CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

04f. Moorsterweg 3 - Woudenberg_Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 6 Quickscan Flora en fauna.pdf

Gemeenteraad 22 september 2022, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 12: Vaststellen bestemmingsplan Moorsterweg 33.281 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

QUICKSCAN FLORA EN FAUNA Moorsterweg 3, Woudenberg

15 april 2019 Projectnummer 024-19

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

Van Bommel FAUNAWERK Dreijenlaan 2 6703 HA Wageningen Mobiel: +31 (0) 6 - 2741 6188 www.vanbommel-faunawerk.nl Email: info@vanbommel-faunawerk.nl

Documentatiepagina

Opdrachtgever:

’t Schoutenhuis b.v.

Titel:

Quickscan Flora en Fauna

Subtitel:

Moorsterweg 3, Woudenberg

Datum:

15 april 2019

Aantal pagina’s incl. bijlagen

18

Status rapport:

definitief

Uitvoering:

Van Bommel FAUNAWERK Drs. J.B.M. Thissen

Projectnummer:

024-19

Trefwoorden:

Wet natuurbescherming, natuuronderzoek, oriënterend onderzoek, effectbeschrijving

Van Bommel FAUNAWERK is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Van Bommel FAUNAWERK; opdrachtgever vrijwaart Van Bommel FAUNAWERK voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. Deze inventarisatie is zorgvuldig uitgevoerd. De opdrachtgever dient zich er van bewust te zijn dat tussen het tijdstip van inventarisatie en uitvoering van werkzaamheden, beschermde soorten zich op het perceel kunnen vestigen. Van Bommel FAUNAWERK kan dan ook geen aansprakelijkheid aanvaarden voor kosten en/of vertragingen, voortvloeiend uit het voorkomen van beschermde soorten. © Van Bommel FAUNAWERK Dit rapport is vervaardigd op verzoek van opdrachtgever hierboven genoemd en is zijn eigendom. Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden d.m.v. druk, fotokopie, microfilm, of op andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven genoemd en Van Bommel FAUNAWERK, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

2

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

INHOUDSOPGAVE

1. 1.1. 1.2.

INLEIDING ........................................................................................................................................... 4 Aanleiding voor het onderzoek ....................................................................................................... 4 Juridisch kader................................................................................................................................ 4

2. 2.1. 2.2. 2.3.

GEBIEDSBESCHRIJVING ........................................................................................................................ 7 Ligging plangebied .......................................................................................................................... 7 Beschrijving onderzoeksgebied ....................................................................................................... 7 Beoogde ingrepen .......................................................................................................................... 8

3. 3.1. 3.2.

ONDERZOEKSMETHODE .................................................................................................................... 10 Beschikbare gegevens flora en fauna ............................................................................................ 10 Veldbezoek................................................................................................................................... 10

4. 4.1.

RESULTATEN EN EFFECTENANALYSE SOORTENBESCHERMING ........................................................... 11 Aanwezigheid beschermde soorten en mogelijke effecten ............................................................ 11

5.

CONCLUSIES ...................................................................................................................................... 14

6.

BRONNEN ......................................................................................................................................... 15

BIJLAGEN BIJLAGE 1.

TOETSINGSSCHEMA WET NATUURBESCHERMING: SOORTENBESCHERMING

BIJLAGE 2.

VERBODSBEPALINGEN WET NATUURBESCHERMING: SOORTENBESCHERMING

BIJLAGE 3.

VRIJSTELLING SOORTEN PROVINCIE UTRECHT VOOR RUIMTELIJKE INGREPEN

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

3

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

1. INLEIDING 1.1. Aanleiding voor het onderzoek Het voornemen is om op de planlocatie Moorsterweg 3 in Woudenberg zes gebouwen te slopen. Bij deze ruimtelijke ontwikkeling moet rekening gehouden worden met de natuurwetgeving. Voorafgaand aan een ruimtelijke ingreep dient onderzoek uitgevoerd te worden naar de aanwezige natuurwaarden. Zo dient onderzocht te worden of er beschermde soorten flora en fauna op de planlocatie aanwezig zijn en of deze mogelijk negatief beïnvloed worden. De planlocatie ligt niet in een Natura 2000-gebied. Het plan leidt niet tot verhoging van de stikstofdepositie. Daarmee is er via externe werking geen mogelijk negatief effect op Natura 2000gebieden. Het dichtstbij zijnde Natura 2000-gebied is ‘Veluwe’ op ongeveer 10 kilometer van het plangebied. Het dichtstbijzijnde gebied dat onderdeel is van het Utrechts Natuur Netwerk ligt aan de Voskuilerdijk, op circa 600 meter afstand van het plangebied. Het dichtstbijzijnde gebied dat onderdeel is van het Gelders Natuurnetwerk ligt aan de Goorsteeg in Scherpenzeel, op circa 500 meter afstand van het plangebied. Deze beide natuurnetwerken kennen echter geen externe werking en zijn daarmee niet relevant voor dit plan. Gebiedsbescherming (Natura 2000 en het Nederlands Natuurnetwerk, vroeger Ecologische Hoofdstructuur genoemd) komt verder in deze rapportage niet meer aan bod. ’t Schoutenhuis b.v.

heeft Van Bommel FAUNAWERK opdracht gegeven een quickscan uit te voeren naar de aanwezigheid van beschermde flora en fauna, alsmede de eventuele effecten van de ruimtelijke ontwikkeling op deze soorten. De bevindingen zijn in het voorliggende rapport weergegeven. 1.2. Juridisch kader Voor ruimtelijke ingrepen of plannen die leiden tot wijziging van bestemmingsplannen heeft men te maken met de natuurwetgeving. Op 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming ingegaan. De Wet natuurbescherming vervangt op het gebied van bescherming van soorten de Flora- en faunawet. Soortenbescherming De Wet natuurbescherming deelt soorten in drie beschermingsregimes in: 1. Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn (beschermingsregime paragraaf 3.1). Dit zijn alle van nature in Nederland in het wild levende vogels (zoals bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn). 2. Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn (beschermingsregime paragraaf 3.2). Dit zijn soorten die genoemd zijn in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn, Bijlage II van het Verdrag van Bern en Bijlage I van het Verdrag van Bonn. In de genoemde Bijlagen van de Verdragen van Bern en Bonn worden ook vogels genoemd. Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

4

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

3. Beschermingsregime andere soorten (beschermingsregime paragraaf 3.3). Dit zijn soorten die genoemd zijn in Bijlage A van de Wet natuurbescherming. Het gaat hier om de bescherming van zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen, kevers en vaatplanten voorkomend in Nederland. De Wet natuurbescherming maakt invulling van de wet door provincies mogelijk, hiertoe kunnen provincies een eigen invulling geven aan de bescherming van soorten. Elk van de drie beschermingsregimes hebben hun eigen verbodsbepalingen, die staan weergegeven in bijlage 2. Zorgplicht voor dieren en planten Of dier- en plantensoorten nu wettelijk beschermd zijn of niet, iedereen moet voldoende rekening houden met in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. De wet erkent daarmee de intrinsieke waarde van in het wild levende soorten. De Memorie van Toelichting zegt het zo: “De zorgplicht houdt in dat een ieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld; de zorgplicht kan wel door toepassing van bestuursdwang worden gehandhaafd”.

Deze formulering van de zorgplicht brengt met zich mee dat wanneer u een bepaalde handeling wilt verrichten die gevolgen voor natuurwaarden zou kunnen hebben, u zich daaraan voorafgaand op de hoogte stelt van de aanwezige natuurwaarden, de kwetsbaarheid ervan en de mogelijke gevolgen daarvoor van uw handelen. Zo nodig raadpleegt u een ecoloog. Bij de uitvoering van die handeling moet u negatieve gevolgen zoveel mogelijk voorkomen dan wel beperken of ongedaan maken. Uitzondering voor verstoring van vogels Verstoring van vogels is niet verboden indien de verstoring niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort (artikel 3.1 lid 4 en lid 5). Het is aan de initiatiefnemer om zich ervan te vergewissen – en waar nodig aan te kunnen tonen - dat de op zich verstorende activiteit geen bedreiging vormt voor de vogelsoort en aldus niet leidt tot verslechtering van de staat van instandhouding. Vrijstelling soorten provincie Utrecht De lijst van vrijstelling voor zoogdieren en amfibieën in de provincie Utrecht is weergegeven in bijlage 3. Voor deze soorten geldt bij ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden en bestendig beheer en onderhoud, een vrijstelling van de verbodsbepalingen van Wet natuurbescherming. Voor deze activiteiten hoeft geen ontheffing aangevraagd te worden.

Op grond van de Vogelrichtlijn worden voor de vogels ‘ruimtelijke ontwikkeling’ of ‘dwingende redenen van groot openbaar belang’ niet meer als ontheffingsgrond beschouwd. Jaarrond-beschermde nesten vogels Bij bescherming van vogelnesten wordt onderscheid gemaakt tussen soorten waarvan de nesten jaarrond beschermd zijn en soorten waarvan de nesten alleen beschermd zijn wanneer ze in gebruik zijn.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

5

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

Toetsing ontheffingsaanvragen Om te beoordelen of een plan in strijd is met de Wet natuurbescherming dient onderzocht te worden of beschermde soorten in het plangebied voorkomen en of de voorgenomen ingreep mogelijk schadelijke effecten heeft op de beschermde soorten (bijlage 1 toetsingsschema Wet natuurbescherming: soortenbescherming). In een aantal bij de Wet natuurbescherming behorende regelingen en besluiten is vastgelegd, wanneer een vrijstelling geldt, een gedragscode van kracht is en of een ontheffingsaanvraag benodigd is. Een ontheffing (of een vrijstelling) wordt uitsluitend verleend, als voldaan is aan elk van de volgende drie cumulatieve voorwaarden: a. Geen andere bevredigende oplossing; b. Sprake van een in de wet genoemd belang (elk beschermingsregime kent eigen wettelijke belangen); c. Geen verslechtering/afbreuk aan de staat van instandhouding van de soort. Om te beoordelen of aan deze voorwaarden wordt voldaan zal een toetsing van de belangen en de alternatieven plaatsvinden en een ecologische toetsing.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

6

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

2. GEBIEDSBESCHRIJVING 2.1. Ligging plangebied De planlocatie is gelegen in het buitengebied van Woudenberg (figuur 1). De planlocatie is gelegen in het kilometerhok 161-456 (RD-coördinaten).

Figuur 1. Ligging van het plangebied

2.2. Beschrijving onderzoeksgebied De nabije omgeving is een coulisselandschap met agrarische percelen, verspreide bebouwing, bosjes en lijnvormige landschapselementen. De planlocatie bestaat uit een leegstaande boerderij, vier stallen met vleesvee, een kapschuur en een hooimijt. Drie van de stallen, de kapschuur en de hooimijt worden in ieder geval gesloopt en de vierde stal mogelijk (figuur 2). Op het perceel is geen open water.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

7

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

Figuur 2. Perceel Moorsterweg 3 met de te slopen stallen, kapschuur en hooimijt (rood omlijnd) en de mogelijk te slopen stal (geel omlijnd)

2.3. Beoogde ingrepen De initiatiefnemer is voornemens om drie of vier stallen (figuren 3 en 4), een kapschuur en de hooimijt te slopen.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

8

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

Figuur 3. Twee van de te slopen stallen.

Figuur 4. Een te slopen stal.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

9

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

3. ONDERZOEKSMETHODE Bij het opstellen van deze quickscan flora en fauna is gebruik gemaakt van bestaande gegevens en literatuur. In aanvulling hierop heeft op 10 april 2019 een oriënterend veldbezoek plaatsgevonden, waarbij geverifieerd is of er mogelijk beschermde soorten aanwezig zijn. Vervolgens is een inschatting gemaakt van de eventuele effecten op beschermde planten en dieren en hun leefgebieden. 3.1. Beschikbare gegevens flora en fauna Voor het literatuuronderzoek zijn verschillende bronnen geraadpleegd, zoals verspreidingsatlassen en gegevens uit regionale of nationale databanken. Hierbij is onder meer gebruik gemaakt van de volgende gegevens: de Atlas van de Nederlandse zoogdieren (Broekhuizen e.a., 2016), de Verspreidingsatlas van de zoogdieren in de provincie Utrecht (Wansink 2012), de broedvogelatlas (SOVON 2018), de amfibieën en reptielen van Nederland (RAVON, 2009), de Atlas van amfibieën en reptielen van Utrecht (de Wild e.a. 2016), Waarneming.nl en Verspreidingsatlas.nl. 3.2. Veldbezoek Om een betrouwbare inschatting te kunnen maken of er mogelijk beschermde soorten in het gebied aanwezig zijn is een oriënterend veldbezoek uitgevoerd. Daarnaast is de ecologische samenhang met de omgeving onderzocht en een indruk verkregen van de gebiedskenmerken.

Het veldbezoek heeft tevens tot doel na te gaan of aanvullend veldonderzoek noodzakelijk is in de daarvoor geldende inventarisatieperioden. Tijdens het veldbezoek is gelet op de aanwezigheid van dier- en plantensoorten.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

10

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

4. RESULTATEN EN EFFECTENANALYSE SOORTENBESCHERMING Hieronder worden de resultaten beschreven van het literatuuronderzoek en het oriënterend veldbezoek dat op 10 april 2019 heeft plaatsgevonden. Op basis hiervan worden de verwachte effecten van de uitvoering van de werkzaamheden op de aanwezige natuurwaarden ingeschat. 4.1. Aanwezigheid beschermde soorten en mogelijke effecten Op basis van de beschikbare literatuur is gekeken of er beschermde soorten in de omgeving van het plangebied aanwezig zijn en of de habitateisen overeenkomen met de biotoop van het plangebied. Vervolgens is, mede op basis van de waarnemingen tijdens het veldbezoek, de kans ingeschat of deze of andere soorten daadwerkelijk in het plangebied aanwezig zijn. De resultaten en de eventuele effecten worden hieronder per onderzochte soortgroep behandeld. Broedvogels Op het perceel zijn bij het veldbezoek op het perceel foeragerende boerenzwaluwen waargenomen. Naar verwachting zullen boerenzwaluwen in de loop van het voorjaar in de te slopen stallen gaan broeden. Er zijn geen huismussen waargenomen. De daken van te slopen gebouwen zijn niet geschikt als broedplaats van huismus. De te slopen gebouwen zijn ook binnen onderzocht. Er zijn geen sporen van de aanwezigheid van kerkuil of steenuil aangetroffen.

Gezien het plangebied en de omgeving kunnen verder soorten typische vogels van erven verwacht worden, zoals heggemus, merel en winterkoning. Algemene vogelsoorten Alle inheemse broedvogels zijn als zodanig beschermd volgens de bepalingen van het beschermingsregime Vogelrichtlijn. In de Wet natuurbescherming wordt geen datum genoemd voor het broedseizoen. Op het moment dat inheemse vogels broeden, mogen geen werkzaamheden of activiteiten plaatsvinden die het broedproces verstoren, dus ongeacht de periode van het jaar. Ontheffing van de verbodsbepalingen is, vanwege de stringente eisen gesteld onder de Europese Vogelrichtlijn, niet mogelijk gedurende het broedseizoen. Om verstoring van broedvogels zoveel mogelijk uit te sluiten dient slopen van de gebouwen buiten het broedseizoen (½ maart tot ½ juli) uitgevoerd te worden. Vogels met jaarrond beschermde nesten Nesten van boerenzwaluw vallen onder categorie 5 van jaarrond beschermde nesten: ‘nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen. ‘Categorie 5’ nesten zijn alleen jaarrond beschermd indien geen of onvoldoende alternatieve locaties aanwezig zijn.

In dit geval zijn door de aanwezigheid van agrarische bedrijfsgebouwen in de directe omgeving voldoende alternatieve locaties aanwezig.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

11

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

Bij uitvoering van de werkzaamheden in een periode dat er geen vogels broeden, is hier een ontheffing van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming niet aan de orde. Mocht er tijdens de uitvoering van werkzaamheden toch onverhoopt op broedende vogels gestuit worden, dan dienen de werkzaamheden stilgelegd te worden en naar een later tijdstip te worden opgeschort. Zoogdieren Op basis van literatuurgegevens, bronnenonderzoek en de terreinkenmerken, is ingeschat welke soorten mogelijk in het plangebied en de nabije omgeving kunnen voorkomen. Grondgebonden zoogdieren Volgens de beschikbare bronnen en aanwezige biotopen kunnen wat betreft grondgebonden zoogdieren soorten van erven, zoals egel, bruine rat, huisspitsmuis en huismuis gebruik maken van het plangebied als leefgebied. De bruine rat en de huismuis zijn niet beschermd en voor de andere genoemde grondgebonden zoogdiersoorten geldt bij ruimtelijke ontwikkelingen een vrijstelling voor de Wet natuurbescherming binnen de provincie Utrecht in de Verordening natuur en landschap provincie Utrecht 2017. In de te slopen gebouwen zijn geen sporen van steenmarter aangetroffen. Een ontheffing van de verbodsbepalingen voor de uitvoering van de werkzaamheden is in deze dan ook niet aan de orde.

Vleermuizen Gezien de aard van de te slopen kapschuur en stallen, die op meerdere plaatsen toegankelijk zijn voor vleermuizen, kunnen algemene soorten vleermuizen als laatvlieger en gewone dwergvleermuis de gebouwen gebruiken als verblijfplaats. Deze soorten komen vrijwel in geheel Nederland voor en verblijven over het algemeen in gebouwen. Aanvullend onderzoek binnen het geschikte seizoen dient uit te wijzen of vleermuizen de te slopen gebouwen werkelijk gebruiken. Amfibieën Op basis van verspreidingsgegevens en de aanwezige habitats kan het plangebied wat betreft amfibieën alleen een betekenis hebben als leefgebied voor gewone pad en bruine kikker. Voor gewone pad en bruine kikker geldt ruimtelijke ontwikkelingen een vrijstelling voor de Wet natuurbescherming binnen de provincie Utrecht. Een ontheffing van de verbodsbepalingen voor de uitvoering van de werkzaamheden is dan ook niet aan de orde. Flora Volgens de beschikbare bronnen zijn geen beschermde planten bekend uit het onderzoeksgebied. Er zijn tijdens het veldbezoek geen beschermde planten of planten van de Rode Lijst aangetroffen. Een ontheffing van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming voor de uitvoering van de werkzaamheden is in deze niet aan de orde.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

12

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

Overige beschermde soorten Op basis van verspreidingsgegevens en de aanwezige habitats is het voorkomen van beschermde soorten uit de soortgroepen reptielen, vissen en insecten uitgesloten. Een ontheffing van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming voor de uitvoering van de werkzaamheden is in deze dan ook niet aan de orde.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

13

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

5. CONCLUSIES

•

Er dient bij de uitvoering van de werkzaamheden rekening gehouden te worden met de mogelijke aanwezigheid van broedende vogels. Om verstoring van broedvogels zoveel mogelijk uit te sluiten dient slopen van de gebouwen buiten het broedseizoen (½ maart tot ½ juli) uitgevoerd te worden. Mocht tijdens de uitvoer van werkzaamheden onverhoopt op broedende vogels gestuit worden, dan dienen de werkzaamheden stilgelegd te worden en naar een later tijdstip te worden opgeschort. Met name boerenzwaluw kan nog na ½ juli broeden, broedgevallen tot en met augustus zijn geen uitzondering.

•

Bij de uitvoering van de werkzaamheden hoeft geen rekening gehouden te worden met beschermde grondgebonden zoogdieren en amfibieën. Voor ruimtelijke ingrepen bestaat een vrijstelling voor de mogelijk aanwezige soorten.

•

Aanvullend onderzoek binnen het geschikte seizoen dient uit te wijzen of vleermuizen de te slopen gebouwen gebruiken als verblijfplaats.

•

Er worden geen beschermde soorten reptielen, vissen, insecten of planten verwacht, waarvoor een ontheffing van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming vereist is.

•

Ondanks dat voor een aantal soorten bij de ruimtelijke ingreep een vrijstelling geldt, dient men rekening te houden met de zorgplicht, deze geldt altijd en voor alle planten en dieren, onafhankelijk van beschermingsstatus en/of ontheffing of vrijstelling is verleend.

•

Mogelijke negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden en wezenlijke waarden en kenmerken van het Utrechts Natuur Netwerk en het Gelderse Natuur Netwerk zijn niet aan de orde.

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

14

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

6. BRONNEN Beenen, R., P. Bogaers, H. Brijer, E. van den Dool, W. Hoogendoorn, T. de Jong, B. Lanjouw, M. Suy, P. Veen, J. Wildschut en J. de Wolff, 1984. Wilde planten van Utrecht. Provincie Utrecht, Utrecht. Broekhuizen, S., K. Spoelstra, J.B.M. Thissen, K.J. Canters en J.C. Buys, 2016. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. Natuur van Nederland 12. Naturalis Biodiversity Center & EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden, Leiden. Creemers, R.C.M. en J.J.C.W. van Delft, 2009. De Amfibieën en Reptielen van Nederland. Nederlandse Fauna 9. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey - Nederland, Leiden. Lange R., P. Twisk, A. van Winden en A. van Diepenbeek, 1994. Zoogdieren van West-Europa. KNNVuitgeverij Utrecht. Meijden, R. van, 2005. Heukels’ Flora van Nederland. Drieëntwintigste druk. Wolters-Noordhoff, Groningen. Ministerie van Economische Zaken, 2016. Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Lees hier wat de Wet natuurbescherming daarover regelt. Ministerie van LNV, 2004. Besluit Rode Lijsten Flora en fauna. Ministerie van EZ, 2016. Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Versie 1.3 december 2016. Ministerie van EZ, Den Haag. Ministerie van EZ, 2013. Kaartmachine beschermde natuurgebieden: http://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/googlemapszoek.aspx. SOVON Vogelonderzoek Nederland, 2018.

Vogelatlas van Nederlands. Broedvogels, wintervogels en 40 jaar verandering. Kosmos, Utrecht. Wansink, D. 2012. Verspreidingsatlas van de zoogdieren in de provincie Utrecht. Werkatlas januari 2012. Zoogdiervereniging, Nijmegen. Wild, W., de, F. Brekelmans, W. van Emmerik en J. Spier, 2016. Atlas van amfibieën en reptielen van Utrecht. RAVON, Nijmegen. Website: http://www.ravon.nl Website: http://www.verspreidingsatlas.nl Website: http://www.waarneming.nl Website: http://www.zoogdiervereniging.nl

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

15

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

BIJLAGE 1 TOETSINGSSCHEMA WET NATUURBESCHERMING: SOORTENBESCHERMING

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

16

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

BIJLAGE 2 VERBODSBEPALINGEN WET NATUURBESCHERMING: SOORTENBESCHERMING

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

17

Quickscan Flora en fauna – Moorsterweg 3, Woudenberg

BIJLAGE 3 VRIJSTELLING SOORTEN PROVINCIE UTRECHT VOOR RUIMTELIJKE INGREPEN

Zoogdieren Aardmuis Bosmuis Bunzing Dwergmuis Dwergspitsmuis Egel Gewone bosspitsmuis Haas Hermelijn Huisspitsmuis Konijn Ondergrondse woelmuis Ree Rosse woelmuis Tweekleurige bosspitsmuis Veldmuis Vos Wezel Woelrat Amfibieën Bruine kikker Gewone pad Kleine watersalamander Meerkikker Middelste groene kikker of Bastaardkikker

Van Bommel FAUNAWERK – Ecologisch advies, veldwerk, projectuitvoering

18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/1698/documents/39446