vervoer van gevaarlijke stoffen De naastgelegen provinciale N-wegen maken geen deel uit het Basisnet, maar zijn op de Risicokaart wel aangemerkt als 'risico voor ongeval op land'. Hierbij speelt het volgende risicoscenario: BLEVE (boiling liquid expanding vapour explosion): Bij een ongeval met een tankwagen met LPG kan door het exploderen van het vrijgekomen gas een vuurbal en drukgolf ontstaan. Dit kan direct na het ongeval gebeuren door het openscheuren van de tank. Gebeurt dit door het opwarmen van de tank door een brand, dan kan de explosie pas na enige tijd tot wel 1 tot 1,5 uur optreden. Het effectgebied van de vuurbal is circa 350 meter. Onderdelen van de tanks kunnen tot zeker 500 meter afstand neerkomen. Het plangebied ligt in het invloedsgebied van twee routes waarover transport van gevaarlijke stoffen plaats vindt. Dit zijn de Zeisterweg (N224) en de Amersfoortseweg (N227) die direct langs het plangebied lopen. Over beide wegen worden brandbare vloeistoffen (benzine e.d.) en gassen (LPG) getransporteerd. Deze liggen op ongeveer 100 meter van het kampeerterrein. Natuurbrand In het algemeen geldt dat in natuurgebieden met bos, heide, gras(duinen) bij droog weer de kans op natuurbrand toeneemt.

In de Utrechtse Heuvelrug waar het plangebied zich in bevindt, is er een verhoogd risico op natuurbranden. Het gevaar van een natuurbrand is dat deze zich in droge periodes zeer snel en

blad 18 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

onvoorspelbaar kan ontwikkelen. Het vuur maar ook de rook is dan voor een groot gebied een gevaar voor de aanwezigen in dat gebied. Zelfredzaamheid Al deze bovenstaande scenario's zullen worden opgenomen in de RI&E van de bedrijfs hulporganisatie van de YMCA. Dit is verder geen direct onderdeel van het bestemmingsplan. De groepen die aanwezig zijn op het terrein zijn gemiddeld zelfredzaam. Tijdens de kampen die georganiseerd worden is altijd voldoende deskundige begeleiding aanwezig. De aanwezigen kunnen hierdoor altijd onder begeleiding uit het gebied wegvluchten. Hierbij is het belangrijk te vermelden dat het vluchten uit het gebied in meerdere richtingen mogelijk is. Het vluchten is dus altijd mogelijk van het optredende scenario af. Het nieuwe gebouw voldoet aan de nieuwste voorschriften van het bouwbesluit en is hiermee veilig. Daarnaast is het gebouw goed bereikbaar vanaf N224. Daarnaast is er een calamiteitenontsluiting richting het Henschotermeer. Hierdoor is het terrein altijd van beide kanten bereikbaar voor hulpdiensten. Ter plaatse van het terrein wordt een bluswatervoorziening aangelegd die noodzakelijk is om deze voorziening van voldoende bluswater te voorzien. De bestrijdbaarheid van brand is hierdoor als goed te beschouwen op het terrein.

Figuur 3.1: Uitsnede risicokaart

Conclusie Op basis van bovenstaande kan worden geconcludeerd dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema externe veiligheid.

3.12

Effectkenmerken Orde van grootte en het ruimtelijk bereik van het effect (geografisch gebied en omvang van de bevolking die getroffen kan worden) • Orde van grootte van het effect: zie paragraaf 3.1 t/m 3.11. • Bereik van het effect: lokaal tot zeer lokaal. • Getroffen bevolking: de kans op calamiteiten is zeer gering. Aard van het effect • Aard van de effecten: zie paragraaf 3.1 t/m 3.11.

blad 19 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

Grensoverschrijdende karakter van het effect • Er is geen sprake van een grensoverschrijdend effect. Intensiteit en de complexiteit van het effect • De effecten zijn beperkt qua intensiteit en complexiteit (geen vervolgeffecten of indirecte effecten verwacht). Waarschijnlijkheid van het effect • Beperkte emissies geluid, lucht en licht zijn zeker. • Waarschijnlijkheid van effecten door calamiteiten is zeer gering. Verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect • Verwachte aanvang: 2024. • Duur en periode indicatief: onbekend. • Frequentie: deze beoordeling betreft éénmalig de beschreven activiteiten. • Er is geen sprake van onomkeerbare effecten. Cumulatie van effecten met de effecten van andere bestaande en/of goedgekeurde projecten Ten oosten, direct aangrenzend, aan het plangebied vindt een ontwikkeling plaats rondom het Henschotermeer. Deze ontwikkeling “Mooi Meer” is in de onderzoeken ten behoeve van voorliggende ontwikkeling tegelijk meegenomen. Er zijn verder geen andere projecten of ontwikkelingen in de omgeving bekend die zouden kunnen leiden tot cumulatieve effecten, door bijvoorbeeld een toename van het verkeer. Mogelijkheid om de effecten doeltreffende te verminderen De effecten zijn beperkt van aard en van omvang. Ten aanzien van archeologie blijft huidige dubbelbestemming bestaan. Hiermee zijn de archeologische waarden beschermd.

Het ecologisch onderzoek geeft reden tot het nemen van een aantal mitigerende maatregelen. Deze zullen uitgevoerd worden. Eventuele aanvullende mitigerende maatregelen zijn vooralsnog niet nodig.

blad 20 van 22

datum 6 december 2022 projectnummer 0470302.100 betreft Aanmeldingsnotitie mer-beoordeling

4

Conclusie Op grond van het voorgaande wordt geconcludeerd dat er, mede op basis van nog uit te voeren onderzoeken en te treffen mitigerende maatregelen, geen sprake zal zijn van waarschijnlijk belangrijke gevolgen voor het milieu zoals bedoeld in artikel 7.16 en 7.17 Wet milieubeheer en is het maken van een milieueffectrapport voor de besluitvorming over het voornemen niet nodig. Antea Group Deventer, december 2022

blad 21 van 22

Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1500 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.

Contactgegevens Beneluxweg 125 4904 SJ Oosterhout Postbus 40 4900 AA Oosterhout T. +31 6 21 68 34 92 E. Robin.Michiels@Anteagroup.nl

Copyright © 2022 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs. De informatie die in dit rapport is opgenomen is uitsluitend bestemd voor geadresseerde(n) en kan persoonlijke of vertrouwelijke informatie bevatten. Gebruik van deze informatie, door anderen dan de geadresseerde(n) en gebruik door hen die niet gerechtigd zijn van deze informatie kennis te nemen, is niet toegestaan. De informatie is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt door de geadresseerde, voor het doel waarvoor dit rapport is vervaardigd. Indien u niet de geadresseerde bent of niet gerechtigd bent tot kennisneming, is openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden niet toegestaan, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group en wordt u verzocht de gegevens te verwijderen en direct een melding te maken bij security@antegroup.nl. Derden, zij die niet geadresseerd zijn, kunnen geen rechten aan dit rapport ontlenen, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group.

www.anteagroup.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/1701/documents/42140