CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

01 RV vaststelling archeologie en OO 222810_1.pdf

Raadscommissie 12 januari 2022, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 10: Vaststelling actualisatie Archeologiebeleid en beleid ontplofbare oorlogsresten2.230 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL 2022 Onderwerp

:

Datum voorstel:

6 december 2021

Registratiekenmerk:

Z.333699

Raadsvergadering van:

27 januari 2022

Vergadering Commissie van: Portefeuillehouder: Behandelend ambtenaar:

12 januari 2022 D.P. de Kruif K. Kuperus

Onderwerp/ voorstel:

Vaststelling actualisatie Archeologiebeleid en beleid ontplofbare oorlogsresten.

Aan de Raad. Voorstel Wij stellen u voor in te stemmen met de vaststelling van: 1. Actualisatie archeologische verwachtingenkaart en archeologiebeleid gemeente Woudenberg; 2. Beleidsadvies ontplofbare oorlogsresten; Inleiding In 2010 zijn de archeologische beleidskaart en bijbehorende beleidsnota gemeente Woudenberg vastgesteld ter uitvoering van de wettelijke verplichting op dit aandachtsgebied. Op basis van de toen geldende uitgangspunten is toen de laag van de recente geschiedenis, de Tweede wereldoorlog, niet opgenomen. Om de kaart en het beleid actueel te maken is dat wel noodzakelijk. Tevens dienen de resultaten van de onderzoeken na 2009 verwerkt te worden en moet bezien worden of het beleid voldoet aan de juridische en technische vereisten van de Omgevingswet. Gelijktijdig is het, meer dan in het verleden, verplicht en wenselijk om bij de voorbereiding van grondwerk (veranderingen kabels en leidingen, maar ook het bouwrijp maken van gebieden) onderzoek te doen naar de kansen en daarmee risico’s van niet gesprongen explosieven met name als gevolg van oorlogshandelingen. Voor de afdeling beheer is het wenselijk om beter in beeld te hebben waar rekening mee gehouden moet worden ten aanzien van dit risico en ook vanuit de crisisbeheersing is het goed om voorbereid te zijn, dus te weten waar risico’s zijn en wat te doen bij een vondst.

Naast de opname van deze laag in de beleidskaart archeologie is daarom ook een protocol en stappenplan met aandachtpunten opgesteld. Het actualiseren en opstellen van het archeologisch beleid en CE-bodembelastingkaart is uitgevoerd door het Bureau Raap samen met BEOBOM. De conceptversies van beide stukken hebben van 8 september tot en met 19 oktober ter inzage gelegen. In deze periode is 1 reactie binnengekomen. Geprint op: 30-12-2021 12:35:11uur /var/websites/gemeentebestuur.woudenberg.nl/documenten/convert/5bb6fc30-a2a3-45f5aa48-48e8c35ca8dc.docx

Centrale vraag Kunt u instemmen met de voorgestelde verwerking van de inspraakreactie en met de vaststelling van beide beleidsdocumenten? Beoogd resultaat (wat) Beleid op orde en actueel, ter voorbereiding van de Omgevingswet en in kader van verantwoordelijkheid van uitvoering werken m.n. in gebieden met risico op niet gesprongen oorlogsresten. Kader Wro, verdrag van Malta, archeologie en monumenten wetgeving, arbo eisen. Argumenten In opdracht van de gemeente Woudenberg heeft RAAP in de periode september 2020 tot juni 2021 de archeologische waarden-, verwachtingen- en beleidskaart van Woudenberg geactualiseerd. Concreet omvat de actualisatie het bijwerken van de bestaande laag met de landschappelijke ondergrond, zoals de ligging en begrenzing van dekzandwelvingen en dekzandruggen, de aanwezigheid van afdekkende lagen, alsmede het bijwerken van de achterliggende databestanden met nieuwe/aanvullende archeologische gegevens en inzichten. Tegelijkertijd is met de actualisatie van de archeologische kaarten een inventarisatie naar Ontplofbare Oorlogsresten (OO) uitgevoerd door BeoBOM. De resultaten van die inventarisatie zijn gebruikt om een WOII-kaartlaag toe te voegen aan de archeologische kaarten.

Ten aanzien van het archeologiebeleid zijn de veranderingen in wetgeving in de afgelopen 10 jaar kort aangestipt en is ingegaan op de diverse vrijstellingsgrenzen van de diverse zones met archeologische waarden en verwachtingen. Voor het geactualiseerde beleid is het vigerende beleid uit 2010 als uitgangspunt genomen, maar zijn een aantal beleidscategorieën wel wat gewijzigd. De archeologische verwachtingenkaart uit 2010 is geactualiseerd en van extra kaartlagen voorzien (WOII-laag en kaartlaag met water gerelateerde archeologie). Aan de verschillende archeolandschappelijke eenheden is voor twee archeologische hoofdperioden (jagers-verzamelaars en [prehistorische] landbouwers) in de achterliggende GIS-tabel een archeologische verwachting toegekend: hoog, middelhoog, laag, of onbekend. Beide verwachtingen op hoofdperiode zijn vervolgens gecombineerd tot één geïntegreerd verwachtingsbeeld, een gestapelde verwachtingskaart. De systematiek en gevolgen van deze actualisatie en van de verschillende verwachtingszones is vergelijkbaar met 2010. Ter toelichting de verschillende verwachtingszones hebben verschillende implicaties: in zones met een hoge archeologische verwachting wordt de hoogste dichtheid aan archeologische vindplaatsen (m.n.

nederzettingsterreinen) verwacht; in zones met een middelhoge archeologische verwachting worden archeologische vindplaatsen verwacht, maar in een lagere dichtheid dan in de zones met een hoge archeologische verwachting; in zones met een lage archeologische verwachting wordt de kans op het voorkomen van archeologische vindplaatsen klein geacht. Wel dient opgemerkt te worden dat de aanwezigheid van archeologische resten niet kan worden uitgesloten; Verder zijn de verschillende vindplaatsen, TAW-terreinen en één archeologisch rijksmonument onderscheiden. Deze vormen een andere categorie dan de archeologische verwachtingszones: archeologische resten zijn immers daadwerkelijk aangetoond. De gestapelde verwachtingskaart, in combinatie met de locaties met archeologische waarden, vormen de basis voor de archeologische beleidskaart (kaartbijlage 3). Vanuit het gezichtspunt van het gemeentelijk beleid is een stapelkaart veel praktischer dan afzonderlijke kaarten omdat een dergelijke kaart eenduidig vertaald kan worden naar een archeologie advies ten behoeve van het bestemmingsplan/omgevingsplan. Voor het achterhalen van de oorsprong

Geprint op: 30-12-2021 12:35:11 uur

2/5

van een bepaalde verwachtingswaarde, en daarmee ook de implicaties of mogelijkheden voor het te volgen beleid, dienen de achterliggende GIS-tabellen geraadpleegd te worden. Omgevingswet Naar verwachting zal de Omgevingswet per 1 juli 2022 in werking treden. Delen uit Monumentenwet 1988 gaan op die datum op in de Omgevingswet. Tot die tijd blijven door overgangsrecht (geregeld in artikel 9.1 van de Erfgoedwet) de relevante bepalingen rechtskracht houden. Archeologie maakt in de wet onderdeel uit van cultureel erfgoed binnen de fysieke leefomgeving (Omgevingswet artikel 1.2 lid 2i). Bij de uitoefening van bestuurlijke taken en bevoegdheden houden overheden (gemeente, provincie, Rijk of een waterschap) rekening met de samenhang van de relevante onderdelen en aspecten van de fysieke leefomgeving (artikel 2.1. lid 2). Het behoud van cultureel erfgoed en werelderfgoed kan daarbij van toepassing zijn (artikel 2.1. lid 3). In omgevingsverordeningen (artikel 2.27) en omgevingsplannen en projectbesluiten (artikel 2.28) legt het Rijk verplichte instructieregels op voor het behoud van cultureel erfgoed en werelderfgoed. Daar moet dus rekening mee gehouden worden. Met deze actualisatie is het beleid hiervoor gereed.

Verschil beleid en bestemmingsplan In 2010 is bij de vaststelling van het bestemmingsplan Buitengebied in overleg met de archeoloog van de ODRU en de provinciaal archeoloog besloten om op onderdelen in het beschermingsregiem in het bestemmingplan uit te gaan van een andere diepte dan die van het archeologie beleid. Tot op heden zijn geen toevalvondsten bekend en vondsten in de directe omgeving die deze keuze als onterecht aanmerken. De archeologen van Raap zien vanuit hun professionaliteit echter geen aanleiding om in het beleid uit te gaan van de indeling van het bestemmingsplan. Gevolg is dat met deze actualisatie het verschil tussen beleid en bestemmingsplan blijft bestaan. Bij de opstelling van het omgevingsplan onderdeel Buitengebied zal bezien worde hoe hiermee om te gaan. Dan zal ook bezien worden of werkzaamheden in een bestaand nutstracé onder een algemene vrijstelling kunnen vallen. Ontplofbare oorlogsresten (OO) In de gemeente Woudenberg hebben tijdens de Tweede Wereldoorlog verschillende oorlogshandelingen plaatsgehad. Het merendeel van deze oorlogshandelingen vond plaats rond het spoortracé Utrecht-Arnhem en het voormalig spoortracé Amersfoort-Kesteren, waar in de periode september 1944 tot april 1945 enkele tientallen luchtaanvallen door geallieerde jachtbommenwerpers zijn uitgevoerd.

Daarnaast zijn ten behoeve van de Nederlandse defensie verschillende onderdelen van de Grebbelinie binnen de gemeente aangelegd. In het najaar van 1944 zijn enkele delen van de Grebbelinie aangevuld of aangepast in het kader van de aanleg van de Duitse Pantherstellung. Als gevolg van deze en andere gebeurtenissen is op verschillende locaties binnen de gemeente Woudenberg sprake van de mogelijke aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten. Het gemeente brede vooronderzoek ontplofbare oorlogsresten (conflictperiode 1939-1945) en bijbehorend beleidsadvies geven inzicht hoe binnen de gemeente kan worden omgegaan met ontplofbare oorlogsresten. Doel van dit beleid is het geven van inzicht door het op basis van een gemeente breed vooronderzoek vaststellen van verdachte/risicogebieden met betrekking tot ontplofbare oorlogsresten, het voorkomen van het ongecontroleerd tot uitwerking komen van Ontplofbare Oorlogsresten en het verstrekken van een toetsingskader OO bij ontwikkelingen binnen de gemeente. Het is ook bedoeld om initiatiefnemers die voornemens zijn grondverzet te plegen binnen de gemeente inzicht te geven in de benodigde acties met betrekking tot de mogelijke aanwezigheid van Ontplofbare Oorlogsresten. Dit geldt voor gemeentelijke, maar ook voor nietgemeentelijke projecten.

Het resultaat van het onderzoek is inzichtelijk gemaakt in een risicokaart, bestaande uit een gebeurtenissenkaart en een bodembelastingkaart. Op de bodembelastingkaart zijn de verschillende risicogebieden Ontplofbare Oorlogsresten binnen de gemeente weergegeven. Deze gebieden zijn begrensd op basis van bekende luchtaanvallen, beschietingen en de aanwezigheid van verdedigingswerken. De risicokaart vormt het uitgangspunt voor dit beleid.

Geprint op: 30-12-2021 12:35:11 uur

3/5

In de toekomst kan deze kaart worden bijgewerkt naarmate binnen de gemeente meer opsporings- en ruimingswerkzaamheden plaatsvinden en middels een proces-verbaal van oplevering gebieden worden vrijgegeven op de mogelijke aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten. De uitkomsten zijn ook verwerkt als aanvulling op de archeologische verwachtingskaart. Er is een indicatief stroomschema opgesteld, welke een hulpmiddel is voor de afdeling beheer en voor de crisis organisatie. Tevens is het Protocol toevalstreffer/spontaan aantreffen OO opgesteld. In het rapport wordt gesproken van een vernietigingslocatie op de Leusderheide. Formeel moet elke gemeente op eigen grondgebied een vernietigingslocatie aanwijzen, in de praktijk is voor Woudenberg het militaire terrein van de Leusderheide de veiligste en meest praktische oplossing. In regionaal verband zullen de formele stappen gezet worden om te komen tot de formele aanwijzing van de Leuserheide, tot die tijd zal per geval een besluit genomen worden. Inspraak De conceptversie van beide stukken hebben van 8 september tot en met 19 oktober ter inzage gelegen. In deze periode is 1 reactie binnengekomen.

Samengevat maakt de indiener van de reactie zich zorgen over de staat van een aantal specifieke monumenten in Woudenberg: werken van Lambalgen en de restanten van het station en vraagt inspreker zich af of het niet zinvoller is om geld en aandacht te besteden aan die instandhouding, dan in het onderhavige onderzoek. De actualisatie is echter noodzakelijk om te blijven voldoen aan de wettelijke eisen. Tot nu toe hebben archeologische onderzoeken in Woudenberg nog geen nieuwe en daarmee bijzondere en lokale inzichten opgeleverd. Dat doet niets af aan de waarde en noodzaak van onderzoek. Het onderzoek naar de ontplofbare oorlogsresten is nodig in verband met veiligheid en kan andere de kosten voor onnodig onderzoek besparen. Nu er steeds minder getuigen beschikbaar zijn is het van belang om het verleden goed te documenteren. Voor dit onderdeel; geldt dat wij 70 % van deze kosten kunnen wij terugvragen bij het rijk. Naast deze onderzoeken is samen met een aantal andere gemeenten gewerkt aan de cultuurhistorische waardenkaart. Deze heeft wel betrekking op de bebouwde ruimte en de cultuurhistorie zoals zichtbaar in het landschap. Waarmee inmiddels een compleet beleid voor de historie van Woudenberg beschikbaar is, als kader voor de toetsing van nieuwe ontwikkelingen. Wij zien in deze reactie geen aanleiding om de stukken aan te passen.

Wel zijn op basis van de ambtelijke controle van de concept stukken op de archeologiekaart de recente uitkomsten van de onderzoeken Hoevelaar verwerkt. Conclusie: Ten behoeve van beide rapporten is veel werk verzet, waarbij het beleidsadvies OO inhoudelijk nieuw is. De actualisatie archeologie maakt vooral zichtbaar welke inzichten de afgelopen jaren ontstaan zijn en leidt nauwelijks tot nieuwe eisen of verder gaande beschermingen. De OO kaart leidt wel tot extra bescherming van gebieden, doel daarvan is vooral de veiligheid en minder een beperking van mogelijkheden. Voor dit onderdeel geldt dat het goed is om te weten dat er een risico op de aanwezigheid van explosieven bestaat. Gelijktijdig brengt het in beeld waar een initiatiefnemer rekening moeten houden met mogelijk historische elementen in de ondergrond en dus of deze misschien niet beter de plannen kan aanpassen, gelijk aan gebieden met hoger archeologie verwachting. Al is over deze WOII laag meer bekend en dus al een groter zekerheid dan bijvoorbeeld voor de periode jagers en verzamelaars. De actualisatie heeft tot gevolgen dat onderzochte gebieden, inclusief het onderzoek 2013 op basis van info van agrariërs over diepe roering van gronden, in een andere (lichter) archeologische regiem terecht komen. Duurzaamheid en Inclusie

Geprint op: 30-12-2021 12:35:11 uur

4/5

Het actualiseren van het archeologische beleid en een OO-bodembelastingkaart zorgt voor een actueel afwegingskader dat respectievelijk zorgt voor het behoud van de waardevolle bodemschatten en het van het in kaart hebben van risico’s waardoor een gebiedsgerichte benadering bij ontwikkelingen mogelijk is. Maatschappelijke participatie In de onderzoeksfase hebben RAAP en BEOBOM diverse deskundigen en bronnen geraadpleegd. Coronavirus Niet van toepassing, heeft alleen geleidt tot vertraging in de uitvoering van de werkzaamheden door beide bureaus. Beoogd resultaat (hoe) Actueel beleid en daarmee actuele inzichten en dus beperking van onnodig onderzoek (onderzoek naar iets dat al onderzocht is) met als gevolg een lagere werklast voor gemeente en initiatiefnemers. Financiële consequenties Rapportages zijn opgesteld met toepassing van het beschikbare budget voor archeologiebeleid als onderdeel van Omgevingswet Beleid op orde. Er komt een separaat raadsvoorstel om de kosten deels via de zogenoemde “bommen” suppletie regeling terug te vragen bij de meicirculaire 2022. Aanpak/uitvoering Na vaststelling zullen de documenten op de gebruikelijke wijze worden gepubliceerd en geplaats worden op de website. Conclusie Wij stellen voor beide beleidsstukken vast te stellen.

Communicatie Bijlage(n) - Actualisatie archeologische verwachtingen en archeologie beleid - Beleidsadvies Ontplofbare oorlogsresten met: - Concept raadsbesluit Burgemeester en wethouders van Woudenberg

Drs. B. Marinussen Secretaris

Geprint op: 30-12-2021 12:35:11 uur

Mr. Y.P. van Mastrigt Burgemeester

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/1678/documents/35045