04. Beleidsbegroting 2022-2025 gemeente Woudenberg.pdf
Tekst van het document
Beleidsbegroting 2022-2025
Inhoud ALGEMENE TOELICHTING Bladzijde Strategie kaart Hoofdlijnen begroting Procedure begrotingsbehandeling Trends en ontwikkelingen
1 8 11
Beleidsbegroting
Financiële begroting Bladzijde
Bladzijde De programma’s 1. Samenleving 2. Leefomgeving 3. Veiligheid 4. Ruimte, wonen en ondernemen 5. Dienstverlening Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Reserves en Voorzieningen
13 25 35 41 48 63 67
De paragrafen Algemeen A. Lokale heffingen B. Weerstandsvermogen en risicobeheersing C. Onderhoud kapitaalgoederen D. Financiering E. Bedrijfsvoering F. Verbonden partijen G. Grondbeleid Grondprijsbrief
PA 1 PA 4 PA 10 PA 19 PA 37 PA 43 PA 45 PA 58 PA 66
Bijlagen I. Verplichte indicatoren II. Programma-indeling III. Overzicht kaderstellende beleidsnota’s
BIJ 01 BIJ 03 BIJ 05
Overzicht lasten en baten 2022 Structureel begrotingssaldo 2022-2025 Totaaloverzicht lasten en baten 2022-2025 Budgetaanpassingen per programma t.o.v. 2021 Overzicht reserves en voorzieningen Mutaties reserves 2022 t/m 2025 Mutaties reserves 2022 Belastingtarieven Voorbeelden lastendruk 2022 t.o.v. 2021 Kerngegevens Balansramingen EMU-saldo Kosten en opbrengsten per taakveld (BBV)
FB 02 FB 03 FB 04 FB 05 FB 09 FB 10 FB 12 FB 13 FB 14 FB 15 FB 16 FB 17 FB 18
STRATEGIEKAART Waar gaan we voor en waar staan we voor? Wij staan voor een zelfstandig Woudenberg dat ambitieus, efficiënt en voortvarend aan de slag gaat om het beste te doen voor Woudenberg. We hebben vertrouwen in onze inwoners, ondernemers en organisaties. Samen werken we aan een duurzame, sociale, ondernemende en veilige toekomst voor ons dorp. Een dorp waar iedereen mee kan doen, we weerbaar zijn, we omzien naar elkaar en iedereen zich thuis voelt. Inwoners ervaren de gemeente als een professionele dienstverlener en partner. Woudenberg is een financieel gezonde gemeente met oog voor kwaliteit en betaalbaarheid. Een gemeente die meedenkt, participeert, stimuleert en faciliteert.
Uitvoering binnen mogelijkheden weten regelgeving
Wat is onze visie voor de komende jaren? Samenleving
Inwoners doen naar vermogen mee en zien om naar elkaar. Waar nodig komt de gemeente samen met inwoners en maatschappelijke organisaties tot collectieve en individuele oplossingen voor ondersteuning en zorg.
D.P. de Kruif, M.H. Treep en A.J. Vlam
Leefomgeving
Inwoners en ondernemers voelen zich thuis en participeren in een functionele leefomgeving die veilig en toekomstbestendig is ingericht. Een ruimte waar een ieder vrij in kan bewegen, die ook beleefd en gevoeld wordt als gemeenschappelijk, als openbaar, als van ons allen.
D.P. de Kruif, M.H. Treep en A.J. Vlam
Veiligheid Woudenberg is een gemeente waarin inwoners zich veilig voelen, weerbaar zijn, omzien naar elkaar en waar respect de basisnorm is. En waarin overlast en (ondermijnende) criminaliteit een uitzondering zijn en indien aanwezig, integraal worden aangepakt.
Y.P. van Mastrigt, M.H. Treep
Ruimte, wonen en ondernemen
Een sterk raamwerk van landschappelijke en ruimtelijke structuren van Woudenberg, door duurzaam verbinden, combineren en vernieuwen van kwaliteiten.
D.P. de Kruif, M.H. Treep en A.J. Vlam
Dienstverlening
Inwoners, ondernemers en organisaties ervaren de gemeente Woudenberg als een professioneel dienstverlener en partner.
Y.P. van Mastrigt, M.H. Treep en A.J. Vlam
Wat zijn onze maatschappelijke effecten de komende jaren? Samenleving
Leefomgeving
Gezondere leefstijl van de inwoners. Meer maatschappelijk en sociaal actieve inwoners.
Meer positieve beleving van de beeldkwaliteit Openbare Ruimte (intact, schoon, veilig en groen).
Samen met inwoners komen tot meer lokale, passende en integrale antwoorden op hun ondersteuningsvragen.
Betere verkeersveiligheid.
Minder inzet van specialistische zorg door het stimuleren van innovatieve en adequate zorgverlening.
Meer bewonersinitiatieven.
D.P. de Kruif, M.H. Treep en A.J. Vlam
D.P. de Kruif, M.H. Treep en A.J. Vlam
Meer klimaat adaptieve maatregelen en minder wateroverlast.
Veiligheid
Een veiliger Woudenberg. Betere verbinding tussen zorg en veiligheid.
Minder ondermijnende criminaliteit.
Ruimte, wonen en ondernemen Ondersteunen van meer duurzaamheid voor mens, milieu en markt.
Meer ruimte voor het ontwikkelen van passende woningen en bedrijfsaanbod. Verdere versterking en behoud van het ruimtelijk en landschappelijk raamwerk van Woudenberg. Meer facilitering van particulier initiatief en gebruik maken van expertise en creativiteit van de markt.
Y.P. van Mastrigt, M.H. Treep
D.P. de Kruif, M.H. Treep en A.J. Vlam
Dienstverlening
Gemakkelijker maken voor inwoners, ondernemers en organisaties om initiatieven te realiseren. Tijdiger betrekken van inwoners, ondernemers en organisaties bij het opstellen en uitvoeren van beleid. Meer digitale dienstverlening en alleen persoonlijke dienstverlening waar nodig. Beter beheer en zorgvuldig gebruik van gegevens van inwoners, ondernemers en organisaties. Effectievere en efficiëntere bedrijfsvoering.
Y.P. van Mastrigt, M.H. Treep en A.J. Vlam
-1-
Hoofdlijnen begroting Algemeen De afgelopen jaren is het financieel meerjarenperspectief van de gemeente Woudenberg steeds verder onder druk komen te staan. Onzekerheden en ontwikkelingen zoals de coronacrisis, de voorgenomen herijking van het gemeentefonds en de aanhoudende stijging van kosten in het sociaal domein, hebben ervoor gezorgd dat de begroting 2021-2024 geen structureel sluitend meerjarenperspectief had. Hierdoor is de gemeente per 1 januari 2021 onder preventief toezicht van de provincie Utrecht geplaatst. Om de uitgaven en inkomsten weer in balans te brengen zijn diverse trajecten gestart. Zo heeft de raad tegelijkertijd met de begrotingsbehandeling in oktober 2020 besloten om een bezuinigingsdialoog programma 1 Samenleving te starten en heeft zij het college de opdracht gegeven om een taakstellende bezuiniging te realiseren binnen programma 5 Dienstverlening. Omdat destijds diverse lopende onderzoeken vanuit het Rijk1 in een afrondende fase waren waarbij de resultaten van invloed zouden zijn op de begrotingssaldi, werd ten aanzien van de bezuinigingsopgave in de programma’s 2 tot en met 4 besloten om deze onderzoeksresultaten af te wachten. Alsdan zou de omvang van het resterende tekort voldoende duidelijk zijn.
Gelijktijdig werd een amendement aangenomen waarbij het college gevraagd werd om bij de kadernota 2022 een presentatie van bezuinigingsmogelijkheden in de programma’s 2 tot en met 4 te voegen. Dit zodat de raad bij de behandeling van de kadernota een besluit zou kunnen nemen over de aanpak. Afgelopen juli zijn aan de raad een kaderbrief, een Eerste Herstelplan en diverse bijlagen voorgelegd. Dit om een zo compleet en onderbouwd mogelijk beeld te geven van alle inhoudelijke en financiële ontwikkelingen. Het Herstelplan is opgesteld in opdracht van de provincie en diende voldoende aannemelijk te maken dat het structurele en reële evenwicht vanaf 2023 blijvend hersteld zou zijn. Het Herstelplan welke bij de kaderbrief is voorgelegd moet daarbij worden gezien als een eerste stap richting een gezonde financiële huishouding van onze gemeente. De reeds ingezette maatregelen uit de bezuinigingsdialoog en programma 5 bleken niet voldoende om vanaf 2023 een structureel en reëel sluitende begroting te kunnen presenteren. Zodoende zijn in het Eerste Herstelplan aanvullende bezuinigingsmaatregelen voorgesteld, namelijk een extra taakstelling op Programma 1 Samenleving, een taakstelling op de programma’s 2 tot en met 4 en een extra OZB-verhoging van 1% per jaar. De raad heeft deze aanvullende herstelmaatregelen overgenomen.
Direct na de besluitvorming in juli is gestart met de benodigde onderzoeken om tot concrete uitwerking van de taakstellingen te komen. Daarnaast zijn de maatregelen (al dan niet als stelpost wat betreft de taakstellingen) in de begroting 2022-2025 verwerkt. Uiterlijk in de raad van december 2021 volgt het Tweede Herstelplan met de concrete uitwerking van de taakstellingen. Hierna volgt een overzicht van de uitgangspunten en daarna een samenvatting van de begrotingsresultaten voor de jaren 2022 tot en met 2025. Aansluitend volgt een inhoudelijke toelichting.
1
Onder andere diverse onderzoeken ten aanzien van extra middelen jeugdzorg en het onderzoek naar de voorgenomen herijking van het gemeentefonds.
-2-
Uitgangspunten samenstellen begroting Voor de jaren 2022-2025 zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: 2022
2023
2024
2025
1. Aantal inwoners
13.860
14.050
14.200
14.350
2. Aantal woningen
5.460
5.600
5.700
5.800
3. Salarissen (cao-verhoging)
2%
0%
0%
0%
4. Prijsstijging kosten derden
0%
0%
0%
0%
5. Prijsstijging energiekosten
0%
0%
0%
0%
6. Renteomslag
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
7. Rente nieuwe investeringen
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
8. Rente grondexploitaties
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
9. Tarief OZB woningen
2,7%
jaarlijks opnieuw bepalen
10. Tarief OZB niet woningen
2,7%
jaarlijks opnieuw bepalen
11. Tarief rioolrechten gebruiker
2,0%
jaarlijks opnieuw bepalen
12. Tarief rioolrechten eigenaar
2,0%
jaarlijks opnieuw bepalen
13. Tarief afvalstoffenheffing (240 liter restafval container)
1,25%
jaarlijks opnieuw bepalen
14. Tarief toeristenbelasting (per overnachting)
2%
jaarlijks opnieuw bepalen
15. Tarief hondenbelasting (per hond)
2%
jaarlijks opnieuw bepalen
-3-
Begrotingsresultaten 2022-2025 Deze begroting 2022 – 2025 bevat voor alle jaren een structureel sluitend meerjarenperspectief waarbij de beginstand van de begroting 2022-2025 gelijk is aan de eindstand van de vastgestelde begroting 2021-2024 en de tussentijdse raadsbesluiten van november 2020 tot en met juli 2021 welke gevolgen hebben voor de begroting 2022 en de volgende jaren. De totstandkoming van de begroting 2022-2025 ziet er financieel als volgt uit: Begrotingsresultaten (x € 1.000) Vaststelling begroting 2021-2024 (raad oktober 2020) Tussentijdse aanpassingen naar aanleiding van raadsbesluiten
2022
2023
-700
2024
-722
2025
-758
Totaal
-758
-2.939
0
0
0
0
0
-700
-722
-758
-758
-2.939
Programma 1 Samenleving
-285
-228
-335
-551
-1.400
Programma 2 Leefomgeving
-8
-3
-25
-32
-68
Programma 3 Veiligheid
-22
-20
-28
-24
-95
Programma 4 Ruimte, wonen en ondernemen
-794
-212
-42
-42
-1.090
Programma 5 Dienstverlening
-144
113
512
498
979
Algemene dekkingsmiddelen
4.696
Begrotingsresultaten (inclusief tussentijdse raadsbesluiten) Voorgestelde aanpassing budgetten:
1.493
1.072
947
1.184
Reserves
745
149
-28
-41
825
Versterken reservepositie
-220
-140
-220
-220
-800
64
8
22
14
109
Begrotingsresultaten (incl. voorlopige bezuinigingen) + = begrotingsoverschot - = begrotingstekort
Vooruitkijken: de route tot het Tweede Herstelplan Ten opzichte van de cijfers zoals bij de kaderbrief 2022 gepresenteerd, laten voormelde begrotingssaldi een aanzienlijk positiever beeld zien. Eén van de belangrijkste oorzaken hiervan is de verwerking van de zogenoemde harde bezuinigingsvoorstellen uit de bezuinigingsdialoog. De raad heeft het college bij haar besluitvorming omtrent de voorstellen van de dialoog de opdracht gegeven om deze voor zover mogelijk te verwerken in de begroting 2022. De volgende voorstellen zijn zodoende als “harde bezuinigingen” op productniveau ingeboekt:
-4-
Ten aanzien van een aantal voorstellen heeft de raad het college de opdracht gegeven om met partijen in gesprek te gaan om te kijken of bezuinigingen mogelijk zijn of om breder onderzoek te doen. Deze voorstellen zijn minder concreet en zodoende niet apart op productniveau in de begroting 2022 verwerkt. Dit zou een te rooskleurig beeld van de cijfers geven, daar de verwachte opbrengst op deze zachte bezuinigingen niet zeker is. De volgende voorstellen zijn als zachte bezuiniging aangemerkt:
-5-
Het feit dat deze zachte bezuinigingen niet op productniveau in de begroting 2022 zijn verwerkt, doet evenwel niet af aan de uitwerking. Ook deze voorstellen worden uitgewerkt conform het besluit van uw raad en maken deel uit van het Plan van Aanpak Sociaal Domein welke later dit jaar met uw raad wordt gedeeld. Een andere belangrijke oorzaak van de positievere begrotingssaldi ten opzichte van de kaderbrief 2022 is de verwerking van de aanvullende herstelmaatregelen uit het Eerste Herstelplan. Zoals hiervoor aangegeven, zijn de taakstellingen voor programma 1 en de programma’s 2 tot en met 4 als stelpost opgenomen en is de OZB-verhoging op productniveau verwerkt. Verder stijgt de algemene uitkering in 2022 als gevolg van de meicirculaire 2021 en heeft het kabinet voor 2022 € 1,314 miljard extra beschikbaar gesteld aan gemeenten ter compensatie van de tekorten in de jeugdzorg. Op basis van de richtlijn van de provincie heeft de gemeente voor de jaren 2023 tot en met 2025 in haar begrotingssaldi rekening gehouden met 75% van de extra middelen.2+3 Ten slotte zijn diverse grotere en kleinere financiële mutaties verwerkt waardoor uiteindelijk positieve saldi resulteren.
Alle mutaties ten opzichte van de begroting 2021, dus zowel de wijzigingen welke in het financieel beeld bij de kaderbrief gepresenteerd zijn als wijzigingen welke in aanloop naar deze begroting bekend zijn geworden, zijn met een inhoudelijke toelichting in de diverse beleidsprogramma’s opgenomen. Versterken reservepositie Naast het opstellen van een herstelplan om aannemelijk te maken dat het structurele en reële evenwicht vanaf 2023 hersteld wordt en blijft, heeft de provincie in haar brief over de toezichtsvorm 2021 de gemeente de opdracht gegeven duidelijk te maken hoe zij ervoor zorgt dat het weerstandsvermogen op orde komt dan wel blijft. Daarnaast is één van de aandachtspunten uit de financiële scan welke in opdracht van de provincie Utrecht ten aanzien van de gemeente Woudenberg is uitgevoerd, om de reservepositie te verbeteren en het weerstandsvermogen te versterken door bijvoorbeeld de inzet van hogere baten. Een gezonde financiële huishouding heeft immers niet alleen betrekking op de lopende rekening maar ook op het vermogen om niet-geraamde kosten op te kunnen vangen.
2
Gelijktijdig is een gedeelte van de extra middelen jeugdzorg gereserveerd als benodigd budget aan investeringsmiddelen. Het Rijk en de VNG hebben zich namelijk gecommitteerd tot een hervormingsagenda met maatregelen waardoor we verwachten dat we de komende jaren de nodige investeringen moeten doen. Zie voor meer informatie de financiële toelichting zoals deze in beleidsprogramma 1 is opgenomen. 3 Bij de kaderbrief 2022 heeft een grote wijzigingen plaatsgevonden ten opzichte van de begroting 2021-2024. Het mogelijk financiële effect van de herijking van het gemeentefonds is namelijk in het “financieel beeld 2022-2025” uit de begrotingsresultaten gehaald. Sinds de kaderbrief 2022 is het mogelijk financiële effect van de herijking enkel opgenomen als risico in de risicoparagraaf.
-6-
Zodoende is in deze begroting ruimte gecreëerd voor een jaarlijkse toevoeging aan de algemene reserve. Het doel is om de reservepositie te versterken door in de voorliggende periode van vier jaar ten minste € 800.000 aan de algemene reserve toe te voegen. Gezien de betrekkelijk lage stand van de reserves en de risico’s welke in de risicoparagraaf gedefinieerd zijn, is verdere versterking van de reservepositie en als gevolg het weerstandsvermogen noodzakelijk. Het advies is dan ook om de ingezette bezuinigings-trajecten onverminderd doorgang te laten vinden en eventuele toekomstige positieve resultaten in de jaarrekeningen te gebruiken voor het verder aanvullen van de algemene reserve. Grote financiële risico’s Ten aanzien van de onderdelen welke wel of niet in de begroting op productniveau verwerkt zijn, zijn twee omvangrijke risico’s uit de risicoparagraaf vermeldenswaardig. Namelijk de herijking van het gemeentefonds en het bereiken van de grens van 14.000 inwoners. Dit laatste gegeven heeft invloed op het loongebouw van onze organisatie, waarbij het tijdstip en de omvang vooralsnog onduidelijk zijn. Wat betreft de herijking van het gemeentefonds zijn de laatst bekende effecten voor de gemeente Woudenberg zeer ongunstig, namelijk op termijn € 115 per inwoner nadelig. Dat dit het werkelijke effect van de herijking voor de gemeente wordt, is onduidelijk.
Naar verwachting komt de ROB in september met zijn advies waarna wordt gestart met de bestuurlijke consultatie onder gemeenten. In oktober komt er een definitief advies van het VNG-bestuur. Het uiteindelijke effect van de herijking wordt naar verwachting in de meicirculaire 2022 opgenomen, zodat de herijking per 1 januari 2023 in kan gaan. Toezicht vanuit de provincie Doordat de begroting 2022 twee algemene taakstellingen bevat en een aantal bezuinigingsvoorstellen uit de bezuinigingsdialoog om nadere besluitvorming vraagt, zal de voorliggende begroting de provincie onvoldoende reden geven om het preventieve toezicht te beëindigen. Er moet namelijk een concreet plan onder bezuinigingsmaatregelen en taakstellingen liggen op basis waarvan op productniveau bekend en onderbouwd is wat de bezuinigingen inhouden en deze moeten tevens haalbaar en realistisch zijn. Zodoende is de ambtelijke organisatie in samenspraak met het dagelijks bestuur van de gemeente direct na de besluitvorming in juli gestart met de benodigde onderzoeken om tot concrete uitwerking van de taakstellingen te komen. Alle inspanningen zijn hier de komende tijd op gericht. De voorliggende begrotingssaldi presenteren immers geen royale overschotten waardoor er geen ruimte is om voor lagere bedragen aan bezuinigingsvoorstellen aan uw raad voor te leggen.
De uitwerking van de taakstellingen vraagt aldus om scherpe, ingewikkelde en soms spannende keuzes. Uiterlijk in december 2021 worden de bezuinigingsvoorstellen vanuit de bezuinigingsdialoog welke om nadere besluitvorming vragen, aan uw raad voorgelegd. De concrete uitwerking van de extra taakstelling op programma 1 en de taakstelling op de programma’s 2 tot en met 4 zijn onderdeel van het Tweede Herstelplan welke in december 2021 aan uw raad wordt voorgelegd. Dit Tweede Herstelplan wordt daarmee een formele begrotingswijziging op de begroting 2022 waarbij het doel van het Tweede Herstelplan is om tot een structureel en reëel sluitende begroting te komen wat voor de provincie aanleiding is om de gemeente niet langer onder preventief toezicht te plaatsen maar onder het repressief toezicht. Motie niet-woningen Bij de behandeling van de kaderbrief 2022 heeft de raad unaniem de motie niet-woningen aangenomen. Op basis van deze motie vraagt de raad het college om, in het geval dat de extra OZB-verhoging noodzakelijk blijft, een onderzoek te doen naar een verdeling van de voorgestelde extra verhoging van het OZB-tarief tussen woningen en niet-woningen, met als doel het tarief voor niet-woningen meer te verhogen dan dat van de woningen. Hierna volgt een overzicht met verschillende scenario’s om op ongeveer 1% gemiddelde verhoging te komen:
-7-
Bij de vaststelling van de belastingverordeningen (raad december 2021) wordt het definitieve OZB-tarief 2022 aan de raad voorgelegd. Grondprijzenbrief Nieuw aan de begroting toegevoegd is de zogenoemde grondprijzenbrief. De grondprijzenbrief vormt de basis voor de richtprijzen zoals die gehanteerd worden bij verkopen van grondexploitaties per 2022 van de gemeente Woudenberg.
-8-
PROCEDURE BEGROTINGSBEHANDELING De procedure van de begrotingsbehandeling zal als volgt verlopen: I. Aanbieden begroting Uiterlijk 16 september 2021 wordt de beleidsbegroting 2022 digitaal aangeboden aan de raad. Uiterlijk 23 september 2021 worden de commissiestukken via de reguliere weg aangeboden aan de raadscommissie en gepubliceerd op de website. II. Indienen technische vragen Uiterlijk maandag 27 september 2021 voor 09.00 uur kunnen de raadsfracties technische vragen indienen bij Boudewijn Marinussen (interim directeur/gemeentesecretaris) en Klaas Wiesenekker (griffier) met een afschrift aan Masja Prins (ondersteuning griffie). De emailadressen gemeentesecretaris@woudenberg.nl, k.wiesenekker@woudenberg.nl en m.prins@woudenberg.nl. III. Schriftelijke beantwoording technische vragen Vrijdag 1 oktober 2021 wordt digitaal de beantwoording van de technische vragen via de raadsgriffier aangeboden aan de raad. IV. Behandeling in de raadscommissie Behandeling beleidsbegroting 2022 vindt plaats in de raadscommissievergadering van dinsdag 5 oktober 2021 om 19.30 uur. V.
Vaststelling in de raad Tenslotte is donderdagavond 28 oktober 2021 vanaf 20.00 uur de raadsvergadering gepland, waarin aan de orde komen: • alle stukken met betrekking tot de begroting 2022 en de meerjarenbegroting t/m 2025; • de voorstellen inzake vaststelling van de begroting 2022 en de meerjarenbegroting t/m 2025.
-9-
Beleidsbegroting
- 10 -
De programma’s Hierna wordt gestart met het onderdeel “trends en ontwikkelingen”. Aansluitend worden zowel inhoudelijk als financieel de beleidsontwikkelingen toegelicht.
- 11 -
- 12 -
13
Samenleving Programma 1 Visie van het programma Inwoners doen naar vermogen mee en zien om naar elkaar. Waar nodig komt de gemeente samen met inwoners en maatschappelijke organisaties tot collectieve en individuele oplossingen voor ondersteuning en zorg.
Wat houdt het programma in? Het programma samenleving omvat alle inspanningen die de gemeente verricht rond werk, participatie en zelfredzaamheid, zorg en jeugd, op basis van de Wmo 2015, de Participatiewet en de Jeugdwet en aanverwante taken. Denk aan onder meer: handhaving bij leerplicht, het voorkomen van vroegtijdig schoolverlaten, passend onderwijs, leerlingenvervoer, de reguliere en bijzondere bijstand, schuldhulpverlening en (jeugd)gezondheidzorg.
14
Trends en ontwikkelingen • • • • •
In 2022 zullen we ons ten aanzien van alle facetten van het sociaal domein moeten richten op het herstel na corona; De uitkomsten van de bezuinigingsdialoog programma 1 samenleving vragen uitwerking en implementatie; De groep ouderen wordt groter en er zijn meer ‘oudere’ ouderen doordat mensen langer blijven leven. Dit zorgt voor een stijging en verandering van de zorgvraag onder ouderen. Daarnaast vraagt dit extra aandacht voor eenzaamheid en mantelzorg; Woudenberg heeft relatief veel inwoners onder de 18 jaar en ook hier zien we de aanhoudende landelijke tendens dat steeds meer jongeren een zorgvraag hebben; Net zoals in heel Nederland groeit in Woudenberg het aantal mensen met een migratieachtergrond. In 2015 had 8,5% van de Woudenbergers een migratieachtergrond in 2020 was dat 10,6%.
Wettelijke ontwikkelingen in 2022: • Wet Inburgering: de ingangsdatum is 1 januari 2022. De regierol komt weer bij gemeenten te liggen. De wet beoogt dat nieuwkomers zo snel mogelijk onderdeel worden van de Nederlandse samenleving door middel van taalonderwijs op passend niveau en in een vroeg stadium meedoen aan de samenleving door (vrijwilligers)werk.
Maatschappelijk effect 1 – Gezondere leefstijl van de inwoners en meer maatschappelijk en sociaal actieve inwoners Wat willen we bereiken? We willen bereiken dat meer inwoners een positieve, gezonde leefstijl hebben en dat meer inwoners duurzaam maatschappelijk actief zijn, hun talent ontwikkelen en zich deel voelen uitmaken van de samenleving en/of zich daarvoor inzetten. We werken daarbij zoveel mogelijk volgens het concept ‘positieve gezondheid’, waarbij we vooral uitgaan van het potentieel van de mensen en zijn of haar vermogen om met veranderende omstandigheden om te kunnen gaan. Door zo vroeg mogelijk (de kans op) problemen te signaleren en laagdrempelige ondersteuning aan te bieden, willen we de kans op zwaardere problematiek verminderen. Ook willen we optimale ontwikkelkansen voor jeugdigen aanbieden zodat een goede basis voor de toekomst wordt gelegd. Om dit alles te realiseren werken we samen met inwoners, maatschappelijke partners, verenigingen, kerken, vrijwilligers en zorgprofessionals. Wat gaan we ervoor doen? De uitkomsten van de bezuinigingsdialoog worden samen met de aanbevelingen van de visitatiecommissie financiële beheersbaarheid sociaal domein en de conclusies en aanbevelingen uit de beide evaluatierapporten van De Kleine Schans verwerkt in het Plan van Aanpak Sociaal Domein.
Dit Plan van Aanpak wordt het nieuwe uitvoeringsprogramma voor de periode 2022 en verder. Het sportakkoord is in 2020 gesloten. In 2022 wordt verder gewerkt aan de realisatie van de doelen die hierin opgenomen zijn. In 2022 worden ook nieuwe doelen geformuleerd in samenhang met het leefstijlakkoord. In 2021 is dit leefstijlakkoord Woudenberg 2021-2024 opgezet en hiervoor is een uitvoeringsbudget ontvangen van het ministerie van VWS. Hierdoor kan er voor een periode van drie jaar worden gestart met onder andere centering pregnancy (een vorm van prenatale zorg waarbij zwangere vrouwen tijdens een aantal groepsbijeenkomsten ervaringen met elkaar uitwisselen en elkaar kunnen ondersteunen bij een gezonde leefstijl). Ook is de gemeente Woudenberg in het kader van dit leefstijlakkoord nu aangesloten bij de methodiek Jongeren op gezond gewicht (JOGG). In combinatie met de gezonde school van de GGDrU worden in 2022 initiatieven opgezet om de gezonde leefstijl bij de jeugd te stimuleren.
15 Met behulp van de SPUK (speciale uitkering) ‘gezonde leefstijl en mentale vitaliteit’ van het Rijk starten we met Welzijn op recept. Dit is een alternatief voor mensen met psychosociale klachten. In plaats van het 'traditionele pilletje' voor te schrijven, verwijst de huisarts deze patiënten door naar een welzijnscoach.
Maatschappelijk effect 2 – Samen met inwoners komen tot meer lokale, passende en integrale antwoorden op hun ondersteuningsvragen Wat willen we bereiken? Zoveel als mogelijk en wenselijk worden ondersteuningsvragen dichtbij het huishouden opgepakt. We proberen het probleem niet ergens anders op te lossen (locatie van een professional) maar gaan naar het huishouden toe (met uitzondering van werk en inkomen) om daar aan de slag te gaan en te komen tot een plan van aanpak. De antwoorden op de ondersteuningsvragen willen we zo passend mogelijk maken. Dit betekent: eerst helder in beeld brengen wat er nodig is en daarna samen met het huishouden formuleren waar de ondersteuning aan moet voldoen en welke effecten worden beoogd. Vervolgens volgen we met elkaar of de gewenste effecten worden bereikt. Ondersteuning aan huishoudens dient één aaneensluitend traject te zijn vanuit alle levensdomeinen en gebaseerd op één plan van aanpak. Wat gaan we ervoor doen? Het vliegwiel in het systeem om bovenstaande doelstelling te realiseren, is Coöperatie De Kleine Schans. De medewerkers werken vanuit een integrale, generalistische en context-gebonden aanpak aan passende oplossingen op de gestelde ondersteuningsvragen.
Naast de uitvoering van de Jeugdwet, Wmo, Participatiewet, leerplicht en leerlingenvervoer richt de coöperatie zich met haar leden op de opgave om te komen tot alternatief, lokaal en preventief aanbod dat beter aansluit bij de vragen van inwoners. Uit de evaluatieonderzoeken naar De Kleine Schans zijn conclusies en aanbevelingen gekomen, onder meer ten aanzien van scherpere doelformuleringen van de coöperatie in relatie tot het gemeentelijk beleidskader en een SMART-geformuleerde verantwoording. Deze aanbevelingen worden overgenomen en in 2022 opgepakt. Er ligt reeds een transformatieopgave binnen de specialistische jeugdzorg tussen gemeenten en de BSA. Deze loopt in 2022 door. Daarnaast vindt in 2022 de voorbereiding en de contractering voor de inkoop van jeugd, Wmo begeleiding en ondersteuning met noodzakelijk verblijf en maatschappelijke opvang vanaf 2023 plaats. We gaan hierbij uit van een taakgerichte aanbesteding met een consortium van aanbieders. Bij een taakgerichte aanbesteding wordt niet naar het aantal cliënten gekeken maar naar de populatie of de opdracht die het consortium van partijen wordt meegegeven. Er wordt niet betaald per handeling, client of uitkomst maar voor de dienst die beschikbaar is of waar gebruik van gemaakt kan worden. Deze voorbereidingen vragen een doorontwikkeling van de lokale teams.
De lokale teams zijn een cruciale spil in het realiseren van de veranderingen in het zorglandschap omdat zij de schakel vormen tussen de sociale basisinfrastructuur en de specialistische hulp. Het versterken van de expertise van het sociaal team, het uitbreiden van de begeleidingsfunctie en het uniformer werken is een regionale opgave waar we in aanloop naar de inkoop 2023 in 2022 stevig op zullen inzetten. Door het economisch steun- en herstelpakket corona van de overheid in 2020/21 zijn ondernemers meer in beeld bij gemeenten gekomen. Ook in 2022 bieden we ondersteuning aan ondernemers aan, bijvoorbeeld schuldhulpverlening of een quickscan op levensvatbaarheid van het bedrijf. Een blijvend aandachtspunt is het bestrijden van jeugdwerkloosheid. Jongeren hebben als gevolg van corona extra aandacht en begeleiding nodig bij het halen van een startkwalificatie of het doorstromen van school naar werk. De nieuwe wet inburgering gaat in op 1 januari 2022. Dit betekent dat de gemeente Woudenberg per 2022 verantwoordelijk is voor de inburgering van statushouders binnen de gemeente. De gemeente krijgt de regie in het begeleiden van statushouders.
Dit houdt onder andere in: het opstellen van een persoonlijk inburgeringsplan, het aanbieden van taalles op het juiste niveau, het bevorderen van de maatschappelijke participatie en het in een zo vroeg mogelijk stadium aanbieden van (vrijwilligers)werk aan de statushouder. Op dit moment zijn nog niet alle (financiële) kaders duidelijk maar zijn de voorbereidingen op deze nieuwe wetgeving in een ver gevorderd stadium.
16
Maatschappelijk effect 3 – Minder inzet van specialistische zorg door het stimuleren van innovatieve en adequate zorgverlening Wat willen we bereiken? Door lokale, passende en integrale ondersteuning (maatschappelijk effect twee) willen we de inzet van individuele voorzieningen (jeugdhulp, Wmo-voorzieningen, reintegratietrajecten en schuldhulpverlening) voorkomen. Indien individuele voorzieningen toch nodig zijn, willen we dit graag zoveel als mogelijk lokaal en passend inzetten, zo snel mogelijk op de juiste plek en weer afbouwen zodra het kan. Wat gaan we ervoor doen? Naast de hierboven genoemde doorontwikkeling van het sociaal team werken we in 2022 in regionaal verband aan het bevorderen van de uitstroom, sturing op de keten en het verbeteren van de samenwerking met SAVE/Veilig Thuis en de Gecertificeerde Instellingen. Daarnaast zullen we toezien op en waar nodig bijdragen aan de realisatie van het transformatieplan van de BSA. In 2021 zijn dagactiviteiten, vervoer jeugd GGZ en dyslexie opnieuw aanbesteed. Met name de gevolgen van de aanbesteding dagactiviteiten vraagt in 2022 om inzet op de transformatieopgave om te komen tot een passend, stevig, lokaal en zo informeel mogelijk aanbod voor alle inwoners die een dagactiviteit nodig hebben.
Wij zetten in op een verschuiving van cliënten van geïndiceerde, groepsgerichte en professionele dagactiviteiten naar een vorm van laagdrempelige passende activiteiten in het dorp. Dit betekent dat de kosten van de inzet van het professionele aanbod zullen verminderen. De voorstellen uit de Woudenbergse bezuinigingsdialoog die hierin een rol kunnen spelen, worden meegenomen in de uitwerking. Een voorbeeld hiervan is de versteviging van het Trefpunt en de inzet van de methode Dementalent. In de regiovisie voor Opvang met noodzakelijk verblijf (OMNV1) ‘Samen in de wijk’ (2021-2026) zijn inhoudelijke afspraken en uitgangspunten vastgelegd aangaande de doordecentralisatie van de middelen voor OMNV vanaf 2023. Vanaf 2023 gaan de middelen niet meer naar één centrumgemeente, maar worden de middelen verdeeld over de individuele gemeenten. In de regiovisie is een ambulantiseringsopgave opgenomen. In plaats van OMNV is het de bedoeling dat zoveel mogelijk mensen beschermd thuis wonen. Dat wil zeggen in hun eigen huis waar 24/7 ondersteuning paraat is. Deze opgave betekent voor Woudenberg dat er in de toekomst meer mensen in onze gemeente zullen blijven wonen en afhankelijk zijn van deze intensieve vorm van ondersteuning.
Daarnaast is het de bedoeling dat Woudenbergers die op dit moment gebruik maken van een OMNV-voorziening ondersteunt worden door de gemeente bij hun terugkeer naar ons dorp. Voor 2022 betekent het voor Woudenberg dat wij als gemeente met name een ontwikkelopdracht hebben in de preventie voor de instroom in OMNV en het ondersteunen van de uitstroom van OMNV naar onze gemeente. Dit vraagt het in kaart brengen van in hoeverre de sociale basisinfrastructuur per gemeente op orde is om deze opdracht voldoende te kunnen ondersteunen. Met deze resultaten zullen we in Woudenberg onze verdere aanpak bepalen in afstemming met de andere regiogemeenten en met andere afdelingen binnen onze gemeente, zoals openbare orde en veiligheid.
1 Ondersteuning met noodzakelijk verblijf (OMNV) heette voorheen Beschermd wonen (BW).
17
Indicatoren Indicatoren
Definitie
In hoeverre zijn inwoners zelf in staat om hulp in het eigen netwerk te regelen om problemen in het dagelijks leven aan te pakken. In hoeverre nemen inwoners deel aan de maatschappij d.m.v. (on)betaald werk, het volgen van een opleiding of deelname aan het verenigingsleven.
Score zelfredzaamheid. Deze score is opgebouwd uit drie sub-scores: 1. Zelf-zorgend vermogen, 2. Zelf-organiserend vermogen en 3. Weerbaarheid. Score participatie. Deze score is opgebouwd uit zes sub-scores: 1. Zelfstandig werkzaam, 2. Voltijd opleiding 18-plussers, 3. Vrijwilligerswerk, 4. Actief bij een vereniging, 5. Sociaal actief of in een reintegratieproject en 6. Geen participatie. Score mate van eenzaamheid. Deze score is opgebouwd uit zes sub-scores: 1. Het kunnen terugvallen op mensen, 2. Het kunnen vertrouwen op mensen, 3. Het nauw verbonden voelen met mensen, 4. Het ervaren van leegte, 5. Het missen van mensen en 6. Het in de steek gelaten voelen. Overall cliënttevredenheidsscore ten aanzien van de Coöperatie, jeugdzorg, Wmo en Participatiewet.
In hoeverre voelt men zich verbonden en heeft men sociaal contact met familie, vrienden/kennissen en buurtbewoners.
In hoeverre is men tevreden over de geleverde informatie, ondersteuning en zorg in het kader van de Jeugd, Wmo en Participatiewet.
Wijze van meten
Norm
2022
2023
8,1 (situatie 2019)
> 2019
> 2021
-
> 2023
8,5 (situatie 2019)
> 2019
> 2021
-
> 2023
Tweejaarlijkse sociale kracht monitor
8,2 (situatie 2019)
> 2019
> 2021
-
> 2023
Clientervaringsonderzoek
7 jeugdwet (jongeren) 7.5 jeugdwet (ouders) 7.5 participatiewet (alle cijfers gaan over 2019 - meetmoment 2020)2 RL:Voor jeugd geen rapportcijfer, PW te weinig respons
7 jeugdwet (jongeren) 7.5 jeugdwet (ouders) 7.5 participatiewet (alle cijfers gaan over 2019 meetmoment 2020)3
> 2020
> 2021
> 2022
Verbonden partijen: Coöperatie De Kleine Schans, RWA, GGDrU. Relevante samenwerkingspartners: onderwijs, voorschoolse voorzieningen, welzijnswerk, sport- en cultuurverenigingen, kerken, zorgaanbieders, bedrijven.4
Voor Wmo is geen rapportcijfer uitgevraagd.
3 Voor Wmo is geen rapportcijfer uitgevraagd. 4 Zie ook bijlagen uitvoeringsprogramma.
2025
Tweejaarlijkse sociale kracht monitor Tweejaarlijkse sociale kracht monitor
Verbonden partijen / Relevante samenwerkingspartners
2
2024
18 Wat gaat het kosten? In onderstaand tabel zijn de baten en lasten opgenomen die aan het programma verbonden zijn. Programma 1 Samenleving
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Bedragen
2022
2023
2024
2025
Lasten
-14.263.560
-14.126.473
-14.216.196
-14.431.773
Baten
1.838.127
1.773.321
1.756.430
1.756.430
Resultaat progr. 1 voor bestemming
-12.425.432
-12.353.151
-12.459.766
-12.675.343
Resultaat in begroting 2021
-12.140.434
-12.124.853
-12.124.344
-12.124.344
-284.998
-228.299
-335.422
-550.999
Verschil begroting t.o.v. meerjarenbegroting 2021
19
Financiële toelichting programma 1 Programma 1 Samenleving
- = nadelig Verwerkt
2022
2023
2024
2025
+ = voordelig kaderbrief Onderwijshuisvesting (leerlingenprognoses)
Ja
-2.000
-
-2.000
-
Onderwijshuisvesting (kapitaallasten)
Ja
-558
-558
-558
-558
Kunst en cultuur (subsidie bibliotheek)
Ja
-
3.800
7.657
7.657
Sport (subsidie binnensport)
Ja
-
712
1.436
1.436
Sport (bijdrage stichting sportpark)
Ja
-
1.713
3.453
3.453
Sport (subsidies buitensport)
Ja
-
681
1.373
1.373
Kunst en cultuur (bijdr expl cultureel centrum)
Ja
-
932
1.879
1.879
Zorgkosten jeugdzorg en Wmo
Ja
-645.253
-645.253
-645.253
-645.253
Coöperatie De Kleine Schans
Ja
-3.070
-
-
-
Sport (huuropbrengsten) GGDrU
Ja
-
-744
-1.500
-1.500
Breed Spectrum
Nee Nee
-21.350 -13.478
-21.350 -
-21.350 -
-21.350 -
BUIG budget bijstandsuitkeringen
Nee
120.000
60.000
60.000
60.000
Onderwijs (huur sportzalen)
Nee
825
5.000
8.000
8.000
RWA Participatie
Nee Nee
11.000 -3.377
11.000 -3.799
11.000 -3.994
11.000 -5.998
Armoedebestrijding kinderen
Nee
-2.820
-2.820
-2.820
-2.820
Inburgering
Nee
-8.962
-5.250
-3.663
-1.896
Kosten Voogdij 18+
Nee
263.600
263.600
263.600
263.600
Regiotaxi
Nee
-
-
-
-3.000
Investeringsmiddelen jeugdzorg (t.l.v. extra middelen jeugdzorg)
Nee
-396.544
-349.669
-323.419
-312.169
Indexering groei zorgkosten jeugdzorg en Wmo 2023-2025
Nee
-
-199.550
-412.835
-640.803
Overheveling Stichting art 1. (overheveling naar programma 1)
Nee
-5.100
-5.100
-5.100
-5.100
Overheveling bureau HALT (overheveling naar programma 1)
Nee
-2.200
-2.200
-2.200
-2.200
Loonkosten (verdeling per programma)
Nee
-13.100
-13.100
-13.100
-13.100
Kapitaallasten
Nee
5.425
-1.801
-3.867
-1.488
Harde bezuinigingen programma 1 (zie bijlage)
Ja
431.964
675.457
747.838
747.838
Zachte bezuinigingen programma 1 (zie bijlage)
Ja
Totaal
-284.998
Onderwijshuisvesting (leerlingenprognoses) Eén keer per twee jaar wordt door een extern bureau de leerlingenprognoses geactualiseerd.
-228.299
-335.423
-550.999
20 Onderwijshuisvesting (kapitaallasten) Betreft aanpassing noodlokalen De Olijfboom als gevolg van contactgeluid. Kunst en cultuur (subsidie bibliotheek) Betreft correctie in verband met automatisch in begroting verwerkte indexering. Na toepassing van deze correctie wordt ten aanzien van deze post aangesloten bij het uitgangspunt dat alleen voor het eerste jaar indexering wordt toegepast en niet voor de jaren erna. Sport (subsidie binnensport) Betreft correctie in verband met automatisch in begroting verwerkte indexering. Na toepassing van deze correctie wordt ten aanzien van deze post aangesloten bij het uitgangspunt dat alleen voor het eerste jaar indexering wordt toegepast en niet voor de jaren erna. Sport (bijdrage stichting sportpark) Betreft correctie in verband met automatisch in begroting verwerkte indexering. Na toepassing van deze correctie wordt ten aanzien van deze post aangesloten bij het uitgangspunt dat alleen voor het eerste jaar indexering wordt toegepast en niet voor de jaren erna. Sport (subsidies buitensport) Betreft correctie in verband met automatisch in begroting verwerkte indexering. Na toepassing van deze correctie wordt ten aanzien van deze post aangesloten bij het uitgangspunt dat alleen voor het eerste jaar indexering wordt toegepast en niet voor de jaren erna.
Kunst en cultuur (bijdrage exploitatie cultureel centrum) Betreft correctie in verband met automatisch in begroting verwerkte indexering. Na toepassing van deze correctie wordt ten aanzien van deze post aangesloten bij het uitgangspunt dat alleen voor het eerste jaar indexering wordt toegepast en niet voor de jaren erna. Zorgkosten jeugdzorg en Wmo De zorgkosten jeugdzorg en Wmo welke in de jaarrekening 2020 zijn opgenomen, zijn doorgerekend met een indexering voor lonen en prijzen en een percentage voor de te verwachte autonome groei. Dit mede als gevolg van de groei van het aantal inwoners in Woudenberg. Voor het merendeel van de zorgpercelen is een indexering van 4% voor loon- en prijsstijgingen toegepast. Voor een tweetal specifieke onderdelen zijn contractueel andere afspraken gemaakt en is 3,2% (voor huishoudelijke hulp) en 3,8% (voor het Landelijk Transitiearrangement) toegepast. Verder is rekening gehouden met 3% autonome groei per jaar. Op basis van de nu bekende informatie is nog geen inschatting te maken omtrent het financiële effect van het nieuwe woonplaatsbeginsel. Daarnaast is eind november 2020 voor de jaren 2021 en 2022 in de regio Amersfoort een nieuwe afspraak gemaakt omtrent regionale risicoverevening.
Op grond van deze nieuwe afspraak is de maatstaf Integratie Uitkering Jeugd septembercirculaire 2018, welke niet meer voldoende aansloot bij de realiteit, vervangen door de maatstaf van het aantal jeugdigen per gemeente met peildatum 1 januari van het betreffende jaar. We hebben een inschatting gemaakt welk effect deze nieuwe afspraak heeft op de zorgkosten voor de gemeente Woudenberg. Op basis van de realisatiecijfers 2019 verwachten we voor 2022 een nadelig effect van € 214.000. Voornoemde wijzigingen leiden tot een totale bijstelling in dit financieel beeld 2022-2025 van € 645.253.
21 Coöperatie De Kleine Schans De aanpassing betreft een afbouw van de verminderde inkomsten welke de gemeente vanaf 2022 voor de ondersteunende dienstverlening aan Coöperatie de Kleine Schans ontvangt. In 2022 worden deze verminderde inkomsten voor 50% gedekt vanuit het budget van Coöperatie de Kleine Schans in programma 1. Sport (huuropbrengsten) Betreft correctie in verband met automatisch in begroting verwerkte indexering. Na toepassing van deze correctie wordt ten aanzien van deze post aangesloten bij het uitgangspunt dat alleen voor het eerste jaar indexering wordt toegepast en niet voor de jaren erna. GGDrU De financiële bijdrage van de gemeente blijkt op basis van de begroting van de GGDrU 2022-2025 voor Woudenberg € 21.350 hoger dan begroot. De hogere gemeentelijke bijdrage is het gevolg van de indexering voor loon- en prijsstijgingen. Daarnaast moet de informatieveiligheid binnen GGDrU verder worden ontwikkeld en geborgd en daarom is een structurele invulling van informatiebeveiliging en bescherming van persoonsgegevens in de reguliere organisatie nodig. Om deze investering in informatieveiligheid en privacy beleid mogelijk te maken, is de inwoner- en kindbijdrage verhoogd. Breed Spectrum Vanaf 2021 moeten gemeenten de vastgestelde normatieve huisvestingscomponent (NHC) voor de JeugdzorgPlus opnemen in hun tarieven.
Voor de instellingen zijn dit geen extra middelen, maar gaat het om een verschuiving van Rijksfinanciering naar gemeentelijke financiering. In de meicirculaire heeft Woudenberg hier extra middelen voor ontvangen. Voor 2021 en 2022 worden deze middelen in zijn totaal (heel regio Amersfoort) toegevoegd aan het budget van de BSA en daarmee onderdeel van de overeenkomst. Voor 2023 en verder wordt het NHC-component onderdeel van de nieuwe inkoop 2023. BUIG budget bijstandsuitkeringen Op basis van het aantal bijstandsuitkeringen en het Rijksbudget voor bijstandsuitkeringen van de afgelopen jaren ontvangen we naar verwachting in 2022 bij benadering € 120.000 meer dan begroot. Voor de jaren vanaf 2023 wordt € 60.000 meer begroot. Onderwijs (huur sportzalen) Betreft correctie in verband met automatisch in begroting verwerkte indexering. Na toepassing van deze correctie wordt ten aanzien van deze post aangesloten bij het uitgangspunt dat alleen voor het eerste jaar indexering wordt toegepast en niet voor de jaren erna. RWA De bijdrage RWA (inclusief WSW-deel) is aangepast naar aanleiding van de begroting 2022 RWA en de meicirculaire 2021. De extra middelen die we in de algemene uitkering ontvangen, betalen we één-op-één door aan RWA. Door een gunstige begroting van RWA Amfors verwachten we een lagere gemeentelijke bijdrage.
Participatie De omvang van de integratie-uitkering Participatie in de algemene uitkering stijgt licht in verband met de loon- en prijsindexering. Tegenover deze extra middelen staan extra uitgaven, welke één-op-één worden meegenomen.
22 Armoedebestrijding kinderen Via de meicirculaire 2021 zijn extra middelen ontvangen voor armoedebestrijding van kinderen. De jaarlijkse bedragen zijn één-op-één meegenomen als te verwachten kosten. Inburgering Via de meicirculaire 2021 zijn extra middelen ontvangen voor inburgering . De jaarlijkse bedragen zijn één-op-één meegenomen als te verwachten kosten. Kosten Voogdij 18+ Vanaf 2022 vallen kosten vrij ten aanzien van Voogdij/18+. Per 1 januari 2022 wordt het nieuwe woonplaatsbeginsel ingevoerd. Met de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel verschuift de verantwoordelijkheid voor de zorg van naar inschatting zo’n 20.000 kinderen naar een andere gemeente. Hiermee verschuift tevens de verantwoordelijkheid voor de kosten. Het is de verwachting dat Woudenberg op basis van het nieuwe woonplaatsbeginsel voor minder kinderen verantwoordelijk is. Hierdoor wordt de algemene uitkering lager maar is Woudenberg ook niet meer verantwoordelijk voor de kosten. Regiotaxi De stijging van € 3.000 heeft betrekking op de indexering per 2025. Investeringsmiddelen jeugdzorg (t.l.v. de extra middelen jeugdzorg) Tegenover de extra middelen jeugdzorg die gemeenten ontvangen dient rekening te worden gehouden met een bedrag aan investeringsmiddelen.
Het Rijk en de VNG hebben zich bij het beschikbaar stellen van de extra middelen jeugdzorg 2022 namelijk gecommitteerd om gezamenlijk tot een hervormingsagenda te komen waarin afspraken worden gemaakt over maatregelen en een structureel financieel kader die leiden tot een stelsel waarin zorg beschikbaar is voor kinderen die dat echt nodig hebben, gemeenten betere uitvoeringskracht hebben en er meer inzicht komt in informatie zoals gebruik van jeugdzorg, uitgaven en wachttijden. Om hier uitvoering aan te kunnen geven en om op termijn daadwerkelijk met de helft van de extra middelen uit te komen (de arbitragecommissie heeft in haar advies namelijk een afbouw aan extra gelden opgenomen), verwachten we de komende jaren de nodige investeringen te moeten doen. Zodoende is een gedeelte van de extra middelen jeugdzorg gereserveerd als benodigd budget voor de genoemde investeringsmiddelen. Indexering groei zorgkosten jeugdzorg en Wmo 2023-2025 Als bijlage bij de kaderbrief is een prognose gemaakt van de kostenontwikkeling jeugdzorg en Wmo over de periode 2021-2025 (zie bijlage 7 van de kaderbrief 2022-2025). De indexering voor groei over de periode 2023 tot en met 2025 van 3% is vervolgens verwerkt in de begroting.
De indexering voor loon- en prijsstijgingen is conform het uitgangspunt dat alleen voor het eerste jaar indexering wordt toegepast en niet voor de jaren erna, alleen voor 2022 meegenomen (zie mutatie hierboven “Zorgkosten jeugdzorg en Wmo). Overheveling Stichting art 1. (overheveling van programma 3) In het kader van herverdeling van werkzaamheden is Stichting art. 1 overgeheveld van programma 3 naar programma 1 (valt meer onder zorg dan onder veiligheid). Overheveling bureau Halt (overheveling van programma 3) In het kader van herverdeling van werkzaamheden is bureau Halt overgeheveld van programma 3 naar programma 1 (valt meer onder zorg dan veiligheid).
23 Loonkosten (verdeling per programma) De totale loonkosten worden jaarlijks toegerekend aan de diverse programma’s en projecten. Ten opzichte van 2021 wordt in 2022 € 13.100 meer loonkosten toegerekend aan programma 1. De loonkosten worden toegelicht bij de paragraaf Bedrijfsvoering verderop in de begroting. Kapitaallasten Stijging/daling kapitaallasten op basis van actualisering investeringen programma 1. Harde bezuinigingen programma 1 Bij de vaststelling van het Witboek bezuinigingsdialoog 2020-2021 is besloten de voorgestelde bezuinigingen te verwerken in de begroting 2022-2025. De raad heeft per bezuiniging aangegeven welke definitief ingeboekt kan worden en welke nader onderzocht moet worden. In de begroting 2022-2025 zijn de harde bezuinigingen op productniveau in programma 1 verwerkt. Hierbij gaat het om de volgende bezuinigingen: Programma 1 Samenleving Harde bezuinigingen
- = nadelig
Verwerkt
+ = voordelig
kaderbrief
2022
2023
2024
2025
Kunst en cultuur (inhuur derden)
Ja
12.500
12.500
12.500
12.500
Kunst en cultuur (subsidie Bibliotheek)
Ja
-
18.000
36.000
36.000
Sportbeleid
Ja
2.500
2.500
2.500
2.500
Leerlingenvervoer
Ja
-
22.500
22.500
22.500
Passend onderwijs
Ja
10.000
10.000
10.000
10.000
GGDrU
Ja
-
1.867
1.867
1.867
Jeugd- en jongerenwerk
Ja
-
23.800
23.800
23.800
Schuldhulpverlening
Ja
4.000
4.000
4.000
4.000
Re-integratie
Ja
-
8.000
8.000
8.000
Inburgering
Ja
2.000
2.000
2.000
2.000
SMI (inkoop kindplaatsen)
Ja
2.500
2.500
2.500
2.500
Wmo (huishoudelijk hulp)
Ja
55.900
117.400
123.250
123.250
Wmo (Demen Talent)
Ja
10.000
10.000
10.000
10.000
Wmo (ambulante begeleiding)
Ja
60.000
64.200
68.694
68.694
Wmo (dagactiviteiten)
Ja
-3.636
45.490
70.053
70.053
Jeugdzorg (ambulante begeleiding)
Ja
50.000
53.500
57.245
57.245
Jeugdzorg (ambulante dagbehandeling)
Ja
170.000
181.900
194.633
194.633
Jeugdzorg (dagactiviteiten)
Ja
40.000
42.800
45.796
45.796
Jeugdzorg (onderwijs)
Ja
15.000
30.000
30.000
30.000
Wmo regiotaxi (baten)
Ja
1.200
1.200
1.200
1.200
Subsidies en inkoop niet-wettelijke taken 10%
Ja
-
21.300
21.300
21.300
675.457
747.838
747.838
Totaal
431.964
24 Zachte bezuinigingen programma 1 De volgende bezuinigingsvoorstellen uit het Witboek bezuinigingsdialoog 2020-2021 moeten nader worden onderzocht: Programma 1 Samenleving Zachte bezuinigingen
- = nadelig
Verwerkt
+ = voordelig
kaderbrief
2022
2023
2024
2025
Kunst en cultuur (subsidie bibliotheek)
Ja
-
27.000
54.000
54.000
Kunst en cultuur (huisvestingskosten bibliotheek)
Ja
-
17.500
35.000
35.000
Kunst en cultuur (huisvestingskosten St Kunst & Cultuur)
Ja
-
14.259
28.517
28.517
Kunst en cultuur (huisvestingskosten St Oud Woudenberg)
Ja
-
10.126
20.252
20.252
Sport (bijdrage beheersstichtingen)
Ja
-
8.864
17.727
17.727
Sport (subsidies)
Ja
-
13.587
27.175
27.175
Re-integratie
Ja
-
17.500
17.500
17.500
Beschut werken
Ja
-
22.000
22.000
22.000
Wmo (hulpmiddelen eigen bijdrage)
Ja
25.000
25.000
25.000
25.000
Subsidies en inkoop niet-wettelijke taken 20%
Ja
-
10.650
21.300
21.300
25.000
166.486
268.471
268.471
Totaal
Deze bezuinigingen zijn niet financieel verwerkt in de begroting maar uitvoering vindt wel plaats conform het Plan van Aanpak Sociaal Domein. In de daaropvolgende voortgangsrapportages wordt ook ten aanzien van deze zachte mutaties gerapporteerd over de voortgang en de behaalde resultaten.
- 25 -
Leefomgeving Programma 2 Visie van het programma Inwoners en ondernemers voelen zich thuis en participeren in een functionele leefomgeving die veilig en toekomstbestendig is ingericht. Een ruimte waar een ieder vrij in kan bewegen, die beleefd en gevoeld wordt als gemeenschappelijk, als openbaar, als van ons allen.
Wat houdt het programma in? Het programma leefomgeving omvat een diversiteit aan beleidsterreinen op het gebied van een veilige, functionele en een toekomstbestendige leefomgeving. Het gaat om lokaal beleid en de uitvoering van diverse wettelijke taken. De integraliteit van het beleid en uitvoering krijgt steeds meer vorm en een nieuw wettelijk kader via de toekomstige Omgevingswet. Het programma heeft diverse raakvlakken met onderdelen van andere programma’s.
- 26 -
Trends en ontwikkelingen Maatschappelijke ontwikkelingen en vraagstukken raken de fysieke leefomgeving. Dit is de ruimte waar we met z’n alle gebruik van maken en ook benut kan worden om bij te dragen aan de oplossing(en) rondom deze vraagstukken. Voorbeelden van trends en ontwikkelingen hierin zijn: • Energietransitie; • circulaire economie; • klimaatverandering; • omgevingswet; • inclusieve samenleving; • veranderingen op het gebied van afval en grondstoffen; • beleefbare natuur en een groene leefomgeving. Als gevolg van de huidige financiële situatie van de gemeente zijn in 2021 beheer en onderhoud werkzaamheden uitgesteld of overgeslagen. Hierdoor is achterstand in het beheer en onderhoud ontstaan wat zorgt voor extra inspanning en uitgaven in 2022 om de achterstand in te lopen.
Maatschappelijk effect 1 – Meer positieve beleving van de beeldkwaliteit Openbare Ruimte (intact, schoon, veilig en groen) Wat willen we bereiken? De openbare ruimte vervult belangrijke functies die bijdragen aan het welzijn van mens, milieu, economie en natuur. Het beheer van de openbare ruimte dient een evenwichtig verdeelde aandacht te geven aan deze functies. We richten ons op integraal en kwaliteit gestuurd beheren van de openbare ruimte. Hiermee wordt een goed ingerichte, optimaal en duurzaam beheerde openbare ruimte beoogd die intact, schoon, veilig en groen is. De term ‘IBOR’ (‘Integraal Beheer Openbare Ruimte’) is de noemer waaronder gemeente Woudenberg deze ontwikkelingen schaart en deze dragen bij aan de visie van het programma Leefomgeving.
Integraal beheer openbare ruimte staat voor alle maatregelen om de openbare ruimte op het gewenste kwaliteitsniveau te krijgen en in stand te houden. Deze benadering gaat ervan uit dat de openbare ruimte als één geheel wordt ervaren en dat de inrichtings-, onderhouds- en gebruikskwaliteit bij elkaar moeten passen.
- 27 -
Kwaliteit van onderhoud, inrichting en gebruik openbare ruimte (alle aspecten)
CROW Woudenberg ‘gemiddeld’
A+
A
B
C
D
2022
A+ = Zeer goed, A = goed, B = voldoende, C = matig, D = slecht We hanteren de B/C-norm voor de kwaliteit van de openbare ruimte. In het groenbeleidsplan wordt onderscheid gemaakt in de volgende beeldkwaliteitsniveaus Beeldkwaliteit: Functie: A Kijkgroen B Groenaankleding B/C Recreatiegroen C Natuurgroen Wat gaan we ervoor doen? We blijven ons inzetten om de gehanteerde streefwaarde B/C voor de kwaliteit van de openbare ruimte te behouden. Dit doen we door middel van regulier beheer. Onkruidbeheersing heeft de volle aandacht. We geven uitvoering aan de herinrichting van formele en informele speellocaties in de wijken. Na de speellocaties in wijk Nieuwoord, De Grift en Laanzicht wordt dit jaar in de wijk Het Groenewoud de nieuwe speellocatie Berkenlaan (onderdeel plan Nijverheidsweg) uitgevoerd. In de jaren daarna verwachten we ook de overige wijken te voorzien van herziene formele en informele speellocaties. De herinrichting komt tot stand met de inwoners (jong en volwassenen) van de wijken. Samen met onze inwoners gaan we, op basis van het Groenbeleidsplan+, werken aan de thema’s die ons vandaag de dag bezig houden: klimaatadaptatie, natuur en biodiversiteit, innoveren en verduurzamen en burgerparticipatie. In het uitvoeringsplan staan de maatregelen om de doelen voor eerder genoemde thema’s op het gebied van openbaar groen en landschap te halen.
Een deel van de maatregelen is door bezuinigingsmaatregelen on-hold gezet tot er betere tijden aanbreken. Afval Er speelt op het moment veel op het gebied van afval en grondstoffen. Er is een aantal externe ontwikkelingen welke de richting en reikwijdte van het gemeentelijk beleid mede bepalen. We benoemen enkele belangrijke ontwikkelingen: • de laatste jaren verandert de markt voor grondstoffen sterk. We zien sterk fluctuerende prijzen voor grondstoffen met een algehele trend naar minder opbrengsten voor grondstoffen;
- 28 •
•
•
daarbij zien we ook dat de kosten voor verwerking verder toenemen, zowel van grondstoffen als van het restafval. De verwerkingskosten van restafval stijgen onder meer door de verhoging van de afvalstoffenbelasting die de landelijke overheid heeft ingevoerd. Naar verwachting zal deze belasting de komende jaren verder stijgen waardoor de verbranding van restafval steeds duurder wordt. Daarbij komt dat vanaf 2022 een extra CO2-heffing wordt opgelegd voor verbranding van restafval. In combinatie met afnemende opbrengsten leidt dit er vrijwel zeker toe dat de afvalstoffenheffing gaat toenemen; zoals aangegeven stijgen de kosten en tarieven voor de verwerking van grondstoffen. Verwerkers vragen hogere verwerkingstarieven onder meer vanwege de toenemende vervuiling in de grondstoffen, die de kosten voor goede verwerking opdrijft. Verwerkers stellen in dit verband steeds hogere kwaliteitseisen aan het te accepteren materiaal. Dit zien we zeer nadrukkelijk bij het pmd, maar ook bij bijvoorbeeld gft waar verwerkers strenger letten op vervuiling vanwege de invloed ervan op de verwerkingskosten en de kwaliteit van het compost; er zijn ook positieve ontwikkelingen op het gebied van afval en grondstoffen. Aan de ene kant is er landelijk, regionaal en lokaal steeds meer aandacht en draagvlak voor circulariteit, ook onder inwoners.
Dat er iets moet gebeuren in het kader van circulariteit van grondstoffen wordt breed gedeeld. Aan de andere kant verbreden de mogelijkheden voor hergebruik en recycling zich door snelle technologische ontwikkelingen. Het is belangrijk hier alert op te zijn, bijvoorbeeld als het gaat om de verwerking van luiers.
De komende jaren zal de gemeente inzetten op de volgende vier speerpunten: 1. kwaliteitsverbetering, met name bij pmd hebben we te maken met veel vervuiling. Hierdoor krijgen we afkeur van pmd met nadelige financiële gevolgen. Een verbeterslag heeft inmiddels plaatsgevonden door het traject #Terugwinnaars. Er worden verschillende ‘bewustwordingsacties’ in gang gezet in navolging van het traject #Terugwinnaars; 2. kwantiteit, het verder verlagen van de hoeveelheid restafval per inwoner per jaar; 3. verbeteren serviceniveau, hierbij kan gedacht worden aan het schoonhouden van de omgeving van de ondergrondse containers, de openingstijden van de milieustraat en het bieden van service als het gaat om de wasbare luier; 4. kostenbeheersing: diverse externe factoren zoals de eerdergenoemde landelijke afvalverbrandingsbelasting en fluctuerende grondstofprijzen, zorgen er momenteel voor dat de afvalstoffenheffing onder druk staat. Er zal goed gekeken moeten worden naar mogelijkheden om de kosten beheersbaar te houden. Een denkrichting hierbij is om de frequentie van de restafvalinzameling verder te verlagen (door het verder verlagen van de hoeveelheid restafval per inwoner). Hierdoor maakt ROVA minder kosten voor de inzameling van het restafval en dat levert uiteindelijk een financieel voordeel op.
Het nieuwe Grondstoffenbeleidsplan 2021-2025 (GSP) heeft de focus op het verminderen van de hoeveelheid restafval per inwoner, maar ook op het verbeteren van de zuiverheid van de verschillende grondstoffen. Daarbij is het van belang dat het afval goed gescheiden wordt aangeboden, waarbij zo weinig mogelijk vervuiling in de grondstoffen aanwezig is. Om het goed scheiden van afval te stimuleren zal vooral ingezet worden op bewustwording bij de inwoners van Woudenberg door te informeren, te communiceren, te faciliteren en het bieden van maatwerk.
Maatschappelijk effect 2 – Betere verkeersveiligheid Wat willen we bereiken? Vrijwel iedereen komt dagelijks in aanraking met verkeer en daarmee automatisch met verkeersveiligheid. Het belang van een goede verkeersveiligheid wordt onderstreept door de landelijke statistiek van 678 verkeersdoden en circa 21.700 ernstig gewonden (2018). Binnen het (landelijk) kader van ‘duurzaam veilig’ zetten alle overheden zich in voor een verbetering van de verkeersveiligheid. De gemeente Woudenberg streeft naast het verbeteren van de statistieken (objectieve
- 29 -
verkeersveiligheid) ook naar het verbeteren van de beleving van verkeersveiligheid onder bewoners en andere weggebruikers binnen de gemeente (subjectieve verkeersveiligheid). Voor het verbeteren van de verkeersveiligheid wordt ingezet op de inrichting van de weg, handhaving en educatie en voorlichting. Wat gaan we ervoor doen? Conform het wegbeheerplan (2019-2023) en de landelijke normen van het CROW voert de gemeente Woudenberg onderhoud uit aan bestaande wegen en paden. Dit onderhoud komt ten goede aan de verkeersveiligheid. Dit jaar wordt er een nieuw wegbeheerplan opgesteld voor de jaren 2023-2027. Behalve door onderhoud aan bestaande wegen worden ook middelen ingezet voor de realisatie van nieuwe verkeersmaatregelen gericht op verkeersveiligheid. Zoals bijvoorbeeld verkeersdrempels, verkeersteller met display en fietsparkeervoorzieningen. Tevens zal in de komende jaren de aanpak van verkeersveiligheid en infrastructuur worden geïntensiveerd. Dit resulteert in de volgende projecten/acties: • • • • •
veiligere en betere fietsverbindingen (oost-west verbinding), dit is voor een deel in 2021 uitgevoerd en in 2022 vindt het vervolg van de uitvoering plaats; rotonde N224/N226 (project van de provincie); verkeersmaatregelen/renovaties Nico Bergsteijnweg; herinrichting kruising Europaweg/Stationsweg-West plus deel Laan 1940-45; herinrichting verkeer en afwatering van oostelijk deel oude wijk Laanzicht te combineren met uitvoering van de rioolvervangingen in het kader van de klimaatadaptatie. Per jaar wordt een gedeelte van de beschreven wijk aangepakt.
Deze projecten/acties zijn noodzakelijk om de verkeersveiligheid en de verkeersinrichting te verbeteren en het wegennet klaar te maken voor de toekomstige groei afkomstig van de nieuwe woonwijken. Daarnaast werken de gemeente Woudenberg en de Provincie Utrecht nauw samen om overlast van zowel de N224 alsmede N226 zoveel mogelijk te voorkomen. De aanpassing van de rotonde N224/N226 komt tot uitvoering (vanuit project VERDER). De provincie is trekker van het project en daarmee initiatiefnemer van de procedures. De planning is dat de werkzaamheden in 2023 zijn uitgevoerd. Naast het onderhoud van bestaande wegen en renovaties, is binnen diverse projecten (Nijverheidsweg, Hoevelaar en diverse inbreidingslocaties) nadrukkelijk aandacht voor het ontwikkelen van een verkeersveilige leefomgeving. Handhaving valt onder programma 3 ‘veiligheid’. De politie en de gemeentelijke Boa besteden aandacht aan verkeersveiligheid door, waar nodig, verkeersdeelnemers op gedrag aan te spreken en eventueel te handhaven. Hierbij wordt gehandeld vanuit het uitvoeringsprogramma integrale veiligheid. In samenwerking met de provincie Utrecht, Veilig Verkeer Nederland, Fietsersbond en andere gemeenten wordt ingezet op het aanbieden van permanente verkeerseducatie. Per jaar worden verkeer educatieve activiteiten georganiseerd die zich richten op verschillende leeftijdsgroepen.