01. Raadsvoorstel U&HS (Geredigeerd).pdf
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
2026
Gemeente
Woudenberg
Datum
Registratiekenmerk: Raadsvergadering Vergadering
van
: van:
Portefeuillehouder: Behandelend
ambtenaar:
Onderwerp
voorstel:
Aan
de
24-03-2026
Z.353043
Commissie
/
voorstel:
28
mei
2026
12
mei
2026
M.
Jansen-van
Harten
— (geanonimiseerd) Uitvoerings-
en
Handhavingsstrategie
2026-2029
Raad.
Voorstel
Wij
stellen
u
voor
de
uitvoering
van
vast
te
de het
Uitvoerings- en Handhavingsstrategie Woudenberg 2026-2029 omgevingsrecht met terugwerkende kracht vanaf 1 januari
stellen.
Inleiding u ligt de Uitvoeringster vaststelling. Voor
voor
2026
en
Handhavingsstrategie Woudenberg
2026-2029
(hierna:
U&HS)
De
U&HS geeft invulling aan de wettelijke plicht van de gemeente om een vastgesteld beleidsplan te hebben voor vergunningverlening, toezicht en handhaving van het omgevingsrecht. Daarnaast geeft dit beleidsstuk de visie en ambitie weer op de VTH-taken (taken in vergunningverlening, toezicht en handhaving) van de gemeente en hoe dit is vertaald naar concrete (dus meetbare) doelen, maatregelen en uitvoering. Hiermee levert deze strategie een belangrijke bijdrage aan datgene wat de gemeente Woudenberg graag wil zijn: een gemeente met een fijne, schone, duurzame en veilige leefomgeving voor haar burgers en bedrijven.
Op grond van de Omgevingswet (Ow) en af te over verantwoording leggen uitvoeringsprogramma. Daarnaast geeft voor dit jaar. Zowel het jaarverslag als raad aangeboden ter kennisname.
het de het het
Omgevingsbesluit (Ob) van de uitvoering uitvoeringsprogramma uitvoeringsprogramma
dient het college jaarlijks U&HS en het VTH2026 doelen en kaders worden separaat aan de
Beoogd resultaat Met de vaststelling van de U&HS wordt voldaan aan de wettelijke vereisten vanuit de Omgevingswet en bijbehorende AMvB’s. Tevens wordt voldaan aan de gemaakte afspraken met het Interbestuurlijk Toezicht van de Provincie Utrecht. Uiteindelijk leidt de vaststelling van de U&HS ertoe , dat bij uitvoering ervan wordt bijgedragen aan een betere leefomgeving , door risicogericht te werk te gaan en door alle instrumenten te gebruiken die ons hier wettelijke voor ter beschikking staan. Tot slot is het doel van de gemeente Woudenberg om aan te sluiten op de kwaliteitscriteria 3. 0 van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Dit is een set criteria voor VTH-taken. Kader In hoofdstuk 13 van het Omgevingsbesluit staan de eisen die worden gesteld aan de beleidscyclus bij de taken van uitvoering en handhaving: de zogenaamde procescriteria. De procescriteria zijn opgenomen in de artikelen 13. 5 tot en met 13. 11 en geven de afzonderlijke onderdelen aan van de strategische en programmatische uitvoering en handhaving die minimaal aanwezig moeten zijn. Argumenten Risicoanalyse en prioritering De beleidsmatige keuzes ten aanzien van de taken die de gemeente Woudenberg uitvoert , worden met dit beleid vastgelegd. Deze keuzes worden bepaald door een analyse van de omgeving (problemen en risico’s). In de U&HS is conform artikel 13.
5 lid 4 van het Omgevingsbesluit een risicoanalyse uitgevoerd volgens de methodiek Risico = Kans × Effect. Het effect is beoordeeld op vier thema’s die aansluiten bij de doelen van de Omgevingswet: veiligheid , leefbaarheid , duurzaamheid en gezondheid. De kans is ingeschat op basis van het naleefgedrag (ervaringscijfers). Op basis van deze risicoanalyse zijn de VTH-taken ingedeeld in prioriteitsklassen (hoog , gemiddeld en laag). Voor vergunningverlening geldt bijvoorbeeld dat bedrijfsgebouwen in gevolgklasse II/III , publiek toegankelijke gebouwen en woon-/logiesgebouwen een hoge prioriteit hebben. Agrarische bebouwing en kleine bouwwerken bij niet-woonfuncties hebben een gemiddelde prioriteit. Kleine bouwwerken bij woonfuncties en sloopwerken vallen in de categorie lage prioriteit. Voor toezicht en handhaving zijn constructieve veiligheid , brandveiligheid (en ondermijning in samenwerking met team Openbare Orde en Veiligheid) als spoedeisend aangemerkt , gevolgd door verzoeken om handhaving en overtredingen met gevaar voor de leefomgeving (hoog) , afwijkingen van vergunningen en strijdig gebruik (gemiddeld) en kleine bouwwerken zonder vergunning en geringe bestemmingsplanafwijkingen (laag). De prioritering bepaalt de diepgang waarmee taken worden uitgevoerd.
Bij vergunningverlening wordt het toetsingsniveau afgestemd op de prioriteitsklasse: van een diepgaande , integrale toets bij hoge prioriteit tot een meer algemene toets bij lage prioriteit. Bij toezicht wordt bij objecten met hoge prioriteit gecontroleerd bij de start van bouwwerkzaamheden , bij kritieke tussenfasen en bij de gereedmelding. Bij gemiddelde prioriteit wordt gecontroleerd bij start en gereedmelding , en bij lage prioriteit wordt steekproefsgewijs gecontroleerd. Door deze risicogerichte aanpak wordt de beschikbare uitvoeringscapaciteit effectief ingezet op die gebieden waar de risico’s het grootst zijn. Tegelijkertijd kan gemotiveerd worden waarom bepaalde taken minder intensief worden uitgevoerd.
2/4
Het stellen van prioriteiten betekent overigens niet dat zaken met een lagere prioriteit niet worden opgepakt: de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bepaald dat handhavingsbeleid er niet toe mag strekken dat tegen overtredingen met een lage prioriteit nimmer wordt opgetreden. Bij een verzoek om handhaving vindt altijd een individuele belangenafweging plaats. Verbeterslag en voortbouwen op de U&HS 2024 In het vorige VTH-beleid (Uitvoerings- en handhavingsstrategie 2024) hebben we aangegeven bezig te zijn aan een verbeterslag op het gebied van het uitvoeren en handhaven van het omgevingsrecht , met name in het fysieke domein. Na een inhaalslag op het gebied van toezicht en handhaving en een verbetering van interne werkprocessen van de afgelopen jaren , zowel in het zaaksysteem als in werkafspraken tussen vakafdelingen , is er een basis gelegd voor een verbeterde aanpak en strategie binnen de huidige beschikbare capaciteit. Verwerking IBT-bevindingen Bij de opstelling van de U&HS 2026-2029 is rekening gehouden met de bevindingen en aanbevelingen van het Interbestuurlijk Toezicht (IBT) van de Provincie Utrecht. Het IBT heeft bij de beoordeling van de eerdere VTH-stukken geadviseerd om een heldere prioritering , doelstelling en uitvoeringsorganisatie te beschrijven. Dit advies is verwerkt in de voorliggende strategie.
De strategie bevat een risicoanalyse en prioritering , meetbare doelstellingen , een beschrijving van de VTH-strategieën (preventie , vergunningverlening , toezicht , sanctionering en gedogen) en een beschrijving van de uitvoeringsorganisatie inclusief de samenwerkingspartners (o. a. ODU , VRU , politie). Aansluiting op de beleidscyclus De U&HS 2026-2029 sluit aan op de beleidscyclus zoals voorgeschreven in het Omgevingsbesluit: de strategie vormt het meerjarig kader , het jaarlijks uitvoeringsprogramma de concrete programmering , en het jaarverslag de verantwoording. Op deze wijze wordt de zogenaamde “Big-8”-cyclus geborgd. Kanttekeningen en risico’s Personele wijzigingen vormen altijd een uitdaging voor het uitvoeren van het vastgestelde beleid. Daarnaast zorgt de krappe arbeidsmarkt voor een tekort aan bijvoorbeeld toezichthouders. Door slimme keuzes te maken proberen we zo efficiënt mogelijk om te gaan met de beschikbare capaciteit. De strategie gaat uit van de huidige beschikbare capaciteit. Indien de beschikbare capaciteit wijzigt , kan dit gevolgen hebben voor de uitvoering van de geprioriteerde taken. In dat geval zal herprioritering plaatsvinden via het uitvoeringsprogramma , welke wijziging ook doorgevoerd wordt in de onderhavige U&HS. Voordat een dergelijke wijziging wordt doorgevoerd , wordt dit echter eerst ter besluitvorming aan de raad voorgelegd.
Zonder betrouwbare registratie is verantwoording over termijnen niet mogelijk. De verbetering van de systeemregistratie — met name het consequent verwerken van opschortingen en verlengingen — is daarmee een prioriteit voor 2026 (zie ook doel O1). Hier moet opgemerkt worden dat de juiste registratie niet altijd mogelijk is in verband met beperkingen in de software. Hiervoor zal in overleg getreden moeten worden met de softwareleverancier. Maatschappelijk draagvlak Door dit beleid vast te stellen wordt draagvlak gecreëerd onder de inwoners en wordt gezorgd voor dat de keuzes die wij maken uit te leggen zijn middels dit vastgestelde beleid.
3/4
Financiële consequenties Voor de huidige personele bezetting wordt zowel bij Handhaving als bij Toezicht gebruik gemaakt van inhuur. Hiermee is er voldoende capaciteit om de essentiële taken uit te blijven voeren in 2026. Hier is voor het lopende jaar financiële dekking voor. Voor volgend jaar moet worden onderzocht of door middel van een betere prioritering de werkdruk bij Handhaving kan worden verminderd , zodat er niet langer gebruik gemaakt hoeft te worden van een extra inhuurkracht. Ook wordt onderzocht of , in het andere geval , permanente uitbreiding van de Handhaving-capaciteit noodzakelijk is. In de Kadernota wordt voor het aankomende jaar en verder besloten in hoeverre financiële middelen vrijgemaakt moeten worden. In het kader van Toezicht zijn hier reeds financiële middelen beschikbaar voor , echter de vacature is nog niet vervuld. Aanpak/uitvoering De U&H-strategie wordt jaarlijks uitgewerkt in een VTH-uitvoeringsprogramma. Daarnaast wordt er middels een jaarverslag teruggekeken op de doelen van het voorgaande jaar en in hoeverre deze doelen bereikt zijn. Het jaarverslag 2025 en het uitvoeringsprogramma 2026 worden aan het college voorgelegd ter vaststelling. Het uitvoeringsprogramma bevat een realistische raming van de VTH-activiteiten die dat jaar zullen worden uitgevoerd en verbeterpunten waar wij ons aan gaan committeren.
Het VTH-programma is leidend voor de uitvoering van deze taken en wordt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 vastgesteld. Daarbij dient uiteraard rekening gehouden te worden met de organisatorische en financiële mogelijkheden en de bestuurlijke ambitie. Communicatie Na vaststelling wordt voldaan aan de wettelijke plicht van de gemeente om een vastgestelde U&HS te hebben voor vergunningverlening , toezicht en handhaving van de Omgevingswet. De kernboodschap is: Met dit beleidsplan over de uitvoering van vergunningverlening , toezicht en handhaving levert de gemeente Woudenberg een belangrijke bijdrage aan datgene wat de gemeente graag wil zijn en behouden: een gemeente met een fijne , schone , duurzame en veilige leefomgeving voor iedereen. Bijlage(n) D. nummer D. 314886 D. 314464 D. 314890 D. 314714
Documentnaam U&HS 2026-2029 Collegeadvies U&HS Brief beoordeling IBT 2025 Raadsbesluit U&HS
Geheimhouding Openbaar Openbaar Openbaar Openbaar
Actieve openbaarmaking Dit veld hoeft voorlopig nog niet te worden ingevuld.
Burgemeester en wethouders van Woudenberg
Z. D. M. van den Boogaard Secretaris
M. Jansen-van Harten Burgemeester
4/4