312378 Raadsvoorstel en -besluit - Participatie visie en verordening Wijk bij Duurstede
Tekst van het document
Raadsvergadering, 25 januari 2022
Voorstel aan de Raad
behandeld door: Edwin van Dorp toestelnummer: 0343-595526 zaaknummer : 293542 e-mailadres : E.vanDorp@wijkbijduurstede.nl
Onderwerp: Participatievisie en verordening participatie en uitdaagrecht 2022 Onderdeel programmabegroting Sociaal domein Economisch domein Ruimtelijk domein Dienstverlening en bedrijfsvoering Integrale veiligheid Portefeuillehouder: Wil Kosterman, wethouder Concept beslispunten 1. de Participatievisie Wijk bij Duurstede 2022 vast te stellen. 2. de Verordening participatie en uitdaagrecht Wijk bij Duurstede 2022 vast te stellen.
Samenvatting Als gemeente Wijk bij Duurstede onderstrepen we het belang van participatie met de samenleving en willen we dit integraal onderdeel maken van onze werkwijze. Om zo te werken voor, vanuit en met de samenleving. Met de komst van de Omgevingswet en de wet Versterking participatie op decentraal niveau, is het zaak om een en ander vast te leggen in een visie op participatie en in enkele daaraan gelinkte beleidsdocumenten, zoals de participatieverordening. Beoogd effect/doel In de Participatievisie wordt helder hoe wij participatie in beleidsprocessen en projecten zien en langs welke weg dit verder ontwikkeld kan worden in de toekomst. Door te zorgen voor een duidelijk beeld, heldere verwachtingen en een gemeenschappelijke taal. Het hoofddoel van het toepassen van participatie in onze gemeente is dat we hiermee bijdragen aan verbinding en versterking van de samenleving, in het licht van meedenken, meesturen en meedoen bij beleidsprocessen en andere projecten. 1
De participatieverordening volgt vanuit de wet Versterking participatie op decentraal niveau en heeft als doel de lokale democratische processen door participatie van inwoners te verrijken, de samenwerking tussen gemeente en inwoners te versterken en helderheid te geven over de invulling van de participatieprocedure en het uitdaagrecht.
Voortraject en achtergronden De totstandkoming van de visie en verordening Bij het maken van de Participatievisie is samenwerking gezocht met allerlei mensen die hebben aangegeven hieraan te willen meedoen, meedenken en meesturen. Iedereen is welkom geweest om aan te sluiten als deelnemer aan het onderzoek en het ontwikkelproces. Het adviesorgaan Sociaal Domein heeft ook onderzoek gedaan naar de ervaren succesfactoren en verbeterpunten van deelnemers in allerlei participatieprocessen. Die bevindingen zijn opgenomen in deze visie. Evenals de kennis en ervaringen van de adviseurs van Dialoogplein Wijk bij Duurstede die ook dialoogtrainingen binnen de gemeente heeft verzorgd. Ook aspecten uit de bespreking in uw raad over participatie met een vertegenwoordiger van de VNG zijn verwerkt in de visie. De participatieverordening is gebaseerd op het model van VNG en aangepast naar de lokale Wijkse situatie. Ook de te volgen procedure voor het uitdaagrecht (ook wel Right to Challenge) is hierin opgenomen. Dit uitdraagrecht is het recht van inwoners en lokale maatschappelijke partijen om een verzoek in te dienen om de uitvoering van een gemeentelijke taak over te nemen, als zij denken deze taak beter en goedkoper uit te kunnen voeren.
Participatie in Wijk bij Duurstede Participatie van inwoners en ondernemers in beleids- of projectplanontwikkeling vindt al vele jaren plaats in gemeente Wijk bij Duurstede. In werkgroepen, klankbordgroepen, adviesorganen en werkateliers is en wordt meegedacht en -geadviseerd op de verschillende domeinen. Of het nu gaat om een dorpsvisie voor Langbroek, de herinrichting van de Zandweg of de Langbroekerdijk, de totstandkoming van de Maatschappelijke agenda of de Omgevingsvisie, of de herinrichting van de Markt. Vroegen we inwoners in het verleden meer te reageren op (concept)beleids- of projectvoorstellen (meeweten, meedenken), tegenwoordig zien we dat zij meer en vaker proactief acteren (zelf doen) vanuit eigen en/of gemeenschappelijk belang. Onze samenleving wil meer en eerder geïnformeerd en betrokken worden bij besluitvorming of gemeentelijke projecten. De vraagstukken waar wij met elkaar voor staan zijn ook complexer geworden. Voor ons als overheid is het van belang, en niet meer dan logisch, om op een goede en passende manier samen te werken met de samenleving, dus met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Daarbij hoort dat we als gemeentelijke organisatie (ambtelijk én bestuurlijk) vooraf goed nadenken en helder zijn over de verschillende rollen van alle betrokkenen bij een vraagstuk of opgave.
Democratie en participatie De gemeenteraad van Wijk bij Duurstede vormt als uitgangspunt de representatieve democratie in onze gemeente. Zo is dat ook vastgelegd in wetgeving. Participatie vormt hierop een democratische aanvulling. Daarbij is het van belang dat participatie zich op de juiste manier
verhoudt tot de rol en de positie van de gemeenteraad en het gemeentebestuur. Zo besluit de gemeenteraad of het college van burgemeester en wethouders over hoe participatie er in de praktijk uit ziet. Door bijvoorbeeld kaders te stellen over welke ruimte er voor is in een bepaald proces. Deze ruimte heeft daarmee gevolgen voor de rol en directe invloed van het gemeentebestuur (hoe meer ruimte of hoe minder kaders in een participatieproces, hoe minder directe invloed van het gemeentebestuur in het proces). Bij participatie gaat het dus over het samenspel en de balans tussen de representatieve democratie (de gekozen volksvertegenwoordiging) en de participatieve democratie (de betrokkenheid en invloed vanuit de samenleving). Bewustwording hiervan en goede werkafspraken vooraf met alle betrokken partijen (heldere communicatie en verwachtingenmanagement) zijn daarom vertrekpunt voor een goed en gedragen proces. De representatieve democratie blijft de basis, maar kan nog beter haar verantwoordelijkheid waarmaken met de aanvullende inbreng vanuit de samenleving en maatschappelijke organisaties. Inbedding van participatie De Participatievisie levert ingrediënten voor het nog te maken Participatiebeleid (vanuit de Omgevingswet) en de Participatieverordening (vanuit de Wet Versterking participatie op decentraal niveau).
Om daarmee concretere kaders te scheppen en handvatten te bieden rondom het thema participatie. Het participatieproces en/of de afweging daartoe krijgt een vaste plek in een projectopdracht, startnotitie of participatienotitie. Hierin wordt dan niet alleen aandacht besteed aan de manier waarop de (delen van) de samenleving worden betrokken, maar ook aan de benodigde capaciteit en financiën om met een participatieproces aan de slag te kunnen gaan. Deze projectopdracht, startnotitie of participatienotie wordt vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders of de gemeenteraad. Bij participatie is het van belang dat vooral ook andere mensen dan de ‘goede bekenden’ zich aangesproken voelen om deel te nemen aan het proces. Bewust gebruik maken van verschillende communicatiekanalen en participatie-methodes is daarbij van belang. Helder over de rol Het is belangrijk om transparant te zijn bij welke onderwerpen inwoners, gemeente en (maatschappelijke) organisaties welke mate van eigenaarschap krijgen of houden. En om steeds met een open blik te kijken in welke vorm en vanuit welke trede/rol vanuit de Participatiematrix participatie mogelijk is. Vele verschillende onderwerpen komen in aanmerking om met behulp van participatie verder te uit werken of te ontwikkelen.
Dat kunnen beleidsontwikkelingen zijn, ruimtelijke projecten, maar ook sociale projecten rondom bijvoorbeeld leefbaarheid. Kleinere onderwerpen zoals de reconstructie van een straat, maar ook grotere onderwerpen zoals de energietransitie en klimaatadaptatie. Participatienotitie of projectopdracht Bij het ontwerpen en uitvoeren van een participatieproces is een aantal aspecten van belang. Deze zullen steeds vooraf in een participatienotitie of projectopdracht worden vastgelegd en uitgewerkt: De participatievraag, het te behalen doel of resultaat De beïnvloedingsruimte, beleidsruimte en rolbeschrijving Wie worden gevraagd mee te doen en wat zijn de verwachtingen over en weer De benodigde capaciteit en andere middelen (waaronder financiën) De inzet van communicatiemiddelen en de verschillende (kern)boodschappen daarbij 3
De in te zetten participatiemethode(n) en het bewaken van de kwaliteit
En tussentijds of na afloop: De tussentijdse en/of eindevaluatie; wat ging goed en wat kan er geleerd worden voor een volgende keer? Wat is het uiteindelijke resultaat van het gevoerde proces? In de participatieverordening worden een aantal zaken formeel vastgelegd over de te volgen procedure bij participatie, over wanneer participatie niet mogelijk is en hoe we om gaan met het uitdaagrecht. Vervolgprocedure De meedenkers in de totstandkoming van de visie worden geïnformeerd na vaststelling ervan door de raad. De visie wordt na vaststelling gepubliceerd op de gemeentelijke website. Na vaststelling van de Participatieverordening wordt deze op de gebruikelijke wijze gepubliceerd en wordt van kracht per 1 maart 2022. Na vaststelling van de Participatievisie worden later in 2022 participatiebeleid en de participatienotitie verder uitgewerkt en ter besluitvorming aangeboden.
Communicatieparagraaf De meedenkers in de totstandkoming van de visie worden geïnformeerd na vaststelling ervan door uw raad. Tevens wordt de visie gepubliceerd op de gemeentelijke website. Na vaststelling van de participatieverordening wordt deze op de gebruikelijke wijze gepubliceerd. Financiën De gevraagde besluiten hebben geen directe financiële gevolgen. Participatieprocessen worden waar mogelijk binnen de bestaande uren en financiën uitgevoerd. Mocht dat niet passen in een toekomstig project of proces, volgt er waar nodig een separaat en onderbouwd voorstel aan de gemeenteraad of het college van b en w.
Bijlagen Participatievisie Wijk bij Duurstede 2022 Verordening participatie en uitdaagrecht Wijk bij Duurstede 2022
Burgemeester en wethouders van Wijk bij Duurstede,
Judith de Jonge Gemeentesecretaris
Iris Meerts Burgemeester
Raadsbesluit 312378 Participatievisie en verordening participatie en uitdaagrecht 2022
De raad van de gemeente Wijk bij Duurstede; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 11 januari 2022, nr. 293542
-
-
gelet op - Gemeentewet, art 149 en 150 - Omgevingswet - Wet versterking participatie op decentraal niveau overwegende dat: - het van belang is lokale democratische processen door participatie van inwoners te verrijken, de samenwerking tussen gemeente en inwoners te versterken en helderheid te geven over de invulling van de participatieprocedure; - dat participatie wordt toegepast wanneer het redelijkerwijze is te verwachten dat er belanghebbenden zijn bij het betreffende beleid of besluit, ofwel wanneer redelijkerwijs te verwachten is dat betrokken bewoners of experts over relevante ervaringskennis of inzichten beschikken die bruikbaar zijn bij de ontwikkeling van het beleid of besluit.
besluit: 1. De Participatievisie Wijk bij Duurstede 2022 vast te stellen 2. De Verordening participatie en uitdaagrecht Wijk bij Duurstede 2022 vast te stellen
Verordening participatie en uitdaagrecht Wijk bij Duurstede 2022 Paragraaf 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: - beleidsvoornemen: voornemen van een bestuursorgaan tot het vaststellen of wijzigen van beleid; - participatie: het betrekken van ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid, projecten en programma’s; - uitdaagrecht: recht van ingezetenen en lokale maatschappelijke partijen om een verzoek bij het bevoegde bestuursorgaan in te dienen om de feitelijke uitvoering van een gemeentelijke taak over te nemen, als zij denken deze taak aantoonbaar beter en goedkoper uit te kunnen voeren. Paragraaf 2. Participatie Artikel 2. Onderwerp van participatie 1. Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden of participatie wordt toegepast. 2. Participatie wordt altijd toegepast als de wet daartoe verplicht. 3. Er is geen participatie mogelijk: a. ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen;
5
b. als participatie bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten; c. als sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft; d. inzake de vaststelling van de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet; e. als de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat participatie niet kan worden afgewacht; f. als het belang van participatie niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de samenleving. Artikel 3. Procedure participatie 1. Het bestuursorgaan stelt bij de start van elk beleidstraject of project vast op welke manier participatie wordt toegepast en maakt dit besluit bekend op de voor die participatieprocedure geschikte wijze. 2. Als participatie wordt toegepast, neemt het bestuursorgaan over in ieder geval de volgende onderwerpen een besluit, en legt dit vast in een participatienotitie: a. doel van participatie; b. beïnvloedingsruimte van participatie; c. kaders voor participatie; d. wijze waarop het bestuursorgaan over deze kaders vooraf communiceert; e. wijze waarop en tijdvak waarin ingezetenen en andere belanghebbenden hun inbreng kunnen leveren; f. wijze waarop democratische waarden in de participatieprocedure worden gewaarborgd; g.
begroting van de kosten voor participatie. 3. Indien omstandigheden het noodzakelijk maken om de kaders bedoeld in het tweede lid onder c. of de inrichting van het proces aan te passen, informeert het bestuursorgaan de deelnemers hierover zo snel mogelijk. 4. Burgemeester en wethouders kunnen voor specifieke beleidsterreinen nadere regels vaststellen. Artikel 4. Eindverslag participatie 1. Ter afronding van de participatie maakt het bestuursorgaan een eindverslag op. 2. Het eindverslag bevat in ieder geval: a. een overzicht van de gevolgde participatieprocedure; b. een weergave van de zienswijzen die tijdens de participatieprocedure mondeling of schriftelijk naar voren zijn gebracht; c. een reactie op deze zienswijzen, waarbij wordt aangegeven welke punten al dan niet worden overgenomen. 3. Het bestuursorgaan maakt het eindverslag op de meest geëigende wijze openbaar. Paragraaf 3. Uitdaagrecht Artikel 5. Onderwerp van uitdaagrecht 1. Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen gemeentelijke taken of hierop het uitdaagrecht wordt toegepast. 2. Het bestuursorgaan wijst ingezetenen en lokale maatschappelijke partijen actief op het van toepassing zijn van het uitdaagrecht. 3. Overname van de uitvoering van de volgende taken is niet mogelijk: a. als het een lopend uitvoeringstraject of ondergeschikte herzieningen daarvan betreft; b.
als het uitdaagrecht bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten;
c. als sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft; d. inzake de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet; e. als de opdrachtwaarde boven de Europese drempelwaarde voor aanbestedingen uitkomt; f. als de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat het benutten van het uitdaagrecht niet kan worden afgewacht; g. als het belang van het uitdaagrecht niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de samenleving. Artikel 6. Procedure uitdaagrecht 1. Een verzoek met betrekking tot het uitdaagrecht wordt bij het bestuursorgaan ingediend en omvat in ieder geval de volgende onderdelen: a. omschrijving van de gemeentelijke taak die de verzoeker wil overnemen; b. een feitelijke onderbouwing van waarom en hoe de verzoeker deze taak beter en goedkoper kan uitvoeren met een ; c. feitelijke onderbouwing van de betrokkenheid, kennis of ervaring van de verzoeker; d. aantoonbare indicatie van het draagvlak onder belanghebbende ingezetenen; e. indicatie van de kosten die aan de uitvoering van de taak verbonden zijn; f. omschrijving van de manier waarop de verzoeker met de gemeente wil samenwerken of ondersteuning nodig heeft; g.
inzicht in hoe de kwaliteit en de uitvoering van de taak op de langere termijn kan worden gewaarborgd. 2. Het bestuursorgaan beslist binnen 10 weken op het verzoek 3. Een contactpersoon van de gemeente begeleidt de verzoekers tijdens het hele proces. 4. Het bestuursorgaan maakt met de verzoekers afspraken over het proces, het resultaat, het budget en de looptijd Paragraaf 4. Slotbepalingen Artikel 7. Evaluatie en monitoring 1. De uitvoering van deze verordening wordt eenmaal per twee jaar geëvalueerd. Het college van burgemeester en wethouders zenden hiertoe elke twee jaar na de inwerkingtreding van deze verordening aan de raad een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de verordening in de praktijk. 2. Ten behoeve van de evaluatie verzamelen burgemeester en wethouders systematisch informatie over: a. Het aantal participatie – en uitdaagprocessen per beleidsdomein; b. Een indicatie van de bestede én eventueel uitgespaarde uren en financiën per proces; c. De effecten en resultaten van de doorlopen participatie- en uitdaagprocessen, in termen van draagvlak, succes, doorlooptijd, kwaliteit, ervaringen van de deelnemers; Artikel 8 Overgangsbepaling De op de datum van inwerkingtreding lopende inspraak- of participatieprocedures worden voortgezet overeenkomstig de eerdere besluiten die over die procedures zijn opgenomen. Artikel 9.
Intrekking oude regeling De Algemene Inspraakverordening gemeente Wijk bij Duurstede 1997 wordt ingetrokken. Artikel 10. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 maart 2022.
7
Artikel 11 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening participatie en uitdaagrecht Wijk bij Duurstede 2022.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 25 januari 2022
De raad voornoemd,
De griffier,
De voorzitter,
I. Joosten
I. Meerts