312378 Bijlage 1 - Participatievisie Wijk bij Duurstede 2022
Tekst van het document
Participatievisie gemeente Wijk bij Duurstede 2022 (Definitieve versie dd 4 januari 2022)
Inleiding Als gemeente Wijk bij Duurstede onderstrepen we het belang van participatie door de samenleving en willen we dit standaard en integraal onderdeel maken van onze werkwijze. Door een gezamenlijke lijn neer te zetten hoe we participatie zien en willen ontwikkelen. Om zo te werken voor, vanuit en met de samenleving. Mede met de komst van de Omgevingswet is het zaak om een en ander nu vast te leggen in een visie op participatie en in een participatieverordening. En in enkele daaraan gelinkte beleidsdocumenten (participatiebeleid, handreiking participatie). Deze Participatievisie is ook participatief tot stand gekomen. Als eerste is in opdracht van de gemeente een afstudeeronderzoek uitgevoerd rondom participatie. Daarbij is samenwerking gezocht met allerlei mensen die hebben aangegeven hieraan te willen meedoen, meedenken en meesturen. Het adviesorgaan Sociaal Domein heeft ook onderzoek gedaan naar de ervaren succesfactoren en verbeterpunten van deelnemers in allerlei participatieprocessen. Die bevindingen zijn ook opgenomen in deze visie. Evenals de kennis en ervaringen van de adviseurs van Dialoogplein Wijk bij Duurstede die ook dialoogtrainingen binnen de gemeente hebben verzorgd. Tenslotte is er gebruik gemaakt van de ervaringen die de afgelopen jaren zijn opgedaan binnen allerlei processen en projecten. Om daarmee te leren van wat goed en minder goed ging.
Aspecten die vanuit deze verschillende invalshoeken een plek krijgen in deze Participatievisie zijn o.a:
Belang van participatie en betrokkenheid Belang van vroegtijdig geïnformeerd en betrokken worden Belang van helderheid over hoe participatie in de gemeente kan plaatsvinden Belang van een goede integrale aanpak en een faciliterende houding vanuit de gemeente Belang van de dialoog als middel om te verbinden en samen te werken
1
1. WAAROM PARTICIPATIE 1.1 Aanleiding Sinds 1999 Participatie van inwoners en ondernemers in beleids- of projectplanontwikkeling vindt al vele jaren plaats in de gemeente Wijk bij Duurstede. Uiteindelijk mondden de ervaringen met onze ‘Sterke Samenleving’ via Wijkgericht Werken uit in het opstellen van een participatiematrix. Hierin werd vastgelegd welke rol we voor onszelf als gemeente zien bij allerlei initiatieven in de samenleving. Dit in aanvulling op de al bestaande participatieladder of -trap, waarin de beoogde rollen voor participanten uit de samenleving worden beschreven binnen gemeentelijke initiatieven (zie verderop in hoofdstuk 3). De ervaring was namelijk dat er veel goede en krachtige initiatieven in de samenleving ontstonden, waarbij de gemeente zeker niet de leidende rol had of hoefde te hebben. Recentere ervaringen met diverse vormen van participatie maken duidelijk dat onze benadering van participatie nog steeds goed kan werken (zoals Herinrichting Markt, proces Omgevingsvisie). Maar ook soms nog de nodige aandacht vergt (zoals bij Zoekgebieden Wind- en Zonne-energie in het Kromme Rijngebied). Dan blijkt bijvoorbeeld dat het van wezenlijk belang is om de participatievraag (waar is de participatie op van toepassing en waar niet) en de verwachtingen over hoe dit van invloed is op de besluitvorming, vooraf glashelder te maken.
Veranderende rollen Als gemeente hebben we ervaren dat er andere manieren van samenwerking tussen overheid en samenleving zijn ontstaan en willen we hier verder op inspelen. Vroegen we inwoners in het verleden meer te reageren op beleids- of projectvoorstellen (meeweten, meedenken), tegenwoordig zien we dat zij meer en vaker proactief acteren (zelf doen) vanuit eigen en/of gemeenschappelijk belang. Inwoners willen ook meer en eerder geïnformeerd en betrokken worden bij besluitvorming rond beleid of bij andere gemeentelijke projecten. De vraagstukken waar we met elkaar voor staan zijn ook complexer geworden. Voor ons als overheid is het van belang, en niet meer dan logisch, om op een goede en passende manier samen te werken met de samenleving, dus met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Daarbij hoort dat we als gemeentelijke organisatie (ambtelijk én bestuurlijk) vooraf goed nadenken en helder zijn over de verschillende rollen van alle betrokkenen bij een vraagstuk of opgave. Twee wetten in de maak Medio 2022 treedt de Omgevingswet in werking. Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen (Rijksoverheid, 2016). Gemeente Wijk bij Duurstede ziet de invoering van de Omgevingswet niet als doel, maar als middel.
Het middel ondersteunt en stimuleert de verandering van procedures, instrumenten, informatievoorziening en de rol van de gemeente, inwoners, bedrijven en (maatschappelijke) organisaties . De Omgevingswet stimuleert de leefwereld om zelf met initiatieven te komen en de systeemwereld om daarbij te ondersteunen (Van Rooy, 2018). In het kader van de Omgevingswet zal in een vervolgstadium en mede op basis van deze Participatievisie het Participatiebeleid worden gemaakt. Hierin worden zaken verder uitgediept. Zoals de toegankelijkheid en de representativiteit en zoals de betrokkenheid van ondervertegenwoordigde groepen. Maar ook de manier waarop een participatieresultaat wordt meegewogen in een uiteindelijk beleids- of uitvoeringsplan. Daarnaast wordt de wet ‘Versterking participatie op decentraal niveau’ momenteel voorbereid. Doel van deze wet is de betrokkenheid vergroten van inwoners bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid van hun gemeente, provincie en waterschap. 2
Deze wet wordt verankerd in de gemeentelijke verordening participatie en uitdaagrecht 2022, waarin ook regels worden gesteld over het uitdaagrecht (voorheen: Right to Challenge) als specifieke vorm van participatie. Met het uitdaagrecht kunnen inwoners en maatschappelijke organisaties de gemeente verzoeken om de uitvoering van een taak van de gemeente over te nemen, al dan niet met bijhorend budget, omdat zij denken deze taak beter of goedkoper te kunnen uitvoeren. De wet zal naar verwachting na de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2022 in werking treden. 1.2 Doel van participatie en van de visie Als gemeente Wijk bij Duurstede willen we in deze visie helder maken hoe wij participatie in beleidsprocessen en projecten zien en langs welke weg dit verder ontwikkeld kan worden in de toekomst. Door te zorgen voor een duidelijk beeld, heldere verwachtingen en een gemeenschappelijke taal. Het hoofddoel van het toepassen van participatie in onze gemeente is dat we hiermee bijdragen aan verbinding en versterking van de samenleving, in het licht van meedenken, meesturen en meedoen bij beleidsprocessen en andere projecten. Of dat nu om groot onderhoud van de Langbroekerdijk gaat, of om het ontwerpen van zonneveldenbeleid, of om het samen vormen van de Maatschappelijke Agenda.
Er zijn vele onderwerpen die leef- en woonomgeving van onze inwoners raken en waarin zij dus tijdig meegenomen willen worden. Het actief betrekken van de samenleving bij de inhoud en ontwikkeling van deze participatievisie, maakt van de visie een gezamenlijk product dat met opbrengsten uit de samenleving is opgebouwd. Dat sluit aan bij een praktijk waarin participatieprocessen niet alleen door de gemeente worden geïnitieerd, maar inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties (vooral) ook zelf met initiatieven kunnen komen en participatie in gang kunnen zetten. Een belangrijk uitgangspunt hierbij is dat daar waar ruimte voor participatie is of gemaakt kan worden, we dit ook dóen. De afweging voor participatie wordt zo een afweging in projecten, processen en beleidsontwikkelingen Daarbij gaan we uit van een passende vorm van participatie, tenzij het niet mogelijk of toegestaan is. Hoe we dat vormgeven volgt verderop in deze visie. 1.3 Betekenis en belang Er zijn vier redenen waarom participatie belangrijk is en die het belang van deze participatievisie onderschrijven: 1. Participatie vergroot de kwaliteit van beleid en projecten. “Vroegtijdig betrekken van de omgeving zorgt ervoor dat verschillende perspectieven, kennis en creativiteit snel op tafel komen. Dit levert winst op voor de omgeving, initiatiefnemers en bestuursorganen.” (Ontwerp Omgevingswet 2019). 2.
Participatie vergroot (mede)verantwoordelijkheid. Als inwoners de hen geboden ruimte nemen, dan worden ze daarmee ook (mede) verantwoordelijk voor de uitkomsten ervan. 3. Participatie verbreedt macht en invloed. Met burgerparticipatie wordt bereikt dat beleid niet over de hoofden van inwoners gaat, maar dat iedereen meer directe, daadwerkelijke invloed kan hebben. Naast andere invloedrijke partijen zoals gekozen volksvertegenwoordigers, organisaties, belangengroepen en lobbyisten. (Tonkens, Hurenkamp, 2020) 4. Participatie vergroot ontplooiing en bevordert persoonlijke ontwikkeling. Mensen ontwikkelen democratische vaardigheden die in hun persoonlijk leven van pas komen, zoals afwegen van belangen, zich verplaatsen in anderen en hun standpunten en het deelnemen aan een dialoog in plaats van een discussie of debat. 3
Het geven van inzicht in processen en van ruimte voor betrokkenheid (vanuit eigen ideeën en belangen), zijn dus belangrijke ingrediënten van goede participatie. Hiermee kan goede participatie ook bijdragen aan meer draagvlak voor te nemen besluiten. “Het vroegtijdig betrekken van burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden bij plan- en besluitvorming zorgt ervoor dat verschillende perspectieven, kennis en creativiteit snel op tafel komen. En kan zo bijdragen aan meer draagvlak en betere besluitvorming.” (Ontwerp Omgevingswet 2019).
1.4 Democratie en participatie Bij participatie gaat het over het betrekken van de samenleving bij wat we als gemeente via beleidsvoorbereiding, -uitvoering en/of -evaluatie willen bereiken. En andersom; over het vaststellen van welke rol wij voor ons zelf als gemeente zien bij processen en projecten die vanuit de samenleving geïnitieerd worden. Dit houdt in dat de gemeente (en in het bijzonder het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad) besluiten niet alléén neemt. Hierbij worden juist belanghebbenden uit de samenleving actief betrokken om samen de te maken keuzes voor te bereiden via een helder proces. De gemeenteraad van Wijk bij Duurstede vormt de basis van de representatieve democratie in onze gemeente. Zo is dat ook vastgelegd in wetgeving. Participatie vormt hierop een democratische aanvulling. Daarbij is het wel van belang dat participatie zich op de juiste manier verhoudt tot de rol en de positie van de gemeenteraad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester (het gemeentebestuur). Zo besluit het gemeentebestuur over hoe participatie er in de praktijk uit ziet. Door bijvoorbeeld kaders te stellen over welke ruimte hiervoor is in een bepaald proces.
Deze ruimte heeft daarmee gevolgen voor de rol en directe invloed van de het bestuur: hoe meer ruimte of hoe minder kaders in een participatieproces, hoe minder directe invloed van het gemeentebestuur in het proces. De representatieve democratie blijft de basis, maar kan nog beter haar verantwoordelijkheid waarmaken met de aanvullende inbreng en denkkracht vanuit de samenleving en maatschappelijke organisaties. Om invulling te geven aan participatie is het daarom van belang dat het gemeentebestuur op zich bereid is om ruimte te geven binnen hun besluitvormingsbevoegdheid. Bij participatie gaat het over het samenspel en de balans tussen de representatieve democratie (de gekozen volksvertegenwoordiging) en de participatieve democratie (de betrokkenheid en invloed vanuit de samenleving). Bewustwording hiervan en goede werkafspraken vooraf met alle betrokken partijen (heldere communicatie en verwachtingenmanagement) zijn daarom vertrekpunt voor een goed en gedragen proces. In beide vormen (representatief of participatief) is het van belang dat alle perspectieven vanuit de samenleving zijn meegenomen en -gewogen en dat ook het zogenoemde stille midden gehoord en gezien wordt.
Bij het benadrukken van de participatieve democratie volgen vragen die vaak gaan over democratische waarden: Hoe representatief zijn participatieve processen eigenlijk? Zitten alle belanghebbenden aan tafel en hebben ze gelijkwaardige invloed? Moet de raad niet altijd het laatste woord hebben om de democratische waarden te bewaken? Het lijkt dan alsof er een fundamentele spanning is tussen representatief en participatief. Tegelijkertijd zien we in de praktijk dat deze spanning leidt tot samen zoeken naar breed gedragen besluitvorming en daarmee een versterking van de balans. Ook over de representatieve democratie zijn er immers vragen over hoe goed die representativiteit is. Denk bijvoorbeeld aan kritieken op het gebrek aan vertegenwoordiging vanuit verschillende groepen
4
1.5 Het vervolg: participatiebeleid, participatieverordening en handreiking Deze Participatievisie levert ingrediënten en uitgangspunten voor het Participatiebeleid (vanuit de Omgevingswet) en de Participatieverordening (vanuit de Wet Versterking participatie op decentraal niveau). Om daarmee concretere kaders te scheppen en handvatten te bieden rondom het thema participatie. Onze huidige participatiematrix herijken we op basis van deze visie waar nodig en we kijken naar de mogelijke inzet van andere werkbare tools (zoals een Handreiking participatie voor initiatiefnemers bij ruimtelijke projecten). Toekomstige participatieprocessen moeten aan de visie kunnen worden getoetst of op basis hiervan kunnen worden ontworpen: past wat betrokkenen en belanghebbenden doen bij de rol die zij hebben? Geeft het gemeentebestuur de ruimte waar zij wil en kan en is een participatieproces zo ingericht dat alle geluiden naar voren kunnen komen? Daarbij bewaakt de gemeente het belang van kwetsbare en minder mondige groepen in de samenleving. Door bijvoorbeeld te zorgen dat kinderen worden betrokken bij het inrichten van speelplekken. Of door er op toe te zien dat jongeren een stem krijgen in zaken die ook (of vooral) hun toekomst aangaan. 1.6 Ontwikkelingen in participatie Samenleving in beweging Een samenleving is altijd in beweging en ontwikkeling.
Een visie is ook niet alleen een stip op de horizon, maar net zozeer een weg waarlangs het onderwerp zich kan of moet ontwikkelen en evolueren. Het is daarom belangrijk dat er op elk moment aansluiting blijft bij de in beweging zijnde samenleving en bij maatschappelijke ontwikkelingen. Dit kan door goed te volgen wat zich in de samenleving afspeelt en daarop zo nodig in te spelen en vooral het gesprek daarover aan te gaan. Polarisatie Een andere ontwikkeling in de samenleving is een zekere polarisatie in het gesprek en debat. Uiterste meningen en standpunten lijken zichzelf steeds meer te willen versterken, waarbij ruimte voor nuancering lijkt af te nemen. Er ontstaat een vorm van wij-zij-denken, waarbij de tegenstellingen tussen groepen in de samenleving versterkt worden. Social media lijken dit proces nog eens aan te wakkeren. Polarisatie kan ook ontstaan vanuit groepen in de samenleving ten opzichte van de overheid. Ruimte voor de dialoog en voor samenwerking met elkaar op de inhoud door participatie kunnen dit helpen verminderen en mogelijk voorkomen. Daarbij moeten we beseffen dat polarisatie een gegeven is en dat de dialoog als gespreksvorm nog niet bij iedereen tot de standaard vaardigheden behoort.
Maar door ons als gemeente vooral te blijven richten op gesprekken met ‘het stille midden’ (de meerderheid die zich niet schaart achter een van de polen), kunnen we dergelijke ontwikkelingen het hoofd bieden en tot constructieve resultaten komen. Participatie: analoog en digitaal Naast de analoge vormen van participeren, maakt sinds de corona-pandemie ook digitaal participeren een snelle ontwikkeling door. Voordeel van digitale vormen is dat een grotere groep mensen aan bod kan komen en doelgroepen op een andere manier of op een zelf te kiezen moment worden bereikt. Aan de andere kant hebben participatieprocessen tijdens de corona-pandemie ook laten zien wat de beperkingen kunnen zijn van digitale participatie. De dialoog is digitaal minder goed te voeren, zeker als de groep meedenkers en insprekers erg groot is. Niettemin vormen digitale mogelijkheden een welkome aanvulling op analoge middelen zoals fysieke bijeenkomsten en kunnen daarmee een goede mix vormen. Enkele voorbeelden van nieuwe analoge en digitale vormen en initiatieven zijn:
Dialoogplein Wijk bij Duurstede 5
Burgerpanel of -forum Stap-dialoog Het Relevante Gesprek (SIR) Online tools (zoals Mentimeter, Miro en Mural) Online participatieplatforms (zoals Citizenlab, Hoplr, Mett) Deep Democracy Gespreksaanpak polarisatie (zoals Denkkader Polarisatie)
6
2. VISIE OP PARTICIPATIE 2.1 Meedoen en meedenken Onderzoeksresultaten laten zien dat inwoners, ondernemers, (maatschappelijke) organisaties en gemeente verschillend aankijken tegen participatie. Er is in de samenleving een wens en bereidheid tot participatie, maar men heeft vaak het idee slechts in beperkte mate een betekenisvolle rol te kunnen spelen. De gemeente hecht waarde aan participatie, maar acht zich vaak dé deskundige en hoofdverantwoordelijke. En komt daardoor vaak met al uitgedachte conceptplannen die dan aan de samenleving en andere betrokkenen worden voorgelegd voor inspraak. Er is dus behoefte aan kaders die participatieprocessen voor iedereen inzichtelijk, overzichtelijk, werkbaar en vruchtbaar maken. Een deel van de samenleving wil vroegtijdig goed geïnformeerd zijn, de mening geven, ideeën aandragen en inhoudelijk meedenken. Een kleiner aantal mensen wil meebeslissen of meehelpen bij uitvoering. De bereidheid tot meedenken is groot als het onderwerp de eigen buurt of hun directe leefomgeving betreft. Mensen denken het liefst mee over leefbaarheid en wonen, verkeer en vervoer, veiligheid, natuur en milieu en sociale aspecten. Meedoen en meedenken wordt dus interessanter voor mensen als het hun dagelijkse omgeving betreft. Onderwerpen ‘doorvertalen’ naar of laten vertrekken vanuit de directe leef- en woonomgeving van inwoners kan dus van belang zijn.
Ook waar het gaat om gemeente-brede beleidsplannen.
2.2 Participatie als vast onderdeel in beleidsprocessen en projecten Uit onderzoek onder inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties blijkt voldoende bereidheid tot participeren. Voor sommigen zonder voorwaarden, voor anderen met de kanttekening daadwerkelijk gezien en gehoord te worden. Dit biedt vertrouwen dat initiatieven in samenwerking kunnen worden opgepakt en tot een goed einde gebracht worden. En daarmee ontstaat een gezamenlijk belang om (vroegtijdige) participatie vast onderdeel te laten zijn van toekomstige projecten en beleidsprocessen. Inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties worden gestimuleerd met eigen initiatieven te komen en deze gezamenlijk op te pakken. Al dan niet samen met de gemeente. De gemeente zet in de basis altijd een optimale vorm van participatie in bij het voorbereiden en uitvoeren van plannen en het opstellen van beleid. Door ook op programma-niveau participatiemogelijkheden te onderzoeken en in kaart te brengen, ontstaan inzicht in dwarsverbanden binnen en tussen programma’s en mogelijkheden om onderwerpen te combineren binnen hetzelfde participatietraject. Zo kan participatie efficiënter en effectiever worden opgepakt en wordt voorkomen dat deelnemers overvraagd worden met meerdere trajecten.
7
2.3 De basis voor goede participatie Ervaringen uit het verleden …. Teleurstellingen in het verleden over de gebleken mogelijkheid tot participatie of door het eindresultaat ervan hebben bij een groot deel van de samenleving gezorgd voor de gedachte dat meedoen toch geen zin heeft. Een belangrijke basale vraag die we onszelf en elkaar moeten stellen is daarom: Hoe creëer je samen een cultuur waarin actieve participatie vanzelfsprekend is en deze permanent toegepast, gestimuleerd en ondersteund wordt? Daarvoor is het van belang dat we elkaar kunnen ontmoeten en leren kennen. Dat we de kennis over een bepaald onderwerp gelijk trekken en vooraf met elkaar delen. Dat we elkaar serieus nemen in een proces en elkaar vroegtijdig op een open manier opzoeken. En bovenal dat de verwachtingen over en weer over een proces of project uitgesproken en bewaakt worden. Elkaar kennen en een gelijkwaardig gesprek De dialoog is een goed middel om hierbij toe te passen. Een open en gelijkwaardig gesprek of participatieproces met elkaar om toe te werken naar een gezamenlijk en zo breed mogelijk gedragen resultaat. Participeren kan zo de norm worden en kan zorgen voor inspiratie, verbinding en voldoening. Een goed participatieproces vraagt om de nodige competenties, tijd en geld om hiermee daadwerkelijk aan de slag te kunnen gaan.
Binnen de gemeentelijke organisatie moet hiermee aan de voorkant van processen en projecten rekening mee gehouden worden. Andersom geldt ook: bij weinig capaciteit en middelen kan geen uitgebreid participatieproces worden doorlopen. Een en ander betekent dat het omgaan met en vormgeven van participatie een plek krijgt in het traject van organisatieontwikkeling van de ambtelijke organisatie. Communicatie en participatie gaan hand in hand. Immers zonder goede communicatie komt participatie niet op gang of ontstaan er verschillende verwachtingen over het proces en de uitkomst ervan. De te kiezen communicatiemiddelen en -momenten en de juiste inhoud ervan zijn belangrijke aspecten in een participatieproces. Het participatieproces of de afweging daartoe moet een plek krijgen in een projectopdracht, startnotitie of participatienotitie. Hierin wordt ook aandacht besteed aan de benodigde capaciteit en financiën om met een participatieproces aan de slag te kunnen gaan. Of andersom, welke participatie er mogelijk is binnen de beschikbare capaciteit en financiën. Daarbij kan het initiatief zowel vanuit de samenleving komen als vanuit de gemeentelijke organisatie. Een stappenplan om te komen tot een goede, objectieve en werkbare afweging en inrichting van een participatieproces vormt de basis hiervan.
Besluit met oog voor de wijsheid van de minderheid Uiteindelijk moeten er in een participatieproces beslissingen worden genomen, knopen doorgehakt en keuzes gemaakt worden, waarbij er altijd mensen onderling van mening en van belang blijven verschillen. Maar als we elkaars zorgen en tegen-ideeën hebben gehoord, kunnen we die een plek geven in de te kiezen oplossing of in het te nemen meerderheidsbesluit. Om zo, zoals Deep Democracy dat zo mooi beschrijft, de wijsheid van de minderheid op te nemen in het besluit van de meerderheid. 8
In een samenleving waarin inwoners en ondernemers zeggenschap hebben, moet er samen gezocht worden naar wat scheidt en bindt. Herkenning en acceptatie van het verschil of de tegenstelling helpt bij het vinden van de gezamenlijke basis en het bieden van perspectief: samen op zoek gaan naar de oplossing of overeenstemming. Als de ander begrijpt welke afwegingen aan de oplossing vooraf zijn gegaan, is er eerder neiging tot acceptatie of begrip (Rijnja, 2019 VNG, 2019).
2.4 Bekenden en onbekenden en check op representativiteit van de inbreng Er zijn mensen die, om wat voor reden ook, niet mee willen of kunnen doen aan een participatieproces. Er zijn echter ook mensen die wel zouden willen deelnemen aan een participatieproces, maar waarbij het niet goed lukt hen te bereiken of waarbij zij om een andere reden niet in actie komen. Door als gemeente structureel en proactief te investeren in relaties met inwoners en andere stakeholders, en niet alleen zichtbaar te zijn bij problemen of nieuwe plannen, bouwen we een duurzame band op. Hierdoor voelen ook andere mensen dan de ‘goede bekenden’ zich eerder aangesproken om deel te nemen aan participatieprocessen. Bewust gebruik maken van verschillende communicatiekanalen en methodes is daarbij van belang. Door te zorgen voor openheid en respect, door deelnemers de gelegenheid te geven om hun verhaal te doen en uitleg te geven over het verloop én over de inhoudelijke uitkomst van het participatieproces, bereik je dat er een positieve beleving is en er een volgende keer weer meegepraat wordt (Lind, 2015; Bleijenberg, 2017).
In 2019 is een betrokkenheidsanalyse van de gemeente Wijk bij Duurstede gemaakt. Dit als onderdeel van de Citisensmethode, die als hulpmiddel inwoners categoriseert in acht onderscheidende groepen. Voor iedere groep is een zogeheten betrokkenheidsprofiel opgesteld; hierbij zijn sociaal-demografische kenmerken uit betrouwbare bronnen gecombineerd met onderzoeksdata over betrokkenheid van inwoners bij de eigen leefomgeving, hun vertrouwen in instituties, participatiegedrag en communicatievoorkeuren (Necker van Naem, 2019). Met deze betrokkenheidsanalyse kan de representativiteit van inwoners in participatieprocessen getoetst worden, maar kan ook vooraf worden ingespeeld op de vraag wat er allemaal een rol speelt in de beslissing van mensen om mee te praten of mee te doen. Door inwoners op de voor hun best passende manier te betrekken bij participatieprocessen, wordt de kans van slagen vergroot.
9
3. ROLLEN EN ONDERWERPEN 3.1 Participatiematrix en participatietrap In de Participatiematrix beschrijven we de verschillende rollen die we voor onszelf als gemeentelijke overheid zien bij mogelijk processen en projecten. Door daarbij te bepalen hoe wij de verantwoordelijkheid voor maatschappelijke effecten zien (horizontale as) en hoeveel invloed wij willen op de realisatie van een proces of project (verticale as) Zo kunnen we vijf verschillende hoofdrollen benoemen voor de gemeentelijk organisatie (de groene vlakken)
(Overheids) participatie-matrix
De Participatiematrix is nog steeds goed toepasbaar, maar het is van belang dat deze regelmatig geëvalueerd wordt en waar nodig aangepast. Een up-to-date Participatiematrix ondersteunt en stimuleert het aangaan van nieuwe samenwerkingsverbanden en dwarsverbindingen, zoals eerder al is beschreven. Van belang is om de Participatiematrix te laten aansluiten op de verschillende doelgroepen binnen de gemeente Wijk bij Duurstede en daarmee inclusie te bevorderen.
Naast de gemeentelijke rollen zoals vastgelegd in de participatiematrix, is het ook van belang om de rollen te bepalen voor de deelnemers aan het participatieproces vanuit de samenleving. Daarvoor hanteren we rollen zoals die op de Participatietrap zijn opgenomen. Iedere trede vraagt van alle betrokkenen een eigen inbreng en verantwoordelijkheid.
10
Figuur Participatietrap
Omdat het om rollen gaat van twee verschillende ordes en voor de verschillende deelnemers aan het participatieproces (gemeente en samenleving), blijven we werken met beide modellen.
3.2 Onderwerpen participatie Het is belangrijk om transparant te zijn bij welke onderwerpen inwoners, gemeente en (maatschappelijke) organisaties welke mate van eigenaarschap krijgen of houden. En steeds met een open blik te kijken in welke vorm en vanuit welke trede/rol participatie mogelijk is. Vele verschillende onderwerpen komen in aanmerking om met behulp van participatie verder te uit werken of te ontwikkelen. Dat kunnen beleidsontwikkelingen zijn, ruimtelijke projecten, sociale projecten rondom bijvoorbeeld leefbaarheid. Kleine onderwerpen zoals de reconstructie van een straat, maar ook grote onderwerpen zoals energietransitie en klimaatadaptatie. Een participatieagenda (met onderwerpen en aanspreekpunten) kan daarbij een handig en overzichtelijk hulpmiddel zijn. Soms is participatie niet mogelijk, bijvoorbeeld wanneer dit wettelijk uitgesloten is, of wanneer uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat participatie niet kan worden afgewacht. Belangrijker is echter dat de ruimte voor participatie, waar gaat het wel en niet over, vooraf duidelijk is en onderbouwd is. 3.3 Van visie naar uitvoering Deze visie is bedoeld om helder te maken hoe participatie in beleidsprocessen en projecten gezien moet worden en langs welke weg dit verder ontwikkeld kan worden in de toekomst.
Zoals het Participatiebeleid vanuit de Omgevingswet en de Participatieverordening vanuit de Wet versterking participatie op decentraal niveau. Daarnaast is een handreiking voor initiatiefnemers van belang, waarin helder en bondig is opgenomen hoe en in welke gevallen participatie moet worden vormgegeven.
Voor de uitwerking van deze visie in concrete keuzes over participatie voor aanvang van een participatieproces is een aantal ingrediënten van belang:
De participatievraag, het te behalen doel of resultaat De beïnvloedingsruimte, beleidsruimte en rolbeschrijving Wie worden gevraagd mee te doen en wat zijn de verwachtingen over en weer De benodigde capaciteit en andere middelen (waaronder financiën) De inzet van communicatiemiddelen en de verschillende (kern)boodschappen daarbij De in te zetten participatiemethode(n) en het bewaken van de kwaliteit
En tussentijds of na afloop:
De tussentijdse en/of eindevaluatie, wat ging goed en wat kan er geleerd worden voor een volgende keer. Wat is het uiteindelijke resultaat van het gevoerde proces?
Een en ander wordt vooraf vastgelegd en vastgesteld in een participatienotitie of projectopdracht. 11
Daarnaast is het van belang om een lijst van best practices en van do’s en don’ts op te stellen en steeds aan te vullen. Om zo het lerend vermogen van de gemeentelijke organisatie te ondersteunen. Wat zijn mooie voorbeelden waarvan anderen kunnen leren? Wat zijn valkuilen bij participatieprocessen? Welke middelen werken goed en welke minder goed?
3.4 Blijven leren en ontwikkelen Het is dus van belang om steeds gebruik te blijven maken van ervaringen en resultaten binnen participatievraagstukken (zowel binnen als buiten de gemeente Wijk bij Duurstede). Om zo goed te kijken wat wel en niet werkt in processen en bij verschillende onderwerpen. Hoe bevorderen we met elkaar het voeren van een constructieve dialoog? Wat is nodig om ons verder te blijven ontwikkelen en te bekwamen? Door hier steeds mee bezig te blijven in een cyclus van Plan-Do-Check-Act, zorgen we er met elkaar voor dat participatie adequaat vorm krijgt en blijft houden. En dat we zo optimaal gebruik blijven maken van de kracht van de Wijkse samenleving.
12