CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

04. Zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan Ringelpoel 15 anoniem.pdf

Gemeenteraad 23 maart 2023, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 10: Bestemmingsplan Ringelpoel  15 171.679 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan Ringelpoel 15-17. Ik wil de volgende zienswijzen indienen:

Zienswijze 1: Ik vind dat ons bedrijf belemmerd en ingeperkt wordt in toekomstige uitbreidingen, extensiveringen en ontwikkelingen op het gebied van dierenwelzijn (denk aan meer ruimte geven aan de dieren die nu al op het bedrijf staan om onze ‘Beter Leven’ status te behouden). Gezien onze huidige opzet van ons bedrijf zijn alle dier-gebonden activiteiten aan de oostzijde gesitueerd en ook aan deze zijde is nu nog ruimte om door te kunnen ontwikkelen. Aan de noord-west zijde heb ik die ruimte niet vanwege twee bestaande burger-woningen. In de geurberekening die als uitgangspositie is gebruikt om dit plan te ontwikkelen is goed te zien dat men de nieuw te plaatsen huizen zo dicht mogelijk op ons bedrijf ingetekend heeft en zo dus de grens heeft opgezocht binnen de wettelijke ruimte, maar hierin ontneemt men dus mij de ruimte die ik in de huidige situatie nog wel heb. Ik zou graag zien dat men de 3 woningen zo ver mogelijk naar de oostelijke richting intekent wat niets ten koste gaat van het plan maar mij wel meer ruimte geeft. Als onderbouwing voor het bovenstaande zijn in de bijlagen de geurberekeningen te zien. De berekening van 26-08-2020 is als uitgangspunt gebruikt.

De berekening van 3-03-2022 heb ik zelf uit laten voeren inclusief Ringelpoel 7 en 9 welke aan de oostkant liggen en daarop is duidelijk te zien dat de geurbelasting op Ringelpoel 7 en 9 door ons bedrijf voldoende ruimte geeft voor doorontwikkeling, maar dat de 3 nieuwe woningen die ruimte beperken. Zienswijze 2: In de toelichting op het bestemmingsplan artikel 4.1.3 wordt gesteld dat de maximale geurbelasting is berekend op 13,8. Dit getal klopt niet en komt voort uit de eerste geurberekening die in het concept bestemmingsplan is gebruikt. Afgelopen oktober is een nieuwe berekening gemaakt en komt dit getal niet meer voor behalve dan voor de woning op Ringelpoel 6 maar die woning is niet relevant aan dit plan. Zienswijze 3: Het ontwerpbestemmingsplan laat zien dat men de intentie heeft om alle gebouwen en de 2 bedrijfswoningen te slopen en dan 3 burgerwoningen te bouwen. Echter in het plan is niet onomstotelijk vast te stellen dat men dat ook uiteindelijk gaat doen. In de ontwerp planregels mist de voorwaardelijke verplichting op dit punt. Artikel 4.4.2. zou daarin moeten voorzien, dus dat er eerst gesloopt moet worden voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend voor de bouw van een woning (in ieder geval voor de bouw van de 3 e woning).

Op dit punt laat ook het akoestisch onderzoek zien dat de grote schuur helemaal niet gesloopt wordt, maar in dit geluidsonderzoek meegenomen wordt als bebouwing in beoogde eindresultaat van het plan. Ik vind dat op deze manier in het ontwerpbestemmingsplan genoeg ruimte gecreëerd wordt om uiteindelijk ook een hele andere invulling te geven aan het plan met de bijbehorende gronden. Zienswijze 4: De gronden bedoeld in artikel 3 van de bestemmingsregels krijgen onder andere de functie om paarden te mogen beweiden. In lijn hiermee wordt gevraagd om af te wijken van de bouwregels en een buitenrijbaan te realiseren op deze gronden en wel zo uitvoerig beschreven in 11 specifieke regels dat hieruit op te maken valt dat men voornemend is dit ook te realiseren. Echter deze gronden

liggen pal voor onze stallen en het is voor ons bedrijf en onze woning niet wenselijk om bijvoorbeeld lichtmasten van 8 meter hoog (zie artikel 3.3.1 regel f) recht voor je deur te krijgen. Ook voor ons geld dat ons woon en leefklimaat goed moet zijn en blijven bij de uitvoering van dit plan. Daarom wil ik dat de gehele paragraaf 3.3.1 afwijken buitenrijbaan verdwijnt uit het plan. Zienswijze 5: Zoals in zienswijze 2 de genoemde voorwaardelijke verplichting om te slopen mist in artikel 4.4.2 is het zeer opmerkelijk dat deze voorwaardelijk verplichting wel is opgenomen in artikel 3.4.2 als het gaat om het agrarisch gebruik van de gronden en dat is vreemd aangezien het grootste gedeelte nu al gebruikt wordt als agrarische grond, echter een gedeelte niet en dat is het stuk waar nu de grote schuur op staat. Dat gedeelte mag dus volgens het plan pas de functie agrarische grond krijgen nadat de schuur gesloopt is. Als men de schuur dus niet sloopt (zoals te zien in het akoestisch onderzoek) dan behoudt dit stuk grond zijn bestaande bestemming en kan men er bijvoorbeeld een paarden stalling van maken met binnen rijbaan. Dit sluit dan aan bij de aanvraag voor de buitenrijbaan en mogelijkheid voor dagrecreatie omschreven in artikel 3.1 regel e.

Mijn punt hierin is samengevat dat in het bestemmingsplan verweven de mogelijkheid gemaakt is om een manege op te zetten met bijbehorende activiteiten en daar ben ik op tegen omdat dit niet wenselijk is dicht tegen een kalverhouderij zoals dat van ons. Zienswijze 6: Op het gebied van geluid heeft men een akoestisch onderzoek uit laten voeren, echter alleen gericht op wegverkeersgeluid. Zoals al genoemd in zienswijze 2 is dit onderzoek onjuist uitgevoerd als men wel het plan uitvoert door alle bebouwing te slopen want nu kan de schuur die als bebouwing staat een afschermende functie hebben in de berekeningen. Verder gaat men in de toelichting op het bestemmingsplan in hoofdstuk 4.1.2 in op de milieucontouren die er zijn en wordt er gesteld dat er op basis van de VNG brochure een afstand van 30 meter gehanteerd moet worden voor wat betreft geluid en na correctie is dat 10 meter. Ons bedrijf wordt in de VNG brochure ingeschaald in de categorie “fokken en houden van rundvee” Voor een kalverhouderij kent de brochure geen aparte categorie en dat is jammer want de gemeente kan zich nu verschuilen achter de richtafstanden van de VNG brochure, maar de geluiden afkomstig van onze bedrijfsvoering zijn heel anders dan van een gemiddeld melkveebedrijf.

Zo voer ik mijn kalveren elke dag met mijn shovel waar ik mee rond de stallen rijd en zowel de aanvoer als afvoer van kalveren vindt zowel overdag als ‘s nachts plaats. We hebben het dan op jaarbasis wel over 1600 kalveren aanvoeren en 1600 kalveren afvoeren. Bovendien wordt er ieder jaar ongeveer 4000 m3 mest afgevoerd wat in de praktijk betekend dat er 120 vrachtwagens komen en gaan en bij de mestsilo de mest oppompen. In de winter pompen we de mest uit de stallen over naar deze silo welke aan de kant staat van de nieuwe huizen. Verder is er in de herfst de mais oogst en wordt er ongeveer 2000 ton mais aangevoerd met trekkers en vrachtwagens. Verder staat er wekelijks een bulkauto brok in de silo’s te blazen, want jaarlijks voeren we 1300 ton krachtvoer. Dit alles betekend dat bewoners van deze huizen onze bedrijfsgeluiden zullen vernemen. Het is dus volgens mij noodzakelijk om ook onderzoek uit te laten voeren naar het bedrijfsgeluid afkomstig van ons bedrijf om een goed leef en woonklimaat te kunnen borgen. Zienswijze 7: Bij het ontwerpen of wijzigen van een bestemmingsplan is er ook een verplichting om de omwonende of belanghebbende te informeren over de gang van zaken. M.L.

heeft ons eerst alleen een concepttekening overhandigd en daarna op 23 februari stukken toegestuurd (pas nadat ik er op aangedrongen had) Dit betrof echter dus een conceptversie van het plan en de definitieve versie die nu ter inzage ligt hebben wij niet onder ogen gehad totdat ik getipt werd door iemand die verwees

naar de commissievergadering van 6 december met bijbehorende ingekomen stukken betreffende het ontwerpbestemmingsplan Ringelpoel 15-17. Daarna heb ik contact gelegd met G. v I. van Landborg om te overleggen. Al deze communicatie heeft op mijn initiatief plaatsgevonden en men heeft mij dus feitelijk gezien maar 1 keer benaderd. M……. vertelde mij dat men ons als bedrijf niet in de weg wilde staan, maar ondertussen zocht men bewust wel de uiterste grens op om de huizen in te tekenen. Verder heb ik hem toen duidelijk aangegeven dat ik ook voor de toekomst de ruimte die we hebben willen behouden voor doorontwikkeling van ons bedrijf. Hij echter meende dat ons bedrijf toch al geen uitbreidingsmogelijkheden meer had en dus dat extra huizen in de buurt daar geen invloed op hebben. Dit alles lees ik absoluut niet terug in de omgevingsdialoog en dat is volgens mij een voorbeeld van tekort schietende participatie. Verder wordt de bewoner van Ringelpoel 9 niet eens met naam genoemd en bij Ringelpoel 7 staat de naam van de heer Rijlaarsdam die slechts zijn bedrijfje gevestigd heeft in dit pand en daar helemaal niet woont, de eigenaar woont aan de Vinkebuurtweg te Maarn en is niet gehoord. Eindconclusie is dat zeker in ons geval er veel meer openheid had moeten zijn in de ontwikkeling van dit plan zeker ook om dat G… v.I.

mij specifiek heeft verteld dat onze vergunning van ons bedrijf het uitgangspunt is geweest om dit plan te ontwikkelen. Zienswijze 8: De landschappelijke inpassing is totaal niet geborgd; het beeldkwaliteitsplan geeft een idee van wat zou kunnen maar er is geen beplantingsplan bijgevoegd en er is geen voorwaardelijke verplichting vastgelegd. Zodoende kan men nu nog alle kanten op wat ook weer in lijn staat met de ruimte in het gehele plan om het op diverse manieren in te vullen of uit te voeren. Zienswijze 9: Algemeen gesteld ligt er voor mij als agrariër grote druk vanuit de landelijke politiek en welke weg ik met ons bedrijf moet volgen is voor nu nog volstrekt onduidelijk. Daarom is het belangrijke dat ik alle nu beschikbare ontwikkelingsruimte kan blijven benutten op mijn bedrijf. Ik stel dan ook de vraag of het wenselijk is dat er burgerwoningen in agrarisch gebied geplaats moeten worden. De rood voor rood regeling zal in de toekomst met veel stoppende boeren veel vaker toegepast worden ook in Woudenberg en moeten we dan overal maar huizen tussen de overblijvende agrarische bedrijven intekenen die voor zichzelf al de grootst mogelijke uitdagingen hebben om een toekomstig bestaansrecht te blijven houden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/2194/documents/43683