20230418 Jaarstukken 2022 - vastgesteld door AB 6 april 2023 (def)
Tekst van het document
De uitvoering van de Omgevingswet brengt gegarandeerd risico’s met zich mee, die in dit stadium nog niet te kwantificeren zijn. Beheersingsmaatregel is de investering in de implementatie.
I
P.M.
75%
P.M.
11. Wet Kwaliteitsborging voor het Bouwen
Met de inwerkingtreding van de Wet Kwaliteitsborging Bouwen is nog niet duidelijk welke risico's dit met zich meebrengt.
I
P.M.
50%
P.M.
Totaal berekend restrisico 2023 * I = Incidenteel / S = Structureel
1.091
6.2.2.3 Berekening en waardering ratio weerstandsvermogen Onderdeel Algemene reserve 2022 Restrisico 2023 Ratio weerstandsvermogen (algemene reserve / restrisico) Waardering restrisico conform Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
Stand per heden 809.086 1.091.000 0,74 E (onvoldoende)
37
Jaarstukken 2022
6.3
Financiële kengetallen Kengetallen geven de verhouding weer tussen onderdelen van resultatenrekening en/of balans en helpen bij de beoordeling van onze financiële positie. Deze kengetallen geven inzicht in hoeveel (financiële) ruimte wij hebben om structurele en incidentele lasten te dekken. De verplicht op te nemen kengetallen in de jaarrekening staan in artikel 113 van het BBV en worden in tabel 6 berekend en toegelicht. Kengetallen a. Netto schuldquote b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen c. Solvabiliteitsratio d. Grondexploitatie e. Structurele exploitatieruimte f. Belastingcapaciteit
Realisatie 2021
2e Bijgestelde Begroting 2022
Realisatie 2022
-8,05%
-0,62%
-4,81%
-8,05% 33,87% n.v.t. -1,20% n.v.t.
-0,62% 22,54% n.v.t. -0,16% n.v.t.
-4,81% 21,07% n.v.t. 4,45% n.v.t.
Tabel 6: Financiële kengetallen
a. Netto schuldquote Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto-schuldquote. De quote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van rentelasten en aflossingen op de exploitatie. Zoals de tabel laat zien, is de quote -8,05% in 2021 en -4,81% in 2022. De schuldquote is gewijzigd, wat duidt op een lager niveau van de bezittingen en/of een hoger niveau van schulden. De oorzaak daarvan is dat de positie van de schulden is toegenomen door de hogere af te dragen omzetbelasting en loonheffing. Daarnaast zijn de vorderingen op openbare lichamen lager dan in 2021. De positie is nog steeds goed te noemen en beter dan begroot. b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Wij hebben geen verstrekte leningen, waardoor het kengetal niet afwijkt van het eerste kengetal, de netto-schuldquote. c. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio laat zien of wij aan onze financiële verplichtingen kunnen voldoen. Hoe hoger de ratio, hoe groter onze financiële weerbaarheid. De solvabiliteit is het afgelopen jaar iets gedaald. In 2021 was deze hoger door het hogere rekeningresultaat. d. Grondexploitatie Wij exploiteren geen grond, waardoor dit kengetal niet van toepassing is. e.
Structurele exploitatieruimte Om te zien hoe groot de structurele exploitatieruimte is, kijken wij naar de structurele baten en lasten en vergelijken deze met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Het kengetal wijkt iets af ten opzichte van de tweede bijgestelde begroting en geeft aan dat de ODRU een financieel stabiele organisatie is. Daarbij kunnen de structurele baten de structurele lasten opvangen. f. Belastingcapaciteit Omdat wij geen belastingen innen, is dit kengetal niet van toepassing.
3
Verwijzing naar de definities en berekeningsmethode: http://wetten.overheid.nl/BWBR0036853/2016-04-14
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
38
Jaarstukken 2022
6.4
Bedrijfsvoering en personeel Bedrijfsvoering Het Bedrijfsbureau zorgt samen met de afdelingen Bestuursbureau en Planning & Control voor de ondersteuning van de lijnafdelingen. Dit zorgt ervoor dat de primaire processen zo effectief en efficiënt mogelijk uitgevoerd worden. Inkoop In het kader van het programma om onze inkoop te professionaliseren hebben wij onze contractenadministratie ingericht en alle contracteigenaren ondersteund. Op basis van deze administratie kunnen we nu de aanbestedingskalender maken en zoeken naar partners voor aanbestedingen. De achterstand aan aanbestedingen is bijna ingehaald. Duurzaamheid speelt bij onze aanbestedingen een grote rol, bijvoorbeeld voor print- en drukwerk, vervangen ICT hardware of dienstvoertuigen. Huisvesting De ODRU heeft als hoofdvestiging het Provinciehuis in Utrecht. Het huurcontract loopt af in 2024. We hebben onlangs het besluit genomen in het Provinciehuis te blijven omdat een deel van onze ketenpartners zoals de VRU, Provincie en RUD hier ook gehuisvest zijn. Processen Om onze processen goed vast te kunnen leggen, hebben we in 2022 een procesbeheerapplicatie geselecteerd en geïmplementeerd. Met de invoering van het nieuwe zaaksysteem leggen we nu alle primaire processen vast. Tegelijk hebben we met de digitalisering van de processen bij HRM en Inkoop ook deze processen vastgelegd.
Personeel Bij de opstelling van de begroting 2022 zijn wij uitgegaan van de door ons bestuur vastgestelde vaste toegestane formatie van 146,55 fte (hierin is dus niet de inhuur inbegrepen). Begin 2022 hebben wij de begroting gewijzigd door DVO-verlagingen van de gemeenten IJsselstein en Montfoort. Door deze afname hebben wij de formatie verlaagd van 146,55 naar 140,37 fte. In de tweede begrotingswijziging is de formatie niet aangepast maar is gewerkt met stelposten. In latere fase is de vaste toegestane formatie herijkt waarbij de gevolgen van de tweede begrotingswijziging en de ontstane scheefgroei zijn verwerkt. Dit heeft geresulteerd in een vaste toegestane formatie van 142,45 fte.
Tabel 7: Formatie en bezetting per 31-12-2022
De vaste toegestane formatie bestaat uit 31,35 fte voor overhead en 111,10 fte voor uitvoering. Het percentage overhead komt daarmee uit op 22,01%. De norm van het algemeen bestuur is maximaal een overhead van 25%.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
39
Jaarstukken 2022
Op 31 december 2022 telde de ODRU 141 medewerkers, waarvan 72 fulltimers en 69 parttimers. In combinatie met de extra niet-begrote werkzaamheden hadden wij in de loop van 2022 in totaal 99 inhuurkrachten nodig om de taken uit te voeren. Op 31 december 2022 hadden wij zeventien fte aan vacatures. Van deze vacatureplekken is een deel opgevuld door inhuurkrachten. Daarnaast besloten wij een gedeelte voorlopig niet op te vullen. Voor de overige vacatures is actief geworven. Ondanks de krapte aan vakspecialisten op de arbeidsmarkt, de coronacrisis en de grote uitstroom in 2022, is het gelukt om een groot aantal vacatureplekken op te vullen. Toch is de bezettingsgraad van 89% in 2020 iets verlaagd naar 88% in 2022. In 2022 kwamen vierentwintig (2021 13) nieuwe medewerkers in dienst. Afgelopen jaar hebben wij aandacht besteed aan het invullen van openstaande vacatures. Dat is grotendeels gelukt. Onderstaande grafiek geeft de verdeling weer van fulltime- en parttime-medewerkers, gelinkt aan de verhouding tussen vrouwen en mannen.
Kengetallen strategische personeelsplanning a. Bezettingsgraad ten opzichte van de formatie van 100% De vaste toegestane formatie die is goedgekeurd in de begroting, is gebaseerd op de omvang van de vaste contracten, zoals overeengekomen in de Dienstverleningsovereenkomsten (DVO’s). De definitie, die wij hanteren voor de bezettingsgraad, luidt: ‘De verhouding van de feitelijke bezetting in fte ten opzichte van de vaste toegestane formatie in fte (uitgedrukt in procenten)’. In 2022 kwamen wij uit op een bezettingsgraad van 88%. Deze ligt onder de streefwaarde van 100% waartoe het MT en het bestuur in 2020 hebben besloten. In 2022 gaan wij door met de wervingsactiviteiten om de bezettingsgraad verder te verhogen. b. Doorstroming naar andere functie 7,5% (interne mobiliteit) De definitie voor de doorstroming luidt: ‘De verhouding van het aantal medewerkers dat doorstroomt naar een andere functie binnen de organisatie, ten opzichte van het totaal aantal medewerkers (uitgedrukt in procenten)’. Dit gaat om horizontale en verticale doorstroming (omhoog en omlaag) en een formele wijziging van functie. Het vervullen van een tijdelijke rol (bijvoorbeeld projectleider) zonder bijbehorende functiewijziging geldt niet als doorstroming. In 2022 zijn vier medewerkers intern doorgestroomd naar een andere functie. Dit komt neer op een mobiliteit van 2,85%.
De KPI hebben wij daarmee niet gehaald. c. Generatie-index conform landelijk gemiddelde: 1,1 De definitie luidt: ‘De verhouding van het aantal 50- tot 60-jarigen in de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van het aantal 30- tot 40-jarigen’. Als de verhouding in evenwicht is, is deze 1. Is deze groter dan 1, dan is het aantal 50- tot 60-jarigen in de meerderheid. In 2022 is onze generatie-index 2,4. Deze is hoger dan de streefwaarde van 1,1 en ook hoger dan in 2021(1,6).
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
40
Jaarstukken 2022
Tot en met 2021 waren er twee instrumenten om de leeftijdsopbouw te beïnvloeden nl de Regeling generatiepact en het Young Professional programma (zie hieronder). Het regeling generatiepact is in de CAO 2021 vervangen. De huidige zeven deelnemers mogen gebruik maken van de regeling tot hun pensioen. d. Jaarlijks gemiddeld twee tot drie trainees/Young Professionals in dienst nemen De definitie luidt: ‘Aantal trainees of Young Professionals (jonger dan 30 jaar) in dienst op een functie, in vaste dienst of op basis van een tijdelijk contract’. In september 2020 zijn vijf Young Professionals aangenomen. Het Young Professionalsprogramma duurde t/m februari 2022. Dit instrument is niet verder doorgezet in 2022. Gezien de krappe arbeidsmarkt is er ingezet op extra wervingsactiviteiten waarmee in 2022 24 medewerkers zijn geworven. e. Aantal medewerkers dat een opleiding/cursus heeft gevolgd 70-75% (deskundigheid) De definitie luidt: ‘De verhouding tussen het aantal medewerkers dat een opleiding of cursus heeft gevolgd en het totaal aantal medewerkers (uitgedrukt in procenten)’. In 2022 volgde 74% van de medewerkers een cursus of opleiding. Arbeidsverzuim Het arbeidsverzuim in 2022 was 6,16% (2021: 3,68%) en ligt daarmee ruim boven de norm van 5%. Het verzuim bestaat voor 2,92% uit kortdurend en middellang verzuim en voor 3,24% uit lang en extra lang verzuim.
Historisch gezien is het verzuim hoog. Dit geldt voor zowel het kort als het lang verzuim. De oorzaak hiervan ligt voor een deel aan de nasleep van de coronacrisis maar komt ook door de werkdruk-beleving en het hogere personeelsverloop. Hier spelen werk- en niet-werk gerelateerde oorzaken mee en het betreft steeds wisselende personen. Wij richten ons op preventieve inzet om ziekteverzuim te voorkomen. Denk aan de inzet van vitaliteitsactiviteiten (stoelyoga, workshop omgaan met stress, middelen voor een ergonomische werkplek, coaching) en vooral het eerste halfjaar het formeren van een zorgteam in coronatijd. Kengetal
Waarde
Verzuimpercentage totaal cumulatief
6,16%
Verzuimuren kort (<8 dagen)
1,36%
Verzuimuren middellang (8-42 dagen)
1,56%
Verzuimuren lang (> 42 dagen)
2,83%
Verzuimuren extra lang (> 1 jaar)
0,41%
Tabel 8: Arbeidsverzuim
Arbo/ BHV In 2022 hebben wij gewerkt aan de oplossing van de laatste zaken uit de risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) uit 2017. In 2022 hebben wij de regelingen rond het thuiswerken geformaliseerd. Het gaat om de vergoedingen voor thuiswerken en reiskosten. Daarnaast faciliteerden wij in 2022 net als in 2021 medewerkers om hun thuiswerkplek Arbo proof in te richten. Het Coronazorgteam was ook in 2022 actief en zorgt ervoor dat medewerkers handelen volgens de coronarichtlijnen en dat medewerkers thuis volgens de Arbo richtlijnen kunnen werken. De arbeidsomstandigheden blijven onder onze aandacht. Wij spraken met de Ondernemingsraad af om in 2022 de RI&E te actualiseren, maar door problemen met de personele bezetting is dit uitgesteld. Wij pakken dit op in afstemming met de Arbodienst.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
41
Jaarstukken 2022
In het provinciehuis is een aantal BHV-voorzieningen centraal geregeld. Zo is elke etage voorzien van brandblussers, verbandmiddelen, een AED en een Evac-chair. Verder hebben wij een ontruimingsplan en maken wij onderdeel uit van een gezamenlijke BHV-ploeg. Op de verschillende NME-centra zorgen we voor voldoende opgeleide BHV’ers om de veiligheid te waarborgen. Door de vele bezoekers is dit van groot belang. In 2022 hebben alle BHV’ers deelgenomen aan de BHV-herhaling. Bij de NMEcentra hebben veiligheid, Arbo en milieu prioriteit. De vertrouwenspersoon heeft in 2022 een vervolgtraining gehad. In 2022 is er in enkele gevallen sprake geweest van ongewenst gedrag. Het betreft dan ongewenst gedrag van ondernemers richting toezichthouders. De vastgestelde procedures zijn daarbij gevolgd. Daarnaast is er in 2022 gestart met een training ongewenst gedrag. Deze training loopt door in 2023 en het is de bedoeling dat alle medewerkers van de ODRU deze training volgen. Wij hebben een kledingcommissie met vertegenwoordigers uit verschillende disciplines. Deze commissie heeft een protocol opgesteld voor verstrekking, onderhoud, vervanging en (duurzame) inname van kleding en persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM).
Voor medewerkers die regelmatig vanuit hun functie buitendienstwerkzaamheden verrichten voor onze klanten, hebben wij op basis van de risico’s, behoefte en functie, een passend pakket samengesteld. Zij krijgen in onze maatschappij steeds vaker te maken met onveilige situaties. De kledingcommissie, de Arbo coördinatoren en het MT hebben hier oog voor en proberen met een goede training en beschermingsmiddelen de veiligheid en herkenbaarheid van onze medewerkers te waarborgen. Rechtmatigheid Vanaf 2023 is de accountant niet langer verantwoordelijk voor het afgeven van een rechtmatigheidsoordeel. Deze verantwoordelijkheid komt bij ons dagelijks bestuur te liggen. Het algemeen bestuur bepaalt de kaders voor de rechtmatigheidsverantwoordelijkheid. Volgens het Addendum Kadernota Rechtmatigheid 2021 moeten wij al in onze jaarrekening 2022 rapporteren over rechtmatigheid. Het gaat om een toelichting op niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van de Wet Fido (stellige uitspraak) en een toelichting op fraude door eigen medewerkers (aanbeveling). Hieronder lichten wij beide onderwerpen toe. Niet-financiële (on)rechtmatigheden in relatie tot Wet Fido De Wet Fido en onderliggende regelingen moeten de risico’s beperken voor gemeenten bij lenen en beleggen. In veel gevallen zijn bij overtredingen van de Wet Fido geen (directe) financiële gevolgen.
Deze onrechtmatigheden hoeven wij daarom niet op te nemen in de verklaring Rechtmatigheid. Volgens de commissie BBV zijn onrechtmatigheden op dit vlak wél van belang voor het beeld dat het algemeen bestuur heeft van onze financiële positie. Daarom moet zij geïnformeerd worden in geval van afwijkingen. Wij constateren geen onrechtmatigheden met betrekking tot de Wet Fido. Uit onderstaande toelichting blijkt dat wij voldoen aan a) de kasgeldlimiet, b) renterisiconorm en c) het drempelbedrag schatkistbankieren. a) Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het totaal aan kortlopende leningen dat een gemeente per kwartaal uit mag hebben staan. Het bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet bedroeg in 2022 €850.000. In 2022 is deze norm niet overschreden. b) Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel dat een lokale overheid spreiding aanbrengt in de vaste leningenportefeuille, zodat renterisico’s gelijkmatig over de jaren worden verdeeld. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal. Dit betekent dat wij per jaar maximaal 20% van het begrotingstotaal mogen vernieuwen (herfinanciering en/of renteherziening). Wij hebben geen langlopende leningen en voldoen daarom aan de renterisiconorm. c) Drempelbedrag schatkistbankieren Sinds 2014 is het zogenaamde schatkistbankieren verplicht.
Wij hebben hiervoor een speciale rekening geopend bij de huisbankier BNG en het Rijk. Als het drempelbedrag ad €250.000 op de rekening courant is bereikt, romen wij het teveel af naar deze speciale rekening schatkistbankieren. In
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
42
Jaarstukken 2022
2021 is het drempelbedrag voor schatkistbankieren gewijzigd van €250.000 naar een bedrag van €1.000.000. De ODRU heeft het automatisch afromen van de lopende rekening (nog) niet aangepast aan het nieuwe drempelbedrag. (Niet) geconstateerde fraude door eigen medewerkers Volgens het controleplan 2022 hebben wij via interviews gecontroleerd op fraude door eigen medewerkers. Hieruit zijn geen fraudesignalen naar voren gekomen. Op dit moment wordt er beleid geschreven om het risico van fraude in kaart te brengen en te beheersen.
6.5
Overige paragrafen Planning- & Control-producten Afgelopen jaar hebben wij aandacht besteed aan de verbetering van de P&C-cyclus en de kwaliteit van de P&C-producten. Door het grote personeelsverloop is er te weinig tijd besteed aan diverse trajecten, zoals de verbetering van de rapportages. Wel hebben we zelf diverse financiële processen beschreven en onderzocht op verbeteringen. In 2023 zal de uitwerking daarvan een vervolg krijgen. Verbonden partijen Wij hebben geen bestuurlijke en/of financiële belangen in andere gemeenschappelijke regelingen of vennootschappen en lopen dus geen risico’s. Grondbeleid Wij zijn een dienstverlenende instelling die geen activiteiten heeft in het kader van grondaankoop of verkoop. Wij lopen dan ook geen risico. Lokale heffingen Wij zijn dienstverlenend aan de deelnemende gemeenten en innen zelf geen lokale heffingen. Eventuele heffingen worden door de gemeenten geïnd. Gemeenten kunnen de opbrengsten van de lokale heffingen gebruiken om de kosten voor de ODRU te dekken. Onderhoud kapitaalgoederen Wij zijn een dienstverlenende instelling die geen activiteiten uitvoert in het kader van onderhoud aan kapitaalgoederen. Wij lopen dan ook geen risico.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
43
Jaarstukken 2022
DEEL 3: JAARREKENING
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
44
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2022
Verstegen accountants en adviseurs B.V.
7.
Overzicht van baten en lasten 2022
06/04/2023 d.d. ...................
Conform BBV-voorschriften worden de baten en lasten per programma weergegeven. De ODRU kent één programma. In Tabel 9 staat het totaaloverzicht van de baten en lasten 2022. In hoofdstuk 8 worden de baten en lasten nader toegelicht. In bijlage 4 worden conform BBV de baten en lasten per taakveld gepresenteerd.
Lasten (in euro's)
Totaal 2e Bijgestelde Realisatie begroting 2022 2022
Begroting 2022
Verschil
Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel
12.255.000
12.597.500
10.311.537
2.285.963
- Personeel van derden
-
2.631.500
4.571.159
-1.939.659
- Uitbesteding
-
315.000
568.898
-253.898
Indirecte personeelskosten
668.500
812.500
849.426
-36.926
Bestuurskosten
86.000
96.000
121.411
-25.411
Algemene beheer- & administratiekosten
1.298.500
1.538.500
1.597.336
-58.836
Huisvestingskosten
640.000
651.500
631.833
19.667
Kapitaallasten
341.000
223.000
146.506
76.494
Milieutaak uitvoering
-
-
96.723
-96.723
Incidentele lasten vanuit bestemmingsreserve
-
501.065
482.891
18.174
5.000
5.000
1.083
3.917
15.294.000
19.371.565
19.378.803
-7.238
Begroting 2022
2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
Directe personele baten
105.000
105.000
31.629
-73.371
Gemeentelijke bijdragen
15.083.000
17.947.000
17.390.716
-556.284
-
745.500
718.916
-26.584
110.000
110.000
268.515 141.944
268.515 31.944
1.000 -
1.000 -
623 1.588
-377 1.588
Milieutaak uitvoering Incidentele baten
-
-
96.723 -
96.723 -
Diversen
-
-
361.352
361.352
15.299.000
18.908.500
19.012.005
103.505
-
-
-
-
5.000
-463.065
-366.798
96.267
-165.500
-165.500
Diversen
Totaal lasten Baten (in euro's)
Verschil
Overige goederen en diensten: - Aanvullende uren eigenaar gemeenten - Aanvullende uren overige - Overige Huisvestingsbaten Kapitaalbaten
Totaal Baten Vennootschapsbelasting
Saldo van baten en lasten Toevoeging aan bestemmingsreserves Onttrekking uit bestemmingsreserves
Resultaat
-
501.065
482.891
-18.174
5.000
38.000
-49.407
-87.407
Tabel 9: Baten- en lastenoverzicht 2022 (verschil is realisatie 2022 ten opzichte van de 2e bijgestelde begroting 2022)
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
45
Jaarstukken 2022
8.
Toelichting op overzicht van baten en lasten 2022
In paragraaf 8.1 tonen wij - voor de lasten per begrote kostensoort - de oorzaken van de afwijking en in paragraaf 8.2 komen de baten aan bod. In beide paragrafen gaat het om de verschillen tussen de realisatie met de tweede bijgestelde begroting. Daarnaast geven wij een toelichting op afwijkingen die groter zijn dan €10.000. Bij kleinere afwijkingen staat een korte beschrijving van de activiteiten. In tabel 10 staan de belangrijkste afwijkingen ten opzichte van de tweede bijgestelde begroting. Deze verklaren het verschil tussen het begrote en het gerealiseerde resultaat. Verklaring resultaat (in euro's)
Verschil
Resultaat volgens 2e bijgestelde begroting 2022
-463.065
(exclusief toevoeging aan of onttrekking uit bestemmingsreserves)
Positief effect op resultaat lagere salarislasten (lagere formatiebezetting) lagere huisvestingskosten lagere kapitaallasten lagere mutatie vanuit bestemmingsreserve hogere aanvullende uren overige opdrachtgevers hogere overige goederen en diensten diverse (o.a. vrijval voorzieningen en toevoeging bestemmingsreserves) Totaal
Totaal
2.285.963 19.667 76.494 183.674 268.515 31.944 200.979 3.067.235
Negatief effect op resultaat hogere inhuur en uitbesteding (extra taken, lagere formatiebezetting) hogere indirecte personele kosten hogere bestuurskosten hogere algemene kosten lagere directe personele baten lagere gemeentelijke bijdragen lagere aanvullende uren eigenaar gemeenten Totaal
2.193.557 36.926 25.411 58.836 73.371 556.284 26.584 2.970.969
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten Toevoeging aan bestemmingsreserves
-366.799 -165.500
Onttrekking uit bestemmingsreservereserves
482.892 -49.407
Gerealiseerd resultaat Tabel 10: Verklaring van het resultaat
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
46
Jaarstukken 2022
Tabel 11 toont de analyse van de incidentele baten en lasten (het niet-structurele gedeelte). In 2022 hadden de incidentele posten een grote invloed op de omzet. De incidentele lasten zijn €3.998.136, terwijl de incidentele baten €4.236.113 zijn. In de kolom tweede bijgestelde begroting staan de incidentele posten. Aan de batenkant kwamen de UVP inkomsten €617.784 lager uit dan begroot. Aan de lastenkant kwamen de salarislasten €81.406 lager uit dan begroot. Incidentele baten (in euro's)
2e Bijgestelde begroting 2022
Begroting 2022
Baten eigenaar gemeenten
Realisatie 2022
Verschil
2.925.500
2.307.716
-617.784
Aanvullende uren eigenaar gemeenten
-
745.500
718.916
-26.584
Aanvullende uren overige opdrachtgevers
-
-
268.515
268.515
Milieutaak uitvoering
-
-
96.723
96.723
361.352
361.352
501.065
482.891
-18.174
4.172.065
4.236.113
64.048
Diverse (o.a. vrijval boventalligen) Onttrekking uit bestemmingsreserves Totaal
-
2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
Verschil
331.500
-1.943.463
2.274.963
2.946.500
5.140.057
-2.193.557
Young professional kosten
30.000
3.022
26.978
Deel Arbo kosten
23.500
21.617
1.883
79.500
119.478
-39.978
38.500
70.608
-32.108
Incidentele lasten (in euro's)
Begroting 2022
Directe personele lasten (salarissen) Inhuur derden
Werving en selectie nieuw personeel
-
Overige personele uitgaven Kosten voormalig personeel
-
-10.000
4.477
-14.477
Bestuurskosten
-
10.000
35.411
-25.411
Communicatie budget
10.000
11.205
-1.205
IT reguliere ondersteuning
150.000
191.623
-41.623
Ondersteuning inkoop
112.000
124.482
-12.482
-118.000
-194.495
76.495
-
96.723
-96.723
-
501.065
317.391
183.674
-
4.104.565
3.998.136
106.429
Kapitaallasten Afschrijvingslasten
-
Milieu taakuitvoering Mutatie bestemmingsreserves Totaal
Tabel 11: Overzicht van incidentele baten en lasten, verschil is realisatie ten opzichte van 2e bijgestelde begroting
Toelichting incidentele baten en lasten De milieutaakuitvoering is budgettair neutraal en komt bij de baten en lasten voor. In de tweede bijgestelde begroting zijn incidentele baten en lasten opgenomen. De lagere salarislasten komen door de openstaande vacatures. Deze vrijkomende gelden zijn ingezet voor vervangende inhuur om toch de taken te kunnen uitvoeren. De lagere young professionals kosten komen doordat er geen nieuwe groep is gestart. De hogere wervingskosten komen door de schaarste op de arbeidsmarkt. De hogere overige personele lasten komen door het 10-jarig jubileum en doordat gratificaties via de werkkostenregeling (WKR) zijn uitbetaald. De bestuurskosten zijn hoger door de externe advieskosten in verband met de gedeeltelijke uittreding voor de bouwtaken van Montfoort. Hier staan ook baten tegenover. De kosten voor ICT ondersteuning zijn hoger door de hogere inflatie. In 2022 hebben we meer aanbestedingen kunnen uitvoeren dan gepland, hierdoor zijn de kosten voor
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
47
Jaarstukken 2022
ondersteuning door ons inkoopadviesbureau hoger. De kapitaallasten zijn lager doordat in de 2022 geplande investeringen van werkplek apparatuur (laptops en telefoons) zijn doorgeschoven naar 2023 omdat de aanbesteding langer heeft geduurd omdat we niet de apparatuur hebben aanbesteed maar een leverancier voor alle apparatuur. Tot slot kwamen de incidentele kosten voor eenmalige activiteiten gefinancierd vanuit de bestemmingsreserves lager uit dan begroot.
8.1
Lasten Lasten (in euro's)
Begroting 2022
2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
Verschil
10.311.537 4.571.159 568.898 849.426 121.411 1.597.336 631.833 146.506 96.723 317.391
2.285.963 -1.939.659 -253.898 -36.926 -25.411 -58.836 19.667 76.494 -96.723 183.674
Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Last vast personeel - Personeel van derden - Uitbesteding
Indirecte personeelskosten Bestuurskosten Algemene beheer- & administratiekosten Huisvestingskosten Kapitaallasten Milieutaak uitvoering Mutatie bestemmingsreserves
12.255.000 668.500 86.000 1.298.500 640.000 341.000 -
12.597.500 2.631.500 315.000 812.500 96.000 1.538.500 651.500 223.000 501.065
Tabel 12: Lasten overzicht, verschil > €10.000 ten opzichte van 2e bijgestelde begroting
Directe personeelskosten De post ‘Directe personeelskosten’ bestaat uit drie onderdelen: ‘salaris- en sociale lasten vast personeel’, kosten van ‘personeel van derden’ (inhuur van medewerkers) en ‘uitbesteding’ (uitbesteden van werk aan derden). De laatste twee onderdelen hangen nauw samen met de omvang van de activiteiten en zijn incidenteel. a. Salarislasten Vooral doordat niet alle vacatures zijn ingevuld, zijn de salaris- en sociale lasten €2.285.963 lager dan begroot. Het aantal openstaande vacatures is per jaareinde bijna 17 fte. De vaste bezetting is erg in beweging geweest in 2022. Het verloop is groter geweest dan de afgelopen jaren. In de zomer is de vaste bezetting wat gezakt en na de zomer is deze weer wat toegenomen. In 2022 was de gemiddelde bezetting 126 fte (in 2021 was dat 128,3 fte), terwijl de vaste toegestane formatie uitgaat van 142,45 fte. b. Inhuur derden en uitbesteding De post ‘Personeel van derden’ en uitbesteding is €2.193.557 hoger dan begroot. De inhuur is vooral nodig geweest om de capaciteit op te vangen van de openstaande vacatures. Door de schaarse situatie op de arbeidsmarkt is het bij de meeste taakvelden wel gelukt om de taken voor de gemeente uit te voeren. Bij milieubeleid en geluid is de situatie het moeilijkst.
De verhouding tussen overhead en uitvoering in de gerealiseerde kosten van personeel van derden is 14,5% (in 2021 was dat 16,5%) om 85,5%. Bij de overhead is het aantal openstaande vacatures opgelopen. De inhuur bij overhead bij het Bedrijfsbureau is vooral vanwege voorziene vermindering van administratief werk door automatisering (DIV en Secretariaat) en specialistisch personeel (Informatiemanagement, ICT en Inkoop). Bij het Bestuursbureau (Communicatie, HRM en ondersteuning) en Planning & Control vooral om openstaande vacatures op te vangen.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
48
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2022
Verstegen accountants en adviseurs B.V.
06/04/2023 d.d. ................... c. Wet normering bezoldiging topfunctionarissen (WNT) De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT4), en de daarop gebaseerde regelgeving, stellen maxima aan bezoldigingen en uitkeringen door beëindiging van het dienstverband van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. Het WNT algemeen maximum over 2022 is €216.000. De WNT verplicht de bekendmaking van bezoldigingen en uitkeringen door beëindiging van het dienstverband van alle functionarissen als deze hoger zijn dan het wettelijke bezoldigingsmaximum. Op basis van de voorschriften uit de WNT hebben wij de tabelspecificatie WNT 2022 en 2021 ter vergelijking opgenomen.
Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling
A.E. van Vuuren
Gegevens 2022 Functiegegevens
directeur
In dienst vanaf (datum begin functievervulling)
1-1-2020
In dienst tot en met (datum einde functievervulling)
Heden
(Fictieve) dienstbetrekking?
Ja
Deeltijdfactor (minimaal 0,025 fte)
100%
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€124.069
Voorzieningen ten behoeve van beloningen betaalbaar op termijn
€22.032
Totale bezoldiging uit hoofde van de functie van topfunctionaris
€146.102
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€216.000
Vergelijkende cijfers 2021 (Fictieve) dienstbetrekking?
Ja
Deeltijdfactor (minimaal 0,025 fte)
100%
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€118.384
Beloningen betaalbaar op termijn
€21.675
Totale bezoldiging uit hoofde van de functie van topfunctionaris
€140.059
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€209.000
Tabel 14: Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking
4 WNT is bekrachtigd in het Besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties
van 26 februari 2014, nr. 2014-0000106049 en de Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 26 februari 2014, nr. 2014-0000 104920.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
49
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2022
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 06/04/2023 d.d. ...................
Toezichthoudende topfunctionarissen met totale bezoldiging van €1.800 of minder 2022 Naam
functie
Gemeenten
periode
mevrouw P. Doornenbal- Van der Vlist
Waarnemend voorzitter DB/AB Lid DB/AB
Renswoude
t/m juli 2022
de heer S. Fröhlich
Voorzitter DB/AB
Vijfheerenlanden
vanaf juli 2022
de heer W. Catsburg
Plaatsvervangend voorzitter DB/AB Lid DB/AB
Zeist
vanaf sept 2022 heel 2022
de heer P.J. Bekker
Lid DB/AB
IJsselstein
heel 2022
de heer B.C. Lont
Lid DB/AB
Oudewater
heel 2022
de heer H. Zevenhuizen
Lid DB/AB Lid AB
De Ronde Venen Vijfheerenlanden
vanaf juli 2022 t/m april 2022
de heer J. Rensen
Lid AB
Bunnik
t/m april 2022
mevrouw H.S. de Groot
Lid AB
Bunnik
vanaf juli 2022
mevrouw A.E. Brommersma
Lid AB
De Bilt
t/m april 2022
mevrouw A. ‘t Hart
Lid AB
De Bilt
vanaf juli 2022
de heer C. van Uden
Lid AB
De Ronde Venen
t/m april 2022
de heer I. Ten Hagen
Lid AB
Montfoort
t/m april 2022
de heer W. van Wikselaar
Lid AB
Montfoort
vanaf juli 2022
de heer H.H. van der Schoor
Lid AB
Renswoude
vanaf juli 2022
de heer P. de Rooij
Lid AB
Rhenen
t/m april 2022
de heer B. Fintelman
Lid AB
Rhenen
vanaf juli 2022
de heer A. Wisseborn
Lid AB
Stichtse Vecht
heel 2022
de heer R. Jorg
Lid AB
Utrechtse Heuvelrug t/m april 2022; vanaf okt 2022
mevrouw A. Haaxma
Lid AB
Utrechtse Heuvelrug juli - sept 2022
de heer E. Stroobosscher
Lid AB
Veenendaal
t/m april 2022
de heer C.M. Verloop
Lid AB
Veenendaal
vanaf juli 2022
de heer J. van der Velden
Lid AB
Vijfheerenlanden
vanaf juli 2022
(Vervolg op volgende pagina)
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
50
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2022
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 06/04/2023 d.d. ...................
(Vervolg van voorgaande pagina) Toezichthoudende topfunctionarissen met totale bezoldiging van €1.800 of minder (vervolg) 2022 de heer H. Vreeswijk
Lid AB
Wijk bij Duurstede
t/m april 2022
mevrouw W. Kosterman
Lid AB
Wijk bij Duurstede
vanaf juli 2022
de heer A. de Regt
Lid AB
Woerden
heel 2022
Tabel 15: Topfunctionarissen en gewezen topfunctionarissen zonder bezoldiging
Toelichting Het bezoldigingsmaximum voor de directie bedraagt €216.000. De directeur overschrijdt dit maximum niet. Het bijbehorende bezoldigingsmaximum voor de voorzitter van het bestuur bedraagt €32.400 en voor de overige leden €21.600. Deze maxima worden niet overschreden. De bestuurders van de ODRU krijgen geen vergoeding. Indirecte personeelskosten Indirecte personeelskosten bestaan onder andere uit opleiding, reiskosten woon-werkverkeer, verzekering personeel, personeelsadministratie, OR en overige kosten. In totaal hebben wij aan indirecte personeelskosten bijna €37.000 meer uitgegeven dan begroot. De kosten voor de personeelen salarisadministratie was €30.000 hoger door vertrek van een ervaren medewerker, de wervingskosten van personeel waren €40.000 hoger en de overige personele kosten waren €30.000 hoger door extra kosten vanwege het 10-jarig bestaan van de ODRU en de uitkering van gratificaties via de werkkostenregeling. De reiskosten woon- werkverkeer waren €45.000 lager en ook de kosten van Young Professionals bleven €27.000 achter bij de begroting. De oorzaak daarvan is dat er geen nieuw traject is opgestart. Voor de werkkostenregeling (WKR) blijven wij binnen de wettelijke bandbreedte van 1,7% over de eerste €400.000 en 1,18% over het resterende deel. De vrije ruimte is volledig besteed maar wij hoeven wij geen eindheffing te betalen.
Bestuurskosten De bestuurskosten waren €25.400 hoger dan begroot. De externe advieskosten zijn hoger dan begroot. Dit komt door kosten die gemaakt zijn als gevolg van de gedeeltelijke uittreding van Montfoort. Deze kosten worden gedekt door de vergoeding die hier tegenover staat. Algemene kosten De algemene kosten zijn in 2022 bijna €59.000 hoger dan begroot. De kosten voor ICT-ondersteuning, ICT aanschaffingen, datalijnen en ondersteuning inkoop kwamen hoger uit dan begroot. De oorzaak hiervan heeft vooral te maken met prijsstijgingen. De kosten voor licenties kwamen iets lager uit dan begroot. Huisvestingskosten De huisvestingskosten zijn in 2022 bijna €20.000 lager dan begroot Enerzijds doordat wij in 2022 minder oppervlakte hebben gehuurd ad €40.000. Echter, hebben wij daarnaast bij de afsluiting van het boekjaar rekening gehouden met een hogere eindafrekening voor energiekosten. In de loop van 2023 zal blijken hoe hoog de daadwerkelijke afrekening zal zijn. Kapitaallasten De kapitaallasten lopen in 2022 €76.495 achter met de gewijzigde begroting. De oorzaak hiervan is dat investeringen in telefoons en laptops in 2023 plaatsvindt omdat de aanbesteding meer tijd heeft gekost dan oorspronkelijk gepland. Milieutaakuitvoering Onder deze post vallen projecten waarvoor wij een bijdrage hebben ontvangen van een eigenaargemeente of subsidieverstrekker.
Denk aan de werkbudgetten voor de NME-centra of subsidies als
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
51
Jaarstukken 2022
geluidssanering of energie in handhaving. Deze post is niet begroot, omdat wij vooraf niet kunnen inschatten hoe hoog de lasten worden. Het risico voor ons is beperkt, omdat de realisatie budgettair neutraal is. Projecten gefinancierd vanuit de bestemmingsreserves De kosten voor deze projecten zijn €18.174 lager dan begroot, doordat enkele projecten doorlopen in 2023. De verantwoording van het themaplan Omgevingswet dat voor een groot deel gedekt wordt uit een bestemmingsreserve is inhoudelijk uitgewerkt in hoofdstuk 2. Diversen Onder het kopje ‘Diversen’ was in de begroting een post opgenomen van €5.000 als overige bedrijfsvoeringkosten. In 2022 is €1.083 aan overige kosten gemaakt. Het betreft een bijdrage aan het klimaatpaviljoen te Zeist
8.2
Baten Baten (in euro's)
Directe personele baten Gemeentelijke bijdragen Overige goederen en diensten: - Aanvullende uren eigenaar gemeenten - Aanvullende uren overige - Overige Milieutaak uitvoering Diversen
Begroting 2022
2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
Verschil
105.000 15.083.000
105.000 17.947.000
31.629 17.390.716
-73.371 -556.284
110.000 -
745.500 110.000 -
718.916 268.515 141.944 96.723 361.352
-26.584 268.515 31.944 96.723 361.352
Tabel 16: Batenoverzicht 2022, verschil > 10K ten opzichte van 2e bijgestelde begroting
Gemeentelijke bijdragen eigenaar gemeenten De gemeentelijke bijdragen bestaan uit de gerealiseerde omzet vanuit de vastgestelde UVP’s. Dit zijn de gegarandeerde/vaste uren uit het DVO plus de tijdelijke uren en de projecturen. De gemeentelijke bijdragen zijn €556.284 lager dan begroot. Een uitgebreid urenoverzicht staat in bijlage 1. Overige goederen en diensten In 2022 hebben we in totaal €274.000 meer ontvangen als opbrengst van overige goederen en diensten. Het grootste deel hiervan, €268.000, valt onder de post ‘Aanvullende werkzaamheden overige afnemers’. Voor het merendeel gaat het om werkzaamheden voor de provincie Utrecht, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de gemeenten Woudenberg, Houten en Eemnes en – in mindere mate - voor de RUD Utrecht, Omgevingsdienst.nl en ProRail. Denk hierbij aan uiteenlopende taken, van externe veiligheid, geluidsaneringen en asbestdaken tot archeologische ondersteuning. De aanvullende opdrachten bij eigenaar gemeenten bleven iets achter bij de begroting. Onder de post ‘Milieutaakuitvoering’ vallen projecten waarvoor wij een bijdrage hebben ontvangen van een eigenaargemeente of subsidieverstrekker. Denk aan de werkbudgetten voor de NME-centra of subsidies als geluidsanering of energie in handhaving. Deze post is niet begroot, omdat wij vooraf niet kunnen inschatten hoe hoog de lasten worden.
Het risico voor ons is beperkt, omdat de realisatie budgettair neutraal is. De post ‘Diversen’ betreft de vrijval van de voorziening boventalligen ad circa €123.000. Doordat een ex-medewerker al jaren geen aanspraak maakt op een WW-uitkering is dit uitgezocht en is niet de verwachting dat er nog lasten komen. Daarnaast is onder deze post de opbrengst van de frictie- en desintegratiekosten van de uittreding van de bouwtaken van de gemeente Montfoort opgenomen ad circa €77.000. Hiervoor zijn aan de lastenkant ook extra kosten gemaakt.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
52
Jaarstukken 2022
9.
Baten en lasten 2022 per onderdeel
De ODRU maakt onderscheid naar de volgende vier onderdelen waarover de baten en lasten zijn verdeeld: • Milieubeheer: alle taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van milieu en de adviestaken. • Wonen en bouwen: alle bouwtaken en advisering op het gebied van Ruimtelijke Ordening. • Openbaar onderwijs: de taken op het gebied van Natuur- en Milieu Educatie (NME). • Overhead: de werkzaamheden en lasten voor de overhead. Hieronder vallen de kosten die wij niet aan één van de andere onderdelen kunnen toerekenen. Overzicht van Lasten 2022 (per onderdeel in euro's)
Milieubeheer Wonen en bouwen Openbaar onderwijs Overhead (excl. onvoorzien en bestuur) Overhead (onvoorzien) Overhead (bestuur) Algemene dekkingsmiddelen Vennootschapsbelasting
Totale Lasten Overzicht van Baten 2022 (per onderdeel in euro's)
Milieubeheer Wonen en bouwen Openbaar onderwijs Overhead (excl. onvoorzien en bestuur) Overhead (onvoorzien) Overhead (bestuur) Algemene dekkingsmiddelen Vennootschapsbelasting
Totale Baten
Begroting 2022
2e Bijgestelde begroting 2022
7.574.000 1.694.500 635.000 5.340.500 5.000 45.000 -
10.369.307 1.632.060 696.550 6.623.648 5.000 45.000 -
10.631.519 1.639.675 738.124 6.336.830 1.083 31.572 -
-262.212 -7.615 -41.574 286.818 3.917 13.428 -
15.294.000
19.371.565
19.378.803
-7.238
Begroting 2022
2e Bijgestelde begroting 2022
11.708.000 2.862.000 729.000 -
15.142.750 2.917.500 848.250 -
14.505.632 3.139.618 907.884 458.872 -
-637.118 222.118 59.634 458.872 -
15.299.000
18.908.500
19.012.005
103.505
5.000
-463.065
-366.798
96.267
Begroting 2022
2e Bijgestelde begroting 2022
-
501.065
-165.500 482.891
-165.500 -18.174
5.000
38.000
-49.407
-87.407
Saldo baten en lasten Overzicht van mutaties bestemmingsreserves 2022 Toevoeging aan bestemmingsreserves Onttrekking uit bestemmingsreserves
Resultaat
Realisatie 2022
Realisatie 2022
Realisatie 2022
Verschil
Verschil
Verschil
Tabel 17: Overzicht baten en lasten per onderdeel
In de volgende paragrafen geven wij per onderdeel een overzicht van de begroting en realisatie van de diverse posten en verklaren wij de verschillen.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
53
Jaarstukken 2022
9.1
Milieubeheer
Lasten (in euro's)
Milieubeheer 2e Bijgestelde Realisatie begroting 2022 2022
Begroting 2022
Verschil
Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel
7.281.500
7.942.367
6.656.794
1.285.573
-
1.926.000
3.290.960
-1.364.960
271.240
507.467
-236.227
292.500
-
-
-
Bestuurskosten
-
-
-
-
Algemene beheer- & administratiekosten
-
229.700
176.298
53.402
Huisvestingskosten
-
-
-
-
Kapitaallasten
-
-
-
-
Milieutaak uitvoering
-
-
-
-
Incidentele lasten vanuit bestemmingsreserve
-
-
-
-
Diversen
-
-
-
-
7.574.000
10.369.307
10.631.519
-262.212
Begroting 2022
2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
Verschil
- Personeel van derden - Uitbesteding Indirecte personeelskosten
Totaal lasten Baten (in euro's)
Directe personele baten
105.000
105.000
-
-105.000
Gemeentelijke bijdragen
11.543.000
14.232.250
13.818.055
-414.195
- Aanvullende uren eigenaar gemeenten
-
745.500
420.510
-324.990
- Aanvullende uren overige
-
-
267.067
267.067
60.000
60.000
-
-60.000
Huisvestingsbaten
-
-
-
-
Kapitaalbaten
-
-
-
-
Milieutaak uitvoering
-
-
-
-
Incidentele baten
-
-
-
-
Diversen
-
-
-
-
11.708.000
15.142.750
14.505.632
-637.118
-
-
-
-
4.134.000
4.773.443
3.874.113
-899.330
Toevoeging aan bestemmingsreserves
-
-
-
-
Onttrekking uit bestemmingsreserves
-
-
-
-
4.134.000
4.773.443
3.874.113
-899.330
Overige goederen en diensten:
- Overige
Totaal Baten Vennootschapsbelasting
Saldo van baten en lasten
Resultaat Tabel 18: Baten en lasten Milieubeheer
Onderdeel Milieutaken behaalde een positief resultaat van €3.874.113. De kosten zijn €262.212 hoger en de opbrengsten €637.118 lager. Het resultaat is €899.330 lager dan begroot. Dit is ook onze grootste taakuitvoering. De voornaamste oorzaak is de lagere gemeentelijke bijdrage door de achterblijvende productie wegens hoger verzuim, lagere personele capaciteit en terugvallende vraag. Daarnaast is er meer inhuur nodig geweest voor het realiseren van de productie.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
54
Jaarstukken 2022
9.2
Wonen en bouwen Wonen en bouwen 2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
1.635.500
1.330.800
1.146.440
184.360
- Personeel van derden
-
218.500
431.892
-213.392
- Uitbesteding
-
43.760
58.795
-15.035
59.000
-
-
-
Bestuurskosten
-
-
-
-
Algemene beheer- & administratiekosten
-
39.000
2.548
36.452
Huisvestingskosten
-
-
-
-
Kapitaallasten
-
-
-
-
Milieutaak uitvoering
-
-
-
-
Incidentele lasten vanuit bestemmingsreserve
-
-
-
-
Diversen
-
-
-
-
1.694.500
1.632.060
1.639.675
-7.615
2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
Lasten (in euro's)
Begroting 2022
Verschil
Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel
Indirecte personeelskosten
Totaal lasten Baten (in euro's)
Begroting 2022
Verschil
Directe personele baten
-
-
-
-
Gemeentelijke bijdragen
2.862.000
2.917.500
2.841.308
-76.192
- Aanvullende uren eigenaar gemeenten
-
-
298.309
298.309
- Aanvullende uren overige
-
-
-
-
- Overige
-
-
-
-
Huisvestingsbaten
-
-
-
Kapitaalbaten
-
-
-
-
Milieutaak uitvoering
-
-
-
-
Incidentele baten
-
-
-
-
Diversen
-
-
-
-
2.862.000
2.917.500
3.139.618
222.118
-
-
-
-
1.167.500
1.285.440
1.499.943
214.503
Toevoeging aan bestemmingsreserves
-
-
-
-
Onttrekking uit bestemmingsreserves
-
-
-
-
1.167.500
1.285.440
1.499.943
214.503
Overige goederen en diensten:
Totaal Baten Vennootschapsbelasting
Saldo van baten en lasten
Resultaat Tabel 19: Baten en lasten Wonen en bouwen
Onderdeel Wonen en bouwen behaalde een positief resultaat van €1.499.943. Dit omvat alle bouwtaken en advisering op het gebied van Ruimtelijke Ordening. Het resultaat is €214.503 hoger dan begroot. In totaal hebben wij €7.615 minder uitgegeven, terwijl wij door extra opdrachten (voornamelijk bouwaanvragen) €298.309 aan extra baten hebben ontvangen.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
55
Jaarstukken 2022
9.3
Openbaar onderwijs Openbaar onderwijs 2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
484.500
504.750
416.680
88.070
- Personeel van derden
-
83.000
104.160
-21.160
- Uitbesteding
-
-
-
-
25.000
-
-
-
-
-
-
-
Algemene beheer- & administratiekosten
67.000
49.800
36.457
13.343
Huisvestingskosten
Lasten (in euro's)
Begroting 2022
Verschil
Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel
Indirecte personeelskosten Bestuurskosten
58.500
59.000
79.104
-20.104
Kapitaallasten
-
-
5.000
-5.000
Milieutaak uitvoering
-
-
96.723
-96.723
Incidentele lasten vanuit bestemmingsreserve
-
-
-
-
Diversen
-
-
-
-
635.000
696.550
738.124
-41.574
2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
Totaal lasten Baten (in euro's)
Begroting 2022
Verschil
Directe personele baten
-
-
-
-
Gemeentelijke bijdragen
678.000
797.250
731.353
-65.897
- Aanvullende uren eigenaar gemeenten
-
-
97
97
- Aanvullende uren overige
-
-
1.448
1.448
- Overige
50.000
50.000
77.641
27.641
Huisvestingsbaten
Overige goederen en diensten:
1.000
1.000
623
-377
Kapitaalbaten
-
-
-
-
Milieutaak uitvoering
-
-
96.723
96.723
Incidentele baten
-
-
-
-
Diversen
-
-
-
-
729.000
848.250
907.884
59.634
-
-
-
-
94.000
151.700
169.759
18.059
Toevoeging aan bestemmingsreserves
-
-
-
-
Onttrekking uit bestemmingsreserves
-
-
-
-
94.000
151.700
169.759
18.059
Totaal Baten Vennootschapsbelasting
Saldo van baten en lasten
Resultaat Tabel 20: Baten en lasten Openbaar onderwijs
Onderdeel Openbaar Onderwijs behaalde een resultaat van €169.759. Dit is €18.059 hoger dan begroot. NME is een kleine tak binnen de ODRU en werkt bijna uitsluitend met vaste medewerkers en vrijwilligers. De gemeentelijke bijdrage was lager dan geraamd. Dit onderdeel kent weinig aanvullende opdrachten, maar 2022 leverde wel extra opdrachten op voor afval en zwerfvuil. Daarnaast is dit onderdeel belast met de duurzaamheidsopdracht van de eigen organisatie. De extra kosten waren nodig voor de extra opdrachten, een intern programma duurzaamheid en vervanging wegens ziekte.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
56
Jaarstukken 2022
Doordat sprake is van nevenvestigingen zijn er ook algemene beheer- en administratiekosten en huisvestingskosten. Daarnaast hebben wij aan de baten- en lastenkant de milieutaakuitvoering opgenomen. Dit gaat voor een belangrijk deel om de werkbudgetten voor de nevenlocaties, de aanschaf van lesmaterialen en de organisatie van activiteiten. Gemeenten en scholen dragen bij aan de budgetten.
9.4
Overhead Overhead 2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
2.853.500
2.819.583
2.091.623
727.960
- Personeel van derden
-
404.000
744.146
-340.146
- Uitbesteding
-
-
2.637
-2.637
Indirecte personeelskosten
292.000
812.500
849.426
-36.926
Bestuurskosten
86.000
96.000
121.411
-25.411
Lasten (in euro's)
Begroting 2022
Verschil
Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel
Algemene beheer- & administratiekosten
1.231.500
1.220.000
1.382.032
-162.032
Huisvestingskosten
581.500
592.500
552.729
39.771
Kapitaallasten
341.000
223.000
141.506
81.494
Milieutaak uitvoering
-
-
-
-
Incidentele lasten vanuit bestemmingsreserve
-
501.065
482.891
18.174
5.000
5.000
1.083
3.917
5.390.500
6.673.648
6.369.485
304.163
2e Bijgestelde begroting 2022
Realisatie 2022
Verschil
Diversen
Totaal lasten Baten (in euro's)
Begroting 2022
Directe personele baten
-
-
31.629
31.629
Gemeentelijke bijdragen
-
-
-
-
- Aanvullende uren eigenaar gemeenten
-
-
-
-
- Aanvullende uren overige
-
-
-
-
- Overige
-
-
64.303
64.303
Huisvestingsbaten
-
-
-
-
Kapitaalbaten
-
-
1.588
1.588
Milieutaak uitvoering
-
-
-
-
Incidentele baten
-
-
-
-
Diversen
-
-
361.352
361.352
Totaal Baten
-
-
458.872
458.872
-
-
-
-6.673.648 -5.910.613
763.035
Overige goederen en diensten:
Vennootschapsbelasting
Saldo van baten en lasten
-
-5.390.500
Toevoeging aan bestemmingsreserves
-
-
-165.500
-165.500
Onttrekking uit bestemmingsreserves
-
501.065
482.891
-18.174
-6.172.583 -5.593.222
579.361
Resultaat
-5.390.500
Tabel 21 Baten en lasten Overhead
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
57
Jaarstukken 2022
Onderdeel Overhead omvat de werkzaamheden en lasten voor de overhead. Hieronder vallen de kosten die niet aan één van de andere onderdelen zijn toe te rekenen. Het onderdeel behaalde een negatief resultaat van €5.593.222, dit is €579.361 lager dan begroot. De salarissen voor vaste medewerkers zijn €727.960 lager dan begroot en wij hebben voor €340.146 meer personeel ingehuurd. Door de lagere personele inzet zijn niet alle ontwikkeldoelen behaald. Zo loopt de digitalisering achter op plan en hebben we minder aandacht besteed aan informatiebeveiliging dan gewenst. De indirecte personele lasten zijn €36.926 hoger dan begroot. Dit komt vooral door de hogere wervingskosten en personele administratie. De algemene beheer- en administratiekosten zijn €162.032 hoger. De oorzaak is de hogere ICT kosten vooral veroorzaakt door de hoge inflatie. De kosten voor de incidentele lasten vanuit de bestemmingsreserve zijn €18.174 lager dan begroot. Bij de baten vallen de hogere diverse baten op. Dit betreft de gedeeltelijke vrijval van de voorziening boventalligen en de desintegratiekosten van gemeente Montfoort. Hiermee worden o.a. de hogere bestuurskosten opgevangen.
9.5
Conclusie Op totaalniveau wijken de lasten nauwelijks af van de begroting maar toch zijn er wel enkele opvallende conclusies. Door de krapte op de arbeidsmarkt is het niet gelukt om de personeelsbezetting op te voeren waardoor er wederom veel inhuur nodig was om de taken uit te voeren. Daarnaast is het merkbaar dat de overige personele kosten (o.a. wervingskosten) en algemene kosten (o.a. ICT) sterk stijgen door schaarste en inflatie. Aan de batenkant valt op dat het niet gelukt is om UVP taken voor de gemeenten volledig uit te voeren. Dat komt door de capaciteit bij ODRU en gemeenten. Hierdoor blijven de baten bij het Milieubeheer €637.118 achter bij de begroting. Bij de overige onderdelen zijn de baten wel hoger dan begroot waarbij moet worden aangemerkt dat bij de overhead er ook sprake is van een gedeeltelijke vrijval van de voorziening boventalligen. Conclusie is dat de productie van vooral de projecten is achtergebleven. Dit heeft deels te maken met de capaciteit bij de ODRU maar ook door de teruglopende vraag door de mindere personele bezetting bij gemeenten. Daarnaast wordt het resultaat ook deels beïnvloed door incidentele kostenvoordelen binnen de Overhead. Tot slot had een gedeeltelijke vrijval van een voorziening (boventalligen) ook een gunstig effect op het resultaat. Hierdoor is het verlies in 2022 beperkt tot €49.407.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
58
Jaarstukken 2022
10.
Balans per 31 december 2022 Balans - Activa (voor resultaat bestemming) (in euro's)
Balans 31-12-2021
Balans 31-12-2022
Vaste activa
Materiele vaste activa Investeringen met een economisch nut: - Bedrijfsgebouwen (verbouwing)
12.500
7.500
- Apparaten /installaties
382.268
264.016
394.768
271.516
- Vorderingen op openbare lichamen
458.331
1.084.095
- Overige vorderingen
381.090
35.283
3.721.393
3.787.035
4.560.814
4.906.413
- Kassaldi
2.000
715
- Banksaldi
32.761
145.218
34.761
145.933
51.546
142.184
5.041.889
5.466.046
Vlottende activa
Uitzetting met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
- Uitzetting in 's Rijk's schatkist
Liquide middelen
Overlopende activa - Overige nog te ontvangen bedragen, en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
Totaal Activa Tabel 22-A: Balans per 31 december 2022: Activa
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN Verstegen accountants en adviseurs B.V. 06/04/2023 d.d. ...................
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
59
Jaarstukken 2022
Balans 31-12-2021
Balans - Passiva (voor resultaat bestemming) (in euro's)
Balans 31-12-2022
Vaste Passiva
Eigen vermogen Reserves - Algemene reserve
703.429
809.086
- Bestemmingsreserve 'Uitvoering Koers' programma Omgevingswet
107.075
147.217
1.635
1.635
125.764
63.000
- Bestemmingsreserve 'PFAS' - Bestemmingsreserve 'Efficiëntie verbeteringen ODRU' - Bestemmingsreserve ‘DIV/archivering’
-0
- Bestemmingsreserve ‘Organisatieontwikkeling’
163.267
- Bestemmingsreserve ‘Duurzame bedrijfsvoering’
16.964
Saldo rekening - Gerealiseerd resultaat
769.657
-49.407
1.707.560
1.151.762
197.818
34.143
197.818
34.143
-
-
- Overige schulden (Crediteuren)
1.313.033
1.136.388
- Overige schulden (Belastingen (BTW) en Premies)
738.033 2.051.066
1.323.172 2.459.560
17.698
867.394
1.014.469
921.222
53.278
31.965
1.085.445
1.820.581
5.041.889
5.466.046
Voorzieningen - Voorziening boventalligen
Vlottende passiva
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1jr - Banksaldi
Overlopende passiva - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume - De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren - Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
Totaal Passiva Tabel 22-B: Balans per 31 december 2022: Passiva
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 06/04/2023 d.d. ...................
60
Jaarstukken 2022
11.
Waarderingsgrondslagen
11.1
Algemeen De jaarrekening hebben wij gebaseerd op de voorschriften conform het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet. Daarbij bepaalden wij de uitgangspunten voor het financiële beleid, de regels voor het financiële beheer en de inrichting van de financiële organisatie. Deze waarderingsgrondslagen zijn van toepassing op het boekjaar, dat gelijk is aan het kalenderjaar.
11.2
Grondslagen van waardering en resultaatbepaling Voor zover niet anders vermeld, hebben wij de activa en passiva gewaardeerd tegen de nominale waarde. De grondslag voor de waardering van deze jaarrekening gaat uit van de continuering van onze werkzaamheden. Investeringen Investeringen waarderen wij tegen de werkelijke verkrijgingprijs. Dit is de aanschafwaarde (exclusief btw), eventueel verminderd met ontvangen bijdragen van derden, verminderd met de daarop toegepaste afschrijvingen op basis van de te verwachten economische en/of technische levensduur en met inachtneming van de bepalingen uit de financiële verordening van de ODRU, zoals vastgesteld door het algemeen bestuur op 28 september 2017. Op grond van het bovenstaande en op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten schrijven wij de materiële vaste activa lineair af in: = 15 jaar : Technische installaties in bedrijfsgebouwen; = 10 jaar
: Verbouwingen, kantoormeubilair;
= 3 – 5 jaar
: Software, automatiseringsapparatuur, telefooninstallaties.
Activa met een aanschafprijs van minder dan €5.000 activeren wij niet afzonderlijk. Activa schrijven wij voor 50% van de werkelijke jaarafschrijving af in het jaar van aanschaf en/of technische/economische ingebruikname. Vorderingen De vorderingen hebben wij gewaardeerd tegen de nominale waarde, onder aftrek van een voorziening voor mogelijke oninbaarheid. Schatkistbankieren In principe moeten wij alle overtollige middelen in de schatkist aanhouden, behalve enkele uitzonderingen. Het drempelbedrag bijvoorbeeld is een minimumbedrag dat wij gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist mogen houden. Voor ons was dat een bedrag van €1.000.000. In de praktijk worden bedragen boven de €250.000,- afgeroomd en overgeboekt naar de schatkist. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Eigen vermogen Het eigen vermogen betreft de vermogensbestanddelen die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. Het algemeen bestuur (AB) stelt vast wat de noodzakelijke omvang van de reserves is. Zodra het AB een bestemming geeft aan een reserve is sprake van een bestemmingsreserve. Alleen het AB kan besluiten tot mutaties in de reserves. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorzieningen Voorzieningen waarderen wij op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
61
Jaarstukken 2022
Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Resultaatbepaling Baten verantwoorden wij in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd, lasten verantwoorden wij in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd en/of voorzienbaar zijn. Het resultaat bepalen wij op basis van de hiervoor vermelde waarderingsgrondslagen. Resultaat De jaarrekening 2022 toont een negatief saldo van €49.407. Het algemeen bestuur neemt een besluit over de aanvulling van dit resultaat, conform artikel 32 uit de Gemeenschappelijke regeling.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
62
Jaarstukken 2022
12.
Toelichting op de balans
12.1
Activa Materiële vaste activa (met economisch nut)
Investeringen met economisch nut
Machines, Bedrijfsgebouwen apparaten (verbouwingen) en installaties
Boekwaarde 1 jan 2022
Totaal
12.500
382.268
394.768
Investeringen
0
22.206
22.206
Des- investeringen
0
0
0
-5.000
-140.458
-145.458
Bijdrage van derden
0
0
0
Afwaarderingen
0
0
0
7.500
264.016
271.516
Afschrijvingen
Boekwaarde 31 december 2022 Tabel 23: Mutatieoverzicht materiële activa2
In 2022 hebben wij geïnvesteerd in drie belcellen. In bijlage 2 is de Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven 2022 opgenomen. De investeringen zijn achtergebleven als gevolg van leveringsproblemen van laptops en telefoons. Begin 2023 zullen de bestelde zaken worden geleverd. Vlottende activa a. Vorderingen op openbare lichamen Deze post betreft de reguliere vorderingen op gemeenten. In totaal stond op 31 december 2022 een bedrag open van €1.084.095. Het bedrag is een saldo van openstaande posten en nog te verrekenen eindafrekeningen met de deelnemende gemeenten (zie ook overlopende passiva). Het algemeen betalingsgedrag van de deelnemende gemeenten is goed. Wij verwachten dat alle vorderingen volledig binnenkomen. b. Overige vorderingen Dit zijn vorderingen bij niet-gemeenten, zoals scholen, stichtingen en natuur- en milieuorganisaties. Op de eindbalans zijn er in 2022 geen BTW vorderingen opgenomen doordat in tegenstelling tot 2021 facturatie nu niet meer voor aanvang van het kwartaal plaatsvindt. c. Uitzetting in ‘s Rijks schatkist Sinds 2014 moeten overheidsinstellingen deelnemen aan het schatkistbankieren. Hierdoor wordt het saldo automatisch afgeroomd boven het drempelbedrag ad €1.000.000. Het afromen vindt bij de ODRU automatisch plaats boven de €250.000.
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
63
Jaarstukken 2022
Deze vordering is direct opeisbaar. Het bedrag op deze post is €66.000 hoger dan in 2021, toen dit €3.721.000 bedroeg. Uit onderstaande tabel blijkt dat de verplichte drempelbedragen in 2022 niet zijn overschreden:
Tabel 24: Mutatieoverzicht schatkistbankieren
d. Liquide middelen Deze middelen bestaan uit de kasgelden bij de vestiging in Utrecht en de kassaldi van de NME-centra. Voor de beschikbaarheid van geldmiddelen bestaan geen beperkingen; deze zijn vrij beschikbaar. De specificatie van de liquide middelen staat in tabel 25. Liquide middelen Totaal (in euro's) - Kas
715
- Rabobank
1.947
- BNG Bank
143.271
Totaal
145.933
Tabel 25: Liquide middelen
e. Overlopende activa Het totaal van de post ‘Overlopende activa’ die ten laste van volgende begrotingsjaren komen, omvat twee onderdelen, namelijk overige vorderingen en vooruitbetaalde kosten. Overlopende activa (in euro's)
Totaal
Overige vorderingen
0
Vooruitbetaalde kosten: - Overige Totaal
142.184 142.184
Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/2070
64
Jaarstukken 2022
Tabel 26: Overlopende activa
Deze kosten, waaronder licentiekosten, kosten voor leaseauto’s en abonnementen, hebben wij in 2022 voor het jaar 2023 betaald. In totaal gaat het om ruim €76.000. Daarnaast zijn ook kruisposten (nog te vorderen omzetbelasting) opgenomen van bijna €58.000 opgenomen en nog af te wikkelen posten van €7.400.
12.2
Passiva Eigen vermogen Ons eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve, de bestemmingsreserve en het gerealiseerde resultaat 2022. Het verloop van de posten binnen het eigen vermogen is als volgt: Reserves