bijlage 2. brief DB RDWI reactie strategische kaders
Tekst van het document
Domeintafel Participatie (ZOU) t.a.v. de heer K. Hagedoorn
ONS KENMERK :
DATUM
: 18 april 2023
UW KENMERK
:
BEHANDELD DOOR
:
BIJLAGEN
:
AFDELING/TEAM
: Directie RDWI
ONDERWERP
: Reactie Strategische kaders werk en
TELEFOONNUMMER
: (030) 69 29 500
inkomen 2024-2027
Geachte heer Hagedoorn, beste Krischan, Hartelijk dank voor het toezenden van de Strategische kaders werk en inkomen 20242027. Graag maken wij gebruik van de gelegenheid om als Dagelijks bestuur van de RDWI een reactie te geven op de concept kaders. Allereerst spreken wij onze waardering uit voor het zorgvuldige proces waarmee de kaders tot stand zijn gekomen. De RDWI-organisatie is op een prettige manier meegenomen en op de hoogte gehouden door de ambtelijk opdrachtgevers en de projectleider. Er is gedurende het proces gelegenheid geweest om input en feedback te geven. Wij hebben ervaren dat hier rekening mee is gehouden in het schrijfproces, voor zover dat mogelijk en passend was. Ook stellen wij het op prijs dat onze Regionale Cliëntenraad (RCR) is betrokken bij het proces. Het advies van de RCR is integraal als bijlage bijgevoegd bij deze brief en wij vragen u om ook dit advies mee te nemen in de overwegingen. Algemeen beeld: de richting van de strategische kaders sluit in grote lijnen aan bij de ontwikkelingen in het domein werk en inkomen en bij de ontwikkelagenda ‘De RSD in beweging’ Het is positief dat de nieuwe strategische kaders aansluiten bij de koers die al is ingezet. Zo herkennen we een aantal van de uitgangspunten uit de ontwikkelagenda ‘De RSD in beweging’ die in september 2022 door het Algemeen bestuur van de RDWI is vastgesteld.
De kern daarvan is “om de inwoner centraal te stellen in zijn/haar ondersteuningsvraag. We werken vanuit vertrouwen in de inwoner, met een juiste balans tussen ‘rechtmatigheid’ en ‘doelmatigheid’ en passen waar nodig maatwerk toe.” Dit sluit ook aan bij de wijzigingen die het kabinet voor ogen heeft met ‘Participatiewet in balans’. De komende jaren gaan we aan de slag om daar gezamenlijk verder invulling aan te geven.
De RSD is onderdeel van de Regionale Dienst Werk en Inkomen (RDWI)
Positief is ook dat daarbij de verbinding wordt gezocht met het bredere sociaal domein. Vraagstukken rond ‘werk’ of ‘inkomen’ staan vaak niet op zichzelf bij inwoners. Daarom is ‘geen verkeerd loket’ een goed uitgangspunt; voor de inwoner moet het niet uitmaken waar hij of zij ondersteuning vraagt. De uitdaging voor de organisaties in het sociaal domein is om de dienstverlening achter de schermen goed te regelen. Daarbij gaat het niet om ‘wie gaat waarover’, maar om een constructieve samenwerking tussen de verschillende partijen waar de inwoner baat bij heeft. De kaders gaan op bepaalde punten al ver in op de uitwerking. De voorbeelden die in de kaders genoemd zijn, zien we dan ook als voorbeelden van mogelijke uitwerking; waar andere oplossingen passender zijn voor het waarmaken van de ambities, zullen we die toepassen. Passende nabijheid betekent vooral intensiever samenwerken voor het beste effect voor de inwoner In de kaders wordt een driedeling aangegeven in het lokale niveau, regionale niveau en bovenregionale niveau. In de praktijk lopen deze vaak in elkaar over. Bijvoorbeeld, met de uitvoering van de nieuwe Wet inburgering is de RDWI verantwoordelijk voor het totaal, waarbij samengewerkt wordt met lokale partners om invulling te geven aan de participatiecomponent van de Z-route.
Wat betreft het bovenregionale niveau is het goed om in gedachten te houden dat er steeds meer harmonisatie plaatsvindt van de werkgeversinstrumenten. Dat benadrukt alleen maar het belang van samenwerking en afstemming tussen alle partijen. Nieuwe systematiek participatiemiddelen In bijlage 2 wordt een nieuw financieringsmodel gepresenteerd over de verdeling van de participatiemiddelen. De wijze van financiering betekent voor zowel de RDWI als de gemeenten een geheel nieuwe werkwijze, waarbij de gezamenlijke inzet op re-integratie verschuift naar gedeeltelijk inzet per gemeente. Een aandachtspunt bij de verdere uitwerking is dat dit niet ten kosten gaat van de efficiency in de dienstverlening. In de bijlage is op grote lijnen aangegeven wat een nieuw model betekent; de precieze impact is afhankelijk van de uitwerking. Uiteraard zal tijdig goed onderbouwd aangeven worden wat de effecten zijn op de dienstverlening en de bedrijfsvoering binnen de RDWI. Bij de uitgangspunten ‘inwoner centraal’ en ‘doen wat nodig is’ hoort ruimte voor en vertrouwen in de professional In de begeleiding van inwoners wordt door de RDWI-professional niet gekeken naar woonplaats. De professional zet in wat nodig is binnen de mogelijkheden en instrumenten die hij/zij ter beschikking heeft. We zien dat de problematiek van inwoners die ondersteuning nodig hebben, verzwaart.
De huidige arbeidsmarkt is nog steeds erg gunstig voor werkzoekenden. Bij inwoners die geen werk hebben, is er vaak een combinatie van belemmeringen. Het bemiddelen naar bestaande vacatures en het inzetten van standaard trajecten zijn voor een grote groep inwoners geen oplossing meer. Dit vraagt van onze professional vaak doorzettingsvermogen en creativiteit om tot oplossingen te komen. Ook wanneer betaald werk niet (meer) haalbaar is en ook een stap naar bijvoorbeeld maatschappelijke participatie al een succes is. Gelukkig zien we dat professionals van RDWI, gemeenten en andere partijen elkaar in de uitvoering vaak weten te vinden. Dat proces moet vooral goed gefaciliteerd worden en is wat de RDWI betreft ook onderdeel van de verdere uitwerking, waarbij professionals zelf betrokken worden. Resultaten zijn niet altijd meetbaar; het effect voor de inwoner moet bovenaan staan De wens van gemeenten om ontwikkelingen beter te monitoren en doelstellingen SMART te formuleren is begrijpelijk, maar kan op gespannen voet staan met wat er in deze tijd nodig is. De RDWI streeft naar een zo goed mogelijk effect op het leven van de inwoner. De RSD is onderdeel van de Regionale Dienst Werk en Inkomen (RDWI)
Dat is niet altijd meetbaar in een resultaat. We gaan daarom graag samen in gesprek met gemeenten om daar een goede balans in te vinden. We geven verder invulling aan ‘leren en innoveren’ via de ontwikkelagenda In de kaders wordt nadrukkelijk aangegeven dat we gezamenlijk gaan leren en innoveren. Dat biedt een mooi perspectief dat uiteindelijk ten goede moet komen aan de inwoner. Binnen de RDWI is daar afgelopen jaar mee gestart via de ontwikkelagenda en het interne programma dat gericht is op onder andere het vakmanschap. Via dat programma, waarin ook weer de professional zelf centraal staat, dragen we graag bij aan het leren en innoveren. Een zorgvuldig gezamenlijk proces met oog voor een heldere rolverdeling Na de vaststelling van de kaders door de gemeenteraden komt het proces in de fase van uitwerking. Waar de regie bij de kaders nog bij gemeenten lag, is de uitwerking een gezamenlijke opgave met gemeenten en de RDWI als samenwerkingsverband. Voor de uitwerking is een gezamenlijk proces nodig, waarbij alle partijen vanuit eigen rol aan tafel zitten. Daarbij is het van belang dat er helderheid is over hoe de Domeintafel Participatie ZOU en het Algemeen bestuur van de RDWI zich tot elkaar verhouden en wat in welk gremium afgestemd moet worden.
We gaan gezamenlijk aan de slag met de uitwerking van de kaders Op grond van de gemeenschappelijke regeling RDWI zullen wij in dit najaar een meerjarig strategisch plan voorleggen aan de gemeenteraden, zodat het Algemeen bestuur deze vóór 1 januari 2024 kan vaststellen. Dit plan is een invulling van de strategische kaders, voor wat betreft de taken van de RDWI. Voor zover mogelijk, zullen we in het proces gezamenlijk optrekken met gemeenten die de gemeentelijke innovatieagenda opstellen. Tot slot Wij zien er naar uit om het proces van de verdere uitwerking op een constructieve manier gezamenlijk vorm te geven. De vijf gemeenten vormen met elkaar de gemeenschappelijke regeling RDWI. Graag gaat de RDWI-organisatie samen met de gemeentelijke organisaties, Biga Groep en andere partners het gesprek aan om verder te bouwen aan een goede dienstverlening aan onze inwoners.
Met vriendelijke groet,
W.J. (Walter) van Dijk, voorzitter RDWI
B. (Bernice) Ruiter, directeur RDWI
De RSD is onderdeel van de Regionale Dienst Werk en Inkomen (RDWI)