2024-07-05 A VG - BP Bijlage 5 - Waterhuishouding
Tekst van het document
GEOHYDROLOGISCH ONDERZOEK
Rapport:
plan Noordpolder, 't Marktje Woensdrecht
Opdrachtgever:
Aannemings- en Verhuurbedrijf J. Hoondert & Zn. BV Postbus 4 4453 ZG 's-Heerenhoek
Rapportnummer:
1702268XG
Rapportdatum:
7 december 2017
Opgesteld door:
Drs. I.W. van Geloven
Adviesverantwoordelijke:
Drs. I.W. van Geloven
Versie: 1
12-12-2017
X Ondertekend door: Drs. I.W. van Geloven
Postbus 21 2800 AA Gouda - tel. 0182 – 58 55 03 - fax 0182 – 58 53 01 Postbus 2099 4460 MB Goes - tel. 0113 – 82 02 23 - fax 0113 – 82 02 24 info@wiha.nl - www.wiha.nl
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Inhoudsopgave 1 Projectbeschrijving ........................................................................................................................1 1.1 Inleiding ....................................................................................................................................1 1.2 Plangegevens ...........................................................................................................................1 1.2.1 Administratieve indeling....................................................................................................1 1.2.2 Situatie actueel / voormalig ..............................................................................................1 1.2.3 Bouwplan ..........................................................................................................................1 2 Onderzoeksprogramma .................................................................................................................3 2.1 Veldonderzoek ..........................................................................................................................3 2.1.1 Sonderingen .....................................................................................................................3 2.1.2 Dissipatietest
....................................................................................................................3 2.1.3 Boringen ...........................................................................................................................3 2.1.4 Hoogtemeting ...................................................................................................................3 2.1.5 Waterdoorlatendheidsmetingen verzadigde zone (Constant-flow-rate-methode)............3 2.2 Archief-/dossieronderzoek ........................................................................................................3 2.2.1 TNO ..................................................................................................................................3 2.2.2 Overig archiefonderzoek ..................................................................................................4 3 Bodem, water en omgeving ...........................................................................................................5 3.1 Hoogte maaiveld.......................................................................................................................5 3.2 Bodem ......................................................................................................................................6 3.2.1 Laagopbouw van de grond en de variaties daarvan op de planlocatie
............................6 3.2.2 Geologie van de planlocatie en omgeving .......................................................................6 3.3 Water ........................................................................................................................................7 3.3.1 Oppervlaktewater .............................................................................................................7 3.3.2 Grondwater .......................................................................................................................7 3.4 Waterdoorlatendheid ............................................................................................................. 10 3.4.1 Doorlatendheidsmetingen verzadigde zone .................................................................. 10 3.4.2 Boringen en sonderingen .............................................................................................. 11 3.4.3 Archiefgegevens ............................................................................................................ 11 4 Invloed nieuwbouw op de waterhuishouding .......................................................................... 12 4.1 Inleiding .................................................................................................................................
12 4.2 Uitgangspunten / benadering ................................................................................................ 12 4.2.1 Rekenmethode .............................................................................................................. 12 4.2.2 Berekeningsaannames .................................................................................................. 12 4.3 Interpretatie waterhuishouding .............................................................................................. 12 4.4 Gemodelleerde effecten ........................................................................................................ 13 4.4.1 Ophoging van het terrein ............................................................................................... 13 4.4.2 Realisatie kelders (barrièrewerking) .............................................................................. 14 4.4.3 Verplaatsen of dempen watergangen ........................................................................... 14 4.5 Samenvatting en conclusie ................................................................................................... 14
Bijlagen Bijlage 1: Resultaten grondonderzoek Bijlage 2: Resultaten laboratoriumonderzoek Bijlage 3: Monitoringsgegevens waterstanden Bijlage 4: Resultaten grondwatermodellering Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
1 Projectbeschrijving 1.1
Inleiding
Door WIHA Grondmechanica is een geohydrologisch grondonderzoek uitgevoerd voor het project “plan Noordpolder, ‘t Marktje”. Gepland is de herinrichting van het terrein voor woondoeleinden. Het onderzoek heeft tot doel inzicht te geven in de hydrologische situatie van het terrein en de invloed van het nieuwbouwplan op de grondwaterstanden en -stromen. 1.2
Plangegevens
1.2.1 Administratieve indeling De locatiekenmerken zijn samengevat in navolgende tabel. De situering van de onderzoekslocatie is globaal weergegeven in Figuur 1.1. Straat: Plaats / gemeente: Provincie / waterschap: RD-coördinaten X: Y:
‘t Marktje Woensdrecht Noord-Brabant
Woensdrecht Brabantse Delta
80,32 382,38
[km] [km]
Onderzoekslocatie
Figuur 1.1 Ligging onderzoekslocatie
1.2.2 Situatie actueel / voormalig De planlocatie is gesitueerd aan de westzijde van Woensdrecht, aan de voet van de Brabantse Wel. De locatie is momenteel grotendeels onbebouwd weiland/akkerland. Aan de westzijde van het gebied is een bedrijfsgebouw aanwezig (met toegangsweg in klinkers), daarnaast zijn er verspreid nog enkele gebouwtjes aanwezig. Een indruk van de actuele situatie is weergegeven in Figuur 1.2. 1.2.3 Bouwplan Het plan omvat de sloop van de bestaande bebouwing en de inrichting van het terrein voor woondoeleinden. Gepland zijn onder meer een 10-tal woningen met een ontsluitingsweg. Een indruk van het plan is weergegeven in Figuur 1.3. Bouwpeilen en maaiveldhoogten zijn nog niet vastgesteld.
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
1
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Figuur 1.2 Actuele situatie
Figuur 1.3 Globaal inrichtingsplan (bron: opdrachtgever)
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
2
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
2 Onderzoeksprogramma 2.1
Veldonderzoek
Het grondonderzoek is uitgevoerd door ons bureau d.d. 24 oktober 2017. De resultaten van het grondonderzoek zijn integraal weergegeven in Bijlage 1. 2.1.1 Sonderingen Voor dit project zijn door ons bureau 4 sonderingen gemaakt. Het betreft de sondeernummers: D1 t/m D4. De sonderingen zijn uitgevoerd conform NEN-EN-ISO 22476-1, met een sondeertruck met een elektrische kleefmantelconus klasse 2. In Bijlage 1 zijn de sondeergegevens in grafiekvorm weergegeven. Voor de locaties van de sondeerpunten wordt verwezen naar de situatieschets eveneens in Bijlage 1. Bij sondering D2 en D4 is met behulp van een piëzoconus naast de conusweerstand en de plaatselijke wrijving tevens de waterspanning geregistreerd. Meting van de waterspanning geeft meer inzicht in de stijghoogte(verschillen) van het grondwater, de gelaagdheid van de bodem en de aanwezigheid van waterremmende lagen. De geregistreerde waterspanning is weergegeven op de betreffende sondeergrafiek. Opgemerkt dient te worden, dat uit de geregistreerde waterspanning niet zonder meer de stijghoogte van de diverse lagen kan worden afgeleid, omdat de waterspanning wordt beïnvloed door de beweging van de sondeerconus. 2.1.2 Dissipatietest Tijdens de piëzosonderingen is op 2 niveaus een dissipatietest uitgevoerd.
Bij een dissipatietest wordt het drukken van de conus enige tijd gestopt, waarna wordt geregistreerd op welke wijze de door het wegdrukken geïnitieerde waterspanning reageert. Het waterspanningsverloop geeft een indicatie omtrent de waterdoorlatendheid in de desbetreffende laag. Indien de test wordt gecontinueerd totdat een quasistationaire waterspanning wordt bereikt kan tevens op betrouwbare wijze de stijghoogte van het grondwater van de betreffende laag worden bepaald. De resultaten van de dissipatietesten zijn toegevoegd achter de sonderingen in Bijlage 1. 2.1.3 Boringen Om inzicht te krijgen in de grondsamenstelling en de actuele grondwaterstand zijn 9 handboringen verricht. Alle boringen zijn afgewerkt tot peilbuis. De boorstaten zijn weergegeven in Bijlage 1, de situering van de boringen is weergegeven op de situatietekening. De boringen zijn van maaiveld tot de maximaal verkende diepte bemonsterd. Aan de hand van Gleykenmerken in de bodemopbouw is een inschatting gemaakt van de mogelijke fluctuaties van de grondwaterstand. 2.1.4 Hoogtemeting De hoogte van de onderzoekspunten is ingemeten met behulp van dGPS ten opzichte van NAP. Voor de hoogteligging van de verschillende meetpunten wordt verwezen naar de waterpasstaat in Bijlage 1.
2.1.5 Waterdoorlatendheidsmetingen verzadigde zone (Constant-flow-rate-methode) In alle peilbuizen is een waterdoorlatendheidsmeting uitgevoerd middels de constant-flow-ratemethode cf. ISO/FDIS 22282-2:2008(E). Bij het uitvoeren van deze meting wordt de peilbuis met een constant debiet doorgepompt totdat een constante waterstandsverlaging ontstaat in de peilbuis. Uit de verhouding tussen het pompdebiet en de waterstandsverlaging kan de doorlatendheid worden berekend van het bodemtraject waarin het filter is geplaatst. De kenmerken en resultaten van de proef zijn weergegeven in § 3.4.1. 2.2
Archief-/dossieronderzoek
2.2.1 TNO Teneinde inzicht te krijgen in de geologische bodemopbouw van de bouwplaats en omgeving zijn, beknopt, de (hydro)geologische gegevens geraadpleegd van Dinoloket (TNO). Het betreft met name de gegevens van het Landelijk model Regis II.1 uit 2008. Teneinde inzicht te krijgen in het grondwaterregime op de locatie zijn via Dinoloket van TNO langjarige grondwaterstandsgegevens opgevraagd van peilbuizen in de omgeving van de locatie. Voor de weergave van de relevante grondwaterstandsgegevens wordt verwezen naar Fout! Verwijzingsbron niet gevonden..
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
3
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
2.2.2 2.2.2.1
Overig archiefonderzoek Bodem-informatiekaarten / -bronnen
Teneinde meer inzicht te krijgen in de lokale en regionale bodemopbouw, geologie en geohydrologie zijn diverse bodem-informatiekaarten geraadpleegd. Het betreft onder meer: • Bodemkaart van Nederland 1:50.000, CGI-Alterra. • Topografische kaart van Nederland 1:25.000, Topografische dienst. • Grondwaterkaart van Nederland, TNO. • Kwelkaart van Nederland, Rijkswaterstaat. • Actueel hoogtebestand Nederland. • Wateratlas Provincie Noord – Brabant. Tevens zijn onze eigen archiefgegevens geraadpleegd. 2.2.2.2
Beleidsstukken
Onder meer de volgende beleidsstukken en plankaarten zijn geraadpleegd: • Provinciale Milieuverordening Noord-Brabant (PMV); • Keurkaart en leggerkaart waterschap Brabantse Delta • Provinciaal Milieu- en Waterplan 2016-2021, provincie Noord-Brabant.
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
4
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
3 Bodem, water en omgeving 3.1
Hoogte maaiveld
De maaiveldhoogte ter plaatse van de onderzoekspunten varieert van 1,5 m + tot 4 m + NAP. Het terrein is qua hoogte vergelijkbaar met de westelijk gelegen gebieden, maar is significant lager dan de kern van Woensdrecht, die op de Brabantse Wal is gebouwd. De hoogte van de Brabantse Wal is ter plaatse van Woensdrecht 15 tot 20 m + NAP.
Figuur 3.1 Indruk maaiveldhoogte van de planlocatie en omgeving (roder is hoger, blauwer is lager), bron:AHN
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
5
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Reltief laag deel van de planlocatie steile rand
steile rand
Figuur 3.2 Indruk maaiveldhoogte van de planlocatie en omgeving (roder is hoger, blauwer is lager), bron:AHN. Zichtbaar gemaakt zijn de relatief steile randen binnen het plangebied en het relatief lage deel van het gebied, langs de watergang
3.2
Bodem
3.2.1 Laagopbouw van de grond en de variaties daarvan op de planlocatie De lokale bodemopbouw kan, tot de maximaal verkende diepte, als volgt worden gekarakteriseerd. Diepte tot [m t.o.v. NAP]
lithologie / samenstelling
0à2
fijn zand, veen, klei
-8
zand, matig vast tot vast, matig fijn tot matig grof
-10
fijn tot zeer fijn, siltig zand
Kenmerk / bijzonderheden
3.2.2 Geologie van de planlocatie en omgeving De op basis van de geraadpleegde bronnen verwachte ondiepe geologie op de locatie is weergegeven in navolgende tabel. Hierbij dient te worden opgemerkt dat het de geologische bodemopbouw betreft die door TNO is geïnterpoleerd op basis van onderzoek in de omgeving. De werkelijke laagopbouw en -samenstelling kunnen hiervan afwijken. N.B. Het meest opvallende verschijnsel in het plangebied is de Brabantse Wal, een steilwand van circa 20 meter hoogte, die de holocene gronden in het westen scheidt van de pleistocene gronden in het oosten. De steilwand is gevormd door erosie, waarschijnlijk een combinatie van mariene erosie en fluviatiele erosie door de (voormalige) Schelde (Hobma e.a., 1993).
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
6
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Diepte tot* [m - NAP]
Formatienaam*
Kenmerk
Lithologie**
25***
Peize / Waalre
fluviatiele zanden en kleien uit het VroegPleistoceen, gevormd door de vroegere rivier de Eridanos (from. van Peize, in het noorden van het land) en de oervorm van de Rijn (form. van Waalre, in het zuiden van het land). Omdat deze lagen vertand voorkomen -met name in het midden van het land- wordt geen nader onderscheid gemaakt
Peize: fluviatiel en deltaïsch wit of grijs grof zand en grind, met dunne leem- en kleilagen Waalre: zanden (bij vroegere stroomruggen), uiterst grof tot matig fijn en kleien (bij vroegere komgronden of meren). Plaatselijk komen veenlaagjes voor.
35
Maassluis
ondiep-mariene zanden en kleien uit het Vroeg-Pleistoceen
kalk-/schelphoudend zand
60
Oosterhout
mariene formatie uit het Plioceen
afwisseling van (middel)grof zand en kleilagen
*
Bron: Landelijk DGM model V1.3 - 2009, TNO, de werkelijke diepte en formatienaam kan afwijken (met name nabij geologische breukzones) ** Beschreven is de dominante lithologie. Ondergeschikte en sporadisch voorkomende lithologie zijn niet beschreven. *** Oostelijk wordt de laag afgedekt door de formatie van Boxtel (Brabantse Wal) en westelijk door Holocene afzettingen (poldergebieden)
3.3
Water
3.3.1 Oppervlaktewater De ligt in het werkgebied van waterschap Brabantse Delta. De planlocatie grenst aan de oostzijde aan een A-watergang (zie Figuur 3.3). Het waterpeil in de A-watergang is tijdens het grondonderzoek ingemeten op 0,51 à 0,57 m + NAP. Het waterpeil in de oostelijk gelegen B-watergangen op 0,56 à 0,58 en lokaal op 1,08 m + NAP. De bodembreedte van de A-watergang bedraagt volgens de leggerkaart circa 0,75 m en de bodemhoogte 0,7 à 0,0 m + NAP. Het waterpeil in de A-watergang langs het Marktje (zuidwestelijk van de locatie) is tijdens het onderzoek ingemeten op 0,95 m + NAP. 3.3.2 3.3.2.1
Grondwater Grondwaterstroming
De globale horizontale stroming van het 1e watervoerende pakket is, volgens de grondwaterkaart van Nederland en grondwatertools.nl (interpolatie gebaseerd op TNO-grondwatergegevens), globaal westzuidwestelijk gericht.
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
7
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Figuur 3.3 Uitsnede leggerkaart met in blauw de A-watergangen en in roze de B-watergangen
Figuur 3.4 Isohypsen 1e WVP geïnterpoleerd door Grondwatertools.nl (verhang oost west) rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
8
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Figuur 3.5 Interpolatie gemeten freatische grondwaterstanden d.d. 2 november 2017 [m tov NAP] (verhang noord zuid) 3.3.2.2
Grondwaterstand en -fluctuaties
De tijdens het onderzoek geregistreerde grondwaterniveaus zijn weergegeven in navolgende tabel.
[relatief]
Waterspiegel1) [m - mv]
1
freatisch
2-11-2017
na plaatsen peilbuis
0,82
1,95
2
freatisch
2-11-2017
na plaatsen peilbuis
0,49
1,56
3
freatisch
2-11-2017
na plaatsen peilbuis
1,31
1,62
4
freatisch
2-11-2017
na plaatsen peilbuis
2,58
1,52
5
freatisch
2-11-2017
na plaatsen peilbuis
1,94
1,44
6
freatisch
2-11-2017
na plaatsen peilbuis
0,93
1,60
7
freatisch
2-11-2017
na plaatsen peilbuis
0,96
1,32
8
freatisch
2-11-2017
na plaatsen peilbuis
1,04
0,94
9
freatisch
2-11-2017
na plaatsen peilbuis
0,41
1,46
Meetpunt Meetdiepte [nr.]
1)
Meetmoment [datum]
[m tov NAP]
Gemeten waterstanden zijn momentopnamen en dienen met de nodige voorzichtigheid te worden gehanteerd, omdat: o waterniveaus gemeten direct na plaatsing van een sondering, boring of peilbuis, significant kunnen afwijken van de heersende grondwaterstand of stijghoogte. Het kan namelijk enige tijd duren voordat een representatieve waterspiegel is ingesteld (enkele seconden in grof zand tot soms enkele uren in slecht doorlatende klei).
N.B. op basis van de waterspanningslijn in sondering 4 lijkt er rond 5 m – NAP sprake te zijn van een sprong in stijghoogte. Dieper dan 5 m – NAP lijkt de stijghoogte circa 0,5 m dieper dan daarboven. Een interpolatie van voornoemde grondwaterstanden is weergegeven in Figuur 3.5. Onder invloed van seizoensafhankelijke factoren zal de grondwaterstand in de loop van de tijd fluctueren. In de langdurig gemonitoorde peilbuizen uit het Regionaal Geohydrologisch Informatiesysteem van TNO zijn in de omgeving van de onderzoekslocatie fluctuaties in het grondwater van circa 0,5 m geregistreerd (zowel op de Brabantse Wal, als in de lage gebieden). De hoogste grondwaterstanden treden hierbij doorgaans op in januari - februari, de laagste in augustus september (zie ook Figuur 3.6). rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
9
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Grondwaterstandskarakteristieken per maand Tov langsjarig gemiddelde sep okt nov dec jan frb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec jan frb mrt apr 50
Maandkarakteristieken Peilbuis: B49G0064
40
maximum 3-na grootste
Niveau tov langjarig gemiddelde [cm]
30
95% percentiel gemiddelde
20
mediaan getrimd gem 10%
10
modus 0
5% percentiel 3-na kleinste
-10
Minimum GHG
-20
Langjarig gemiddelde -30
GLG
-40 -50 -60
Figuur 3.6 Indicatie jaarlijkse grondwaterstandsfluctuatie in een peilbuis in de omgeving van de onderzoekslocatie
Op basis van het totaal aan voorhanden zijnde gegevens geldt momenteel de volgende optimale schatting van het grondwaterregime in het centrum van de planlocatie: • Gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG): 1,8 m + NAP • Gemiddelde grondwaterstand (GMG): 1,5 m + NAP • Gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG): 1,2 m + NAP Opmerking • Deze schatting dient mogelijk te worden bijgesteld bij beschikbaar komen van meer grondwatergegevens. Het niveauverschil tussen GHG en GLG zal echter vrijwel zeker 0,5 à 0,6 m zijn. • Door het verhang over het terrein zullen de grondwaterstand aan de noordzijde van de locatie naar verwachting 0,4 à 0,5 m hoger zijn, aan de zuidzijde tot 0,4 à 0,5 m lager. 3.3.2.3
Grondwateronttrekkingen
In de omgeving bevinden zich enkele geregistreerde grondwateronttrekkingen plaats, met een beperkte omvangen. Verder vinden er geen geregistreerde grootschalige grondwateronttrekkingen plaats in de directe omgeving. 3.4
Waterdoorlatendheid
3.4.1 Doorlatendheidsmetingen verzadigde zone Uit de meetresultaten van de doorlatendheidsmetingen in de verzadigde zone is de waterdoorlatendheid bepaald met de vergelijkingen uit de Europese norm ISO/FDIS 22282-2:2008(E) § 6.2.2. De resultaten van de in duplo uitgevoerde metingen zijn weergegeven in de navolgende tabel, evenals de gemiddelde waarde.
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
10
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Peilbuis / proef B1 B1 B2 B2 B3 B3 B4 B4 B5 B5 B6 B6 B7 B7 B8 B9 B9
Grondwaterstand [m - mv] 0,45 0,45 0,50 0,50 1,32 1,32 2,63 2,63 1,25 1,25 0,85 0,85 0,78 0,78 0,95 0,45 0,45
Debiet [l/min] 0,9 1,2 0,8 1,4 1,4 1,6 1,3 1,6 1,2 1,7 1,0 1,5 1,4 1,6 0,1 1,4 1,5
Verlaging [cm] 82,0 100,0 9,0 19,0 79,0 86,0 29,0 31,0 36,0 48,0 18,0 24,0 26,0 33,0 235,0 23,0 27,0
Meettraject [m - mv] 3-4 3-4 4-5 4-5 3-4 3-4 4-5 4-5 4-5 4-5 2,5 - 3 2,5 - 3 2,5 - 3,5 2,5 - 3,5 2,5 - 3,5 3-4 3-4
Kh-waarde [m/dag] 0,92 1,03 7,38 6,43 1,52 1,62 3,84 4,35 2,87 3,15 8,18 9,10 4,53 4,29 0,02 5,46 4,98
Kh-waarde [m/dag] 1,0 6,9 1,6 4,1 3,0 8,6 4,4 0,02 5,2
3.4.2 Boringen en sonderingen Volgens de sondeergrafieken en waterspanningslijnen is: • Tot 0 à 2 m + NAP sprake van een slecht doorlatende toplaag van klei/veen • Tot 4 m – NAP sprake van goed doorlatend zand • Tot 9 m – NAP sprake van matig goed doorlatend zand • Tot circa 16 m – NAP sprake van relatief slecht doorlatend zand, siltig zand • Vanaf circa 16 m – NAP weer sprake is van beter doorlatend schoon zand. 3.4.3 Archiefgegevens Op basis van de gegevens van het Regionaal Geohydrologisch Informatie Systeem van Nederland is de doorlatendheid van de verschillende bodemlagen ingeschat. De waarden zijn weergegeven in navolgende tabel. Diepte tot [m + NAP] 2 -22 -33
Hydrogeologie Boxtel Z3 en Z4 Peize-Waalre Maassluis
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
kh [m/dag] Ca. 5 10 à 15 10 à 15
kv [m/dag] -
11
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
4 Invloed nieuwbouw op de waterhuishouding 4.1
Inleiding
De herontwikkeling en eventuele ophoging van het terrein zal invloed hebben op de waterhuishouding van de locatie. Navolgend is een analyse gemaakt van de actuele waterhuishouding en de invloed van de nieuwbouw hierop. 4.2
Uitgangspunten / benadering
4.2.1 Rekenmethode Op basis van het uitgevoerd onderzoek wordt verwacht dat de grondwaterstand en -stroming op de planlocatie voornamelijk wordt beïnvloed door: • De nabijheid van de Brabantse Wal • De niveauverschillen in het terrein • De aanwezigheid van oppervlaktewater. Getracht is om middels een grondwatermodellering de gemeten grondwaterstanden (zie § 3.3.2) zo goed mogelijk te benaderen, om zo vast te stellen welke aspecten de waterhuishouding op de locatie bepalen. De berekening van de waterkwantiteit van de locatie is uitgevoerd met de grondwatermodelleersoftware Modflow (USGS, 2005). Modflow is een drie-dimensionaal eindige differentie grondwaterstromings- en transportmodel. Het model is opgezet volgens het superpositie beginsel. 4.2.2 Berekeningsaannames De bodemopbouw is geschematiseerd in een aantal bodemlagen. De opbouw en de doorlatendheid van de diverse bodemlagen is afgeleid van het uitgevoerde onderzoek. De kenmerken van de onderscheidde lagen zijn weergegeven in navolgende tabel. De lagen dieper dan 35 m - NAP (formatie van Oosterhout) worden voor het model beschouwd als geohydrologische basis. Diepte [m tov NAP]
Formatie [hydrogeologische eenheid]
Samenstelling
kh gemiddeld [m/dag]
kv gemiddeld [m/dag]
tot tot tot tot
Boxtel Peize Waalre Peize Waalre Peize Waalre / Maassluis
Zand/klei Goed doorlatend zand matig fijn siltig zand Zand
1 5 2 20
0,2 2 0,2 10
+ 2 - 4 - 16 - 35
• •
Het maaiveldniveau is geïmporteerd vanuit AHN (gefilterde puntenwolk 0,5 m, AHN2). De initiële grondwaterstand is afgeleid van de gegevens van TNO-peilbuizen (zie Bijlage 3. Er wordt van uitgegaan dat de gemiddeld hoogte grondwaterstand (GMG) maatgevend is. Deze varieert van circa 18 m + NAP op de Brabantse Wal tot 0 à 1 m + NAP ten westen van de locatie. De waarden zijn geïnterpoleerd middels kriging De geïnterpoleerde waarden zijn ingevoerd in het model. • De watergangen zijn in het model verdisconteerd als watervoerend element met een waterpeil van 0,58 m + NAP nabij de planlocatie, 0,3 à 0,4 m + NAP ten zuiden van de planlocatie en 0,8 à 0,9 m + NAP ten westen en noorden van de planlocatie. Deze waarden zijn gebaseerd op de metingen door ons bureau. De bodemdiepte is aangehouden op circa 0,5 m en de slibdikte op circa 0,1, met een k-waarde van circa 0,1 m/dag. • Neerslag en evapotranspiratie zijn in het model verdisconteerd, uitgaande van een neerslagoverschot van circa 50 mm/maand onder GMG-condities, waarbij evapotranspitratie slechts kan optreden tot een diepte van 1,5 m - mv. De resulterende uitgangssituatie is weergegeven in Bijlage 4; Figuur 4.1. 4.3
Interpretatie waterhuishouding
De modelresultaten voor de bepaling van de uitgangssituatie is weergegeven in Bijlage 4; Figuur 4.1. De uitgangssituatie komt vrij goed overeen met de door ons bureau gemeten waterstanden d.d. 2 november 2017, zodat wordt gesteld dat de uitgangssituatie de werkelijkheid goed representeert. Uit de figuur en modellering komt naar voren dat: • De aanwezige watergang langs de oostrand van het plangebied (incl. het deel ten noorden en zuiden) allesbepalend is voor de grondwaterstand in het plangebied. Deze watergang werkt als een drain voor het grondwater dat boven- en ondergronds afstroomt van de Brabantse Wal.
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
12
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
• •
Zonder voornoemde watergang (en de overige watergangen in de omgeving) de stijghoogte op de locatie en in de omgeving tot mogelijk enkele meters zou kunnen stijgen (zie ook § 4.4). Onder invloed van het slotenpatroon, de globaal westelijk georiënteerde grondwaterstroming, lokaal een zuidelijke oriëntatie krijgt.
4.4
Gemodelleerde effecten
Teneinde meer inzicht te krijgen in de geohydrologische gevolgen van de herinrichting van het plangebied zijn diverse effecten gemodelleerd. De effecten zijn navolgend beschreven. 4.4.1 4.4.1.1
Ophoging van het terrein Ontwateringsdiepte
Het bepalen van de gewenste (minimale) ontwateringsdiepte voor de diverse infrastructuren van een woonwijk is belangrijk om deze infrastructuren te kunnen aanbrengen en onderhouden. De ontwateringsdiepte is nodig om vervolgens de minimum drooglegging te kunnen bepalen. Niet alle infrastructuren hebben dezelfde minimale ontwateringsdiepte. De oorzaak hiervan is de eisen gesteld voor elke type infrastructuur in relatie tot de aanwezigheid van grondwater dat anders is. Er zijn drie categorieën van infrastructuur onderscheiden: kruipruimte van woningen, nutsvoorzieningen, en wegen en groen infrastructuur.
De in navolgende tabel gepresenteerde ontwateringsdiepten hebben betrekking op gebieden met een relatief hoge grondwaterstand. Eisen ontwateringsdiepte [m - mv] Bestemming Bouwfase
Woonfase
Kruipruimte Zonder kruipruimte Huisaansluiting DWA / HWA Kabels Stadverwarming Hoofdwegen Secondaire wegen Bouwterrein Groen / parken Sportvelden
0,70 (met peil = 0,15 m + mv) 0,30 (met peil = 0,15 m + mv) n.v.t. 0,60 - 1,00 n.v.t. 1,00 0,70 n.v.t. 0,50 0,65
0,70 (met peil = 0,15 m + mv) 0,70 (met peil = 0,15 m + mv) n.v.t. 0,60 - 1,00 1,00 1,00 0,70 0,70 n.v.t. n.v.t.
Uitgaande van een GHG van 1,5 m + NAP tot 1,9 m + NAP in het noorden en 1,1 m + NAP in het zuiden, een ontwateringsdiepte van 0,7 m, dient het terrein bij voorkeur te worden afgewerkt op een niveau van minimaal 1,8 m + NAP in het zuiden en 2,6 m + NAP in het noorden. Uitgaande van de huidige maaiveldhoogtes zou met name het gebiedsdeel langs de watergang niet voldoen aan de ontwateringseis. 4.4.1.2
Beschouwing effect ophoging
Ophoging van het terrein kan invloed hebben op de grondwaterstanden en -stroming binnen het plangebied. De effecten hiervan zijn gemodelleerd in het basismodel, door het maaiveld binnen het plangebied op te hogen tot een uniforme hoogte van 3,4 m + NAP. Het effect op de waterhuishouding is hiermee met name dat neerslag er langer over doet om het grondwater te bereiken en dat evapotranspiratie vanuit het grondwater relatief geringer wordt (omdat de grondwaterstand verder onder het maaiveld komt). De resultaten van de modellering zijn weergegeven in Bijlage 4; Figuur 4.2. Zichtbaar is dat door de ophoging de grondwaterstand naar verwachting 0 tot circa 6 cm zal stijg op de locatie. De invloed van de ophoging zal effect hebben tot naar verwachting circa 100 m buiten het plangebied. Deze verhoging van 0 à 6 cm kan als beperkt worden aangemerkt. rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
13
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
4.4.2 4.4.2.1
Realisatie kelders (barrièrewerking) Beschrijving effect
Mogelijk worden in het plan woningen met kelder. De realisatie van kelders heeft invloed op de grondwaterstroming. De effecten hiervan zijn gemodelleerd in het basismodel, door de kelders in te voeren als ondoorlatend object in de bovenlaag. De afmetingen van de kelders en de positie zijn overgenomen van de verstrekte tekeningen. Het effect op de waterhuishouding is hiermee grondwater om de kelders heen moet stromen en daardoor in meer of mindere mate wordt opgestuwd. Achter de kelder wordt de grondwaterstand bijgevolg iets verlaagd. 4.4.2.2
Beschouwing modelresultaat effect aanbrengen kelders
De resultaten van de modellering zijn weergegeven in Bijlage 4; Figuur 4.3. Zichtbaar is dat door de aanleg van kelders de grondwaterstand lokaal tot circa 20 cm kan stijgen en benedenstrooms tot 2 à 3 cm kan dalen. De invloed van de aanleg van de kelders is zeer lokaal en strekt zich niet uit buiten het plangebied. 4.4.3 4.4.3.1
Verplaatsen of dempen watergangen Beschrijving effect
In het kader van de terreininrichting is het mogelijk wenselijk de aanwezige watergang te verplaatsen of aan te passen. Dit heeft invloed op de grondwaterstroming. De effecten hiervan zijn gemodelleerd in het basismodel, door de aanwezige watergang langs het plangebied te verplaatsen (lokaal circa 30 m naar het westen) en volledig te dempen. 4.4.3.2
Beschouwing modelresultaat effect aanbrengen kelders
De resultaten van de modellering zijn weergegeven in Bijlage 4;Figuur 4.4 en Figuur 4.5. Zichtbaar is dat: • door lokale verplaatsing van de watergang, 30 m naar het westen, zal de grondwaterstand op de planlocatie naar verwachting 5 tot 25 cm dalen. Dit effect reikt tot voorbij het Marktje. De effecten ten oosten van de oosten van de watergang zijn relatief klein (slechts enkele centimeters stijghoogteverschil). • Door volledige demping van de watergang (en significant verhoging van het maaiveld aldaar) kan de grondwaterstand op de planlocatie tot circa 60 cm stijgen en in de omgeving tot 7 m stijgen. Het effect zou merkbaar zijn tot circa 1 km vanaf de watergang. 4.5
Samenvatting en conclusie
Realisatie van het plan zal in meer of mindere mate effect hebben op de waterhuishouding van het plangebied en de omgeving. Op basis van grondwatermodelberekeningen wordt verwacht dat: • Ophoging van het terrein een geringe verhoging van de grondwaterstand zal veroorzaken, maar wel over een substantieel gebied. Het betreft een verhoging van 0 à 6 cm op de locatie en circa 100 m rond de planlocatie. • Realiseren van kelder in het plangebied een significante verhoging van de grondwaterstand kan veroorzaken, echter zeer lokaal. Het betreft een verhoging van 0 tot 25 cm in de directe omgeving van de kelders. Deze effecten strekken zich naar verwachting niet of nauwelijks uit buiten de grenzen van het plangebied. • Lokaal verplaatsen van de langs het gebied aanwezige watergang naar het westen naar verwachting een grondwaterstandsdaling tot gevolg heeft van 5 tot 25 cm dalen. Dit effect reikt tot voorbij het Marktje. De effecten ten oosten van de oosten van de watergang zijn relatief klein (slechts enkele centimeters stijghoogteverschil). • Volledige demping van de watergang, de grondwaterstand op de planlocatie zal doen stijgen met circa 60 cm en in de omgeving tot mogelijk 7 m. Het effect zou merkbaar zijn tot circa 1 km vanaf de watergang. • Zonder ingrepen aan de watergang is de invloed van het plan op de waterhuishouding naar verwachting dus beperkt.
Dit omdat de aanwezige watergang langs de oostrand van het plangebied (incl. het deel ten noorden en zuiden) vrijwel allesbepalend is voor de grondwaterstand in het plangebied. Substantiële ingrepen aan deze watergang dienen derhalve te worden voorkomen of met de grootste voorzichtigheid te worden benaderd.
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
14
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Bijlage 1 : Resultaten grondonderzoek
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
Wrijvingsgetal (%) 8
10
12
14
16
18
20
22
24
26
28
5
4
2
1 0
4
1.7
3
1.6
2
2.1
1
2.8
0
1.1
-1
0.9
-2
1.9
-3
3.2
-4
31.27
4.1
30.42 30.04
-5
Diepte in meters t.o.v. NAP
3
Afwijking t.o.v. de vertikaal om graden
Conusweerstand (MPa) 2 4 6 5 0
30.86
5.2
31.34
-6
30.04
6.7
30.04
-7
8.2 30.12
-8
30.63
-9
30.07
-10
9.6
10.7
11.6
-11
30.22
-12 30.17
-13
30.47
-14
32.21
-15
30.86
12.9
14.3
15.5
16.3
17.6
33.31
-16 -17 -18 -100
-19
0 0.05 0.10 0.15 Plaatselijke wrijving (MPa)
0
100
200
300
400
500
600
700
800
waterspanning u2 (KPa) 0.20 0.25
X Coordinaat
't Marktje
Y- Coordinaat Sondering volgens NEN-EN-ISO 22476-1 Klasse 2
Postbus 21 2800 AA Gouda tel. 0182 - 58 55 23 Postbus 2099 4460 MB Goes tel. 0113 - 82 02 23 info@wiha.nl - www.wiha.nl
Project nr. : 1702268 Sondeer nr. : 2
Datum
:
5-9-2017
Conusnr. :
060044
MV. is 3.94 m tov NAP
TIJD (sec) 135
1
1
2
10
10
3 10
4
5
10
10
130 125 120 115 110
WATERSPANNING (KPa)
105 100 95 90 85 Projectnummer : 1702268
Datum
Sondering
Conustype : SUBP-10
:2
: 5-9-2017
Dissipatieproef : 2 Diepte
: 14.99
't Marktje
TIJD (sec)
1
1
2
10
10
175 170 165 160 155 150
WATERSPANNING (KPa)
145 140 135 130 125 Projectnummer : 1702268
Datum
Sondering
conustype : SUBP-10
:2
: 5-9-2017
Dissipatieproef : 3 Diepte
: 20.02
't Marktje
3 10
4 10
5 10
Conusweerstand (MPa) 2 4 6 5 0
Wrijvingsgetal (%) 8
10
12
14
16
18
20
22
24
26
28
5
4
3
2
1 0
4 3 13.05
0.7
2 0.8
1 1.1
1.3
-1 1.6
-2 1.8
-3 1.8
-4 2.1
-5
Diepte in meters t.o.v. NAP
2.2
-6 2.4
-7 2.6
-8 2.6
-9 2.9
-10 2.9
-11 3.1
-12 3.3
-13 3.4
-14 3.7
-15
30.09 3.7
-16
30.19 30.11
-17 30.27
-18 -19
0 0.05 0.10 0.15 0.20 0.25 Plaatselijke wrijving (MPa)
X Coordinaat
't Marktje
Y- Coordinaat Sondering volgens NEN-EN-ISO 22476-1 Klasse 2
Postbus 21 2800 AA Gouda tel. 0182 - 58 55 23 Postbus 2099 4460 MB Goes tel. 0113 - 82 02 23 info@wiha.nl - www.wiha.nl
Project nr. : 1702268 Sondeer nr. : 3
Datum
:
Conusnr. :
4-10-2017 001276
MV. is 2.27 m tov NAP
Afwijking t.o.v. de vertikaal om graden
0
Conusweerstand (MPa) 2 4 6 -19 0
Wrijvingsgetal (%) 8
10
12
14
16
18
20
22
24
26
28
5
4
3
2
1 04.6
-20
4.9
-21 -22 -23
Afwijking t.o.v. de vertikaal om graden
-24 -25 -26 -27 -28
Diepte in meters t.o.v. NAP
-29 -30 -31 -32 -33 -34 -35 -36 -37 -38 -39 -40 -41 -42 -43
0 0.05 0.10 0.15 0.20 0.25 Plaatselijke wrijving (MPa)
X Coordinaat
't Marktje
Y- Coordinaat Sondering volgens NEN-EN-ISO 22476-1 Klasse 2
Postbus 21 2800 AA Gouda tel. 0182 - 58 55 23 Postbus 2099 4460 MB Goes tel. 0113 - 82 02 23 info@wiha.nl - www.wiha.nl
Project nr. : 1702268 Sondeer nr. : 3
Datum
:
Conusnr. :
4-10-2017 001276
MV. is 2.27 m tov NAP
Conusweerstand (MPa) 2 4 6 5 0
Wrijvingsgetal (%) 8
10
12
14
16
18
20
22
24
26
28
5
4
3
2
1 0
4 3 2 18.00
1.0
1 1.2
0
1.8
-1 2.4
-2 3.3
-3 4.1
-4
Afwijking t.o.v. de vertikaal om graden
9.04
4.9
-5
Diepte in meters t.o.v. NAP
5.7
-6 6.3
-7 7.0
-8 8.0
-9 8.7
-10 9.6
-11 10.7
-12 11.4 1122.72
-13
12.4
-14
30.30 30.24
-15
13.3 1164.34
30.44 14.1
-16
30.40 30.08
-17 -18 -100
-19
0 0.05 0.10 0.15 Plaatselijke wrijving (MPa)
0
100
200
300
400
500
600
700
800
waterspanning u2 (KPa) 0.20 0.25
X Coordinaat
't Marktje
Y- Coordinaat Sondering volgens NEN-EN-ISO 22476-1 Klasse 2
Postbus 21 2800 AA Gouda tel. 0182 - 58 55 23 Postbus 2099 4460 MB Goes tel. 0113 - 82 02 23 info@wiha.nl - www.wiha.nl
Project nr. : 1702268 Sondeer nr. : 4
Datum
:
Conusnr. :
4-10-2017 001478
MV. is 1.54 m tov NAP
Conusweerstand (MPa) 2 4 6 -19 0
Wrijvingsgetal (%) 8
10
12
14
16
18
20
22
24
26
28
5
4
3
2
1 015.5
-20
16.1
-21
16.5
-22
16.9 30.02
-23
Afwijking t.o.v. de vertikaal om graden
-24 -25 -26 -27 -28
Diepte in meters t.o.v. NAP
-29 -30 -31 -32 -33 -34 -35 -36 -37 -38 -39 -40 -41 -42 -100
-43
0 0.05 0.10 0.15 Plaatselijke wrijving (MPa)
0
100
200
300
400
500
600
700
800
waterspanning u2 (KPa) 0.20 0.25
X Coordinaat
't Marktje
Y- Coordinaat Sondering volgens NEN-EN-ISO 22476-1 Klasse 2
Postbus 21 2800 AA Gouda tel. 0182 - 58 55 23 Postbus 2099 4460 MB Goes tel. 0113 - 82 02 23 info@wiha.nl - www.wiha.nl
Project nr. : 1702268 Sondeer nr. : 4
Datum
:
Conusnr. :
4-10-2017 001478
MV. is 1.54 m tov NAP
TIJD (sec) 50
1
1
2
10
10
3 10
4
5
10
10
45 40 35 30 25
WATERSPANNING (KPa)
20 15 10 5 0 Projectnummer : 1702268
Datum
Sondering
Conustype : SUBP-15
:4
: 4-10-2017
Dissipatieproef : 1 Diepte
: 0.86
't Marktje
TIJD (sec)
1
1
2
10
10
115 110 105 100 95 90
WATERSPANNING (KPa)
85 80 75 70 65 Projectnummer : 1702268
Datum
Sondering
conustype : SUBP-15
:4
: 4-10-2017
Dissipatieproef : 2 Diepte
: 1.39
't Marktje
3 10
4 10
5 10
TIJD (sec) 55
1
1
2
10
10
3 10
4
5
10
10
50 45 40 35 30
WATERSPANNING (KPa)
25 20 15 10 5 Projectnummer : 1702268
Datum
Sondering
Conustype : SUBP-15
:4
: 4-10-2017
Dissipatieproef : 3 Diepte
: 1.98
't Marktje
TIJD (sec)
1
1
2
10
10
130 125 120 115 110 105
WATERSPANNING (KPa)
100 95 90 85 80 Projectnummer : 1702268
Datum
Sondering
conustype : SUBP-15
:4
: 4-10-2017
Dissipatieproef : 4 Diepte
: 10.44
't Marktje
3 10
4 10
5 10
Woensdrecht 't Marktje
B1 Datum Opmerking GWS in cm-mv
: 24-10-2017 : : 110
Maaiveldhoogte in m t.o.v. NAP : 2,77 t.o.v. NAP
t.o.v. mv 0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwartbruin
250 200 110
150
1
140 150
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, bruingrijs Veen, mineraalarm, zwart
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, geelgrijs
50 0 -50 -100
400
B2 : 24-10-2017 : : 70
Datum Opmerking GWS in cm-mv
Maaiveldhoogte in m t.o.v. NAP : 2,05 t.o.v. NAP
t.o.v. mv
0
200
Zand, matig fijn, zwak siltig, sterk humeus, zwartbruin
150 100
1
100 120
2 50 0 -50 -100 -150
160
3 4
Klei, zwak siltig, matig humeus, bruingrijs Veen, mineraalarm, bruin
260 300
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, bruin Zand, matig fijn, zwak siltig, bruingeel
350 370
Klei, sterk zandig, grijs Zand, matig fijn, zwak siltig, grijs
-200 -250 500
Projectnummer 1702268
Klei, zwak siltig, sterk roesthoudend, bruingeel
Woensdrecht 't Marktje
B3 Datum Opmerking GWS in cm-mv
: 24-10-2017 : : 150
Maaiveldhoogte in m t.o.v. NAP : 2,93 t.o.v. NAP
t.o.v. mv 0
Zand, matig fijn, matig siltig, sterk humeus, donkerbruin 250 200
100
150
150
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, licht beigebruin Zand, matig fijn, matig siltig, licht beigegeel 100 50 0 -50 400
-100
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak roesthoudend, licht oranjegeel -150 500
-200
B4 Datum Opmerking GWS in cm-mv 400
0
: 24-10-2017 : : 240
Maaiveldhoogte Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sterk baksteenhoudend, sporen puin, matig steenhoudend, donker bruingrijs 1 in m t.o.v. NAP : 4,1 50
t.o.v.350 NAP
2
t.o.v. mv
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen baksteen, licht bruingrijs
100
300 250
Zand, zeer fijn, matig siltig, licht geelgrijs 3 200
200 150
4
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtgeel 250
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak roesthoudend, lichtgeel
5
100 50
6
0 -50
7 500
Projectnummer 1702268
Woensdrecht 't Marktje
B5 Datum Opmerking GWS in cm-mv
: 24-10-2017 : : 190
Maaiveldhoogte in m t.o.v. NAP : 3,38 0 t.o.v. mv 8
t.o.v. NAP
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindhoudend, neutraalgrijs
300
1
250
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgeel 200
2
150 100
3
250
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgeel
50 0
4
-50 -100
5
-150
500
B6 : 24-10-2017 : : 110
Datum Opmerking GWS in cm-mv
Maaiveldhoogte in m t.o.v. NAP : 2,53 t.o.v. NAP
250 200 150 100
t.o.v. mv
0 30
Zand, matig fijn, matig siltig, sterk humeus, donker grijsbruin
60
Zand, matig fijn, matig siltig, sterk humeus, zwak roesthoudend, donkerbruin
100
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, neutraal beigebruin Zand, matig fijn, matig siltig, licht beigegeel
150
Zand, zeer fijn, matig siltig, lichtgeel
50 0 300
Projectnummer 1702268
Woensdrecht 't Marktje
B7 Datum Opmerking GWS in cm-mv
: 24-10-2017 : : 80
Maaiveldhoogte in m t.o.v. NAP : 2,28 t.o.v. NAP
t.o.v. mv
0
Zand, matig fijn, matig siltig, sterk humeus, donker grijsbruin
200
50 70
150
100
100
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, matig roesthoudend, neutraalbruin Zand, matig fijn, matig siltig, licht grijsbruin Zand, matig fijn, matig siltig, licht grijsgeel
50 0 -50
300
B8 : 24-10-2017 : : 60
Datum Opmerking GWS in cm-mv
Maaiveldhoogte in m t.o.v. NAP : 1,98 t.o.v. NAP
t.o.v. mv
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwartbruin 50
150 100
1
50 2
80
Klei, matig siltig, sterk roesthoudend, geelgrijs Klei, matig zandig, grijs
170
Veen, sterk zandig, bruin
0 250
-50
Veen, mineraalarm, bruin -100
3
320
Zand, matig fijn, sterk siltig, bruingrijs
-150 -200
Projectnummer 1702268
400
Woensdrecht 't Marktje
B9 Datum Opmerking GWS in cm-mv
: 24-10-2017 : : 70
Maaiveldhoogte in m t.o.v. NAP : 1,87 t.o.v. NAP
t.o.v. mv
0
Zand, matig fijn, sterk siltig, sterk humeus, donkerbruin 150 100
70 90
Klei, zwak zandig, sterk roesthoudend, licht grijsoranje
130
Klei, matig zandig, zwak humeus, resten planten, neutraalgrijs
170
Klei, sterk siltig, donker blauwgrijs
50 0
Veen, zwak zandig, donker zwartgrijs
-50 280
-100
310 330
-150
Zand, zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, neutraalgrijs Zand, matig fijn, matig siltig, licht beigegrijs Zand, zeer fijn, matig siltig, licht grijscreme
-200 -250 -300
Projectnummer 1702268
500
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
rapportnummer: 1702268, versie 1, 25 oktober 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Waterpasstaat Hoogten ingemeten met behulp van : dGPS Datum uitvoering : september / oktober 2017 Meetpunt
Hoogte [m t.o.v NAP]
sondering 1 sondering 2 sondering 3 sondering 4
0,00 3,94 + 2,27 + 1,54 +
boring 1 maaiveld boring 1 kop peilbuis boring 2 maaiveld boring 2 kop peilbuis boring 3 maaiveld boring 3 kop peilbuis boring 4 maaiveld boring 4 kop peilbuis boring 5 maaiveld boring 5 kop peilbuis boring 6 maaiveld boring 6 kop peilbuis boring 7 maaiveld boring 7 kop peilbuis boring 8 maaiveld boring 8 kop peilbuis boring 9 maaiveld boring 9 kop peilbuis
2,77 + 3,05 + 2,05 + 2,71 + 2,93 + 3,59 + 4,10 + 4,80 + 3,38 + 3,34 + 2,53 + 3,10 + 2,28 + 2,75 + 1,98 + 2,54 + 1,87 + 2,56 +
put 1 put 2 put 3 put 4 kruin weg 1 kruin weg 2
3,42 + 3,41 + 3,86 + 3,88 + 3,43 + 3,93 +
Opmerking Hoogten in deze waterpasstaat zijn uitsluitend bedoeld om inzicht te verkrijgen in de maaiveldhoogten van de meetpunten. Zonder verificatie door de gebruiker mogen deze hoogten niet voor andere doeleinden worden gebruikt
rapportnummer: 1702268, versie 1, 25 oktober 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Bijlage 3 : Monitoringsgegevens waterstanden
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Peilbuis
x
y
mv
bk filter
ok filter
GHG:
GMG:
GLG:
[nr.]
[RD]
[RD]
[m + NAP]
[m + NAP]
[m + NAP]
[m + NAP]
[m + NAP]
[m + NAP]
B49D0050
79425
381725
1,2
-2,3
-3,3
0,5
0,35
0,2
B49D0377
79540
383040
19,3
16,7
16,2
18,9
18,65
18,4
B49D0381
79100
382800
1,2
-1,1
-1,6
0,5
0,0
-0,7
B49D0382
79920
382640
3,4
0,8
0,3
2,3
2.05
1,8
B49G0064
80222
382441
3,6
-1,3
-1,8
1,8
1,5
1,1
B49G0164
80658
382658
20,7
14,9
12,9
13,7
13,5
13,3
B49G0370
80760
382700
20,4
17,7
17,2
18,8
18,65
18,5
B49G0436
80213
382499
3,2
2,3
1,8
2,5
2,1
1,9
B49G0458
80187
381726
0,6
-1,6
-2,1
0,7
0,3
0,0
B49G0966
80087
381716
0,6
-0,8
-1,8
0,6
0,4
0,2
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Bijlage 4 : Resultaten grondwatermodellering
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Figuur 4.1 Resulterende uitgangssituatie grondwatermodellering (isohypsen in m + NAP), onder invloed van grondwaterstandsgegevens van TNO en ons bureau, watergangen en neerslag en evapotranspiratie
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Figuur 4.2 Verhoging grondwaterstand [m] door ophoging. Een verhoging wordt aangegeven met een negatief getal (negatieve verlaging)
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Figuur 4.3 Grondwaterstandsverhoging en -verlaging [m] door de aanleg van kelders. Een verhoging wordt aangegeven met een negatief getal (negatieve verlaging), een verlaging met een positief getal
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Figuur 4.4 Verhoging grondwaterstand [m] door demping van de watergang. Een verhoging wordt aangegeven met een negatief getal (negatieve verlaging)
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
plan Noordpolder, 't Marktje te Woensdrecht
Figuur 4.5 Verhoging grondwaterstand [m] door verplaatsing van de watergang. Een verhoging wordt aangegeven met een negatief getal (negatieve verlaging)
rapportnummer: 1702268XG, versie 1, 7 december 2017
Technisch bodemonderzoek
Adviezen
•
•
• • • • • • • • • • • •
Sonderen in Nederland, België en Frankrijk. Sonderen met (track)truck, minirups, demontabel en hand Sonderen op het water (met hefeiland) Dissipatieproeven Peilbuizen wegdrukken Mechanisch (puls)boren conform protocol ‘Mechanisch boren’ (2101). Handboren (tot circa 5 m) Geotechnische monitoring Geotechnisch laboratoriumonderzoek Doorlatendheidsmetingen verzadigde en onverzadigde zone Palen doormeten (akoestisch) Onderzoek naar niet gesprongen explosieven (NGE) dGPS-metingen
• • • • • • • • •
Funderingsadvies bebouwing, leidingen, constructies Geohydrologische modellering (bemaling, drainage, wateroverlast, etc.) Bemalingsadvies, bemalingsplan, monitoringsplan, vergunningsaanvraag Bouwputadvies, damwandberekeningen en -advies Zettings- en ophoogadvies, inclusief voorbelasting, zettingsversnelling Stabiliteitsberekeningen taluds Infiltratiegeschiktheidsadvies, watertoetsadvies Civieltechnisch hergebruik grond Analyse waterstanden, doorlatendheid, wateroverlast. GIS-toepassingen en geostatistiek: (hoogtemodellen, zanddieptekaarten, etc)
Milieukunde
Laboratorium
• • • • • •
• •
• • • •
Verkennend onderzoek Onderzoek naar asbest in de bodem BOOT-onderzoek Nulsituatie-onderzoek Nader onderzoek Waterbodemonderzoek (monsternameboot) BUS-melding Saneringsplan Milieukundige begeleiding Second opinion
•
Materiaaleigenschappen, volumegewicht Samendrukkingsproeven, Proctorproeven Korrelverdeling, -vorm en afleiding kwaarden