2023-09-06 Technische vragen BB - Aanpak luchtkwaliteit
Tekst van het document
Technische vragen
Reg. nr: zaak 647065 Datum: 06-09-2023 Aan de voorzitter van de raad/college Steller vragen: Freddy Scherpenzeel, fractie BurgerBelangen Onderwerp: aanpak luchtkwaliteit Presentatie 1. Hoe meten wij onze luchtkwaliteit? Is dat op basis van metingen of modellen? Antwoord: Deze vraag is bij de presentatie ook aan de orde gekomen en is daar beantwoord. De luchtkwaliteit in Nederland wordt bepaald op basis van modellen die aan de hand van metingen zijn opgesteld. Emissie Op de overheidssite Emmissieregistratie.nl is te lezen op basis waarvan de emissie (de uitstoot) wordt bepaald (zie link). De methode van berekening van emissie is per sector uiteengezet: • Energie, Industrie en Afvalverwerking (zie link); • Landbouw (zie link); • Verkeer en vervoer (zie link); • Consumenten, bouw en dienstverlening (zie link); • Landgebruik en bosbouw (zie link). Immissie (concentratie) De wijze van bepaling van de concentratie van stoffen (de immissie) wordt uiteengezet in hoofdstuk 2 van het rapport ‘Grootschalige concentratie- en depositiekaarten Nederland’ (zie link). Dit rapport wordt jaarlijks geactualiseerd. De basis van deze rapporten wordt gevormd door de GCN-kaarten (grootschalige concentratie voor Nederland), het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) stelt deze op.
De GCN-kaarten geven een beeld van de luchtkwaliteit in Nederland, zowel van het verleden als voor de toekomst. Ze worden gebruikt bij de rapportage in het kader van de EUluchtkwaliteitsrichtlijn, de uitvoering van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL), het definiëren van lokaal beleid en bij planvorming. De resultaten van de GCN-berekeningen spelen verder een belangrijke rol bij het volgen van de resultaten van het Schone Lucht Akkoord (SLA).
2. Als het basis van modellen (hypothetisch) is, is het dan mogelijk dat daar afwijkingen in zitten als je de luchtkwaliteit ook daadwerkelijk zou meten (feitelijk)? Antwoord: De modellen worden sinds jaar en dag gebruikt door de Nederlandse overheid. De cijfers die hier uitkomen worden ook in de EU en de VN gebruikt. Door ook periodiek metingen uit te voeren, wordt het model gekalibreerd worden afwijkingen tussen berekening en meting niet significant te noemen zijn. Schone lucht akkoord Als wij onze handtekening onder het akkoord zetten, dan committeren wij ons aan het volgende (bron: https://www.schoneluchtakkoord.nl/schone-lucht-akkoord/aansluiten-bij-akkoord/ ) : - te streven naar een permanente verbetering van de luchtkwaliteit om gezondheidswinst voor iedereen in Nederland te realiseren. Daarbij wordt toegewerkt naar de advieswaarden (uit 2005) van de WHO voor stikstofdioxide en fijnstof vanaf 2030. In september 2021 heeft de WHO nieuwe, aangescherpte advieswaarden voor gezonde lucht gepubliceerd. De partners van het Schone Lucht Akkoord zullen nog besluiten hoe ze omgaan met deze nieuwe advieswaarden. - de uitstoot van vervuilende stoffen in alle relevante sectoren te beperken om zo in 2030 minimaal 50% gezondheidswinst (landelijk gemiddeld) te behalen ten opzichte van 2016.
Het gaat hierbij om gezondheidseffecten door blootstelling aan de uitstoot van Nederlandse bronnen. Het RIVM berekent eens per twee jaar de gezondheidseffecten met de gezondheidsindicator. 1. Op dit moment weten wij niet, anders dan op basis van modellen, de kwaliteit van de lucht in onze gemeente. Wij weten dus niet of nu juist scheepvaart of verkeer of industrie of etc een probleem is of juist geen probleem in onze gemeente is. Want iedere gemeente is immers anders. De één heeft immers een vliegveld (of in de nabijheid), de ander een mestvergister, de ander een snelweg naast de deur, de ander Tata Steel. Heb ik dit juist? Antwoord: We zijn goed in staat om aan de hand van de eerder genoemde berekeningen uit de modellen te bepalen wat de luchtkwaliteit in onze gemeente is. Daarin is de stelling van de vragensteller dat we de luchtkwaliteit niet weten, onjuist. Het klopt wel dat iedere gemeente specifieke invloeden heeft waardoor het effect ervan op de luchtkwaliteit verschillend is. Dit is meegenomen in de modellen. 2. Als ik punt 1 van hetgeen waar wij ons aan committeren lees, dan ben ik benieuwd hoe wij monitoren of en hoe .de luchtkwaliteit continu verbetert? Dit kan toch alleen maar op basis van metingen en niet op basis van modellen? Antwoord: De effecten op langere termijn zullen ook zichtbaar worden in de modellen. Deze worden immers periodiek bijgesteld.
Voor de kortere termijn geven metingen een sneller inzicht. Dit kan eenvoudig via zogenoemde palmesbuisjes (zie link) die op verschillende plekken kunnen worden opgehangen. Daarnaast wordt er in sommige steden ook gebruik gemaakt van particulieren die via ‘Meet je stad’ ook luchtmetingen verrichten (zie link). Bij het verrichten van metingen is de kwaliteit van het meetinstrumentarium wel van belang. Bij het meten kan er sprake zijn van onnauwkeurigheid. Meten is daarmee dus niet per se beter dan berekenen. 3. Als ik punt twee lees, dan moet er een reductie van 50% ten opzichte van 2016 bij alle relevante sectoren plaatsvinden. Als wij geen metingen doen en dus generiek een aantal
maatregelen uit gaan voeren (zonder dat je weet of het überhaupt een probleem voor de luchtkwaliteit in onze gemeente is), hoe kunnen wij dan weten waar we maatregelen moeten nemen om de 50% te behalen? 4. Hoe kunnen wij weten of de genomen maatregelen effect hebben? 5. Omdat wij geen metingen uitvoeren, weten wij ook niet hoe groot of klein de prestatieafspraak is. Klopt dit? Antwoord: Vraag 3 t/m 5 gaan allemaal over meten in plaats van berekenen. Hierop is reeds in de voorliggende vragen een antwoord gegeven. Ook zie ik een kopje ‘iedere SLA-gemeente neemt maatregelen om de doelen te behalen’ het volgende: Met ondertekening van het SLA onderschrijft de gemeente de doelstellingen én committeert het zich aan het uitvoeren van de acties en maatregelen. Iedere gemeente die deelneemt aan het SLA, voert een aantal vaste maatregelen uit. Deze maatregelen gaan over het beter meewegen van luchtkwaliteit op andere beleidsterreinen (zoals ruimtelijke ordening en mobiliteit), duurzaam aanbesteden en communicatie over schone lucht en houtstook. Als een gemeente geen noemenswaardige landbouw, industrie of binnenvaart heeft, zijn de maatregelen voor die sectoren niet van toepassing. Daarnaast mogen gemeenten aanvullende maatregelen opnemen en uitvoeren. Gemeenten kunnen op lokaal niveau veel bereiken en nemen de lokale maatregelen op in een decentraal uitvoeringsplan (DUP).
Kijk naar de decentrale uitvoeringsplannen en beleid van deelnemers voor voorbeelden van hoe gemeenten bijdragen aan het Schone Lucht Akkoord.
6. Als ik de tekst hierboven lees dan moeten we bij ondertekening van de SLA een aantal vaste maatregelen nemen. Klopt dit? Antwoord: Zoals gemeld bij de voorbespreking is deelname aan het SLA vrijwillig maar niet vrijblijvend. Er geldt een inspanningsverplichting voor deelnemende gemeenten. 7. Zo ja, wat zijn hiervan de financiële effecten? Antwoord: De financiële effecten zijn pas te bepalen zodra duidelijk wordt welke maatregelen voorgesteld worden. In het voorliggende raadsvoorstel is derhalve een ‘knip’ gezet is de vaststelling van de ‘Aanpak luchtkwaliteit’ en de deelname aan het SLA enerzijds en het opdracht geven aan het college voor het opstellen van een pakket van maatregelen anderzijds. Dit is gedaan zodat met dat laatste inzicht kan worden gegeven in de budgettaire consequenties. Daarmee komt de gestelde vraag te vroeg.
Even verder lees ik onder het kopje ‘overzicht van SLA-activiteiten’ het volgende: -
-
Bestuurlijke besluitvorming door het college van B&W over deelname. Uitvoeren van de vaste maatregelen en eventuele aanvullende maatregelen. Jaarlijks rapporteren over de voortgang van vaste en aanvullende maatregelen via een xlsbestand. Dit noemen we het decentraal uitvoeringsplan. De uitkomst van deze jaarlijkse voortgangsmeting is te vinden in het SLA dashboard. Eens in de 2 jaar (2023 is het eerste jaar) verkeers- en veehouderijgegevens aan te leveren voor de monitoring van de luchtkwaliteit en het berekenen van de gezondheidswinst. Deelname aan 2 a 3 landelijke SLA bijeenkomsten per jaar.
-
Optioneel: deelname aan themagroepen, werkgroepen en pilots. Deelname hieraan is niet verplicht maar zeker leerzaam. Optioneel: aanvraag voor aanvullende financiering uit de Specifieke Uitkering Schone Lucht Akkoord.
8. Punt twee heb ik benoemd in vraag 4 en 5. Punt 3 snap ik dat dat makkelijk uitvoerbaar is. In punt 4 lees ik iets over veehouderijgegevens. U meldde ons in de voorbespreking van 5 september, dat de veehouderijen buiten de scope zouden vallen? Is dit zo? Antwoord: Ja, dat klopt. 9. Over welke gegevens heeft punt 4 het en kan de gemeente die op dit moment leveren? Antwoord: Deze gegevens worden door de ODRU doorgegeven aan het rijk. Het gaat om gegevens die in het verleden via de NSL-monitoring (Nationaal Samenwerkingsprograma Luchtkwaliteit) werden aangeleverd. Nu is dat vervangen door het CIMLK (Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit). Luchtkwaliteit meten 1. Als wij de aankomende maanden gebruiken om eerst in onze gemeente metingen uit te voeren (0-meting). Wat zijn daar de eventuele kosten van? Antwoord: De bandbreedte van de hiermee gepaard gaande kosten is afhankelijk van scope en diepgang van de genoemde metingen. Gaat het alleen om metingen in de binnenstad, dient alleen de bebouwde omgeving meegenomen te worden of de gehele gemeente, inclusief het buitengebied. Wat is de dichtheid van meetinstrumentarium, etc. Pas als deze vragen van een antwoord zijn voorzien, kan een nauwkeurige schatting van de meetkosten gegeven worden.
Een metingen over een tijdsbestek van enkele maanden zijn sowieso af te raden aangezien hiermee de seizoensinvloeden niet meegeteld kunnen worden.
Toelichting Zoals benoemd tijdens de voorbespreking is Burgerbelangen niet positief over het ondertekenen van het Schone Lucht Akkoord. Dit omdat je je gelijk committeert aan een aantal prestatieafspraken en uitvoering moet geven aan een aantal vaste maatregelen. Die maatregelen zijn zeer generiek en in onze gemeente weten we op dit moment niet of dit het juiste effect brengt. Dit omdat wij geen inzicht hebben in wie onze vervuilers in onze gemeente zijn. Wij zouden dan ook graag zien dat we eerst een 0-meting uitvoeren, voordat je je committeert aan prestatieafspraken. Je weet immers nu niet of wij de afspraken waar kunnen maken.