01 Legesverordening 2025
Tekst van het document
Raadsbesluit De raad van de gemeente Wijk bij Duurstede; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 12 november 2024, zaaknummer 881349 gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet en artikel 13.1a van de Omgevingswet; besluit vast te stellen de “Verordening op de heffing en invordering van leges 2025” Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; b. jaar: het tijdvak dat loopt van de n e dag in een kalenderjaar tot en met de (n–1) e dag in het volgende kalenderjaar; c. ‘kalenderjaar’: de periode van 1 januari tot en met 31 december; d. maand: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n–1) e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de n e dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n–1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is; e. week: een aaneengesloten periode van zeven dagen. Artikel 2. Belastbaar feit 1. Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor: a.
het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;
b.
het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;
c.
een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.
Artikel 3. Belastingplicht Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.
Artikel 4. Vrijstellingen Leges worden niet geheven voor: a. een jaarabonnement op de stukken, als bedoeld in de tabel onder nr. 1.20 (raadsstukken), alsmede voor de in de tabel onder artikel 1.19a bedoelde gemeentebegroting en 1.19b bedoelde gemeenterekening, verstrekt aan de redactie of de plaatselijke correspondent van dag- en weekbladen, die in deze gemeente verspreid worden; b. vergunningen, als bedoeld in de tabel onder artikel 1.35.f (rioolaansluitingen) en 2.27 (uitweg/inrit), die aangevraagd worden door de eigenaar van een van de gemeente gekocht perceel, dat gelegen is in een nog niet gerealiseerd bestemmingsplan en waarvan de aansluit- en de aanlegkosten begrepen zijn in de koopsom van het betreffende perceel; c. vergunningen, als bedoeld in de tabel onder artikel 3.19 (huisvestingsvergunning), ten behoeve van degene die ten gevolge van een vordering, krachtens de Huisvestingswet, worden verplicht naar een andere woongelegenheid te verhuizen; d. het raadplegen van de onder het gemeentebestuur berustende kadastrale stukken ten behoeve van de staat, een provincie, een gemeente, een waterschap of een ander publiekrechtelijk lichaam; e. stukken in het openbaar belang gevraagd door de staat, een provincie, een gemeente, een waterschap of een ander publiekrechtelijk lichaam, met uitzondering van die stukken, bedoeld in de tabel onder artikel 2 omgevingsvergunning; f.
diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend; g. beschikkingen op bezwaar- en verzoekschriften ter zake van een gemeentelijke belasting; h. beschikkingen of afschriften daarvan betreffende een beslissing op een verzoek tot het verkrijgen van een gemeentelijke subsidie; i. attestaties de vita (bewijs van in leven zijn) en uittreksels uit het persoonsregister, vereist voor de uitbetaling van pensioenen, lijfrenten en andere periodieke uitkeringen ten laste van de staat, een provincie, een waterschap of een ander publiekrechtelijk lichaam; j. stukken en inlichtingen, die, anders dan ten behoeve of in het belang van een bepaalde persoon, op verzoek worden verstrekt aan gezantschappen en consulaten van vreemde mogendheden; k. stukken en legalisatie van handtekeningen op stukken betreffende militaire zaken; l. verklaringen van financieel onvermogen; m. collectevergunningen; n. diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald. o. diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 13.6 van de Omgevingswet zijn of worden verhaald; p. diensten die ingevolge een wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;
2
Artikel 5. Maatstaven van heffing en tarieven 1. De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2. Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel 6. Wijze van heffing De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel 7. Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990, moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6: a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen een maand na de dagtekening van de kennisgeving. 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel 8. Kwijtschelding Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 9.
Vermindering of teruggaaf Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling. Artikel 10. Overdracht van bevoegdheden Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen: a. van zuiver redactionele aard zijn; b. een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van de tarieventabel betreft: 1. paragraaf 1.2 (reisdocumenten); 2. paragraaf 1.3 (rijbewijzen); 3
3. artikel 1.15 (schriftelijke verstrekking uit de basisregistratie personen); 4. artikel 1.25a (verklaring omtrent het gedrag); 5. artikel 1.31 (Wet op kansspelen). een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden. Artikel 11. Overgangsrecht De “Legesverordening 2024” wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 12. Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2025. Artikel 13. Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als “Legesverordening 2025”. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 10 december 2024. De raad voornoemd
De griffier,
De voorzitter,
4