CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 1 Verkennend bodem- en asbestonderzoek (1).pdf

Raadscommissie 12 april 2022, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 11: Vaststellen bestemmingsplan Voskuilerweg 3624.770 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

8

De norm voor barium is tijdelijk ingetrokken. Gebleken is dat de interventiewaarde voor barium lager was dan het gehalte dat van nature in de bodem voorkomt. Indien er sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium van 920 mg/kg d.s. Deze voormalige interventiewaarde is op dezelfde manier onderbouwd als de interventiewaarden voor de meeste andere metalen en is voor barium inclusief een natuurlijk achtergrondgehalte van 190 mg/kg d.s.

9

Indien het laboratorium een waarde ‘< dan een verhoogde rapportagegrens’ aangeeft (hoger dan de rapportagegrens AS3000), dan dient de betreffende verhoogde rapportagegrens te worden vermenigvuldigd met 0,7. De zo verkregen waarde (of hiermee berekende somwaarde) wordt getoetst aan de van toepassing zijnde normwaarde. Een dergelijke verhoogde rapportagegrens kan optreden bij de analyse van een zeer sterk verontreinigd monster of een monster met afwijkende samenstelling. Het zo verkregen toetsingsresultaat heeft geen verplichtend karakter. De onderzoeker heeft de vrijheid onderbouwd te concluderen dat het betreffende monster niet goed kan worden beoordeeld.

4

B: Indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging (INEV’S) Voor de stoffen in tabel 2 zijn indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging opgenomen. Het betreffen stoffen van de tweede, derde en vierde tranche afleiding interventiewaarden. Op basis van twee redenen is een indicatief niveau voor ernstige verontreiniging aangegeven en geen interventiewaarde: 1. er zijn geen gestandaardiseerde meet- en analysevoorschriften beschikbaar of binnenkort te verwachten; 2. de ecotoxicologische onderbouwing van de interventiewaarde is niet aanwezig of minimaal en in het laatste geval lijkt het erop dat de ecotoxicologische effecten kritischer zijn dan de humaan-toxicologische effecten. De ecotoxicologische onderbouwing dient te voldoen aan de volgende criteria: a. er dienen minimaal 4 toxiciteitsgegevens beschikbaar te zijn voor minimaal twee taxonomische groepen; b. voor metalen dienen alle gegevens betrekking te hebben op het compartiment bodem; c. voor organische stoffen mogen maximaal twee gegevens via evenwichtspartitie uit gegevens voor het compartiment water zijn afgeleid; d. er dienen minimaal twee gegevens voor individuele soorten beschikbaar te zijn.

Indien aan een of meerdere van deze criteria niet is voldaan en indien ecotoxicologische effecten kritischer zijn dan humaantoxicologische effecten, wordt volstaan met het vaststellen van een indicatief niveau voor ernstige verontreiniging. De indicatieve niveaus hebben een grotere mate van onzekerheid dan de interventiewaarden. De status van de indicatieve niveaus is daarom niet gelijk aan de status van de interventiewaarde. Over- of onderschrijding van de indicatieve niveaus heeft derhalve niet direct consequenties voor wat betreft het nemen van een beslissing over de ernst van de verontreiniging door het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag dient daarom naast de indicatieve niveaus ook andere overwegingen te betrekken bij de beslissing of er sprake is van ernstige verontreiniging. Hierbij kan gedacht worden aan: • nagaan of er op basis van andere stoffen sprake is van ernstige verontreiniging en spoed tot saneren. Op verontreinigde locaties komen vaak meerdere stoffen tegelijk voor. Indien voor andere stoffen wel interventiewaarden zijn vastgesteld kan op basis van deze stoffen nagegaan worden of er sprake is van ernstige verontreiniging en spoed tot saneren. In zo’n geval is een risicoschatting voor de stoffen waarvoor slechts een indicatief niveau is aangegeven minder relevant.

Indien op basis van andere stoffen geen sprake blijkt te zijn van ernstige verontreiniging en spoed tot saneren, is een risicoschatting voor de stoffen waarvoor slechts een indicatief niveau is aangegeven wel belangrijk; • een ad hoc bepaling van de actuele risico’s. Bij de bepaling van actuele risico’s ten behoeve van het vaststellen van de spoed tot saneren spelen naast toxicologische criteria ook andere locatiegebonden factoren een rol. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om de blootstellingmogelijkheden, het gebruik van de locatie of de oppervlaktes van de verontreiniging. Dergelijke factoren kunnen vaak goed bepaald worden waardoor het ondanks de onzekerheid met betrekking tot de indicatieve niveaus toch mogelijk is een redelijke schatting van de actuele risico’s uit te voeren. Het verdient aanbeveling hierbij gebruik te maken van bioassays, omdat hiermee niet alleen de onzekerheden in de ecotoxicologische onderbouwing maar ook de onzekerheden ten gevolge van het gestandaardiseerde meet- en analysevoorschriften ontweken worden. • aanvullend onderzoek naar de risico’s van de stof. Er kunnen aanvullende toxiciteitexperimenten uitgevoerd worden om een betere schatting van de risico’s van de stof te kunnen maken. De INEV’s zijn niet geëvalueerd en blijven gelijk aan de INEV’s zoals opgenomen in de Circulaire streefwaarden en interventiewaarden bodemsanering (2000).

Enkele voormalige interventiewaarden zijn omgezet in INEV’s. Dit wordt toegelicht in het NOBO-rapport: VROM, 2008, in druk: NOBO: Normstelling en bodemkwaliteitsbeoordeling. Onderbouwing en beleidsmatige keuzes voor de bodemnormen in 2005, 2006 en 2007. Alleen voor MTBE is het INEV voor grondwater aangepast naar de waarde die is genoemd in de Circulaire zorgplicht Wbb bij MTBE- en ETBE-verontreinigingen (Staatscourant 18 december 2008, nr. 2139).

5

Tabel 2: Streefwaarden grondwater en indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging 6 gehalten in grond zijn weergegeven voor standaardbodem (10% organische stof en 25% lutum)

Streefwaarde 4

Stofnaam

grondwater ( g/l) ondiep4

diep4

(<10 m –mv)

(>10 m –mv)

-

0,05* 0,07 2* 2,2* 1,2 -

Interventiewaarden grond (mg/kg d.s.)

grondwater ( g/l)

30 100 600 15 900 250 15

15 160 70 7 50 70 40

1. Metalen Beryllium Seleen Tellurium Thallium Tin Vanadium Zilver

Streefwaarde grondwater 7 ( g/l)

Interventiewaarden grond (mg/kg d.s.) grondwater ( g/l)

3. Aromatische verbindingen Dodecylbenzeen Aromatische oplosmiddelen1 Dihydroxybenzenen (som)3 Catechol (o-dihydroxybenzeen) Resorcinol (m-dihydroxybenzeen) Hydrochinon (p-dihydroxybenzeen)

0,2 0,2 0,2

1.000 200 8 -

0,02 150 1.250 600 800

-

50 10 30 10 15 nvt 5

100 10 10 1 350 0,001 ng/l

0,1 ng/l * 0,05 ng/l*

2 22

2 0,1

0,08 -

0,1 30 200 75 270 100 0,1 220 30 35 100

5 5.600 6.300 15.000 13.000 5.500 50 31.000 24.000 6.000 9.400

5. Gechloreerde Koolwaterstoffen Dichlooranilinen Trichlooranilinen Tetrachlooranilinen Pentachlooranilinen 4-chloormethylfenolen Dioxine (som I-TEQ)2

6. Bestrijdingsmiddelen Azinfosmethyl Maneb

7. Overige stoffen Acrylonitril Butanol butylacetaat Ethylacetaat Diethyleen glycol Ethyleen glycol Formaldehyde Isopropanol Methanol Methylethylketon Methyl-tert-buthyl ether (MTBE)

Toelichting voetnoten tabel 2 * Getalswaarde beneden de detectielimiet/bepalingsondergrens of meetmethode ontbreekt. 1

Onder aromatische oplosmiddelen wordt een standaardmengsel van stoffen, aangeduid als ‘C9-aromatic naphta’ verstaan zoals gedefinieerd door de International Research and Development Corporation: o-xyleen 3,2%, i-isopropylbenzeen 2,74%, n-propylbenzeen 3,97%, 1-methyl-4-ethylbenzeen 7,05%, 1-methyl-3ethylbenzeen 15,1%, 1-methyl-2-ethylbenzeen 5,44%, 1,3,5-trimethylbenzeen 8,37%, 1,2,4-trimethylbenzeen 40,5%, 1,2,3-trimetylbenzeen 6,18% en > alkylbenzenen 6,19%. 2

Voor de samenstelling van de somparameters wordt verwezen naar bijlage N van de Regeling bodemkwaliteit (VROM, 2007). Bij het berekenen van een somwaarde worden voor de individuele componenten de resultaten < vereiste rapportagegrens AS3000 vermenigvuldigd met 0,7. Indien alle individuele waarden als onderdeel van de berekende waarde het resultaat < vereiste rapportagegrens AS3000 hebben, mag de beoordelaar ervan uit gaan dat de kwaliteit van de grond of het grondwater voldoet aan de van toepassing zijnde normwaarde. Indien er voor een of meer individuele componenten een of meer gemeten gehalten (zonder < teken) zijn, dan dient de berekende waarde te worden getoetst aan de van toepassing zijnde normwaarde. Deze regel geldt ook als gemeten gehalten lager zijn dan de vereiste rapportagegrens. Het verkregen toetsingsresultaat, op basis van een berekende somwaarde waarin voor een of meer individuele componenten is gerekend met een waarde van 0,7 maal de rapportagegrens, heeft geen verplichtend karakter. De onderzoeker heeft de vrijheid onderbouwd te concluderen dat het betreffende monster niet in die mate is verontreinigd als het toetsingsresultaat aangeeft.

6

3

Onder dihydroxybenzenen (som) wordt verstaan: de som van catechol, resorcinol en hydrochinon.

4

De Streefwaarden grondwater voor een aantal stoffen zijn lager dan de vereiste rapportagegrens in AS3000. Dit betekent dat deze Streefwaarden strenger zijn dan het niveau waarop betrouwbaar (routinematig) kan worden gemeten. De laboratoria moeten minimaal voldoen aan de vereiste rapportagegrens in AS3000. Het hanteren van een strengere rapportagegrens mag ook, mits de gehanteerde analysemethode voldoet aan AS3000. Bij het beoordelen van het meetresultaat ‘< rapportagegrens AS3000’ mag de beoordelaar ervan uitgaan dat de kwaliteit van het grondwater voldoet aan de Streefwaarde. Indien het laboratorium een gemeten gehalte rapporteert (zonder < teken), moet dit gehalte aan de Streefwaarde worden getoetst, ook als dit gehalte lager is dan de vereiste rapportagegrens AS3000.

5

Voor grond is er een interventiewaarde.

6

Indien het laboratorium een waarde ‘< dan een verhoogde rapportagegrens’ aangeeft (hoger dan de rapportagegrens AS3000), dan dient de betreffende verhoogde rapportagegrens te worden vermenigvuldigd met 0,7. De zo verkregen waarde (of hiermee berekende somwaarde) wordt getoetst aan de van toepassing zijnde normwaarde. Een dergelijke verhoogde rapportagegrens kan optreden bij de analyse van een zeer sterk verontreinigd monster of een monster met afwijkende samenstelling. Het zo verkregen toetsingsresultaat heeft geen verplichtend karakter. De onderzoeker heeft de vrijheid onderbouwd te concluderen dat het betreffende monster niet goed kan worden beoordeeld.

C: Bodemtypecorrectie Bij de beoordeling van de kwaliteit van de bodem worden de in de tabellen opgenomen waarden voor standaardbodem omgerekend naar de waarden voor de betreffende bodem gebruik makende van de gemeten gehalten aan organische stof en lutum. De omgerekende waarden kunnen vervolgens met de gemeten gehalten worden vergeleken.

Metalen Bij de omrekening voor metalen kan gebruik gemaakt worden van de volgende bodemtypecorrectieformule: (IW)b = (IW)sb x [{A + (B x % lutum) + (C x % organische stof)} / {A + (Bx25) + (C x 10)}] Waarin: (IW)b (IW)sb %lutum

= interventiewaarde voor de te beoordelen bodem; = interventiewaarde voor standaardbodem; = gemeten percentage lutum in de te beoordelen bodem. Voor bodem met een gemeten lutumgehalte van minder dan 2% wordt met een lutumgehalte van 2% gerekend; % org. stof = gemeten percentage organische stof in de te beoordelen bodem Voor bodem met een gemeten organisch stofgehalte van minder dan 2% wordt met een organisch stofgehalte van 2% gerekend; A, B, C = stofafhankelijke constanten voor metalen (zie hieronder); Tabel 3: Stofafhankelijke constanten voor metalen: Stof

A

Arseen Barium Beryllium Cadmium Chroom Kobalt Koper Kwik Lood Nikkel Tin Vanadium Zink

15 30 8 0,4 50 2 15 0,2 50 10 4 0, 12 50

B 0,4 5 0,9 0,007 2 0,28 0,6 0,0034 1 1 6 1,2 3

C 0,4 0 0 0,021 0 0 0,6 0,0017 1 0 0 0 1,5

7

Organische verbindingen De interventiewaarden en indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging voor organische verbindingen, zijn afhankelijk van het organische stofgehalte. Bij omrekening voor organische verbindingen, met uitzondering van PAK’s, kan gebruik gemaakt worden van de volgende bodemtypecorrectieformule: (IW)b = (IW)sb x (% organische stof / 10) Waarin: (IW)b (IW)sb % org. stof

= interventiewaarde voor de te beoordelen bodem; = interventiewaarde voor standaardbodem; = gemeten percentage organische stof in de te beoordelen bodem. Voor bodems met gemeten percentage organische stofgehalten van meer dan 30% respectievelijk minder dan 2% worden gehalten van respectievelijk 30% en 2% aangehouden.

PAK’s Voor interventiewaarde PAK’s wordt geen bodemtypecorrectie voor bodems met een organisch stofgehalte tot 10% en bodems met een organisch stofgehalte boven de 30% toegepast. Voor bodems met een organisch stofgehalte tot 10% wordt een interventiewaarde van 40 mg/kg d.s. en voor bodems met een organisch stofgehalte vanaf 30% een interventiewaarde van 120 mg/kg d.s. gehanteerd. Tussen de 10% en 30% organische stof gehalte kan gebruik gemaakt worden van de volgende bodemtypecorrectieformule: (IW)b = 40 x (% organische stof / 10) Waarin: (IW)b = interventiewaarde voor de te beoordelen bodem % organische stof = gemeten percentage organische stof in de te beoordelen bodem.

D: Meetvoorschriften De te hanteren analysemethoden zijn opgenomen in Bijlage L, behorende bij artikel 1.1 (versie 30 november 2007) van de Regeling bodemkwaliteit. Staatscourant 20 december 2007, nr. 247, pag 67.

8

BIJLAGE 5 Monsternemingsplan en -formulier asbest

BIJLAGE 6 Historische informatie

Rapport Bodemloket

Datum: 11-10-2019

Legenda

Locatie Voortgang onderzoek

Mijnsteengebieden

1/2

Inhoud 1

Algemeen

2

Disclaimer

1

Algemeen Bij het Bodemloket is geen informatie voor deze locatie beschikbaar over bodemonderzoek en/of sanering. Mogelijk is informatie beschikbaar bij gemeente, omgevingsdienst of provincie.

2

Disclaimer De bodeminformatie omvat alleen informatie die bij de provincie en gemeenten bekend is. Wanneer er geen gegevens op de kaart staan kunnen we niet met zekerheid zeggen dat de ondergrond schoon is. Andersom wijzen historische bedrijfsactiviteiten op de kaart niet zonder meer op bodemverontreiniging. Om daar duidelijkheid in te krijgen moet de bodem verder onderzocht worden. De inhoud van deze bodeminformatiekaart is met de grootste zorg samengesteld. Toch kan het voorkomen dat de informatie verouderd is of onjuistheden bevat. Wij vragen daarvoor uw begrip. Neem voor de meest actuele situatie van een locatie contact op met de gegevensbeheerder van de locatie. De contactgegevens van de gegevensbeheerder staat hierboven. Uw reactie stellen we op prijs. Het geeft ons gelegenheid de fouten en gebreken te herstellen. Rijkswaterstaat beheert de website Bodemloket. Vragen over de werking van de website kunt u stellen via onze helpdesk: http://www.bodemplus.nl/helpdesk.

2/2

Angela Wispels Van: Verzonden: Aan: Onderwerp:

RUD_bodemloket.woudenberg <bodemloket.woudenberg@rudutrecht.nl> dinsdag 6 augustus 2019 11:30 Liesbeth van Hille; info@woudenberg.nl RE: Product aanvraag "Bodeminformatie Woudenberg" (22) ontvangen

Goedemorgen, Van deze locatie is vanuit provinciale en gemeentelijke bron geen bodeminformatie bekend. Bij de RUD zijn geen milieugegevens bekend op deze locatie. De historische milieugegevens zijn in beheer bij de gemeente Woudenberg zelf, evenals alle andere onderwerpen die u in uw informatieverzoek aanhaalt. Ik zend uw informatieverzoek om die reden door naar de gemeente Woudenberg voor verdere afhandeling. Met vriendelijke groet,

Robert Hellings RUD Bezoekadres: Archimedeslaan 6 3584 BA Utrecht Tel +31307023139 Fax Aanwezig :

Disclaimer Wij wijzen u er met nadruk op dat alleen een recent bodemonderzoek betrouwbare informatie geeft over de bodemkwaliteit van een perceel. De beschikbaar gestelde informatie moet beschouwd worden als indicatie voor de te verwachten bodemkwaliteit. Door middel van het verrichten van een bodemonderzoek conform de protocollen NEN 5725, NEN 5740 en NEN 5707 (asbest) kan de actuele, milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse van een perceel vastgesteld worden. Indien aangegeven is dat er geen informatie bij de provincie voorhanden is, betekent dit niet automatisch dat de bodem schoon is. De provincie heeft in dat geval van een perceel geen informatie beschikbaar in het bodeminformatiesysteem. Er kunnen geen rechten worden ontleend aan de op de website of via deze e-mail beschikbaar gestelde informatie. Het bodemloket is in geen geval aansprakelijk voor enige schade die het (in)directe gevolg is van (of in verband te brengen is met) het gebruik van de op deze website of in deze e-mail beschikbaar gestelde informatie.

Van: noreply@rudutrecht.nl [mailto:noreply@rudutrecht.nl] Verzonden: maandag 5 augustus 2019 11:49 Aan: RUD_bodemloket.woudenberg <bodemloket.woudenberg@rudutrecht.nl> Onderwerp: Product aanvraag "Bodeminformatie Woudenberg" (22) ontvangen

[Paginanummer]

Formulier ontvangen Details van het ingeleverde formulier Inleverdatum

5-8-2019 11:48:28

Product id

22

Product naam

Bodeminformatie Woudenberg

Aantal bijlagen

1

Bijlage(n) • Uittreksel kadastrale kaart met omgevingskaart Woudenberg A 1159.pdf (425.65 KB) De volgende gegevens zijn ontvangen: Vooraf Ik heb bodemloket.nl geraadpleegd

ja

De locatie(s) waar u informatie over aanvraagt Postcode

3931MX

Huisnummer

36

Huisletter Huisnummertoevoeging Straatnaam

Voskuilerweg

Woonplaats

Woudenberg

Eventuele UT-code Welke informatie wilt u ontvangen?

Wij zouden graag zo spoedig mogelijk m.n. de volgende relevante (historische)informatie (indien aanwezig) van de locatie willen ontvangen: o Relevante historische gegevens (bijvoorbeeld: ophogingen, dempingen, bodem vreemde lagen, bodembedreigende activiteiten); o Eventuele milieu-/hinderwetdossiers; o Voorgaande bodemonderzoeken (m.u.v. bovenstaande); o Bouwvergunningen; o Aanwezigheid en ligging van boven- en/of ondergrondse tanks; o Aanwezigheid van overige verdachte deellocaties; o Verwachting aanwezigheid asbest in de bodem; o Aanwezigheid van niet gesprongen explosieven/conventionele explosieven; o De archeologische (verwachtings)waarden van de locatie.

Bijlage

uittreksel kadastrale kaart met omgevingskaart woudenberg a 1159.pdf

Uw eigen gegevens Naam

L.S. van Hille

Naam bedrijf

Hunneman Milieu-Advies Raalte BV

[Paginanummer]

Telefoonnummer

0572-360998

E-mailadres

lvanhille@hunneman-milieu.nl

Postcode

8102GV

Huisnummer

5

Huisletter Huisnummertoevoeging Straatnaam

Barkstraat

Woonplaats

Raalte

Uw referentienummer

190658

Bevestigen en verzenden Ik heb informatie aangevraagd over Zijn de ingevulde gegevens juist?

Ja

[Paginanummer]

Archimedeslaan 6 Postbus 85242 3508 AE Utrecht

Verseon-nummer:

05 r ; / f veh" ambtenaan. 3

De heer CJ. van Oosterom Voskuilerweg 36 3931 MX WOUDENBERG

Datum

hr^lTohrift a a n ^ U''

VÉRZONDEN 04 JUNI 20is

1!

4 juni 2015

Contactpersoon

F.H. Wiegersma

Zaakkenmerk CHZ_SBG_PECO_31868-01

Telefóonnummer

06-21124649

Briefnummer HH04/81546D07

E-maiiadres

f.wiegersma@rudutrecht.nl

Uw nummer

Pagina

1 van 2

onderwerp

«a

^

Milieucontrole

Geachte heer Van Oosterom, Op 29 april 2015 is uw bedrijf, in het kader van het handhavingsprogramma bezocht door de heer F.H. Wiegersma van team Handhaving Bedrijven van RUD Utrecht. De RUD Utrecht verleent vergunningen, houdt toezicht en voert handhavingstaken uit op het gebied van milieu, bodem, natuur, landbouw, vuurwerk, (zwem)water en luchtvaart, in opdracht van de aangesloten gemeenten en de provincie Utrecht. Op 7 juli 2010 heeft u een melding gedaan voor het Besluit landbouw milieubeheer. Tevens is op 13 november 2009 uw milieuvergunning van 14 augustus 1989 ingetrokken vanwege het niet meer houden van varkens. Op 1 januari 2013 is het vernieuwde Activiteitenbesluit milieubeheer en de bijbehorende regeling in werking getreden. Bedrijven die voorheen onder de hierboven genoemde besluiten vielen, moeten nu voldoen aan de artikelen van het Activiteitenbesluit. Op www.aimonline.nl kunt u, door het invoeren van de activiteiten die binnen uw bedrijf plaatsvinden, nagaan welke delen van het Activiteitenbesluit specifiek voor uw bedrijf gelden. Tijdens het bezoek is gecontroleerd of uw bedrijf voldoet aan de eisen gesteld in het Activiteitenbesluit en aan de overige milieuwet- en regelgeving. Daarnaast werd gecontroleerd in hoeverre de bedrijfsactiviteiten nog overeenstemmen met de activiteiten die zijn gemeld.

Beoordeling meldingsplicht Diersoort Rundvee Paarden Jongvee (in pension) Herten Dwerggeiten

Toegestaan volgens melding 75 15 8 10

Aanwezig tijdens controle 0 10 50 0 0

Tijdens het controlebezoek is aangegeven en geconstateerd dat er alleen nog maar jongvee 'in pension' wordt gehouden en dat het melkbedrijf is beëindigd. Tevens heeft u aangegeven dat u in verband met uw leeftijd bezig bent uw bedrijf af te bouwen. In verband hiermee is het vooralsnog niet nodig om een nieuwe melding voor het houden van jongvee aantevragen.

Elf gemeenten en de provincie werken samen aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Amersfoort, Baarn, Bunschoten, Eemnes, Houten, Leusden, Lopik, Nieuwegein, Soest Utrecht, Woudenberg, provincie Utrecht

2 van 2

HH04/81546D07

Naleving Activiteitenbesluit Tijdens het controlebezoek op 21 april 2015 zijn geen overtredingen van de artikelen geconstateerd. Overige aspecten De koelinstallatie ten behoeve van het melkbedrijf is buiten gebruik gesteld en verwijderd. Dieseltank De dieseltank is leeg en buiten gebruik. Indien u de dieseltank afvoert moet u een bewijs van lediging (op grond van de BRL-K 902) en het saneringscertificaat (op grond van BRL-K 905) kunnen overleggen. Wij verzoeken u eventuele plannen voor wijzigingen in uw bedrijfsvoering tijdig aan team Handhaving Bedrijven van RUD Utrecht door te geven.

i groet, • en wethouders van de gemeente Woudenberg,

ir. G. Himmelreich Teamleider Handhaving Bedrijven RUD Utrecht

cc: - WIEF/HH - gemeente Woudenberg, ta.v. dhr. M. Sengers, postbus 16, 3930 EA Woudenberg

TEKENING 1-1 Situatie met monsterpunten en peilbuizen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/1681/documents/36824