CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

04d. Moorsterweg 3 - Woudenberg_Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 2 Archeologisch onderzoek - bureauonderzoek.pdf

Gemeenteraad 30 juni 2022, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken8.833 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg Ruimtelijk advies op basis van bureauonderzoek

Rapportnummer:

V2122

Projectnummer:

V21-4697

ISSN:

1573 - 9406

Status en versie:

Definitief, versie 2.0

In opdracht van:

Adviesbureau Haver Droeze vof

Rapportage:

E.R.J.G. Picard, W.J. Weerheijm, N. Schoute

Plaats en datum:

Amersfoort, 23 september 2021

Niets uit dit werk mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke andere wijze dan ook, daaronder mede begrepen gehele of gedeeltelijke bewerking van het werk, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Vestigia BV Vestigia BV Spoorstraat 5 3811 MN Amersfoort telefoon 033 277 92 00 info@vestigia.nl

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Documentbeheer

Versie

Status

Datum

Toelichting

Autorisatie

1.0

Concept

15 juni 2021

W.A.M. Hessing

2.0

Definitief

23 september 2021

Eerste concept BO ter goedkeuring aan opdrachtgever en bevoegd gezag Definitief na verwerking opmerkingen bevoegd gezag

Initiatief Toponiem / locatie Plaats Gemeente Provincie Opdrachtgever Contactpersoon opdrachtgever Oppervlakte plangebied Oppervlakte onderzoeksgebied Diepte grondwerkzaamheden Huidig grondgebruik Onderzoeksmelding Soort onderzoek RD-coördinaten van het plangebied Kaartblad (1:25.000) Uitvoerder en documentatie Projectleider Toetser rapport Projectmedewerkers

Beheer en documentatie

Bevoegd gezag

Contactpersoon Deskundige namens bevoegd gezag

W.A.M. Hessing

Projectgegevens Nieuwbouw woningen Moorsterweg 3 Woudenberg Woudenberg Utrecht Adviesbureau Haver Droeze vof Mevr. A. van Bommel Ca. 25 ha Plangebied + 500 meter Max. 4 m –mv Verhard/onverhard 5078890100 Bureauonderzoek Xmin: 161.216 Xmax: 161.761 Ymin: 455.979 Ymax: 457.041 32G Barneveld Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie mr. W.J. Weerheijm MA, Senior KNA BO archeoloog, KNA archeoloog MA, KNA prospector (38767204) Drs. W.A.M. Hessing, Senior KNA Archeoloog / Senior KNA prospector (97049866) mr. W.J. Weerheijm MA, Senior KNA BO archeoloog, KNA archeoloog MA, KNA prospector (38767204) E.R.J.G. Picard MA/MLitt (KNA archeoloog in opleiding) N. Schoute (KNA archeoloog in opleiding) Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie E-depot Nederlandse Archeologie (EDNA) via DANS EASY: https://easy.dans.knaw.nl/ui/home Gemeente Woudenberg Postbus 16 3930 EA Woudenberg Dhr. G.J. van der Schans Mevr. P. Fijma (ODRU)

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

2

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Inhoudsopgave Samenvatting en advies ................................................................................................................................................................ 5 Onderbouwing advies ................................................................................................................................................................... 7 1 Projectomgeving.................................................................................................................................................................... 7 1.1 Afbakening plangebied en consequenties toekomstig gebruik (LS01) ............................................................ 7 1.2 Onderzoeksdoel en -methode .................................................................................................................................. 7 2 Beleidskader ......................................................................................................................................................................... 10 2.1 Wettelijk kader .......................................................................................................................................................... 10 2.2 Gemeentelijk beleid (LS01) .....................................................................................................................................

10 3 Verwachtingsmodel............................................................................................................................................................ 12 3.1 Natuurlijk landschap (LS04) ................................................................................................................................... 12 3.2 Historisch landschap (LS02, LS03, LS04) .............................................................................................................. 13 3.3 Bouwhistorische waarden .......................................................................................................................................20 3.4 Archeologische waarden ......................................................................................................................................... 22 3.5 Tweede Wereldoorlog.............................................................................................................................................. 23 3.6 Gespecificeerde archeologische verwachting (LS05) ........................................................................................ 23 4 Advies vervolgonderzoek (LS05) .....................................................................................................................................

26 Literatuur ....................................................................................................................................................................................... 27 Digitale bronnen ........................................................................................................................................................................... 27 Lijst van afbeeldingen, tabellen, bijlagen en kaarten .......................................................................................................... 28 Afbeeldingen ................................................................................................................................................................................. 28 Tabellen .......................................................................................................................................................................................... 28 Bijlagen ........................................................................................................................................................................................... 28 Kaarten ............................................................................................................................................................................................

28 Bijlage 1: Overzicht van archeologische en geologische perioden ................................................................................... 29

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

3

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 1 Het plangebied (blauw), met de bestaande bebouwing (rood) en de twee nieuwbouwvlakken (geel). Bron: PDOK.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

4

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Samenvatting en advies In opdracht van Adviesbureau Haver Droeze vof heeft Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd in het kader van de voorgenomen nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg (afbeelding 1, kaart 1). Het plangebied is momenteel deels bebouwd en deels in gebruik als weiland en boerenerf. Het plangebied heeft een totale oppervlakte van ca. 25 hectare (afbeelding 2). De daadwerkelijk graafwerkzaamheden zullen zich echter beperken tot een oppervlakte van ca. 1600 m2, bestemd voor de bouw van 2 nieuwbouwwoningen. Aangezien de graafwerkzaamheden slechts een klein oppervlak beslaan van het plangebied, zal de nadruk van het bureauonderzoek op de bouwvlakken liggen. De initiatiefnemer is voornemens op deze locatie de agrarische bestemming van de huidige bebouwing om te zetten naar een woonbestemming, waarbij twee nieuwe schuurwoningen worden toegevoegd (afbeelding 3 en 4). Buiten de hoeve met naastgelegen stal met bijgebouw, zal de overige bebouwing gesloopt worden. De nieuwbouwvlakken voor de 2 nieuw te bouwen woningen zullen in totaal ca. 1600 m2 groot worden. Er zijn momenteel nog geen bouwtekeningen beschikbaar.

Op basis van de regels van het concept bestemmingsplan mag ter plaatse van een gebouw binnen het bouwvlak tot maximaal 4 m -mv worden gebouwd.1 Hiervoor dient een wijziging bestemmingsplan te worden opgesteld. Voorafgaand aan de ontwikkelingen dient daarom in kaart gebracht te worden of zich binnen het onderzoeksgebied behoudenswaardige archeologische resten (zouden kunnen) bevinden, die tegen de achtergrond van de bodemingrepen gevaar lopen. Op basis van de gemeentelijke archeologische beleidskaart ligt het plangebied in een zone met een hoge archeologische verwachting. Deze verwachting kan op basis van het bureauonderzoek worden bevestigd. De mogelijke archeologische sporen en vindplaatsen kunnen uiteenlopen van tijdelijke jachtkampjes van jagerverzamelaars uit het Laat-Paleolithicum/Neolithicum tot nederzettingsterreinen en sporen van landgebruik/verkaveling uit de periode vanaf het Neolithicum/Bronstijd tot aan de Late Middeleeuwen/Nieuwe Tijd. Tot de eerste vondstcategorie behoren voornamelijk vondsten van bewerkt vuursteen; tot de tweede categorie behoren o.a. grondsporen van structuren zoals boerderijen, bijgebouwen, sloten, greppels en afvalkuilen, en vondsten van o.a. aardewerk, bot en metaal. Deze resten kunnen worden aangetroffen op de overgang tussen het cultuurdek en de natuurlijke ondergrond.

Bij aanwezigheid van een bodem komen deze sporen voor onder de E-horizont; bij het voorkomen van een C-horizont direct onder het cultuurdek. Op basis van de historisch kaart- en bronnenmateriaal is er reeds vóór 1450 sprake van bewoning binnen het plangebied: boerderij Klein Donkelaar. Er bestaat dus een kans op het aantreffen van (bij)gebouwen, sporen en objecten van agrarische en bewoningsactiviteiten van Klein Donkelaar. Op basis van de Kadasterkaart 1811-1832 en de opeenvolgende topografische kaarten zijn er echter geen aanwijzingen voor historische bebouwing binnen de twee nieuwe bouwvlakken, met uitzondering van de huidige bebouwing binnen het plangebied aan de zuidzijde. Advies Vanwege de hoge archeologische verwachting adviseert Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie om binnen het plangebied, een vervolgonderzoek door middel van verkennende/karterende boringen uit te voeren. Dit onderzoek dient om het archeologisch verwachtingsmodel te toetsen en de mate van verstoring binnen het plangebied. Omdat binnen het plangebied alleen sprake is van een plaatselijke verstoring binnen een tweetal nieuwe bouwvlakken, adviseert Vestigia om binnen elk bouwvlak in een verspringend grid een drietal boringen te zetten met een megaboor diameter 15 cm, tot 25 cm in de onverstoorde C-horizont (totaal 6 boringen).

1

Correspondentie via e-mail met mevr. A. van Bommel d.d. 1-6-2021.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

5

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

De rest van het plangebied (ca. 25 ha) hoeft niet onderzocht te worden, maar behoudt daarmee wel de bestaande dubbelbestemmingen Waarde Archeologie. Verder dient vermeld te worden dat binnen het plangebied gevechtshandelingen hebben plaatsgevonden in april 1945, waarbij destijds de boerderij is beschoten. Zodoende dient er ook rekening gehouden te worden met de mogelijke aanwezigheid van niet gesprongen explosieven. Het is aan het bevoegd gezag, de gemeente Woudenberg, om op basis van dit rapport en het hierin geformuleerde advies een besluit te nemen ten aanzien van eventueel vervolgonderzoek of het beëindigen van het archeologisch onderzoeksproces. Ook wanneer het plangebied op enig moment op basis van de resultaten van archeologisch onderzoek wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische toevalsvondst wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Woudenberg, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Naschrift De adviseur van het bevoegd gezag, mevr. P.

Fijma van de Omgevingsdienst Regio Utrecht, heeft het conceptrapport beoordeeld en in een advies d.d. 14 september 2021 aangegeven dat: “Het uitgevoerde vooronderzoek heeft de hoge archeologische verwachting voor uw plangebied bevestigd. In het plangebied kunnen archeologische resten uit alle archeologische perioden aanwezig zijn. Een archeologisch vervolgonderzoek is daarom noodzakelijk. Dit vervolgonderzoek moet worden uitgevoerd in de vorm van een booronderzoek. Het onderzoek behoort plaats te vinden conform de richtlijnen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en op basis van een Plan van Aanpak (PvA), dat voorafgaand aan het onderzoek ter goedkeuring aan de gemeente is voorgelegd. De rapportage van het onderzoek moet bij de gemeente worden ingediend. Op basis van de resultaten van het onderzoek neemt de gemeente een besluit over de vervolgstappen. Deze vervolgstappen kunnen bestaan uit vrijgave, vervolgonderzoek, behoud van archeologische resten in de bodem, of een combinatie hiervan. Het archeologische onderzoek is pas afgerond als alle archeologische rapportages door de gemeente zijn ontvangen en goedgekeurd. Het rapport [van het bureauonderzoek] is akkoord. Wij hebben het rapport beoordeeld en hebben daarop geen opmerkingen. Het onderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA.

De conclusies zijn helder en goed onderbouwd. Het rapport kan definitief gemaakt worden. Kantekening Voor het gehele plangebied moet de dubbelbestemming worden behouden. Bovenstaand advies is alleen van toepassing op de locaties van de geplande bebouwing. Indien in het overig deel van het plangebied ook grondwerkzaamheden worden uitgevoerd zoals het slopen of bouwen van bebouwing, het aanleggen van kabels en leidingen of het aanbrengen van bomen en beplanting dan moet op de betreffende locaties ook een vervolgonderzoek worden uitgevoerd. Voor de delen die nog niet eerder zijn onderzocht zal dit moeten bestaan uit een verkennend booronderzoek. In de delen die wel al zijn onderzocht en waar een esdek is aangetoond zal het vervolgonderzoek moeten bestaan uit een proefsleuvenonderzoek.”

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

6

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Onderbouwing advies 1 1.1

Projectomgeving Afbakening plangebied en consequenties toekomstig gebruik (LS01)

In opdracht van Adviesbureau Haver Droeze vof heeft Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd in het kader van de voorgenomen nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg (afbeelding 1, kaart 1). Het plangebied is momenteel deels bebouwd en deels in gebruik als weiland en boerenerf. Het plangebied heeft een totale oppervlakte van ca. 25 hectare (afbeelding 2). De daadwerkelijk graafwerkzaamheden zullen zich echter beperken tot een oppervlakte van ca. 1600 m2, bestemd voor de bouw van 2 nieuwbouwwoningen. Aangezien de graafwerkzaamheden slechts een klein oppervlak beslaan van het plangebied, zal de nadruk van het bureauonderzoek op de bouwvlakken liggen. De initiatiefnemer is voornemens op deze locatie de agrarische bestemming van de huidige bebouwing om te zetten naar een woonbestemming, waarbij twee nieuwe schuurwoningen worden toegevoegd (afbeelding 3 en 4). Buiten de hoeve met naastgelegen stal met bijgebouw, zal de overige bebouwing gesloopt worden. De nieuwbouwvlakken voor de 2 nieuw te bouwen woningen zullen in totaal ca. 1600 m2 groot worden. Er zijn momenteel nog geen bouwtekeningen beschikbaar.

Op basis van de regels van het concept bestemmingsplan mag ter plaatse van een gebouw binnen het bouwvlak tot maximaal 4 m -mv worden gebouwd.2 Hiervoor dient een wijziging bestemmingsplan te worden opgesteld. Voorafgaand aan de ontwikkelingen dient daarom in kaart gebracht te worden of zich binnen het onderzoeksgebied behoudenswaardige archeologische resten (zouden kunnen) bevinden, die tegen de achtergrond van de bodemingrepen gevaar lopen. 1.2

Onderzoeksdoel en -methode

Doel van het archeologisch bureauonderzoek was vast te stellen of er in het plangebied sprake is (of kan zijn) van archeologische resten die door de ingrepen verstoord dreigen te worden. Hiertoe is een bureauonderzoek verricht, waarbij voor het plangebied een specifiek archeologisch verwachtingsmodel is opgesteld. Vervolgens is een advies geformuleerd in het kader van de cyclus van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ). Het onderzoek is uitgevoerd conform de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA, versie 4.1), protocol 4002 Bureauonderzoek.

2

Correspondentie via e-mail met mevr. A. van Bommel d.d. 1-6-2021.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

7

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 2 Inrichtingsplan voor het projectgebied. Bron: Adviesbureau Haver Droeze.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

8

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 3 Uitvergroting van de locatie binnen het plangebied waar de nieuwbouw (geel) zal plaatsvinden. Bron: PDOK.

Afbeelding 4 De nieuwbouwvlakken (noordelijk en zuidelijkste vlak). Bron: Adviesbureau Haver Droeze.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

9

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

2

Beleidskader

2.1

Wettelijk kader

De zorgplicht voor het archeologisch erfgoed is uitgewerkt in de Monumentenwet 1988 en in de wijziging hierop; de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz, 2007). Een deel van de Monumentenwet is per 1 juli 2016 opgegaan in de Erfgoedwet. Het overige deel zal te zijner tijd opgaan in de Omgevingswet. Tot die tijd blijven die artikelen die niet zijn overgegaan naar de Erfgoedwet van kracht zoals ze in de Monumentenwet van 1988 zijn benoemd. De Wamz vormde de implementatie van het Verdrag van Malta dat in 1992 door diverse Europese lidstaten is ondertekend. Hierin wordt gesteld dat het streven is archeologisch erfgoed in de bodem te beschermen en daarmee te behouden. Om dit te kunnen doen moet archeologisch erfgoed ingepast worden in de ruimtelijke ordening. Een ander uitgangspunt is dat indien behoud in de bodem (in situ) niet mogelijk is, de verstoorder onderzoek naar de archeologische waarden moet betalen. In de praktijk zijn dit de kosten voor de archeologische monumentenzorg cyclus (AMZ-cyclus). Met de invoering van de Wamz werden gemeenten verplicht om archeologiebeleid te ontwikkelen omdat artikel 38a van de Monumentenwet 1988 bepaalde dat de gemeenteraad bij de vaststelling van een bestemmingsplan en bij de bestemming van de in het plan begrepen grond rekening houdt met de in de grond aanwezige dan wel te verwachten monumenten.

Met invoering van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening (Wro, 2008) werd de archeologie definitief verankerd in de ruimtelijke ordening. Bepaald werd dat gemeenten na maximaal 10 jaar een bestemmingsplan moeten herzien of vernieuwen (daarbij rekening houdend met de archeologie op grond van de Monumentenwet 1988). Op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo, 2010) zijn burgemeester en wethouders bevoegd gezag in het kader van de omgevingsvergunning. Op grond van de Ontgrondingenwet zijn Gedeputeerde Staten bevoegd gezag in het kader van de ontgrondingsvergunning, voor andere gronden dan bij ministeriële regeling aan te wijzen rijkswateren. Ook is de provincie op grond van de Wro bevoegd gezag wanneer sprake is van een Provinciaal Inpassingsplan (PIP). Wanneer sprake is van een Rijksinpassingsplan (RIP) is het rijk bevoegd gezag. Verder is de minister van Infrastructuur en Waterstaat bevoegd gezag ten aanzien van de bodem en oevers van rijkswateren op grond van de Waterwet. Voor werkzaamheden die een wettelijk beschermd archeologisch rijksmonument wijzigen of verstoren, is een vergunning nodig van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed verleent deze vergunning namens de minister. 2.2

Gemeentelijk beleid (LS01)

De gemeente Woudenberg beschikt over een gemeentelijke Archeologische beleidskaart (afbeelding 5).3 Volgens deze beleidskaart heeft het plangebied in zijn algemeenheid een hoge archeologische verwachting voor de periode Laat-Paleolithicum-Romeinse Tijd/Vroege Middeleeuwen. Voor de periode MiddeleeuwenNieuwe Tijd geldt voor een deel van het plangebied een hoge verwachting en ligt een deel van de bouwvlakken binnen een “vindplaats Middeleeuwen – Nieuwe Tijd”. In het bestemmingsplan ‘Buitengebied Woudenberg Geconsolideerd’ (2014) is voor het grootste gedeelte van het plangebied op basis van de hoge archeologische verwachting de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie – 2’ opgenomen. Voor gronden met deze dubbelbestemming geldt dat bodemroerende ingrepen dieper dan 0,4 meter beneden maaiveld, vergunningplichtig zijn vanuit de archeologie wanneer deze een oppervlakte beslaan van 100 m2 of meer. Een klein deel van het plangebied in het uiterste noorden van het plangebied heeft geen dubbelbestemming.4

3

.Boshoven et al., 2010. https://www.ruimtelijkeplannen.nl/; NL.IMRO.NL.IMRO.0351.BP2014bgbconsol-gc01.

4

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

10

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 5 Boven: De gemeentelijke archeologische verwachtingskaart voor de periode Laat-Neolithicum - Romeinse Tijd/Vroege Middeleeuwen. Onder: gemeentelijke archeologische verwachtingskaart voor de periode Late-MiddeleeuwenNieuwe Tijd. Bron: Boshoven et al. 2010.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

11

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

3 3.1

Verwachtingsmodel Natuurlijk landschap (LS04)

Het plangebied bevindt zich in de Gelderse Vallei, niet ver van de oostflank van de Utrechtse Heuvelrug, op een hoogte van ongeveer 5 tot 5,5 meter boven NAP (afbeelding 6). De ruggengraat van de heuvelrug is de stuwwal die ongeveer 10 kilometer ten westen van het plangebied ligt. Deze stuwwal is ontstaan in de voorlaatste ijstijd, het Saalien (ongeveer 150.000 jaar voor heden). Toen bereikte de Scandinavische ijskap Nederland tot aan de lijn Nijmegen-Utrecht-Amsterdam.5 Toen het ijs arriveerde lagen hier dikke afzettingen van zand en grind, afgezet door midden-pleistocene rivieren. Een grote ijstong stuwde deze sedimenten vanuit de Gelderse Vallei (tot 70 m diep) als schollen over elkaar heen in naastgelegen stuwwallen (Veluwe en Utrechtse Heuvelrug). Het bekken van de Gelderse Vallei is reeds in deze periode voor het grootste deel opgevuld met glaciolacustriene afzettingen (afzettingen gevormd in een smeltwater-meer), behorend tot de Formatie van Drenthe.6 Tijdens het daarop volgende Eemien drong de zee de Gelderse Vallei binnen. De klei die daar onder brakwater-omstandigheden is afgezet, wordt gerekend tot de Eem Formatie. Deze formatie ligt op een diepte van 10 tot 40 meter beneden NAP.7 Gedurende de laatste ijstijd (het Weichselien) was er geen sprake van landijsbedekking in Nederland.

In de Gelderse Vallei werd een dekzandpakket afgezet (Formatie van Boxtel)8 dat lokaal een dikte van 10 tot 20 meter bereikt. Aan het huidige oppervlak komt een stelsel van paraboolvormige dekzandruggen voor die gevormd zijn vóór het Allerød-interstadiaal (ongeveer 12.000 jaar geleden).9 In het Holoceen zijn in de Gelderse Vallei in de beekdalen afzettingen gevormd die voornamelijk uit verspoelde dekzanden bestaan. Deze worden gerekend tot het laagpakket van Singraven (Formatie van Boxtel). Aan de randen van de voormalige Zuiderzee heeft zich een pakket zeeklei gevormd op het Pleistocene dekzand. Onder invloed van de stijgende zeespiegel en grondwaterniveau kon lokaal veenvorming optreden. Volgens de landschappelijke reconstructie van Vos 2018 is het plangebied niet overveend geweest.10 Verder uit de Zuiderzee-kust verwijderd hebben verstuivingen van het dekzand geleid tot de vorming van stuifzandgebieden (laagpakket van Kootwijk, Formatie van Boxtel). Het ongelijkmatige reliëf was mede verantwoordelijk voor de slechte ontwatering van de Gelderse Vallei. Door de aanvoer van kwel vanuit de Veluwe kon zich onder deze omstandigheden plaatselijk hoogveen vormen. Landschappelijk gezien bevindt het plangebied zich op de overgang van een dekzandrug (B53) naar een vlakte van ten dele verspoelde dekzanden of löss (M53) (kaart 2a).

Het plangebied ligt bodemkundig op de overgang van een beekeerdgrond naar een hoge zwarte enkeerdgrond. De nieuwbouw zal plaatsvinden binnen de zone die is gekarteerd als beekeerdgrond plaatsvinden. Beekeerdgronden komen, zoals de benaming al aangeeft, vooral in beekdalen voor (kaart 2b). In de Gelderse Vallei zijn zij duidelijk te onderscheiden in twee typen: de gronden met een zwarte bovengrond, vooral in de lagere delen, en de gronden met een bruine bovengrond, met name in de hogere delen van het (beek)dal.11

5

Van den Berg/Beets 1987; STIBOKA 1965. Weerts et al., 2000. 7 Ibidem. 8 Schokker et al. 2007 9 Berendsen, 1996; Zagwijn/van Staalduinen, 1975. 10 Vos et al. 2018. 11 Stiboka 1966, 74. 6

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

12

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 6 Maaiveldhoogteverloop in het plangebied, ter hoogte van de bouwvlakken. Bron: AHN-3.

3.2

Historisch landschap (LS02, LS03, LS04)

Historisch-geografische ontwikkeling (LS03) Voor de historisch-geografische gegevens is gebruik gemaakt van: • Vereniging “Oud Scherpenzeel”;12 • het boek Donkelaar Klein en Kaal van W. Bos.13 • de website van de RCE voor de kadastrale minuut 1811-1832; 14 • de website Tijdreis over 200 jaar topografie van het Kadaster. 15 Vanaf 695 werd de huidige provincie Utrecht door de bisschoppen van Utrecht geregeerd. Naast een kerkelijke rol, vervulden zij ook een bestuurlijke rol. Vanaf 1528 verloren de bisschoppen de wereldlijke macht aan Karel V. In deze periode ontstonden kleine bestuurseenheden genaamd gerechten en heerlijkheden. De gerechten en heerlijkheden bleven tot de hervorming naar gemeenten in de Franse Tijd bestaan. Eén van deze gerechten was Donckelair (later Donkelaar). Het exacte jaar dat het gerecht is ontstaan is niet bekend, maar dit moet voor 1331 geweest zijn. Het gerecht bestond oorspronkelijk uit slechts 6 boerderijen, welke dan ook van voor 1331 moeten dateren. In 1766 is het aantal boerderijen binnen het gerecht gegroeid tot 9 boerderijen, waarvan vier met de naam Donkerlaar: Midden-, Groot-, Klein- en Kaal-Donkelaar. Het plangebied omvat de historische boerderij Klein-Donkelaar en het daarvan afgesplitste Kaal-Donkerlaar (huidige Moorsterweg 5). De nieuwbouw zal plaatsvinden rond de boerderij Klein-Donkelaar.

Het eerste kaartmateriaal waar Klein-Donkelaar op vermeld wordt stamt uit 1744 (afbeelding 7). De eerste exacte kaart is het minuutplan. Op de kadastrale minuut 1811-1832 (minuutplan Woudenberg, sectie A, blad 01) is het plangebied gedeeltelijk bebouwd (afbeelding 8). Het betreft hier (een voorganger van) de huidige boerderij

12

https://oudscherpenzeel.nl/. Bos, 2010. 14 http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/. 15 http://topotijdreis.nl/. 13

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

13

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Klein-Donkelaar. Binnen het zuidelijk nieuwbouwvlak is geen bebouwing aanwezig. Het noordelijke bouwvlak heeft een kleine structuur binnen het contour. Op de kaartbeelden van de 20e/21e eeuw laten vooral een verandering zien in het aantal bijgebouwen in en rond Klein-Donkelaar, de omgeving blijft in grote lijnen hetzelfde (afbeelding 9 t/m 17). Tot 1920 lijkt KleinDonkelaar onveranderd. Op het kaartbeeld van 1920 verschijnen veel kleine gebouwen ten westen en zuiden van de nog bestaande boerderij. Opvallend op deze kaart is dat de huidige Moorsterweg als Tabaksstraatje afgebeeld wordt en de huidige Dashorsterweg als Tabakassteeg. Vanaf ongeveer 1600 tot 1900 was de tabaksteelt in Woudenberg van groot belang omdat velen er hun brood in verdienden. De planten werden op grootschalige wijze geteeld. Halverwege de achttiende eeuw noemde 12% van de bevolking zich tabakker. Dat hield in dat men niet alleen planter was, maar ook voor de verwerking van de tabak verantwoordelijk was. In 1820 werd in Woudenberg nog 85 hectare verbouwd, in 1888 was dat nog maar 10 hectare. De oogst van twee jaar was vrijwel onverkoopbaar blijven liggen. Dit was het einde van de tabakscultuur in Woudenberg.16 Op de daaropvolgende kaartbeelden zijn al deze gebouwen weer nagenoeg verdwenen.

Vanaf 1950 is te zien dat door ruilverkaveling er minder weilanden te zien zijn, maar hebben ze individueel een groter oppervlak. Het kaartbeeld van 1990 toont echter nog de centrale bebouwing, met de huidige loods aan de zuidoostzijde.

Afbeelding 7 Uitsnede van een kaart uit 1744 met 'Kleyn Donkelaar' aangegeven ter hoogte van de bouwvlakken. Bron: Oud Scherpenzeel.17

16 17

https://www.canonvannederland.nl/nl/utrecht/regio-eemland/woudenberg/tabaksteelt. https://oudscherpenzeel.nl/wp-content/uploads/kaarten/1744%20Kaart%20van%20Gelderland%20detail.pdf.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

14

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 8 Uitsnede Kadasterkaart 1811-1832. Boven: het hele plangebied; beneden vergroting van de aanwezige bebouwing ter hoogte van de nieuwbouwvlakken. Bron: RCE.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

15

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 9 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1880. Bron: Topotijdreis.

Afbeelding 10 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1900. Bron: Topotijdreis.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

16

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 11 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1920. Bron: Topotijdreis.

Afbeelding 12 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1940. Bron: Topotijdreis.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

17

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 13 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1955. Bron: Topotijdreis.

Afbeelding 14 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1965. Bron: Topotijdreis.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

18

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 15 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1990. Bron: Topotijdreis.

Afbeelding 16 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 2000. Bron: Topotijdreis.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

19

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 17 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 2019. Bron: Topotijdreis.

Historische situatie en mogelijke verstoringen Op de Verstoringsbronnenkaart van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is ter hoogte van het plangebied geen verstoring gekarteerd.18 Bij het Bodemloket is voor het plangebied geen informatie over saneringen geregistreerd.19 De aanleg en bouw van de huidige bebouwing en kabels/leidingen kunnen voor verstoringen in de ondergrond gezorgd hebben; er zijn geen direct aanwijzingen voor verstoringen binnen de twee bouwvlakken, met uitzondering van de huidige bebouwing binnen het zuidelijke bouwvlak.. 3.3

Bouwhistorische waarden

Voor bouwhistorische waarden zijn de volgende bronnen geraadpleegd: • het rijksmonumentenregister;20 • de lijst van gemeentelijke monumenten in Woudenberg;21 • de MIP-objecten;22

18

Deze kaart is een selectie uit het bestand 'Vergraven Gronden', van WUR. In 2012 is er door Alterra een GIS-bestand samengesteld met een overzicht van grondbewerkingen, ophogingen en afgravingen, waarbij de opbouw van het bodemprofiel tot ten minste 40 cm diepte is gewijzigd. Hiervoor is informatie opgevraagd bij instanties en organisaties die werkzaamheden (laten) uitvoeren en/of administreren in verband met vergunningverlening en instanties die landgebruik in kaart brengen. 19 https://www.bodemloket.nl/. 20 https://monumentenregister.cultureelerfgoed.nl/. 21 https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_gemeentelijke_monumenten_in_Woudenberg. 22 https://www.cultureelerfgoed.nl/publicaties/publicaties/2019/01/01/mip-objecten.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

20

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

• • • • •

de Cultuurhistorische atlas van de provincie Utrecht;23 de kadastrale minuut 1811-1832;24 de Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG);25 Vereeniging “Oud Scherpenzeel”;26 het boek Donkelaar Klein en Kaal van W. Bos.27

Binnen het plangebied liggen geen rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten of MIP-objecten.28 Het Monumenten Inventarisatie Project (MIP) was een landelijk project dat de Rijksdienst tussen 1986 en 1995 uitvoerde met als doel om per gemeente de waardevolle gebouwen en andere monumenten te beschrijven en waarderen. De documentatie van MIP-objecten is nog steeds relevant, maar niet meer actueel. Het is mogelijk dat objecten sinds de inventarisatie ingrijpend gewijzigd of zelfs gesloopt zijn. Sommige MIP-objecten zijn later aangewezen als rijksmonument of gemeentelijk monument. Op de Cultuurhistorische atlas van de provincie zijn binnen het plangebied geen aanvullende bouwhistorische waarden geïnventariseerd. Op de kadastrale minuut 1811-1832 (minuutplan Woudenberg, sectie A, blad 01) is het plangebied gedeeltelijk bebouwd (afbeelding 10). Het betreft hier (een voorganger van) de huidige boerderij Klein-Donkelaar. Naast de naam van het bestuursgebied is Donkelaar ook de naam van een aantal boerderijen binnen het gerecht. In een document uit 1675 worden Groot Donkelaar (Groot Donckelaer) en Cleyn Doncklaer (Klein Donkelaar) vermeld. In 1766 is het aantal boerderijen binnen het gerecht gegroeid tot 9 boerderijen, waarvan 4 met de naam Donkerlaar: Midden-, Groot-, Klein- en Kaal-Donkelaar. De eerste directe verwijzing naar Klein-Donkelaar is in een document uit 1470.

De boerderij ontstond nadat het grond van Groot-Donkelaar opgesplitst werd. Dat betekend dat de splitsing (en daarmee het stichtingsjaar van de boerderij Klein-Donkelaar) al voor 1470 moet liggen. Klein-Donkelaar zou grotendeels in private handen blijven, met uitzondering van de periode ca. 1536-1619 toen het in handen was van O.L.V. Kapel te Amersfoort. Van 1619 tot 1761 kwam het weer in private handen. In deze periode (1715) wordt Klein-Donkelaar verder opgesplitst waarop Kaal-Donkelaar gebouwd wordt. Vanaf 1761 zou Klein-Donkelaar eerst eigendom zijn van Leusden, waarna het vanaf 1834 eigendom was van de Hervormde Diakonie van Leusden. Uit historische bronnen uit 1864 weten we dat de bebouwing behorende tot de boerderij bestond uit: - een huis met achterhuis; - stalling met riet afgedekt; - een bakhuis; - 2 vijfroede hooibergen; - een wagenluif - een schapenhok. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de boerderij Klein Donkelaar verwoest. De boerderij zou na de oorlog weer worden opgebouwd, maar dat zou jaren duren voordat het voltooid werd.29

23

https://utrecht.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index.html?id=12951e6671064d2d8f9336df93e4af1d. http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/. 25 https://bagviewer.kadaster.nl/. 26 https://oudscherpenzeel.nl/. 27 Bos, 2010. 28 Het Monumenten Inventarisatie Project (MIP) was een landelijk project dat de Rijksdienst tussen 1986 en 1995 uitvoerde met als doel om per gemeente de waardevolle gebouwen en andere monumenten te beschrijven en waarderen. De documentatie van MIP-objecten is nog steeds relevant, maar niet meer actueel. Het is mogelijk dat objecten sinds de inventarisatie ingrijpend gewijzigd of zelfs gesloopt zijn. Sommige MIP-objecten zijn later aangewezen als rijksmonument of gemeentelijk monument. 29 Bos, 1991, blz. 61. 24

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

21

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Het is aannemelijk dat eventuele Middeleeuwse voorgangers van de boerderij van hout gemaakt waren. Latere gebouwen zullen in toenemende mate uit stenen elementen bestaan. Het gebruik van (bak)steen als bouwmateriaal naam door de tijd heen toe. De bestaande bebouwing dateert uit de periode 1928-1980.

3.4

Archeologische waarden

Voor de archeologische gegevens omtrent het onderhavige plangebied is het Archeologisch Informatiesysteem (Archis) geraadpleegd, dat alle geregistreerde archeologische monumenten, onderzoeken en vondstlocaties bevat (kaart 3). Archeologische monumenten zijn terreinen met een (hoge/zeer hoge) archeologische waarde, die ofwel fysiek (wettelijk en juridisch) beschermd worden, ofwel een planologische bescherming hebben waarbij in het bestemmingsplan voorschriften voor het gebruik zijn opgenomen. Vondstlocaties zijn locaties waar archeologische vondsten zijn gedaan. Deze zijn al dan niet gekoppeld aan een archeologisch onderzoek. Binnen een straal van 500 meter rondom het plangebied liggen geen terreinen van archeologische waarde (kaart 3). Binnen een straal van 500 meter rondom het plangebied zijn in Archis vijf onderzoeken geregistreerd. Het gaat daarbij om één bureauonderzoek en vijf booronderzoeken (tabel 1). Archis3 zaakID 2025553100 2030031100 2030023100 3242465100 2179413100

Archis2 OMG 10035 10075 10071 12813 25917

Jaar

Type onderzoek

Toponiem

Plaats

X (RD)

Y (RD)

1995 1995 1995 1996 2007

Booronderzoek Booronderzoek Booronderzoek Booronderzoek Bureauonderzoek

Gemeente Scherpenzeel

Scherpenzeel N.v.t N.v.t Scherpenzeel Scherpenzeel

161278 161551 161219 161450 163156

456526 457223 457065 456500 455788

Tabel 1 In Archis geregistreerde onderzoeken binnen een straal van 500 meter rondom het plangebied. Bron: RCE/Archis3.

Voor het onderhavige plangebied is met name het booronderzoek met Zaak ID 3242465100 van belang.30 Dit booronderzoek uit 1996 heeft betrekking op een groot aantal deelgebieden, waarvan er één direct aan de westen zuidzijde van het plangebied was gelegen (11a; afbeelding 18). Uit dit booronderzoek is gebleken dat binnen betreffende plangebied lichte dekzandruggen gelegen zijn, met daarbinnen plaggendekken. Plaatselijk heeft zich een sterk verkitte ijzerinspoeiingshorizont ontwikkeld. De plaggendekken zijn over het algemeen 40 tot 60 cm dik en bereikt plaatselijk een dikte van 70 cm of meer. Op veel plaatsen bleek de B-horizont nog voor een deel intact; geregeld echter kwamen ook diepe verstoringen voor. De indruk was dat het bestaande reliëf grotendeels door mensenhand is ontstaan, dan wel sterk is beïnvloed. De oorspronkelijke dekzandruggen lijken hier weinig uitgesproken en in de prehistorie minder aantrekkelijk voor bewoning te zijn geweest. In geen van de boringen is vondstmateriaal aangetroffen. Een uitzondering hierop is het centrale deel van het plangebied, direct achter het erf van Klein Donkelaar. Hier bevindt zich onder het esdek een gehomogeniseerde cultuurlaag, waarin twee fragmenten aardewerk uit de vijftiende tot zeventiende eeuw werden gevonden.

Het is niet uitgesloten dat zich hier sporen bevinden van het erf, eventueel ook bebouwing, van een voorloper van de huidige boerderij. Blijkens het vondstmateriaal uit de cultuurlaag is de aanleg van het esdek hier op zijn vroegst in de Nieuwe Tijd begonnen.

30

Visscher et al., 1996.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

22

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Afbeelding 18 Uitsnede van de onderzochte locaties van Zaak ID 3242465100. In rood staat globaal de locatie van Klein-Donkelaar aangegeven, waar de geplande nieuwbouw zal plaatsvinden. Bron: Visscher et al., 1996, blz. 186.

Binnen een straal van 500 meter rondom het plangebied is in Archis één vondstlocatie geregistreerd. Het betreft de vondst van twee scherven keramiek uit de periode Nieuwe Tijd Vroeg-Nieuwe Tijd. De scherven zijn gevonden tijdens het hierboven beschreven booronderzoek (Zaak ID 3242465100). 3.5

Tweede Wereldoorlog

Op de Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) staan binnen het plangebied geen resten van ondergronds en bovengronds militair erfgoed afgebeeld.31 Wel kunnen in deze zone in zijn algemeenheid resten worden verwacht van kleinere objecten en structuren zoals crashlocaties, veldgraven en onderduikholen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben echter wel degelijk gevechtshandelingen binnen het plangebied plaatsgevonden, dit op basis van een verslag van J. van Beek Sr. Tijdens gevechten bij de bevrijding in april 1945, vluchtte een groep Duitse militairen naar Klein-Donkelaar. De geallieerde troepen in de achtervolgen, hebben vervolgens de boerderij met fosforgranaten beschoten. Dit heeft ervoor gezorgd dat de boerderij in brand vloog en nagenoeg compleet afbrandde. De boerderij zou na de oorlog weer worden opgebouwd, maar dat zou jaren duren voordat het voltooid werd.32 Zodoende dient er ook rekening gehouden te worden met de mogelijke aanwezigheid van niet gesprongen explosieven. 3.6

Gespecificeerde archeologische verwachting (LS05)

Op basis van de gemeentelijke archeologische beleidskaart ligt het plangebied in een zone met een hoge archeologische verwachting. Deze verwachting kan op basis van het bureauonderzoek worden bevestigd. De mogelijke archeologische sporen en vindplaatsen kunnen uiteenlopen van tijdelijke jachtkampjes van jager-

31 32

http://www.ikme.nl/. Bos, 1991, blz. 61.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

23

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

verzamelaars uit het Laat-Paleolithicum/Neolithicum tot nederzettingsterreinen en sporen van landgebruik/verkaveling uit de periode vanaf het Neolithicum/Bronstijd tot aan de Late Middeleeuwen/Nieuwe Tijd. Tot de eerste vondstcategorie behoren voornamelijk vondsten van bewerkt vuursteen; tot de tweede categorie behoren o.a. grondsporen van structuren zoals boerderijen, bijgebouwen, sloten, greppels en afvalkuilen, en vondsten van o.a. aardewerk, bot en metaal. Deze resten kunnen worden aangetroffen op de overgang tussen het cultuurdek en de natuurlijke ondergrond. Bij aanwezigheid van een bodem komen deze sporen voor onder de E-horizont; bij het voorkomen van een C-horizont direct onder het cultuurdek. Op basis van de historisch kaart- en bronnenmateriaal is er reeds vóór 1450 sprake van bewoning binnen het plangebied: boerderij Klein Donkelaar. Er bestaat dus een kans op het aantreffen van (bij)gebouwen, sporen en objecten van agrarische en bewoningsactiviteiten van Klein Donkelaar. Op basis van de Kadasterkaart 1811-1832 en de opeenvolgende topografische kaarten zijn er echter geen aanwijzingen voor historische bebouwing binnen de twee nieuwe bouwvlakken, met uitzondering van de huidige bebouwing binnen het plangebied aan de zuidzijde. De gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied kan puntsgewijs als volgt worden samengevat: 1.

Datering Voor het plangebied geldt een hoge archeologische verwachting op het aantreffen van resten van bewoning en menselijke activiteit uit de periode Laat-Paleolithicum – Late Middeleeuwen/Nieuwste tijd. 2. -

Complextype Semi-permanente nederzetting/jachtkampje (Paleolithicum/Mesolithicum) Nederzetting (Neolithicum t/m Late Middeleeuwen/Nieuwe tijd) Boerderij Klein-Donkelaar (Late Middeleeuwen / Nieuwe tijd)

3. -

Omvang Tijdelijke jachtkampjes kunnen een omvang hebben van tientallen vierkante meters of groter; Huisplaats/ boerderij Klein-Donkelaar: ca. 50-2000 m2

4. -

Diepteligging De resten van tijdelijke bewoning en menselijke activiteit uit de prehistorie kunnen worden aangetroffen binnen een meter -mv. Het pleistocene zand wordt verwacht binnen een meter vanaf het maaiveld. De diepte ligging is verder afhankelijk van de eventuele aanwezigheid van een podzol. De resten van nederzettingen/resten van boerderij Klein-Donkelaar kunnen direct onder de bouwvoor aangetroffen worden.

-

5. Gaafheid, conservering De conservering van organisch materiaal is vanwege de relatief lage grondwaterstand (Grondwatertrap III; hoog minder dan 40 cm -mv, laag 80-120 cm -mv) waarschijnlijk slecht, zodat eventueel organisch materiaal alleen in diepe sporen goed bewaard kan zijn gebleven. 6. Locatie Archeologische resten kunnen binnen het hele plangebied worden aangetroffen. 7. -

Uiterlijke kenmerken Jachtkampjes: sporen van haardkuilen, vuursteen concentraties. Nederzetting: een spreiding van vondstmateriaal zoals aardewerk, dierlijk bot, bewerkt natuursteen, metaal etc., en sporen zoals (verkavelings)greppels, paalgaten en afvalkuilen. Organische materialen, zoals leer, bewerkt of constructiehout, en textiel kunnen met name in diepe sporen goed bewaard zijn gebleven.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

24

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

-

Boerderij Klein-Donkelaar: een spreiding van vondstmateriaal zoals aardewerk, dierlijk bot, bewerkt natuursteen, metaal etc., en sporen zoals (verkavelings)greppels, paalgaten, muurresten en afvalkuilen. Organische materialen, zoals leer, bewerkt of constructiehout, en textiel kunnen met name in diepe sporen goed bewaard zijn gebleven.

8. Mogelijke verstoringen Binnen het plangebied heeft de reeds bestaande bebouwing, en de bouw en sloop van de vroegere bebouwing naar verwachting tot verstoringen geleid. 9. Bedreiging van eventueel aanwezige archeologische waarden Binnen het plangebied is sprake van de nieuwbouw van woningen en bijbehorende infrastructuur.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

25

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

4

Advies vervolgonderzoek (LS05)

Vanwege de hoge archeologische verwachting adviseert Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie om binnen het plangebied, een vervolgonderzoek door middel van verkennende/karterende boringen uit te voeren. Dit onderzoek dient om het archeologisch verwachtingsmodel te toetsen en de mate van verstoring binnen het plangebied. Omdat binnen het plangebied alleen sprake is van een plaatselijke verstoring binnen een tweetal nieuwe bouwvlakken, adviseert Vestigia om binnen elk bouwvlak in een verspringend grid een drietal boringen te zetten met een megaboor diameter 15 cm, tot 25 cm in de onverstoorde C-horizont (totaal 6 boringen). De rest van het plangebied (ca. 25 ha) hoeft niet onderzocht te worden, maar behoudt daarmee wel de bestaande dubbelbestemmingen Waarde Archeologie. Verder dient vermeld te worden dat binnen het plangebied gevechtshandelingen hebben plaatsgevonden in april 1945, waarbij destijds de boerderij is beschoten. Zodoende dient er ook rekening gehouden te worden met de mogelijke aanwezigheid van niet gesprongen explosieven. Het is aan het bevoegd gezag, de gemeente Woudenberg, om op basis van dit rapport en het hierin geformuleerde advies een besluit te nemen ten aanzien van eventueel vervolgonderzoek of het beëindigen van het archeologisch onderzoeksproces.

Ook wanneer het plangebied op enig moment op basis van de resultaten van archeologisch onderzoek wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische toevalsvondst wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Woudenberg, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Naschrift De adviseur van het bevoegd gezag, mevr. P. Fijma van de Omgevingsdienst Regio Utrecht, heeft het conceptrapport beoordeeld en in een advies d.d. 14 september 2021 aangegeven dat: “Het uitgevoerde vooronderzoek heeft de hoge archeologische verwachting voor uw plangebied bevestigd. In het plangebied kunnen archeologische resten uit alle archeologische perioden aanwezig zijn. Een archeologisch vervolgonderzoek is daarom noodzakelijk. Dit vervolgonderzoek moet worden uitgevoerd in de vorm van een booronderzoek. Het onderzoek behoort plaats te vinden conform de richtlijnen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en op basis van een Plan van Aanpak (PvA), dat voorafgaand aan het onderzoek ter goedkeuring aan de gemeente is voorgelegd.

De rapportage van het onderzoek moet bij de gemeente worden ingediend. Op basis van de resultaten van het onderzoek neemt de gemeente een besluit over de vervolgstappen. Deze vervolgstappen kunnen bestaan uit vrijgave, vervolgonderzoek, behoud van archeologische resten in de bodem, of een combinatie hiervan. Het archeologische onderzoek is pas afgerond als alle archeologische rapportages door de gemeente zijn ontvangen en goedgekeurd. Het rapport [van het bureauonderzoek] is akkoord. Wij hebben het rapport beoordeeld en hebben daarop geen opmerkingen. Het onderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA. De conclusies zijn helder en goed onderbouwd. Het rapport kan definitief gemaakt worden. Kantekening Voor het gehele plangebied moet de dubbelbestemming worden behouden. Bovenstaand advies is alleen van toepassing op de locaties van de geplande bebouwing. Indien in het overig deel van het plangebied ook grondwerkzaamheden worden uitgevoerd zoals het slopen of bouwen van bebouwing, het aanleggen van kabels en leidingen of het aanbrengen van bomen en beplanting dan moet op de betreffende locaties ook een vervolgonderzoek worden uitgevoerd. Voor de delen die nog niet eerder zijn onderzocht zal dit moeten bestaan uit een verkennend booronderzoek.

In de delen die wel al zijn onderzocht en waar een esdek is aangetoond zal het vervolgonderzoek moeten bestaan uit een proefsleuvenonderzoek.” VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

26

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Literatuur BAKKER, H. DE/J. SCHELLING, 1989: Systeem van bodemclassificatie voor Nederland. De hogere niveaus, Wageningen (Staring Centrum). BERENDSEN, H.J.A., 1997: Landschappelijk Nederland, Assen. BERG, M.W. VAN DEN/D.J. BEETS, 1987: Saalian glacial deposits and morphology in the Netherlands, in: MEER, J.J.M. VAN DER (ED.): Tills and Glaciotectonics, Rotterdam, 235-251. BOS, W., 1991: Donkelaar Klein en Kaal, Leusden. BOSHOVEN, E.H./G.H. DE BOER/D. BEKIUS, 2010: Gemeenten Renswoude en Woudenberg; een archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart, Weesp (RAAP-rapport 2117). SCHOKKER. J./H.J.T. WEERTS/W.E. WESTERHOFF/H.J.A. BERENDSEN/C. DEN OTTER, 2007: Introduction of the Boxtel Formation and implications for the Quaternary lithostratigraphy of the Netherlands, Netherlands Journal of Geosciences - Geologie en Mijnbouw, 86-3, 197-210. STIBOKA, 1965: Bodemkaart van Nederland, schaal 1:50000. Toelichting bij kaartblad 32 Oost, Amersfoort. Wageningen (Stichting voor Bodemkartering). STIBOKA, 1966: Bodemkaart van Nederland, schaal 1:50000. Toelichting bij de kaartbladen 26 West, Harderwijk en 32 West, Amersfoort. Wageningen (Stichting voor Bodemkartering). VISSCHER, H.C.J./E. GRAAFSTAL/S. WENTINK/C. DE BONT/G.H.P. DIRKX/T. SPEK, 1996: Engen in Bodembeschermingsgebieden in de provincie Utrecht, Amsterdam (Raap-Rapport 117). VOS, P./M. VAN DER MEULEN/H. WEERTS/J.

BAZELMANS, 2018: Atlas van Nederland in het Holoceen. Landschap en bewoning vanaf de laatste ijstijd tot nu, Amsterdam. WEERTS, H.J.T./P. CLEVERINGA/J.H.J. EBBING/F.D. DE LANG/W.E. WESTERHOFF, 2000: De lithostratigrafische indeling van Nederland – Formaties uit het Tertiair en Kwartair, Utrecht (TNO-rapport 0095-A, TNO-NITG). WESTERHOFF, W.E./T.E. WONG/E.F.J. DE MULDER, 2003: Opbouw van de ondergrond – Opbouw van het Neogeen en Kwartair, in: E.F.J. de Mulder/M.C. Geluk/I.L. Ritsema/W.E. Westerhoff/T.E. Wong (red.), De ondergrond van Nederland, Houten. ZAGWIJN, W.H./C.J. VAN STAALDUINEN, 1975: Toelichting bij Geologische Overzichtskaarten van Nederland, Haarlem. Digitale bronnen - ACTUEEL HOOGTEBESTAND NEDERLAND: https://ahn.arcgisonline.nl/ahnviewer/ - ARCHEOLOGISCH INFORMATIESYSTEEM (ARCHIS): https://archis.cultureelerfgoed.nl/#/login - BEELDBANK NEDERLANDS INSTITUUT VOOR MILITAIRE HISTORIE: https://nimh-beeldbank.defensie.nl/ - BEELDBANK RIJKSDIENST VOOR HET CULTUREEL ERFGOED: http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/ - BODEMLOKET: http://www.bodemloket.nl/ - CANON VAN NEDERLAND: https://www.canonvannederland.nl/nl/utrecht/regioeemland/woudenberg/tabaksteelt.

- DINOLOKET: https://www.dinoloket.nl/ - GEMEENTE WOUDENBERG, GEMEENTELIJKE MONUMENTEN: https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_gemeentelijke_monumenten_in_Woudenberg - INDICATIEVE KAART MILITAIR ERFGOED (IKME): http://www.ikme.nl/ - KADASTER, BASISREGISTRATIES ADRESSEN EN GEBOUWEN (BAG): https://bagviewer.kadaster.nl/ - KADASTER, TIJDREIS OVER 200 JAAR TOPOGRAFIE: http://topotijdreis.nl/ - MIP-OBJECTENDATABASE: https://www.cultureelerfgoed.nl/publicaties/publicaties/2019/01/01/mip-objecten - PROVINCIE UTRECHT, CULTUURHISTORISCHE ATLAS: https://utrecht.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index.html?id=12951e6671064d2d8f9336df93e4af1d - PUBLIEKE DIENSTVERLENING OP DE KAART (PDOK): https://www.pdok.nl/ - RUIMTELIJKE PLANNEN: http://www.ruimtelijkeplannen.nl/web-roo/roo/ - RIJKSMONUMENTENREGISTER: https://monumentenregister.cultureelerfgoed.nl/ - VERSTORINGSBRONNENKAART: https://www.cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/bronnen-enkaarten/overzicht/verstoringsbronnenkaart

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2122, definitieve versie 2.0, d.d. 23 september 2021

27

V21-4697 Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw van woningen aan de Moorsterweg 3 te Woudenberg, gemeente Woudenberg

Lijst van afbeeldingen, tabellen, bijlagen en kaarten Afbeeldingen - Afbeelding 1 Het plangebied (blauw), met de bestaande bebouwing (rood) en de twee -

-

nieuwbouwvlakken (geel). Bron: PDOK. ................................................................................................................... 4 Afbeelding 2 Inrichtingsplan voor het projectgebied. Bron: Adviesbureau Haver Droeze. ........................ 8 Afbeelding 3 Uitvergroting van de locatie binnen het plangebied waar de nieuwbouw (geel) zal plaatsvinden. Bron: PDOK. ........................................................................................................................................... 9 Afbeelding 4 De nieuwbouwvlakken (noordelijk en zuidelijkste vlak). Bron: Adviesbureau Haver Droeze............................................................................................................................................................................... 9 Afbeelding 5 Boven: De gemeentelijke archeologische verwachtingskaart voor de periode LaatNeolithicum - Romeinse Tijd/Vroege Middeleeuwen. Onder: gemeentelijke archeologische verwachtingskaart voor de periode Late-Middeleeuwen-Nieuwe Tijd. Bron: Boshoven et al. 2010. ....... 11 Afbeelding 6 Maaiveldhoogteverloop in het plangebied, ter hoogte van de bouwvlakken. Bron: AHN-3. ...........................................................................................................................................................................................

13 Afbeelding 7 Uitsnede van een kaart uit 1744 met 'Kleyn Donkelaar' aangegeven ter hoogte van de bouwvlakken. Bron: Oud Scherpenzeel. ................................................................................................................. 14 Afbeelding 8 Uitsnede Kadasterkaart 1811-1832. Boven: het hele plangebied; beneden vergroting van de aanwezige bebouwing ter hoogte van de nieuwbouwvlakken. Bron: RCE...................................................... 15 Afbeelding 9 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1880. Bron: Topotijdreis. ......... 16 Afbeelding 10 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1900. Bron: Topotijdreis. ...... 16 Afbeelding 11 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1920. Bron: Topotijdreis.......... 17 Afbeelding 12 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1940. Bron: Topotijdreis. ........ 17 Afbeelding 13 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1955. Bron: Topotijdreis. ........ 18 Afbeelding 14 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1965. Bron: Topotijdreis. ....... 18 Afbeelding 15 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 1990. Bron: Topotijdreis. ....... 19 Afbeelding 16 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 2000. Bron: Topotijdreis. ......

19 Afbeelding 17 Ligging nieuwbouwvlakken op de topografische kaart uit 2019. Bron: Topotijdreis. .......20 Afbeelding 18 Uitsnede van de onderzochte locaties van Zaak ID 3242465100. In rood staat globaal de locatie van Klein-Donkelaar aangegeven, waar de geplande nieuwbouw zal plaatsvinden. Bron: Visscher et al., 1996, blz. 186. .................................................................................................................................... 23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/1697/documents/38368