B11 - Kwantitatieve risico-analyse H2XP Woensdrecht
Tekst van het document
Adviesgroep AVIV BV Piet Heinstraat 12 7511 JE Enschede
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
Project Datum
245826 19 juni 2025
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
Project
245826
Datum
19 juni 2025
Auteur(s) Versie nr.
ing. A.M. op den Dries 1.6
Opdrachtgever
Sweco Nederland B.V. De Holle Bilt 22 3732 HM De Bilt
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
Inhoudsopgave 1 Inleiding ______________________________________________________________ 4 2 Gegevens risicoberekening ______________________________________________ 5 2.1 Beschrijving inrichting ________________________________________________ 5 2.2 Selectie van bedrijfsonderdelen ________________________________________ 6 2.3 Initiële faalfrequentie _________________________________________________ 6 2.4 Ongevalsscenario’s __________________________________________________ 7 2.5 Parameters _______________________________________________________ 10 3 Resultaat risicoberekening _____________________________________________ 11 3.1 Plaatsgebonden risico _______________________________________________ 11 3.2 Aandachtsgebieden _________________________________________________ 12 3.3 Effectafstand ______________________________________________________ 13 4 Domino effecten ______________________________________________________ 14 4.1 Invloed ondergrondse aardgasleidingen op H2-installatie ___________________ 15 4.2 Invloed H2-installatie op ondergrondse aardgasleidingen ___________________ 15 5 Conclusie ____________________________________________________________ 16 Referenties _____________________________________________________________ 17
3
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
1 Inleiding H2XP is voornemens om een waterstofproductie-installatie, met een vermogen van circa 75 MW, te realiseren in Woensdrecht. De geproduceerde waterstof wordt met een ondergrondse leiding afgevoerd. Gezien de maximale hoeveelheid waterstof die aanwezig mag zijn vraagt het bevoegd gezag in het kader van de zorgplicht, zoals voorgeschreven in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), een risicoanalyse te maken. In dit rapport wordt inzicht geboden in het hiermee gepaard gaande extern veiligheidsrisico van de activiteit. De gegevens voor de risicoberekening worden samengevat in hoofdstuk 2. Hoofdstuk 3 bevat het resultaat van de risicoberekening. In hoofdstuk 4 is een beschouwing opgenomen van mogelijke domino-effecten tussen de productie-installatie en de leidingstraat. Hoofdstuk 5 bevat de conclusie.
4
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
2 Gegevens risicoberekening 2.1
Beschrijving inrichting Het waterstof wordt geproduceerd door electrolysers. Hierin wordt demi-water gesplitst in zuurstof en waterstof met behulp van elektriciteit. De aangevraagde doorzet is circa 1350 kg/uur waterstofgas. De installatie bestaat uit een aantal componenten (tussen haakjes de positie zoals getoond in figuur 1): • Electrolyser(s) (1); • Purificator(s) (2); • Bufferopslag 30 bar (3); • Waterstofcompressors (4); • Meetstraat (5); Figuur 1 toont de situatietekening van de inrichting. Voor gedetailleerdere gegevens wordt verwezen naar de aanvraag.
1
5
3
2
4
Figuur 1.
Situatietekening waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
5
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
2.2
Selectie van bedrijfsonderdelen De risicoanalyse is uitgevoerd voor de volgende insluitsystemen: • De separator bij de electrolysers. • De leidingen tussen de electrolysers en de lage druk buffer. • De lage druk buffer (30 bar). • De leidingen tussen de lage druk buffer en het compressorsysteem. • Het compressorsysteem. • De leidingen bij de meetstraat/afvoerleiding. Het falen van de electrolysers wordt niet gemodelleerd, bij falen komt immers alleen demiwater vrij. Wel wordt de separator bij de electrolysers en het leidingwerk na de electrolysers gemodelleerd. Er wordt conservatief aangenomen dat de electrolysers waterstof blijven produceren bij het falen van de leidingen. De gemodelleerde doorzet van de waterstofinstallatie is circa 30 ton/dag, dit komt overeen met 1350 kg/uur, welke wordt afgevoerd met een afvoerleiding. Het ESD-systeem (Emergency Shut Down systeem) treedt in werking nadat een lekkage van waterstof wordt gedetecteerd door het dicht sturen van afsluiters en het uitschakelen van de electrolyseinstallatie. Dit systeem is echter niet gemodelleerd. De juiste werking van het ESD-systeem leidt tot een beperking van de uitstroomduur.
2.3
Initiële faalfrequentie Tabel 1 toont de initiële faalfrequentie voor onderdelen van de waterinstallatie zoals voorgeschreven in het rekenvoorschrift omgevingsveiligheid [1] en een memo van het RIVM voor waterstof tankstations [2]. Component Bovengrondse leidingen 75 mm ≤ nominale diameter ≤ 150 mm Drukvat
Procesvat (separators)
Compressor
Tabel 1.
Faalwijze Breuk Lekkage Instantaan Continu 10 min Continu 10 mm gat Instantaan Continu 10 min Continu 10 mm gat Breuk Lekkage
Frequentie 3.0 10-7 /jr 2.0 10-6 /jr 5.0 10-7 /jr 5.0 10-7 /jr 1.0 10-5 /jr 5.0 10-6 /jr 5.0 10-6 /jr 1.0 10-4 /jr 1.0 10-4 /jr 4.4 10-3 /jr
Initiële faalfrequentie onderdelen van de waterstofinstallatie
6
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
2.4
Ongevalsscenario’s
2.4.1
Separator bij electrolysers Achter de elektrolysers zitten in totaal 24 waterstofseparators en 24 zuurstofseparators. Elke separator bestaat uit een tank van 0.6 m3. Elke separator is deels met waterstof gevuld, maar de waterstofseparator wordt conservatief als 100% gevuld en zuurstofseparator wordt als 10% gevuld gemodelleerd. De druk van deze tanks is 0.3 bar en de temperatuur 40⁰ C. Na het instantaan falen wordt ook nalevering vanuit de elektrolyzers gemodelleerd. Hierbij wordt uitgegaan van dezelfde druk en temperatuur. De uitstroomsnelheid van dit scenario is gelijk aan het productiedebiet van 0.375 kg/s. Tabel 2 toont de frequentie en bronsterkte voor de ongevalsscenario’s. Scenario
Frequentie [/jr]
Instantaan
5.0 10-6
0.06 kg
Maximale inhoud
Instantaan nalevering
5.0 10-6
0.375 kg/s
Nalevering na instantaan falen met productiedebiet
Continu 10 min
5.0 10-6
<0.01 kg/s
Uitstroom gehele bufferopslag in 10 minuten
Continu 10 mm gat
1.0 10-4
0.003 kg/s
Uitstroom gehele bufferopslag uit 10 mm gat, duur 29 s
Tabel 2.
Toelichting
Ongevalsscenario’s per waterstofseparator
Scenario
Frequentie [/jr]
Bronsterkte
Instantaan
5.0 10-6
0.01 kg
Maximale inhoud
Instantaan nalevering
5.0 10-6
0.375 kg/s
Nalevering na instantaan falen met productiedebiet
Continu 10 min
5.0 10-6
<0.01 kg/s
Uitstroom gehele bufferopslag in 10 minuten
Continu 10 mm gat
1.0 10-4
0.003 kg/s
Uitstroom gehele bufferopslag uit 10 mm gat, duur 29 s
Tabel 3.
2.4.2
Bronsterkte
Toelichting
Ongevalsscenario’s per zuurstofseparator
Ongevalsscenario’s leidingen na electrolysers Het leidingwerk tussen de electrolysers en purification heeft een inwendige diameter van 150 mm. Voor de uitstroming wordt uitgegaan van het volledige debiet van de electrolysers bij 30 bar druk en temperatuur 15⁰ C. Dit is een conservatieve aanname aangezien de electrolysers worden stilgezet bij het falen van de leidingen. De leidingen zijn in totaal circa 60 meter lang en liggen in een leidinggoot. Tabel 3 toont de ongevalsscenario’s. Scenario Breuk Lekkage
Toelichting frequentie 3.0 10-7 (frequentie breuk per meter jaar) x 60 (meter) 2.0 10-6 (frequentie breuk per meter jaar) x 60 (meter)
7
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
Scenario
Frequentie [/jr] 1.8 10-5 1.2 10-4
Breuk Lekkage Tabel 4.
2.4.3
Bronsterkte [kg/s] 0.375 0.3
Toelichting Zie tekst, uitstroomduur 1800 s Diameter 15 mm, uitstroomduur 1800 s.
Ongevalsscenario’s leiding electrolyser en de purification
Purifiers Achter de separators zitten 5 purifiers waarvan op elk moment 4 in gebruik. Elke purifier bestaat uit een tank van 1 m3. De druk van deze buffers is 30 bar en de temperatuur 40⁰ C. Tabel 4 toont de frequentie en bronsterkte voor de ongevalsscenario’s. Scenario
Frequentie [/jr]
Instantaan
5.0 10-6
2.4 kg
Continu 10 min
5.0 10-6
0.004 kg/s
Uitstroom gehele bufferopslag in 10 minuten
Continu 10 mm gat
1.0 10-4
0.12 kg/s
Uitstroom gehele bufferopslag uit 10 mm gat, duur 19 s
Tabel 5.
2.4.4
Bronsterkte
Toelichting Maximale inhoud
Ongevalsscenario’s per purifier
Ongevalsscenario’s leidingen na purifier Het leidingwerk tussen de purifier en de lage druk buffer heeft een inwendige diameter van 150 mm. Voor de uitstroming wordt uitgegaan van het volledige debiet van de electrolysers bij 30 bar druk en temperatuur 15⁰ C. Dit is een conservatieve aanname aangezien de electrolysers worden stilgezet bij het falen van de leidingen. De leidingen zijn in totaal circa 75 meter lang en liggen in een leidinggoot. Tabel 5 toont de ongevalsscenario’s. Scenario Breuk Lekkage
Toelichting frequentie 3.0 10-7 (frequentie breuk per meter jaar) x 75 (meter) 2.0 10-6 (frequentie breuk per meter jaar) x 75 (meter)
Scenario
Frequentie [/jr] 2.3 10-5 1.5 10-4
Breuk Lekkage Tabel 6.
2.4.5
Bronsterkte [kg/s] 0.375 0.3
Toelichting Zie tekst, uitstroomduur 1800 s Diameter 15 mm, uitstroomduur 1800 s.
Ongevalsscenario’s leiding electrolyser en de purification
Lage druk Buffer De lage druk bufferopslag bestaat uit één tank van 80 m3. Deze staat buiten opgesteld en de druk van deze buffer is 30 bar en temperatuur 15⁰ C. Tabel 7 toont de frequentie en bronsterkte voor de ongevalsscenario’s.
8
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
Scenario
Frequentie [/jr]
Bronsterkte
Instantaan
5.0 10-7
204 kg
Maximale inhoud
Continu 10 min
5.0 10-7
0.34 kg/s
Uitstroom gehele bufferopslag in 10 minuten
Continu 10 mm gat
1.0 10-5
0.13 kg/s
Uitstroom gehele bufferopslag uit 10 mm gat, duur 1549 s
Tabel 7.
2.4.6
Toelichting
Ongevalsscenario’s lage druk bufferopslag
Ongevalsscenario’s leidingen na buffervat Het leidingwerk tussen de lage druk buffer en het compressorsysteem heeft een inwendige diameter van respectievelijk 80 mm en 150 mm en druk van respectievelijk 30 bar en 0.3 bar. Voor de uitstroming wordt uitgegaan van de inhoud (in kg) van het buffervat bij 30 bar druk en temperatuur 15⁰ C. De leidingen zijn in totaal circa 45 meter lang en liggen in een leidinggoot. Tabel 7 toont de ongevalsscenario’s. Scenario Breuk Lekkage
Toelichting frequentie 3.0 10-7 (frequentie breuk per meter jaar) x 45 (meter) 2.0 10-6 (frequentie breuk per meter jaar) x 45 (meter)
Scenario Breuk 30 bar Lekkage 30 bar Breuk 0.3 bar Lekkage 0.3 bar Tabel 8.
2.4.7
Frequentie [/jr] 1.4 10-5 9.0 10-5 1.4 10-5 9.0 10-5
Bronsterkte [kg/s] 3.3 0.08 0.46 0.01
Toelichting Zie tekst, uitstroomduur 62 s Diameter 8 mm, uitstroomduur 1800 s. Zie tekst, uitstroomduur 443 s Diameter 15 mm, uitstroomduur 1800 s.
Ongevalsscenario’s leidingen tussen de lage druk buffer en de compressors
Compressorsysteem Aangenomen is dat de compressoren 100% van de tijd in gebruik zullen zijn. Er komen 6 compressors, waarvan 3 met een uitlaat druk van 30 bar en 3 met een uitlaatdruk van 75 barg. Bij het falen van de compressoren is de inlaatdruk en temperatuur bepalend voor het scenario. Voor de uitstroming wordt uitgegaan van de inhoud (in kg) van het buffervat bij 30 bar druk en temperatuur 15⁰ C. Tabel 9 toont de ongevalsscenario’s. Voor de berekening van de bronsterkte is uitgegaan van de kenmerken van het leidingwerk voor de compressor en de genoemde druk. Uitlaat druk [bar]
Scenario
Frequentie [/jr]
Bronsterkte [kg/s]
30
Toelichting
Compressors breuk
1.0 10-4
0.46
Diameter 150 mm, lengte 70 m, uitstroomduur 443 s.
Compressors lekkage
4.4 10-3
0.008
Diameter 15 mm, uitstroomduur 1800 s.
9
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
Uitlaat druk [bar]
Scenario
75
Tabel 9.
2.4.8
Frequentie [/jr]
Bronsterkte [kg/s]
Toelichting
Compressors breuk
1.0 10-4
3.3
Diameter 80 mm, lengte 70 m, uitstroomduur 62 s.
Compressors lekkage
4.4 10-3
0.08
Diameter 8 mm, uitstroomduur 1800 s.
Ongevalsscenario’s per compressor
Ongevalsscenario’s leidingen naar de meetstraat Het leidingwerk tussen het compressorsysteem en de meetstraat heeft een inwendige diameter van 80 mm. Voor de uitstroming wordt uitgegaan van de inhoud van de buffer bij 75 bar druk en temperatuur 15⁰ C. De leidingen zijn in totaal circa 105 meter lang en liggen in een leidinggoot. Tabel 10 toont de ongevalsscenario’s. Scenario Breuk Lekkage
Toelichting frequentie 3.0 10-7 (frequentie breuk per meter jaar) x 105 (meter) 2.0 10-6 (frequentie breuk per meter jaar) x 105 (meter)
Scenario
Frequentie [/jr] 3.2 10-5 2.1 10-4
Breuk Lekkage Tabel 10.
2.5
Bronsterkte [kg/s] 10.5 0.22
Toelichting Zie tekst, uitstroomduur 33 s Diameter 8 mm, uitstroomduur 1607 s.
Ongevalsscenario’s leiding tussen de compressors en de meetstraat
Parameters De standaard parameters van Safeti-NL versie 9.2 zijn gebruikt voor de berekening. De gegevens voor het weerstation Woensdrecht worden gebruikt voor de kans op het voorkomen van een bepaalde weersklasse. Voor de ruwheidslengte is de standaard waarde van 0.3 m gehanteerd. In de directe omgeving van de inrichting zijn geen ontstekingsbronnen die meegenomen dienen te worden. De leidingen bevinden zich in een leidinggoot. Om die te modelleren zijn de faalkansen gebruikt van de bovengrondse leidingen, de uitstroomrichting verticaal en de uitstroomhoogte 0.01 m. Bij het falen van de seperators of purifiers zal de productie van waterstof gelijk worden stilgelegd. Conservatief is per seperator of purifier een extra scenario gedefinieerd voor het geval de waterstof productie niet wordt gestaakt.
10
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
3 Resultaat risicoberekening 3.1
Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico is de kans per jaar dat een persoon, die zich continu en onbeschermd op een bepaalde plaats in de omgeving van een inrichting bevindt, overlijdt door een ongeval met gevaarlijke stoffen. Plaatsen met een gelijk risico worden door risicocontouren op een kaart weergegeven. Het plaatsgebonden risico van 1.0 10 -6 /jr dient volgens het Bkl gehanteerd te worden als grenswaarde voor kwetsbare objecten en als richtwaarde voor beperkt kwetsbare objecten. Figuur 3 toont de plaatsgebonden risicocontouren van de waterstof-installatie. De contour voor de grenswaarde van het plaatsgebonden risico van 1.0 10 -6 /jr ligt deels buiten de activiteitsgrens. Er liggen geen (geprojecteerde) kwetsbare of zeer kwetsbare gebouwen of locaties binnen deze risicocontour. Hiermee wordt voldaan aan de grenswaarde voor het plaatsgebonden risico.
Figuur 2.
Plaatsgebonden risicocontouren 1.0 10-5 /jr 1.0 10-6 /jr 1.0 10-7 /jr 1.0 10-8 /jr
11
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
3.2
Aandachtsgebieden De onder de voormalige wetgeving gehanteerde groepsrisicografiek (fN-curve) is vervangen door aandachtsgebieden. Een aandachtsgebied is het gebied waarbinnen aanwezigen mogelijk kunnen overlijden als gevolg van een incident met gevaarlijke stoffen. Op basis van drie typen effecten die kunnen optreden bij een ongeval met gevaarlijke stoffen, worden drie verschillende aandachtgebieden bepaald: • Brandaandachtsgebied (BAG). • Explosieaandachtsgebied (EAG). • Gifwolkaandachtsgebied (GAG). De gemeente moet in het omgevingsplan binnen deze aandachtsgebieden rekening houden met het groepsrisico. Hierbij gaat het om de kans per jaar dat tien of meer personen overlijden als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen een aandachtsgebied. Figuur 3 toont de ligging van de aandachtsgebieden.
Figuur 3.
Aandachtsgebieden van de waterstofinstallatie
Fakkelbrandaandachtsgebied 10 kW/m 2 Vuurbalaandachtsgebied 35 kW/m2
12
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
3.3
Effectafstand Effectafstanden zijn berekend voor alle scenario’s. Tabel 11 toont de afstand tot 1% kans op overlijden (bij onbeschermde blootstelling) voor weersklasse D-5.0 overdag (neutraal weer met een windsnelheid van 5 m/s) en weersklasse F-1.5 ’s nachts (zeer stabiel weer met een windsnelheid van 1.5 m/s). De aanduiding in de kolommen onderdeel en scenario zijn een referentie naar de tekst in hoofdstuk 2. Onderdeel Separator
Leiding electrolysers purifier Purifier
Leiding purifier lage druk buffer Lage druk buffer
Leiding lage druk buffer compressor Compressor 0.3 bar Compressor 30 bar Leidingen meetstraat
Tabel 11.
Scenario Instantaan Continu 10 min Continu 10 mm gat Breuk Lek Instantaan Continu 10 min Continu 10 mm gat Breuk Lek Instantaan Continu 10 min Continu 10 mm gat Breuk Lek Breuk Lekkage Breuk Lekkage Breuk Lekkage
D-5.0 [m] 15 1 2 8 5 15 2 9 8 5 32 15 9 15 2 19 3 44 3 23 3
F-1.5 [m] 15 1 2 4 4 15 2 9 4 4 32 15 9 12 2 19 3 44 7 18 2
Effectafstand tot 1% kans op overlijden
13
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
4 Domino effecten Conform het rekenvoorschrift Omgevingsveiligheid dient de additionele kans van falen van installaties binnen de inrichting door invloed buiten de inrichting worden meegenomen indien deze additionele kans 10% of meer bedraagt van het catastrofaal falen (instantaan falen en 10 minuten uitstroming, zie Rekenvoorschrift Module I 3.3.2). Voorbeelden van invloed van buiten zijn een neerstortend vliegtuig en falen van een windturbine. In de omgeving van de inrichting staan geen windturbine en is geen vliegveld gelegen 1. Deze additionele kansen zijn hiermee uitgesloten. Wel liggen in de omgeving van de H2-installatie meerdere ondergrondse buisleidingen met onder andere aardgas. In deze paragraaf wordt ingegaan op zowel de invloed van buitenaf op de H2-installatie als de invloed van de H2-installatie op de ondergrondse aardgasleidingen. Figuur 5 toont de ligging van de leidingen en de H2installatie.
Figuur 4.
Ligging van de inrichting en aardgasleidingen
100% effectgebied ondergrondse buisleidingen Ondergrondse buisleidingen 1
Ten noorden van Woensdrecht ligt een vliegveld. De vliegroutes liggen niet standaard over het plangebied.
14
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
4.1
Invloed ondergrondse aardgasleidingen op H2-installatie De H2-installatie ligt binnen het 100% effectgebied van de verschillende leidingen. 100% overlijden effectgebied komt overeen met 35 kW/m2 warmtestraling. Conservatief wordt aangenomen dat langdurige blootstelling aan deze warmtestraling leidt tot falen van een insluitsysteem met waterstof. De grootste effectafstand van de H2-installatie wordt veroorzaakt door een breuk van de compressor. De afstand hiervan is maximaal 44 meter. De afstand valt grotendeels binnen de 100% letaliteit afstand van de leiding. Het aanvullend falen van de H2-installatie na het falen van de aardgasleiding lijdt niet tot een groter schadebeeld in de omgeving.
4.2
Invloed H2-installatie op ondergrondse aardgasleidingen Falen van één van de onderdelen van de H2-installatie leidt tot een fakkel of explosie, maximaal 44 meter groot (zie tabel 11). De fakkel straalt in het ergste geval horizontaal. Hiermee kan het ondergronds gelegen buisleidingen niet raken. In het geval van een explosie zal deze bovengronds leiden tot overdruk. In het geval de fakkel naar beneden is gericht zal de grond het grootste deel van de warmtestraling tegenhouden. De installaties met de grootste effectafstand zijn circa 130 meter van de meest nabijgelegen aardgasleiding af geplaatst. Falen van de ondergrondse buisleidingen door een ongeval bij de H2-installatie is daarmee niet aannemelijk.
15
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
5 Conclusie H2XP is voornemens om een waterstofproductie-installatie, met een vermogen van circa 75 MW, te realiseren bij in Woensdrecht. De geproduceerde waterstof wordt met een ondergrondse leiding afgevoerd. In dit rapport wordt inzicht geboden in het hiermee gepaard gaande extern veiligheidsrisico. De contour voor de grenswaarde van het plaatsgebonden risico van 1.0 10 -6 /jr ligt deels buiten de inrichting. Er liggen geen (geprojecteerde) kwetsbare of zeer kwetsbare gebouwen of locatie binnen deze risicocontour. Hiermee wordt voldaan aan de grenswaarde voor het plaatsgebonden risico. Binnen de aandachtsgebieden bevinden zich geen (geprojecteerde) zeer kwetsbare of kwetsbare gebouwen of locaties van derden.
16
Risicoanalyse (QRA) / Waterstofproductie-installatie H2XP Woensdrecht
Referenties 1.
RIVM
2025
Rekenvoorschrift omgevingsveiligheid Versie januari 2025
2.
RIVM
2016
Risico- en effectafstanden waterstoftankstations Memo kenmerk 20160149 VLH HAS/Sta/sij gedateerd 3 oktober 2016
3.
RIVM
2023
Bijlage 1 horend bij de brief “beoordeling matrixtabel waterstof tankstations”. Versie 30 oktober 2023
17