Toelichting en regels - BP Ossenwaard 13
Tekst van het document
Op de Cultuurhistorische Waardenkaart van de gemeente Wijk bij Duurstede is de Ossenwaard 13 aangegeven als cultuurhistorisch waardevolle karakteristieke boerderij. Verder is de omgeving aan de merken als cultuurhistorisch landschap. Zie hiervoor ook paragraaf 3.2.2. De nieuwbouw ligt deels verscholen achter de werktuigenstalling en richt zich op de boomgaard en de oorspronkelijke blokverkaveling. Het mozaïeklandschap wordt, met het volgen van deze verkaveling, in stand gehouden. Door het kinderdagverblijf achter de werktuigenstalling te plaatsen is de opzet compact en blijft het zicht op de boomgaard vanaf de weg in stand. Ook de zichtlijnen vanaf de weg richting het open landschap blijven hiermee gewaarborgd en volgen daarmee de principes van het landschap 'Kromme Rijn'. In het plangebied zijn geen monumenten aanwezig.
4.3
Ecologie
Per 1 januari 2017 zijn de Flora- en faunawet, de Boswet en de Natuurbeschermingswet 1998 vervangen door de Wet natuurbescherming (Wnb). Bevoegdheden zijn met het ingaan van deze wet overgedragen van het rijk naar de provincie. Soortenbescherming Het plangebied betreft nu een gecultiveerd bedrijfsperceel, gelegen net buiten de bebouwde kern van Cothen. Dit plan voorziet in de sloop van bestaande bouwwerken. In het kader van deze sloopwerkzaamheden zal in een later stadium een quickscan naar beschermde soorten uitgevoerd worden. Bij de nieuwbouw moet rekening gehouden worden met de aanwezigheid van broedvogels in de boomgaard en op het erf. Dit kan door de werkzaamheden overdag te laten plaatsvinden om verstoring middels verlichting te voorkomen. Verder dient de locatie waar gebouwd gaat worden regelmatig gemaaid te worden, om vesting van soorten te voorkomen. Gebiedsbescherming Voor dit plan is door adviesbureau Teus' Advies een stikstofdepositie-onderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen als Bijlage 5 bij deze toelichting. Uit de berekeningen voor zowel de aanleg- als gebruiksfase volgen geen toenames die hoger zijn dan 0,00 mol/ha/jaar. Het plangebied ligt buiten het Natuurnetwerk Nederland en de Groene contour uit de Interim Omgevingsverordening. Natuurregelgeving staat de uitvoerbaarheid van het plan niet in de weg.
Algemene zorgplicht Voor alle beschermde soorten, dus ook voor de soorten die zijn vrijgesteld van de ontheffingsplicht, geldt wel een zogenaamde ‘algemene zorgplicht’ (art. 1.11 Wnb). Dit houdt in dat passende maatregelen genomen moeten worden om schade aan beschermde soorten te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Dit betekent onder meer dat een initiatiefnemer zich tijdig op de hoogte stelt van de aanwezige natuurwaarden, de kwetsbaarheid ervan en de mogelijke gevolgen van het plan. Bij de uitvoering moeten negatieve gevolgen zoveel mogelijk worden voorkomen dan wel beperkt of ongedaan gemaakt. Voor dit plan betekent dit dat bij de bouw van het nieuwe gebouw eventueel broedende vogels in bomen niet verstoord worden en geen verlichting gebruikt wordt die gericht is op de bomen.
4.4
Kabels en leidingen
Binnen het plangebied zijn geen kabels en leidingen aanwezig die planologische bescherming behoeven. Hierdoor vormt dit dus geen belemmering voor dit bestemmingsplan.
4.5
Verkeer en parkeren
Op basis van de Nota parkeernormen Wijk bij Duurstede 2016 geldt voor een kinderdagverblijf in het buitengebied een parkeernorm van 1,6 parkeerplaatsen per 100 m2 bvo. De totale parkeernorm voor het kinderdagverblijf komt daarmee neer op 8 parkeerplaatsen. Op het bestaande parkeerterrein is ruimte voor 13 parkeerplaatsen. Er zijn dan ook voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein aanwezig om aan de parkeernorm te voldoen. Uit de beoordeling van het principeverzoek is gebleken dat het kinderdagverblijf een verkeersgeneratie kent van 23,6 voertuigbewegingen per 10 kindplaatsen op een weekdag. Indien van de maximale bezetting wordt uitgegaan (60 kinderen) dan genereert het kinderdagverblijf 142 voertuigbewegingen per dag, inclusief 26
leveranciers, personeel, ouders etc. In de beoordeling is een verwachte verkeersintensiteit van 112 voertuigen in het spitsuur berekend. De gemeente heeft aangegeven hier geen bezwaren tegen te zien.
4.6
Waterparagraaf
Sinds 1 november 2003 is voor alle ruimtelijke plannen de watertoets verplicht. Het doel van de watertoets is waterbelangen evenwichtig mee te nemen in het planvormingsproces van Rijk, Provincies en gemeenten. Hiermee wordt een veilig, gezond en duurzaam watersysteem nagestreefd. De toets omvat het gehele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van de in ruimtelijke plannen voorkomende waterhuishoudkundige aspecten. Met dit plan neemt de bebouwing op het perceel toe met maximaal 500 m2. Deze toename zorgt er echter niet voor dat er compenserende maatregelen voor waterberging nodig zijn. Toch wordt er een infiltratievoorziening gerealiseerd in de vorm van infiltratiekratten. Voor het nieuwe gebouw wordt een vuilwaterafvoer gerealiseerd. Deze wordt aangesloten op de bestaande rioolpompput van de gemeente. Regenwater wordt niet op deze afvoer aangesloten, maar zal afgevoerd worden via de omliggende watergangen. Op verzoek van het waterschap is de Rijnsloot ter hoogte van het agrarisch bedrijf gedempt. De Rijnsloot is toen omgelegd en loopt nu onderlangs via de zuidzijde. Negatieve effecten op de waterhuishouding zijn niet aan de orde. Het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden ziet, vanwege het ruime perceel, kansen om hemelwater te laten infiltreren in de bodem in plaats van af te voeren richting het oppervlaktewater.
Hiermee wordt de afvoer van water beperkt waardoor er meer water beschikbaar is in droge tijden. Dit advies is opgevolgd door de toevoeging van infiltratiekratten aan het plan.
27
Hoofdstuk 5
Juridische planopzet
In hoofdstuk 3 is de beoogde invulling van het plangebied beschreven. Hoofdstuk 4 liet zien dat dit uitvoerbaar is. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de juridische regeling om het mogelijk te maken. Voor de regels van dit plan zijn de relevante regels uit het bestemmingsplan 'Buitengebied 2015' gebruikt. Het plangebied behoudt de bestemming 'Agrarisch'. Daarmee blijven deze gronden in hoofdzaak bestemd voor agrarische bedrijvheid en, ter plaatse van de aanduiding 'grondgebonden veehouderij' een grondgebonden veehouderij. De aanduiding 'kaasboerderij' lag abusievelijk op het verkeerde gebouw, en wordt met dit plan hersteld. Dit plan verandert niets aan de bebouwingsmogelijkheden van het bedrijf. Enkel de functieaanduiding 'kinderdagverblijf' wordt toegevoegd. Hiermee wordt het toegestaan om ter plaatse van deze aanduiding een kinderdagverblijf als nevenactiviteit te hebben.
28
Hoofdstuk 6 6.1
Uitvoerbaarheid
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
6.1.1 Vooroverleg Het concept van dit bestemmingsplan is toegezonden aan de provincie Utrecht, de Veiligheidsregio Utrecht, de GGD, de Omgevingsdienst regio Utrecht en het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden in het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. In Bijlage 6 is de nota beantwoording vooroverlegreacties opgenomen. Wanneer er een formele vergunningaanvraag komt, dan stelt het team toezicht kinderopvang van de GGD regio Utrecht een onderzoek in voor registratie. In aanvulling op dat onderzoek kan het team Milieu en Gezondheid van GGD regio Utrecht een meer uitgebreide beoordeling van de risico's doen aan de hand van actuele gegevens over concentraties fijn stof en endotoxinen, de risico's van zoönosen, de daadwerkelijke geurbelasting en de mogelijkheid tot het nemen van hygiënemaatregelen.
6.1.2 Voorontwerp De ontwikkeling die dit plan mogelijk maakt, heeft een beperkte invloed op zijn omgeving. Daarom heeft geen voorontwerp van dit plan voor inspraak ter inzage gelegen. De buurtbewoners zijn door de initiatiefnemer geïnformeerd over het initiatief. Het gaat om de bewoners van de Ossenwaard 6, 8, 9 en 15. Zij staan positief tegenover het plan en er zijn geen bezwaren naar voren gekomen.
6.1.3 Ontwerp Van 15 december 2023 tot en met 25 januari 2024 heeft het ontwerp van dit bestemmingsplan ter inzage gelegen. Toen zijn geen zienswijzen ingediend.
6.2
Economische uitvoerbaarheid
Op grond van artikel 6.12, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) stelt de gemeenteraad een exploitatieplan vast voor gronden waarop een bouwplan voorkomt dat in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is aangewezen. Onderhavige plan voorziet in een bouwplan zoals dat in artikel 6.2.1 Bro is benoemd. Toch is het niet noodzakelijk een exploitatieplan vast te stellen. Met de initiatiefnemer wordt namelijk een anterieure overeenkomst gesloten. Hierin is geregeld dat alle kosten die samenhangen met de onderhavige herziening van het bestemmingsplan voor rekening komen van initiatiefnemer. Deze herziening heeft derhalve voor de gemeente geen financiële gevolgen.
29
30
Bijlagen bij de toelichting
31
Bijlage 1 Beeldkwaliteit
32
Beeldparagraaf Aan de Ossenwaard 13 te Cothen zal een agrarisch kinderdagverblijf worden gerealiseerd. Om een aantal ruimtelijke kaders mee te geven voor de uitwerking van dit kinderdagverblijf is deze beeld(kwaliteits-)paragraaf opgesteld. Het agrarisch kinderdagverblijf ligt op het erf van een agrarisch bedrijf met kaasboerderij. De nieuwbouw komt op de loca�e van bestaande sleufsilo’s. De bebouwing van het erf bestaat uit een (monumentale) boerderij met schuur, een tweede woning, een grote stal, werktuigenloods met mestkelder etc. Het hoofdgebouw, de boerderij, staat haaks op de weg. De overige bebouwing hee� zowel een oriënta�e haaks als in de langsrich�ng. De grote stal hee� de nokrich�ng haaks op de weg, terwijl enkele andere bijgebouwen met de nok de weg volgen.
Historie en ontwikkeling Het agrarisch bedrijf is ontstaan op de plek waar de Ossenwaard en de Kromme Rijn elkaar bijna raken. De Ossenwaard / Kromme Rijn vormde daarbij de noordelijke begrenzing en de Rijnsloot de zuidelijke begrenzing. Voordat het achterland ingepolderd werd, bevonden zich langs de wegen bebouwing en erven op blokpercelen. Zo ook het agrarisch erf aan de Ossenwaard 11 en 13. De boerderij hee� zich in de loop der �jd ontwikkeld en is gegroeid. De uitbreiding vond plaats in zuidelijke rich�ng, maar met name in de westelijke rich�ng, naar de westelijke punt van het blokperceel.
Landschap en erf In de kwaliteitsgids rivierengebied worden enkele uitgangspunten voor de inrich�ng van het erf gegeven. De Ossenwaard 13 in Cothen valt onder het landschap ‘Rivierenland’. Gezien de ligging tegen de Kromme Rijn valt de loca�e onder het deelgebied ‘Kromme Rijn’. Het deelgebied Kromme Rijn is in essen�e een slingerend landschap met de Kromme Rijn en provinciale weg als belangrijkste hedendaagse lijnen, voerend langs dorpen, boomgaarden, weilanden en akkers, met een grote varia�e aan dwarsrela�es. Bijzonder is dat de rivier en de belangrijkste weg zich in de loop der eeuwen diverse malen verlegd hebben, wat herkenbaar is aan diverse oude rivierlopen en oude wegen met bebouwingslinten. Het gebied kenmerkt zich door een mozaïek van fruitboomgaarden, weilanden en akkers. Buiten de dorpen staat de meeste bebouwing op boerenerven, veelal in linten langs oude wegen, zoals de Ossenwaard, voorheen de Cotherdijk. De inrich�ng van het landschap is een combina�e van panorama’s, verkaveling, coulissen en dwarswegen. Het woonhuis/boerderij staat centraal en blij� met de realisa�e van het kinderdagverblijf ook het centrale element. De nieuwbouw ligt deels verscholen achter de werktuigenstalling en richt zich op de boomgaard en de oorspronkelijke blokverkaveling. Het mozaïeklandschap wordt, met het volgen van deze verkaveling, in stand gehouden.
Door het kinderdagverblijf achter de werktuigenstalling te plaatsen is de opzet compact en blij� het zicht op de boomgaard vanaf de weg in stand. Ook de zichtlijnen vanaf de weg rich�ng het open landschap blijven hiermee gewaarborgd en volgen daarmee de principes van het landschap ‘Kromme Rijn’. Door de nokrich�ng van het kinderdagverblijf, (net als de bestaande werktuigenstalling) in de langsrich�ng te plaatsen wordt de oorspronkelijke verkaveling versterkt. Daarnaast blij� door deze opzet ook het oorspronkelijke verloop van de Rijnsloot zichtbaar. Door de open kopgevel van de nieuwbouw is er vanuit de nieuwbouw ook goed zicht op het verloop van de Kromme Rijn wat de beleving van de Kromme Rijn ten goede komt. Fruitschuren en koelhuizen mogen, volgens de ontwikkelprincipes niet groter dan 500m2. De nieuwbouw voldoet aan deze eis en past daarmee binnen de structuur van de opzet van een erf. De nokhoogte ligt onder de gestelde maximale 10 meter volgens de ontwikkelprincipes.
nieuw kinderdagverblijf
Boerderij Bestaande stal
Door het kinderdagverblijf in de punt van het perceel te plaatsen blijven zichtlijnen in het landschap bestaan. De opzet van het erf blij� hiermee ook compact en is groen in te passen.
Beeldkwaliteit Voor de uitwerking van de nieuwbouw wordt gekeken naar de welstandnota. In de welstandsnota van de gemeente Wijk bij Duurstede valt dit onder het PLUS-niveau. In de omgevingsverordening worden een aantal landschappen benoemt. Het hoofdgebouw op het erf is de boerderij. De nieuwbouw van het kinderdagverblijf dient hieraan ondergeschikt te zijn. Het kinderdagverblijf dient benaderd te worden als schuur/bijgebouw op het erf. De ondergeschikte rol vraagt om een sobere uitwerking van het kinderdagverblijf. De welstandsnota biedt hiervoor enkele uitgangspunten: Hoofdvorm: -
De nieuwbouw is een langwerpige, (liggende) bouwmassa’s en bestaat uit 1 of 2 bouwlagen met een kap. De nokrich�ng sluit aan op de oriënta�e op het perceel.
Dak: -
Forse kappen: zadeldak of mansardekap . Daken mogen met overstek worden toegepast. Kapvorm bijgebouwen afstemmen op kapvorm hoofdbebouwing. Kaprich�ng: Haaks (dwarsrich�ng) op het lint, incidenteel evenwijdig (langsrich�ng).
Materiaalkeuze: -
Deuren en kozijnen: hout of goedgelijkende andere materialen. Dakbedekking: gebakken pannen of riet. Gevel: bakstenen. Aanbouwen (gevel en dakvlak): materiaal conformeren aan materiaal gevel/dakvlak. Bijgebouwen: uitvoeren in metselwerk of gepotdekseld hout of metalen profielplaat.
Materiaalkleur: -
-
Geen gebruik van sterk met de omgeving contrasterende kleuren zoals: oranje, gifgroen of fel paars etc. Incidenteel zou gebruik kunnen maakt kunnen worden van contrasterende kleuren om het gebouw enige speelsheid te geven. Dakpannen: rood, grijze of donkere �nten. Baksteenkleur: rode �nten. Bijgebouwen: donkere kleurstelling zoals bruin, donkerblauw, donkergroen of antraciet.
Belangrijk is bij de uitwerking van het plan een sobere vormgeving welke aansluit bij de rest van het erf. Het zicht vanaf de Ossenwaard dient zo weinig mogelijk te worden geschaad. Het plan. Het plan hee� in essen�e de vorm van een schuur met een grote kapvorm met overstekken. Daarmee voldoet het aan de uitgangspunten uit het beeldkwaliteitsplan. De gevel hee� een plankenuitstraling in donkere kleurstelling met grote (ver�cale) gevelopeningen. Om de speelsheid van een kinderdagverblijf te accentueren, zijn er enkele accentvlakken toegepast in contrasterende kleurstelling. Dit laatste is een wens en zal in samenspraak met MooiS�cht worden besproken.
Bijlage 2 Verkennend bodemonderzoek
38
BOOT organiserend ingenieursburo bv. Alle opdrachten worden aanvaard en uitgevoerd overeenkomstig de AV-BOOT 2022.
Verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 LOCATIE
Cothen, Ossenwaard 13 KADASTRALE GEMEENTE
Wijk bij Duurstede SECTIE D, NUMMER 195
OPDRACHTGEVER
Kaasboerderij De Brienens Hof Ossenwaard 13 3945 PG Cothen
DATUM
15 december 2022
DOCUMENTNUMMER
P22-0516-006
OPGESTELD DOOR
mevrouw C.C. van Egmond
GEAUTORISEERD
ing. E.A. van Dam
PROJECTLEIDER
ing. E.A. van Dam
GEZIEN
BOOT organiserend ingenieursburo bv Plesmanstraat 5 3905 KZ Veenendaal WEBSITE
www.buroboot.nl
info@buroboot.nl
Titelpagina SOORT ONDERZOEK
Verkennend bodemonderzoek
ONDERZOEKSLOCATIE
Ossenwaard 13, Cothen
OPDRACHTGEVER
Kaasboerderij De Brienens Hof Ossenwaard 13 3945 PG Cothen
CONTACTPERSOON
de heer D. Merkens
UITGEVOERD DOOR
BOOT organiserend ingenieursburo bv Plesmanstraat 5 3905 KZ Veenendaal
CONTACTPERSOON
ing. E.A. van Dam
DATUM VOORONDERZOEK
november 2022
DATUM VELDWERK
9 en 18 november 2022
DATUM PEILBUISBEMONSTERING
18 november
VELDWERK DOOR
de heer J.H.J. ten Dam de heer J.H.J. Janssen van Doorn
2001/2002
PROJECT
2 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Inhoudsopgave 1
INLEIDING .............................................................................................................................4 1.1
AANLEIDING ............................................................................................... 4
1.2
DOELSTELLING ............................................................................................ 4
1.3
AFBAKENING ............................................................................................... 4
1.4
LEESWIJZER ................................................................................................. 5
2
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK .....................................................................6 2.1
AANLEIDING EN ONDERZOEKSVRAGEN ................................................................. 6
2.2
LOCATIEGEGEVENS ....................................................................................... 6
2.3
TERREINVERKENNING ..................................................................................... 7
2.4
BODEM EN GEOHYDROLOGIE ............................................................................ 7
2.5
BESCHIKBARE DOSSIERINFORMATIE ONDERZOEKSLOCATIE .......................................... 7
2.6
CONCLUSIES VOORONDERZOEK EN HYPOTHESE .................................................... 10
3
VELDWERKZAAMHEDEN ............................................................................................... 11 3.1
UITVOERING VELDWERK ................................................................................ 11
3.2
LABORATORIUMONDERZOEK .......................................................................... 11
3.3
NORMERING ............................................................................................. 12
3.4
KWALITEITSBORGING ................................................................................... 12
4
ONDERZOEKSRESULTATEN ......................................................................................... 13 4.1
BODEMOPBOUW EN GRONDWATER ................................................................... 13
4.2
VELDWAARNEMINGEN .................................................................................. 13
4.3
LABORATORIUMONDERZOEK EN TOETSING .......................................................... 14
4.4
RESULTATEN LABORATORIUMONDERZOEK .......................................................... 16
4.5
TOETSING ONDERZOEKSHYPOTHESE ................................................................. 16
5
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ............................................................................ 17
BIJLAGEN A
: Topografische ligging : Situatietekening
B
: Beschrijving bodemopbouw
C
: Verklaring analysepakketten, analysecertificaten
D
: Analyse- en toetsresultaten
E
: Normering en certificering
F
: Verklaring onafhankelijkheid
G
: Gegevens vooronderzoek : Topotijdreis : Fotorapportage
PROJECT
3 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
1
Inleiding In opdracht van Kaasboerderij De Brienens Hof is door BOOT organiserend ingenieursburo een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd aan de Ossenwaard 13 te Cothen. De onderzoekslocatie heeft een grootte van circa 2.000 m². Een overzicht van de locatie is weergegeven in bijlage A, blad 2. Het onderzoek is uitgevoerd in twee fasen. In de eerste fase is een vooronderzoek (conform NEN 5725) uitgevoerd. Aan de hand hiervan is de onderzoeksstrategie bepaald. In de tweede fase is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd conform NEN 5740.
1.1
Aanleiding Aanleiding voor het onderzoek vormt de voorgenomen bestemmingswijziging naar en realisatie van een kinderdagverblijf. In verband hiermee dient inzicht verkregen te worden in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. Dit mede naar aanleiding van het collegebesluit van de gemeente Wijk bij Duurstede (zaaknummer 311528, bijlage 2), waarin wordt vermeld dat de Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) bodemonderzoek adviseert voor zowel de bestemmingswijziging als de toekomstige aanvraag omgevingsvergunning. De bovenste 30 cm van het originele maaiveld wordt gezien als verdacht op het voorkomen van een bodemverontreiniging met bestrijdingsmiddelen.
1.2
Doelstelling Doel van het onderzoek is na te gaan of de bodem (met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit van de bodem) geschikt is voor het huidig en/of toekomstig gebruik of dat mogelijk een bedreiging van de volksgezondheid kan optreden.
1.3
Afbakening Het uitgevoerde onderzoek betreft een verkennend bodemonderzoek. Bij een verkennend onderzoek wordt middels vooronderzoek, bestaande uit een historisch onderzoek en terreininspectie, in beeld gebracht of en zo ja waar verontreinigingen worden verwacht. Op basis hiervan wordt een strategie opgesteld voor het veldwerk. Het veldwerk bestaat uit een aantal boringen, waarbij de visuele waarnemingen worden vastgelegd en een aantal representatieve mengmonsters worden samengesteld. Op basis van de resultaten wordt geconcludeerd of de verwachting uit het vooronderzoek juist is. Indien daartoe aanleiding is, dient aanvullend onderzoek te worden gedaan om vast te stellen of daadwerkelijk sprake is van een verontreiniging en wat de omvang daarvan is. Onderzoek naar asbest in bodem maakt geen deel uit van dit onderzoek (uitgevoerd conform de NEN 5740). Wel wordt bij uitvoering van het vooronderzoek (conform de NEN 5725) en veldonderzoek specifiek aandacht besteed aan asbest. Indien daartoe aanleiding is, zal geadviseerd worden hiertoe aanvullend onderzoek te verrichten. Middels een verkennend onderzoek wordt beoordeeld of de bodem geschikt is voor het beoogde gebruik en/of een verontreiniging wordt verwacht. Het vaststellen van de bodemkwaliteitsklasse van de bodem/bodemlagen voor toepassing elders maakt hiervan geen onderdeel uit.
PROJECT
4 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Het onderzoek is op een zorgvuldige wijze en door gekwalificeerd personeel uitgevoerd. De betrouwbaarheid van het onderzoek wordt hierbij beïnvloed door:
Beschikbaarheid van historische informatie. Onvolledige historische informatie kan leiden tot een onjuiste onderzoeksstrategie;
Het onderzoek wordt uitgevoerd conform een gestandaardiseerde methode. Op basis hiervan worden middels een steekproef boringen gedaan en monsters genomen. Doordat de steekproefomvang afgeleid is van de norm wordt een betrouwbaar beeld van de bodemkwaliteit verkregen. Lokale afwijkingen van de bodemkwaliteit kunnen niet volledig worden uitgesloten;
Het onderzoek betreft een momentopname. Eventuele toekomstige bodembedreigende activiteiten, calamiteiten (bijvoorbeeld brand of morsing van bodemvreemde vloeistoffen), sloopwerkzaamheden of bouwrijp maken en aanvoer van grond van elders kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden. 1.4
Leeswijzer Hoofdstuk 2 beschrijft de resultaten van het vooronderzoek. De opzet van het veld- en laboratoriumonderzoek volgen in hoofdstuk 3. De resultaten van veldwerkzaamheden, laboratoriumonderzoek en de verontreinigingssituatie staan beschreven in hoofdstuk 4. In hoofdstuk 5 worden conclusies en aanbevelingen beschreven.
PROJECT
5 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
2
Milieuhygiënisch vooronderzoek In dit hoofdstuk wordt het kader van het vooronderzoek vastgesteld en relevante onderzoeksvragen voor zover als mogelijk beantwoord. Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725:2017. Als eerste stap wordt de aanleiding van het vooronderzoek vastgesteld. Bij vervolgstappen volgt de afbakening van de onderzoekslocatie, het verzamelen van informatie en beantwoorden van relevante onderzoeksvragen en tot slot het trekken van conclusies en opstellen van een hypothese. In bijlage G is de bronvermelding van de verzamelde informatie weergegeven.
2.1
Aanleiding en onderzoeksvragen In de NEN 5725 is een aantal standaard aanleidingen en onderzoeksvragen geformuleerd. De volgende aanleiding is voor onderhavig onderzoek van toepassing: het opstellen van de hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van het uitvoeren van een bodemonderzoek. Op basis van de aanleiding(en) van het vooronderzoek zijn voor deze aanleiding(en) een aantal onderzoeksvragen vastgesteld. De onderzoeksvragen zijn beschreven in de NEN 5725 en worden gebruikt als leidraad bij het vooronderzoek.
2.2
Locatiegegevens De onderzoekslocatie is gelegen net buiten de bebouwde kom van Cothen, ten westen van het centrum. De X-coördinaat op de Topografische Kaart van Nederland is voor de onderzoekslocatie 148727 en de Y-coördinaat is 445415. Een topografisch overzicht en een weergave van de situatie is weergegeven in bijlage A. Huidig en toekomstig gebruik De onderzoekslocatie van het nieuwe kinderdagverblijf met buitenruimte is in gebruik als boomgaard / dierweide en erf met kuilplaten behorende. Bij en grenzend aan het agrarische erf/bedrijf Kaasboerderij De Brienens Hof. De ruimte tussen keerwanden van de kuilplaten is tot de bovenzijde van de constructie opgehoogd met zand en (deels) bestraat.
Het noordoostelijke deel van de onderzoekslocatie is opgehoogd met (bo-
ven)grond afkomstig van de bouw van een aangrenzende schuur in het verleden. De voorgenomen werkzaamheden bestaan uit de realisatie van een kinderdagverblijf met een bijbehorende speelweide en kleindierweide. Historisch kaartmateriaal Op historisch kaartmateriaal is zichtbaar dat het terreindeel aangrenzend aan de onderzoekslocatie vanaf eind 1800 gedeeltelijk bebouwd is. Eind 1900 veranderd de bebouwingscontour. Tussen ca. 1870 en ca. 1970 is de onderzoekslocatie in gebruik geweest als boomgaard. Rond 2010 is de watergang langs/over de zuidwestelijke zijde van de onderzoekslocatie omgelegd. Een kopie van topotijdreis is toegevoegd in bijlage G.
PROJECT
6 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
2.3
Terreinverkenning De terreinverkenning is direct voorafgaand aan de start van het veldwerk uitgevoerd op 9 november 2022. De locatiegegevens zoals genoemd in paragraaf 2.2 is tijdens de terreinverkenning geverifieerd. Tijdens de terreinverkenning is geconstateerd dat het noordoostelijke deel van de onderzoekslocatie enigszins hoger gelegen is. Tevens is er tijdens de terreinverkenning geconstateerd dat er op de onderzoekslocatie twee kuilplaten met asfaltverharding aanwezig zijn.
2.4
Bodem en geohydrologie De onderzoekslocatie is gelegen in het rivierengebied. De bovengrond bestaat uit klei. De ondergrond bestaat uit matig fijn tot matig grof zand. Het freatisch grondwater bevindt zich op circa 1,5 á 2
meter beneden maaiveld. De
regionale grondwaterstromingsrichting van het freatisch grondwater is overwegend westelijk of zuidwestelijk gericht. De lokale grondwaterstroming kan worden beïnvloed door de aanwezigheid van watergangen, kabel-, leiding en/of rioolsleuven en grondwateronttrekkingen in de directe omgeving. In onderstaande tabel is een weergave gegeven van de regionale bodemopbouw. Tabel 2.1 Schematische weergave van de regionale bodemopbouw
PAKKET
DIEPTE (M -MV)
SAMENSTELLING
Formatie van Echteld
0,00 – 1,50
Klei, lokaal zandig, lokaal humeus; zand, zeer fijn tot uiterst grof, kleiig tot grindig
Formatie van Echteld
1,50 – 5,50
Zand, matig fijn tot uiterst grof, kleiig tot grindig
Formatie van Boxtel,
5,50 – 7,00
Zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of
laagpakketten van Wierden,
humeus; klei, siltig tot zandig, humeus, veen, kleiig
Singraven en Kootwijk Formatie van Kreftenheye
7,00 – 22,50
en Formatie van Boxtel,
lokaal zandig; klei, lokaal siltig tot zandig; lokaal
laagpakket van Delwijnen Formatie van Sterksel
Zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal grindig; grind,
humeus 22,50 – 46,50
Zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal grindig; grind, lokaal zandig; klei, lokaal siltig tot zandig
2.5
Beschikbare dossierinformatie onderzoekslocatie In onderstaande tabel is de beschikbare informatie uit het vooronderzoek weergegeven. Ook wanneer geen informatie beschikbaar is, dient dit volgens NEN 5725 te worden aangegeven. Tabel 2.2 Verzamelde informatie Bron
Bijzonderheden
Opdrachtgever /
Info constructie kuilplaten
bewoner
De verharding van de kuilplaten bestaat uit asfalt op een betonplaat, beiden met een dikte van 20 cm, op een onderliggend zandbed. De ruimte tussen de keerwanden van de kuilplaten is opgehoogd met grond van de locatie en zand op de oorspronkelijke bodem. Er zijn bij de constructie geen bodemvreemde funderingsmaterialen gebruikt.
PROJECT
7 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Demping zuidwestelijk Langs/over de zuidwestelijke zijde van de onderzoekslocatie heeft een sloot gelopen. Deze is begin jaren ’00 enkele honderden meters omgelegd, waarna dit tracé is gedempt met grond uit de nieuw gegraven sloot. Genoemde is destijds uitgevoerd in overleg met het waterschap.
Ophoging Een deel van het terrein (noordelijk) is opgehoogd met de (boven)grond die vrij is gekomen tijdens de realisatie van de naastgelegen schuur (in 1990).
Collegebesluit De gemeente heeft een collegebesluit genomen met zaaknummer 311528, waarin wordt vermeld dat de Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) bodemonderzoek adviseert voor zowel de bestemmingswijziging als de toekomstige aanvraag omgevingsvergunning. De bovenste 30 cm van het originele maaiveld wordt gezien als verdacht op het voorkomen van een bodemverontreiniging met bestrijdingsmiddelen. Eveneens wordt er door de ODRU op gewezen dat de parameter lood in bodem mogelijk kan leiden tot gezondheidsrisico’s voor met name jonge kinderen. Advies is om in het bodemonderzoek aandacht te geven aan de parameter lood in de bodem. Informatie gemeente
Bodemkwaliteitskaart
Wijk Bij Duurstede
Volgens de bodemfunctiekaart valt de onderzoekslocatie in bodemfunctieklasse Landbouw/natuur. De beleidszone betreft bebouwing 1/1. Voor zowel de bovengrond als de ondergrond is ontgravingsklasse Landbouw/natuur van toepassing. De toepassingsklasse van de bovengrond en ondergrond is eveneens klasse Landbouw/natuur. De ontgravingskaart PFAS betreft B3 (0,6 PFOS, 1 PFOA, 0,4 PFAS overig) voor de bovengrond en O2 (0,3 PFOS, 0,5 PFOA, 0,2 PFAS overig) voor de ondergrond, gebaseerd op waarnemingspunten. In zone B3 en O2 is sprake van (beperkte) heterogeniteit. De betrouwbaarheid van de gemiddelde waarde in een zone is kleiner naarmate de diffuse bodemkwaliteit sterker heterogeen is verdeeld.
Grondwaterbeschermingsgebied De onderzoekslocatie valt net buiten een grondwaterbeschermingsgebied. Omgevingsdienst
Tanks
Regio Utrecht (ODRU)
Op de onderzoekslocatie zijn er geen (ondergrondse) tanks aanwezig. Nabij de onderzoekslocatie is een bovengrondse dieselolietank van 1200 liter aanwezig.
Boomgaard Er is een (voormalige) boomgaard bekend op de onderzoekslocatie. De bovenste 30 cm van de grond is verdacht op het voorkomen van OCB (organochloorbestrijdingsmiddelen).
Verdachte wegbermen De wegbermen langs de openbare weg wordt als niet verdacht beschouwd op het voorkomen van zware metalen en PAK. De verkeersintensiteit op de weg bedraagt minder dan 10.000 voertuigen per etmaal. Provincie
Historisch bodembestand
Utrecht
Op het adres van Ossenwaard 13 te Cothen is er een historisch bodembestand bekend
PROJECT
8 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
betreffende een zuivelfabriek. De bedrijfsnaam betreft kaasboerderij De Brienens hof welke (elders) op het agrarische erf is gevestigd . Op het adres Ossenwaard 13a zijn enkele historische bodembestanden bekend betreffende bovengrondse brandstoftanks, welke zich elders op het erf bevinden.
Slootdempingen, dempingen/ophogingen Volgens Geoloket van de provincie Utrecht zijn er geen slootdempingen bekend op of nabij de onderzoekslocatie. Er zijn evenmin andere dempingen of ophogingen bekend op of nabij de onderzoekslocatie. Bodemloket
Op de onderzoekslocatie zijn in bodemloket geen gegevens bekend. Wel zijn er op nabijgelegen percelen bodemlocatie bekend. Locatie: Ossenwaard 6 BUS Gemeentelijk BIS: AA035200162 Onderzoeksrapporten: -Meldingsformulier BUS saneringsplan, door Mateboer Milieutechniek, d.d. 08-10-2018; -Meldingsformulier BUS evaluatieverslag, door Mateboer Milieutechniek, d.d. 03-4-2019. Besluiten: -BUS-melding correct aangeleverd, kenmerk Z/18/637790-691733, d.d. 17-10-2018; -Beschikking BUS saneringsevaluatie, kenmerk onbekend, d.d. 13-05-2019; -Instemmen uitgevoerde sanering, kenmerk Z/19/644181-733410, d.d. 14-05-2019; Beschikking BUS saneringsevaluatie, kenmerk Z/19/644181-733410, d.d. 14-05-2019.
Locatie: Ossenwaard 6 BUS Gemeentelijk BIS: AT035200006 Verontreinigende activiteiten: -Transportbedrijf, start 1964, eind 1977. Onderzoeksrapporten: -Verkennend bodemonderzoek, door Geologic, rapp. 3104, d.d. 01-05-1995; - Saneringsplan, door Kosterman Milieutechniek, rapp. S0109, d.d. 01-08-1995; -Nader onderzoek, door Kosterman Milieutechniek, rapp. N1408, d.d. 01-08-1995; -Saneringsevaluatie, door Kosterman Milieutechniek, rapp. evrapcoth-0589, d.d. 01-051998. Besluiten: -Instemming saneringsplan, kenmerk 930645 MBE, d.d. 23-11-1995; -Beschikking ernst, urgentie niet bepaald, kenmerk 930645 MBE, d.d. 23-11-1995; -Instemmen uitgevoerde sanering, kenmerk 98/930468 MBE, d.d. 30-06-1998. BAG viewer
Het schuurtje op de onderzoekslocatie stamt volgens de Basisregistratie voor Adressen en Gebouwen (BAG) uit bouwjaar 1900. De aangrenzende schuur is in 1990 gerealiseerd. Het woonhuis (nr. 13) stamt uit bouwjaar 1890, in 1994 is hier een uitbreiding/uitbouw gerealiseerd. De bedrijfsloods is in 1970 gerealiseerd.
Expertisecentrum PFAS
Op basis van de beschikbare onderzoeksgegevens ten aanzien van PFAS bestaat het vermoeden dat Nederland grofweg in drie soorten gebieden aangeduid kunnen worden: 1.
Niet belaste gebieden;
2.
Diffuus belaste gebieden, bestaande uit stedelijk gebied, industriële gebieden, land- en tuinbouw;
3.
Gebieden beïnvloed door bronnen PFAS, waaronder vliegvelden, brandweeroefenterreinen, PFAS-verwerkende bedrijven en hun directe omgeving.
PROJECT
9 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Ter plaatse van de onderzoekslocatie hebben geen activiteiten en/of calamiteiten plaatsgevonden die de bodem direct verdacht maken voor de aanwezigheid van PFAS. Als gevolg van diffuse belasting worden licht verhoogde gehalten in de bodem verwacht.
2.6
Conclusies vooronderzoek en hypothese Middels het uitgevoerde vooronderzoek zijn de onderzoeksvragen zoals genoemd in paragraaf 2.1 zo goed mogelijk beantwoord. De informatie welke van invloed is op de bepaling van de hypothese wordt hieronder weergegeven. Uit het vooronderzoek blijkt dat ter plaatse van de onderzoekslocatie een boomgaard aanwezig is (geweest). Uitgangspunt is dat mogelijk een heterogeen verdeelde verontreiniging aanwezig is op de onderzoekslocatie ((voormalige) bouwvoor). Voor de locatie is de hypothese ‘diffuse bodembelasting’ conform de NEN 5725 van toepassing. De onderzoekslocatie is niet lijnvormig. De ondergrond wordt daarnaast onverdacht beschouwd. Uit het vooronderzoek blijkt dat langs/over de zuidwestelijke strook in het verleden een sloot is gedempt met gebiedseigen grond. Derhalve worden hier vooralsnog een aantal boringen geplaatst en dieper doorgezet om de bodem/samenstelling en -opbouw te verifiëren. Bij een afwijkend beeld wordt de onderzoeksinspanning en -opzet aangepast. Op basis van het vooronderzoek zijn geen aanwijzingen naar voren gekomen dat de onderzoekslocatie verdacht is ten aanzien van asbest in de bodem. In onderstaande tabel is een overzicht weergegeven van de (deel)locaties, bijbehorende hypothese en verdachte parameters. Tabel 2.3 Deellocaties met onderzoeksstrategie DEELLOCATIE
OPPER-
HYPOTHESE
STRATEGIE
VERDACHTE
NEN 5740¹
PARAMETERS
Verdachte bovengrond
VED-HE-NL
OCB
Onverdachte ondergrond
ONV-NL
-
VLAKTE
(M²) Planlocatie
2.000
1) VED-HE-NL : verdacht, diffuse bodembelasting heterogeen verdeeld, niet lijnvormig ONV-NL
: onverdacht, niet lijnvormig
PROJECT
10 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
3
Veldwerkzaamheden In dit hoofdstuk worden de veldwerk- en laboratoriumresultaten gepresenteerd.
3.1
Uitvoering veldwerk Het veldwerk is uitgevoerd in 2 fases op 9 en 18 november 2022. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn de volgende werkzaamheden verricht:
een visuele beoordeling van de situatie ter plaatse (terreinverkenning). het zintuiglijk beoordelen van het bij de boringen vrijgekomen bodemmateriaal op eventuele aanwezigheid van verontreinigingen;
bemonstering van het opgeboorde bodemmateriaal; het inmeten van de bemonsteringslocaties middels GPS (RTK-GPS). Tabel 3.1 Deellocaties met boringen en peilbuis ONDERZOEKSLOCATIE
PEILBUIS1
BORINGEN DIEP
BORINGEN ONDIEP
Planlocatie
01
02, t/m 06, 08,12,
07, 09 t/m 11 en14
13 1) Peilbuis met bovenzijde filter vanaf 0,5 meter minus grondwater.
De terreinverkenning en het plaatsen van de peilbuis hebben plaatsgevonden op 9 november 2022. In verband met onduidelijkheden over de opdracht en onderzoekslocatie is het resterende veldwerk en de monstername van grond en grondwater uitgevoerd op 18 november 2022. Ter plaatse van de boringen 04 en 05 tussen de keerwanden van de kuilplaten is eerst de zandophoging boorboord om de onderliggende originele bodem te kunnen bemonsteren. De boorlocaties zijn weergegeven in bijlage A, blad 2. 3.2
Laboratoriumonderzoek Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd door Eurofins Analytico B.V. Een overzicht van de samenstelling van de verschillende grond(meng)monsters inclusief dieptes en de bemonsterde peilbuis met bijbehorende chemische analyses is weergegeven in tabel 3.2 en tabel 3.3. Tabel 3.2 Overzicht samenstelling grondmonsters en analyseparameters (MENG-)
BORINGNUMMER(S)
ANALYSE1
REDEN MONSTERSELECTIE
Standaardpakket
Bovengrond/bouwvoor originele
grond incl. LUOS
bodem / (deels) ophooggrond van
en OCB
aangrenzend,
(CM-MV)
MONSTER
MM01
DIEPTE
03, 12, 13, 14
0 - 25
klei, zwak humeus MM02
PROJECT
11 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
01, 04, 05
30 - 165
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Standaardpakket
Voormalige bouwvoor originele
grond incl. LUOS
bodem, klei, zwak humeus, onder
en OCB
zandophoging
(MENG-)
BORINGNUMMER(S)
MM04
ANALYSE1
REDEN MONSTERSELECTIE
Standaardpakket
Bovengrond, humusloos, (ophoog)
grond incl. LUOS
zand
Standaardpakket
Ondergrond, humusloos zand
(CM-MV)
MONSTER
MM03
DIEPTE
01, 06, 08
01, 02, 03
0 - 50
90 - 200
grond incl. LUOS MM05
02, 07, 10, 12
0 - 30
OCB, Organische
Bovengrond/ bouwvoor, originele
stof
bodem, klei, zwak humeus
1) Zie bijlage C, incl. LUOS = inclusief lutum- en organische stofgehalte, OCB = organochloorbestrijdingsmiddelen
Tabel 3.3 Overzicht grondwatermonster en analyseparameters PEILBUIS/WATERMONSTER
FILTERSTELLING (CM-MV)
ANALYSE1
01-1-1
320 - 420
Standaardpakket grondwater
1) Zie bijlage C
3.3
Normering Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd conform NEN 5740: Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond. Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000 (beoordelingsrichtlijn voor het SIKB procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek). De laboratoriumanalyses zijn uitgevoerd conform de AS3000 (accreditatieschema laboratorium analyses voor milieuhygiënisch bodemonderzoek). Afwijkingen Tijdens het onderzoek is niet afgeweken van de geldende normen.
3.4
Kwaliteitsborging Het procescertificaat van BOOT organiserend ingenieursburo (nr. VB-007) en het hierbij behorende keurmerk (BRL SIKB 2000) zijn van toepassing op de activiteiten inzake het milieukundig veldwerk, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, en de overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. Het onderzoek is op een zorgvuldige werkwijze en door gekwalificeerd personeel uitgevoerd. Om de onafhankelijkheid van het onderzoek te waarborgen, verklaart BOOT organiserend ingenieursburo onafhankelijk te zijn ten aanzien van opdrachtgever en projectlocatie.
PROJECT
12 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
4
Onderzoeksresultaten In dit hoofdstuk worden de resultaten voortvloeiend uit het veldwerk en chemische analyse inclusief toetsing gepresenteerd.
4.1
Bodemopbouw en grondwater Bodemgesteldheid In tabel 4.1 is een overzicht van de aangetroffen bodemopbouw weergegeven. De bodembeschrijving per boring is weergegeven in bijlage B. Tabel 4.1 Bodemopbouw BODEMLAAG
BODEMTYPE
(CM-MV) 0 - 30
Zand, matig fijn, brokken klei
30 – 90
Klei, matig siltig, zwak humeus
90 – 120
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig
120 – 210
Klei, zwak siltig
210 – 420
Zand, matig fijn tot zeer grof, zwak siltig, niet tot zwak grindig
Het grondwater bevindt zich op circa 270 cm-mv. De hoogte van het maaiveld op de onderzoekslocatie varieert als gevolg van het deels opgehoogde terreindeel. 4.2
Veldwaarnemingen Grond Tijdens uitvoering van de veldwerkzaamheden is op diverse plaatsen bodemvreemd materiaal in de bodem aangetroffen. Een overzicht hiervan is weergegeven in tabel 4.2. Tabel 4.2 Zintuiglijke waarnemingen BORING
TRAJECT (CM-MV)
BIJZONDERHEDEN
02
0 - 30
sporen baksteen
06
50 - 75
sporen baksteen
12
0 - 25
sporen baksteen
13
0 - 20
sporen baksteen
13
50 - 75
sporen baksteen
Ter hoogte van de slootdemping is in de geplaatste boringen geen afwijkende bodemsamenstelling waargenomen. De bodem bestaat ter plaatse uit klei en ophoogzand, vergelijk met die van de rest van het terrein. De zintuiglijke waarnemingen geven geen aanleiding de onderzoeksstrategie aan te passen. Asbest Tijdens uitvoering van de veldwerkzaamheden is bodemvreemd materiaal in de bodem aangetroffen bestaande uit sporen baksteen. Het bodemvreemd materiaal is gezien de aard en samenstelling niet asbestverdacht.
PROJECT
13 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Grondwater In tabel 4.2 zijn de gemeten grondwaterstanden en de tijdens peilbuisbemonstering gemeten waarden voor temperatuur, zuurgraad (pH), elektrisch geleidingsvermogen (Ec), en troebelheid (NTU) weergegeven. De in het veld bepaalde pH en Ec wijken niet af van datgene wat van nature in de bodem voorkomt. Bemonstering van het grondwater heeft plaatsgevonden na stabilisatie van het elektrisch geleidingsvermogen. Tabel 4.3 Gegevens grondwater tijdens bemonstering PEILBUIS 01-1-1
BKPB
GWS¹
TEMP¹
CM TOV MV
(CM TOV MV)
( °C )
30
332
14.1
PH¹
EC¹
NTU²
BELUCHT³
7.96
nee
(µS/CM) 6.25
834
1) BKPB
: bovenkant peilbuis
GWS
: grondwaterstand
TEMP
: temperatuur
pH
: zuurgraad
Ec
: elektrisch geleidingsvermogen
NTU
: troebelheid (Nephelometric Turbidity Units)
2) De in het veld gemeten troebelheid valt binnen de vastgestelde waarden voor grondwater met een natuurlijke troebelheid (0 – 10 NTU). 3) Indien tijdens het voorpompen en/of grondwatermonstername de verlaging van het waterniveau in de peilbuis groter is dan 50 cm, waarbij het filterdeel gedeeltelijk droog is komen te staan, wordt gesproken van een belucht grondwatermonster.
4.3
Laboratoriumonderzoek en toetsing Toetsing Wet bodembescherming (Wbb) De analysecertificaten van het laboratorium zijn weergegeven in bijlage C, evenals een verklaring van de analysepakketten. De gemeten waarden worden gecorrigeerd op basis van het gehalte lutum en organische stof. De gecorrigeerde waarde wordt de gestandaardiseerde meetwaarden (=GSSD) genoemd. De gestandaardiseerde meetwaarde wordt getoetst aan de achtergrondwaarde grond (AW2000 grond), streefwaarde grondwater en interventiewaarden, zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering juli 2013 van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. De toetsingswaarden zijn als volgt gedefinieerd:
PROJECT
14 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Tabel 4.4 Toetsingswaarden TOETSINGSWAARDEN1
TOELICHTING
Achtergrondwaarde (AW)
Bodem ijkpunt voor de milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem.
Streefwaarde (S)
Grondwater ijkpunt voor milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem.
Interventiewaarde (I)
Het gehalte aan een stof waarbij de functionele eigenschappen voor de mens, dier en plant ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd.
1) In de praktijk wordt vaak het rekenkundig gemiddelde van de achtergrondwaarde (of streefwaarde) en interventiewaarde gebruikt als toetswaarden waarvoor aanvullend en/of nader bodemonderzoek noodzakelijk wordt geacht. Dit rekenkundig gemiddelde wordt de tussenwaarde genoemd.
Bij toetsing van de grond- en grondwatermonsters is voor sommige (som)parameters de streef- / achtergrondwaarde hoger dan de vereiste rapportagegrens AS3000. In voornoemd geval wordt conform bijlage G van de Regeling bodemkwaliteit en conform bijlage 1 van de Circulaire bodemsanering de rapportagegrens als Achtergrondwaarde grond / Streefwaarde grondwater aangehouden. Bij somparameters geldt dit alleen als de waarden waarmee gerekend wordt lager zijn dan de rapportagegrens. Toetsresultaten grond In tabel 4.5 zijn de verhoogde parameters na toetsing van de geanalyseerde grondmonsters weergegeven. Tabel 4.5 Overzicht toetsresultaten grond(meng)monsters (MENG-)
BORINGNUMMER(S)
DIEPTE
TOETSING1
(CM-MV)
MONSTER
MM01
03, 12, 13, 14
0 - 25
Nikkel*
MM02
01, 04, 05
30 - 165
DDD*, DDE*, OCB*
MM03
01, 06, 08
0 - 50
-
MM04
01, 02, 03
90 - 200
-
MM05
02, 07, 10, 12
0 - 30
DDE*, OCB*
1) zie ook bijlage C
-
: <= detectiegrens/achtergrondwaarde
*
: > achtergrondwaarde
**
: > tussenwaarde
***
: > interventiewaarde
Toetsresultaten grondwater In tabel 4.6 zijn de verhoogde parameters na toetsing van het geanalyseerde grondwatermonster weergegeven.
PROJECT
15 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Tabel 4.6 Toetsresultaten grondwatermonsters PEILBUIS/WATERMONSTER
FILTERSTELLING (CM-MV)
TOETSING1
01-1-1
320 - 420
Barium*
1) zie bijlage C
-
: <= detectiegrens/streefwaarde
*
: > streefwaarde
**
: > tussenwaarde
***
: > interventiewaarde
De overige parameters, waarop de grond- en grondwatermonsters zijn onderzocht, zijn niet
met
verhoogde
concentraties
ten
opzichte
van
de
achtergrondwaarden
grond/streefwaarden grondwater aangetroffen. In bijlage D zijn de gemeten concentraties, de toetswaarden en de toetsresultaten weergegeven. 4.4
Resultaten laboratoriumonderzoek (Voormalig) bouwvoor / bovengrond In mengmonster MM01 van de (voormalige) bouwvoor is een licht verhoogd gehalte aan nikkel aangetoond. Er zijn geen verhoogde concentraties OCB aangetoond. In mengmonster MM03 van de bovengrond/ophoogzand zijn geen verhoogde concentraties ten opzichte van de achtergrondwaarden aangetoond. In de mengmonsters MM02 en MM05 van de (voormalige) bovengrond/bouwvoor overschrijden de concentraties OCB (DDD en/of DDE) de achtergrondwaarden. Ondergrond In de ondergrond (MM04) overschrijden geen van de onderzochte parameters de achtergrondwaarden. Grondwater In het grondwater overschrijdt de concentratie barium de streefwaarde. Het licht verhoogd gehalte barium in het grondwater wordt vaker aangetroffen zonder dat sprake is van een duidelijk aanwijsbare bron. In deze gevallen wordt gesproken van een verhoogde waarden met een (semi) natuurlijke oorsprong1.
4.5
Toetsing onderzoekshypothese De gehanteerde onderzoekshypothese ‘verdachte locatie’ voor de (voormalige) bovengrond/bouwvoor en ‘onverdachte locatie’ voor de ondergrond wordt hiermee aangenomen.
1
Bron: Stichting Kennisontwikkeling Kennisoverdracht Bodem (SIKB); Cahier “zware metalen”.
PROJECT
16 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
5
Conclusies en aanbevelingen In dit hoofdstuk zijn de conclusies en aanbevelingen opgenomen. Uit het uitgevoerd bodemonderzoek kan het volgende worden geconcludeerd:
Tijdens het veldwerk zijn in zeer geringe mate bodemvreemde bijmengingen waargenomen in de vorm van sporen baksteen. De locatie wordt derhalve mede op basis van het vooronderzoek als niet-asbestverdacht beschouwd;
De bodemsamenstelling ter plaatse van de slootdemping laat geen afwijkend beeld zien van de rest van de locatie en bevestigd het gebruik van gebiedseigen grond en ophoogzand;
De licht verhoogde concentraties (nikkel en OCB) in grond en (barium) in het grondwater geven vanuit de Wet bodembescherming geen noodzaak voor het uitvoeren van nader onderzoek en/of het treffen van sanerende maatregelen; De overige geanalyseerde parameters, waaronder lood, zijn niet in verhoogde concentraties ten opzichte van de achtergrond en/of streefwaarden aangetoond;
De aangetoonde concentraties in de bodem vormen in milieuhygiënische zin geen belemmering voor het toekomstig gebruik; kinderdagverblijf.
De resultaten van het verkennend bodemonderzoek kunnen bij herinrichting van het terrein en realisatie van de voorgenomen plannen ter indicatie worden gebruikt voor grondverzet binnen de onderzoekslocatie. Indien het niet mogelijk is om bij de ontwikkeling van de onderzoekslocatie met een gesloten grondbalans te werken, dient grond van de locatie afgevoerd te worden.
PROJECT
17 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Bijlage A blad 1: blad 2:
PROJECT
18 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Topografische ligging Situatietekening en monsterpunten
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
TOPOGRAFISCHE LIGGING Bijlage: A Blad: 1
PROJECT
19 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Van: 2
Opdrachtgever
: Dennis Merkens
Projectnaam
: Cothen, Ossenwaard 13
Projectnummer
: P22-0516
Datum
: 15 december 2022
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Bijlage B Beschrijving bodemopbouw
PROJECT
20 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
Boring: 01 Datum: 9-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 4.569 GWS: 270 X: 148734,53 Y: 445409,76 Opmerking: PB 09-11-2022 geplaatst, boring herplaats/monstername grond en grondwater bij afonding veldwerk 18-11-2022 0
0
braak Zand, matig fijn, zwak siltig, brokken klei, beigegrijs, Edelmanboor
1 30
50
Klei, matig siltig, zwak humeus, zwak roesthoudend, licht grijsbruin, Edelmanboor
2
3 90
100
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, lichtgrijs, Edelmanboor
4 120
Klei, zwak siltig, Edelmanboor 5 150
6
200 210
Zand, matig fijn, zwak siltig, laagjes klei, neutraal geelgrijs, Edelmanboor
250 260
Zand, matig fijn, zwak siltig, laagjes klei, neutraalgrijs, Edelmanboor
300
300
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, neutraalgrijs, Zuigerboor
350 360
Zand, zeer grof, zwak siltig, zwak grindig, neutraal grijsgeel, Zuigerboor
400 420
Onderwerp: Boorbeschrijving Projectnaam: Cothen, Ossenwaard Projectcode: P22-0516 Pagina 1 van 1 d.d. 15-12-2022
Boring: 02
Boring: 03
Datum: 9-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.469 X: 148712,78 Y: 445419,81
0
0 1
GWS:
160
gras
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.993 X: 148752,34 Y: 445421,48
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, resten wortels, sporen baksteen, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
1
Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin, Edelmanboor
2
Klei, matig siltig, zwak humeus, sporen wortels, grijsbruin, Edelmanboor 25
30
50
2
Klei, matig siltig, sporen roest, neutraalgrijs, Edelmanboor 50
50
Klei, zwak siltig, zwak humeus, sporen roest, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
60
3
Klei, matig siltig, zwak humeus, resten wortels, licht grijsbruin, Edelmanboor
3
gras
4 95
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, resten klei, lichtgrijs, Edelmanboor
100
100
Klei, zwak siltig, zwak humeus, licht grijsbruin, Edelmanboor 5
4
140 150
150
150
6
Zand, matig grof, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
160 165
5 7 200
200
200
Zand, matig grof, zwak siltig, lichtgrijs, Edelmanboor
Boring: 05
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 4.731 X: 148728,04 Y: 445400,29
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 4.576 X: 148737,06 Y: 445392,77
0
erf
8
Volledig klinkers
0
0
erf Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgrijs, Edelmanboor, ophoogzand.
Zand, matig grof, zwak siltig, licht grijsbeige, Edelmanboor, ophoogzand
50
Klei, sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
200
Boring: 04
0
Klei, zwak zandig, sporen roest, grijsbeige, Edelmanboor
50
95 100
100
100 Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
1
120
135
150
150
150
Klei, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
3
165
Klei, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
3
Klei, matig siltig, zwak humeus, donker bruingrijs, Edelmanboor
2 Klei, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin, Edelmanboor
2
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
1
190
Onderwerp: Boorbeschrijving Projectnaam: Cothen, Ossenwaard Projectcode: P22-0516 Pagina 1 van 4 d.d. 15-12-2022
175
Boring: 06
Boring: 07
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.623 X: 148732,92 Y: 445382,32
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.652 X: 148692,88 Y: 445407,58
0
0
erf
0
0
Zand, zeer fijn, zwak siltig, brokken klei, lichtbeige, Edelmanboor
Klei, zwak siltig, zwak humeus, sporen wortels, lichtbruin, Edelmanboor
1
1
30
Klei, zwak zandig, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin, Edelmanboor
2 50
50
gras
50
55
Klei, zwak zandig, zwak humeus, sporen baksteen, grijsbruin, Edelmanboor
2 75
3 90
100
4
100
Klei, matig zandig, zwak humeus, donker bruingrijs, Edelmanboor Klei, matig siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor Klei, matig siltig, zwak humeus, sporen veen, resten hout, donkergrijs, Edelmanboor, verteerd organisch hout resten.
5
150
150
Boring: 08
Boring: 09
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.844 X: 148718,20 Y: 445394,65
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.386 X: 148699,35 Y: 445417,89
0
0
erf
0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
Klei, zwak siltig, zwak zandig, zwak humeus, resten wortels, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
1
1
30
50
50
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin, Edelmanboor
2 60
2 80
Klei, zwak zandig, zwak grindig, sporen baksteen, donkergrijs, Edelmanboor
3 100
105
Klei, zwak zandig, donkergrijs, Edelmanboor 4
150
gras
150
Onderwerp: Boorbeschrijving Projectnaam: Cothen, Ossenwaard Projectcode: P22-0516 Pagina 2 van 4 d.d. 15-12-2022
Boring: 10
Boring: 11
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.253 X: 148697,95 Y: 445428,92
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.393 X: 148715,87 Y: 445410,95
0
0
gras
1
0
0
Klei, matig siltig, zwak humeus, resten wortels, lichtbruin, Edelmanboor
30
Klei, zwak siltig, zwak humeus, resten wortels, licht grijsbruin, Edelmanboor
2 50
Klei, matig zandig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1
30
gras
50
55
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin, Edelmanboor
2 60
Boring: 12
Boring: 13
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.931 X: 148730,95 Y: 445424,49
Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 4.216 X: 148759,92 Y: 445409,83
0
0
gras
25
Klei, zwak zandig, zwak humeus, sporen baksteen, sporen wortels, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
1
50
1 20
Klei, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin, Edelmanboor
2
0
0
Klei, zwak siltig, zwak humeus, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
Klei, zwak zandig, zwak humeus, sporen baksteen, neutraal grijsbruin, Edelmanboor Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin, Edelmanboor
2 50
50
55
gras
Klei, zwak zandig, zwak humeus, sporen baksteen, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
3 75
3
Klei, matig siltig, zwak roesthoudend, donkergrijs, Edelmanboor
4 100
100
100
Onderwerp: Boorbeschrijving Projectnaam: Cothen, Ossenwaard Projectcode: P22-0516 Pagina 3 van 4 d.d. 15-12-2022
100
Boring: 14 Datum: 18-11-2022 Ref. vlak N.A.P. Maaiveldhoogte: 3.873 X: 148766,59 Y: 445421,44
0
0
gras Klei, zwak zandig, zwak humeus, resten wortels, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
1 25
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin, Edelmanboor
2 50
55
Onderwerp: Boorbeschrijving Projectnaam: Cothen, Ossenwaard Projectcode: P22-0516 Pagina 4 van 4 d.d. 15-12-2022
Legenda (conform NEN 5104)
grind
klei Grind, siltig
geur Klei, zwak siltig
geen geur zwakke geur
Grind, zwak zandig
matige geur
Klei, matig siltig
sterke geur Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
matige olie-water reactie sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10
Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000 Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
Zand, uiterst siltig
>10000
monsters
geroerd monster
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus volumering
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis
blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
Bijlage C Verklaring analysepakketten, analysecertificaten
PROJECT
22 / 17
DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Cothen, Ossenwaard 13 P22-0516-006 15 december 2022
BOOT Org. Ingenieursburo T.a.v. Chiara van Egmond Postbus 509 3900 AM VEENENDAAL
Analysecertificaat Datum: 02-Dec-2022
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw datum aanlevering monster(s)
2022182479/1 P22-0516 Cothen, Ossenwaard P22-0516-0001-3 19-Nov-2022
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Ing. A. Veldhuizen Technical Manager
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 NL-3771NB Barneveld +31 (0)34 242 63 00 Info-env@eurofins.nl www.eurofins.nl
Venecoweg 5 B-9810 Nazareth +32 (0)9 222 77 59 belgie-env@eurofins.be www.eurofins.be
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
P22-0516 Cothen, Ossenwaard P22-0516-0001-3 Jan Ten Dam
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina 1
2
3
4
5
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
% (m/m)
78.5
74.3
87.0
83.3
78.9
Eenheid
Analyse
2022182479/1 21-Nov-2022 02-Dec-2022 02-Dec-2022/15:41 A,B,C 1/3
Voorbehandeling
Cryogeen malen Bodemkundige analyses
S
Droge stof
S
Organische stof
% (m/m) ds
3.6
4.6
1.1
<0.7
5.7
Gloeirest
% (m/m) ds
95
94
99
99
94
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
18.4
24.7
2.8
2.0
S
1)
Metalen
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
130
170
27
26
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
0.33
0.39
<0.20
<0.20
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
9.9
9.7
3.8
3.4
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
21
29
<5.0
<5.0
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
0.061
0.095
<0.050
<0.050
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
31
31
11
9.6
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
24
30
<10
<10
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
94
87
25
<20
Minerale olie
S
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
3.3
3.6
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
15
12
<11
<11
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
11
7.1
<5.0
<5.0
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
<6.0