CConstaterende datwoensdrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-05-28 Raadsvoorstel verordening verblijfsbelasting Woensdrecht 2026

Raadsvergadering 28 mei 2025, gemeente woensdrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel verordening verblijfsbelasting Woensdrecht 20261.831 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Documentnummer: 2024.16701 Voorstel aan de Raad Onderwerp

: Verordening op de heffing en invordering van verblijfsbelasting 2026

Raadsvergadering

: 28 mei 2025

Agendapunt

Portefeuillehouder

: J.M.A. van Agtmaal

Datum

Bestuurlijk kader

: Programma Bestuurskracht

Zaaknummer : Z24.02089

: 25 maart 2025

Besluit: vast te stellen: de Verordening op de heffing en invordering van verblijfsbelasting 2026

Inleiding: Uw raad stelt jaarlijks de verordeningen vast voor de gemeentelijke heffingen in het volgende jaar. Dat gebeurt normaal gesproken aan het einde van het jaar, maar in verband met een belangrijke wijziging in de verordening is dat dit jaar voor de verblijfsbelasting (voorheen bekend als toeristenbelasting) eerder. Via dit voorstel stellen wij u voor de Verordening op de heffing en invordering van verblijfsbelasting 2026 vast te stellen. Doelstelling en effect: Om in 2026 verblijfsbelasting op te kunnen leggen, moet de verordening voor 1 januari 2026 vastgesteld zijn door uw raad. Deze verordening bevat een belangrijke wijziging omdat wij voorstellen de forfaitaire heffing af te schaffen. Door de vroegtijdige vaststelling kunnen de ondernemers hiermee rekening houden bij de voorbereiding op het jaar 2026. Argumenten, alternatieven en kanttekeningen: 1. De huidige verordening voor de toeristenbelasting is geheel herzien De huidige verordening voor de heffing en invordering van toeristenbelasting is al jaren min of meer onveranderd en met het oog op maatschappelijke ontwikkelingen kwam in 2023 de vraag op of de verordening nog steeds aansluit bij de huidige wijze van exploitatie van verblijfsaccomodaties. De forfaitaire heffing was daarbij een belangrijk aandachtspunt. Hiervan bestond namelijk het vermoeden dat bij de toepassing daarvan een scheefgroei is ontstaan.

Naar aanleiding van deze punten is de verordening geheel doorgenomen en stellen wij u via dit voorstel voor om enkele wijzigingen aan te brengen. De belangrijkste wijzigingen betreffen: a. de naam van de verordening; b. het schrappen van de forfaitaire berekeningswijze.

De wijzigingen worden hierna toegelicht. 2. Heffing van toeristenbelasting moet voldoen aan de wet en aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De wettelijke basis voor de toeristenbelasting ligt in artikel 224 van de Gemeentewet. Op grond hiervan mag de gemeente een toeristenbelasting heffen voor het houden van verblijf binnen de gemeente door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. De belasting wordt geheven van degene die gelegenheid biedt tot overnachting. Die mag de belasting doorbelasten aan de persoon die overnacht. Een belangrijk beginsel bij belastingheffing is het gelijkheidsbeginsel. Dit betekent dat gelijke gevallen op een gelijke manier worden behandeld. Voor de toeristenbelasting is iedere bezoeker van de gemeente gelijk. Alle bezoekers maken in meer of mindere mate gebruik van de algemene voorzieningen in de openbare ruimte. Voor de gemeente is het daarom een uitgangspunt dat in beginsel hetzelfde bedrag per overnachting aan belasting wordt geheven, ongeacht de wijze waarop dat gebeurt. Uit de toelichting op het schrappen van de forfaitaire berekeningswijze kunt u opmaken dat die niet meer aansluit op dit uitgangspunt. De redenen die er in het verleden waren om te kiezen voor een forfaitaire heffing zijn inmiddels achterhaald. 3.

De naam verblijfsbelasting geeft beter weer waar de belasting voor bedoeld is Tot en met 2025 werd de belasting geheven onder de naam ‘toeristenbelasting’. Die naam sluit aan op artikel 224 van de Gemeentewet, waarin is aangegeven dat de gemeente een toeristenbelasting mag heffen. De naam impliceert ook dat de belasting specifiek gericht is op toeristen die tegen betaling in de gemeente Woensdrecht overnachten. Dat is onjuist. De belasting is ook gericht op personen die om andere redenen tegen betaling in de gemeente Woensdrecht overnachten. Tijdens gesprekken met ondernemers kwam deze onduidelijkheid meermaals naar voren. Door de naam van de belasting te wijzigen in ‘verblijfsbelasting’ kan dit vrij eenvoudig worden opgelost. Die naam sluit beter aan op het doel van de belasting. De naamswijziging heeft geen consequenties en staat los van andere wijzigingen. 4. De forfaitaire berekeningsmethode voldoet niet meer De toeristenbelasting wordt geheven over het werkelijk aantal overnachtingen dat door nietingezetenen wordt doorgebracht in de gemeente Woensdrecht. Een forfait wordt in het belasting recht gebruikt wanneer in bepaalde situaties niet de werkelijke situatie, maar een veronderstelde situatie de heffingsgrondslag vormt voor belastingen. In het verleden was het voor de ondernemer niet altijd goed mogelijk om het werkelijke verblijf te registreren en te administreren.

Met name bij verblijfsobjecten (caravans, huisjes e.d.) welke gedurende langere tijd werden gestald of gebruikt en waarbij bezoekers er soms wel en dan weer niet verbleven, gaf dit problemen. Daardoor was het ook voor de gemeente niet goed mogelijk om de registratie te controleren op juistheid en volledigheid. Om daaraan tegemoet te komen, is in het verleden de forfaitaire heffing opgenomen in de verordening. Die maakte het mogelijk om in bepaalde gevallen op basis van een gemiddeld aantal overnachtingen door een gemiddeld aantal personen de verschuldigde toeristenbelasting te berekenen. Hoewel het logisch is dat deze methode niet geheel aansluit bij het werkelijk aantal overnachtingen, mag die afwijking niet te groot zijn. Uit jurisprudentie blijkt een maximaal toegestane afwijking van 25%. De forfaitaire berekeningswijze dient gebaseerd te zijn op recente informatie over het gemiddeld aantal overnachtingen en gemiddeld aantal personen. Die informatie kan alleen worden verkregen van ondernemers en/of de gasten die op of in de accommodatie verblijven. Zo’n onderzoek is erg arbeidsintensief. In 2024 hebben we een onderzoek ingesteld naar de

huidige bezettingsgraad. Gebleken is dat de bereidheid om mee te werken geen vanzelfsprekendheid is. Enkele ondernemers hebben hun medewerking toegezegd en gebleken is dat het onmogelijk is een forfait of vast recht vast te stellen dat aansluit bij de diverse exploitatievormen. De forfaitaire berekeningswijze kon toegepast worden op verschillende verblijfsmogelijkheden, zoals bedrijfsmatig geëxploiteerde woningen, particulier verhuurde woningen en kampeermiddelen op vaste standplaatsen. Het gebruik van de meeste verblijfsmogelijkheden is in de loop van de jaren aanmerkelijk veranderd. Het gebruik door andere personen dan toeristen is toegenomen en ook de duur en intensiteit van de bezetting varieert enorm. Ook dat maakt dat voor veel verblijfsmogelijkheden onderzoekuitkomsten niet meer als representatief kunnen worden beschouwd. In december 2024 is gesproken met enkele eigenaren van grote vakantieparken en campings in de gemeente en is informatie verzameld. Uit de aangeleverde informatie bleek dat de (gemiddelde) werkelijke bezetting op de vakantieparken flink uiteenloopt, waardoor het onmogelijk wordt een basis voor een forfait vast te stellen dat aansluit bij alle exploitatievormen.

De forfaitaire berekeningswijze voldoet niet meer aan de eisen van betrouwbaarheid, rechtsgelijkheid en uniformiteit en wij stellen u dan ook voor om per 2026 af te stappen van deze heffingswijze. 5. Geen verhoging van het tarief Het basistarief voor de toeristenbelasting is al sinds 2020 € 1,50 per overnachting per persoon. Dit basistarief wijzigt ook in 2026 niet. Het basisbedrag van € 1,50 per overnachting ligt in lijn met de belasting die omliggende gemeenten van gelijke omvang wordt geheven. 233 van de 342 Nederlandse gemeenten schroefden in 2025 hun toeristenbelasting op met gemiddeld 8%. Gemiddeld ligt de toeristenbelasting in Nederland daarmee op circa € 2,50 per overnachting per persoon. Woensdrecht hoort bij de 72 gemeenten die de toeristenbelasting ook in 2025 gelijk hielden. 6. Het bijhouden van een nachtregister is wettelijk verplicht Het bijhouden van een nachtregister is inmiddels een wettelijke verplichting en is tegenwoordig eenvoudiger bij te houden door digitale registratie. Voor de aangifte van de verblijfsbelasting kan het nachtregister voor de exploitant een basis vormen. Het nachtregister geeft inzicht in wie zich op het terrein (van het park) bevinden. Dit heeft meerwaarde op meerdere terreinen. De eigenaar weet zelf wie er overnachten. En in het geval van calamiteiten, weet zowel de eigenaar als de hulpdiensten wie er op het park aanwezig zijn.

Ook voor politie en justitie is het een waardevol middel in strijd tegen ondermijnende criminaliteit. Criminelen willen zich graag anoniem verplaatsen en maken daarom vaak gebruik van locaties zoals vakantieparken of kleine hotels. Een nachtregister geeft de politie een goed overzicht van de aanwezige gasten. 7. De huidige raming in de begroting kan worden aangepast Als gevolg van het laten vervallen van de forfaitaire heffing en nog slechts verblijfsbelasting te heffen per persoon per overnachting zal de werkelijke opbrengst naar verwachting hoger zijn dan momenteel is geraamd. Wij zien dat parken om diverse redenen het gehele jaar rond personen huisvesten die niet staan ingeschreven in onze gemeentelijke basisadministratie personen (GBA). Op grond van de verkregen informatie van enkele ondernemers menen wij dat dit onder meer het geval zal zijn waar sprake is van huisvesting van arbeidsmigranten en parken waar mensen een eigen tweede verblijf hebben, omdat zij daar vaak langer verblijven dan een toerist. Zie verder onder het kopje ‘Financiën’ het concrete voorstel.

8. De ondernemers Een wijziging in de heffing van de verblijfsbelasting heeft gevolgen voor de ondernemers. Niet alle ondernemers maken gebruik van het forfait. Maar de ondernemers die daarvan wel gebruikmaken dienen de gelegenheid te krijgen om zich aan te passen aan de nieuwe situatie. Daarom is het gewenst dat de ondernemers zo vroeg mogelijk worden geïnformeerd, zodat ze met de verordening rekening kunnen houden in de voorbereiding op het seizoen 2026. Het anticiperen op een mogelijke aanpassing van het tarief is ieder jaar een gegeven. Door het verdwijnen van de forfaitaire berekeningswijze kunnen extra maatregelen in de bedrijfsvoering bij de betreffende ondernemers nodig zijn. Om deze reden wordt de verordening nu aan uw raad aangeboden. Procedure/planning: De nieuwe verordening zal na uw besluit via de gebruikelijke kanalen worden gepubliceerd. Op 1 januari 2026 treedt de verordening formeel in werking. Kosten, baten en dekking: De raming voor de opbrengst van de verblijfsbelasting kan door de wijzigingen bijgesteld worden. De raming bedraagt momenteel € 641.000 en kan met € 75.000 worden verhoogd naar € 716.000. Deze wijziging wordt meegenomen in de perspectievennota. Communicatie: De nieuwe verordening zal via de gebruikelijke kanalen worden gepubliceerd.

Naast de bekendmaking op www.overheid.nl zullen de ondernemers schriftelijk worden geïnformeerd over uw besluit, zodat ze er rekening mee kunnen houden in de voorbereiding op het jaar 2026. De Belastingsamenwerking West-Brabant zal de verordening publiceren op zijn website. Ter inzage: De nieuwe verordening op de heffing en invordering van verblijfsbelasting is voor wat betreft opzet niet te vergelijken met de nu geldende Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting. Een was-wordt-tabel heeft daarom geen meerwaarde. Dit is de reden waarom beide verordeningen voor u ter inzage liggen. 1. Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2025 2. Verordening op de heffing en invordering van verblijfsbelasting 2026 Burgemeester en wethouders van Woensdrecht, De secretaris, De burgemeester, ing. P.A.C. Bogers drs. J.J.C. Adriaansen

2024.13771 2024.16702

Raadsbesluit Onderwerp

: Verordening op de heffing en invordering van verblijfsbelasting 2026

Vergadering d.d.

: 28 mei 2025

Zaaknummer

: Z24.02089

agendanummer :

De raad van de gemeente Woensdrecht, in vergadering bijeen op 28 mei 2025, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 25 maart 2025, gelet op artikel 224 van de Gemeentewet, besluit: vast te stellen de Verordening op de heffing en invordering van verblijfsbelasting 2026 (2024.16702) Aldus vastgesteld in de vergadering van 28 mei 2025: de raad voornoemd, de griffier,

de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=woensdrecht&id=b515f5b7-75c9-4467-aa73-d31d1ae1f3a1