CConstaterende datWijk bij Duurstede
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-11 Antwoorden technische vragen uit voorbespreking - Compensatie afvalstoffenheffing

Raadsvergadering 5 juli 2022, gemeente Wijk bij DuurstedeBij agendapunt: Compensatie afvalstoffenheffing1.337 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Antwoorden op vragen aan het college gesteld tijdens de voorbespreking op 27 juni 2022

Onderwerp: Compensatie afvalstoffenheffing 2021 Vraag 1: Kan de compensatie structureel worden en wat is het risico dat we later weer tekort komen? Antwoord: Het is niet aannemelijk dat deze compensatie structureel wordt. Ieder jaar proberen wij een realistische raming te maken van de netto kosten (kosten minus opbrengsten voor grondstoffen) van het afvalbeheer. In 2021 ging het om 3,0 miljoen euro (zie pagina 85 van de programmabegroting 2021). Deze netto kosten worden gedekt uit de opbrengst van het vaste en variabele deel van de afvalstoffenheffing. In de begroting houden we rekening met actuele prijs- en marktontwikkelingen en risico’s. In 2021 hadden we nog geen ervaring met het effect van de variabele afvalstoffenheffing en hebben we zoals met u besproken behoedzaam begroot. De ervaring van het eerste jaar hebben we in de begroting van 2022 verwerkt. Dit effect nemen we ook mee in de begroting van 2023. Vooralsnog verwachten we daarom dat er in 2022 geen sprake is van teruggave. Er is altijd een risico dat we tekort komen of overhouden op de afvalbegroting. Om dat af te dekken is er een egalisatievoorziening en bestaat de mogelijkheid de tarieven voor het opvolgende jaar aan te passen.

Vraag 2: Welke neveneffecten ontstaan er door de teruggave, wordt hierdoor het variabele tarief ongewild progressief? Antwoord: De compensatie is bedoeld als gedeeltelijk teruggave van het vaste deel van de afvalstoffenheffing. We verwachten geen daarom neveneffecten. Vraag 3: Is er de mogelijkheid om een evenredig deel naar aanleiding van het aantal huishoudens terug te geven? Antwoord: Dit staat haaks op uitgangspunten van het grondstoffenbeleid door de raad vastgesteld namelijk de prijsprikkel om beter te scheiden. Dit houden we in stand door compensatie op het vaste deel te geven. Daarnaast is teruggave van een evenredig deel erg arbeidsintensief en daarmee kostbaar en 1

foutgevoelig. Vraag 4: Kunnen de hoger dan begrote opbrengsten voor het aanbieden van restafval van €12 gebruikt worden om het basistarief te verlagen? Antwoord: Ja, dat is in de begroting van 2022 al meegenomen. Vraag 5: Is er nagedacht over een hogere compensatie voor de hoogbouw? Antwoord: We hebben gekozen voor een generieke teruggave, mede omdat de gemiddelde opbrengst van de hoogbouw gelijk is aan die van de laagbouw. Vraag 6: Kan het basistarief verlaagd worden om nog meer te stimuleren afval te scheiden? Antwoord: Verlaging van het basistarief betekent verhoging van het variabele tarief. Wij denken dat de huidige variabele tarieven voldoende stimulans geven om beter te scheiden. De raad heeft de mogelijkheid om hier een andere afweging en keuze in te maken vanuit budgetrecht. Het moment hiervoor is bij het vaststellen van de tarieven voor het nieuwe belastingjaar in november. Vraag 7: Hoe wordt de communicatie over de compensatie uitgevoerd en hoe wordt de korting vermeld op de afrekening? Antwoord: Huishoudens worden geïnformeerd met een brief over de €23 die men terugkrijgt vanwege goed scheiden. Ook komt er een vermelding op de gemeentepagina. Dit wordt samen met communicatie nog verder uitgewerkt. Op de gemeentelijke aanslag 2023 wordt duidelijk vermeld wat de teruggave van 2021 is.

Vraag 8: Is het aanleveren van afval in de ondergrondse containers wel kostendekkend? Antwoord: De begrote kosten voor het volledige afvalbeheer worden voor 100% gedekt uit de vaste en variabele tarieven. Zie de paragraaf lokale heffingen van de begroting. De kosten voor de inzameling en verwerking van restafval uit ondergrondse containers maakt daar onderdeel van uit . Vraag 9: 2

Via ons WOB verzoek ontvingen wij van de gemeente het document 'financiële realisatie nieuw grondstoffenbeleid 2021' van 25 februari 2022. De financiële realisatie in dat document wijkt op een groot aantal posten af van de realisatie in de jaarstukken 2021. In het ene document zijn de opbrengsten 'oud papier' hoger dan in het andere document. ook de posten opbrengsten PMD, GFT en restafval verschillen. In de post 'vervanging containers' zit maar liefst 100.000 euro verschil. Zou de wethouder dit verschil ons kunnen toelichten hoe in twee documenten over de realisatie van hetzelfde project zo veel verschillen zitten? Antwoord: Het document waarna in deze vraag verwezen wordt is bijlage 3 – toelichting financiën diftarproject 2021 wat uw raad heeft ontvangen op 4 maart 2022. (https://wijkbijduurstede.notubiz.nl/modules/ 1/Ingekomen%20stukken/738987) In dat document ligt de focus op de voor- en nadelen als gevolg van diftar. Dat loopt niet helemaal gelijk met de genoemde verschillen in de jaarrekening. In de jaarrekening worden ook andere verschillen dan die van diftar meegenomen. De aansluiting over de drie genoemde posten is als volgt (met kleine afrondingsverschillen): 1. Post oud papier: in de memo staat dat de hogere papierprijs een meevaller gaf van €200.000. Daarnaast speelde dat de toename van het papier lager was dan begroot, waardoor de opbrengst €37.000 lager was.

Samen geeft dat het voordeel van €163.000 uit de jaarrekening (zie pag. 92 JR21) 2. Post inzamelmiddelen: In de memo staat €123.000 voor extra investering inzamelmiddelen (tabel pagina 4). In de jaarrekening staat voor inzamelmiddelen €126.000 (€55.000 voor extra kliko’s en €71.000 voor extra ondergrondse verzamelcontainers). Dat wijkt beperkt af. 3. Post PMD/GFT/restafval: in de memo staat voor €142.000 aan voordeel verwerking GFT, restafval en opbrengst PMD. In de jaarrekening staat €108.000 aan voordeel. Het verschil zit in de niet gerealiseerde besparing van €34.000 op grof restafval omdat de aanscherping van het poortbeleid milieustraat nog niet is uitgerold (zie par 4.3 van de memo). Vraag 10: Als we uitgaan van de cijfers in de jaarstukken. Klopt het dan dat de inwoner gemiddeld €60,- meer betaald? Waarom compenseren we ze niet voor het gehele bedrag? Antwoord: Nee dat klopt niet. De jaarrekening geeft een meevaller van € 185.000. Dat zou betekenen dat het bedrag € 18,50 per aansluiting zou zijn. Voor de compensatie stellen we voor te kijken naar de hoger dan begrote inkomsten uit de afvalstoffenheffing, de hogere opbrengst van PMD en de lagere kosten dan begroot van rest en GFT en de andere mee- en tegenvallers buiten beschouwing te laten. We compenseren de posten die rechtstreeks te maken hebben met het beter scheiden van inwoners dan vooraf ingeschat.

Dat resulteert in de voorgestelde € 23,00. Vraag 11: In 2022 zijn de inwoners ook al gecompenseerd met €22,-. Het vaste tarief is toen verlaagd van €256,- begroot naar €234,-. Waarom is de raad toen niet betrokken bij het besluit en nu wel? Antwoord: In 2022 is er nog geen sprake geweest van compensatie. Uw raad heeft het basistarief van 2022 verlaagd van €263 (2021) naar €234 in 2022. Zie programmabegroting en verordening afvalstoffenheffing 2022. Vraag 12: 3

Waarom wordt teruggave in dit voorstel evenredig verdeeld onder alle inwoners, terwijl uit de evaluatie blijkt dat de lasten liggen bij de zogeheten zakkendragers?

Antwoord: We kiezen in lijn met het afvalstoffenbeleid voor een generieke teruggave, zie raadsvoorstel. De gemiddelde lasten van iemand uit de hoogbouw zijn gelijk aan de laagbouw. Vraag 13: Hoe heeft de gemeente geconstateerd dat dit overschot is ontstaan door beter scheiden? Antwoord: In de begroting van 2021 is ingeschat wat de afname van het restafval en de toename van de te scheiden stromen zou zijn in een situatie met variabele tarieven. Omdat wij in onze gemeente daar nog geen ervaring mee hadden is er gebruik gemaakt van ervaringen uit andere gemeenten die al een variabel tarief hanteerden. Uit de inzamelresultaten in Wijk bij Duurstede blijkt dat inwoners beter hebben gescheiden dan wij vooraf hebben ingeschat. (minder restafval en meer grondstoffen) Vraag 14: Uit de evaluatie blijkt dat 1100 huishoudens geen afval aanbieden. Is onderzocht dat dit komt door beter scheiden of belonen we misschien afval toerisme en dumping. Antwoord: De effecten van 0-aanbieders nemen we in de eindevaluatie mee. Vraag 15: Ik hoor dat PMD minder vervuild is. Heeft u daar over 2021 cijfers van ten opzichte van 2020 die u aan ons kan overleggen? Antwoord: De afkeur van PMD bedroeg in 2020 9% en in2021 5%.

Datum: 1 juli 2022

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11750485/2