CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Bestemmingsplan Griftdijk 28.pdf

Raadscommissie 12 januari 2021, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 8: Vaststellen bestemmingsplan Griftdijk 2816.268 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ontwerp Gemeente Woudenberg - Bestemmingsplan Griftdijk 28

27

streeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een ongewoon voorval binnen de inrichting waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. Uit de risicokaart blijkt dat in de nabijheid van het plangebied geen routes gevaarlijke stoffen, buisleiding en/of bedrijven aanwezig zijn die met gevaarlijke stoffen werken. Derhalve is geen onderzoek externe veiligheid noodzakelijk. Afbeelding 10: Fragment risicokaart.

Uit het oogpunt van externe veiligheid zijn er derhalve geen belemmeringen voor de planontwikkeling.

5.9.

Vormvrije mer-beoordeling Het Besluit ruimtelijke ordening stelt in artikel 3.1.1, onder f dat inzicht dient te worden gegeven aan de uitvoerbaarheid van het plan. Bovendien dient het bestuursorgaan bij de voorbereiding van het besluit (tot vaststelling van het bestemmingsplan) de nodige kennis te vergaren omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen (artikel 3.2 Algemene Wet Bestuursrecht). In dit hoofdstuk wordt verslag gedaan van het onderzoek dat is verricht ten behoeve van de in dit plan mogelijk gemaakte ontwikkelingen, zodat voldaan wordt aan de onderzoeksverplichtingen van het Besluit ruimtelijke ordening. Voorheen kon worden volstaan met de conclusie dat de omvang van de activiteit onder de drempelwaarde lag en dus geen m.e.r.(-beoordeling) noodzakelijk was, onder de nu geldende regeling moet een motivering worden gegeven. Het is niet nodig om voor alle nieuwe activiteiten een mer-procedure te volgen. De verplichting voor een mer-procedure ontstaat als de voorgenomen activiteit is vermeld in bijlage C van het Besluit mer, de activiteit daarbij in omvang minimaal gelijk is aan de daarbij vermelde drempel-

Ontwerp Gemeente Woudenberg - Bestemmingsplan Griftdijk 28

28

waarden en de activiteit mogelijk wordt gemaakt in één van de in het Besluit mer aangewezen wettelijke plannen of besluiten. Daarnaast kan een activiteit mer-beoordelingsplichtig zijn op basis van het Besluit mer. Dit is het geval wanneer de voorgenomen activiteit is vermeld in bijlage D van het Besluit mer, de activiteit minimaal gelijk is aan de vermelde drempelwaarden en de activiteit mogelijk wordt gemaakt in de aangewezen plannen of besluiten. Voor plannen geldt overigens al een directe planmer-plicht wanneer het plan een kader vormt voor activiteiten uit bijlage D van besluit mer die de (indicatieve) drempelwaarden overschrijden. Voor activiteiten ónder de drempelwaarde van bijlage D, bestaat sinds de wijziging van het Besluit mer van 1 april 2011 de verplichting tot een zogenaamde vormvrije mer-beoordeling. Op grond van bijlage D geldt voor stedelijke ontwikkelingsprojecten een mer-plicht bij uitbreidingen met een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer (D11, onder nummer 2). In dit geval is sprake van een uitbreiding van het bedrijfsvloeroppervlakte van 200 m². Derhalve geldt geen mer-plicht. De consequentie van deze regeling is echter ook dat in elk besluit of plan dat betrekking heeft op activiteiten die voorkomen op de D-lijst aandacht moet worden besteed aan mer.

Het komt er op neer dat voor elk besluit of plan dat betrekking heeft op activiteit(en) die beneden de drempelwaarden vallen uit de D-lijst, een toets moet worden uitgevoerd of belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten. Voor deze toets, die dus een nieuw element is in de mer-regelgeving, wordt de term vormvrije mer-beoordeling gehanteerd. Deze vormvrije merbeoordeling kan tot twee conclusies leiden:  belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten: er is geen m.e.r.(-beoordeling) noodzakelijk;  belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: er moet een m.e.r.beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor m.e.r. De toetsing dient te worden uitgevoerd aan de hand van de criteria uit bijlage III bij de Europese richtlijn m.e.r. (kenmerk project, plaats project en kenmerk potentieel effect). De in dit hoofdstuk beschreven onderzoeksresultaten voldoen niet alleen aan de onderzoeksverplichting van het Besluit ruimtelijke ordening, maar kunnen ook worden opgevat als de vormvrije merbeoordeling. Op basis van deze onderzoeken naar milieuaspecten kan worden geconcludeerd dat er geen belangrijke negatieve milieugevolgen zullen optreden, als gevolg van de in dit bestemmingsplan mogelijk gemaakte ontwikkelingen. Geconcludeerd kan worden dat er geen mer(-beoordeling) noodzakelijk is op grond van het Besluit mer.

Ontwerp Gemeente Woudenberg - Bestemmingsplan Griftdijk 28

29

6.

Juridische planbeschrijving

6.1.

Algemeen De Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit op de ruimtelijke ordening zijn op 1 juli 2008 in werking getreden. Voor wat betreft de terminologie en de opbouw van het plan is op de nieuwe wet aangesloten. Als voorbeelden hiervan kan worden genoemd dat de voorschriften nu regels heten en dat vrijstellingen nu afwijking worden genoemd. Daarnaast zijn de algemene gebruiksbepalingen en de zogenaamde toverformule niet meer noodzakelijk, omdat in de wet is bepaald dat gronden niet in strijd met hun bestemming mogen worden gebruikt. Bij het opstellen van het bestemmingsplan is er voor gekozen de planologisch-juridische regeling in dit bestemmingsplan zoveel mogelijk aan te sluiten (met inachtneming van de Wro) bij recente bestemmingsplannen van de gemeente Woudenberg. Het onderhavig bestemmingsplan gaat uit van de meest recente versie van het rapport Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP-2012-v1.3.1). Ook is het handboek bestemmingsplannen van de gemeente Woudenberg gevolgd.

6.2.

Bestemmingsplan Het digitale bestemmingsplan Griftdijk 28 is de verzameling geometrisch bepaalde planobjecten dat is vervat in een GML-bestand (NL.IMRO.0351.BP2019griftd28-ow01) met bijbehorende regels. Dit bestemmingsplan is via elektronische weg uitwisselbaar en raadpleegbaar. Het geeft de bestemming en de bebouwingsmogelijkheden van de gronden aan. Met de invoering van het digitale bestemmingsplan bestaat de plankaart (zoals die tot 1 juli 2008 bekend stond) formeel niet meer. Het digitale bestemmingsplan bestaat uit een GMLbestand met bijbehorende regels. De papieren plankaart (nu bekend als de analoge verbeelding van het voorliggende bestemmingsplan) is getekend op een schaal 1:1.000 en omvat 1 kaartblad (genummerd 0351-12-P01). Het kaartblad geeft de bestemming van de gronden aan. Waar nodig zijn aanduidingen op de kaart opgenomen waarvan de betekenis in de regels wordt verklaard.

6.3.

Plansystematiek Voor de ontwikkeling is gekozen voor een gedetailleerde plansystematiek. Het plangebied heeft zodoende een rechtstreekse bouwtitel. Dit betekent een flexibele regeling die enerzijds de individuele vrijheid van burgers waarborgt en er anderzijds voor zorgt dat algemene belangen, als de ruimtelijke kwaliteit, niet worden aangetast. Hierdoor wordt het aantal afwijkingsbevoegdheden beperkt en wordt het ambtelijk apparaat in de toekomst ontlast. Voor bewoners en ondernemers in en om het plangebied biedt deze bestemming zodoende houvast over de ontwikkeling van hun omgeving.

Ontwerp Gemeente Woudenberg - Bestemmingsplan Griftdijk 28

30

6.4.

Regels De regels van het voorliggende bestemmingsplan zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Deze hoofdstukken zijn: 1. Inleidende regels 2. Bestemmingsregels 3. Algemene regels 4. Overgangs- en slotregels Inleidende regels In de Inleidende regels worden de gebruikte begrippen beschreven (artikel 1). In artikel 2 worden regels gesteld ten aanzien van de wijze waarop gemeten moet worden. Bestemmingsregels De bestemmingsregels bevatten de volgende bestemmingen: "Agrarisch met waarden - Landschapswaarden - Reliëf" en "Bedrijf - 1". Hiervoor zijn de relevante onderdelen overgenomen uit de beide bestemmingsplannen (zie paragraaf 1.3) die voor het plangebied vigeren. In het plangebied is bij de gronden met de bestemming "Agrarisch met waarden - Landschapswaarden - Reliëf" geen bouwvlak aanwezig. Met uitzondering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, is geen bebouwing toegestaan. Alle bepalingen die betrekking hebben op het bouwvlak zijn niet in het onderhavig bestemmingsplan opgenomen. De bestemming omvat een omgevingsvergunningplicht om het waterhuishoudkundig systeem, de landschapsstructuur en het groot- en kleinschalig reliëf te beschermen. In de bestemming "Bedrijf - 1" met de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - machine- en apparatenfabriek' is het bouwvlak vergroot, zodat de nieuwbouw gerealiseerd kan worden. Het volledige bouwvlak mag worden bebouwd.

Ter plaatse zijn naast dit bedrijf ook bedrijven in de milieucategorie 1 en 2 toegestaan. Een bedrijfswoning is net als in de huidige situatie niet toegestaan. Algemene regels In artikel 5 is een antidubbeltelregel opgenomen. De antidubbeltelregel strekt ertoe dat gronden die al eens in aanmerking zijn genomen bij het verlenen van omgevingsvergunningen, niet nogmaals meegeteld kunnen worden. In de algemene bouwregels (artikel 6) zijn algemene regels opgenomen met betrekking tot bestaande maatvoering en ondergronds bouwen. Artikel 2.1, lid 1, onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht omvat een verbod om gronden in strijd met hun bestemming te gebruiken. Artikel 7 bevat daarom uitsluitend een verbod op het gebruik van seksinrichtingen en een verbod om onbebouwde gronden als stand-

Ontwerp Gemeente Woudenberg - Bestemmingsplan Griftdijk 28

31

of ligplaats van onderkomens, of opslag-, stort- of bergplaats van machines, voer- en vaartuigen en andere al of niet afgedankte stoffen, voorwerpen en producten te gebruiken. In artikel 8 zijn algemene afwijkingsregels opgenomen om maximaal 10% van de aangegeven maatvoering af te wijken. Daarnaast zijn afwijkingsbevoegdheden voor antennemasten tot een bouwhoogte van 15 meter en kleine gebouwtjes in dit artikel opgenomen. De algemene wijzigingsregels in artikel 9 maken het mogelijk om in het belang van een goede ruimtelijke ontwikkeling van plangebied, de ligging van grenzen van bestemmings- en bouwvlakken en aanduidingen te wijzigen zodat de geldende oppervlakte van de bij wijziging betrokken vlakken met niet meer dan 10% wordt verkleind of vergroot, en geen van de grenzen met meer dan 3 meter wordt verschoven. In de overige regels (artikel 10) zijn bepalingen opgenomen wat betreft het moeten voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Overgangs- en slotregels De verplichte overgangsregels voor bouwwerken en gebruik zijn conform het bepaalde in artikel 3.2.2 van het Bro opgenomen (artikel 11). Tenslotte bevat het plan een slotregel (artikel 12).

Ontwerp Gemeente Woudenberg - Bestemmingsplan Griftdijk 28

32

7.

Uitvoerbaarheid

7.1.

Economische uitvoerbaarheid Gelet op het bepaalde in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) dient in het kader van een bestemmingsplan onder andere inzicht te worden geboden in de economische uitvoerbaarheid van het plan binnen de wettelijke planperiode van tien jaar. Op de gemeente rust de verplichting tot kostenverhaal bij grondexploitatie. Dit kan door het vaststellen van een exploitatieplan. De gemeente kan hiervan afzien indien kostenverhaal anderszins is verzekerd, bijvoorbeeld door het sluiten van een overeenkomst dan wel indien de gemeente eigenaar van de betreffende gronden is en het kostenverhaal verzekerd is door de grondopbrengst bij de verkoop ervan. Bij deze ontwikkeling is door de gemeente en de ontwikkelaar een overeenkomst gesloten, waarin is vastgelegd dat de initiatiefnemer alle te maken plankosten voor zijn rekening neemt. Hiermee is het kostenverhaal voor de gemeente verzekerd.

7.2.

Maatschappelijke uitvoerbaarheid In het kader van het wettelijk vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 Bro is het plan verzonden aan een aantal instanties. De provincie Utrecht en de Veiligheidsregio Utrecht hebben aangegeven geen opmerkingen te hebben. Naar aanleiding van de reactie van het Waterschap Vallei en Veluwe is de paragraaf over hun beleid geactualiseerd. De initiatiefnemer heeft op 17 december 2019 tijdens een inloopbijeenkomst omwonenden geinformeerd over de planontwikkeling. Daarnaast is nog een aantal omwonenden thuis bezocht. In het algemeen overheerste hierbij een positieve stemming. Eén omwonende is mordicus tegen de planontwikkeling. Het ontwerpbestemmingsplan Griftdijk 28 wordt gedurende zes weken voor een ieder ter visie gelegd. Gedurende de periode van ter inzage legging kan een ieder een zienswijze indienen. Een samenvatting van de zienswijzen en de beantwoording daarop zal te zijner tijd worden opgenomen in deze paragraaf.

Ontwerp Gemeente Woudenberg - Bestemmingsplan Griftdijk 28

Regels

2

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

3 3 9

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4

Bestemmingsregels Agrarisch met waarden - Landschapswaarden - Reliëf Bedrijf - 1

10 10 12

Hoofdstuk 3 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Overige regels

15 15 16 17 18 19 20

Hoofdstuk 4 Artikel 11 Artikel 12

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

22 22 23

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

3

Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1

Inleidende regels

Begrippen

plan: het bestemmingsplan Griftdijk 28 met identificatienummer NL.IMRO.0351.BP2019griftd28-ow01 van de Gemeente Woudenberg;

1.2

bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen;

1.3

aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;

1.4

aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft;

1.5

aan- en uitbouw: een bijbehorend bouwwerk dat als functioneel onderdeel van een hoofdgebouw aan te merken is, dat in directe verbinding staat met het hoofdgebouw als aangebouwde uitbreiding en dat uit architectonisch oogpunt herkenbaar is als afzonderlijke en duidelijk ondergeschikte aanvulling op dat hoofdgebouw;

1.6

afhaalpunt: een locatie waar de consument uitsluitend via internet bestelde goederen kan afhalen en/of retourneren, waar uitsluitend logistiek en opslag van bestelde goederen gedurende een korte periode plaatsvindt en waarbij geen sprake is van uitstalling ten behoeve van verkoop en/of overige activiteiten;

1.7

agrarisch bedrijf: een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren, nader te onderscheiden in: a. grondgebonden agrarisch bedrijf: 1. akker- en vollegrondstuinbouw: de teelt van gewassen op open grond, daaronder niet begrepen sier-, fruit- en bollenteelt; 2. bollenteelt: de teelt van bloembollen al dan niet in samenhang met de teelt van bolbloemen; 3. fruitteelt: de teelt van fruit op open grond; 4. grondgebonden veehouderij: het houden van melk- en ander vee (nagenoeg) geheel op open grond en waarbij de productie (nagenoeg) geheel afhankelijk is van de agrarische grond als productiemiddel; 5. paardenhouderij en paardenfokkerij;

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

4

6. sierteelt: de teelt van siergewassen, met uitzondering van boomkwekerijgewassen, op open grond al dan niet gecombineerd met de handel in boomkwekerijgewassen en vaste planten; b. niet-grondgebonden agrarisch bedrijf: 1. glastuinbouw: de teelt van gewassen (nagenoeg) geheel met behulp van kassen, permanente tunnels en plastic kassen daaronder begrepen; 2. intensieve kwekerij: de teelt van gewassen, paddenstoelen daaronder begrepen, in gebouwen; 3. intensieve veehouderij: een bedrijf met een in hoofdzaak niet-grondgebonden agrarische bedrijfsvoering die is gericht op het houden van dieren, zoals rundveemesterij (exclusief vetweiderij), varkens-, vleeskalver-, pluimvee- of pelsdierhouderij of een combinatie van deze bedrijfsvormen, alsmede naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijfsvormen; c. overige teelten van gewassen of dieren, al dan niet in gebouwen.

1.8

antenne-installatie: een installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een techniekkast opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie;

1.9

bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde;

1.10

bebouwingspercentage: een op de verbeelding of in de regels aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van een bouwperceel, bedrijfsperceel of bouwvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd;

1.11

bedrijf: een onderneming gericht op het vervaardigen, bewerken, installeren, inzamelen, verhuren, opslaan, distribueren en verhandelen van goederen, waarbij ondergeschikte detailhandel uitsluitend plaatsvindt in de vorm van verkoop c.q. levering van ter plaatse vervaardigde, bewerkte of herstelde goederen, dan wel goederen die in rechtstreeks verband staan met de uitgeoefende bedrijfsvoering;

1.12

bedrijfsgebouw: een gebouw, dat dient voor de uitoefening van een bedrijf of de huisvesting van meerdere bedrijven al dan niet met gezamenlijke voorzieningen;

1.13

bedrijfsperceel: een aaneengesloten stuk grond behorende bij één bedrijf, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;

1.14

bedrijfsvloeroppervlakte (bvo): de totale gebouwde vloeroppervlakte van kantoren, winkels of bedrijven met inbegrip van de daartoe behorende magazijnen en overige dienstruimten, met uitzondering van trappen, hellingbanen en een parkeerdek;

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

5

1.15

bestaand: a. bij bouwwerken: de bestaande legale bebouwing ten tijde van de terinzagelegging van het bestemmingsplan als ontwerp; b. bij gebruik: het bestaande legale gebruik ten tijde van het van kracht worden van het bestemmingsplan;

1.16

bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak;

1.17

bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming;

1.18

bijbehorend bouwwerk: een uitbreiding van een hoofdgebouw, dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak;

1.19

bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, het vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk;

1.20

bouwgrens: de grens van een bouwvlak;

1.21

bouwlaag: a. een verdieping (met inbegrip van de begane grond en uitgezonderd een kelder) van zodanige afmetingen en vorm dat de daardoor ontstane ruimte zonder ingrijpende voorzieningen geschikt kan worden gemaakt voor verschillende functies en daarmee gelijke gebruiksmogelijkheden geeft als de daaronder gelegen bouwlagen; b. een zolder en dakopbouw worden niet gezien als bouwlaag als de hoogte minder is dan 1,5 m. Als de hoogte tussen 1,5 m en 2,1 m is, dan wordt dit ook niet als bouwlaag gezien zolang de laag verder niet beloopbaar is. Als het een zolder onder een puntdak betreft en de hoogte alleen net onder de punt van het dak 1,8 m is, dan wordt de zolder niet geacht 'beloopbaar' te zijn.

1.22

bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;

1.23

bouwperceelgrens: de grens van een bouwperceel;

1.24

bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten;

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

6

1.25

bouwwerk: een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden;

1.26

dakkapel: een constructie ter vergroting van een gebouw, die zich tussen de dakgoot en de nok van een dakvlak bevindt, waarbij deze constructie onder de noklijn is gelegen en de onderzijde van de constructie in het dakvlak is geplaatst;

1.27

detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten behoeve van verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit en anders dan voor gebruik ter plaatse. Onder detailhandel vallen niet: afhaalpunten (locaties ten behoeve van internetdetailhandel die uitsluitend bedoeld zijn voor het afhalen of terugbrengen van goederen door de consument);

1.28

gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;

1.29

geluidhinderlijke inrichting: een bedrijf, zoals bedoeld in artikel 2.1, lid 3 van het Besluit omgevingsrecht, dat in belangrijke mate geluidshinder kan veroorzaken;

1.30

hoofdgebouw: een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn aard, functie, constructie en/of afmetingen dan wel gelet op de bestemming als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken;

1.31

internetverkoop: een specifieke vorm van detailhandel zonder uitstalling, verkoop en afhaal van goederen ter plaatse, waarbij de goederen via internet worden aangeboden en overwegend per post worden geleverd;

1.32

kantoor: een gebouw of een deel van een gebouw in de vorm van een ruimtelijk en bouwkundig zelfstandige eenheid dat geheel of grotendeels in gebruik is of te gebruiken is voor bureaugebonden werkzaamheden of daaraan ondersteunende activiteiten;

1.33

kunstwerk: een bouwwerk, geen gebouw zijnde, ten behoeve van civieltechnische en/of infrastructurele doeleinden, zoals een brug, een dam, een duiker, een tunnel, een viaof aquaduct of een sluis, dan wel een daarmee naar aard gelijk te stellen voorziening;

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

7

1.34

nutsvoorzieningen: voorzieningen ten behoeve van het openbaar nut, zoals ten behoeve van de levering van elektriciteit, gas, (stads)verwarming, drinkwater en telecommunicatiediensten, alsmede ten behoeve van riolering en (ondergrondse) afvalinzameling;

1.35

ondergeschikt: een activiteit die in ruimtelijk, functioneel en inkomenswervend opzicht duidelijk ondergeschikt en ten dienste is aan de volgens het bestemmingsplan toegestane hoofdfunctie. De activiteit is van zulke beperkte bedrijfsmatige en/of ruimtelijke omvang dat de functie waaraan zij wordt toegevoegd qua aard, omvang en verschijningsvorm overwegend of nagenoeg geheel als hoofdfunctie duidelijk herkenbaar blijft;

1.36

ondergeschikt kantoor: een gebouw of een deel van een gebouw dat geheel of grotendeels in gebruik is of te gebruiken is voor bureaugebonden werkzaamheden of daaraan ondersteunende activiteiten, waarbij deze werkzaamheden en activiteiten uitsluitend worden verricht ten dienste van en ondergeschikt zijn aan een andere functie dan kantoor op hetzelfde bouwperceel;

1.37

overkapping: een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met maximaal één wand en voorzien van een gesloten dak, waaronder begrepen een carport;

1.38

peil: a. Voor bouwwerken waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van die weg ter plaatse van de hoofdtoegang; b. In andere gevallen: het vloerpeil zoals vastgesteld door burgemeester en wethouders.

1.39

platte afdekking: een horizontaal vlak, ter afdekking van een gebouw, dat meer dan tweederde van het grondoppervlak van het gebouw beslaat;

1.40

productiegebonden detailhandel: detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, geteeld, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces of goederen die aansluiten op het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie;

1.41

prostitutie: het zich beschikbaar stellen voor het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;

1.42

reclamezuil: een paal of constructie waaraan reclame-uitingen worden bevestigd;

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

8

1.43

seksinrichting: een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden;

1.44

stallingsruimte voor fietsen: een bergruimte om fietsen beschermd tegen weer en wind te kunnen opbergen, die vanaf de openbare weg rechtstreeks bereikbaar is via het aansluitende terrein;

1.45

(statische) opslag: het opslaan van goederen die naar hun aard geen regelmatige verplaatsing behoeven, zonder dat deze een bewerking ondergaan en zonder dat deze verhandeld worden;

1.46

verkoopvloeroppervlakte (vvo): de voor het publiek zichtbare en toegankelijke winkelruimte ten behoeve van detailhandel;

1.47

voorgevel: de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of, indien een perceel met meerdere zijden aan een weg grenst, de als zodanig door burgemeester en wethouders aan te wijzen gevel;

1.48

voorgevelrooilijn: de lijn die gelijk loopt aan de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde daarvan. Van een hoofdgebouw gelegen op de hoek van twee straten moeten beide gevels van het hoofdgebouw en het verlengde daarvan, gelegen aan de straatkant, gezien worden als voorgevelrooilijn(en);

1.49

webwinkel: een specifieke vorm van detailhandel zonder uitstalling, waarbij de goederen via internet worden aangeboden en zowel per post worden geleverd als ter plaatse afgehaald worden;

1.50

zelfstandig kantoor: een gebouw of een deel van een gebouw in de vorm van een ruimtelijk en bouwkundig zelfstandige eenheid dat geheel of grotendeels in gebruik is of te gebruiken is voor bureaugebonden werkzaamheden of daaraan ondersteunende activiteiten, met uitzondering van een ondergeschikt kantoor;

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

9

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:

2.1

de afstand tot de bouwperceelgrens: tussen de grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is;

2.2

de bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, zonnepanelen, antennes, liftschachten, ondergeschikte technische installaties en leidingen en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;

2.3

de dakhelling: langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak;

2.4

de goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel;

2.5

de inhoud van een bouwwerk: tussen de bovenzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen, exclusief van het betrokken gebouw deel uitmakende kelders en andere ondergrondse ruimten;

2.6

de lengte, breedte en diepte van een gebouw: tussen (de lijnen, getrokken door) de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren);

2.7

de ondergrondse bouwdiepte van een bouwwerk: vanaf het peil tot het diepste punt van het bouwwerk, de fundering niet meegerekend;

2.8

de oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; Bij overkappingen wordt de oppervlakte gemeten ter plaatse van de neerwaartse projectie van het dak.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

10

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Bestemmingsregels

Agrarisch met waarden - Landschapswaarden Reliëf

Bestemmingsomschrijving De voor "Agrarisch met waarden - Landschapswaarden - Reliëf" aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. grondgebonden agrarische bedrijven; b. het behoud, herstel en de ontwikkeling van het waterhuishoudkundig systeem; c. het behoud, herstel en de ontwikkeling van de landschapsstructuur; d. het behoud, herstel, en ontwikkeling van groot- en kleinschalig reliëf; alsmede voor de bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals, wegen en paden, tuinen, erven, groenelementen, (natuurvriendelijke) oevers, water en waterhuishoudkundige voorzieningen, laad- en losvoorzieningen, nutsvoorzieningen en parkeervoorzieningen.

3.2

Bouwregels Op deze gronden mogen uitsluitend: a. bouwwerken geen gebouwen zijnde ten behoeve van natuurondersteuning tot 10 meter zoals een ooievaarsnest, een mussentil of uilenkast; b. erf- en terreinafscheidingen en bouwwerken, geen gebouwen, teeltondersteunende voorzieningen en overkappingen zijnde, worden gebouwd met een maximale hoogte van 2 meter.

3.3

Specifieke gebruiksregels Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: a. niet-agrarische bedrijfsmatige nevenactiviteiten zijn niet toegestaan; b. fokkerijen en mesterijen van eenden, ganzen en kalkoenen in de open lucht alsmede pelsdierhouderijen, vis-, wormen- en madenkwekerijen zijn niet toegestaan; c. teeltondersteunende voorzieningen zijn uitsluitend gedurende de periode van maart tot en met september toegestaan; d. het gebruik van afdekfolie is niet toegestaan; e. containervelden zijn niet toegestaan; f. waterbassins zijn niet toegestaan: g. mestbassins, niet zijnde bouwwerken, zijn niet toegestaan; h. het opslaan van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, goederen, stoffen en materialen en van emballage en/of afval is niet toegestaan, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; i. het opslaan, opgeslagen houden, storten of lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen is niet toegestaan, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

11

3.4

Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

3.4.1

Algemeen Het is verboden op of in de gronden met de bestemming "Agrarisch met waarden Landschapswaarden - Reliëf" zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanleggen, vergraven, verruimen, uitdiepen of dempen van sloten, greppels, vijvers en andere wateren; b. het planten, verwijderen, kappen of rooien van bomen of andere opgaande beplanting; c. het uitvoeren van grondbewerkingen dieper dan 40 cm, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; d. het aanleggen van boven- of ondergrondse kabels en leidingen en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur.

3.4.2

Uitzonderingen Het verbod van lid 3.4.1 geldt niet voor het uitvoeren van werken, of werkzaamheden die: a. behoren tot normaal onderhoud en beheer waaronder begrepen worden de normale agrarische exploitatie ten dienste van de bestemming; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan; c. reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende vergunning.

3.4.3

Voorwaarden Werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 3.4.1 zijn slechts toelaatbaar indien daardoor de in lid 3.1 sub b, c en d genoemde waarden van de gronden of de aanwezige landschapselementen niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast, dan wel de mogelijkheden voor het herstel van de waarden niet onevenredig worden of kunnen worden verkleind.

3.4.4

Advisering Alvorens te beslissen omtrent een aanlegvergunning als bedoeld in lid 3.4.1, die betrekking heeft op het waterhuishoudkundig systeem, winnen burgemeester en wethouders schriftelijk advies in van de waterbeheerder, omtrent de voorwaarde zoals genoemd in lid 3.4.3.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

12

Artikel 4 4.1

Bedrijf - 1

Bestemmingsomschrijving De voor "Bedrijf - 1" aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijven in de milieucategorieën 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf tot en met categorie 2'; b. onzelfstandige kantoren ten behoeve van de ter plaatse aanwezige bedrijven; alsmede voor: c. een bedrijf in de vervaardiging, reparatie en groothandel van machines en apparaten uit maximaal milieucategorie 3.2, verkoop aan particulieren tot maximaal 250 m² ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - machine- en apparatenfabriek'; d. tuinen, terreinen en erven; met daaraan ondergeschikt: e. reclame-uitingen; f. nutsvoorzieningen; g. groenvoorzieningen; h. verkeers- en verblijfsvoorzieningen; i. parkeervoorzieningen; j. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; met de daarbij behorende: k. bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, waaronder kunstwerken en kunstobjecten.

4.2

Bouwregels

4.2.1

Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. gebouwen en overkappingen moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. de maximum goot- en bouwhoogte van bedrijfsgebouwen, niet zijnde bijbehorende bouwwerken, mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)'; c. de maximum bouwhoogte van overkappingen bedraagt 4,0 m; d. de minimum afstand tussen gebouwen (inclusief overkappingen) bedraagt 3,0 m; e. het maximum bedrijfsvloeroppervlak aan kantoren bedraagt 50 % van het totale bedrijfsvloeroppervlak, met een absoluut maximum van 400 m².

4.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: a. de maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt 2,5 m, mits transparant uitgevoerd; b. reclame-uitingen mogen maximaal 0,6 m uit de gevel van een gebouw worden gebouwd, met dien verstande dat het een situatie moet betreffen waarin wordt voorzien door het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer'; c. de maximum bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, bedraagt 20,0 m.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

13

4.3

Specifieke gebruiksregels

4.3.1

Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt in elk geval gerekend het gebruik voor: a. bedrijven die niet zijn opgenomen in de Staat van Bedrijfsactiviteiten; b. bedrijven die vallen onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen; c. geluidhinderlijke inrichtingen; d. een groothandel in consumentenvuurwerk met opslag van meer dan 10.000 kg consumentenvuurwerk; e. zelfstandige detailhandel; f. zelfstandige kantoren; g. het gebruik van bijbehorende bouwwerken als zelfstandige woning en/of afhankelijke woonruimte; h. de opslag van oude metalen, schroot, lompen, papier, puin of vuilnis; i. de opslag van rij- of voertuigen die voor de sloop bestemd zijn of reeds gedeeltelijk gesloopt zijn, of de opslag van daaruit reeds gesloopte materialen; j. opslag voor de naar de weg gekeerde bebouwingsgrens tenzij op de verbeelding anders aangegeven; k. de opslag van goederen met een totale stapelhoogte van meer dan 4,0 m.

4.3.2

Internetverkoop Internetverkoop in de vorm van een webwinkel als ondergeschikt onderdeel van de bedrijfsvoering is toegestaan met dien verstande dat: a. het bedrijfsgebouw van waaruit de internetverkoop plaatsvindt en waar opslag en/ of distributie plaatsvindt, niet de uitstraling van een winkel mag hebben; b. een bedrijfsruimte/ showroom en/ of (buiten)ruimte waar artikelen bekeken of getest kunnen worden, niet is toegestaan; c. er geen inloop- en/ of kijkdagen mogen plaatsvinden; d. parkeren en laden en lossen voor het bedrijf gebeurt op eigen terrein; e. het college van burgemeester en wethouders nadere eisen kunnen stellen aan de tijdstippen van laden en lossen en het aantal laad- en losactiviteiten.

4.4

Afwijken van de gebruiksregels

4.4.1

Bedrijfscategorieën Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in Artikel 4, lid 4.1: a. om bedrijven toe te laten in maximaal één categorie hoger dan de huidige categorie, voor zover het betrokken bedrijf naar aard en invloed op de omgeving geacht kan worden te behoren tot de categorieën, zoals in Artikel 4, lid 4.1 genoemd; b. om bedrijven toe te laten die niet in de Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn genoemd, voor zover het betrokken bedrijf naar aard en invloed op de omgeving geacht kan worden te behoren tot de categorieën, zoals in Artikel 4, lid 4.1 genoemd.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

14

4.5

Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming "Bedrijf - 1" wijzigen in de bestemming(en) "Wonen", "Tuin", "Verkeer" en/of "Water" als bedoeld in het bestemmingsplan "Bebouwde Kom Woudenberg" en daarbij het bouwvlak aanpassen, mits: a. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: b. het straat- en bebouwingsbeeld; c. de woonsituatie; d. de milieusituatie; e. de verkeersveiligheid; f. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, waaronder de parkeersituatie. g. cultuurhistorisch waardevolle bebouwing niet wordt gesloopt; h. het maximum aantal grondgebonden wooneenheden 30 woningen per ha bedraagt; i. na toepassing van de wijzigingsbevoegdheid voor de betreffende gronden de regels van voornoemde bestemmingen van toepassing zijn.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

15

Hoofdstuk 3 Artikel 5

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

16

Artikel 6 6.1

Algemene bouwregels

Bestaande maatvoering a. de bestaande afstanden, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen en aantallen die meer bedragen dan in deze regels zijn voorgeschreven, mogen als ten hoogste toelaatbaar worden aangehouden; b. de bestaande afstanden, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen en aantallen die minder bedragen dan in deze voorschriften zijn voorgeschreven, mogen als ten minste toelaatbaar worden aangehouden; c. ingeval van herbouw is het bepaalde in de leden a en b uitsluitend van toepassing, indien de herbouw op dezelfde plaats plaatsvindt.

6.2

Ondergronds bouwen Voor het bouwen van geheel of gedeeltelijk beneden het maaiveld gelegen gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. het bouwen van bedoelde ruimten is uitsluitend toegestaan geheel of gedeeltelijk onder een gebouw dat geheel boven het maaiveld is gelegen; b. het bouwen van bedoelde ruimten is uitsluitend toegestaan tot 1 bouwlaag.

6.3

Ondergeschikte bouwdelen De maximale bouwhoogte zoals bepaald in de regels mag voor het bouwen van ondergeschikte bouwonderdelen zoals liftkokers, trappenhuizen, liftschachten en ondergeschikte technische installaties en leidingen met ten hoogste 3 meter worden overschreden.

6.4

Overschrijding bouwgrenzen Voor zover noch op de verbeelding, noch in de regels, regels zijn opgenomen ten aanzien van overschrijding van de bouwgrenzen, en de verkeersveiligheid gewaarborgd is mogen in afwijking van de verbeelding bouwgrenzen uitsluitend worden overschreden door: a. tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, fundering, balkons, entreeportalen, veranda's en afdaken, mits de overschrijding niet meer dan 1,5 meter bedraagt; b. andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding niet meer dan 1,5 meter bedraagt.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

17

Artikel 7

Algemene gebruiksregels

Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt in elk geval gerekend het gebruik voor: a. de opslag van oude metalen, schroot, lompen, papier, puin of vuilnis; b. de opslag van rij- of voertuigen die voor de sloop bestemd zijn of reeds gedeeltelijk gesloopt zijn, of de opslag van daaruit reeds gesloopte materialen; c. de opslag van goederen met een totale stapelhoogte van meer dan 4,0 meter; d. (straat)prostitutie; e. een escortbedrijf; f. een seksinrichting; g. een speelautomatenhal.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

18

Artikel 8 8.1

Algemene afwijkingsregels

Afwijken maatvoering Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de regels van het plan, voor het overschrijden van in deze regels genoemde maten en percentages, zoals goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte van gebouwen en bebouwingspercentages, met maximaal 10 % indien ter plaatse aanwezige waarden niet op onevenredige wijze (kunnen) worden aangetast.

8.2

Antenne-installaties Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de regels van het plan, voor het toestaan van antenne-installaties, met dien verstande dat: a. de maximum bouwhoogte van vrijstaande antenne-installaties, ten behoeve van telecommunicatie, niet zijnde schotelantennes en zonder techniekkast, 15,0 meter bedraagt; b. de maximum bouwhoogte van vrijstaande antenne-installaties, niet zijnde schotelantennes ten behoeve van mobiele telecommunicatie, 5,0 meter bedraagt; c. de maximum bouwhoogte van antenne-installaties die op bouwwerken worden geplaatst, niet zijnde schotelantennes, 5,0 meter bedraagt.

8.3

Kleine gebouwen Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de regels van het plan, voor het toestaan van kleine niet voor bewoning bestemde gebouwen, ten behoeve van openbare nutsbedrijven of van andere naar doelstelling daarmee vergelijkbare instellingen, zoals transformatorhuizen, gasreduceerstations, schakelhuizen, gemaalgebouwen, fietsenstallingen en abri's, met dien verstande dat: a. de maximum bouwhoogte van deze gebouwen 3,0 meter bedraagt; b. de maximum oppervlakte van deze gebouwen 25,0 m² per gebouw bedraagt.

8.4

Afwegingskader Een in Artikel 8, lid 8.1, 8.2, en 8.3 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de verkeersveiligheid; c. de milieusituatie; d. de bouw- en gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

19

Artikel 9 9.1

Algemene wijzigingsregels

Algemeen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de in het plan opgenomen bestemmingen te wijzigen ten behoeve van: a. het aanpassen van bestemmingsgrenzen, voor zover dit van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover dit noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein. De overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 3,0 meter en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10 % worden vergroot; b. het overschrijden van bestemmingsgrenzen en toestaan dat het beloop van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft. De overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 3,0 meter en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10 % worden vergroot; c. het aanpassen van opgenomen bepalingen in de voorafgaande artikelen, waarbij verwezen wordt naar bepalingen in wettelijke regelingen, indien deze wettelijke regelingen na het tijdstip van de tervisielegging van het ontwerpplan worden gewijzigd.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

20

Artikel 10 Overige regels 10.1

Parkeren Tenzij in hoofdstuk 2 expliciet is voorzien in een andere regel ten aanzien van de aanwezigheid van voldoende parkeergelegenheid, gelden de volgende regelingen:

10.1.1 Aantal autoparkeerplaatsen op eigen terrein a. Bij het bouwen van gebouwen of het veranderen van gebruik dient de inrichting van elk perceel zodanig te zijn dat voldoende ruimte aanwezig is om zowel het parkeren als het eventueel laden en lossen op eigen terrein te kunnen afwikkelen. Op eigen terrein dient voorzien te zijn in voldoende parkeeraccommodatie, inclusief parkeergelegenheid voor werknemers en bezoekers, conform de parkeernormen uit CROW-publicatie 317 (Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie) of de opvolger(s) daarvan. In afwijking van het voorgaande kan parkeren in het openbaar gebied worden opgelost indien dit aantoonbaar middels een parkeerdrukmeting geen onevenredige gevolgen voor de parkeerdruk tot gevolg heeft of indien er aantoonbaar sprake is van een vermindering van het benodigd aantal parkeerplaatsen ten opzichte van het bestaande gebruik. b. De bedoelde ruimte voor het parkeren van auto's moet afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan indien de afmetingen van bedoelde parkeerruimten voldoen aan de volgende bepalingen: 1. haaks parkeren: ten minste 2,5 x 5,0 m; 2. langsparkeren: ten minste 2,0 x 6,0 m; 3. een gereserveerde parkeerruimte voor een gehandicapte voor zover die ruimte niet in de lengterichting aan een trottoir grenst: ten minste 3,5 m x 5,0 m.

10.1.2 Aantal fietsparkeerplaatsen op eigen terrein a. onverminderd het bepaalde in Artikel 4 moet bij de oprichting van een nieuw bouwwerk, de vergroting van een bestaand bouwwerk en/of de verandering in functie op het bijbehorende bouwperceel, worden voorzien in fietsparkeerplaatsen in stallingsruimte voor fietsen volgens de kencijfers uit publicatie 317 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie' (of de opvolger van deze publicatie) van het CROW voor de volgende functies: kantoren, scholen, winkelen, horeca, gezondheidszorg en maatschappelijke voorzieningen, sport, cultuur en ontspanning en woningen; b. er mag beargumenteerd worden afgeweken van deze kencijfers binnen de aangegeven bandbreedte uit de publicatie genoemd in lid a; c. bij de berekening van het aantal fietsparkeerplaatsen volgens lid a, worden de ten tijde van het rechtskracht krijgen van dit plan voor fietsparkeerplaatsen in stallingsruimte voor fietsen in gebruik zijnde, of voor fietsparkeerplaatsen in stallingsruimte voor fietsen geplande gronden, buiten beschouwing gelaten; d. voor zover er door het oprichten van nieuwe bouwwerken of het vergroten van bestaande bouwwerken, fietsparkeerplaatsen in stallingsruimte voor fietsen verloren gaan, dienen deze in gelijke omvang te worden gecompenseerd; e.

indien bij de eindberekening het aantal fietsparkeerplaatsen in stallingsruimte voor fietsen uitkomt op een halve of meer, dan vindt de afronding naar boven plaats. Minder dan een halve wordt naar beneden afgerond; f. voor niet onder lid a genoemde functies gelden geen normen voor fietsparkeerplaatsen in stallingsruimte voor fietsen; g. het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid a

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

21

indien: 1. het gebruik niet wijzigt; 2. is aangetoond dat als gevolg van de uitbreiding de parkeerbehoefte niet toeneemt. h. het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid a indien op het bouwperceel redelijkerwijs geen gronden (meer) beschikbaar kunnen worden gehouden ten behoeve van een fietsparkeerplaatsen in stallingsruimte voor fietsen en in voldoende mate binnen redelijke afstand van het bouwperceel in fietsparkeerplaatsen in stallingsruimte voor fietsen is of kan worden voorzien; i. het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid a, indien op het bouwperceel in de bestaande situatie meer of een gelijk aantal fietsparkeerplaatsen in stallingsruimte voor fietsen aanwezig is, dan ingevolge lid a voor de in zijn geheel gerealiseerde bebouwing en/of wijziging van het gebruik is vereist; j. het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van lid a, indien uitbreiding van de bebouwing niet leidt tot een grotere behoefte aan fietsparkeerplaatsen. 10.1.3 Afwijken van het benodigd aantal parkeerplaatsen Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde onder Artikel 10, lid 10.1.1 en 10.1.2 indien anderszins in voldoende parkeergelegenheid is voorzien.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

22

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

Artikel 11 Overgangsrecht 11.1

Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan als ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Eenmalig kan ontheffing worden verleend van lid a voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid a met maximaal 10 %. c. Lid a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

11.2

Overgangsrecht gebruik a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met het plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in lid a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Lid a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

23

Artikel 12 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Griftdijk 28'.

ontwerp gemeente Woudenberg - bestemmingsplan Griftdijk 28

Analoge verbeelding

1 1

Plangebied Plangebiedsgrens 2 1

8

ar t i kel nummer

9

Bestemmingen

3 1

3

Agrarisch met waarden - Landschapswaarde - Relief AW-LW-R

4

4 1

Bedrijf - 1 B-1

Van Rijningenvijver

5 1

Aanduidingen jk ftdi G ri

(b≤2)

6 1

bedrijf tot en met categorie 2

k r pa en ng ni j i nR Va

(sb-mea)

specifieke vorm van bedrijf - machine- en apparatenfabriek

7 1

9 1

AW-LW-R bouwvlak

4

B-1(b≤2)

maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)

8

(sb-mea)

4

Verklaringen

8 28

BGT en kadastrale gegevens 1 1 9

0 1

27

25

2

rk pa ft i Gr

2 1

1

23 3 1

21

Gemeente Woudenberg 4 1

Bestemmingsplan Griftdijk 28 analoge verbeelding

9 1

jk ftdi G ri

7 1

bu

5 1

3 1

11

3812 PJ Amersfoort

0351-12

tekeningnummer:

0351-12-P01

IDN:

bureau voor ruimtelijke ordening en advies Brabantsestraat 17

projectnummer:

NL.IMRO.0351.BP2019griftd28-ow01

datum: september 2020

schaal:

1:1000

status:

formaat: A3

telefoon 033 465 45 31 e-mail info@bu-ro.nl

ontwerp

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/1215/documents/26918